<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR31918_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Beheersverordening gemeentelijke begraafplaatsen gemeente Berkelland</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Berkelland</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-05-29</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Berkelland</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Berkelbericht 11 januari 2005</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Beheersverordening gemeentelijke begraafplaatsen gemeente Berkelland</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Wet op de lijkbezorging, artikel 35</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet, artikel 149</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2005-01-03</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2005-01-03</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:terugwerkendekrachtDatum>2005-01-01</overheidrg:terugwerkendekrachtDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2017-02-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Raadsvoorstel 23 december 2004</overheidrg:kenmerk><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Beheersverordening gemeentelijke begraafplaatsen gemeente Berkelland</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De raad van de gemeente Berkelland,</al><al/><al>gehoord de stuurgroep herindeling in de maand november 2004;</al><al/><al>gelet op artikel 35 van de Wet op de lijkbezorging en artikel 149 van de
                        Gemeentewet;</al><al/><al>besluit vast te stellen de volgende verordening:</al><al/><al><vet><cursief>Verordening op het beheer en het gebruik van de gemeentelijke
                                begraafplaats(en) voor de gemeente Berkelland.</cursief></vet></al></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>I</nr><titel>Inleidende bepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsomschrijvingen</titel></kop><al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al><cursief>begraafplaats(en</cursief>): de gemeentelijke
                                    begraafplaats Deugenweerd te Borculo, gemeentelijke
                                    begraafplaats de Sprakelberg te Geesteren, gemeentelijke
                                    begraafplaats Geesteren te Geesteren, gemeentelijke
                                    begraafplaats Gelselaar te Gelselaar, gemeentelijke
                                    begraafplaats Haarlo te Haarlo, gemeentelijke begraafplaats
                                    Ruurlo te Ruurlo, gemeentelijke begraafplaats aan de
                                    Haaksbergseweg te Eibergen, gemeentelijke begraafplaats aan de
                                    Borculoseweg te Eibergen, gemeentelijke begraafplaats aan de
                                    Lindevoort te Rekken, gemeentelijke begraafplaats “Drostenkamp”
                                    te Neede;</al></li><li nr="b."><al><cursief>eigen graf</cursief>: een graf, grafkelder daaronder
                                    begrepen, waarvoor aan een natuurlijk of rechtspersoon het
                                    uitsluitend recht is verleend tot:</al><lijst><li nr="1."><al>het doen begraven en begraven houden van lijken;</al></li><li nr="2."><al>het doen bijzetten en bijgezet houden van asbussen met
                                            of zonder urnen;</al></li><li nr="3."><al>het doen verstrooien van as;</al></li></lijst></li><li nr="c."><al><cursief>algemeen graf</cursief>: een graf bij de gemeente in
                                    beheer waarin aan eenieder gelegenheid wordt geboden tot het
                                    doen begraven van lijken voor een periode gelijk aan de
                                    wettelijke grafrusttermijn;</al></li><li nr="d."><al><cursief>eigen urnengraf</cursief>: een graf, grafkelder
                                    daaronder begrepen, waarvoor aan een natuurlijk of rechtspersoon
                                    het uitsluitend recht is verleend tot:</al><lijst><li nr="1."><al>het doen bijzetten en bijgezet houden van asbussen met
                                            of zonder urnen;</al></li><li nr="2."><al>het doen verstrooien van as;</al></li></lijst></li><li nr="e."><al><cursief>algemeen urnengraf</cursief>: een graf bij de gemeente
                                    in beheer waarin aan eenieder gelegenheid wordt geboden tot het
                                    doen bijzetten van asbussen met of zonder urnen voor een periode
                                    gelijk aan de wettelijke grafrusttermijn;</al></li><li nr="f."><al><cursief>eigen urnennis</cursief>: een nis waarvoor aan een
                                    natuurlijk of rechtspersoon het uitsluitend recht is verleend
                                    tot het doen bijzetten en bijgezet houden van asbussen met of
