<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR31590_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Beleidslijn voor de toepassing van de wet Bibob Midden-Delfland 2010</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Midden-Delfland</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-03-06</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Midden-Delfland</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Gemeenteblad, 2009, 1</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Beleidslijn voor de toepassing van de wet Bibob Midden-Delfland 2010</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Algemene plaatselijke verordening Midden-Delfland 2010, art. 2:28, 2:39, 3:4</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="jci1.3:c:BWBR0003245">Wet Milieubeheer, art. 8.1</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="jci1.3:c:BWBR0005181">Woningwet, art. 40, lid 1</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Aanbestedingsrichtlijn gemeente Midden-Delfland</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="jci1.3:c:BWBR0002458">Drank- en Horecawet, art. 3, 27, 31</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="jci1.3:c:BWBR0005537">Algemene wet bestuursrecht, art. 4:81</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Algemene subsidieverordening Midden-Delfland 2007</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">college van burgemeester en wethouders</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>openbare orde en veiligheid</dcterms:subject><dcterms:issued>2009-12-15</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2010-01-07</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2012-12-27</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Geen</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>n.v.t.</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Beleidslijn voor de toepassing van de wet Bibob Midden-Delfland 2010</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De burgemeester en het college van burgemeester en wethouders van de
                        gemeente Midden-Delfland, ieder voor zover het hun bevoegdheden
                        betreft;</al><al>Overwegende dat de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het
                        openbaar bestuur hen beleidsruimte verschaft bij de besluitvorming omtrent
                        het toepassen van hun uit deze wet voortvloeiende bevoegdheden;</al><al>Gelet op de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar
                        bestuur, artikel 4:81 van de Algemene wet bestuursrecht, de artikelen 3, 27
                        en 31 van de Drank- en Horecawet, artikel 2:28, 2:39 en 3:4 van de Algemene
                        plaatselijke verordening Midden-Delfland 2010, de Aanbestedingsrichtlijn
                        gemeente Midden-Delfland, artikel 40, eerste lid van de Woningwet, artikel
                        8.1 van de Wet Milieubeheer en de Algemene subsidieverordening
                        Midden-Delfland 2007;</al><al/><al>BESLUITEN:</al><al/><al>Vast te stellen de volgende Beleidslijn voor de toepassing van de Wet Bibob
                        Midden-Delfland 2010.</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1.</nr><titel>Begripsomschrijvingen</titel></kop><al>In deze beleidsregels wordt verstaan onder: </al><lijst><li nr="a."><al>aanvraag: de aanvraag om een beschikking dan wel de inschrijving
                                en/of aanbieding waarmee wordt deelgenomen aan een
                                aanbestedingsproces;</al></li><li nr="b."><al>advies: het advies bedoeld in artikel 9 van de wet;</al></li><li nr="c."><al>beschikkingen en opdrachten: alle besluiten waarop de wet kan worden
                                toegepast;</al></li><li nr="d."><al>bestuursorgaan: de burgemeester onderscheidenlijk het college van
                                burgemeester en wethouders alsmede degenen aan wie zij een mandaat
                                hebben verleend tot het nemen van beschikkingen of het beslissen
                                over het aangaan van overeenkomsten;</al></li><li nr="e."><al>betrokkene: de aanvrager van een beschikking, de houder van een
                                vergunning, de gegadigde die wil deelnemen aan een
                                aanbestedingsproces, respectievelijk de aanbieder die deelneemt aan
                                een aanbestedingsproces, de partij aan wie een overheidsopdracht is
                                gegund of de onderaannemer;</al></li><li nr="f."><al>het onderzoek: de wijze van behandelen van een aanvraag waarbij met
                                toepassing van de wet door het bestuursorgaan wordt beoordeeld of er
