<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR318396_7</dcterms:identifier><dcterms:title>1e wijziging van de Verordening op de heffing en de invordering van de leges 2016 en bijbehorende tarieventabel</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Heiloo</dcterms:creator><dcterms:modified>2017-10-10</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Heiloo</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Uitkijkpost, 2 maart 2016</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>1e wijziging legesverordening 2016 met tarieventabel</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="http://wetten.overheid.nl/BWBR0005416">Gemeentewet, art 156, eerste en tweedelid, aanhef en onderdeel h, en art 229, eerste lid, aanhef en onder b</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="http://wetten.overheid.nl/BWBR0005212">Paspoortwet art 2, tweede lid en art 7</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">college van burgemeester en wethouders</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>financiën en economie</dcterms:subject><dcterms:issued>2016-02-09</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2016-03-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2017-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>1e wijziging</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>16-1260</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>Legesverordening en tarieventabel</overheidrg:onderwerp><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>De ‘legesverordening 2016’ van 7 december 2015, wordt ingetrokken met ingang van 1 maart 2016.</al><al>Artikel 11 bevat overgangsrecht.</al><al>Datum van ingang van de heffing is 1 maart 2016.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>1e wijziging van de Verordening op de heffing en de invordering van de leges 2016
            en bijbehorende tarieventabel </intitule><regeling><aanhef><preambule><al>Het college van Burgemeester en Wethouders van de gemeente Heiloo; gelet op
                        artikelen 156, eerste en tweede lid, aanhef en onderdeel h, en 229, eerste
                        lid, aanhef en onder b, van de Gemeentewet en de artikelen 2, tweede lid, en
                        7 van de Paspoortwet; besluit vast te stellen de 1<sup>e</sup> wijziging van
                        de Verordening op de heffing en de invordering van de leges 2016 en
                        bijbehorende tarieventabel.</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsomschrijvingen</titel></kop><al>Deze verordening verstaat onder:</al><lijst><li nr="a."><al><vet>dag</vet>: de periode van 00.00 uur tot 24.00 uur, waarbij een
                                gedeelte van een dag als een hele dag wordt aangemerkt; </al></li><li nr="b."><al><vet>week</vet>: een aaneengesloten periode van zeven dagen; </al></li><li nr="c."><al><vet>maand</vet>: het tijdvak dat loopt van de dag in een
                                kalendermaand tot en met de (n-1)<sup>e</sup> dag in de volgende
                                kalendermaand; </al></li><li nr="d."><al><vet>jaar</vet>: het tijdvak dat loopt van de dag in een
                                kalenderjaar tot en met de (n-1)<sup>e</sup> dag in het volgende
                                kalenderjaar; </al></li><li nr="e."><al><vet>kalenderjaar</vet>: de periode van 1 januari tot en met 31
                                december.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Belastbaar feit</titel></kop><al>Onder de naam ‘leges’ worden rechten geheven voor: </al><lijst><li nr="a."><al>het genot van door of vanwege het gemeentebestuur verstrekte
                                diensten;</al></li></lijst><lijst><li nr="b."><al>het verrichten van handelingen ten behoeve van een aanvraag van een
                                Nederlandse identiteitskaart of reisdocument; </al></li></lijst><al>een en ander zoals genoemd in deze verordening en de daarbij behorende
                        tarieventabel.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Belastingplicht</titel></kop><al>Belastingplichtig is de aanvrager van de dienst of van de Nederlandse
                        identiteitskaart of het reisdocument, dan wel degene ten behoeve van wie de
                        dienst is verleend of de handelingen zijn verricht </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Vrijstellingen</titel></kop><al>Leges wordt niet geheven voor:</al><lijst><li nr="a."><al>het afgeven van stukken, strekkende tot betaling van pensioenen,
                                lijfrenten en periodieke uitkeringen ten laste publiekrechtelijke
                                lichamen; </al></li></lijst><lijst><li nr="b."><al> de aan belanghebbende uit te reiken beschikkingen of afschriften
                                daarvan houdende beslissing op een verzoek om subsidie uit de
                                gemeentekas;</al></li></lijst><lijst><li nr="c."><al>vergunningen voor evenementen, genoemd in het hoofdstuk "Algemene
                                Plaatselijke Verordening" (APV) ten behoeven van de in de gemeente
                                Heiloo gevestigde sport-, jeugd- of culturele verenigingen of
                                instellingen met een sociaal maatschappelijke doelstelling. Dit
                                geldt ook voor de toeslag voor een vereist brandweeradvies. </al></li></lijst><lijst><li nr="d."><al> een melding van een buurtbarbecue of kleinschalig feest zoals
                                genoemd in artikel 2.25, tweede lid van de APV; </al></li></lijst><lijst><li nr="e."><al>een vergunning voor het inzamelen van geld of goederen zoals genoemd
                                in artikel 5.13 van de APV ten behoeve van de in de gemeente Heiloo
                                gevestigde sport-, jeugd- of culturele verenigingen of instellingen
                                met een sociaal maatschappelijke doelstelling. </al></li></lijst><lijst><li nr="f."><al> het verstrekken van raadsstukken aan vertegenwoordigers van de pers
                                als zij zich als zodanig kunnen legitimeren; </al></li><li nr="g."><al> het verstrekken van agenda's van de vergaderingen van de raad,
                                uitsluitend aan bezoekers van de publieke tribune voor en gedurende
                                de raadsvergadering; </al></li><li nr="h."><al> diensten waarvan de kosten krachtens afdeling 6.4 van de Wet
                                ruimtelijke ordening (grondexploitatie) zijn of worden verhaald;
                            </al></li><li nr="i."><al>diensten met betrekking tot een aanvraag tot verlening of gehele of
                                gedeeltelijke intrekking van een omgevingsvergunning of wijziging
                                van voorschriften van een omgevingsvergunning, voor zover die
                                aanvraag betrekking heeft op een activiteit met betrekking tot een
                                inrichting als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder e, van de
                                Wet algemene bepalingen omgevingsrecht;</al></li><li nr="j."><al>het in behandeling nemen van een aanvraag tot verlening van een
                                omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid,
                                onderdeel i, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, voor
                                zover het een activiteit betreft bedoeld in artikel 2.2a van het
                                Besluit omgevingsrecht (omgevingsvergunning beperkte
                                milieutoets).</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Maatstaven van heffing en tarieven</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>De leges worden geheven naar de maatstaven en tarieven, opgenomen in de
                            bij deze verordening behorende tarieventabel, met inachtneming van het
                            overigens in dit artikel bepaalde.</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>Voor de in behandeling nemen van een aanvraag tot het nemen van een
                            projectuitvoeringsbesluit als bedoeld in artikel 2.10 van de Crisis- en
                            herstelwet bedraagt het tarief de som van de bedragen die op grond van
                            deze verordening verschuldigd zouden zijn voor het in behandeling nemen
                            van een aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning, ontheffing,
                            vrijstelling of enig ander besluit in het kader van de ontwikkeling en
                            verwezenlijking van het project, voor zover het
                            projectuitvoeringsbesluit strekt ter vervanging van deze besluiten,
                            zoals bedoeld in artikel 2.10, derde lid, van de Crisis- en
                            herstelwet.</al></lid><lid><lidnr>3</lidnr><al>Voor de berekening van de leges wordt een gedeelte van een in de
                            tarieventabel genoemde eenheid als een volle eenheid aangemerkt.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Wijze van heffing</titel></kop><al>De leges worden geheven bij wege van een mondelinge dan wel een gedagtekende
                        schriftelijke kennisgeving, waaronder mede wordt begrepen een stempelafdruk,
                        zegel, nota of andere schriftuur. Het gevorderde bedrag wordt mondeling, dan
                        wel door toezending of uitreiking van de schriftelijke kennisgeving aan de
                        belastingschuldige bekendgemaakt.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Termijnen van betaling</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990
                            moeten de leges worden betaald ingeval de kennisgeving als bedoeld in
                            artikel 6:</al><lijst><li nr="a."><al>mondeling wordt gedaan, op het moment van het doen van de
                                    kennisgeving;</al></li><li nr="b."><al>schriftelijk wordt gedaan, op het moment van uitreiken van de
                                    kennisgeving, dan wel in geval van toezending daarvan, binnen
                                    zes weken na de dagtekening van de kennisgeving.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>Leges tot € 30,- moeten contant of per bank worden betaald voorafgaande
                            de uitreiking dan wel toezending van de kennisgeving of vergunning.</al></lid><lid><lidnr>3</lidnr><al>De Algemene termijnwet is niet van toepassing op de in het eerste lid
                            gestelde termjinen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Kwijtschelding</titel></kop><al>Bij de invordering van de leges wordt geen kwijtschelding verleend.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Vermindering of teruggaaf</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>Gehele of gedeeltelijke vermindering of teruggaaf van leges voor een in
                            de bij deze verordening behorende tarieventabel omschreven dienst wordt
                            verleend overeenkomstig een met betrekking tot die dienst in de
                            tarieventabel opgenomen bepaling.</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>Als de heffing een jaarabonnement betreft, wordt bij tussentijdse
                            beëindiging, voordat de helft van het aantal inlichtingen c.q.
