<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.92--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR313897_2</dcterms:identifier><dcterms:title>Drank- en Horecaverordening</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Appingedam</dcterms:creator><dcterms:modified>2014-01-01</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Appingedam</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Eemslander, 27 december 2013</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Drank- en Horecaverordening gemeente Appingedam</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:c:BWBR0002458&amp;artikel=artikel 4 eerste tot en met derde lid en artikel 25 a&amp;g=2013-12-19">Artikel 4 eerste tot en met derde lid en artikel 25 a</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>openbare orde en veiligheid</dcterms:subject><dcterms:issued>2013-12-19</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2014-01-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2022-12-31</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Onbekend</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Onbekend</overheidrg:kenmerk><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Drank- en Horecaverordening</intitule><regeling><aanhef><preambule><al><vet>Raadsbesluit</vet></al><al/><al>De raad der gemeente Appingedam,</al><al>gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders </al><al>d.d. 26 november 2013,</al><al>gelet op artikel 4 eerste tot en met derde lid en artikel 25 a van de
                        Drank- en Horecawet,</al><al>besluit vast te stellen de volgende:</al><al><vet>Drank- en Horecaverordening.</vet></al></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>1</nr><titel>Begripsbepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsbepalingen</titel></kop><al>De begripsbepalingen uit artikel 1 van de Drank- en Horecawet zijn op
                            deze verordening van toepassing. </al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>2</nr><titel>Bepalingen paracommercie</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Schenktijden</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Buiten onderstaande tijden is het voor paracommerciële
                                rechtspersonen van sportieve aard verboden om alcohol te
                                schenken.</al><lijst><li nr="a."><al>Maandag tot en met vrijdag van 18:00 tot twee uur na afloop
                                        van de hoofdactiviteit met een maximale eindtijd van 24:00
                                        uur.</al></li><li nr="b."><al>Zaterdag van 13:00 uur tot twee uur na afloop van de
                                        hoofdactiviteit met een maximale eindtijd van 24:00
                                        uur.</al></li><li nr="c."><al>Zondag van 12:00 uur tot twee uur na afloop van de
                                        hoofdactiviteit met een maximale eindtijd van 24:00
                                        uur.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Buiten onderstaande tijden is het voor paracommerciële
                                rechtspersonen welke zich voornamelijk richten op het organiseren
                                van activiteiten waarbij het faciliteren van sociale interactie een
                                voorname rol speelt en bij overige paracommerciële rechtspersonen
                                verboden om alcohol te schenken:</al><lijst><li nr="a."><al>Maandag tot en met vrijdag van 14:00 tot één uur na afloop
                                        van de hoofdactiviteit met een maximale eindtijd van 24:00
                                        uur.</al></li><li nr="b."><al>Zaterdag en zondag van 12:00 uur tot één uur na afloop van
                                        de hoofdactiviteit met een maximale eindtijd van 24.00
                                        uur.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Onverminderd het bepaalde in lid 2, is het verboden om alcoholische
                                dranken te schenken in paracommerciële rechtspersonen wanneer de
                                hoofdactiviteit van deze inrichting gericht is, of mede gericht is,
                                op personen onder de 18 jaar.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De burgemeester kan in bijzondere omstandigheden, in relatie tot de
                                activiteiten van die rechtspersoon, ontheffing verlenen van het
                                bepaalde in de leden 1 en 2.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Verbod sterke drank</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het is verboden bedrijfsmatig of anders dan om niet sterke drank te
                                verstrekken in inrichtingen van de volgende aard:</al></lid><lid><lidnr>1.</lidnr><al>een paracommercieel rechtspersoon dat zich voornamelijk richt op het
                                organiseren van activiteiten van sportieve aard;</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>een paracommercieel rechtspersoon dat zich voornamelijk richt op het
                                organiseren van activiteiten van educatieve aard;</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>een paracommercieel rechtspersoon dat zich voornamelijk richt op het
                                organiseren van activiteiten voor de jeugd of dat voornamelijk wordt
                                bezocht door de jeugd.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De burgemeester kan in het belang van de openbare orde, de
                                veiligheid, de zedelijkheid of de volksgezondheid aan een vergunning
                                als bedoeld in artikel 3 van de Drank- en Horecawet voorschriften
                                verbinden en de vergunning beperken tot het verstrekken van
                                zwak-alcoholhoudende drank.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De burgemeester kan aan de paracommerciële inrichting in bijzondere
                                omstandigheden, in relatie tot de activiteiten van die
                                rechtspersoon, ontheffing verlenen van het eerste lid.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Verbod bijeenkomsten van persoonlijke aard</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het is paracommerciële rechtspersonen verboden alcoholhoudende drank