                                redenen aanwezig zijn om de aanvraag te weigeren, de gegadigde niet
                                tot de aanbesteding toe te laten, de overeenkomst niet aan te gaan,
                                respectievelijk de beschikking of opdracht in te trekken of te
                                beëindigen, daaraan voorschriften te verbinden dan wel een advies
                                bij het bureau aan te vragen;</al></li><li nr="g."><al>het Bureau: het Bureau bevordering integriteitsbeoordelingen door
                                het openbaar bestuur, bedoeld in artikel 8 van de wet;</al></li><li nr="h."><al>wet: de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar
                                bestuur.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2.</nr><titel>Toepassingsbereik van de Wet Bibob in de gemeente
                            Midden-Delfland</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het bestuursorgaan zal, met inachtneming van hetgeen in deze
                                beleidsregels daarover is bepaald, de wet in beginsel toepassen bij
                                het zich voordoen van een of meer van de op de bijlage vermelde
                                indicatoren met betrekking tot:</al><al>I. beschikkingen zoals vermeld in:</al><al>i. artikel 3 van de Drank- en Horecawet, indien sprake is van
                                vestiging van een nieuw bedrijf, de overname van een bestaand
                                bedrijf, de overname van (de meerderheid van) de aandelen van een
                                bestaand bedrijf of wijziging van de rechtsvorm van de onderneming; </al><al>ii. artikel 2:28 van de Algemene Plaatselijke Verordening
                                Midden-Delfland 2010, indien sprake is van vestiging van een nieuw
                                bedrijf, de overname van een bestaand bedrijf, de overname van (de
                                meerderheid van) de aandelen van een bestaand bedrijf of wijziging
                                van de rechtsvorm van de onderneming;</al><al>iii. artikel 3:4 van de Algemene Plaatselijke Verordening
                                Midden-Delfland 2010, indien sprake is van vestiging van een nieuw
                                bedrijf, de overname van een bestaand bedrijf, de overname van (de
                                meerderheid van) de aandelen van een bestaand bedrijf of wijziging
                                van de rechtsvorm van de onderneming;</al><al>iv. artikel 2:39 van de Algemene Plaatselijke Verordening
                                Midden-Delfland 2010 inzake speelgelegenheden, indien sprake is van
                                vestiging van een nieuw bedrijf, de overname van een bestaand
                                bedrijf, de overname van (de meerderheid van) de aandelen van een
                                bestaand bedrijf of wijziging van de rechtsvorm van de
                                onderneming;</al><al> II. overheidsopdrachten zoals genoemd in artikel 1, eerste lid
                                onder h. en j. van de wet;</al><al>III. bouwvergunningen als bedoeld in artikel 40, eerste lid van de
                                Woningwet; </al><al>IV. vergunningen als bedoeld in artikel 8.1 van de Wet
                                milieubeheer;</al><al>V. beschikkingen zoals vermeld in de Algemene subsidieverordening
                                Midden-Delfland 2007.</al></li><li nr="2."><al>Het bestuursorgaan kan, met inachtneming van hetgeen in deze
                                beleidsregels daarover is bepaald, het eveneens toepassen met
                                betrekking tot de intrekking van de in het eerste lid genoemde
                                vergunningen en subsidies respectievelijk ontbinding van de in het
                                eerste lid genoemde overeenkomsten.</al></li><li nr="3."><al>Bij overheidsopdrachten zal het bestuursorgaan bedingen dat de
                                overeenkomst kan worden ontbonden op de gronden vermeld in artikel
                                3, eerste lid van de wet. Ook kan het bestuursorgaan bedingen dat
                                onderaannemers alleen met toestemming van de gemeente kunnen worden
                                gecontracteerd en dat in dat kader een advies kan worden
                                gevraagd.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.</nr><titel>Overige situaties waarin de wet in beginsel wordt toegepast</titel></kop><al>Behalve op de in artikel 2 genoemde besluiten zal het bestuursorgaan de wet
                        in beginsel toepassen: </al><lijst><li nr="1."><al>ten aanzien van bijzondere gevallen waarbij aanleiding bestaat voor
