<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidop="http://standaarden.overheid.nl/oep/meta/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export1.6--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR317538_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening op de heffing en invordering van toeristenbelasting 2014</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Boekel</dcterms:creator><dcterms:modified>2014-01-01</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Boekel</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Weekblad Boekel &amp; Venhorst, d.d. 18-12-13</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening toeristenbelasting 2014</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:v:BWBR0005416&amp;artikel=224">Artikel 224 Gemeentewet</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>financiën en economie</dcterms:subject><dcterms:issued>2013-12-12</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
          databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2014-01-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2015-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>AB/011901 Z/022388</overheidrg:kenmerk><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening op de heffing en invordering van toeristenbelasting 2014</intitule><regeling><aanhef><preambule><al><vet>Raadsbesluit</vet></al><al/><al>De raad van de gemeente Boekel;</al><al>gezien het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 5 november
                        2013;</al><al>gelet op artikel 224 van de Gemeentewet:</al><al><vet>BESLUIT</vet>:</al><al>vast te stellen de:</al><al><vet>VERORDENING OP DE HEFFING EN INVORDERING VAN
                        TOERISTENBELASTI</vet><vet>NG 2014</vet></al><al/><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1.</nr><titel>Begripsomschrijvingen</titel></kop><al>Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>vakantie-onderkomens: woningen en andere verblijven, niet-zijnde
                                    mobiele kampeeronderkomens of stacaravans, in hoofdzaak bestemd
                                    voor en gebezigd als verblijf voor vakantie- en andere
                                    recreatieve doeleinden;</al></li><li nr="b."><al>mobiele kampeeronderkomens: tenten, vouwwagens, kampeerauto’s,
                                    toercaravans en soortgelijke onderkomens dan wel soortgelijke
                                    voertuigen welke bestemd zijn dan wel gebezigd worden als
                                    verblijf voor vakantie- en andere recreatieve doeleinden;</al></li><li nr="c."><al>niet-beroepsmatig verhuurde ruimten: woningen en andere
                                    verblijven, of gedeelten daarvan, niet-zijnde mobiele
                                    kampeeronderkomens of stacaravans, welke niet in hoofdzaak
                                    bestemd zijn als verblijf voor vakantie en andere recreatieve
                                    doeleinden, doch welke in bepaalde perioden van het jaar voor
                                    die doeleinden worden verhuurd dan wel te huur aangeboden;</al></li><li nr="d."><al>vaste standplaats: een terrein of terreingedeelte dat bestemd is
                                    voor het gedurende een seizoen of een jaar plaatsen van
                                    eenzelfde mobiel kampeeronderkomen of stacaravan.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2.</nr><titel>Belastbaar feit</titel></kop><al>Ter zake van het houden van verblijf met overnachten binnen de gemeente
                            in hotels, pensions, vakantie-onderkomens, mobiele kampeeronderkomens,
                            niet beroepsmatig verhuurde ruimten en op vaste standplaatsen tegen
                            vergoeding in welke vorm dan ook door personen die niet als ingezetene
                            in de gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens van de gemeente
                            zijn opgenomen, wordt onder de naam ‘toeristenbelasting’ een directe
                            belasting geheven. Vanaf inwerkingtreding van de Wet basisregistratie
                            personen (Wet van 3 juli 2013, Stb. 2013, 315) en de Aanpassingswet
                            basisregistratie personen (Wet van 10 juli 2013, Stb. 2013, 316) wordt
                            de in de vorige volzin genoemde zinsnede ‘personen die niet als
                            ingezetene in de gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens van
                            de gemeente zijn opgenomen’ vervangen door ‘personen die niet als
                            ingezetene met een adres in de gemeente in de basisregistratie personen
                            zijn ingeschreven’.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.</nr><titel>Belastingplicht</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Belastingplichtig is degene die gelegenheid biedt tot verblijf als
                                bedoeld in artikel 2 in hem ter beschikking staande ruimten dan wel
