<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR317386_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening op de heffing en invordering van forensenbelasting</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Laren</dcterms:creator><dcterms:modified>2019-01-30</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Laren</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Larens Journaal 27-12-13</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening Forensenbelasting 2014</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=GEMEENTEWET">Gemeentewet, art. 223</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>financiën en economie</dcterms:subject><dcterms:issued>2013-12-18</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2013-12-28</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2015-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Raadsbesluit 2013-65III</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>Financiën en economie</overheidrg:onderwerp><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen.</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2014.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening op de heffing en invordering van forensenbelasting</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>RAADSBESLUIT</al><al>2013/65-III</al><al/><al>De raad van de gemeente Laren;</al><al/><al>gelezen voorstel 2013/65 d.d. 5 november 2013 van burgemeester en
                        wethouders;</al><al/><al>gelet op artikel 223 van de Gemeentewet;</al><al/><al>BESLUIT: </al><al/><al>de </al><al/><al>“VERORDENING OP DE HEFFING EN DE INVORDERING VAN FORENSENBELASTING” </al><al/><al>vast te stellen.</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>Deel</label><nr/><titel/></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsomschrijving</titel></kop><al>Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder woning: een
                            gemeubileerde woning als bedoeld in artikel 223 van de Gemeentewet.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Belastbaar feit en belastingplicht</titel></kop><al>1. Onder de naam 'forensenbelasting' wordt een directe belasting geheven
                            van de natuurlijke personen, die, zonder in de gemeente hoofdverblijf te
                            hebben, er op meer dan 90 dagen van het belastingjaar voor zich of hun
                            gezin een gemeubileerde woning beschikbaar houden.</al><al>2. Of iemand in de gemeente hoofdverblijf heeft, wordt naar de
                            omstandigheden beoordeeld.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Vrijstellingen</titel></kop><al>Niet belastingplichtig is degene die ter tijdelijke waarneming van een
                            openbare betrekking of ter bijwoning van de vergaderingen van een
                            algemeen vertegenwoordigend lichaam, waarvan hij het lidmaatschap
                            bekleedt, dan wel ingevolge last of bevel van de overheid, buiten de
                            gemeente van zijn hoofdverblijf vertoeft.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Maatstaf van heffing en belastingtarief</titel></kop><al>De belasting bedraagt per woning € 475,00.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Belastingjaar</titel></kop><al>Het belastingjaar is gelijk aan het kalenderjaar.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Wijze van heffing</titel></kop><al>De belasting wordt bij wege van aanslag geheven.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Ontstaan van de belastingschuld</titel></kop><al>De belasting is verschuldigd op het moment dat de gemeubileerde woning
                            meer dan 90 dagen in het belastingjaar beschikbaar is gehouden als
                            bedoeld in artikel 2.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Termijnen van betaling</titel></kop><al>1. In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990
                            moeten de aanslagen worden betaald in één termijn, die vervalt op de
                            laatste dag van de tweede maand volgende op de maand die in de
                            dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld. 2. In afwijking van het
                            eerste lid geldt, in het geval dat het totaalbedrag van de op één
                            aanslagbiljet verenigde aanslagen, of als het aanslagbiljet maar één
                            aanslag bevat, het bedrag daarvan meer is dan € 100,- en zolang de
                            verschuldigde bedragen door middel van automatische betalingsincasso
                            kunnen worden afgeschreven, dat de aanslagen moeten worden betaald in
                            negen gelijke termijnen. De eerste termijn vervalt één maand na de
                            dagtekening van het aanslagbiljet en elk van de volgende termijnen
                            telkens één maand later. 3. De Algemene Termijnenwet is niet van
                            toepassing op het in de voorgaande leden gestelde termijnen. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Nadere regels door het college van burgemeester en
                                wethouders</titel></kop><al>Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met
                            betrekking tot de heffing en de invordering van de
                            forensenbelasting.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Inwerkingtreding en citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag na die
                            van de bekendmaking. De datum van ingang van de heffing is 1 januari
                            2014. Deze verordening kan worden aangehaald als “Verordening
                            Forensenbelasting 2014”.</al></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgesteld in de raadsvergadering van 18 december 2013.</ondertekening><ondertekening/><ondertekening/><ondertekening>drs. T. Zwemmer drs. E.J. Roest</ondertekening><ondertekening>griffier voorzitter</ondertekening></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>