                                het vermoeden dat de beschikking of opdracht mede zou kunnen worden
                                gebruikt om uit gepleegde strafbare feiten verkregen of te
                                verkrijgen, op geld waardeerbare voordelen te benutten of strafbare
                                feiten te plegen; </al></li><li nr="2."><al>in de gevallen waarin de officier van justitie op basis van artikel
                                26 van de wet wijst op de wenselijkheid een advies van het bureau
                                aan te vragen. </al></li><li nr="3."><al>indien het bestuursorgaan besluit tot een branche- of
                                gebiedsgerichte aanpak.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4.</nr><titel>Onderzoek</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het onderzoek naar het zich voordoen van de weigeringsgronden als
                            bedoeld in artikel 3 van de wet bestaat uit:</al><lijst><li nr="a."><al>het beoordelen van de aanvraag tot het verlenen van een
                                    beschikking en de daarbij overgelegde gegevens, mede aan de hand
                                    van bij het bestuursorgaan bekende feiten en
                                    omstandigheden;</al></li><li nr="b."><al>het verzamelen, bewerken en analyseren van informatie die al dan
                                    niet door middel van het in het volgende artikel bedoelde
                                    vragenformulier en de daarbij te voegen bijlagen is verstrekt
                                    door de aanvrager en gegevens die zijn verkregen uit
                                    informatiebronnen die het bestuursorgaan volgens de wet kan
                                    raadplegen;</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien het onder b. bedoelde onderzoek onvoldoende uitsluitsel geeft
                            over de mate van gevaar dat de in artikel 3 van de wet bedoelde feiten
                            zich zullen voordoen, wordt een advies als bedoeld in artikel 9 van de
                            wet ingewonnen bij het bureau.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5.</nr><titel>Informatieverstrekking</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>In door of namens het bestuursorgaan bepaalde gevallen moet betrokkene
                            naast de gebruikelijke aanvraagformulieren de Bibob-vragenformulieren
                            invullen en bij het bestuursorgaan indienen. Daarbij dienen de
                            documenten te worden gevoegd die in de vragenformulieren zijn vermeld
                            en/of die bij de uitreiking van de formulieren zijn door of namens het
                            bestuursorgaan zijn genoemd. Ten aanzien van de gevallen waarin in
                            beginsel om invulling en indiening van het vragenformulier zal worden
                            verzocht, wordt verwezen naar de bij deze beleidsregel behorende en
                            daarvan deel uitmakende indicatorenlijst.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De in het eerste lid bedoelde vragenformulieren bevatten in elk geval de
                            in artikel 30, tweede lid van de wet genoemde vragen en daarnaast
                            aanvullende vragen die het bestuursorgaan zo goed mogelijk in staat
                            stellen het onderzoek als bedoeld in artikel 4 te verrichten. De
                            vragenlijsten zijn als bijlage aan deze beleidsregel toegevoegd.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6.</nr><titel>Uitvoering van nieuwe aanvragen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Ingeval van nieuw ingediende aanvragen dient iedere vergunningaanvraag
                            eerst de normale procedure te doorlopen, waarbij wordt bezien of aan de
                            reguliere vergunningeisen wordt voldaan (APV, Drank- en Horecawet
                            e.d.);</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien aan de reguliere eisen is voldaan, wordt vervolgens het
                            Bibob-vragenformulier doorgenomen aan de hand van een indicatorenlijst:
                            de zogenoemde lichte toets;</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien de resultaten van deze toets hiertoe aanleiding geven, zal
                            vervolgens een zware toets plaatsvinden;</al><lijst><li nr="a."><al>Bij de zware toets gaat het om een gewogen gemiddelde. Het is
                                    ongewenst om de indicatoren in harde criteria vast te leggen,
                                    omdat deze te veel in zwaarte verschillen. Soms is één zware