                                    zonder urnen;</al></li><li nr="g."><al><cursief>urn</cursief>: een voorwerp ter berging van een of meer
                                    asbussen;</al></li><li nr="h."><al><cursief>asbus</cursief>: een bus ter berging van as van een
                                    overledene;</al></li><li nr="i."><al><cursief>verstrooiingsplaats</cursief>: een plaats waarop as
                                    wordt verstrooid;</al></li><li nr="j."><al><cursief>grafbedekking</cursief>: gedenkteken en grafbeplanting
                                    op een graf, een verstrooiingsplaats of gedenkplaats;</al></li><li nr="k."><al><cursief>gedenkplaats</cursief>: een plaats ingericht om
                                    overledenen te gedenken;</al></li><li nr="l."><al><cursief>beheerder</cursief>: de ambtenaar die belast is met de
                                    dagelijkse leiding van de begraafplaats(en) of degene die hem
                                    vervangt;</al></li><li nr="m."><al><cursief>rechthebbende</cursief>: de rechthebbende op een eigen
                                    graf;</al></li><li nr="n."><al><cursief>graftermijn</cursief>: de duur dat een graf uitgegeven
                                    wordt.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Uitbreiding begrippen eigen en algemeen graf</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Voor de toepassing van het bij of krachtens deze verordening
                                bepaalde wordt, voorzover van belang onder ‘eigen graf’ mede
                                verstaan: eigen urnengraf, eigen urnennis, eigen verstrooiingsplaats
                                en eigen gedenkplaats.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Voor de toepassing van het bij of krachtens deze verordening
                                bepaalde wordt, voorzover van belang onder ‘algemeen graf’ mede
                                verstaan: algemeen urnengraf.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>II</nr><titel>Openstelling, orde en rust op de begraafplaats</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel><vet>Openstelling begraafplaats(en)</vet></titel></kop><al/><lijst><li nr="1."><al>De begraafplaatsen zijn voor eenieder dagelijks toegankelijk van
                                    10.00 tot 22.00 uur, maar niet als de zon voor 22.00 uur
                                    ondergaat. In dat geval is de begraafplaats toegankelijk vanaf
                                    10.00 uur tot een ½ uur voor zonsondergang.</al></li><li nr="2."><al>Ter handhaving van de orde en rust op de begraafplaats(en)
                                    kunnen de toegangen tijdelijk worden gesloten.</al></li><li nr="3."><al>Het is verboden gedurende de tijd dat de begraafplaats(en) niet
                                    voor het publiek geopend is (zijn), zich daarop te bevinden,
                                    anders dan voor het bijwonen van een begrafenis of de bezorging
                                    van as.</al></li><li nr="4."><al>Voor personen van 14 jaar of jonger zijn de begraafplaatsen
                                    alleen toegankelijk onder begeleiding van een meerderjarige. Het
                                    college kan in bijzondere gevallen van deze leeftijdsgrens
                                    afwijken.</al></li></lijst><al/></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 4 Ordemaatregelen</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het is aan steenhouwers, hoveniers en daarmede gelijk te stellen
                                    personen verboden, anders dan met toestemming van het college,
                                    werkzaamheden voor derden aan grafbedekkingen op de
                                    begraafplaats(en) te verrichten. </al></li><li nr="2."><al>Het is verboden met motorrijtuigen op de begraafplaats(en) te
                                    rijden:</al></li><li nr="3."><al>a elders dan op de daartoe aangewezen rijwegen. Motorrijtuigen
                                    zijn buiten de rijwegen (slechts) toegestaan voor begrafenissen
                                    of voor het vervoer van materialen;</al></li></lijst><al>b sneller dan 10 km per uur.</al><lijst><li nr=""><al>4.Het college kan ontheffing verlenen van het verbod, bedoeld in
                                    de aanhef en onder a van het tweede lid.</al></li><li nr="5."><al>Bezoekers, personeel van uitvaartondernemingen en personen die
                                    werkzaamheden op de begraafplaats(en) hebben te verrichten, zijn
                                    verplicht zich in het belang van de orde, rust en netheid te
                                    houden aan de aanwijzingen van de beheerder.</al></li><li nr="6."><al>Degenen die zich niet aan de in het vierde lid bedoelde
                                    aanwijzing houden, moeten zich op eerste aanzegging van de