                            exemplaren is verstrekt, op schriftelijk verzoek van de houder teruggaaf
                            van de helft van het betaalde bedrag gedaan.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Overdracht van bevoegdheden</titel></kop><al>Het college is bevoegd tot het wijzigen van deze verordening, indien de
                        wijzigingen:</al><lijst><li nr="a."><al>van zuiver redactionele aard zijn;</al></li><li nr="b."><al>een gevolg zijn van nieuwe of gewijzigde rijksregelgeving die in
                                werking treedt binnen drie maanden na de officiële bekendmaking van
                                de inwerkingtreding ervan in het Staatsblad of de Staatscourant en
                                het de volgende hoofdstukken of onderdelen van titel 1 van de
                                tarieventabel betreft: </al><al>1. onderdelen 1.1.1.1, 1.1.1.2 en 1.1.1.3 (akten burgerlijke
                                stand);</al><al>2. hoofdstuk 2 (reisdocumenten en Nederlandse identiteitskaart)</al><al>3. hoofdstuk 3 (rijbewijzen)</al><al>4. hoofdstuk 4 (verstrekking uit de basisregistratie personen);</al><al>5. hoofdstuk 6 (verstrekkingen op grond van de Wet bescherming
                                persoonsgegevens);</al><al>6. onderdeel 1.9.1 (verklaring omtrent het gedrag);</al><al>7. hoofdstuk 16 (kansspelen);</al></li></lijst><al>een en ander voor zover met deze wijzigingen niet reeds bij het vaststellen
                        of latere wijziging van deze verordening bij raadsbesluit rekening is
                        gehouden.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders</titel></kop><al>Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met
                        betrekking tot de heffing en de invordering van de leges.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Overgangsrecht</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>De ‘legesverordening 2016’ van 7 december 2015, wordt ingetrokken met
                            ingang van de in artikel 12, tweede lid, genoemde datum van ingang van
                            de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de
                            belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan.</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>Indien de datum van inwerkingtreding van deze verordening ligt na de in
                            artikel 12, tweede opgenomen datum van ingang van de heffing, blijft de
                            in het eerste lid genoemde verordening gelden voor de in de
                            tussenliggende periode plaatsvindende belastbare feiten voor zover de
                            heffing van de leges hiervoor in die periode plaatsvindt.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag na die
                            van de bekendmaking.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De datum van ingang van de heffing is 1 maart 2016.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><al>Deze verordening kan worden aangehaald als ‘1e wijziging legesverordening
                        2016 met tarieventabel’.</al></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><slotformulering><al>Aldus besloten door de vergadering van het college van Burgemeester en
                        Wethouders van de gemeente Heiloo van dinsdag 9 februari 2016.</al></slotformulering></regeling-sluiting><bijlage><kop><label>Tarieventabel behorende bij de Legesverordening2016</label></kop><al>De grondslagen en tarieven worden geregeld als volgt:</al><al><vet>Titel 1 Algemene dienstverlening</vet></al><al><vet>Hoofdstuk 1 Burgerlijke stand</vet></al><al>1.1.1 Het tarief bedraagt ter zake het in behandeling nemen van een
                    aanvraag:</al><al>1.1.1.1 elk uittreksel van een akte van geboorte, van huwelijk, van registratie
                    van een partnerschap of van overlijden € 12,80</al><al>1.1.1.2 elke verklaring van huwelijksbevoegdheid als bedoeld in artikel 49a van
                    Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek € 22,80</al><al>1.1.1.3 elk (meertalig) uittreksel uit een akte van de burgerlijke stand €
                    12,80</al><al>1.1.2 Het tarief bedraagt ter zake het in behandeling nemen van een
                    aanvraag:</al><al>1.1.2.1 voor het verstrekken van een inlichting uit de registers van de
                    burgerlijke stand € 10,00</al><al>1.1.3 voor het verstrekken van gegevens, waardoor het noodzakelijk is de
                    registers van de burgerlijke stand te doorlopen om deze op te sporen, wordt aan
                    onder 1.1.2.1 genoemde leges, voor elk kwartier of gedeelte daarvan, geheven €
                    10,00</al><al>1.1.4 Het tarief bedraagt ter zake het in behandeling nemen van een
                    aanvraag:</al><al>1.1.4.1 het voltrekken van een huwelijk of de registratie partnerschap of de
                    omzetting daarvan in het gemeentehuis of een aangewezen locatie, met
                    inachtneming van de door burgemeester en wethouders op grond van de Wet van 23
                    april 1879, Stbl. 72, voor kosteloze voltrekking vastgestelde uren (maandag- en
                    dinsdagmorgen om 09.00 uur), op maandag t/m vrijdag van 09.30 tot 16.30 uur
                    (inclusief trouwboekje) € 300,00</al><al>1.1.4.2 voor het verstrekken van een trouwboekje, een bewijs van registratie
                    partnerschap of een duplicaat daarvan met lederen omslag, indien sprake is van
                    een kosteloze voltrekking op maandag en dinsdag om 09.00 uur € 25,00</al><al>1.1.4.3 Indien de voltrekking van het huwelijk of de registratie partnerschap of
                    de omzetting daarvan plaatsvindt buiten daarvoor vastgestelde uren van
                    openstellen van het bureau van de burgerlijke stand, wordt een extra recht
                    geheven van € 250,00</al><al>het voltrekken van huwelijken of registratie partnerschap of de omzetting
                    daarvan ing. De Wet van 1879, genoemd onder lid 1 (kosteloos) en die van dit lid
                    kunnen uitsluitend plaatsvinden in perceel Raadhuisweg 1 ingang Raadhuisweg
                    (gemeentehuis).</al><al>1.1.5 Het tarief bedraagt voor het, op verzoek, benoemen van een buitengewoon
                    ambtenaar van de burgerlijke stand € 50,00</al><al>1.1.5.1 De tarieven genoemd onder 1.1.3.1 en 1.1.3.3 worden, na benoeming van
                    een buitengewoon ambtenaar van de burgerlijke stand, als bedoeld in artikel 3c
                    van het Reglement burgerlijke stand, verminderd met een bedrag van € 75,00</al><al>1.1.6 Het tarief bedraagt voor het optreden van een ambtenaar als getuige bij
                    een huwelijk of registratie van een partnerschap op het gemeentehuis €
                    30,00</al><al><vet>Hoofdstuk 2 Reisdocumenten en Nederlandse identiteitskaart</vet></al><al>1.2.1 Het tarief bedraagt voor het verrichten van handelingen ten behoeve van
                    een aanvraag van een nationaal paspoort:</al><al>1.2.1.1 voor een persoon die op het moment van de aanvraag 18 jaar of ouder is €
                    64,40</al><al>1.2.1.2 voor een persoon die op het moment van de aanvraag de leeftijd van 18
                    jaar nog niet heeft bereikt € 51,20</al><al>1.2.2. Het tarief bedraagt voor het verrichten van handelingen ten behoeve van
                    een aanvraag van een nationaal paspoort, een groter aantal bladzijden bevattende
                    dan een nationaal paspoort als bedoeld in onderdeel 1.2.1 (zakenpaspoort):</al><al>1.2.2.1 voor een persoon die op het moment van de aanvraag 18 jaar of ouder is €
                    64,40</al><al>1.2.2.2 voor een persoon die op het moment van de aanvraag de leeftijd van 18
                    jaar nog niet heeft bereikt € 51,20</al><al>1.2.3 Het tarief bedraagt voor het verrichten van handelingen ten behoeve van
                    een aanvraag van een reisdocument ten behoeve van een persoon die op grond van
                    de Wet betreffende de positie van Molukkers als Nederlander wordt behandeld
                    (faciliteitenpaspoort):</al><al>1.2.3.1 voor een persoon die op het moment van de aanvraag 18 jaar of ouder is €
                    64,40</al><al>1.2.3.2 voor een persoon die op het moment van de aanvraag de leeftijd van 18
                    jaar nog niet heeft bereikt € 51,20</al><al>1.2.4 Het tarief bedraagt voor het verrichten van handelingen ten behoeve van
                    een aanvraag van een reisdocument voor vluchtelingen of een reisdocument voor
                    vreemdelingen € 51,20</al><al>1.2.5 Het tarief bedraagt voor het verrichten van handelingen ten behoeve van
                    een aanvraag van een Nederlandse identiteitskaart:</al><al>1.2.5.1 voor een persoon die op het moment van de aanvraag 18 jaar of ouder is €
                    50,40</al><al>1.2.5.2 voor een persoon die op het moment van de aanvraag de leeftijd van 18
                    jaar nog niet heeft bereikt € 28,45</al><al>1.2.6 voor een spoedlevering van de genoemde leges in de onderdelen 1.2.1 tot en
                    met 1.2.5 genoemde documenten, vermeerderd met een bedrag van € 47,30</al><al><vet>Hoofdstuk 3 Rijbewijzen</vet></al><al>1.3.1 Het tarief bedraagt ter zake van het in behandeling nemen van een
                    aanvraag:</al><al>1.3.1.1 voor een afgifte van of vernieuwing dan wel voor het behandelen van een
                    aanvraag tot omwisseling van een rijbewijs € 38,80</al><al>1.3.1.2 voor een spoedprocedure voor een afgifte van of vernieuwing dan wel voor
                    het behandelen van een aanvraag tot omwisseling van een rijbewijs wordt het
                    tarief genoemd in 1.3.1.1 vermeerderd met een bedrag van € 34,10</al><al><vet>Hoofdstuk 4 Basisregistratie personen (BRP)</vet></al><al>1.4.1 Het tarief bedraagt ter zake van het in behandeling nemen van een
                    aanvraag</al><al>1.4.1.1 voor het verstrekken van een bewijs van opneming in het persoons- of
                    verblijfsregister BRP € 10,00</al><al>1.4.1.2 voor het verstrekken van een internationaal of gezinsuittreksel uit het
                    persoonsregister BRP € 10,00</al><al>1.4.1.3 voor het verstrekken van een volledige persoonslijst BRP, niet zijnde
                    het eerste verzoek, uitsluitend op verzoek van betrokkene of gezaghebbende €
                    15,00</al><al>1.4.2 Verstrekking uit de basisregistratie personen.</al><al>Voor de toepassing van dit onderdeel, met uitzondering van de onderdelen 1.4.1.1
                    en 1.4.1.3 wordt onder één verstrekking verstaan één of meer gegevens omtrent
                    één persoon waarvoor de basisregistratie personen moet worden geraadpleegd</al><al>1.4.2.1 Het tarief bedraagt ter zake van het in behandeling nemen van een