                                te verstrekken tijdens bijeenkomsten van persoonlijke aard.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De burgemeester kan aan buurthuizen en verenigingsgebouwen niet
                                zijnde sport- en jeugdinstellingen ontheffing verlenen van het in
                                het eerste lid genoemde verbod voor ten hoogste zes bijeenkomsten
                                van persoonlijke aard per jaar.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De rechtspersoon uit lid 2 dient uiterlijk zes weken voorafgaand aan
                                de te houden activiteit een aanvraag in bij de burgemeester.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het is verboden om de mogelijkheid tot het houden van en deelname
                                aan bijeenkomsten van persoonlijke aard in een paracommerciële
                                rechtspersoon openlijk aan te prijzen of door middel van reclame
                                onder de aandacht te brengen.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>3</nr><titel>Overgangs- en slotbepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Overgangsrecht</titel></kop><lijst><li nr="1"><al>In navolging van de in artikel III van de Wet tot wijziging van de
                            Drank- en Horecawet van 24 mei 2012 opgenomen overgangsregeling voor
                            paracommerciële instellingen, vervallen op het tijdstip van
                            inwerkingtreding van deze verordening voor paracommerciële inrichtingen: </al><lijst><li nr="a."><al>de voorschriften en beperkingen die tot dat tijdstip zijn
                                    gesteld;</al></li><li nr="b."><al>de ontheffingen die tot dat tijdstip door het college van
                                    burgemeester en wethouders en de burgemeester zijn
                                    verleend;</al></li><li nr="c."><al>de tot dat tijdstip gehanteerde schenk- of taptijden.</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>Voorschriften en beperkingen die tot het tijdstip van
                                            inwerkingtreding van deze verordening op grond van
                                            eerdere gemeentelijke verordeningen krachtens de wet
                                            zijn gesteld aan vergunningen van andere dan in het
                                            eerste lid bedoelde inrichtingen, blijven van
                                            kracht.</al></li><li nr="3."><al>Ontheffingen die tot het tijdstip van inwerkingtreding
                                            van deze verordening zijn verleend op grond van eerdere
                                            gemeentelijke verordeningen krachtens de wet, behalve de
                                            in het eerste lid, onder b bedoelde ontheffingen,
                                            blijven 12 maanden na inwerkingtreding van deze
                                            verordening van kracht. Daarna komen deze ontheffingen
                                            te vervallen.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Inwerkingtreding en citeertitel</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Deze verordening treedt in werking op 1 januari 2014.</al></li><li nr="2."><al>De Drank- en Horecaverordening 2003, vastgesteld bij
                                    raadsbesluit d.d. 20 november 2003 wordt ingetrokken met ingang
                                    van de in het eerste lid genoemde datum.</al></li><li nr="3."><al>Deze verordening kan worden aangehaald als Drank- en
                                    Horecaverordening gemeente Appingedam.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus besloten in de openbare </ondertekening><ondertekening>vergadering d.d. 19 december 2013</ondertekening><ondertekening>De raad voornoemd,</ondertekening><ondertekening> , voorzitter. , griffier.</ondertekening><ondertekening> (H.K. Pot) (E.P. Faber-van Brug)</ondertekening></regeling-sluiting><bijlage><kop><titel>Bijlage Algemene toelichting</titel></kop><tussenkop>Geschiedenis Drank- en Horecawet </tussenkop><al>De Drank- en Horecawet (hierna: DHW) ordent de distributie van alcoholhoudende
                    drank. De wet bestaat sinds 1964. Kern van de wet is dat (overmatig)
                    alcoholgebruik kan leiden tot gezondheidsschade, overlast en ongevallen. Daarom
                    is een vergunning vereist voor het verstrekken van alcoholhoudende drank in
                    slijterijen en in de horeca. </al><tussenkop>Nieuwe bepalingen in 2013</tussenkop><al>Per 1 januari 2013 is de DHW gewijzigd. Eén van de belangrijkste wijzigingen is
                    dat het toezicht op de naleving van de bepalingen in de DHW overgegaan is van de
                    Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit naar de gemeenten. Uitgangspunt hierbij
                    is dat gemeenten het toezicht efficiënter in kunnen zetten en vaker toezicht
                    kunnen uitoefenen. </al><al>Voortaan is de burgemeester het bevoegd gezag. De gemeenteraad heeft in de
                    nieuwe wet meer mogelijkheden gekregen om op lokaal niveau een (betere)
                    invulling te geven aan het alcoholbeleid. Zo is de mogelijkheid om
                    leeftijdsgrenzen aan de reguliere horeca vast te stellen, uitgebreid. Een
                    minimum toelatingsleeftijd kan gekoppeld worden aan tijdsruimten. Ook bestaat de
                    mogelijkheid om extreme prijsacties in supermarkten en horeca in een verordening
                    te verbieden. Gemeenteraden hebben daarnaast de verplichting gekregen om voor 1
                    januari 2014 een verordening op te stellen waarin de alcoholverstrekking door
                    paracommerciële rechtspersonen wordt gereguleerd. </al><al>Een andere belangrijke wijziging is dat jongeren onder de 16 jaar strafbaar zijn
                    als zij in het bezit zijn van alcoholhoudende drank. Deze jongeren kunnen beboet
                    worden. Op 18 juni 2013 is door de Eerste Kamer het wetsvoorstel aangenomen om
                    de leeftijdsgrenzen in de Drank- en Horecawet te verhogen van 16 naar 18 jaar.