                                    beheerder van de begraafplaats verwijderen.</al></li></lijst><al/></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 5 Plechtigheden</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Dodenherdenkingen, onthullingen van gedenktekens en dergelijke
                                    plechtigheden op de begraafplaats moeten vijf dagen tevoren
                                    worden gemeld aan de beheerder onder opgave van datum en uur van
                                    de plechtigheid en de wijze waarop de plechtigheid zal
                                    plaatsvinden.</al></li><li nr="2."><al>De deelnemers aan de plechtigheid, bedoeld in het eerste lid
                                    moeten zich in het belang van de orde, rust en netheid houden
                                    aan de aanwijzingen van de beheerder.</al></li></lijst><al/></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 6 Opgravingen en ruimen</titel></kop><al>Het opgraven van lijken en het ruimen van graven is slechts toegestaan
                            indien daarbij geen andere personen aanwezig zijn dan degenen die met
                            deze werkzaamheden zijn belast. </al><al/></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>III Voorschriften voor lijkbezorging</nr></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Kennisgeving begraven en asbezorging, openen en sluiten van het
                                graf</titel></kop><al/><lijst><li nr="1."><al>Degene, die wil doen begraven, as wil doen bijzetten of as wil
                                    doen verstrooien, geeft daarvan uiterlijk twee werkdagen
                                    voorafgaande aan de begraving, bijzetting of verstrooiing,
                                    schriftelijk kennis aan de beheerder of de daartoe aangewezen
                                    ambtenaar <vet>.</vet> De zaterdag geldt voor de toepassing van
                                    deze bepaling niet als werkdag. Indien de burgemeester
                                    toestemming heeft gegeven om het lijk binnen 36 uur na het
                                    overlijden te begraven moet de kennisgeving aan de beheerder of
                                    de daartoe aangewezen ambtenaar zo tijdig mogelijk worden
                                    gedaan.</al></li><li nr="2."><al>Het lijk dient bij aankomst op de begraafplaats te zijn voorzien
                                    van een identiteitskenmerk.</al></li><li nr="3."><al>Het openen van een graf ter begraving of voor het bezorgen van
                                    as, en het daarna sluiten van een graf, alsmede het bedienen van
                                    de hulpmiddelen mag uitsluitend geschieden door het personeel
                                    van de begraafplaats op aanwijzingen en onder toezicht van de
                                    beheerder. De nabestaanden kunnen deze werkzaamheden onder
                                    toezicht van de beheerder geheel of gedeeltelijk zelf verrichten
                                    indien zij hun wens daartoe uiterlijk twee werkdagen
                                    voorafgaande mondeling of schriftelijk aan de beheerder hebben
                                    kenbaar gemaakt. De zaterdag geldt voor de toepassing van deze
                                    bepaling niet als werkdag. Zij dienen bij deze werkzaamheden de
                                    aanwijzingen van de beheerder op te volgen.</al></li></lijst><al/></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 8 Geluidsinstallatie.</titel></kop><al>Het is verboden, anders dan met toestemming van het college, een
                            geluidsinstallatie aanwezig te hebben en/of te gebruiken op de
                            begraafplaats.</al><al/></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 9 Over te leggen stukken</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Begraving mag slechts geschieden indien van tevoren het verlof
                                    tot begraven is overgelegd aan de beheerder.</al></li><li nr="2."><al>Indien de begraving of de bezorging van as in een eigen graf zal
                                    plaatsvinden, dient een machtiging daartoe aan de beheerder te
                                    worden overgelegd ondertekend door de rechthebbende of, indien
                                    deze is overleden, door degene die in de uitvaart voorziet.</al></li><li nr="3."><al>Begraving of bijzetting in een eigen graf waarvan de
                                    uitgiftetermijn binnen de wettelijke minimum grafrusttermijn
                                    afloopt, kan alleen plaatsvinden onder gelijktijdige verlenging
                                    van de uitgiftetermijn met een zodanige periode dat de alsdan
                                    resterende uitgiftetermijn ten minste gelijk is aan de
