<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR318208_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening op de heffing en de invordering van rioolrechten</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Laren</dcterms:creator><dcterms:modified>2019-01-30</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Laren</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Larens Journaal 27-12-13</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening rioolheffing 2014</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=GEMEENTEWET">Gemeentewet, art. 147 </dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=GEMEENTEWET">Gemeentewet, art. 149</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=GEMEENTEWET">Gemeentewet, art. 228a</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>financiën en economie</dcterms:subject><dcterms:issued>2013-12-18</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2013-12-28</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2015-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Raadsbesluit 2013/65-VIII</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>Financiën en economie</overheidrg:onderwerp><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen.</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Deze verordening vervangt de 'Verordening rioolheffing 2013', vastgesteld d.d. 19 december 2012, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op belastbare feiten die zich vóór die datum hebben voorgedaan. De 'Verordening rioolheffing 2013' vervalt met ingang van de datum van heffing van de Verordening rioolheffing 2014, zijnde 1 januari 2014.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening op de heffing en de invordering van rioolheffing</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>Raadsbesluit</al><al>2013/65-VIII</al><al/><al/><al>De raad van de gemeente Laren;</al><al/><al>gelezen voorstel 2013/65 d.d. 5 november 2013 van burgemeester en
                        wethouders;</al><al/><al>gelet op de artikelen 147 jo. 149 en 228a van de Gemeentewet;</al><al/><al>BESLUIT: </al><al/><al>vast te stellen de:</al><al/><al>"Verordening op de heffing en de invordering van rioolheffing"</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>Deel</label><nr/><titel/></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsomschrijvingen</titel></kop><al>Deze verordening verstaat onder:</al><al> a. perceel: een roerende of onroerende zaak of een zelfstandig gedeelte
                            daarvan; b. gemeentelijke riolering: een voorziening of combinatie van
                            voorzieningen voor inzameling, verwerking, zuivering of transport van
                            afvalwater, hemelwater of grondwater,in eigendom, in beheer of in
                            onderhoud bij de gemeente; c. verbruiksperiode: de periode waarop de
                            afrekening van het waterleidingbedrijf betrekking heeft; d. water:
                            huishoudelijk afvalwater, bedrijfsafvalwater, hemelwater of grondwater.
                        </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Aard van de belasting</titel></kop><al>Onder de naam rioolheffing wordt een directe belasting geheven ter
                            bestrijding van de kosten die voor de gemeente verbonden zijn aan: </al><al>de inzameling en het transport van huishoudelijk afvalwater en
                            bedrijfsafvalwater, alsmede de zuivering van huishoudelijk afvalwater;
                            en de inzameling van afvloeiend hemelwater en de verwerking van het
                            ingezamelde hemelwater, alsmede het treffen van maatregelen teneinde
                            structureel nadelige gevolgen van de grondwaterstand voor de aan de
                            grond gegeven bestemming zoveel mogelijk te voorkomen of te beperken.