                    aanvraag tot het verstrekken van gegevens</al><al>1.4.2.1.1 per verstrekking € 10,00</al><al>1.4.2.1.2 In afwijking van de voorgaande onderdelen bedraagt het tarief voor het
                    in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van gegevens met
                    behulp van alternatieve media bedoeld in artikel 16, tweede lid, van het Besluit
                    basisregistratie personen € 22,65</al><al>1.4.2.1.3 In afwijking van de voorgaande onderdelen bedraagt het tarief voor het
                    in behandeling nemen van een aanvraag tot het schriftelijk verstrekken van
                    gegevens bedoeld in artikel 17, tweede lid, van het Besluit basisregistratie
                    personen € 7,50</al><al>1.4.2.1.4 voor de toepassing van onderdeel 1.4.2.1 wordt onder één verstrekking
                    verstaan één of meer gegevens omtrent één persoon die niet is opgenomen in de
                    basisregistratie personen. Het tarief bedraagt ter zake van het in behandeling
                    nemen van een aanvraag:</al><al>1.4.2.1.5 tot het verstrekken van gegevens per verstrekking € 10,00</al><al>1.4.2.1.6 het tarief bedraagt ter zake van het op verzoek doornemen van de
                    basisregistratie personen, voor ieder daaraan besteed kwartier € 10,00</al><al><vet>Hoofdstuk 5 Kiezersregister</vet></al><al>1.5.1 Het tarief bedraagt ter zake van het in behandeling nemen van een aanvraag
                    tot het verstrekken van een inlichting betreffende de registratie van de
                    aanvrager als kiezer, bedoeld in artikel D4 van de Kieswet € 2,80</al><al><vet>Hoofdstuk 6 Wet bescherming persoonsgegevens</vet></al><al>1.6.1 Het tarief bedraagt ter zake van het in behandeling nemen van een aanvraag
                    voor een bericht als bedoeld in artikel 35 van de Wet bescherming
                    persoonsgegevens:</al><al>1.6.1.1 bij verstrekking op papier, indien het afschrift bestaat uit</al><al>1.6.1.1.1 ten hoogste 100 pagina’s, per pagina € 0,23</al><al>met een maximum per bericht van € 5,00</al><al>1.6.1.1.2 meer dan 100 pagina’s € 22,50</al><al>1.6.1.2 bij verstrekking anders dan op papier € 5,00</al><al>1.6.1.3 Dat bestaat uit een afschrift van een, vanwege de aard van der
                    verwerking, moeilijk toegankelijke gegevens verwerking € 22,50</al><al>1.6.1.4 Indien voor hetzelfde bericht op grond van de onderdelen 1.6.1.1.1 en
                    1.6.1.1.2 meerdere vergoedingen kunnen worden gevraagd, wordt slechts de hoogste
                    gevraagd</al><al>1.6.1.5 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een verzet als
                    bedoeld in artikel 40 van de wet bescherming persoonsgegevens € 4,50</al><al><vet>Hoofdstuk 7 Bestuursstukken</vet></al><al>1.7.1 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het
                    verstrekken van:</al><al>1.7.1.1 een exemplaar van het beleidsdeel van de begroting inclusief de
                    begrotingen van de takken van dienst € 17,75</al><al>1.7.1.2 een exemplaar van het beheersdeel van de begroting € 10,00</al><al>1.7.1.3 een exemplaar van de bijlagen bij de begroting, per bladzijde €
                    1,00</al><al>met een maximum van € 17,75</al><al>1.7.1.4 een exemplaar van de voorjaarsnota en het meerjarenbeleidsplan €
                    17,75</al><al>1.7.1.5 een exemplaar van de rekening, per bladzijde € 1,00</al><al>met een maximum van € 17,75</al><al>1.7.1.6 een exemplaar van de rekening van een bedrijf of tak van dienst, per
                    bladzijde € 1,00</al><al> met een maximum van € 10,00</al><al>1.7.1.7 een exemplaar van de voorjaarsnota € 7,00</al><al>1.7.1.8 een exemplaar van de bijlage bij de rekening per bladzijde € 1,00</al><al>met een maximum van € 17,75</al><al>1.7.1.9 een exemplaar van een verordening van de gemeente per bladzijde of
                    gedeelte daarvan € 1,00</al><al>met een maximum € 17,75</al><al>1.7.1.10 voor de afgifte van vergunningen, waarvoor krachtens wet, reglement of
                    Algemene Plaatselijke Verordening vergunning moet worden gevraagd of voor
                    ontheffingen van in die regelingen opgenomen voorschriften, voor zover daarvoor
                    geen wettelijke regeling of vrijstelling bestaat, of voor zover daarvoor in deze
                    verordening geen bijzondere regeling is opgenomen, per vergunning of ontheffing
                    € 10,00</al><al><vet>Hoofdstuk 8 Vastgoedinformatie</vet></al><al>1.8.1 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het
                    verstrekken van een afschrift van of een uittreksel uit het gemeentelijke
                    beperkingenregister of de gemeentelijke beperkingenregistratie, bedoeld in
                    artikel 5, eerste lid, van de Wet kenbaarheid publiekrechtelijke beperkingen dan
                    wel tot het verstrekken van een aan die registratie ontleende verklaring, als
                    bedoeld in artikel 9, eerste lid, onder c, van de Wet kenbaarheid
                    publiekrechtelijke beperkingen € 9,00</al><al><vet>Hoofdstuk 9 Overige publiekszaken</vet></al><al>1.9 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het
                    afgeven van:</al><al>1.9.1 een verklaring omtrent het gedrag van personen € 41,35</al><al>1.9.2 een attestatie de vita € 12,80</al><al>1.9.3 een bewijs van Nederlanderschap € 10,00</al><al>1.9.4 een bewijs van in leven zijn € 10,00</al><al>1.9.5 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het
                    legaliseren van een handtekening € 10,00</al><al>1.9.6 Het tarief bedraagt voor het waarmerken van een kopie van een Nederlands
                    reisdocument, Nederlands rijbewijs en/of een verblijfsdocument € 10,00</al><al><vet>Hoofdstuk 10 Gemeentearchief</vet></al><al>1.2.1 Het tarief bedraagt ter zake van het in behandeling nemen van een
                    aanvraag: </al><al>1.2.1.1 voor het doen van nasporingen door gemeenteambtenaren in het archief van
                    de gemeente of het op verzoek van belanghebbende verlenen van hulp bij het
                    raadplegen van documenten uit dossiers jonger dan 20 jaar, welke bij de gemeente
                    berusten per kwartier, inclusief een maximaal aantal van vijf fotokopieën
                    (formaat A4 of A3) € 20,50</al><al>1.2.1.2 tekeningen kunnen op kosten van de aanvrager tegen de geldende tarieven
                    als omschreven in hoofdstuk 19 van deze titel worden gekopieerd tot A3 formaat.
                    Formaat A0, A1 en A2 worden alleen gescand en digitaal verzonden.</al><al>1.2.1.3 wanneer tekeningen digitaal beschikbaar zijn én deze digitaal worden
                    verzonden, zijn hier geen kosten aan verbonden. </al><al>1.2.1.4 voor de toepassing van dit hoofdstuk, wordt onder één nasporing verstaan
                    één of meer gegevens omtrent één perceel waarvoor het archief moet worden
                    geraadpleegd</al><al><vet>Hoofdstuk 11 Algemene plaatselijke verordening (APV)</vet></al><al>1.11.1 Voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor een vergunning,
                    ontheffing, kennisgeving of melding, voor zover daarvoor in deze verordening
                    geen bijzondere regeling is opgenomen, bedraagt het tarief € 16,50</al><al>1.11.2 Hoofdstuk 2, afdeling 5</al><al>1.11.2.1 voor het verlenen van een ontheffing voor het plaatsen van voorwerpen
                    op of aan de weg in strijd met publieke functie van de weg € 33,75</al><al>1.11.3 Hoofdstuk 2, afdeling 13</al><al>1.11.3.1 voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor een vergunning voor
                    het ter beschikking stellen/aanwezig hebben van consumentenvuurwerk tijdens de
                    verkoopdagen € 68,00</al><al>1.11.4 Hoofdstuk 4, afdeling 1</al><al>1.11.4.1 voor het accepteren van een kennisgeving incidentele festiviteiten
                    (individuele ontheffing geluidsnormen) € 11,25</al><al>1.11.5 Hoofdstuk 4, afdeling 5</al><al>1.11.5.1 voor het verlenen van een ontheffing van recreatief nachtverblijf
                    kampeermiddelen plaatsen buiten kampeerterrein € 22,00</al><al>Hiervoor geldt een toeslag zoals genoemd in titel 3, hoofdstuk 4
                    ‘Brandbeveiligingsverordening’ onder 1, als een advies van de Brandweer
                    noodzakelijk is</al><al>1.11.6 Hoofdstuk 5, afdeling 8</al><al>1.11.6.1 voor het verlenen van een ontheffing van het verbod om afvalstoffen te
                    verbranden buiten inrichtingen of anderszins vuur te stoken € 33,00</al><al><vet>Hoofdstuk 12 Leegstandswet</vet></al><al>1.12.1 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:</al><al>1.12.1.1 tot het verlenen van een vergunning tot tijdelijke verhuur van
                    leegstaande woonruimte als bedoeld in artikel 15, eerste lid van de
                    Leegstandswet € 123,50</al><al><vet>Hoofdstuk 13 Parkeren</vet></al><al>1.13.1 Het tarief bedraagt ter zake van het in behandeling nemen van een
                    aanvraag:</al><al>1.13.1.1 het voor de eerste keer verstrekken van een Europese gehandicapten
                    parkeerkaart € 104,70</al><al>1.13.1.2 voor een vervangende Europese gehandicapten parkeerkaart € 31,40</al><al>1.13.1.3 voor het verstrekken van een parkeerschijf € 2,15</al><al>1.13.1.4 om een parkeerontheffing voor de blauwe zone rondom het winkelcentrum
                    ’t Loo en het stationscentrum € 17,50</al><al>1.13.1.5 om een parkeerontheffing van het verbod te parkeren op aangegeven
                    tijden in de Wilgenlaan, Molenweg, Schoutslaan, Breedelaan en tussen Stationsweg
                    en Heerenweg € 17,50</al><al><vet>Hoofdstuk 14 Transport</vet></al><al>1.14.1 Het tarief bedraagt ter zake van het in behandeling nemen van een
                    aanvraag:</al><al>1.14.1.1 tot het verkrijgen van een ontheffing als bedoeld in artikel 7.1 van
                    het Voertuigreglement (Stb. 1994, 450) voor het niet gekentekende langzaam
                    verkeer als bedoeld in afdelingen 7,8, en 14 van hoofdstuk 5 Voertuigreglement €
                    35,25</al><al>1.14.1.2 voor een ontheffing of een wijziging krachtens 148 WVW 1994 van het in
                    artikel 10, eerste lid WVW 1994 genoemde verbod € 67,70</al><al>1.14.1.3 indien voor de onder 1.14.1.2 bedoelde ontheffing ook een RVV
                    ontheffing nodig is voor wat betreft verboden ex artikel 5 lid 1 en artikel 42
                    lid 2 en artikel 62 voor wat betreft de borden C9, C12, C15, G11 en G12 €
                    27,15</al><al>1.14.1.4 een ontheffing ingevolge artikel 87 van het Reglement Verkeersregels en
                    Verkeerstekens 1990 € 83,75</al><al><vet>Hoofdstuk 15 Vergunningen Drank- en Horecawet</vet></al><al>1.15.1 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot
                    het verkrijgen van een vergunning ingevolge:</al><al>1.15.1.1 artikel 3 van de Drank- en Horecawet € 273,50</al><al>1.15.1.2 artikel 35 van de Drank- en Horecawet (ontheffing voor schenken van
