<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd">
  <meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR315681_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening op de heffing en invordering van reclamebelasting 2014</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Rijssen-Holten</dcterms:creator><dcterms:modified>2016-08-09</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Rijssen-Holten</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Onbekend</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening Reclamebelasting 2014</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet, artikel 227</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>financiën en economie</dcterms:subject><dcterms:issued>2013-12-19</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2014-01-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2015-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe verordening</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>2013 - 76</overheidrg:kenmerk><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta>
  
  <body><intitule>
      Verordening op de heffing en invordering van reclamebelasting 2014
    </intitule>
    
    <regeling>
      <aanhef>
        <preambule>
          <al>de raad van de gemeente Rijssen-Holten</al>
          <al>overwegingen:</al>
          <lijst>
            <li nr="-"><al>gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders ‘instelling van
                                ondernemersfonds en reclamebelasting’ dd. 19 november 2013,
                                programma economie en werk en paragraaf lokale heffingen van de
                                programmabegroting 2014;</al></li>
            <li nr="-"><al>gelet op de instelling van een ondernemersfonds, gevoed door de
                                geheven gelden uit de reclamebelasting minus de perceptiekosten,
                                toegewezen aan en besteed door de Stichting Ondernemersfonds;</al></li>
            <li nr="-"><al>gelet op artikel 227 van de Gemeentewet;</al></li>
            <li nr="-"><al>gezien de bespreking in de commissie Algemeen Bestuurlijke Zaken en
                                Middelen op 2 december 2013;</al></li>
            <li nr="-"><al>gezien de toelichting op de vrijstellingsbepalingen;</al></li>
          </lijst>
          <al>besluit: </al>
          <al>de verordening op de heffing en invordering van reclamebelasting 2014
                        (verordening reclamebelasting 2014) vast te stellen.</al>
        </preambule>
      </aanhef>
      <regeling-tekst>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>1</nr>
            <titel>Begripsomschrijvingen</titel>
          </kop>
          <al>Deze verordening verstaat onder:</al>
          <lijst>
            <li nr="a."><al>reclameobject: een openbare aankondiging in letters, symbolen, logos
                                en kleuren, of een combinatie daarvan, zichtbaar vanaf de openbare
                                weg;</al></li>
            <li nr="b."><al>bouwwerk: elke constructie van enige omvang van hout, steen, metaal
                                of ander materiaal, welke op de plaats van bestemming hetzij direct
                                of indirect met de grond verbonden is, hetzij directe of indirecte
                                steun vindt in of op de grond;</al></li>
            <li nr="c."><al>onroerende zaak: de onroerende zaak, bedoeld in hoofdstuk III van de
                                Wet waardering onroerende zaken;</al></li>
            <li nr="d."><al>jaar: een kalenderjaar;</al></li>
            <li nr="e."><al>voorziening: specifiek hulpmiddel bestemd voor het aanbrengen van
                                een of meer (al dan niet wisselende) openbare aankondigingen.</al></li>
          </lijst>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>2</nr>
            <titel>Gebiedsomschrijving</titel>
          </kop>
          <al>Deze verordening is van toepassing binnen het gebied van de gemeente
                        Rijssen-Holten zoals aangegeven op de bij deze verordening behorende
                        kaart.</al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>3</nr>
            <titel>Belastbaar feit</titel>
          </kop>
          <al>Onder de titel ‘reclamebelasting’ wordt, onder de bij deze verordening
                        gestelde voorwaarden, binnen het gebied als bedoeld in artikel 2 een directe
                        belasting geheven ter zake van openbare aankondigingen zichtbaar vanaf de
                        openbare weg.</al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>4</nr>
            <titel>Belastingplicht</titel>
          </kop>
          <al>De reclamebelasting wordt geheven van degene die de openbare aankondiging
                        heeft, dan wel van degene ten behoeve van wie de openbare aankondiging is
                        aangebracht.</al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>5</nr>
            <titel>Maatstaf van heffing en belastingtarief</titel>
          </kop>
          <lid>
            <lidnr>1.</lidnr>
            <al>De reclamebelasting wordt geheven per onroerende zaak.</al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>2.</lidnr>
            <al>De heffingsmaatstaf is een % van de op voet van hoofdstuk IV van de Wet
                            waardering onroerende zaken voor de onroerende zaak vastgestelde waarde
                            voor het kalenderjaar.</al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>3.</lidnr>
            <al>Indien met betrekking tot een onroerende zaak geen waarde is vastgesteld
                            op de voet van hoofdstuk IV van de Wet waardering onroerende zaken wordt
                            de heffingsmaatstaf van die onroerende zaak bepaald met overeenkomstige
                            toepassing van het bepaalde bij of krachtens de artikelen 17, 18 en 20,
                            tweede lid, van de Wet waardering onroerende zaken.</al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>4.</lidnr>
            <al>Het bedrag van de reclamebelasting bedraagt 0,1446% van de
                            WOZ-waarde.</al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>5.</lidnr>
            <al>Indien de vastgestelde WOZ-waarde voor het betreffende jaar naar beneden
                            wordt bijgesteld, wordt de aanslag ambtshalve verminderd indien de
                            lagere WOZ-waarde leidt tot een lager belastingbedrag voor de
                            reclamebelasting.</al>
          </lid>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>6</nr>
            <titel>Belastingtijdvak</titel>
          </kop>
          <al>Het belastingtijdvak is gelijk aan het kalenderjaar.</al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>7</nr>
            <titel>Ontstaan van de belastingschuld en heffing naar tijdsgelang</titel>
          </kop>
          <lid>
            <lidnr>1.</lidnr>
            <al>De belastingschuld ontstaat bij het begin van het belastingtijdvak.</al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>2.</lidnr>