                    Deze wetswijziging treedt in werking op 1 januari 2014. </al><al>Het verstrekken en verkopen van alcohol aan jongeren (nu nog onder de 16 jaar)
                    kan als gevolg van de wijziging van de Drank- en Horecawet harder aangepakt
                    worden. Supermarkten en andere detailhandelaren die binnen één jaar drie keer
                    betrapt worden op het verkopen van alcohol aan jongeren onder de leeftijdsgrens
                    kan het tijdelijk worden verboden om alcoholhoudende drank te verkopen. De
                    burgemeester is bevoegd om een alcoholverkoopverbod op te leggen van minimaal
                    één tot maximaal twaalf weken. </al><al>Afgegeven vergunningen kunnen, wanneer de voorschriften worden overtreden, niet
                    alleen worden ingetrokken, maar nu ook worden geschorst. </al><al>De administratieve lasten voor horeca- en slijtersbedrijven zijn met de
                    wetswijziging verminderd. Een ondernemer hoeft een nieuwe leidinggevende slechts
                    te melden bij burgemeester. Er hoeft geen nieuwe vergunning te worden
                    aangevraagd. </al><tussenkop>Convenant alcohol en jeugd</tussenkop><al>Niet alleen landelijk, ook op provinciaal niveau is de behoefte aanwezig om het
                    alcoholgebruik onder jongeren te verminderen. Op 8 februari 2012 is het
                    convenant alcohol en jongeren getekend door alle gemeenten van de provincie
                    Groningen, waaronder ook de DEAL-gemeenten, het Openbaar Ministerie, de
                    Regiopolitie Groningen en de GGD Groningen. De looptijd van dit convenant is
                    bepaald op 5 jaar. In dit convenant zijn de volgende twee algemene
                    doelstellingen verwoord:</al><lijst><li nr="1."><al>Jongeren drinken tot hun 16de jaar geen alcohol en gaan vanaf hun 16de
                            jaar hier verantwoord mee om.</al></li><li nr="2."><al>Ouders van jongeren tot 18 jaar nemen hun verantwoordelijkheid voor het
                            aanleren van verantwoord alcoholgebruik.</al></li></lijst><al>De DEAL-gemeenten onderschrijven deze doelstellingen en verwachten met de
                    vaststelling van deze verordening een bijdrage te leveren aan deze
                    doelstellingen. </al><tussenkop>Doelstelling nieuwe Drank- en Horecaverordening</tussenkop><al>Het doel van deze nieuwe Drank- en Horecaverordening is tweeledig. Enerzijds is
                    het doel het beschermen van de horeca tegen oneerlijke concurrentie van de
                    paracommercie, waarbij de paracommercie voldoende ruimte behoud voor een gezonde
                    exploitatie van de inrichting. </al><al>Anderzijds is het doel de laagdrempelige mogelijkheden voor het verkrijgen van
                    alcohol door jongeren te beperken en daarmee het overmatig alcoholgebruik onder
                    jongeren te verminderen. </al><tussenkop>Bevoegdheden gemeenteraad</tussenkop><al>Per 1 januari 2013 hebben de gemeenteraden de bevoegdheid om bij verordening de
                    volgende aspecten te reguleren:</al><lijst><li nr="a."><al>Alcoholverstrekking in paracommerciële inrichtingen (conform artikel 4
                            DHW). De regels hebben in ieder geval betrekking op het vaststellen van
                            de schenktijden en het verbod/beperken van alcoholverstrekking bij
                            bijeenkomsten van persoonlijke aard en bijeenkomsten die gericht zijn op
                            personen die niet of niet rechtstreeks bij de activiteiten van de
                            paracommerciële rechtspersoon betrokken zijn. Voor het stellen van de
                            regels geldt dat rekening gehouden mag worden met de aard van de
                            paracommerciële rechtspersoon.</al></li><li nr="b."><al>Het verbieden of beperken van verstrekking van alcoholhoudende dranken
                            in de horeca en in slijterijen (conform artikel 25a DHW). Hierbij kan
                            worden bepaald dat het verbod slechts geldt voor inrichtingen van een
                            bepaalde aard, alleen in de aangewezen delen van de gemeente of alleen
                            tijdens een bepaalde tijdsruimtes. Tevens kan bij verordening worden
                            bepaald dat de burgemeester voorschriften verbindt aan de vergunning.