                                    indicator voldoende om te concluderen dat nader onderzoek
                                    noodzakelijk is, maar ook een reeks van lichtere indicatoren
                                    kunnen - in hun onderlinge samenhang bezien - tot een dergelijke
                                    conclusie leiden. Dit vergt enige sensitiviteit van de
                                    behandelende ambtenaar. Uitgangspunt is dat bij twijfel altijd
                                    de zware toets plaatsvindt;</al></li><li nr="b."><al>De aanvraag wordt buiten behandeling indien het vragenformulier
                                    niet althans niet volledig wordt ingevuld, zoals is bepaald in
                                    artikel 4:5 Algemene wet bestuursrecht.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Ook de onderstaande punten kunnen aanleiding zijn voor het uitvoeren van
                            een zware toets. Daarvoor geldt een aantal harde criteria, namelijk
                            indien:</al><lijst><li nr="a."><al>er sprake is van overname van een vergunningsplichtige
                                    inrichting, die is gesloten of waarvan de vergunning is
                                    ingetrokken op grond van openbare orde overwegingen
                                    (bijvoorbeeld heling, drugs of geweld) of op grond van de wet
                                    Bibob;</al></li><li nr="b."><al>er sprake is van monopolisering (het opkopen van meerdere
                                    inrichtingen en/of onroerende zaken in een bepaald gebied) door
                                    een natuurlijk persoon en/of rechtspersoon dan wel door een
                                    aantal aan elkaar verbonden natuurlijke personen of
                                    rechtspersonen;</al></li><li nr="c."><al>er vermoedelijk een relatie bestaat tussen de recreatie- en/of
                                    seksinrichting met de malafide infrastructuur rond illegale
                                    vreemdelingen.</al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7.</nr><titel>Uitvoering van reeds verstrekte vergunningen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Ten aanzien van verstrekte vergunningen wordt indien daartoe aanleiding
                            bestaat een Bibob-vragenformulier uitgereikt.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Een weigering om het vragenformulier ingevuld te retourneren zal worden
                            beschouwd als een ernstig gevaar op grond van de wet Bibob met als
                            gevolg dat de vergunning wordt ingetrokken.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Van deze wettelijke mogelijkheid wordt actief gebruik gemaakt, indien
                            één of meer van de navolgende situaties van toepassing is / zijn:</al><lijst><li nr="a."><al>als een bepaald gebied specifiek nader wordt bekeken;</al></li><li nr="b."><al>als een bepaalde branche of deel van een branche extra wordt
                                    gecontroleerd;</al></li><li nr="c."><al>als er aanwijzingen zijn dat er sprake is van ernstig gevaar dat
                                    de vergunning mede wordt gebruikt voor het benutten van
                                    voordelen uit strafbare feiten of voor het plegen van strafbare
                                    feiten;</al></li><li nr="d."><al>indien er een redelijk vermoeden bestaat dat ter verkrijging van
                                    de vergunning een strafbaar feit is gepleegd (bijvoorbeeld
                                    omkoping).</al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8.</nr><titel>Weigering / intrekking andere vergunningen van dezelfde ondernemer en
                            sluiting</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Indien een Bibob-advies wordt gevraagd ten aanzien van een bepaalde
                            ondernemer, dan heeft dit verzoek betrekking op alle aan de ondernemer
                            binnen deze gemeente verleende vergunningen, welke onder de reikwijdte
                            van de wet Bibob vallen. Dat betekent dat in het geval dat de
                            burgemeester/ het college een negatief advies van het Bureau overneemt,
                            in één keer de aanvraag wordt geweigerd en alle reeds verstrekte
                            vergunningen worden ingetrokken.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien de onderneming(en) ten tijde van de weigering of intrekking nog
                            geopend is/zijn, zal sluiting onmiddellijk na de bezwaarfase
                            plaatsvinden onder voorwaarde dat de gemeente in het gelijk is gesteld.