                    zwak-alcoholische dranken bij bijzondere gelegenheden) € 19,50</al><al>1.15.1.3 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een melding als
                    bedoeld in artikel 30 van de Drank- en Horecawet € 83,25</al><al><vet>Hoofdstuk 16 Kansspelen</vet></al><al>1.16.1 Het tarief bedraagt ter zake van het in behandeling nemen van een
                    aanvraag:</al><al>1.16.1.1 voor de afgifte van een vergunning als bedoeld in artikel 3, 1e lid van
                    de Wet op de Kansspelen, kleine loterijen € 9,35</al><al>1.16.1.2 voor de afgifte van een vergunning als bedoeld in artikel 30b van de
                    wet op de Kansspelen; indien de vergunning geldt voor één kansspelautomaat €
                    56,50</al><al>1.16.1.3 indien de vergunning geldt voor twee kansspelautomaten € 79,00</al><al><vet>Hoofdstuk 17 Kabels en leidingen</vet></al><al>1.17.1 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag in
                    verband met het verkrijgen van een instemmingsbesluit, als bedoeld in artikel 5,
                    lid 1 van de Algemene Verordening Ondergrondse Infrastructuren (AVOI), omtrent
                    plaats, tijdstip en wijze van uitvoering van werkzaamheden:</al><al>1.17.1.1 indien het betreft tracés van 25-250 m¹ € 170,34</al><al>1.17.1.2 indien het betreft tracés van 250-1000 m¹ € 256,98</al><al>1.17.1.3 indien het betreft tracés van 1000-2500 m¹ € 354,48</al><al>1.17.1.4 indien het betreft tracés langer dan 2500 m¹ Op basis van
                    begroting</al><al>1.17.1.5 Indien een begroting als bedoeld in 1.17.1.4 is uitgebracht, wordt een
                    aanvraag pas in behandeling genomen nadat de uitgebrachte begroting is
                    geaccordeerd</al><al>1.17.2 indien het betreft het in behandeling nemen van een graafmelding €
                    57,65</al><al>1.17.3 indien het betreft dat er met betrekking tot een aanvraag overleg moet
                    plaatsvinden tussen de gemeente en de netbeheerder of de gemeente, andere
                    beheerders van openbare gronden en de netbeheerder, wordt het in 1.17.1 genoemde
                    bedrag verhoogd met € 227,50</al><al>1.17.4 Als met betrekking tot een aanvraag onderzoek naar de status van de kabel
                    en/of leiding plaatsvindt, wordt het in 1.17.1 genoemde bedrag verhoogd met de
                    voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag aan de netbeheerder
                    meegedeelde kosten, blijkend uit een begroting die ter zake door het college van
                    burgemeester en wethouders is opgesteld.</al><al>1.17.5 Indien een begroting als bedoeld in 1.17.4 is uitgebracht, wordt een
                    aanvraag pas in behandeling genomen nadat de uitgebrachte begroting is
                    geaccordeerd.</al><al><vet>Hoofdstuk 18 Niet in gebruik</vet></al><al>Dit hoofdstuk is niet in gebruik.</al><al><vet>Hoofdstuk 19 Diversen</vet></al><al>1.19.1 Het tarief voor het verstrekken van schriftelijke en/of digitale
                    informatie uit het gemeentelijk archief of administratie, hoe dan ook genoemd,
                    in zwart/wit en voor zover daarvoor geen ander tarief of bepaling in deze tabel
                    is opgenomen, bij niet meer dan 10 exemplaren, bedraagt:</al><al>1.19.1.1 formaat A4 €1,00</al><al>1.19.1.2 als onder 1.19.1.1. boven het aantal van 10 exemplaren, per bladzijde
                    of gedeelte daarvan € 0,70</al><al>1.19.1.3 formaat A3 € 1,10</al><al>1.19.1.4 als onder 1.19.1.3. boven het aantal van 10 exemplaren, per bladzijde
                    of gedeelte daarvan € 0,80</al><al>1.19.1.5 formaat A2 € 8,25</al><al>1.19.1.6 formaat A1 € 10,25</al><al>1.19.1.7 formaat A0 € 14,25</al><al>1.19.2 Het tarief voor het verstrekken van schriftelijke en/of digitale
                    informatie uit het gemeentelijk archief of administratie, hoe dan ook genoemd,
                    in kleur en voor zover daarvoor geen ander tarief of bepaling in deze tabel is
                    opgenomen, bij niet meer dan 10 exemplaren bedraagt:</al><al>1.19.2.1 formaat A4 € 1,30</al><al>1.19.2.2 als onder 1.19.2.1. boven het aantal van 10 exemplaren, per bladzijde
                    of gedeelte daarvan € 1,00</al><al>1.19.2.3 formaat A3 € 1,60</al><al>1.19.2.4 als onder 1.19.2.3. boven het aantal van 10 exemplaren, per bladzijde
                    of gedeelte daarvan € 1,30</al><al>1.19.3 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor
                    het verstrekken van een duplicaat van de WOZ-beschikking, waarbij het document
                    niet per post zal worden verzonden maar opgehaald dient te worden € 7,00</al><al>1.19.4 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:</al><al>1.19.4.1 een beschikking op aanvraag, voor zover daarvoor niet elders in deze
                    tabel of in een andere wettelijke regeling een tarief is opgenomen € 45,00</al><al><vet>Titel 2 Dienstverlening vallend onder fysieke leefomgeving/
                        omgevingsvergunning</vet></al><al><vet>Hoofdstuk 1 Begripsomschrijvingen</vet></al><al>2.1.1 Voor de toepassing van deze titel wordt verstaan onder:</al><al><cursief>2.1.1.1 aanlegkosten</cursief></al><al>de aannemingssom exclusief omzetbelasting, bedoeld in paragraaf 1, eerste lid,
                    van de Uniforme Administratieve Voorwaarden voor de uitvoering van werken en van
                    technische installatiewerken 2012 (UAV 2012) voor het uit te voeren werk, of
                    voor zover deze ontbreekt, een raming van de aanlegkosten, de omzetbelasting
                    niet inbegrepen. Indien de werken of werkzaamheden geheel of gedeeltelijk door
                    zelfwerkzaamheid geschieden wordt in deze titel onder aanlegkosten verstaan: de
                    prijs die aan een derde in het economisch verkeer zou moeten worden betaald voor
                    de werken of werkzaamheden waarop de aanvraag betrekking heeft;</al><al><cursief>2.1.1.2 bouwkosten</cursief></al><al>de aannemingssom exclusief omzetbelasting, bedoeld in paragraaf 1, eerste lid,
                    van de Uniforme Administratieve Voorwaarden voor de uitvoering van werken en van
                    technische installatiewerken 2012 (UAV 2012), voor het uit te voeren werk, of
                    voor zover deze ontbreekt een raming van de bouwkosten, exclusief
                    omzetbelasting, bedoeld in het normblad NEN 2631, uitgave 1979, of zoals dit
                    normblad laatstelijk is vervangen of gewijzigd. Indien het bouwen geheel of
                    gedeeltelijk door zelfwerkzaamheid geschiedt wordt in deze titel onder
                    bouwkosten verstaan: de prijs die aan een derde in het economisch verkeer zou
                    moeten worden betaald voor het tot stand brengen van het bouwwerk waarop de
                    aanvraag betrekking heeft. Voor tijdelijke bouwwerken geldt bij een gegeven
                    (jaar) huurprijs dat de bouwkosten worden bepaald met de rekenregel: bouwkosten
                    = 12 maal de jaarhuur;</al><al><cursief>2.1.1.3 sloopkosten</cursief></al><al>de aannemingssom exclusief omzetbelasting,, bedoeld in paragraaf 1, eerste lid,
                    van de Uniforme Administratieve Voorwaarden voor de uitvoering van werken en van
                    technische installatiewerken 2012 (UAV 2012), voor het uit te voeren werk, of
                    voor zover deze ontbreekt, een raming van de sloopkosten, de omzetbelasting niet
                    inbegrepen. Indien het slopen geheel of gedeeltelijk door zelfwerkzaamheid
                    geschiedt wordt in deze titel onder sloopkosten verstaan: de prijs die aan een
                    derde in het economisch verkeer zou moeten worden betaald voor het slopen van
                    het bouwwerk waarop de aanvraag betrekking heeft;</al><al>2.1.1.4 Wabo: Wet algemene bepalingen omgevingsrecht.</al><al>2.1.2 In deze titel voorkomende begrippen die in de Wabo zijn omschreven, hebben
                    dezelfde betekenis als bij of krachtens de Wabo bedoeld.</al><al>2.1.3 In deze titel voorkomende begrippen die niet nader in de Wabo zijn
                    omschreven en die betrekking hebben op activiteiten waarvoor het toetsingskader
                    in een ander wettelijk voorschrift is uitgewerkt, hebben dezelfde betekenis als
                    in dat wettelijk voorschrift bedoeld.</al><al><vet>Hoofdstuk 2 Vooroverleg/beoordeling conceptaanvraag</vet></al><al>2.2. Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een zaak:</al><al>2.2.1.1 om vooroverleg/beoordeling conceptaanvraag in verband met het verkrijgen
                    van een indicatie of een voorgenomen project die in het kader van de Wabo
                    vergunbaar is en hiervoor het advies van de Adviescommissie voor Ruimtelijke
                    Kwaliteit Heiloo moet worden ingewonnen, wordt de verschuldigde leges berekend
                    overeenkomstig de uitgangspunten zoals die door de Stichting Welstandszorg
                    Noord-Holland voor de berekening van de tarieven voor welstandsadviezen zijn
                    vastgesteld, of zoals deze laatstelijk zijn vervangen of gewijzigd. (Zie bijlage
                    I)</al><al>2.2.2 om beoordeling van een conceptaanvraag om een omgevingsvergunning, waarbij
                    sprake is van planologisch strijdig gebruik en nader onderzoek (principeverzoek)
                    moet plaatsvinden € 283,00</al><al>2.2.2.1 om beoordeling van een conceptaanvraag om een omgevingsvergunning,
                    waarbij sprake is van planologisch strijdig gebruik en die slechts met
                    toepassing van artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 3º van de Wabo zouden
                    kunnen worden gerealiseerd € 2.094,50</al><al><vet>Hoofdstuk 3 Omgevingsvergunning</vet></al><al>2.3 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een
                    omgevingsvergunning voor een project: de som van de verschuldigde leges voor de
                    verschillende activiteiten of handelingen waaruit het project geheel of
                    gedeeltelijk bestaat en waarop de aanvraag betrekking heeft en de verschuldigde
                    leges voor de extra toetsen die in verband met de aanvraag moeten worden
                    uitgevoerd, berekend naar de tarieven en overeenkomstig het bepaalde in dit
                    hoofdstuk en hoofdstuk 4 van deze titel. In afwijking van de vorige volzin kan
                    ook per activiteit, handeling of andere grondslag een legesbedrag worden
                    gevorderd.</al><al><cursief>2.3.1 Bouwactiviteiten</cursief></al><al>2.3.1.1 Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een
                    bouwactiviteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder a van de Wabo,