                            het door of vanwege de gemeente tot stand brengen van een aansluiting op
                            de gemeentelijke riolering. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Belastbaar feit en belastingplicht</titel></kop><al>1. De belasting als bedoeld in artikel 2 lid a en b wordt geheven van de
                            gebruiker van een perceel van waaruit water direct of indirect op de
                            gemeentelijke riolering wordt afgevoerd.</al><al>2. Met betrekking tot de belasting als bedoeld in het eerste lid wordt
                            als gebruiker aangemerkt:</al><al> a. degene, die naar omstandigheden beoordeeld, het perceel al dan niet
                            krachtens eigendom, bezit, beperkt recht of persoonlijk recht gebruikt;
                            b. ingeval een gedeelte van een perceel - niet een gedeelte als bedoeld
                            in artikel 4 - voor gebruik is afgestaan: degene die dat gedeelte voor
                            gebruik heeft afgestaan. 3. De belasting als bedoeld in artikel 2 lid c
                            wordt geheven van de rechthebbende als bedoeld in de Aansluitverordening
                            riolering gemeente Laren 2012. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Zelfstandige gedeelten</titel></kop><al>Indien gedeelten van een in artikel 3 bedoeld eigendom blijkens hun
                            indeling bestemd zijn om als afzonderlijk geheel te worden gebruikt,
                            wordt de belasting geheven ter zake van elk als zodanig bestemd
                            gedeelte, met dien verstande dat indien twee of meer van die gedeelten
                            tezamen als één geheel worden gebruikt, deze als één perceel worden
                            aangemerkt.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Maatstaf van heffing</titel></kop><al> 1. De belasting als bedoeld in artikel 2 lid a en b wordt, a. indien
                            niet meer dan 500 m³ water per jaar wordt geloosd, geheven naar het
                            aantal personen dat het eigendom gebruikt, of indien het een niet-woning
                            betreft naar een meerpersoonshuishouden. b. indien per eigendom meer dan
                            500 m³ water per jaar wordt geloosd, over het meerverbruik boven 500 m³
                            de belasting geheven naar het aantal kubieke meters water dat naar het
                            perceel is toegevoerd of opgepompt. Het aantal kubieke meters water
                            wordt gesteld op het aantal kubieke meters leidingwater en grondwater
                            dat in de laatste aan het begin van het belastingjaar voorafgaande
                            verbruiksperiode naar het perceel is toegevoerd of is opgepompt. In
                            geval de verbruiksperiode niet gelijk is aan een periode van twaalf
                            maanden, wordt de hoeveelheid water door herleiding naar tijdsgelang
                            bepaald. Bij die herleiding wordt een gedeelte van een kalendermaand
                            voor een volle maand gerekend. 2. In geval gebruik wordt gemaakt van een
                            pompinstallatie moet die pompinstallatie voorzien zijn van een: a.
                            watermeter, waarvan de hoeveelheid opgepompt water kan worden afgelezen,
                            of b. bedrijfsurenteller, waarvan het aantal uren dat een
                            pompinstallatie met een vaste capaciteit in bedrijf is geweest, kan
                            worden afgelezen. De eerste volzin is niet van toepassing indien de
                            vaststelling van de hoeveelheid opgepompt water geschiedt op grond van
                            enige andere wettelijke bepaling. 3. a. De belasting als bedoeld in
                            artikel 2 lid c wordt geheven naar een vast bedrag indien de
                            aansluitkosten op de gemeentelijke riolering niet meer bedragen dan €
                            1.500,00. b. Indien de kosten voor de aansluiting op de gemeentelijke
                            riolering meer dan € 1.500,00 bedragen, is de rechthebbende, voor zover
                            dit redelijk is, de kosten voor de eventuele aanleg van een nieuw
                            openbaar riool, het aansluiten op het openbaar riool en de aanleg of
                            wijziging van de aansluitleiding aan de gemeente verschuldigd. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Belastingtarieven</titel></kop><al> 1. De belasting als bedoeld in artikel 2 lid a en b, bedraagt voor
                            percelen van waaruit niet meer dan 500 m³ water wordt geloosd: a. indien
                            het eigendom wordt gebruikt door een alleenstaande € 87,60 b. indien het
                            eigendom wordt gebruikt door twee of meer personen € 169,80 c. indien
                            het eigendom dat wordt gebruikt een niet-woning betreft € 169,80 2.