                            Indien in die situatie een voorlopige voorziening wordt gevraagd, wordt
                            de sluiting opgeschort tot de uitspraak van de
                            voorzieningenrechter.</al><al/><al>Schipluiden, 15 december 2009.</al><al/><al>Burgemeester en wethouders van Midden-Delfland,</al><al/><al>De secretaris, de burgemeester,</al><al>P.T. Veenman, A.J. Rodenburg</al><al/><al>De burgemeester van Midden-Delfland,</al><al>A.J. Rodenburg</al></lid></artikel></regeling-tekst><bijlage><tussenkop><vet>BIJLAGE BEHOREND BIJ BELEIDSLIJN BIBOB</vet></tussenkop><tussenkop><vet>Indicatorenlijst bij beleidsregel toepassing Wet
                        Bibob</vet></tussenkop><al>Behoort bij de beleidsregel voor de toepassing van de Wet Bibob vastgesteld door
                    het college van burgemeester en wethouders Midden-Delfland en door de
                    burgemeester van de gemeente Midden-Delfland op 15 december 2009. Indicatoren
                    die aanleiding kunnen vormen tot het toepassen van de Wet bevordering
                    integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur. Deze lijst is niet
                    limitatief, ook andere gronden kunnen aanleiding vormen tot het instellen van
                    een onderzoek. </al><tussenkop><onderstreept>De
                    bedrijfsstructuur</onderstreept></tussenkop><tussenkop>Inrichting/organisatie </tussenkop><lijst><li nr="·"><al>onduidelijke, ondoorzichtige organisatiestructuur </al></li><li nr="·"><al>niet duidelijk wie uiteindelijk verantwoordelijk is </al></li><li nr="·"><al>onderneming biedt infrastructuren aan het illegale circuit, als een
                            dekmantel voor allerlei activiteiten zoals illegaal gokken, illegale
                            prostitutie, mensenhandel/smokkel, drugshandel, heling, verduistering,
                            wapenhandel </al></li><li nr="·"><al>melding van schietpartijen, vechtpartijen, harddrugs, illegale
                            prostitutie, illegale vrouwen, drugsdealers</al></li><li nr="·"><al>a-typische (oneigenlijke) activiteiten vinden plaats in en rond de
                            inrichting </al></li><li nr="·"><al>heropening van het pand </al></li><li nr="·"><al>functiewijziging van pand of inrichting </al></li><li nr="·"><al>ongebruikelijke plaats om exploitatie te starten </al></li><li nr="·"><al>onduidelijk ondernemingsplan </al></li></lijst><tussenkop>Persoon aanvrager/exploitant </tussenkop><lijst><li nr="·"><al>leidinggevende/beheerder is waarschijnlijk niet de officiële
                            leidinggevende (katvanger of stroman) </al></li><li nr="·"><al>aanvrager is geen officiële leidinggevende/beheerder </al></li><li nr="·"><al>wijziging in exploitant </al></li><li nr="·"><al>aanvrager/exploitant is vaak niet aanwezig </al></li></lijst><tussenkop>Overig </tussenkop><lijst><li nr="·"><al>gedwongen overname van inrichting (bijv. door afpersing of wurgcontract)
                        </al></li><li nr="·"><al>geen recent uittreksel Kamer van Koophandel </al></li></lijst><tussenkop><onderstreept>De financiering</onderstreept></tussenkop><tussenkop>Inrichting</tussenkop><lijst><li nr="·"><al>onduidelijke financiering (nieuwe) inrichting pand </al></li><li nr="·"><al>huurder is bonafide maar huurt van een persoon met twijfelachtige
                            integriteit </al></li><li nr="·"><al>zeer hoge waarborgsom vereist </al></li><li nr="·"><al>extreem hoge/lage huur, ongebruikelijke hoogte huurpenningen </al></li><li nr="·"><al>aanvrager heeft veel panden in bezit </al></li><li nr="·"><al>onduidelijke financiering van de panden </al></li></lijst><tussenkop>Persoon aanvrager/exploitant </tussenkop><lijst><li nr="·"><al>uitkering Sociale Dienst </al></li><li nr="·"><al>verdachte financiering </al></li><li nr="·"><al>ongebruikelijke financieringsstructuur, afwijkend van de gangbare wijze