            <al>Indien de belastingplicht na het begin van het belastingtijdvak
                            aanvangt, ontstaat de belastingschuld bij de aanvang van de
                            belastingplicht.</al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>3.</lidnr>
            <al>Indien de belastingplicht in de loop van het belastingtijdvak aanvangt,
                            is de reclamebelasting verschuldigd voor zoveel twaalfde gedeelten van
                            de voor dat jaar verschuldigde reclamebelasting als er in dat jaar, na
                            het tijdstip van de aanvang van de belastingplicht, nog volle
                            kalendermaanden overblijven.</al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>4.</lidnr>
            <al>Indien de belastingplicht in de loop van het belastingtijdvak eindigt,
                            wordt de aanslag op verzoek van belastingplichtige verminderd met zoveel
                            twaalfde gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde reclamebelasting
                            als er in dat jaar, na het tijdstip van de beëindiging van de
                            belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven.</al>
          </lid>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>8</nr>
            <titel>Wijze van heffing</titel>
          </kop>
          <al>De reclamebelasting wordt geheven bij wege van aanslag.</al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>9</nr>
            <titel>Vrijstellingen</titel>
          </kop>
          <al>De reclamebelasting wordt niet geheven voor openbare aankondigingen:</al>
          <lijst>
            <li nr="a."><al>die korter dan 13 weken aanwezig zijn, tenzij deze openbare
                                aankondigingen zijn geplaatst in een voorziening waarin, waaraan of
                                waarop wisselende openbare aankondigingen worden geplaatst, die
                                individueel korter dan 13 weken aanwezig zijn, maar waarbij de
                                verschillende openbare aankondigingen gezamenlijk 13 weken of meer
                                aanwezig zijn.</al></li>
            <li nr="b."><al>die als algemene bewegwijzering waarmee een algemeen belang wordt
                                gediend, kunnen worden aangemerkt;</al></li>
            <li nr="c."><al>die door de gemeente of in opdracht van de gemeente is geplaatst of
                                aangebracht, indien en voor zover de openbare aankondiging geschiedt
                                ter uitvoering van de publieke taak;</al></li>
            <li nr="d."><al>die door (semi-)overheden of culturele, maatschappelijke of daarmee
                                gelijk te stellen lichamen met ideële doelstellingen zijn
                                aangebracht en betrekking hebben op activiteiten die uitsluitend een
                                cultureel, maatschappelijk, charitatief of ideëel belang
                                dienen;</al></li>
            <li nr="e."><al>aangebracht door of namens winkeliersverenigingen of
                                centrummanagement, waarbij het reclameobject uitsluitend bestaat uit
                                een vlag, banier of zuil met de naam van de winkeliersvereniging of
                                het centrummanagement;</al></li>
            <li nr="f."><al>aangebracht op bouwterreinen, voor zover deze opschriften
                                rechtstreeks betrekking hebben op de op dat terrein in uitvoering
                                zijnde bouwwerkzaamheden;</al></li>
            <li nr="g."><al>die door politieke partijen zijn aangebracht en die een ideëel
                                belang dienen;</al></li>
            <li nr="h."><al>die onderdeel uitmaken van voor de verkoop of verhuur bestemde
                                artikelen en producten in een etalage of in de winkel;</al></li>
            <li nr="i."><al>bestemd voor de verkoop of verhuur van onroerende zaken, indien deze
                                aanwezig zijn in de onmiddellijke nabijheid van de te verkopen of te
                                verhuren zaak;</al></li>
            <li nr="j."><al>aangebracht op scholen, zorginstellingen, ziekenhuizen, kerken en
                                moskeeën, die betrekking hebben op de functie van het gebouw.</al></li>
          </lijst>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>10</nr>
            <titel>Betalingstermijn</titel>
          </kop>
          <lid>
            <lidnr>1.</lidnr>
            <al>In afwijking van artikel 9, eerste lid van de Invorderingswet 1990
                            moeten de aanslagen worden betaald in twee gelijke termijnen, waarvan de
                            eerste vervalt op de laatste dag van de maand volgend op de maand die in
                            de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en de 2e 1 maanden
                            later.</al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>2.</lidnr>
            <al>De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in het eerste lid
                            gestelde termijn.</al>
          </lid>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>11</nr>
            <titel>Kwijtschelding</titel>
          </kop>
          <al>Bij de invordering van deze belasting wordt geen kwijtschelding
                        verleend.</al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>12</nr>
            <titel>Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders</titel>
          </kop>
          <al>Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels stellen met
                        betrekking tot de heffing en invordering van de reclamebelasting.</al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>13</nr>
            <titel>Inwerkingtreding</titel>
          </kop>
          <lid>
            <lidnr>1.</lidnr>
            <al>Deze verordening treedt in werking op 1 januari 2014.</al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>2.</lidnr>
            <al>De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2014.</al>
          </lid>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>14</nr>
            <titel>Citeerartikel</titel>
          </kop>
          <al>Deze verordening wordt aangehaald als "Verordening Reclamebelasting
                        2014".</al>
        </artikel>
      </regeling-tekst>
      <regeling-sluiting>
        <slotformulering>
          <al>besluit genomen in de openbare vergadering van de raad van Rijssen-Holten 19
                        december 2013</al>
        </slotformulering>
        <ondertekening>
           drs. H.A.J. van de Vliert
        </ondertekening>
        <ondertekening>
           A.C. Hofland
        </ondertekening>
        <ondertekening>
          griffier
        </ondertekening>
        <ondertekening>
          voorzitter
        </ondertekening>
      </regeling-sluiting>
    </regeling>
  </body>
</cvdr>