                            Ook kan worden bepaald dat in bepaalde gevallen de vergunning beperkt
                            wordt tot het verstrekken van zwak-alcoholhoudende drank.</al></li><li nr="c."><al>Het verbieden van bezoekers in de horeca en/of terrassen beneden een
                            bepaalde leeftijd (conform artikel 25b DHW). Deze leeftijd mag niet
                            hoger zijn dan 21 jaar zijn. Ook kan worden bepaald dat het verbod
                            alleen geldt voor horecalokaliteiten/terrassen van een bepaalde aard,
                            voor slechts delen van de gemeente of alleen geldt voor de vastgestelde
                            tijdsruimtes. Wanneer leeftijdsgrenzen worden gebruikt, is een ID-check
                            bij de toegangscontrole noodzakelijk.</al></li><li nr="d."><al>Het tijdelijk instellen van een verstrekkingenverbod of het opleggen van
                            tijdelijke beperkingen aan de verstrekking van zwak-alcoholhoudende
                            drank in detailhandel zonder een drank- en horecavergunning (conform
                            artikel 25c DHW). Dit verbod of deze beperkingen kunnen ingesteld worden
                            in de gehele gemeente of in een bepaald deel van de gemeente.</al></li><li nr="e."><al>Het verbieden van extreme prijsacties in de horeca en detailhandel
                            (conform artikel 25d DHW). Hiervan is in de horeca sprake als voor een
                            periode van 24 uur de prijs 60% lager is dan gewoonlijk. Wanneer de
                            detailhandel voor een periode van één week of korter een prijs aanbiedt
                            die 70% lager ligt dan normaal, is ook hier sprake van een extreme
                            prijsactie. Het instellen van het verbod kan alleen ter bescherming van
                            de volksgezondheid of in het belang van de openbare orde.</al></li></lijst><al>De bevoegdheid onder a genoemd is een verplichting en moet zijn vastgesteld voor
                    1 januari 2014. De overige bepalingen zijn kanbepalingen. De gemeenteraad is
                    niet verplicht om over deze onderwerpen bij verordening regels vast te stellen. </al><tussenkop>Uitgangspunten</tussenkop><al>Tijdens de voorbereiding van de verordening zijn de volgende uitgangspunten
                    gehanteerd: </al><lijst><li nr="1."><al>De op te stellen regels zijn in beginsel gelijk voor de vier
                            DEAL-gemeenten.</al></li><li nr="2."><al>Zo veel mogelijk wordt aangesloten bij de bestaande regels.</al></li><li nr="3."><al>De verordening dient een bijdrage te leveren aan de ambities verwoord in
                            het convenant alcohol en jeugd.</al></li><li nr="4."><al>De verordening dient een bijdrage te leveren aan een veilige
                            leefomgeving en beperking van de aan drank gerelateerde overlast.</al></li><li nr="5."><al>Bedrijven en burgers zijn in eerste aanleg zelf verantwoordelijk voor de
                            naleving van de op te stellen regels.</al></li><li nr="6."><al>De op te stellen regels moeten uitvoerbaar en handhaafbaar zijn.</al></li></lijst><tussenkop>Beslissing om de volgende onderwerpen (nog) niet te regelen</tussenkop><tussenkop>Artikel 25b DHW</tussenkop><al>Om het alcoholgebruik onder jongeren terug te dringen maakt de wet het in
                    artikel 25b mogelijk dat de gemeenteraad een minimumleeftijd bepaalt (welke niet
                    hoger mag zijn dan 21 jaar) die vereist om als bezoeker een horecalokaliteit
                    binnen te treden of een horecaterras te betreden, vanaf een specifiek tijdstip.
