<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR31220_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Algemene subsidieverordening Bloemendaal 2009</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Bloemendaal</dcterms:creator><dcterms:modified>2017-09-21</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Bloemendaal</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Weekblad Kennemerland Zuid d.d. 24 september 2009</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Algemene subsidieverordening Bloemendaal 2009</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Algemene wet bestuursrecht; titel 4.2</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2009-09-17</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2009-01-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:terugwerkendekrachtDatum>2009-09-17</overheidrg:terugwerkendekrachtDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2015-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>2009029430</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>1.Geen.</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Algemene subsidieverordening Bloemendaal 2009 </intitule><regeling><aanhef><preambule><al> De raad der gemeente Bloemendaal; </al><al>gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 30 juni 2009 ; </al><al>gelet op de tekst van Titel 4.2 van de Algemene wet bestuursrecht; </al><al><onderstreept>b e s l u i t</onderstreept>: </al><al>vast te stellen de </al><al><vet>Algemene subsidieverordening Bloemendaal 2009 </vet></al></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>1</nr><titel>Algemeen gedeelte</titel></kop><structuurtekst><al><cursief><onderstreept>algemene bepalingen</onderstreept></cursief></al></structuurtekst><artikel><kop><label>artikel</label><nr>1</nr><titel>begripsomschrijvingen</titel></kop><lid><lidnr>A.</lidnr><al>de gemeente : de gemeente Bloemendaal;</al></lid><lid><lidnr>B.</lidnr><al>de raad : de raad van de gemeente;</al></lid><lid><lidnr>C.</lidnr><al>het college : het college van burgemeester en wethouders van de
                                gemeente;</al></lid><lid><lidnr>D.</lidnr><al>een instelling : een organisatie die rechtspersoonlijkheid bezit en
                                die zich ten doelstelt om activiteiten te verrichten in het belang
                                van de gemeente en haar inwoners;</al></lid><lid><lidnr>E.</lidnr><al>begroting : de door de raad vast te stellen begroting;</al></lid><lid><lidnr>F.</lidnr><al>een incidentele subsidie : een subsidie die de gemeente ten behoeve
                                van een incidentele gebeurtenis of activiteit verstrekt;</al></lid><lid><lidnr>G.</lidnr><al>meerjarige subsidie : een subsidie in de vorm van een periodieke
                                aanspraak op financiële middelen;</al></lid><lid><lidnr>H.</lidnr><al>de Awb : de Algemene wet bestuursrecht.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>artikel</label><nr>2</nr><titel>reikwijdte</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Deze verordening is van toepassing op aan instellingen te
                                verstrekken subsidies voor activiteiten:</al><lijst><li nr="a."><al>die de belangen van de gemeente en haar inwoners dienen;
                                        en</al></li><li nr="b."><al>voor zover niet bij een andere door de raad vastgestelde
                                        verordening afwijkende wettelijke voorschriften met
                                        betrekking tot het verstrekken van subsidies zijn gesteld of
                                        de toepassing van deze verordening is uitgesloten; en</al></li><li nr="c."><al>die gelegen zijn op een of meer van de volgende
                                        beleidsterreinen:</al><lijst><li nr="-"><al>internationale samenwerking</al></li><li nr="-"><al>ontwikkelingswerk</al></li><li nr="-"><al>openbare orde en veiligheid</al></li><li nr="-"><al>onderwijs</al></li><li nr="-"><al>kunst en cultuur</al></li><li nr="-"><al>sport</al></li><li nr="-"><al>recreatie</al></li><li nr="-"><al>jeugd</al></li><li nr="-"><al>ouderen</al></li><li nr="-"><al>volksgezondheid</al></li><li nr="-"><al>maatschappelijke dienstverlening</al></li></lijst></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>In voorkomende gevallen kan het college bepalen, dat het in het
                                eerste lid van dit artikel gestelde ook van toepassing is op
                                natuurlijke personen, groepen van natuurlijke personen en
                                instellingen zonder rechtspersoonlijkheid.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>artikel</label><nr>3</nr><titel>evaluatieverslag</titel></kop><al>Jaarlijks doet het college in het kader van de gemeenterekening verslag
                            van de met de verstrekte subsidies bereikte resultaten. </al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>2</nr><titel>Subsidieverstrekking</titel></kop><structuurtekst><al><cursief><onderstreept>aanvraag tot