                                    wettelijke minimum grafrusttermijn. De verlenging dient te
                                    worden aangevraagd door de rechthebbende of, indien deze is
                                    overleden, door een van de andere personen, genoemd in artikel
                                    16, tweede lid.</al></li><li nr="4."><al>De in het vorige lid bedoelde periode van verlenging wordt naar
                                    boven toe afgerond op gehele jaren.</al></li><li nr="5."><al>De beheerder onderzoekt de genoegzaamheid van de overgelegde
                                    stukken.</al></li></lijst><al/><al/></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 10 Tijden van begraven en asbezorging</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De tijd van begraven en het bezorgen van as is:</al><al>-. van 1 april tot 1 november:</al></li></lijst><al> van maandag tot en met vrijdag van 10:00 uur tot 15:30 uur;</al><al> op zaterdagen van 10:00 uur tot 14:30 uur;</al><lijst><li nr=""><al>-. van 1 november tot 1 april, maar niet op 24 of 31
                                    december:</al></li></lijst><al> van maandag tot en met zaterdag van 10:00 uur tot 14:00 uur;</al><lijst><li nr=""><al>-. op 24 en 31 december, niet zijnde een zondag, van 10:00 tot
                                    12:00 uur.</al></li><li nr="2."><al>Het college kan in bijzondere gevallen van deze tijden
                                    afwijken.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>IV</nr><titel><vet>Indeling en uitgifte der graven</vet></titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel><vet>Indeling graven en asbezorging</vet></titel></kop><al/><lijst><li nr="1."><al>Het college bepaalt bij nader vast te stellen regels per
                                    begraafplaats welk van de volgende typen graven en plaatsen
                                    kunnen worden uitgegeven:</al><lijst><li nr="a."><al>eigen graven en eigen urnengraven;</al></li><li nr="b."><al>eigen urnennissen;</al></li><li nr="c."><al>eigen verstrooiingsplaatsen;</al></li></lijst></li></lijst><al>d. eigen gedenkplaatsen.</al><lijst><li nr=""><al>2. Het college bepaalt bij nader vast te stellen regels hoeveel
                                    lijken en hoeveel asbussen met of zonder urnen er kunnen worden
                                    bijgezet in de eigen graven en hoeveel verstrooiingen van as er
                                    op of in de eigen graven kunnen plaatshebben. Zij bepaalt tevens
                                    de afmetingen en de uitgifteduur van de eigen graven. De
                                    uitgifteduur kan niet korter zijn dan de minimumtermijn
                                    vastgesteld in de Wet op de lijkbezorging.</al></li></lijst><al/></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 12 Aantal overledenen in algemene graven</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>In de algemene graven kan een door het college per begraafplaats
                                    te bepalen aantal lijken worden begraven.</al></li><li nr="2."><al>In de algemene urnengraven kan een door het college per
                                    begraafplaats te bepalen aantal asbussen met of zonder urn
                                    worden bijgezet.</al></li></lijst><al/></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 13 Volgorde van uitgifte</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De eigen graven worden slechts voor directe begraving en in
                                    volgorde van ligging uitgegeven.</al></li><li nr="2."><al>Het college kan een eigen graf toewijzen anders dan voor directe
                                    begraving en buiten de volgorde van uitgifte, indien dit wegens
                                    de situatie op de begraafplaats(en) niet bezwaarlijk is.</al></li></lijst><al/></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 14 Categorieën </titel></kop><al>Het college kan bij nader vast te stellen regels de algemene en eigen
                            graven onderverdelen in categorieën. Zij bepaalt voor de verschillende
                            categorieën de situering en oppervlakte. </al><al/></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 15 Termijnen eigen graven</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het college verleent, voorzover de daartoe bestemde ruimte van
                                    de begraafplaats(en) zulks toelaat, op een daartoe bij hen
                                    schriftelijk in te dienen aanvraag, voor de tijd van twintig
                                    jaar het recht op een eigen graf. De termijn begint te lopen op
                                    de datum waarop het eigen graf is uitgegeven.</al></li><li nr="2."><al>Het in het eerste lid van dit artikel bedoelde recht wordt op
