<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR318086_4</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening op de heffing en de invordering van lijkbezorgingsrechten 2016</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Heiloo</dcterms:creator><dcterms:modified>2017-10-10</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Heiloo</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Uitkijkpost, 23 december 2015</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening lijkbezorgingsrechten 2016</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:v:BWBR0005416">Gemeentewet, art. 229, lid 1, aanhef en onderdelen a en b</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>financiën en economie</dcterms:subject><dcterms:issued>2015-12-07</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2015-12-24</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2017-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>jaarlijkse aanpassing</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>15-11226</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>Lijkbezorgingsrechten</overheidrg:onderwerp><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>De ‘Verordening lijkbezorgingsrechten 2015’ wordt ingetrokken.</al><al>Artikel 12 bevat overgangsrecht.</al><al>De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2016.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening op de heffing en de invordering van lijkbezorgingsrechten
            2016</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De raad van de gemeente Heiloo; gelezen het voorstel van het college van
                        burgemeester en wethouders van 27 oktober 2015; gelet op artikel 229, eerste
                        lid, aanhef en onderdelen a en b, van de Gemeentewet; besluit vast te
                        stellen de Verordening op de heffing en de invordering van
                        lijkbezorgingsrechten 2016.</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsomschrijvingen</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>Deze verordening verstaat onder:</al><lijst><li nr="a."><al><vet>begraafplaats</vet>: de algemene begraafplaatsen aan de
                                    Holleweg en rondom de Witte Kerk aan de Heerenweg;</al></li><li nr="b."><al><vet>particulier graf</vet>: een graf / grafkelder, waarvoor aan
                                    een natuurlijk of rechtspersoon het uitsluitend recht is
                                    verleend tot:</al><lijst><li nr="1."><al> het doen begraven en begraven houden van een lijk, of
                                            overblijfselen van een lijk; </al></li><li nr="2."><al> het doen bijzetten en bijgezet houden van asbussen met
                                            of zonder urnen;</al></li></lijst></li><li nr="c."><al><vet>algemeen graf</vet>: een graf bij de gemeente in beheer
                                    waarin gelegenheid wordt geboden tot het doen van begraven van
                                    een lijk, of overblijfselen van een lijk;</al></li><li nr="d."><al><vet>particulier kindergraf</vet>: een graf / grafkelder,
                                    waarvoor aan een natuurlijk of rechtspersoon het uitsluitend
                                    recht is verleend tot:</al><lijst><li nr="1."><al>het doen begraven en begraven houden van een lijk, of
                                            overblijfselen van een lijk beneden de leeftijd van 12
                                            jaar;</al></li><li nr="2."><al>het doen bijzetten en bijgezet houden van asbussen met
                                            of zonder urnen;</al></li></lijst></li><li nr="e."><al><vet>algemeen kindergraf</vet>: een graf bij de gemeente in
                                    beheer waarin gelegenheid wordt geboden tot het doen begraven
                                    van een lijk, of overblijfselen van een lijk van personen
                                    beneden de leeftijd van 12 jaar;</al></li><li nr="f."><al><vet>particulier urnengraf</vet>: een graf / grafkelder,
                                    waarvoor aan een natuurlijk of rechtspersoon het uitsluitend
                                    recht is verleend tot het doen bijzetten en bijgezet houden van
                                    asbussen met of zonder urnen;</al></li><li nr="g."><al><vet>particulier urnennis</vet>: een nis, waarvoor aan een
                                    natuurlijk of rechtspersoon het uitsluitend recht is verleend
                                    tot het doen bijzetten en bijgezet houden van asbussen met of