                                subsidieverlening</onderstreept></cursief></al></structuurtekst><artikel><kop><label>artikel</label><nr>4</nr><titel>indieningstermijn</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Een aanvraag om subsidie wordt bij het college ingediend vóór 1 juli
                            van het jaar voorafgaand aan het kalenderjaar ten behoeve waarvan subsidie wordt
                            aangevraagd of het jaar voorafgaand aan het kalenderjaar waarin de
                            activiteiten zullen plaatsvinden.</al></li><li nr="2."><al>Het college kan in uitzonderlijke gevallen bepalen dat later
                                    ingediende aanvragen toch in behandeling worden genomen.</al></li><li nr="3."><al>Het bepaalde in het eerste lid is niet van toepassing op
                                    incidentele subsidies als bedoeld in artikel 19 van deze
                                    verordening. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>artikel</label><nr>5</nr><titel>de te verstrekken gegevens</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De in artikel 4 bedoelde aanvraag bevat in ieder geval:</al><lijst><li nr="a."><al>de in artikel 4:2 van de Awb genoemde gegevens, te weten:</al><lijst><li nr="-"><al>de naam en het adres van de aanvrager;</al></li><li nr="-"><al>de dagtekening;</al></li><li nr="-"><al>een aanduiding van de beschikking die wordt
                                            gevraagd;</al></li></lijst></li><li nr="b."><al>een overzicht van de activiteiten waarvoor subsidie wordt
                                    gevraagd of een activiteitenplan;</al></li><li nr="c."><al>een overzicht van de aan de activiteiten verbonden inkomsten en
                                    uitgaven of een begroting. </al></li></lijst></li><li nr="2."><al>Het college kan van een instelling die voor de eerste maal
                                    subsidie aanvraagt, het overleggen verlangen van:</al><lijst><li nr="a."><al>de oprichtings- of stichtingsakte;</al></li><li nr="b."><al>de statuten zoals deze laatstelijk zijn gewijzigd;</al></li><li nr="c."><al>het huishoudelijk reglement; en</al></li><li nr="d."><al>een beschrijving van de organisatiestructuur, een omschrijving
                                    van de werkwijze en het programma van werkzaamheden van de
                                    instelling; </al></li><li nr="e."><al>de inschrijving bij de Kamer van Koophandel.</al></li></lijst></li><li nr="3."><al>Het college kan binnen een door hem te bepalen termijn
                                    overlegging van andere stukken of anderszins nadere informatie
                                    verlangen, indien hij dit voor de beoordeling van de
                                    subsidieaanvraag noodzakelijk acht.</al></li><li nr="4."><al>Voor de aanvraag kan gebruik worden gemaakt van het door het
                                    college vastgestelde formulier.</al></li></lijst><al><cursief><onderstreept>beschikking tot subsidieverlening
                                </onderstreept></cursief></al></artikel><artikel><kop><label>artikel</label><nr>6</nr><titel>beslistermijn</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college beslist uiterlijk zes weken na vaststelling van de
                                begroting.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Een meerjarige subsidie wordt verleend voor een bepaald tijdvak, dat
                                in de beschikking tot subsidieverlening wordt vermeld.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>artikel</label><nr>7</nr><titel>aanvullende weigeringsgronden</titel></kop><al>Het college kan, naast de in artikel 4:35 van de Awb genoemde gronden,
                            de subsidie geheel of gedeeltelijk weigeren voor zover:</al><lijst><li nr="a."><al>de aanvrager naar het oordeel van het college ook zonder de
                                    aangevraagde subsidieverstrekking over voldoende gelden, hetzij
                                    uit eigen middelen, hetzij uit middelen van derden, kan
                                    beschikken om de kosten van de activiteit(en) te
                                    bestrijden;</al></li><li nr="b."><al>de subsidieverstrekking betrekking heeft op activiteiten die
                                    naar het oordeel van het college niet de belangen van de
                                    gemeente en haar inwoners dienen;</al></li><li nr="c."><al>de activiteit niet voor iedere inwoner toegankelijk is en/of de
                                    activiteit geen neutraal karakter heeft;</al></li><li nr="d."><al>de activiteit niet in een kennelijke behoefte voorziet;</al></li><li nr="e."><al>de subsidieverstrekking niet past binnen het vastgestelde beleid