                            van financieren</al></li><li nr="·"><al>ongebruikelijke financier </al></li><li nr="·"><al>slechte exploitatie vorige zaak </al></li><li nr="·"><al>geen bedrijfsplan </al></li></lijst><tussenkop>Overig </tussenkop><lijst><li nr="·"><al>a-typische (gezien de aard van de transacties ongebruikelijke)
                            betalingswijzen </al></li><li nr="·"><al>onduidelijke financiering van de exploitatie </al></li></lijst><tussenkop><onderstreept>Omstandigheden in de persoon van de
                        aanvrager</onderstreept></tussenkop><tussenkop>Persoon aanvrager/exploitant </tussenkop><lijst><li nr="·"><al>binnen de gemeente gebruikt de aanvrager het “lobbycircuit” </al></li><li nr="·"><al>problemen met identificatie, alleen origineel is rechtsgeldig </al></li><li nr="·"><al>exploitant/beheerder zelden aanwezig in de inrichting </al></li><li nr="·"><al>minder voor de hand liggende personen vragen vergunning aan </al></li><li nr="·"><al>minder voor de hand liggende aanvraag voor deze aanvrager </al></li><li nr="·"><al>aanvrager heeft geen vakkennis</al></li><li nr="·"><al>antecedenten in relatie tot openbare orde (heling, drugs, wapens,
                            geweld) </al></li><li nr="·"><al>aanvrager wordt vergezeld door een lijfwacht, privé-chauffeur of
                            gecontroleerd door een branchevreemde adviseur/jurist </al></li><li nr="·"><al>aanvrager is bekend uit criminele circuit, eventueel politie-informatie
                        </al></li><li nr="·"><al>aan de aanvrager is al vaker een vergunning geweigerd </al></li></lijst><tussenkop>Overig</tussenkop><lijst><li nr="·"><al>formulieren onvolledig ingevuld </al></li><li nr="·"><al>‘verdacht’ woonadres, Leger des Heilsadres, gevangenis, postbus, veel
                            mensen op één adres</al></li><li nr="·"><al>aanvrager is een buitenlandse rechtspersoon </al></li></lijst><tussenkop><onderstreept>Algemeen geldende en beleidsindicatoren
                    </onderstreept></tussenkop><tussenkop>Inrichting ligt in: </tussenkop><lijst><li nr="·"><al>kwetsbare wijk, opeenstapeling van ‘probleem-inrichtingen’</al></li><li nr="·"><al>aanvraag in een vastgesteld aandachtsgebied, geografisch gebied </al></li><li nr="·"><al>aanvraag in een vastgesteld aandachtsgebied, bepaalde branche </al></li></lijst><tussenkop>Er is sprake van: </tussenkop><lijst><li nr="·"><al>bedreiging behandelend ambtenaar </al></li><li nr="·"><al>valsheid in geschrifte bij aanvraag </al></li><li nr="·"><al>fraude (valse diploma’s, id-papieren, huurcontracten) </al></li><li nr="·"><al>mishandeling, bedreiging van ambtenaar </al></li><li nr="·"><al>steekpenningen, omkoping van ambtenaar </al></li><li nr="·"><al>behandelend ambtenaar voelt zich bedreigd (subjectief) </al></li></lijst><tussenkop>Mogelijk samengestelde indicatoren voor een
                    BIBOB-aanvraag </tussenkop><lijst><li nr="·"><al>(bijstands)uitkering en geen bankgarantie voor de investering </al></li><li nr="·"><al>(bijstands)uitkering en geen bedrijfsplan </al></li><li nr="·"><al>onduidelijke financiering en extreem hoge of lage huur </al></li><li nr="·"><al>slechte beheersing Nederlandse taal en identificatieprobleem </al></li><li nr="·"><al>geen bedrijfsplan en a-typische aanvraag </al></li></lijst><tussenkop><vet>Uitvoering van de beleidslijn</vet></tussenkop><tussenkop><vet>1. Nieuwe aanvragen</vet></tussenkop><al>STAP 1 Iedere vergunningaanvraag doorloopt eerst de normale procedure waarbij
                    wordt bezien of aan de reguliere vergunningeisen wordt voldaan (APV, Drank- en
                    Horecawet e.d.). </al><al>STAP 2 Indien aan de reguliere eisen is voldaan, wordt vervolgens het
                    Bibob-vragenformulier doorgenomen aan de hand van een
                        <cursief>indicatorenlijst</cursief>: de zgn. lichte toets. </al><al>STAP 3 Indien de resultaten van deze toets hiertoe aanleiding geven, zal
                    vervolgens een zware toets plaatsvinden. </al><al>Bij de zware toetst gaat het om een gewogen gemiddelde. Het is ongewenst om de
                    indicatoren in harde criteria vast te leggen, omdat deze te veel in zwaarte