                    Deze nieuwe gemeentelijke bevoegdheid wordt ook wel de ‘vroeg op stap bepaling’
                    genoemd. </al><al>De DEAL-gemeenten hebben besloten om deze bepaling niet op te nemen in de
                    verordening. </al><al>Bij het formuleren van deze bepaling heeft de wetgever in de eerste plaats
                    gedacht aan een toegangsverbod voor jongeren vanaf een bepaald tijdstip. Zo kan
                    bij verordening worden bepaald dat vanaf een bepaald tijdstip geen bezoekers
                    beneden de leeftijd van 18 jaar toegelaten mogen worden. Bezoekers beneden deze
                    leeftijd die al binnen zijn, mogen echter wel blijven tot sluitingstijd.</al><al>Nog afgezien van het praktische aspect dat een dergelijk toegangsverbod lastig
                    te handhaven is, is het belang van dit verbod minder groot geworden nu besloten
                    is om per 1 januari 2014 de leeftijdsgrens van alcoholgebruik te verhogen van 16
                    naar 18 jaar. Het handhaven van een toegangsverbod is niet meer noodzakelijk, nu
                    eenvoudiger gecontroleerd kan worden of wel of niet drank verstrekt wordt aan
                    jongeren onder de 18 jaar. </al><al>De DEAL-gemeenten hebben tevens de overtuiging dat het invoeren van
                    toegangsleeftijden juist de kans op het (in)drinken thuis verhoogd. Doordat het
                    gaat om toegangsleeftijden (en niet om schenktijden) zou invoering van deze
                    bepaling in de praktijk betekenen dat een grote groep jongeren ’s nachts
                    (eerder) op straat komt met de bijbehorende overlast van de openbare orde.
                    Daarnaast levert het invoeren van deze bepaling ook extra lasten op voor de
                    reguliere horeca. Zij zijn namelijk op basis van de Wet particuliere
                    beveiligingsorganisaties en recherchebureaus verplicht portiers in te schakelen. </al><al>De hiervoor geformuleerde nadelen wegen niet op tegen het verwachte voordeel dat
                    jeugdigen minder in aanraking komen met (overmatig) alcoholgebruik.</al><tussenkop>Artikel 25c DHW</tussenkop><al>De mogelijkheid zoals beschreven in artikel 25c DHW was al eerder beschreven in
                    het oude artikel 23 DHW. Op basis van het uitgangspunt om zoveel mogelijk
                    aansluiting te zoeken bij de huidige gemeentelijke praktijk is ervoor gekozen om
                    geen gebruik te maken van deze mogelijkheid. De noodzaak hiertoe is immers niet
                    aanwezig. </al><tussenkop>Artikel 25d DHW</tussenkop><al>Artikel 25d DHW biedt de gemeenteraad de mogelijkheid om prijsacties in de
                    horeca en in supermarkten te reguleren. Het gaat hier om een facultatieve
                    bevoegdheid en het is niet verplicht om dit artikel op te nemen in de
                    verordening. Een gemeente mag alleen gebruik maken van deze mogelijkheden als de
                    gemeente met objectieve gegevens kan aantonen dat het noodzakelijk is om dit te
                    regelen ter bescherming van de volksgezondheid of in het belang van de openbare
                    orde. </al><al>De DEAL-gemeenten hebben gekozen om deze bepaling voor de reguliere horeca niet
                    in de verordening op te nemen omdat:</al><lijst><li nr="a."><al>een aantal gemeenten al in het horecaconvenant het verbod op happy hours
                            (zonder een bepaalde prijsverhouding) hebben opgenomen;</al></li><li nr="b."><al>verwacht kan worden dat horecabedrijven bij een dergelijk verbod net
                            boven de door de wet gestelde grens van 60% van de normale prijs zullen
                            gaan zitten. Dit betekent dat de drank alsnog wordt verkocht tegen sterk
                            gereduceerde prijzen;</al></li><li nr="c."><al>de controle hierop veel inspanning van de gemeente vraagt en hiervoor
                            geen capaciteit beschikbaar is;</al></li><li nr="d."><al>de effectiviteit van deze maatregel beperkt wordt geacht (de maatregel