                                    van de gemeente, en/of;</al></li><li nr="f."><al>de aanvrager doelstellingen beoogt of activiteiten zal
                                    ontplooien die in strijd zijn met de wet of de openbare orde;
                                </al></li><li nr="g."><al>er onvoldoende gelden beschikbaar zijn. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>artikel</label><nr>8</nr><titel>uitvoeringsovereenkomst</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Ter uitvoering van de beschikking tot subsidieverlening kan een
                                uitvoeringsovereenkomst worden gesloten.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>In deze overeenkomst kan worden bepaald dat de subsidieontvanger
                                verplicht is de activiteiten te verrichten waarvoor de subsidie is
                                verleend. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>artikel</label><nr>9</nr><titel>verplichtingen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college kan de subsidieontvanger verplichtingen opleggen met
                                betrekking tot:</al></lid><lid><lidnr>a.</lidnr><al>aard en omvang van de activiteiten waarvoor subsidie wordt
                                verleend;</al></lid><lid><lidnr>b.</lidnr><al>de administratie van aan de activiteiten verbonden uitgaven en
                                inkomsten;</al></lid><lid><lidnr>c.</lidnr><al>het vóór de subsidievaststelling verstrekken van gegevens en
                                bescheiden die nodig zijn voor een beslissing omtrent de
                                subsidie;</al></lid><lid><lidnr>d.</lidnr><al>de te verzekeren risico’s;</al></lid><lid><lidnr>e.</lidnr><al>het stellen van zekerheid voor verleende voorschotten;</al></lid><lid><lidnr>f.</lidnr><al>het afleggen van rekening en verantwoording omtrent de verrichte
                                activiteiten en de daaraan verbonden uitgaven en inkomsten, voor
                                zover deze voor de vaststelling van de subsidie van belang
                                zijn;</al></lid><lid><lidnr>g.</lidnr><al>het beperken of wegnemen van de nadelige gevolgen van de subsidie
                                voor derden;</al></lid><lid><lidnr>h.</lidnr><al>het uitoefenen van controle door een accountant als bedoeld in
                                artikel 393, eerste lid, van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek op
                                het door het bestuursorgaan gevoerde financiële beheer en de
                                financiële verantwoording daarover. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college kan de subsidieontvanger ook andere verplichtingen
                                opleggen die strekken tot verwezenlijking van het doel van de
                                subsidie.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het college kan niet-doelgebonden verplichtingen als bedoeld in
                                artikel 4:39 van de Awb aan de subsidieverstrekking verbinden.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>artikel</label><nr>10</nr><titel>voorschotten</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college kan de subsidieontvanger bij de beschikking tot
                                subsidieverlening een voorschot verlenen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het voorschot wordt uiterlijk tien weken na de beschikking, bedoeld
                                in het eerste lid, uitbetaald.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>artikel</label><nr>11</nr><titel>intrekken en wijziging beschikking tot subsidieverlening</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het college kan op grond van artikel 4:48 van de Awb zolang de
                                    subsidie nog niet is vastgesteld de subsidieverlening intrekken
                                    of ten nadele van de subsidieontvanger wijzigen, indien:</al><lijst><li nr="a."><al>de activiteiten waarvoor subsidie is verleend niet of niet
                                    geheel hebben plaatsgevonden of zullen vinden;</al></li><li nr="b."><al>de subsidieontvanger niet heeft voldaan aan de aan de subsidie
                                    verbonden verplichtingen;</al></li><li nr="c."><al>de subsidieontvanger onjuiste of onvolledige gegevens heeft
                                    verstrekt en de verstrekking van juiste of onvolledige gegevens
                                    tot een andere beschikking op de aanvraag tot subsidieverlening
                                    zou hebben geleid;</al></li><li nr="d."><al>de subsidieverlening anderszins onjuist was en de
                                    subsidieontvanger dit wist of behoorde te weten, of</al></li><li nr="e."><al>met toepassing van artikel 4:34, vijfde lid, van de Awb een
                                    beroep wordt gedaan op de voorwaarde dat voldoende gelden ter