                    bedraagt het tarief:</al><al>2.3.1.1.1 wanneer de bouwkosten niet meer dan € 90.000,00 bedragen: 4,5% van de
                    op € 1.000,00 of een veelvoud daarvan naar boven afgeronde bouwkosten, met een
                    minimum van € 261,50.</al><al>2.3.1.1.2 wanneer de bouwkosten meer dan € 90.000,00 bedragen € 4.050,00,
                    vermeerderd met 2,90% van de op € 1.000,00 of een veelvoud daarvan naar boven
                    afgeronde bouwkosten, voor zover deze het bedrag van € 90.000,00 te boven gaan,
                    doch niet meer dan € 180.000,00 bedragen;</al><al>2.3.1.1.3 wanneer de bouwkosten meer dan € 180.000,00 bedragen: € 6.660,00,
                    vermeerderd met 2,60% van de op € 1.000,00 of een veelvoud daarvan naar boven
                    afgeronde bouwkosten, voor zover deze het bedrag van € 180.000,00 te boven gaan,
                    doch niet meer dan € 270.000,00 bedragen;</al><al>2.3.1.1.4 wanneer de bouwkosten meer dan € 270.000,00 bedragen: € 9.000,00,
                    vermeerderd met 2,20% van de op € 1.000,00 of een veelvoud daarvan naar boven
                    afgeronde bouwkosten, voor zover deze het bedrag van € 270.000,00 te boven gaan
                    met een maximum van € 15.000.000,00.</al><al>2.3.1.2 Onverminderd het bepaalde in onderdeel 2.3.1.1 bedraagt het tarief voor
                    toetsing aan welstandscriteria, indien:</al><al>2.3.1.2.1 het een aanvraag om een omgevingsvergunning betreft en hiervoor het
                    advies van de Adviescommissie voor Ruimtelijke Kwaliteit Heiloo moet worden
                    ingewonnen, wordt de verschuldigde leges berekend overeenkomstig de
                    uitgangspunten zoals die door de Stichting Welstandszorg Noord-Holland voor de
                    berekening van de tarieven voor welstandsadviezen zijn vastgesteld, of zoals
                    deze laatstelijk zijn vervangen of gewijzigd. (zie Bijlage I).</al><al><cursief>2.3.2 Aanlegactiviteiten</cursief></al><al>2.3.2.1 Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een
                    aanlegactiviteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder b, van de Wabo,
                    bedraagt het tarief € 261,50</al><al><cursief>2.3.3 Planologisch strijdig gebruik waarbij tevens sprake is van een
                        bouwactiviteit</cursief></al><al>2.3.3.1 Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een
                    activiteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder c, van de Wabo en
                    tevens sprake is van een bouwactiviteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid,
                    onder a, van de Wabo, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in
                    onderdeel 2.3.1:</al><al>2.3.3.1.1 indien artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 1º van de Wabo wordt
                    toegepast (binnenplanse afwijking) € 139,00</al><al>2.3.3.1.2 indien artikel 2.12, eerste lid onder a, onder 2º van de Wabo wordt
                    toegepast (buitenplanse kleine afwijking, in de bij algemene maatregel van
                    bestuur aangewezen gevallen met een tijdelijke afwijking) € 139,00</al><al>2.3.3.1.3 indien artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 3º van de Wabo wordt
                    toegepast (buitenplanse afwijking) € 4.605,50</al><al>2.3.3.1.3.1 als voor een goede ruimtelijke onderbouwing als bedoeld onder punt
                    2.3.3.1.3 vereist is dat een externe adviseur wordt ingeschakeld, wordt het
                    tarief verhoogd met de werkelijke kosten met dien verstande dat deze kosten het
                    bedrag van € 8.377,00 niet overschrijden, indien de bouwkosten minder dan €
                    500.000,00 bedraagt en de kosten het bedrag van € 16.755,00 niet overschrijden
                    indien de bouwkosten meer dan € 500.000,00 bedraagt.</al><al>2.3.3.1.4 vervallen</al><al>2.3.3.1.5 indien artikel 2.12, eerste lid, onder b, van de Wabo wordt toegepast
                    (afwijking van exploitatieplan) € 139,00</al><al>2.3.3.1.6 indien de aanvraag een project van provinciaal belang betreft, de
                    activiteit in strijd is met de regels die zijn gesteld krachtens artikel 4.1,
                    derde lid, van de Wet ruimtelijke ordening en artikel 2.12, eerste lid, onder c,
                    van de Wabo wordt toegepast (afwijking van provinciale regelgeving) €
                    2.135,50</al><al>2.3.3.1.6.1 als voor een goede ruimtelijke onderbouwing als bedoeld onder punt
                    2.3.3.1.6 vereist is dat een externe adviseur wordt ingeschakeld, wordt het
                    tarief verhoogd met de werkelijke kosten met dien verstande dat deze kosten het
                    bedrag van € 8.377,00 niet overschrijden, indien de bouwkosten minder dan €
                    500.000,00 bedraagt en de kosten het bedrag van € 16.755,00 niet overschrijden
                    indien de bouwkosten meer dan € 500.000,00 bedraagt.</al><al>2.3.3.1.7 indien de aanvraag een project van nationaal belang betreft, de
                    activiteit in strijd is met de regels die zijn gesteld krachtens artikel 4.3,
                    derde lid, van de wet ruimtelijke ordening en artikel 2.12, eerste lid, onder c,
                    van de Wabo wordt toegepast (afwijking van nationale regelgeving) €
                    2.135,50</al><al>2.3.3.1.7.1 als voor een goede ruimtelijke onderbouwing als bedoeld onder punt
                    2.3.3.1.7 vereist is dat een externe adviseur wordt ingeschakeld, wordt het
                    tarief verhoogd met de werkelijke kosten met dien verstande dat deze kosten het
                    bedrag van € 8.377,00 niet overschrijden, indien de bouwkosten minder dan €
                    500.000,00 bedraagt en de kosten het bedrag van € 16.755,00 niet overschrijden
                    indien de bouwkosten meer dan € 500.000,00 bedraagt.</al><al>2.3.3.1.8 indien artikel 2.12, eerste lid, onder d, van de Wabo wordt toegepast
                    (afwijking voorbereidingsbesluit) € 2.135,50</al><al>2.3.3.1.8.1 als voor een goede ruimtelijke onderbouwing als bedoeld onder punt
                    2.3.3.1.8 vereist is dat een externe adviseur wordt ingeschakeld, wordt het
                    tarief verhoogd met de werkelijke kosten met dien verstande dat deze kosten het
                    bedrag van € 8.377,00 niet overschrijden, indien de bouwkosten minder dan €
                    500.000,00 bedraagt en de kosten het bedrag van € 16.755,00 niet overschrijden
                    indien de bouwkosten meer dan € 500.000,00 bedraagt.</al><al><cursief>2.3.4 Planologisch strijdig gebruik waarbij geen sprake is van een
                        bouwactiviteit</cursief></al><al>2.3.4.1 Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een
                    activiteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder c, van de Wabo en niet
                    tevens sprake is van een bouwactiviteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid,
                    onder a, van de Wabo, bedraagt het tarief,</al><al>2.3.4.1.1 indien artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 1º van de Wabo wordt
                    toegepast (binnenplanse afwijking) € 400,50</al><al>2.3.4.1.2 indien artikel 2.12, eerste lid onder a, onder 2º van de Wabo wordt
                    toegepast (buitenplanse kleine afwijking, in de bij algemene maatregel van
                    bestuur aangewezen gevallen met een tijdelijke afwijzing) € 400,50</al><al>2.3.4.1.3 indien artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 3º van de Wabo wordt
                    toegepast (buitenplanse afwijking) € 4.605,50</al><al>2.3.4.1.3.1 als voor een goede ruimtelijke onderbouwing als bedoeld onder punt
                    2.3.4.1.3 vereist is dat een externe adviseur wordt ingeschakeld, wordt het
                    tarief verhoogd met de werkelijke kosten met dien verstande dat deze kosten het
                    bedrag van € 8.377,00 niet overschrijden, indien de bouwkosten minder dan €
                    500.000,00 bedraagt en de kosten het bedrag van € 16.755,00 niet overschrijden
                    indien de bouwkosten meer dan € 500.000,00 bedraagt.</al><al>2.3.4.1.4 vervallen</al><al>2.3.4.1.5 indien artikel 2.12, eerste lid, onder b, van de Wabo wordt toegepast
                    (afwijking van exploitatieplan) € 400,50</al><al>2.3.4.1.6 indien de aanvraag een project van provinciaal belang betreft, de
                    activiteit in strijd is met de regels die zijn gesteld krachtens artikel 4.1,
                    derde lid, van de Wet ruimtelijke ordening en artikel 2.12, eerste lid, onder c,
                    van de Wabo wordt toegepast (afwijking van provinciale regelgeving) €
                    2.135,50</al><al>2.3.4.1.6.1 als voor een goede ruimtelijke onderbouwing als bedoeld onder punt
                    2.3.4.1.6 vereist is dat een externe adviseur wordt ingeschakeld, wordt het
                    tarief verhoogd met de werkelijke kosten met dien verstande dat deze kosten het
                    bedrag van € 8.377,00 niet overschrijden, indien de bouwkosten minder dan €
                    500.000,00 bedraagt en de kosten het bedrag van € 16.755,00 niet overschrijden
                    indien de bouwkosten meer dan € 500.000,00 bedraagt.</al><al>2.3.4.1.7 indien de aanvraag een project van nationaal belang betreft, de
                    activiteit in strijd is met de regels die zijn gesteld krachtens artikel 4.3,
                    derde lid, van de wet ruimtelijke ordening en artikel 2.12, eerste lid, onder c,
                    van de Wabo wordt toegepast (afwijking van nationale regelgeving) €
                    2.135,50</al><al>2.3.4.1.7.1 als voor een goede ruimtelijke onderbouwing als bedoeld onder punt
                    2.3.4.1.7 vereist is dat een externe adviseur wordt ingeschakeld, wordt het
                    tarief verhoogd met de werkelijke kosten met dien verstande dat deze kosten het
                    bedrag van € 8.377,00 niet overschrijden, indien de bouwkosten minder dan €
                    500.000,00 bedraagt en de kosten het bedrag van € 16.755,00 niet overschrijden
                    indien de bouwkosten meer dan € 500.000,00 bedraagt.</al><al>2.3.4.1.8 indien artikel 2.12, eerste lid, onder d, van de Wabo wordt toegepast
                    (afwijking voorbereidingsbesluit) € 2.135,50</al><al>2.3.4.1.8.1 als voor een goede ruimtelijke onderbouwing als bedoeld onder punt
                    2.3.4.1.8 vereist is dat een externe adviseur wordt ingeschakeld, wordt het
                    tarief verhoogd met de werkelijke kosten met dien verstande dat deze kosten het
                    bedrag van € 8.377,00 niet overschrijden, indien de bouwkosten minder dan €
                    500.000,00 bedraagt en de kosten het bedrag van € 16.755,00 niet overschrijden