                            geldt niet voor prijzen van 59% gereduceerd en lager.</al></li></lijst><al>Ook voor supermarkten en slijterijen gelden veel van de bovenstaande argumenten,
                    behalve dat met deze groep geen convenanten zijn gesloten. Bij de prijsacties
                    gaat het meestal om landelijke acties van supermarktketen en slijterijketens en
                    aangenomen mag worden dat deze bij hun prijsstelling rekening zullen gaan houden
                    met de wettelijke grens van 70%. Ofwel zij zullen net boven deze grens gaan
                    zitten. Ook is het gemakkelijk om het verbod te omzeilen door de aanbieding
                    langer dan één week te laten voortduren. Daarom is ook geen verbod op
                    prijsacties van supermarkten en slijterijen opgenomen in de verordening. </al><tussenkop>Verlof alcoholvrij</tussenkop><al>In de Drank- en Horecaverordening van 2003 was geregeld dat voor het verstrekken
                    van alcoholvrije dranken een verlof noodzakelijk was. Het gaat hier dan om het
                    verstrekken van dit verlof aan lunchrooms, theehuizen, etcetera. </al><al>Voor het verkrijgen van een verlof was het noodzakelijk dat een inrichting
                    voldeed aan de inrichtingseisen van het Bouwbesluit, de aanvrager de leeftijd
                    van 21 jaar had bereikt en dat de aanvrager niet van slecht levensgedrag was.
                    Van de inrichtingseisen kon ontheffing worden verleend en dit werd, voor zover
                    noodzakelijk, ook altijd verleend. </al><al>De toegevoegde waarde van het verlof alcoholvrij is voor de gemeente Appingedam
                    niet aanwezig. Daarom is, ook in het kader van deregulering, besloten om het
                    verlof alcoholvrij volledig te laten vervallen. </al><tussenkop>Artikelsgewijze toelichting</tussenkop><tussenkop>Toelichting artikel 1</tussenkop><al>Sprake is van een verordening die is opgesteld in medebewind. Volstaan kan
                    worden met een verwijzing naar de begripsbepalingen van de DHW. Mochten deze
                    begripsbepalingen wijzigen of worden nieuwe begripsbepalingen toegevoegd, dan
                    heeft deze verwijzing als voordeel dat deze verordening niet aangepast hoeft te
                    worden. </al><al>Ook is daarom gekozen voor een verwijzing naar de Drank- en Horecawet, en niet
                    naar de Drank- en Horecawet zoals deze laatstelijk is gewijzigd per 1 januari
                    2013. </al><tussenkop>Toelichting artikel 2</tussenkop><al>De wijziging van de DHW legt gemeenten de plicht op om in een verordening de
                    schenktijden van de paracommerciële inrichtingen te reguleren. </al><al>Tot nu toe was de praktijk dat de paracommerciële rechtspersonen zelf hun
                    schenktijden bepaalden en zich alleen aan het kader van de APV (met betrekking
                    tot de sluitingstijden) diende te houden. Het gevolg hiervan is dat (veel)
                    inrichtingen ruime schenktijden hanteren. Dit kan oneerlijke mededinging
                    opleveren. </al><al>Toegestaan is om naar aard van de paracommerciële rechtspersoon verschillende
                    regels op te stellen. Dit betekent dat aan een voetbalclub andere regels
                    opgelegd kan worden dan aan een buurthuis. Gezien de grote verschillen tussen de
                    paracommerciële instellingen, de tijden waarop de activiteiten plaatsvinden en
                    het publiek dat de instellingen aantrekken is gekozen om verschil te maken naar
                    sportieve instellingen, overige instellingen en instellingen die zich
                    voornamelijk richten op het organiseren van activiteiten waarbij het faciliteren
                    van sociale interactie een voorname rol speelt. </al><al>Doelstelling van de nieuwe wet is het tegengaan van alcoholgebruik en –misbruik,
                    voornamelijk bij jongeren. Daarom is besloten om de jeugd doordeweeks bij de
                    sportieve instellingen niet bloot te stellen aan alcoholgebruik van ouderen.