                                    beschikking worden gesteld. </al></li></lijst></li><li nr="2."><al>Het college kan verder zolang de subsidie nog niet is
                                    vastgesteld de subsidieverlening op grond van artikel 4:50 van
                                    de Awb met inachtneming van een redelijke termijn intrekken of
                                    ten nadele van de subsidieontvanger wijzigen:</al><lijst><li nr="a."><al>voor zover de subsidieverlening onjuist is;</al></li><li nr="b."><al>voor zover veranderde omstandigheden of gewijzigde inzichten
                                    zich in overwegende mate tegen voortzetting of ongewijzigde
                                    voortzetting van de subsidie verzetten. </al></li></lijst></li></lijst><al><cursief><onderstreept>aanvraag tot subsidievaststelling
                                </onderstreept></cursief></al></artikel><artikel><kop><label>artikel</label><nr>12</nr><titel>indieningstermijn</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Uiterlijk zes maanden na afloop van de activiteiten of het tijdvak
                                waarvoor subsidie is verleend dient de subsidieontvanger bij het
                                college een aanvraag tot vaststelling van de subsidie in.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college kan in uitzonderlijke gevallen bepalen dat later
                                ingediende aanvragen toch in behandeling worden genomen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>artikel</label><nr>13</nr><titel>de te verstrekken gegevens</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De in artikel 12 bedoelde aanvraag bevat in ieder geval:</al><lijst><li nr="a."><al>de in artikel 4:2 van de Awb bedoelde gegevens, te weten:</al><lijst><li nr="-"><al>de naam en het adres van de aanvrager;</al></li><li nr="-"><al>de dagtekening;</al></li><li nr="-"><al>een aanduiding van de beschikking die wordt gevraagd.</al></li></lijst></li><li nr="b."><al>een activiteitenverslag ex artikel 4:45, lid 1, van de Awb;</al></li><li nr="c."><al>de rekening en verantwoording ex artikel 4:45, lid 2, van de
                                    Awb. </al></li></lijst></li><li nr="2."><al>Het college kan binnen een door hem te bepalen termijn
                                    overlegging van andere stukken of anderszins nadere informatie
                                    verlangen, indien hij dit voor de beoordeling van de aanvraag
                                    tot subsidievaststelling noodzakelijk acht.</al></li><li nr="3."><al>Indien geen beschikking tot subsidieverlening is gegeven, bevat
                                    de beschikking tot subsidievaststelling een aanduiding van de
                                    activiteiten waarvoor de subsidie wordt verstrekt.</al></li><li nr="4."><al>Voor de aanvraag kan gebruik worden gemaakt van het door het
                                    college vastgestelde formulier.</al></li></lijst><al><cursief><onderstreept>beschikking tot
                                    subsidievaststelling</onderstreept></cursief></al></artikel><artikel><kop><label>artikel</label><nr>14</nr><titel>beslistermijn</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college beschikt op de aanvraag tot subsidievaststelling binnen
                                drie maanden na ontvangst van deze aanvraag.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college stelt de subsidie overeenkomstig de subsidieverlening
                                vast indien de activiteiten waarvoor subsidie is verleend, zijn
                                uitgevoerd en indien aan de eventueel opgelegde verplichtingen als
                                bedoeld in artikel 9 van deze verordening is voldaan.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>het college kan op grond van het bepaalde in artikel 4:46, tweede
                                lid, van de Awb de subsidie lager vaststellen. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>artikel</label><nr>15</nr><titel>ambtshalve vaststelling of vaststelling van rechtswege</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Indien de subsidieontvanger niet binnen de in artikel 12, lid 1, van
                                deze verordening bedoelde termijn een aanvraag tot
                                subsidievaststelling heeft ingediend, kan het college binnen drie
                                maanden, gerekend vanaf het verstrijken van deze indieningstermijn,
                                de subsidie ambtshalve vaststellen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien het college niet binnen de op grond van deze verordening
                                gestelde termijnen gebruik gemaakt heeft van haar bevoegdheid tot
                                het op aanvraag of ambtshalve vaststellen van een verleende