                                    zonder urnen;</al></li><li nr="h."><al><vet>asbus</vet>: een bus ter berging van as van een
                                    overledene;</al></li><li nr="i."><al><vet>urn</vet>: een voorwerp ter berging van één of meer
                                    asbussen;</al></li><li nr="j."><al><vet>gedenkteken</vet>: voorwerp op het graf voor het aanbrengen
                                    van opschriften of figuren, daaronder begrepen losse onderdelen,
                                    kettingen en hekwerken;</al></li><li nr="k."><al><vet>asverstrooiingsterrein</vet>: een permanent daartoe bestemd
                                    terrein waarop as wordt verstrooid, dan wel een plaats waarvoor
                                    voor bepaalde of onbepaalde tijd het recht is verleend om as te
                                    doen verstrooien;</al></li><li nr="l."><al><vet>rechthebbende</vet>: de rechthebbende op een particulier
                                    graf;</al></li><li nr="m."><al><vet>belanghebbende</vet>: belanghebbende voor een algemeen
                                    graf.</al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Belastbaar feit</titel></kop><al>Op basis van deze verordening worden rechten geheven voor het gebruik van de
                        begraafplaatsen en voor het door de gemeente verlenen van diensten in
                        verband met de begraafplaatsen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Belastingplicht</titel></kop><al>De rechten worden geheven van degene op wiens aanvraag dan wel ten behoeve
                        van wie de dienst wordt verricht of van degene die van de bezittingen,
                        werken of inrichtingen gebruik maakt.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Maatstaf van heffing en belastingtarief</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>De rechten worden geheven naar de maatstaven en de tarieven, opgenomen
                            in de bij deze verordening behorende tarieventabel.</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>Voor de berekening van de rechten wordt een gedeelte van een in de
                            tarieventabel genoemde eenheid als een volle eenheid aangemerkt.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Belastingjaar</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>Met betrekking tot de rechten die per jaar worden geheven is het
                            belastingjaar gelijk aan het kalenderjaar.</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>Met betrekking tot de rechten genoemd in hoofdstuk 6.4 van de
                            tarieventabel is het belastingtijdvak gelijk aan de periode waarvoor
                            wordt afgekocht.</al></lid><lid><lidnr>3</lidnr><al>Met betrekking tot de verlenging van de huurperiode van 5 en 10 jaar
                            eindigt de verlenging op 31 december van het betreffende jaar.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Wijze van heffing</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>De onderhoudsrechten, bedoeld in hoofdstuk 6 van de tarieventabel,
                            worden geheven bij wege van aanslag met dien verstande dat per
                            belastbaar feit een afzonderlijke aanslag kan worden opgelegd.</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>Andere rechten als die bedoeld in hoofdstuk 6 van de tarieventabel
                            worden geheven door middel van een gedagtekende kennisgeving waarop het
                            gevorderde bedrag is vermeld.</al></lid><lid><lidnr>3</lidnr><al>Er vindt geen restitutie plaats van huurrechten wanneer vroegtijdig
                            afstand wordt gedaan.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Ontstaan van de belastingschuld en heffing naar tijdsgelang voor de
                            jaarlijks verschuldigde rechten</titel></kop><al>De onderhoudsrechten, dan bedoeld in hoofdstuk 6.1 en 6.2 van de
                        tarieventabel zijn verschuldigd bij de aanvang van de periode waarvoor de
                        rechten zijn verleend. Het belastingtijdvak voor onderhoudsrechten vangt aan
                        per 1 januari van het jaar volgend op dat waarin voor het eerst de rechten
                        zijn verleend.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Ontstaan van de belastingschuld voor de overige rechten</titel></kop><al>Andere rechten als die bedoeld in hoofdstuk 6 van de tarieventabel zijn
                        verschuldigd bij de aanvang van de dienstverlening of bij de aanvang van het