                                    aanvraag van de rechthebbende verlengd telkens met een termijn
                                    van 10 jaren, mits de aanvraag vóór het verstrijken van de
                                    lopende termijn wordt ingediend.</al></li><li nr="3."><al>Een recht als in dit artikel bedoeld, kan slechts aan één
                                    rechthebbende worden verleend ten behoeve van zichzelf en voor
                                    de personen genoemd in artikel 17, eerste lid. Verlening van het
                                    recht ten behoeve van een ander is slechts mogelijk indien
                                    daarvoor gewichtige redenen bestaan.</al></li></lijst><al/><al/></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 16 Grafkelder </titel></kop><al>Het college kan aan de rechthebbende op een eigen graf vergunning
                            verlenen tot het daarin voor eigen rekening doen aanbrengen van een
                            grafkelder overeenkomstig de door hen te stellen voorwaarden.</al><al/></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 17 Overschrijving van verleende rechten</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het recht op een eigen graf kan op aanvraag van de rechthebbende
                                    worden overgeschreven ten name van de echtgenoot of
                                    levenspartner dan wel een bloedverwant of aanverwant tot en met
                                    de derde graad. Overschrijving op verzoek van de rechthebbende
                                    ten name van een ander dan de vorengenoemde personen is slechts
                                    mogelijk, indien daarvoor gewichtige redenen bestaan.</al></li><li nr="2."><al>Na het overlijden van de rechthebbende kan het eigen graf worden
                                    overgeschreven op naam van de echtgenoot of levenspartner dan
                                    wel een bloed- of aanverwant tot en met de derde graad, mits de
                                    aanvraag hiertoe wordt gedaan binnen één jaar na het overlijden
                                    van de rechthebbende. Overschrijving ten name van een ander dan
                                    de in de vorige zin bedoelde personen is slechts mogelijk,
                                    indien daarvoor gewichtige redenen bestaan.</al></li><li nr="3."><al>Indien na het overlijden van de rechthebbende de aanvraag tot
                                    overschrijving aan het college niet wordt gedaan binnen de in
                                    het tweede lid van dit artikel gestelde termijn, is het college
                                    bevoegd het recht op het eigen graf te doen vervallen.</al></li><li nr="4."><al>Na het verstrijken van de in het tweede lid genoemde termijn van
                                    een jaar kan het college het eigen graf alsnog op naam stellen
                                    van een nieuwe rechthebbende, tenzij dit recht betrekking heeft
                                    op een eigen graf dat inmiddels is geruimd.</al></li></lijst><al/></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 18 Afstand doen van graven</titel></kop><al>Zonder aanspraak te kunnen maken op enige vergoeding kan de
                            rechthebbende schriftelijk afstand doen ten behoeve van de gemeente van
                            het recht op het eigen graf. Van de ontvangst van zodanige verklaring
                            doen burgemeester en wethouders schriftelijk mededeling aan de
                            rechthebbende. </al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>V</nr><titel>Grafbedekkingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>19</nr><titel>Vergunning grafbedekking</titel></kop><al/><lijst><li nr="1."><al>Voor het hebben van een grafbedekking is een schriftelijke
                                    vergunning nodig van het college. </al></li></lijst><al>a. De rechthebbende van een eigen graf vraagt de vergunning voor het
                            hebben van een grafbedekking aan.</al><al>b. Op algemene graven wordt geen vergunning verleend voor het aanbrengen
                            van grafbedekking.</al><lijst><li nr=""><al>2. Omtrent de wijze van aanvragen van de vergunning, de aard en
                                    de afmetingen van de grafbedekking en de wijze van aanbrengen
                                    kan het college nadere regels vaststellen.</al></li><li nr="3."><al>Het college kan ontheffing verlenen van de door hen vastgestelde
                                    nadere regels.</al></li><li nr="4."><al>Het college kan de vergunning weigeren indien:</al><lijst><li nr="a."><al>niet voldaan wordt aan de door hen vastgestelde nadere
                                            regels;</al></li><li nr="b."><al>de grafbedekking afbreuk doet aan het aanzien van de