                    Twee uur na het einde van de hoofdactiviteit mag geschonken worden, met een
                    maximale eindtijd van 24:00 uur. De eindtijden sluiten aan bij de vele
                    uiteenlopende tijden waarop de sportverenigingen binnen de gemeente actief zijn,
                    maar dragen bij aan het doel van het voorkomen van oneerlijke concurrentie. Na
                    deze tijd wordt verondersteld dat alcoholconsumptie niet langer meer
                    ondergeschikt is aan de hoofdactiviteit. De reguliere horeca voorziet dan in
                    verdere alcoholconsumptie. </al><al>Ook bij de schenktijden van de paracommerciële rechtspersonen waarbij de
                    activiteiten zich richten op het faciliteren van sociale interactie en bij
                    overige paracommerciële rechtspersonen is rekening gehouden met de doelstelling
                    van het tegengaan van alcoholgebruik en –misbruik bij jongeren. </al><al>Uit lid 3 van dit artikel volgt dat geen alcohol geschonken mag worden wanneer
                    de activiteiten zich (voornamelijk) richten op de jeugd. Dit sluit ook aan bij
                    de nieuwe wetswijziging van de DHW waarbij de leeftijd is verhoogd van 16 naar
                    18 jaar. Nu onder de 18 jaar niet gedronken mag worden, is het onlogisch om deze
                    categorie van jeugdigen tijdens jeugdactiviteiten bloot te stellen aan het
                    alcoholgebruik van ouderen. </al><al>Het gaat in dit geval niet om de doelstelling van de paracommerciële
                    rechtspersoon, maar specifiek om de georganiseerde hoofdactiviteit. Dit betekent
                    bijvoorbeeld dat geen alcohol geschonken mag worden wanneer sprake is van een
                    jeugdtoernooi waarbij het merendeel van de deelnemers jonger is dan 18 jaar. Is
                    sprake van een toernooi waarbij (toevallig) ook een aantal jongeren onder de 18
                    jaar aanwezig zijn, dan mag, mits de schenktijden dit toestaan, wel alcohol
                    geschonken worden. </al><al>Uit bovenstaand voorbeeld volgt dat beoordeeld dient te worden wat de
                    hoofdactiviteit is en op welke doelgroep deze activiteit zich voornamelijk
                    richt.</al><al>De begin- en eindtijden dragen bij aan het doel van het tegengaan van oneerlijke
                    concurrentie. Na de eindtijden dient de reguliere horeca te voorzien in verdere
                    alcoholconsumptie. In het kader van de handhaafbaarheid is gekozen voor vaste
                    schenktijden. </al><al>Van de leden 1 en 2 kan ontheffing worden verleend. Deze kunnen een permanent of
                    tijdelijk karakter hebben. Overwegingen om een ontheffing te verlenen zijn
                    bijvoorbeeld de aard van de rechtspersoon, de doelgroep waar de rechtspersoon
                    zich (voornamelijk) op concentreert en de vraag of sprake is van concurrentie
                    met reguliere horeca. Deze laatste vraag kan beantwoord worden door te
                    beoordelen of reguliere horeca aanwezig is en zo ja, of deze reguliere horeca
                    kan voldoen aan de vraag. </al><tussenkop>Toelichting artikel 3</tussenkop><al>Krachtens artikel 25a van de wet kan bij gemeentelijke verordening het
                    bedrijfsmatig of anders dan om niet het verstrekken van alcoholhoudende drank
                    worden verboden. </al><al>Gekozen is om de VNG variant gedeeltelijk op te nemen. Dit betekent dat gekozen
                    is om verschil te maken naar de aard van de instelling en dat de mogelijkheid
                    voor de burgemeester is geschapen om in het belang van de openbare orde, de
                    veiligheid, de zedelijkheid of de volksgezondheid vergunningen van andere
                    (paracommerciële) rechtspersonen te beperken tot het schenken van
                    zwak-alcoholhoudende drank. </al><al>De vier DEAL-gemeenten hebben in het verleden geen gebruik gemaakt van het
                    verbod in een bepaald gebied of naar een bepaalde tijdsruimte. </al><al>Nu is deze behoefte er ook niet. Daarom is gekozen voor aansluiting bij de
                    gemeentelijke praktijk. </al><al>De gekozen paracommerciële rechtspersonen zijn instellingen die veel door
                    jongeren worden bezocht. Gelet op de belangen die worden gediend met een matig
                    alcoholgebruik onder jongeren, en de ondertekening van het convenant Alcohol en