                            Naast het bepaalde in het eerste lid bedraagt de belasting, indien meer
                            dan 500 m³ water wordt geloosd: a. van 500 m³ tot en met 10.000 m³ voor
                            elke volle eenheid van 100 m³ water € 104,88 b. vanaf 10.000 m³ voor
                            elke volle eenheid van 100 m³ water € 73,80 3. Het tarief als bedoeld in
                            artikel 2 lid c bedraagt eenmalig € 800,00 tenzij artikel 5 lid 3
                            onderdeel b van toepassing is. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Belastingjaar</titel></kop><al>Het belastingjaar is gelijk aan het kalenderjaar.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Wijze van heffing</titel></kop><al> 1. De belasting bedoeld onder artikel 2 lid a en b wordt geheven bij
                            wege van aanslag. 2. De in artikel 2 lid c bedoelde belasting wordt
                            geheven door middel van een, door het college van burgemeester en
                            wethouders vastgestelde, gedagtekende schriftelijke kennisgeving, waarop
                            het verschuldigde bedrag wordt vermeld. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Ontstaan van de belastingschuld en heffing naar
                                tijdsgelang</titel></kop><al> 1. a. De belasting bedoeld onder artikel 2 lid a en b is verschuldigd
                            bij het begin van het belastingjaar of, zo dit later is, bij de aanvang
                            van de belastingplicht. b. Indien de belastingplicht met betrekking tot
                            het perceel in de loop van het belastingjaar aanvangt, dan wel in de
                            loop van het belastingjaar het aantal personen dat het perceel gebruikt
                            meer wordt dan één, is de belasting verschuldigd over zoveel twaalfde
                            gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde belasting als er in dat
                            jaar, na de aanvang van de belastingplicht, dan wel na vermeerdering van
                            het aantal personen, nog volle kalendermaanden overblijven. c. Indien de
                            belastingplicht met betrekking tot het perceel in de loop van het
                            belastingjaar eindigt, dan wel in de loop van het belastingjaar het
                            aantal personen dat het perceel gebruikt minder wordt dan twee, bestaat
                            aanspraak op ontheffing voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat
                            jaar verschuldigde belasting als er in dat jaar, na het einde van de
                            belastingplicht, dan wel na vermindering van het aantal personen, nog
                            volle kalendermaanden overblijven. 2. De belasting bedoeld onder artikel
                            2 lid c is verschuldigd op het tijdstip dat de door of vanwege de
                            gemeente tot stand te brengen aansluiting op de gemeentelijke riolering
                            is aangevraagd. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Termijnen van betaling</titel></kop><al> 1. In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990
                            moeten de aanslagen als bedoeld in artikel 8 lid 1 worden betaald in één
                            termijn die vervalt op de laatste dag van de tweede maand volgende op de
                            maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld. 2. In
                            afwijking van het eerste lid geldt, in het geval dat het totaalbedrag
                            van de op één aanslagbiljet verenigde aanslagen, of als het
                            aanslagbiljet maar één aanslag bevat, het bedrag daarvan meer is dan €
                            100,- en zolang de verschuldigde bedragen door middel van automatische
                            betalingsincasso kunnen worden afgeschreven, dat de aanslagen moeten
                            worden betaald in negen gelijke termijnen. De eerste termijn vervalt één
                            maand na de dagtekening van het aanslagbiljet en elk van de volgende
                            termijnen telkens één maand later. 3. In afwijking van artikel 9, eerste
                            lid, van de Invorderingswet 1990 moet de kennisgeving als bedoeld in
                            artikel 8 lid 2 worden betaald binnen veertien dagen na dagtekening van
                            de kennisgeving. 4. De Algemene Termijnenwet is niet van toepassing op
                            het in de voorgaande leden gestelde termijnen. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Nadere regels door het college van burgemeester en
                                wethouders</titel></kop><al>Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met
                            betrekking tot de heffing en invordering van de rioolheffing.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Inwerkingtreding en citeertitel</titel></kop><al>1. De "Verordening rioolheffing 2013", vastgesteld in de vergadering van
                            de gemeenteraad van 19 december 2012, wordt ingetrokken met ingang van
                            de in het derde lid genoemde datum van ingang van de heffing, met dien
                            verstande dat zij van toepassing blijft op belastbare feiten die zich
                            vóór die datum hebben voorgedaan.</al><al>2. Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag na
                            die van de bekendmaking.</al><al>3. De datum van de ingang van de heffing is 1 januari 2014.</al><al>4. Deze verordening kan worden aangehaald als "Verordening rioolheffing
                            2014".</al></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgesteld door de raad van de gemeente Laren in zijn openbare
                        vergadering van 18 december 2013.</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>drs. T.W. Zwemmer drs. E.J. Roest</ondertekening><ondertekening>griffier voorzitter</ondertekening></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>