                                            begraafplaats;</al></li><li nr="c."><al>de duurzaamheid van de materialen onvoldoende is;</al></li><li nr="d."><al>de constructie van de grafbedekking ondeugdelijk
                                            is.</al></li></lijst></li><li nr="5."><al>Het bepaalde in artikel 22, lid 4, is van overeenkomstige
                                    toepassing.</al></li></lijst><al/></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 20 Niet-blijvende grafbeplanting </titel></kop><al>Niet-blijvende beplanting op een graf die in een verwaarloosde staat
                            verkeert kan door de beheerder worden verwijderd zonder dat aanspraak
                            kan worden gemaakt op schadevergoeding. Losse bloemen, planten, kransen
                            en dergelijke kunnen, wanneer zij verwelkt zijn, door de beheerder
                            worden verwijderd. Linten, siervazen en dergelijke voorwerpen worden
                            gedurende twaalf weken ter beschikking gehouden van de rechthebbende
                            indien deze daartoe tevoren een aanvraag heeft ingediend bij de
                            beheerder. </al><al/></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 21 Verwijdering grafbedekking</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Voor het verwijderen van grafbedekking gelden de volgende
                                    bepalingen:</al><lijst><li nr="a."><al>De grafbedekking kan na het verstrijken van de in
                                            artikel 15 genoemde graftermijn door het college worden
                                            verwijderd.</al></li><li nr="b."><al>Voor algemene graven waarop aan de nabestaande tot 1
                                            januari 2005 vergunning is verleend voor het aanbrengen
                                            van grafbedekking wordt de termijn voor de aanwezigheid
                                            van de grafbedekking vastgesteld op 10 jaar. Het recht
                                            op de aanwezigheid van de grafbedekking vervalt met
                                            ingang van 1 januari 2015.</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>Het voornemen tot verwijdering van de grafbedekking wordt
                                    gedurende ten minste een jaar voorafgaande aan het tijdstip
                                    waarop de grafbedekking zal worden verwijderd door middel van
                                    een op het graf te plaatsen bordje door het college
                                    bekendgemaakt, tenzij het adres van de rechthebbende bij het
                                    college bekend is. In dat geval maakt zij aan hem uiterlijk een
                                    jaar voor het genoemde tijdstip per brief hun voornemen
                                    bekend.</al></li><li nr="3."><al>Op grond van een daartoe door de rechthebbende bij het college
                                    ingediende aanvraag, blijft de grafbedekking na verwijdering nog
                                    gedurende twaalf weken ter beschikking van degene aan wie een
                                    vergunning als bedoeld in artikel 19 was verleend. De aanvraag
                                    kan worden ingediend gedurende de in het tweede lid genoemde
                                    termijn.</al></li></lijst><al/><al/><lijst><li nr=""><al>4. De grafbedekking vervalt aan de gemeente indien:</al><lijst><li nr="a."><al>geen verzoek op grond van het derde lid is ingediend en
                                            de termijn waarbinnen dit verzoek had kunnen worden
                                            ingediend, is verstreken;</al></li><li nr="b."><al>de grafbedekking niet binnen 12 weken nadat deze van het
                                            graf is verwijderd, is afgehaald.</al></li></lijst></li><li nr="5."><al>De grafbedekking kan, indien de werkzaamheden op de
                                    begraafplaats hiertoe noodzaken, door het college tijdelijk
                                    verwijderd worden. Na het afronden van de werkzaamheden dient
                                    het college zorg te dragen voor de herplaatsing van de
                                    grafbedekking.</al></li></lijst><al/></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 22 Onderhoud </titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De rechthebbende is verplicht de grafbedekking behoorlijk te
                                    onderhouden of te herstellen.</al></li><li nr="2."><al>Indien hij nalaat de grafbedekking behoorlijk te onderhouden of
                                    te herstellen, kan het college de hiervoor in aanmerking komende
                                    voorwerpen of zo nodig de gehele grafbedekking doen verwijderen.