                    Jeugd, is daarom een verbod op het schenken van sterke drank opgenomen. Geen
                    verbod is opgenomen voor buurt- en dorpshuizen en kerkelijke instellingen. Reden
                    hiervoor is dat deze groep zich niet (voornamelijk) richt op jongeren. </al><al>Ook bij andere (paracommerciële) rechtspersonen kan de burgemeester besluiten om
                    de vergunning te beperken tot het schenken van zwak-alcoholische dranken. De
                    burgemeester moet motiveren welk belang hierbij is gediend. </al><al>Om toch rekening te houden met bijzondere (onvoorziene) omstandigheden, is in de
                    verordening een ontheffingsmogelijkheid opgenomen.</al><tussenkop>Toelichting artikel 4 </tussenkop><al>Bijeenkomsten van persoonlijke aard zijn bijeenkomsten met een veelal feestelijk
                    karakter, die geen direct verband houden met de doelstelling van de
                    paracommerciële rechtspersoon. Daarbij is het niet van belang of de zaal wel of
                    niet verhuurd is, of dat het een besloten feest is voor alleen leden danwel een
                    feest voor algemeen publiek. De vraag is alleen of de activiteit binnen de
                    statutaire doelstelling van de paracommerciële rechtspersoon valt. Zo is een
                    dansfeest alleen voor leden ook een bijeenkomst van persoonlijke aard, tenzij
                    het toevallig een dansvereniging betreft. Ook het met alle leden bekijken van
                    voetbalwedstrijden is een bijeenkomst van persoonlijke aard, tenzij het een
                    voetbalvereniging betreft. Andere voorbeelden van bijeenkomsten van persoonlijke
                    aard zijn jubilea, bruiloftsfeesten, recepties en verjaardagen. </al><al>In principe zijn bijeenkomsten van persoonlijke aard verboden. Dit ligt anders
                    wanneer de bijeenkomst een direct verband heeft met de statuten van de
                    paracommerciële rechtspersoon. Het standaardvoorbeeld hiervan is een feest ten
                    behoeve van een jubileum van de voorzitter. Als dit het feest is dat wordt
                    gevierd dat hij inmiddels 25 jaar voorzitter is van diezelfde vereniging, dan is
                    dit feest toegestaan. Wil hij echter zijn 25-jarig huwelijksfeest of zijn
                    25-jarig dienstverband, graag bij zijn eigen vereniging vieren, dan is dit een
                    verboden bijeenkomst van persoonlijke aard. </al><al>De gemeente Appingedam sluit aan bij de huidige gemeentelijke praktijk. Daarom
                    blijft het verboden om bijeenkomsten van persoonlijke aard te organiseren. </al><tussenkop>Toelichting artikel 5 Overgangsrecht</tussenkop><al>In het eerste lid van artikel 5 is opgenomen dat alle oude voorschriften en
                    beperkingen komen te vervallen op het moment van inwerkingtreding van de nieuwe
                    plaatselijke verordening rond de paracommercie. Deze bepaling voor
                    paracommerciële rechtspersonen is in lijn met het overgangsrecht zoals dat is
                    opgenomen in artikel III van de wet die de Drank- en Horecawet wijzigt. Daarin
                    is bepaald dat op het moment van inwerkingtreding van de plaatselijke
                    verordening rond paracommercie de oude voorschriften en beperkingen met
                    betrekking tot oneerlijke mededinging komen te vervallen. Voor paracommerciële
                    rechtspersonen gelden nieuwe gemeentelijke bepalingen. Zonodig zendt de
                    burgemeester een paracommerciële rechtspersoon een gewijzigde vergunning met
                    daarin de aangepaste voorschriften en beperkingen. </al><al>In het tweede en derde lid is overgangsrecht opgenomen voor alle andere
                    verstrekkers. De kern is dat voorschriften en beperkingen aan horecabedrijven en
                    slijterijen zijn gesteld op grond van oude gemeentelijke Drank- en
                    Horecaverordeningen van kracht blijven. In lid 3 staat dat alle ontheffingen op
                    grond van oude verordeningen één jaar na inwerkingtreding van de nieuwe
                    gemeentelijke verordening komen te vervallen. Vanzelfsprekend kan op verzoek van
                    betrokkene de ontheffing ook eerder komen te vervallen.</al><tussenkop>Toelichting artikel 6 Citeertitel</tussenkop><al>Dit artikel spreekt voor zich. </al></bijlage></regeling></body></cvdr>