                    indien de bouwkosten meer dan € 500.000,00 bedraagt</al><al>2.3.4.1.9 Onverminderd het bepaalde in onderdeel 2.3.4.1 bedraagt het tarief
                    voor toetsing aan welstandscriteria, indien:</al><al>2.3.4.1.9.1 het een aanvraag om een omgevingsvergunning betreft en hiervoor het
                    advies van de Adviescommissie voor Ruimtelijke Kwaliteit Heiloo moet worden
                    ingewonnen, wordt de verschuldigde leges berekend overeenkomstig de
                    uitgangspunten zoals die door de Stichting Welstandszorg Noord-Holland voor de
                    berekening van de tarieven voor welstandsadviezen zijn vastgesteld, of zoals
                    deze laatstelijk zijn vervangen of gewijzigd. (Zie bijlage I)</al><al><cursief>2.3.5 In gebruik nemen of gebruiken bouwwerken in relatie tot
                        brandveiligheid</cursief></al><al>2.3.5.1 Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een
                    activiteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder d, van de Wabo bedraagt
                    het tarief € 617,50</al><al>2.3.5.1.1 dit tarief wordt verhoogd met een bedrag van € 56,00 per 500 m² of een
                    gedeelte daarvan;</al><al>2.3.5.1.2 dit tarief wordt verhoogd met een bedrag van € 56,00 per 500 m² of een
                    gedeelte daarvan bij aanwezigheid van een brandbeveiligingsinstallatie;</al><al>2.3.5.1.3 dit tarief wordt verhoogd met een bedrag van € 28,00 per 500 m² of een
                    gedeelte daarvan bij gelijktijdige aanwezigheid van meer dan 100 personen;</al><al>2.3.5.1.4 Het tarief voor het reviseren van een omgevingsvergunning als bedoeld
                    bij onderdeel 2.3.5 bedraagt per vergunning € 386,50</al><al><cursief>2.3.6 Activiteiten met betrekking tot monumenten</cursief></al><al>2.3.6.1 Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een
                    activiteit met betrekking tot een beschermd monument als bedoeld in artikel 2.1,
                    eerste lid, onder f, van de Wabo of op een activiteit als bedoeld in artikel
                    2.2, eerste lid, onder b, van de Wabo met betrekking tot een krachtens
                    provinciale verordening of de gemeentelijke monumentenverordening aangewezen
                    monument, waarvoor op grond van die provinciale verordening of van die
                    gemeentelijke verordening een vergunning of ontheffing is vereist, bedraagt het
                    tarief:</al><al>2.3.6.1.1 voor het verplaatsen of in enig opzicht wijzigen van een monument
                    worden geen leges in rekening gebracht.</al><al>2.3.6.1.2 Onverminderd het bepaalde in onderdeel 2.3.6.1 bedraagt het tarief
                    voor toetsing aan criteria, indien:</al><al>2.3.6.1.2.1 het een aanvraag om een omgevingsvergunning betreft en hiervoor het
                    advies van de Adviescommissie voor Ruimtelijke Kwaliteit Heiloo moet worden
                    ingewonnen, wordt de verschuldigde leges berekend overeenkomstig de
                    uitgangspunten zoals die door de Stichting Welstandszorg Noord-Holland voor de
                    berekening van de tarieven voor adviezen zijn vastgesteld, of zoals deze
                    laatstelijk zijn vervangen of gewijzigd. (Zie bijlage I)</al><al><cursief>2.3.7 Sloopactiviteiten anders dan bij monumenten</cursief></al><al>2.3.7.1 Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op het
                    slopen van een bouwwerk bedraagt het tarief:</al><al>2.3.7.1.1 in gevallen waarin dat in een bestemmingsplan, beheersverordening of
                    voorbereidingsbesluit is bepaald, bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder g,
                    van de Wabo, of waarvoor op grond van een provinciale verordening een vergunning
                    of ontheffing is vereist, bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, aanhef en onder a,
                    van de Wabo € 261,50</al><al><cursief>2.3.8 Aanleggen of veranderen weg</cursief></al><al>2.3.8.1 Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op het
                    aanleggen van een weg of verandering brengen in de wijze van aanleg van een weg
                    waarvoor op grond van een bepaling in een provinciale verordening of artikel
                    2.1.5.2 van de Algemene plaatselijke verordening een vergunning of ontheffing is
                    vereist, als bedoeld in artikel 2.2, aanhef en eerste lid, onder d, van de Wabo,
                    bedraagt het tarief € 261,50</al><al><cursief>2.3.9 Uitweg/inrit</cursief></al><al>2.3.9.1 Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op het
                    maken, hebben van een uitweg waarvoor op grond van artikel 2.15.3 van de
                    Algemene plaatselijke verordening een vergunning of ontheffing is vereist, als
                    bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, aanhef en onder e, van de Wabo, bedraagt het
                    tarief € 261,50</al><al>2.3.9.2 Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op het
                    veranderen of veranderen van het gebruik van een bestaande uitweg, of een uitweg
                    zonder daadwerkelijke civieltechnische werkzaamheden waarvoor op grond van
                    artikel 2.15.3 van de Algemene plaatselijke verordening een vergunning of
                    ontheffing is vereist, als bedoeld in artikel 2.2, eerste lid aanhef en onder e,
                    van de Wabo, bedraagt het tarief € 154,00</al><al><cursief>2.3.10 Kappen</cursief></al><al>2.3.10.1 Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op het
                    vellen of doen vellen van houtopstand, waarvoor op grond van artikel 4.3.2 van
                    de Algemene plaatselijke verordening een vergunning of ontheffing is vereist,
                    als bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, aanhef en onder g, van de Wabo, bedraagt
                    het tarief € 261,50</al><al>2.3.11 Reclame</al><al>2.3.11.1 Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op of
                    aan een onroerende zaak handelsreclame te maken of te voeren met behulp van een
                    opschrift, aankondiging of afbeelding in welke vorm dan ook, die zichtbaar is
                    vanaf een voor publiek toegankelijke plaats, waarvoor op grond van artikel 4.15
                    van de Algemene Plaatselijke Verordening een vergunning is vereist, als bedoeld
                    in artikel 2.2, eerste lid, aanhef en onder h, van de Wabo, bedraagt het tarief
                    € 261,50</al><al><cursief>2.3.12 Opslag van roerende zaken</cursief></al><al>2.3.12.1 Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op de
                    opslag van roerende zaken in een bepaald gedeelte van de provincie of de
                    gemeente, waarvoor op grond van een bepaling in een provinciale verordening of
                    artikel 2.10 van de Algemene plaatselijke verordening een vergunning of
                    ontheffing is vereist, bedraagt het tarief:</al><al>2.3.12.1.1 indien de activiteit bestaat uit het daar opslaan van roerende zaken,
                    als bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, onder j, van de Wabo € 261,50</al><al>2.3.12.1.2 indien de activiteit bestaat uit het als eigenaar, beperkt
                    gerechtigde of gebruiker van een onroerende zaak toestaan of gedogen dat daar
                    roerende zaken worden opgeslagen, als bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, onder
                    k, van de Wabo € 261,50</al><al><cursief>2.3.13 Projecten of handelingen in het kader van de
                        Natuurbeschermingswet 1998</cursief></al><al>2.3.13.1 Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op
                    handelingen in een beschermd natuurgebied die schadelijk kunnen zijn voor het
                    natuurschoon, de natuurwetenschappelijke betekenis of voor de dieren of planten,
                    als bedoeld in artikel 16, eerste lid, van de Natuurbeschermingswet 1988 worden
                    de kosten voor deze handeling geacht te zijn ondergebracht bij de onderdelen
                    2.3.3 en 2.3.4;</al><al>2.3.13.2 Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op het
                    realiseren van projecten of andere handelingen met gevolgen voor habitatten en
                    soorten in een door de minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit
                    aangewezen gebied als bedoeld in artikel 19d, eerste lid, van de
                    Natuurbeschermingswet 1988 worden de kosten voor deze handeling geacht te zijn
                    ondergebracht bij de onderdelen 2.3.3 en 2.34</al><al><cursief>2.3.14 Handelingen in het kader van de Flora- en
                    Faunawet</cursief></al><al>2.3.14.1 Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een
                    handeling waarvoor op grond van artikel 75, derde lid, van de Flora- en Faunawet
                    ontheffing nodig is worden de kosten voor deze handeling geacht te zijn
                    ondergebracht bij de onderdelen 2.3.3 en 2.3.4</al><al><cursief>2.3.15 Andere activiteiten</cursief></al><al>2.3.15.1 Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op het
                    verrichten van een andere activiteit of handeling dan in de voorgaande
                    onderdelen van dit hoofdstuk bedoeld en die activiteit of handeling:</al><al>2.3.15.1.1 behoort tot een bij algemene maatregel van bestuur aangewezen
                    categorie activiteiten die van invloed kunnen zijn op de fysieke leefomgeving,
                    als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder i, van de Wabo, bedraagt het
                    tarief: € 261,50</al><al>2.3.15.1.2 behoort tot een bij provinciale verordening, gemeentelijke
                    verordening of waterschapsverordening aangewezen categorie activiteiten die van
                    invloed kunnen zijn op de fysieke leefomgeving, als bedoeld in artikel 2.2,
                    tweede lid, van de Wabo, bedraagt het tarief:</al><al>2.3.15.1.2.1 als het een gemeentelijke verordening betreft: het bedrag dat op
                    grond van deze tarieventabel voor de betreffende vergunning of ontheffing
                    verschuldigd is als de activiteit zou worden uitgevoerd zonder
                    omgevingsvergunning. Als de activiteit in geen enkel geval kan worden uitgevoerd
                    zonder omgevingsvergunning bedraagt het tarief: € 261,50</al><al>2.3.15.1.2.2 als het een provinciale of waterschapsverordening betreft: het
                    bedrag van de voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag om een
                    omgevingsvergunning aan de aanvrager meegedeelde kosten, blijkend uit een
                    begroting die door het college van burgemeester en wethouders is opgesteld.