                    verschillen. Soms is één zware indicator voldoende om te concluderen dat nader
                    onderzoek noodzakelijk is, maar ook een reeks van lichtere indicatoren kunnen -
                    in hun onderlinge samenhang bezien - tot een dergelijke conclusie leiden. Dit
                    vergt enige sensitiviteit van de behandelend ambtenaar. Uitgangspunt is dat bij
                    twijfel altijd de zware toets plaatsvindt. </al><al>Ook de onderstaande punten kunnen aanleiding zijn voor het uitvoeren van een
                    zware toets. Het strategische kader verschaft daarvoor een aantal harde
                    criteria, namelijk indien:</al><lijst><li nr="·"><al>er sprake is van overname van een recreatie-inrichting. Welke is
                            gesloten of waarvan de vergunning is ingetrokken op grond van openbare
                            orde overwegingen (heling, drugs of geweld) of op grond van de wet
                            Bibob; </al></li><li nr="·"><al>er sprake is van monopolisering (het opkopen van meerdere inrichtingen
                            en/of onroerende zaken in een bepaald gebied) door een natuurlijk
                            persoon en/of rechtspersoon dan wel door een aantal aan elkaar verbonden
                            natuurlijke personen of rechtspersonen;</al></li><li nr="·"><al>er vermoedelijk een relatie bestaat tussen de recreatie- en/of
                            seksinrichting met de malafide infrastructuur rond illegalen;</al></li><li nr="·"><al>er sprake is van een tip van het OM (zie verder onder 4).</al></li></lijst><tussenkop><vet>2. Reeds verstrekte vergunningen</vet></tussenkop><al>In de Bibob-beleidslijn wordt ten aanzien van verstrekte vergunningen aangegeven
                    dat een Bibob-vragenformulier zal worden uitgereikt, indien daartoe aanleiding
                    bestaat. Een weigering om het vragenformulier ingevuld te retourneren zal worden
                    beschouwd als een ernstig gevaar op grond van de wet Bibob met als gevolg dat de
                    vergunning wordt ingetrokken. Van deze wettelijke mogelijkheid wordt actief
                    gebruik gemaakt, indien één of meer van de navolgende situaties van toepassing
                    is / zijn:</al><lijst><li nr="1."><al>als een bepaald gebied specifiek nader wordt bekeken;</al></li><li nr="2."><al>als een bepaalde branche of deel van een branche extra wordt
                            gecontroleerd;</al></li><li nr="3."><al>als er aanwijzingen zijn dat er sprake is van ernstig gevaar dat de
                            vergunning mede wordt gebruikt voor het benutten van voordelen uit
                            strafbare feiten of voor het plegen van strafbare feiten;</al></li><li nr="4."><al>indien er een redelijk vermoeden bestaat dat ter verkrijging van de
                            vergunning een strafbaar feit is gepleegd (b.v. omkoping).</al></li></lijst><tussenkop><vet>3. Weigering / intrekking andere vergunningen van
                        dezelfde ondernemer en sluiting</vet></tussenkop><al>Indien een Bibob-advies wordt gevraagd ten aanzien van een bepaalde ondernemer,
                    dan heeft dit verzoek betrekking op alle aan de ondernemer verleende
                    vergunningen, welke onder de reikwijdte van de wet Bibob vallen. Dat betekent
                    dat bij een negatief advies en dit advies door de burgemeester / college wordt
                    overgenomen in één keer de aanvraag wordt geweigerd en alle verstrekte
                    vergunningen worden ingetrokken.</al><al>Indien de onderneming(en) ten tijde van de weigering of intrekking nog geopend
                    is/zijn, zal sluiting onmiddellijk na de bezwaarfase plaatsvinden onder
                    voorwaarde dat de gemeente in het gelijk is gesteld. Indien in die situatie een
                    voorlopige voorziening wordt gevraagd, wordt de sluiting opgeschort tot de
                    uitspraak van de voorzieningenrechter. </al></bijlage></regeling></body></cvdr>