                                subsidie, wordt deze subsidie geacht van rechtswege overeenkomstig
                                de beschikking tot subsidieverlening te zijn vastgesteld.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>artikel</label><nr>16</nr><titel>termijn betaling</titel></kop><al>Het subsidiebedrag wordt binnen acht weken na de beschikking tot
                            subsidievaststelling betaald onder verrekening van de reeds betaalde
                            voorschotten. </al></artikel><artikel><kop><label>artikel</label><nr>17</nr><titel>intrekking en wijziging van de beschikking tot
                                subsidievaststelling</titel></kop><al>Het college kan op grond van artikel 4:49 van de Awb de
                            subsidievaststelling intrekken of ten nadele van de ontvanger
                            wijzigen:</al><lijst><li nr="a."><al>op grond van feiten of omstandigheden waarvan het bij de
                                    subsidievaststelling redelijkerwijs niet op de hoogte kon zijn
                                    en op grond waarvan de subsidie lager dan overeenkomstig de
                                    subsidieverlening zou zijn vastgesteld;</al></li><li nr="b."><al>indien de subsidievaststelling onjuist was en de
                                    subsidieontvanger dit wist of behoorde te weten, of;</al></li><li nr="c."><al>indien de subsidieontvanger na de subsidievaststelling niet
                                    heeft voldaan aan de aan de subsidie verbonden verplichtingen.
                                </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>artikel</label><nr>18</nr><titel>vermogensvorming</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>In de gevallen bedoeld in artikel 4:41, tweede lid, onderdelen a t/m
                                e, van de Awb, is de subsidieontvanger aan het college een
                                vergoeding van de vermogenswaarden verschuldigd.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De wijze waarop de hoogte van de vergoeding wordt bepaald, wordt
                                vermeld in de beschikking tot subsidievaststelling.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Bij de bepaling van de hoogte van de vergoeding wordt uitgegaan van
                                de waarde van de goederen en andere vermogensbestanddelen op het
                                tijdstip waarop de vergoeding verschuldigd wordt, met dien verstande
                                dat in geval van ontvangst van schadevergoeding voor verlies of
                                beschadiging van zaken wordt uitgegaan van het bedrag dat als
                                schadevergoeding door de subsidieontvanger wordt ontvangen.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Indien het onroerende zaken betreft, geschiedt de waardebepaling
                                door een onafhankelijke deskundige.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>3</nr><titel>Incidentele subsidies</titel></kop><artikel><kop><label>artikel</label><nr>19</nr><titel>incidentele subsidies</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De raad stelt jaarlijks een bedrag vast voor incidenteel te
                                verstrekken subsidies. Het college is bevoegd tot besteding van dit
                                bedrag.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al/></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>4</nr><titel>Slotbepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>artikel</label><nr>20</nr><titel>citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening wordt aangeduid als de ‘Algemene subsidieverordening
                            Bloemendaal 2009’</al></artikel><artikel><kop><label>artikel</label><nr>21</nr><titel>inwerkingtreding</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Deze verordening treedt in werking op 1 januari 2009 en is van
                                    toepassing op de voor het jaar 2009 ingediende aanvragen.</al></li><li nr="2."><al>Met ingang van het in het vorige lid genoemde tijdstip vervalt
                                    de Algemene subsidieverordening Bloemendaal 2008 en de Algemene
                                    subsidieverordening Bennebroek 2004.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus besloten in de openbare vergadering</ondertekening><ondertekening>van de raad der gemeente Bloemendaal,</ondertekening><ondertekening>gehouden op 17 september 2009.</ondertekening><ondertekening>R.Th.M. Nederveen , voorzitter</ondertekening><ondertekening>K.A. van der Pas , griffier</ondertekening><ondertekening>Gepubliceerd in het Weekblad Kennemerland Zuid d.d. 24 september
                        2009.</ondertekening><ondertekening>In werking: 1 januari 2009 (met terugwerkende kracht).</ondertekening></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>