                    Indien een begroting als bedoeld in de eerste volzin is uitgebracht, wordt een
                    aanvraag in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop de
                    begroting aan de aanvrager ter kennis is gebracht, tenzij de aanvraag voor deze
                    vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken.</al><al><cursief>2.3.16 Omgevingsvergunning in twee fasen</cursief></al><al>2.3.16.1 Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning op verzoek in twee fasen
                    plaatsvindt, als bedoeld in artikel 2.5, eerste lid , van de Wabo, bedraagt het
                    tarief:</al><al>2.3.16.1.1 voor het in behandeling nemen van de aanvraag voor een beschikking
                    met betrekking tot de eerste fase: het bedrag dat voortvloeit uit toepassing van
                    de tarieven in dit hoofdstuk voor de activiteiten waarop de aanvraag voor de
                    eerste fase betrekking heeft;</al><al>2.3.16.1.2 voor het in behandeling nemen van de aanvraag voor een beschikking
                    met betrekking tot de tweede fase: het bedrag dat voortvloeit uit toepassing van
                    de tarieven in dit hoofdstuk voor de activiteiten waarop de aanvraag voor de
                    tweede fase betrekking heeft</al><al><cursief>2.3.17 Beoordeling rapporten</cursief></al><al>2.3.17.1 Onverminderd het bepaalde in de voorgaande onderdelen van dit hoofdstuk
                    bedraagt het tarief, indien krachtens wettelijk voorschrift voor de in dat
                    onderdeel bedoelde aanvraag een rapport wordt beoordeeld:</al><al>2.3.17.1.1 voor de beoordeling van een milieukundig bodemrapport € 167,00</al><al>2.3.17.1.2 voor de beoordeling van een archeologisch onderzoek € 167,00</al><al>2.3.17.1.2.1 Als voor de begeleiding van het archeologisch onderzoek als bedoeld
                    in artikel 2.3.17.1.2 vereist is dat een externe adviseur wordt ingeschakeld,
                    wordt het tarief verhoogd met de werkelijke kosten van die adviseur, met dien
                    verstande dat deze kosten het bedrag van € 2.400,00 niet overschrijden</al><al>2.3.17.1.3 voor de beoordeling van een geluidrapport € 167,00</al><al><cursief>2.3.18 Advies</cursief></al><al>2.3.18.1 Onverminderd het bepaalde in de voorgaande onderdelen van dit hoofdstuk
                    bedraagt het tarief, indien een daartoe bij algemene maatregel van bestuur,
                    provinciale of gemeentelijke verordening aangewezen bestuursorgaan of andere
                    instantie advies moet uitbrengen over de aanvraag of het ontwerp van de
                    beschikking op de aanvraag om een omgevingsvergunning, als bedoeld in artikel
                    2.26, derde lid, van de Wabo: het bedrag van de voorafgaand aan het in
                    behandeling nemen van de aanvraag om een omgevingsvergunning aan de aanvrager
                    meegedeelde kosten, blijkend uit een begroting die door het college van
                    burgemeester en wethouders is opgesteld.</al><al>2.3.18.1.2 Indien een begroting als bedoeld in 2.3.18 is uitgebracht, wordt een
                    aanvraag in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop de
                    begroting aan de aanvrager ter kennis is gebracht, tenzij de aanvraag voor deze
                    vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken.</al><al>2.3.19 Verklaring van geen bedenkingen</al><al>2.3.19.1 Onverminderd het bepaalde in de voorgaande onderdelen van dit hoofdstuk
                    bedraagt het tarief, indien een daartoe bij wet of algemene maatregel van
                    bestuur aangewezen bestuursorgaan een verklaring van geen bedenkingen moet
                    afgeven voordat de omgevingsvergunning kan worden verleend, als bedoeld in
                    artikel 2.27, eerste lid, van de Wabo:</al><al>2.3.19.1.1 indien de gemeenteraad een verklaring van geen bedenkingen moet
                    afgeven € 400,50</al><al>2.3.19.1.2 indien een ander bestuursorgaan een verklaring van geen bedenkingen
                    moet afgeven: het bedrag van de voorafgaand aan het in behandeling nemen van de
                    aanvraag om een omgevingsvergunning aan de aanvrager meegedeelde kosten,
                    blijkend uit een begroting die door het college van burgemeester en wethouders
                    is opgesteld.</al><al>2.3.19.1.2.1 Indien een begroting als bedoeld in 3.19.2 is uitgebracht, wordt
                    een aanvraag in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop de
                    begroting aan de aanvrager ter kennis is gebracht, tenzij de aanvraag voor deze
                    vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken.</al><al><cursief>2.3.20 Gedoogbeschikking</cursief></al><al>2.3.20.1 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om
                    een gedoogbeschikking voor het tijdelijk zonder</al><al>2.3.20.1.1 Omgevingsvergunning voor het bouwen van een bouwwerk c.q. in
                    afwijking van een verleende omgevingsvergunning voor het bouwen van een bouwwerk
                    bouwen, verbouwen of wijzigen van een bouwwerk, als bedoeld in dit hoofdstuk €
                    370,50</al><al>2.3.20.1.2 Gebruiksafwijking gebruiken van gronden (planologisch strijdig
                    gebruik) € 370,50</al><al><vet>Hoofdstuk 4 Vermindering</vet></al><al>2.4.1 Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning is voorafgegaan door een
                    aanvraag om vooroverleg als bedoeld in 2.2.2, waarop de eerstgenoemde aanvraag
                    betrekking heeft, worden de ter zake van het vooroverleg geheven leges in
                    mindering gebracht op de leges voor het in behandeling nemen van de aanvraag om
                    de omgevingsvergunning als bedoeld in hoofdstuk 3. </al><al>2.4.2 Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning is voorafgegaan door een
                    aanvraag om vooroverleg als bedoeld in 2.2.2.1, waarop de eerstgenoemde aanvraag
                    betrekking heeft, wordt € 1.570,50 van de ter zake van het van het vooroverleg
                    geheven leges, in mindering gebracht op de leges voor het in behandeling nemen
                    van de aanvraag om de omgevingsvergunning als bedoeld in hoofdstuk 3.</al><al><vet>Hoofdstuk 5 Teruggaaf</vet></al><al>2.5.1 Teruggaaf als gevolg van intrekking aanvraag omgevingsvergunning voor
                    bouwactiviteiten</al><al>2.5.1.1 Als een aanvrager zijn aanvraag om een omgevingsvergunning voor een
                    project dat geheel of gedeeltelijk bestaat uit bouwactiviteiten, als bedoeld in
                    de onderdelen 2.3.1.1, intrekt terwijl deze reeds in behandeling is genomen door
                    de gemeente, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges. De
                    teruggaaf bedraagt:</al><al>2.5.1.1.1 indien de aanvraag wordt ingetrokken binnen een termijn van 2 weken na
                    het in behandeling nemen ervan, 75% van de op grond van onderdeel 2.3.1.1
                    verschuldigde leges;</al><al>2.5.1.1.2 indien de aanvraag wordt ingetrokken na 2 weken en binnen 4 weken na
                    het in behandeling nemen ervan, 50% </al><al>van de op grond van onderdeel 2.3.1.1 verschuldigde leges;</al><al>2.5.1.1.3 indien de aanvraag wordt ingetrokken na 4 weken en binnen 6 weken na
                    het in behandeling nemen ervan, 25% van de op grond van onderdeel 2.3.1.1
                    verschuldigde leges.</al><al>2.5.1.1.4 De leges, als bedoeld in onderdeel 2.3.1.1, bedragen nooit minder dan
                    € 261,50</al><al>2.5.2 Als de gemeente een verleende omgevingsvergunning voor een project dat
                    geheel of gedeeltelijk bestaat uit bouwactiviteiten, als bedoeld in het
                    onderdeel 2.3.1 intrekt op aanvraag van de vergunninghouder, bestaat aanspraak
                    op teruggaaf van een deel van de leges, als bedoeld in het onderdeel 2.3.1.1,
                    mits deze aanvraag tot intrekken is ingediend binnen 1 jaar na het
                    onherroepelijk worden van de vergunning en van de vergunning geen gebruik is
                    gemaakt. </al><al>De teruggaaf bedraagt 25% van de op grond van dit onderdeel voor de betreffende
                    activiteit verschuldigde leges;</al><al>2.5.2.1 Een bedrag minder dan € 500,00 wordt niet teruggegeven</al><al>2.5.3 Als de gemeente een verleende omgevingsvergunning voor een project, als
                    bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder d, van de Wabo, intrekt op aanvraag
                    van de vergunninghouder, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de
                    leges mits deze aanvraag tot intrekken is ingediend binnen 1 jaar na het
                    onherroepelijk worden van de vergunning en van de vergunning geen gebruik is
                    gemaakt. De teruggaaf bedraagt 25% van het bij onderdeel 2.3.5 berekende
                    bedrag</al><al>2.5.4 Als de gemeente een omgevingsvergunning voor een project dat geheel of
                    gedeeltelijk bestaat uit bouwactiviteiten als bedoeld in het onderdeel 2.3.1
                    weigert, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges, als bedoeld
                    in het onderdeel 2.3.1.1 De teruggaaf bedraagt 25% van de op grond van dit
                    onderdeel voor de betreffende activiteit verschuldigde leges</al><al>2.5.4.1 Onder een weigering bedoeld in onderdeel 2.5.4 wordt mede verstaan een
                    vernietiging van de beschikking waarbij de vergunning is verleend bij
                    rechterlijke uitspraak;</al><al>2.5.4.2 De leges, als bedoeld in onderdeel 2.3.1.1 bedragen nooit minder dan €
                    261,50</al><al>2.5.5 Teruggaaf van de leges als bedoeld in onderdeel 2.3.3.1.1 en 2.3.3.1.2 of
                    2.3.4.1.1 en 2.3.4.1.2 vindt plaats als een binnenplanse afwijking of een
                    buitenplanse kleine afwijking van een bepaald bestemmingsplan is toegepast met
                    het oog op het verkrijgen van rechtsgelijkheid/uniformiteit in vergelijking tot
                    andere bestemmingsplannen in de gemeente, waarin ruimere bebouwingsmogelijkheden
                    zijn opgenomen.</al><al>2.5.6 Teruggaaf van een deel van de leges als bedoeld in onderdeel 2.3.1.1 vindt
                    plaats als door één rechtspersoon meerdere omgevingsvergunningen zijn
                    aangevraagd voor elke woning, of cluster van woningen in Zuiderloo en Nieuw
                    Varne, en waarbij sprake is van herhaling van woonconcepten;</al><al>2.5.6.1 Aan het einde van het kalenderjaar wordt de totale bouwsom van de door
                    of namens één rechtspersoon ingediende aanvragen voor een omgevingsvergunning
                    waarop door de gemeente beslist is in dat kalenderjaar getotaliseerd en berekend
                    wat de hoogte van de leges over deze totale bouwsom bedraagt</al><al>2.5.6.2 De gemeente keert het verschil uit aan in rekening gebrachte leges voor
                    alle individuele aanvragen en de leges over de totale bouwsom.</al><al>2.5.7 Van de leges verschuldigd op grond van de andere onderdelen in de
                    hoofdstukken van deze titel wordt geen teruggaaf verleend</al><al><vet>Hoofdstuk 6 Intrekken omgevingsvergunning</vet></al><al>2.6.1 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot
                    gehele of gedeeltelijke intrekking van een omgevingsvergunning als bedoeld in
                    artikel 2.33, tweede lid, onder b, van de Wabo, tenzij onderdeel 2.5.2 of 2.5.3
                    van toepassing is € 261,50</al><al><vet>Hoofdstuk 7 Wijziging omgevingsvergunning als gevolg van wijziging
                        project</vet></al><al>2.7.1 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot
                    wijziging van een omgevingsvergunning als gevolg van een, naar de omstandigheden
                    beoordeeld, geringe wijziging in het project € 261,50</al><al><vet>Hoofdstuk 8 Bestemmingswijzigingen zonder activiteiten</vet></al><al>2.8.1 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het
                    vaststellen van een bestemmingsplan als bedoeld in artikel 3.1, eerste lid, van
                    de Wet ruimtelijke ordening € 4.605,50</al><al>2.8.1.1 Als het opstellen van een (postzegel)bestemmingsplan betreft: ‘het
                    bedrag dat aan de aanvrager is meegedeeld blijkend uit een offerte (of
                    begroting) die door het college van burgemeester en wethouders is opgesteld.