                        gebruik van de bezittingen, werken of inrichtingen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Termijnen van betaling</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990
                            moeten de rechten worden betaald binnen zes weken na de dagtekening van
                            het aanslagbiljet of de schriftelijke kennisgeving.</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in het eerste lid
                            gestelde termijn.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Kwijtschelding</titel></kop><al>Bij de invordering van de lijkbezorgingsrechten wordt geen kwijtschelding
                        verleend.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders</titel></kop><al>Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met
                        betrekking tot de heffing en de invordering van de rechten.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Overgangsrecht</titel></kop><al>De ‘Verordening lijkbezorgingsrechten 2015’ van 8 december 2014 wordt
                        ingetrokken met ingang van de in artikel 13, derde lid genoemde datum van
                        ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op
                        de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag na die
                            van de bekendmaking.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>In afwijking van het in het voorgaande lid bepaalde, blijft, indien de
                            datum van inwerkingtreding van deze verordening ligt na de in het vierde
                            lid genoemde datum van ingang van de heffing, de ingetrokken verordening
                            gelden voor de in de tussenliggende periode plaatsvindende belastbare
                            feiten voor zover ter zake daarvan de heffing van de rechten in die
                            periode plaatsvindt.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2016.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening kan worden aangehaald als de ‘Verordening
                        lijkbezorgingsrechten 2016'.</al></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus besloten door de raad van de gemeente Heiloo in de openbare
                        raadsvergadering van maandag 7 december 2015.</ondertekening><ondertekening/></regeling-sluiting><bijlage><kop><label>Tarieventabel behorende bij de 'Verordening lijkbezoringsrechten 2015'</label></kop><al><vet>Hoofdstuk 1 Verlenen van rechten</vet></al><al>1.1 Voor het verlenen van het uitsluitend recht op een graf wordt een eenmalig
                    recht voor een periode van 20 jaar geheven van € 481,50</al><al>1.2 Voor het verlenen van het uitsluitend recht op een graf wordt een eenmalig
                    recht voor een periode van 10 jaar geheven van € 373,50</al><al>1.3 Voor het verlenen van het uitsluitend recht op een urnengraf wordt een
                    eenmalig recht geheven voor een periode van 20 jaar van € 481,50</al><al>1.4 Voor het verlenen van het uitsluitend recht op een urnengraf wordt een
                    eenmalig recht geheven voor een periode van 10 jaar van € 373,50</al><al>1.5 Voor het verlenen van het uitsluitend recht op een urnennis wordt een
                    eenmalig recht geheven voor een periode van 20 jaar van € 481,50</al><al>1.6 Voor het verlenen van het uitsluitend recht op een urnennis wordt een
                    eenmalig recht geheven voor een periode van 10 jaar van € 373,50</al><al>1.7. Voor het verlengen van het uitsluitend recht als bedoeld in 1.1 met 10 jaar
                    wordt een recht geheven van € 373,50</al><al>1.8 Voor het verlengen van het uitsluitend recht als bedoeld in 1.1 met 5 jaar
                    wordt een recht geheven van € 215,00</al><al>1.9 Voor het verlengen van het uitsluitend recht als bedoeld in 1.3 met 10 jaar
                    wordt een recht geheven van € 373,50</al><al>1.10 Voor het verlengen van het uitsluitend recht als bedoeld in 1.3 met 5 jaar
                    wordt een recht geheven van € 215,00</al><al>1.11 Voor het verlengen van het uitsluitend recht als bedoeld in 1.5 met 10 jaar
                    wordt een recht geheven van € 373,50</al><al>1.12 Voor het verlengen van het uitsluitend recht als bedoeld in 1.5 met 5 jaar
                    wordt een recht geheven van € 215,00</al><al>1.13 Voor het overboeken van het recht op een graf, met name van een andere
                    rechthebbende wordt een recht geheven van € 26,00</al><al><vet>Hoofdstuk 2 Begraven</vet></al><al>2.1 Voor het begraven van een lijk, of overblijfselen van een lijk van een
                    persoon van 12 jaar of ouder wordt geheven € 1.121,00</al><al>2.2 Voor het begraven van een lijk, of overblijfselen van een lijk van een kind