                                    Het verwijderde blijft gedurende twaalf weken ter beschikking
                                    van de rechthebbende en vervalt daarna aan de gemeente, zonder
                                    dat deze tot enige vergoeding verplicht is.</al></li><li nr="3."><al>De verwijdering vindt niet plaats dan nadat de rechthebbende
                                    behoorlijk per brief is opgeroepen om te worden ingelicht over
                                    de toestand van de grafbedekking. De oproeping geschiedt door
                                    mededeling op het mededelingenbord op de begraafplaats als het
                                    adres van de rechthebbende niet bekend is. Bij het graf wordt
                                    een verwijzing naar de mededeling aangebracht.</al></li><li nr="4."><al>Het college kan de rechthebbende per aanschrijving verplichten
                                    een beschadiging aan de grafbedekking te herstellen indien de
                                    beschadiging zodanig is dat deze naar het oordeel van het
                                    college het uiterlijk aanzien van de begraafplaats schaadt of
                                    indien de beschadiging van de grafbedekking gevaar op levert
                                    voor derden. </al></li></lijst><al/></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 23 Onderhoud door de gemeente. </titel></kop><al>Het college voorziet in het maaien van het met gras bedekte gedeelte bij
                            categorieën graven waarvoor in de Regels grafbedekkingen is vastgesteld
                            dat de maximale lengte van de liggende grafbedekking minder is dan 200
                            cm. </al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>VI</nr><titel><vet>Ruiming van graven, urnengraven en urnennissen</vet></titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>24</nr><titel><vet>Ruiming, bezorging van overblijfselen en as</vet></titel></kop><al/><lijst><li nr="1."><al>Het voornemen van het college om een graf te ruimen wordt
                                    gedurende ten minste een jaar voorafgaande aan het tijdstip
                                    waarop het graf geruimd zal worden door middel van een bij het
                                    te ruimen graf te plaatsen bordje ter kennis van de
                                    belanghebbenden gebracht, tenzij het adres van de rechthebbende
                                    op het graf aan hen bekend is. In dat geval deelt zij mee
                                    wanneer de termijn van uitgifte gaat verstrijken. Als de
                                    rechthebbende geen verzoek indient om de termijn te verlengen
                                    maakt zij uiterlijk één jaar voor het genoemde tijdstip per
                                    brief het voornemen tot ruiming bekend.</al></li><li nr="2."><al>De bij de ruiming van het graf nog aanwezige overblijfselen van
                                    lijken worden begraven en de as wordt verstrooid op een van de
                                    daartoe bestemde, afgesloten gedeelten van de
                                    begraafplaats(en).</al></li><li nr="3."><al>Nabestaanden van een overledene die begraven is in een algemeen
                                    graf kunnen gedurende de in het eerste lid bedoelde termijn bij
                                    de beheerder een aanvraag indienen om bij ruiming de
                                    overblijfselen, indien mogelijk, bijeen te doen brengen voor
                                    herbegraving elders.</al></li></lijst><al>Nabestaanden van een overledene waarvan een asbus al of niet met een urn
                            is bijgezet in een algemeen graf kunnen bij de beheerder een aanvraag
                            indienen om deze ter beschikking te houden voor herbegraving of
                            verstrooiing elders.</al><lijst><li nr=""><al>4. De rechthebbende op een eigen graf, kan bij de beheerder een
                                    aanvraag indienen om de overblijfselen te doen verzamelen om
                                    deze opnieuw in dezelfde grafruimte te doen plaatsen dan wel om
                                    deze elders opnieuw te doen begraven.</al></li></lijst><al>De rechthebbende op een eigen urnengraf of urnennis kan bij de beheerder
                            een aanvraag indienen de asbus ter beschikking te houden om elders bij
                            te zetten of om de as te doen verstrooien. </al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>VII Gedeelte voor kerkgenootschap</nr></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>25 Afwijkende regels</nr></kop><al/><lijst><li nr="1."><al>Het college kan na overleg met het bestuur van het
                                    kerkgenootschap ten aanzien van de openstelling van het
                                    gedeelte, de indeling van graven, de onderverdeling van graven
                                    in categorieën en de eisen voor de grafbedekking op het ter