                                op hem ter beschikking staande terreinen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De belastingplichtige is bevoegd de belasting als zodanig te
                                verhalen op degene, terzake van wiens verblijf de belasting
                                verschuldigd wordt.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien met toepassing van het eerste lid geen belastingplichtige is
                                aan te wijzen, is belastingplichtig degene die overeenkomstig het
                                bepaalde in artikel 2 verblijf houdt.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4.</nr><titel>Vrijstellingen</titel></kop><al>De belasting wordt niet geheven terzake van het verblijf:</al><lijst><li nr="1."><al>door degene die als verpleegde of verzorgde in een inrichting
                                    tot verpleging of verzorging van zieken, van gebrekkigen, van
                                    hulpbehoevenden of van ouden van dagen verblijft.</al></li><li nr="2."><al>van een vreemdeling als bedoeld in artikel 29, eerste lid, van
                                    de Vreemdelingenwet 2000, die rechtmatig in Nederland verblijft
                                    in de zin van artikel 8, letters c, d, f, g, h, van voornoemde
                                    wet, en voor zover deze persoon verblijf houdt als bedoeld in
                                    artikel 1 van de Verordening, onder verantwoordelijkheid van het
                                    Centraal Orgaan Opvang Asielzoekers.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5.</nr><titel>Maatstaf van heffing</titel></kop><al>De belasting wordt geheven naar het aantal overnachtingen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6.</nr><titel>Forfaitaire berekeningswijze van de heffingsgrondslag</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het aantal personen dat heeft overnacht wordt met betrekking
                                    tot:</al><lijst><li nr="a."><al>vakantie-onderkomens en niet beroepsmatig verhuurde
                                            ruimten bepaald op 3;</al></li><li nr="b."><al>mobiele kampeeronderkomens en stacaravans op vaste
                                            standplaatsen bepaald op 3;</al></li><li nr="c."><al>mobiele kampeeronderkomens op niet-vaste standplaatsen
                                            bepaald op 3; </al></li></lijst></li><li nr="2."><al>Het aantal malen dat door de in het eerste lid bedoelde personen
                                    is overnacht wordt ingeval verblijf wordt gehouden in
                                    vakantie-onderkomens, niet beroepsmatig verhuurde ruimten,
                                    mobiele kampeeronderkomens en stacaravans op vaste
                                    standplaatsen, welke geschikt zijn voor gebruik of slechts
                                    gebruikt mogen worden gedurende een periode van:</al><lijst><li nr="-"><al>ten hoogste drie maanden bepaald op 30</al></li><li nr="-"><al>meer dan drie doch ten hoogste zes maanden bepaald op
                                            40</al></li><li nr="-"><al>meer dan zes maanden doch ten hoogste negen maanden
                                            bepaald op 50</al></li><li nr="-"><al>meer dan negen doch ten hoogste twaalf maanden bepaald
                                            op 60</al></li><li nr="-"><al>ingeval verblijf wordt gehouden in mobiele
                                            kampeeronderkomens</al></li></lijst></li></lijst><al>op niet-vaste standplaatsen bepaald op 365.</al><al>Het aantal mobiele kampeeronderkomens op niet vaste staanplaatsen wordt
                            vastgesteld op het gemiddelde van een zestal tellingen gedurende het
                            belastingjaar, waarbij iedere telling valt binnen een afzonderlijke
                            periode van één maand.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7.</nr><titel>Opteren voor niet-forfaitaire maatstaf van heffing</titel></kop><al>In afwijking van het bepaalde in artikel 6 wordt op een door de
                            belastingplichtige bij de aangifte gedane aanvraag de maatstaf van
                            heffing vastgesteld op het werkelijk aantal overnachtingen, indien
                            blijkt dat dit aantal lager is dan het op grond van artikel 6 berekende
                            aantal. In geval men opteert voor een niet-forfaitaire
                            heffingsgrondslag, is men verplicht om een nachtverblijfregister bij te
                            houden.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8.</nr><titel>Belastingtarief</titel></kop><al>Het tarief bedraagt per overnachting € 0,98.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9.</nr><titel>Belastingjaar</titel></kop><al>Het belastingjaar is gelijk aan het kalenderjaar.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10.</nr><titel>Wijze van heffing</titel></kop><al>De belasting wordt bij wege van aanslag geheven.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11.</nr><titel>Aanslaggrens</titel></kop><al>Belastingaanslagen van minder dan € 5,00 worden niet opgelegd. Voor de