                    beneden één jaar wordt geheven € 280,50</al><al>2.3 Voor het begraven van een lijk, of overblijfselen van een lijk van een
                    persoon beneden 12 jaar wordt geheven € 559,50</al><al>2.4 Voor het begraven buiten de gewone uren en op feestdagen wordt het recht,
                    bedoeld in 2.1, 2.2 en 2.3 verhoogd met 50%, tenzij het begraven geschiedt op
                    last van het bevoegd gezag</al><al>2.5 De gewone uren zijn van 8.00 tot 15.30 uur op maandag tot en met
                    vrijdag.</al><al><vet>Hoofdstuk 3 Bijzetten van asbussen en urnen</vet></al><al>3.1 Voor het bijzetten van een asbus of urn wordt geheven:</al><al>3.1.1 in een particulier urnennis € 149,50</al><al>3.1.2 op een particulier urnengraf € 149,50</al><al>3.1.3 in een particulier urnengraf € 149,50</al><al>3.1.4 op een particulier graf € 149,50</al><al>3.1.5 in een particulier graf € 149,50</al><al>3.1.6 op een algemeen graf € 60,00</al><al>3.1.7 in een algemeen graf € 60,00</al><al>3.1.8 Voor het bijzetten buiten de gewone uren en op feestdagen wordt het recht,
                    bedoeld in 3.1.1. t/m 3.1.7 verhoogd met 50%, tenzij het bijzetten geschiedt op
                    last van het bevoegd gezag</al><al>3.1.9 De gewone uren zijn van 08.00 tot 15.30 uur op maandag tot en met
                    vrijdag</al><al><vet>Hoofdstuk 4 Gedenktekens</vet></al><al>4.1 Voor het afgeven van een vergunning ter zake van het plaatsen of vernieuwen
                    van gedenktekens op een graf of urnengraf wordt een recht geheven van:</al><al>4.2 voor een paaltje niet hoger dan een meter en niet breder dan 0.35 meter €
                    11,00</al><al>4.3 voor een stenen kruis of staande zerk, voor een liggende zerk het gehele
                    graf bedekkend of voor elk ander gedenkteken, hierboven niet genoemd €
                    54,00</al><al>4.4 wanneer ten behoeve van een begraving in een bepaald graf één of meer daarop
                    op omliggende graven geplaatste gedenktekens tijdelijk verwijderd moeten worden,
                    wordt voor deze verwijdering en voor herplaatsing van de rechthebbende op het
                    graf waarin de begraving plaatsvindt een recht geheven van € 175,50</al><al>4.5 voor het tijdelijk verplaatsen van de steen van een grafkelder € 423,50</al><al><vet>Hoofdstuk 5 Opgraven, ruimen, verstrooien</vet></al><al>5.1 Voor het opgraven van een reeds begraven lijk, of overblijfselen van een
                    lijk wordt een recht geheven van:</al><al>5.1.1 indien het opgraven en weder begraven op dezelfde algemene begraafplaats
                    geschiedt; € 2.243,50 </al><al>5.1.2 indien het opgraven niet gevolgd wordt door weder-begraven op de algemene
                    begraafplaats in de gemeente € 1.121,00</al><al>5.2 Voor het opgraven of verwijderen van een asbus wordt geheven:</al><al>5.2.1 uit een particulier graf € 26,00</al><al>5.2.2 uit een particulier urnengraf € 26,00</al><al>5.2.3 uit een particulier urnennis € 26,00</al><al>5.2.4 bij het weer terugplaatsen van de asbus in een particulier graf wordt
                    geheven € 149,50</al><al>5.2.5 bij het weer terugplaatsen van de asbus in een nis € 149,50</al><al>5.3 Voor het schudden van een graf op verzoek van de belanghebbende wordt
                    geheven € 473,50</al><al>5.4 Voor het ruimen van een graf op verzoek van de belanghebbende wordt geheven
                    € 473,50</al><al>5.5 Voor het verstrooien van as wordt per asbus geheven:</al><al>5.5.1 op een verstrooiingsplaats met familie € 149,50</al><al>5.5.2 op een verstrooiingsplaats zonder familie € 149,50</al><al><vet>Hoofdstuk 6 Onderhoud </vet></al><al>6.1 Voor het onderhoud van de begraafplaats wordt voor een graf en een urnengraf
                    jaarlijks een recht geheven van € 80,00</al><al>6.2 Voor het onderhoud van een urnennis wordt jaarlijks een recht geheven van €
                    80,00</al><al>6.3 Voor het onderhoud van een algemeen graf wordt voor 10 jaar voor een
                    overledene een jaarlijks recht geheven met een verplichting tot afkoop voor 10
                    jaar van € 240,50</al><al>6.4 De onderhoudsrechten genoemd in 6.1, 6.2 en 6.3 gaan in op 1 januari van het
                    jaar volgende op dat waarin het recht op het graf, de nis of de plaats voor de
                    eerste maal wordt verleend. Het is mogelijk de rechten voor de periode waarvoor
                    zij zijn verleend af te kopen.</al><al><vet>Hoofdstuk 7 Verhuur aula</vet></al><al>7.1 Verhuur van aula per begrafenis € 257,00</al><al>Behorende bij raadsbesluit van 7 december 2015.</al></bijlage></regeling></body></cvdr>