                                    beschikking van het kerkgenootschap gestelde deel van de
                                    begraafplaats nadere regels stellen die afwijken van de regels
                                    krachtens de artikelen 3, eerste lid, 11, tweede lid, 14 en 20,
                                    tweede lid van deze verordening.</al></li><li nr="2."><al>Het bestuur van het kerkgenootschap kan het college schriftelijk
                                    verzoeken hem er schriftelijk van in kennis te stellen dat er
                                    onderhoud of herstel door rechthebbende nodig is van de
                                    grafbedekking op een of meer graven op het deel van de
                                    begraafplaats dat aan een kerkgenootschap ter beschikking is
                                    gesteld.</al></li><li nr="3."><al>Op grond van het in het tweede lid genoemde verzoek stelt het
                                    college het bestuur van het kerkgenootschap schriftelijk in
                                    kennis dat de grafbedekking van een of meer graven onderhoud en
                                    herstel behoeft. De kennisgeving laat de bevoegdheid van het
                                    college onverlet om de rechthebbende op de graven ervan in
                                    kennis te stellen dat de grafbedekking moet worden onderhouden
                                    op hersteld. </al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>VIII</nr><titel>Instandhouden historische graven en opvallende grafbedekking</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>26</nr><titel>Lijst</titel></kop><al/><lijst><li nr="1."><al>Het college houdt een lijst bij van graven die van historische
                                    betekenis zijn of waarvan de grafbedekking een opvallende
                                    kwaliteit heeft.</al></li><li nr="2."><al>Alvorens tot ruiming van graven wordt overgegaan onderzoekt het
                                    college of er graven zijn die in aanmerking komen om op de lijst
                                    te worden bijgeschreven.</al></li><li nr="3."><al>De gemeenteraad beslist over het ruimen van graven en het
                                    verwijderen van grafbedekkingen die op de in het eerste lid
                                    bedoelde lijst staan.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>IX</nr><titel><vet>Inrichting register</vet></titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>27</nr><titel><vet>Voorschriften</vet></titel></kop><al/><lijst><li nr="1."><al>Het college stelt voorschriften vast voor het register van de
                                    begraven lijken en de bezorgde as. </al></li><li nr="2."><al>Het register wordt bijgehouden door de beheerder.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>X</nr><titel><vet>Slotbepalingen</vet></titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>28</nr><titel><vet>Intrekking oude regeling</vet></titel></kop><al/><al>De in het jaar 2004 geldende verordeningen en de daarop gebaseerde
                            besluiten van algemene strekking voor de gemeentelijke begraafplaatsen
                            in de gemeenten Borculo Ruurlo, Eibergen en Neede, worden
                            ingetrokken.</al><al/></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 29 Overgangsbepaling</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Besluiten van het college die genomen zijn krachtens de tot 2005
                                    geldende verordeningen en de daarop gebaseerde besluiten van
                                    algemene strekking gelden als besluiten genomen krachtens deze
                                    verordening.</al></li><li nr="2."><al>Indien voor het tijdstip van inwerkingtreding van deze
                                    verordening een aanvraag om vergunning op grond van de tot 2005
                                    geldende verordeningen is ingediend en voor het tijdstip van
                                    inwerkingtreding van deze verordening niet op de aanvraag is
                                    beslist, wordt daarop deze verordening toegepast.</al></li></lijst><al/></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 30 Strafbepaling</titel></kop><al>Hij die handelt in strijd met de artikelen 3, 4 en 9 wordt gestraft met
                            een geldboete van de eerste categorie. </al><al/></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 31 Inwerkingtreding</titel></kop><al>Deze verordening treedt in werking op 01 januari 2005.</al><al/></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 32 Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening wordt aangehaald als: Beheersverordening gemeentelijke
                            begraafplaatsen gemeente Berkelland </al><al/></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgesteld in de raadsvergadering van 3 januari 2005.</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>De griffier, De voorzitter, </ondertekening><ondertekening/><ondertekening/></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>