                            toepassing van de vorige volzin wordt het totaal van op één
                            aanslagbiljet verenigde aanslagen aangemerkt als één
                            belastingbedrag.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12.</nr><titel>Termijnen van betaling</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De aanslag(en) moet(en) worden betaald in twee gelijke termijnen,
                                waarvan de eerste vervalt op de laatste dag van de maand volgend op
                                de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en
                                de tweede twee maanden later.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Met betrekking tot een ingevolge artikel 2, tweede lid, onderdeel c,
                                van de Invorderingswet 1990 met een belastingaanslag gelijkgestelde
                                beschikking inzake een bestuurlijke boete is het eerste lid van
                                overeenkomstige toepassing, voor zover deze gelijktijdig wordt
                                opgelegd met de vaststelling van de aanslag.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in de
                                voorgaande leden gestelde termijnen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13.</nr><titel>Nadere regels door het Dagelijks Bestuur</titel></kop><al>Het Dagelijks Bestuur van de Belastingsamenwerking Oost-Brabant kan
                            nadere regels geven met betrekking tot de heffing en de invordering van
                            de toeristenbelasting.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14.</nr><titel>Aanmeldingsplicht</titel></kop><al>De belastingplichtige bedoeld in artikel 3, eerste lid, is gehouden,
                            voordat hij voor de eerste maal na het in werking treden van deze
                            verordening gelegenheid tot overnachten verschaft, zulks schriftelijk te
                            melden aan de door het College van burgemeester en wethouders aangewezen
                            gemeente ambtenaren, bedoeld in artikel 232, vierde lid, onderdelen a en
                            c, van de Gemeentewet.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15.</nr><titel>Nachtverblijfregister</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De belastingplichtige is gehouden per seizoen een vanwege de
                                gemeente kosteloos ter beschikking gesteld nachtverblijfregister bij
                                te houden.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het nachtverblijfregister bevat met betrekking tot ieder aan wie
                                gelegenheid tot overnachten is verschaft of wie heeft overnacht
                                gegevens ten minste betreffende:</al><lijst><li nr="-"><al>naam, leeftijd en woonplaats;</al></li><li nr="-"><al>datum van aankomst en vertrek;</al></li><li nr="-"><al>het aantal overnachtingen ter zake waarvan belasting
                                        verschuldigd is.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het College van burgemeester en wethouders is bevoegd voor bepaalde
                                gevallen of groepen van gevallen van de in het eerste lid bedoelde
                                verplichting gehele of gedeeltelijke ontheffing te verlenen, zo
                                nodig onder door hen te stellen voorwaarden.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16.</nr><titel>Kwijtschelding van belastingen</titel></kop><al>Bij de invordering van toeristenbelasting wordt geen kwijtschelding
                            verleend.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17.</nr><titel>Inwerkingtreding en citeertitel</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De ‘Verordening op de heffing en invordering van
                                    toeristenbelasting 2013’ van 13 december 2012 wordt ingetrokken
                                    met ingang van de in het derde lid genoemde datum van ingang van
                                    heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de
                                    belastbare feiten die zich voor die datum hebben
                                    voorgedaan.</al></li><li nr="2."><al>Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag
                                    na die van de bekendmaking.</al></li><li nr="3."><al>De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2014.</al></li><li nr="4."><al>Deze verordening kan worden aangehaald als ‘Verordening
                                    toeristenbelasting 2014’.</al></li></lijst></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus besloten in de openbare vergadering van de raad van de gemeente
                        Boekel, gehouden op 12 december 2013.</ondertekening><ondertekening>de griffier, de voorzitter</ondertekening><ondertekening>M.R.P. Philipse P.M.J.H. Bos</ondertekening></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>