                    Indien een offerte (of begroting) als bedoeld in de eerste volzin is
                    uitgebracht, wordt het verzoek voor het opstellen van een bestemmingsplan in
                    behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop de offerte (of
                    begroting) aan de aanvrager ter kennis is gebracht en door aanvrager voor deze
                    vijfde werkdag schriftelijk is meegedeeld dat aanvrager akkoord gaat met het
                    geoffreerde bedrag (de begroting)’.</al><al>2.8.2 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het
                    wijzigen van een bestemmingsplan als bedoeld in artikel 3.6, eerste lid, onder
                    a, van de Wet ruimtelijke ordening € 4.605,50</al><al>2.8.2.1 voor de beoordeling van een verzoek als bedoeld onder punt 2.8.2 vereist
                    is dat een externe adviseur wordt ingeschakeld, verhoogd met de werkelijke
                    kosten met dien verstande dat deze kosten het bedrag van € 8.377,00 niet
                    overschrijden, indien de aanneemsom minder dan € 500.000,00 bedraagt en de
                    kosten het bedrag van € 16.755,00 niet overschrijden indien de aanneemsom meer
                    dan € 500.000,00 bedraagt</al><al><vet>Hoofdstuk 9 In deze titel niet benoemde beschikking</vet></al><al>2.9.1 Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning krachtens wettelijk
                    voorschrift slechts kan worden afgehandeld, wanneer een ontheffingsprocedure in
                    het kader van de Wet Geluidhinder is vereist bedraagt het tarief € 584,50</al><al>2.9.2 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een
                    andere, in deze titel niet benoemde beschikking € 261,50</al><al><vet>Titel 3 Dienstverlening vallend onder Europese dienstenrichtlijn</vet></al><al><vet>Hoofdstuk 1 Horeca</vet></al><al>3.1.1 Hoofdstuk 2, afdeling 8</al><al>3.1.1.1 voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor een
                    exploitatievergunning horecabedrijf € 294,50</al><al>3.1.1.2 voor een aanvraag van afwijking sluitingstijden horecabedrijven €
                    11,25</al><al><vet>Hoofdstuk 2 Organiseren van evenementen of markten</vet></al><al>3.2.1 Hoofdstuk 2, afdeling 7</al><al>3.2.1.1 het verlenen van een vergunning voor een kleinschalig evenement, waarbij
                    geen wegen worden afgezet en waarbij minder dan 100 bezoekers/toeschouwers
                    aanwezig zijn € 21,75</al><al>3.2.1.2 het verlenen van een vergunning voor een evenement met minder dan 100
                    bezoekers/toeschouwers waarbij wegen worden afgezet en voor een middelgroot
                    evenement, waarbij tussen de 100 en 500 bezoekers/toeschouwers aanwezig zijn €
                    55,00</al><al>3.2.1.3 het verlenen van een vergunning voor een grootschalig evenement, waarbij
                    meer dan 500 bezoekers/toeschouwers aanwezig zijn € 77,00</al><al> Voor alle evenementen geldt een toeslag zoals genoemd in titel 3 hoofdstuk 5
                    “Brandbeveiligingsverordening” onder 3.5.1, als een advies van de brandweer
                    noodzakelijk is 3.2.2 Hoofdstuk 5, afdeling 5 </al><al>3.2.2.1 Voor het verlenen van een snuffelmarktvergunning € 21,75</al><al>3.2.3 Hoofdstuk 5, afdeling 4</al><al>3.2.3.1 Voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor een
                    standplaatsvergunning € 39,75</al><al><vet>Hoofdstuk 3 Prostitutiebedrijven</vet></al><al>3.3.1 Hoofdstuk 3, paragraaf 2</al><al>3.3.1.1 Voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor een
                    exploitatievergunning van een seksinrichting of escortbedrijf € 440,00</al><al>3.3.1.2 Het overschrijven van de vergunning tot het exploiteren van een
                    seksinrichting of escortbedrijf op een andere naam, indien de inrichting door de
                    nieuwe vergunninghouder op dezelfde wijze wordt voortgezet € 220,00</al><al><vet>Hoofdstuk 4 Kinderopvang/peuterspeelzalen</vet></al><al>3.4.1 Voor het afgeven van een beschikking tot exploitatie van een vestiging van
                    een kindercentrum of gastouderbureau € 426,00</al><al>3.4.2 Voor het afgeven van een beschikking tot exploitatie van gastouderopvang
                    bij de gastouder thuis € 68,00</al><al>3.4.3 Voor het afgeven van een beschikking tot exploitatie van een vestiging van
                    een peuterspeelzaal € 426,00</al><al><vet>Hoofdstuk 5 Brandbeveiligingsverordening</vet></al><al>3.5.1 Het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag van een
                    vergunning voor een inrichting als bedoeld in artikel 2.1 lid 1, van de
                    brandbeveiligingsverordening waarin</al><al>3.5.1.1 meer dan 50 personen tegelijk aanwezig zullen zijn € 327,50</al><al>3.5.1.2 aan meer dan 10 personen bedrijfsmatig of in het kader van verzorging
                    nachtverblijf zal worden verschaft € 327,50</al><al>3.5.1.3 aan meer dan 10 personen jonger dan 12 jaar, of aan meer dan 10
                    lichamelijk of geestelijk gehandicapte personen dagverblijf zal worden verschaft
                    € 327,50</al><al>3.5.2 Het tarief voor het overschrijven van een vergunning als bedoeld onder
                    3.4.1 per overschrijving € 53,75</al><al>3.5.3 Indien de aanvrager van een vergunning, als bedoeld in artikel 2.1 lid 1,
                    van de brandbeveiligingsverordening, waarover definitief is beschikt, de
                    aanvraag schriftelijk intrekt, wordt het onder 3.5.1 genoemde bedrag met 50%
                    verminderd</al><al>3.5.4 Indien de aanvrager van een vergunning als bedoeld in artikel 2.1 lid 1,
                    van de brandbeveiligingsverordening de benodigde bescheiden in één keer volledig
                    indient en de bescheiden in één keer ontvankelijk verklaard zijn, wordt het
                    legesbedrag met 50% verminderd</al><al>Hoofdstuk 6 In deze titel niet genoemde vergunning, ontheffing of andere
                    beschikking</al><al>3.6 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een
                    andere, in deze titel niet benoemde vergunning, ontheffing of andere beschikking
                    € 166,00</al><al>Indien in deze bijlage genoemde stukken worden toegezonden, worden de tarieven
                    verhoogd met de werkelijke portokosten, voor zover daarvoor geen afzonderlijk
                    tarief is opgenomen.</al><al><cursief>Behorende bij raadsbesluit van 7 december 2015.</cursief></al><al><vet>Bijlage I: Tarieven 2016 WZNH, adviescommissies voor ruimtelijke
                        kwaliteit</vet></al><al/><lijst><li nr="A."><al>A Advisering adviescommissie</al><lijst><li nr="1."><al>1. Reguliere adviezen ( op basis van bouwsom of bestede
                                    tijd):</al><lijst><li nr="a."><al>Planbehandeling </al><lijst><li nr="-"><al>advies bij bouwsom tot € 20.000,00 altijd vast
                                                  laag tarief € 40,00</al></li><li nr="-"><al>advies bij bouwsom boven € 20.000,00 percentage
                                                  bouwsom 0,25%</al></li><li nr="-"><al>advies zonder bouwsom o.b.v. tijd, omrekening
                                                  naar commissietarief per uur € 440,00</al></li><li nr="-"><al>maximum tarief per behandeld bouwplan €
                                                  2.250,00</al></li></lijst></li><li nr="b."><al>Kortingen </al><lijst><li nr="-"><al>korting op adviestarief bij vooroverleg door
                                                  WZNH supervisor 50%</al></li></lijst></li></lijst></li><li nr="2."><al> Advies tegen vast tarief: </al><lijst><li nr="-"><al>reclameobjecten € 75,00</al></li><li nr="-"><al>sloopvergunningen € 100,00</al></li><li nr="-"><al>handhavingszaken / excessenregeling € 150,00</al></li></lijst></li></lijst></li><li nr="B."><al> Monumentenadviezen WZNH Erfgoedcommissie </al><lijst><li nr="-"><al>behandeling in WZNH erfgoedcommissie o.b.v. tijd, omrekening
                                    naar uurtarief € 440,00</al></li></lijst></li><li nr="B."><al>Overige advisering op basis van bestede tijd</al><lijst><li nr="1."><al>Basistarieven WZNH per uur </al><lijst><li nr="-"><al>secretariaat-beleidscoördinator € 85,00</al></li><li nr="-"><al>WZNH adviseur / commissielid € 120,00</al></li><li nr="-"><al>projecttarief WZNH adviseur € 100,00</al></li><li nr="-"><al>previsoren, supervisoren, leden kwaliteitsteams €
                                            120,00</al></li><li nr="-"><al>adviseur bij second opinions € 120,00</al></li></lijst></li></lijst></li></lijst><al><vet>Toelichting</vet></al><lijst><li nr="-"><al>Tarief planbehandeling is geldig ongeacht het aantal behandelingen;</al></li><li nr="-"><al>Indien sinds de laatste behandeling van enig plan op enige locatie
                            achttien maanden zijn verstreken, wordt het plan als een nieuwe aanvraag
                            geadministreerd (plangeschiedenis is opvraagbaar);</al></li><li nr="-"><al>Voor alle adviezen waarvoor geen berekening kan worden gemaakt op basis
                            van een bouwsom worden de uurtarieven gehanteerd, naverrekening vindt
                            plaats op basis van de bouwsom;</al></li><li nr="-"><al> Op grond van individuele afspraken en aangepaste werkwijze kan van deze
                            tarieven worden afgeweken;</al></li><li nr="-"><al>Genoemde tarieven zijn exclusief BTW en voorschotten</al></li></lijst></bijlage></regeling></body></cvdr>