<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR309848_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Gemeenschappelijke regeling Veiligheidsregio Brabant-Noord</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Vught</dcterms:creator><dcterms:modified>2006-07-06</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Vught</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Onbekend</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Gemeenschappelijke regeling Veiligheidsregio Brabant-Noord</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:v:BWBR0003740&amp;artikel=27">Onbekend</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>openbare orde en veiligheid</dcterms:subject><dcterms:issued>2006-06-29</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2006-07-06</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2006-07-06</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Onbekend</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Onbekend</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>gemeenschappelijke regeling</overheidrg:onderwerp><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Gemeenschappelijke regeling Veiligheidsregio Brabant-Noord</intitule><regeling><aanhef><preambule><al><vet>de Gemeenschappelijke regeling Veiligheidsregio Brabant-Noord
                        </vet></al><al>De Raden, de Colleges en de burgemeesters van de gemeenten Bernheze, Boekel,
                        Boxmeer, Boxtel, Cuijk, Grave, Haaren, Heusden, ’s-Hertogenbosch, Landerd,
                        Lith, Maasdonk, Mill en Sint Hubert, Oss, Schijndel, Sint Anthonis,
                        Sint-Michielsgestel, Sint-Oedenrode, Uden, Veghel en Vught enhet Regionaal
                        College en de korpsbeheerder van de politieregio Brabant-Noordieder voor
                        zover het zijn verantwoordelijkheden aangaat;</al><al>overwegende dat; </al><al>dat het voor een goede behartiging van de zorg voor de veiligheid van en de
                        hulpverlening aan de burgers in hun werkgebied van belang is bestuurlijk
                        samen te werken;</al><al>dat die bestuurlijke samenwerking beter kan verlopen naarmate met elkaar
                        samenhangende taken meer in onderlinge samenhang worden georganiseerd;</al><al>dat het gewenst is, in het kader van de rampenbestrijding, crisisbeheersing
                        en alarmering &amp; verbindingen, nadrukkelijk af te stemmen tussen de
                        hulpverleningsdiensten;</al><al>dat het gewenst is daartoe de gemeenschappelijke regeling Regionale
                        Hulpverleningsdienst Brabant-Noord en de gemeenschappelijke regeling
                        Gemeenschappelijk Meldcentrum Brabant-Noord te integreren;</al><al>dat het voorts gewenst is daarbij zo veel mogelijk rekening te houden met
                        actuele bestuurlijke ontwikkelingen in Nederland en in de regio
                        Brabant-Noord met betrekking tot de verdeling van taken en
                        verantwoordelijkheden bij de hulpverleningsdiensten;</al><al>gelet op de Wet gemeenschappelijke regelingen, de Gemeentewet, de Algemene
                        Wet Bestuursrecht, de Politiewet 1993, de Brandweerwet 1985, de Wet rampen
                        en zware ongevallen en de Wet geneeskundige hulpverlening bij ongevallen en
                        rampen, de Wet ambulancevervoer/Wet ambulancezorg;</al><al/><al>b e s l u i t e n</al><al>aan te gaan</al><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>1.</nr><titel>Begripsbepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1.1.</nr><titel>Begripsomschrijvingen</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>In deze gemeenschappelijke regeling wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>Wet : Wet gemeenschappelijke regelingen;</al></li><li nr="b."><al>regeling : deze gemeenschappelijke regeling;</al></li><li nr="c."><al>gemeente : aan deze regeling deelnemende gemeente;</al></li><li nr="d."><al>College : College van burgemeester en wethouders van een
                                        gemeente;</al></li><li nr="e."><al>politieregio : de politieregio Brabant-Noord;</al></li><li nr="f."><al>Regionaal College : het Regionaal College van de
                                        politieregio zoals bedoeld in artikel 22 van de Politiewet
                                        1993;</al></li><li nr="g."><al>werkgebied : het gezamenlijk grondgebied van de deelnemende
                                        gemeenten, dat samenvalt met de politieregio;</al></li><li nr="h."><al>Gedeputeerde Staten : Gedeputeerde Staten van de provincie
                                        Noord-Brabant;</al></li><li nr="i."><al>korpsbeheerder : de korpsbeheerder van de politieregio zoals
                                        bedoeld in artikel 1 van de Politiewet 1993;</al></li><li nr="j."><al>regionaal commandant (brandweer) : commandant, zoals bedoeld
                                        in artikel 3 lid 2 van de Brandweerwet 1985;</al></li><li nr="k."><al>regionaal geneeskundig functionaris : functionaris zoals
                                        bedoeld in artikel 2 van de Wet geneeskundige hulpverlening
                                        bij ongevallen en rampen;</al></li><li nr="l."><al>korpschef : de korpschef van de politieregio zoals bedoeld
                                        in artikel 1 van de Politiewet 1993;</al></li><li nr="m."><al>coördinerend gemeentesecretaris : de secretaris van één van
                                        de deelnemende gemeenten, welke -uit hun midden- is
                                        aangewezen;</al></li><li nr="n."><al>regionale ambulancevoorziening : de rechtspersoon zoals
                                        bedoeld in artikel 1 van (het wetsvoorstel) Wet
                                        ambulancezorg, die ambulancezorg voor het werkgebied
                                        verricht;</al></li><li nr="o."><al>hulpverlening : hulpverlening door politie, brandweer en
                                        GHOR, waarbij onder hulpverlening door politie wordt
                                        verstaan: de hulpverlening, zoals bedoeld in artikel 2
                                        Politiewet, maar beperkt zich tot situaties waarin sprake is
                                        van een ramp of crisis.</al></li><li nr="p."><al>op. geneeskundige hulpverlening : hulpverlening zoals
                                        bedoeld in artikel 1 van de Wet geneeskundige hulpverlening
                                        bij rampen;</al></li><li nr="q."><al>gemeenschappelijk meldcentrum : een facilitaire
                                        infrastructurele voorziening inclusief ‘112-centrale’ voor
                                        het werkgebied waarvan gebruik wordt gemaakt door de
                                        regionale brandweeralarmcentrale, de meldkamer van de
                                        politieregio en de meldkamer ambulancezorg en waarin het
                                        callcenter van de politieregio en een regionaal
                                        coördinatiecentrum is ondergebracht;</al></li><li nr="r."><al>meldkamer ambulancezorg : centrale post (ambulancevervoer)
                                        zoals bedoeld in de Wet geneeskundige hulpverlening bij
                                        ongevallen en rampen en de Wet ambulancevervoer;</al></li><li nr="s."><al>Regionaal coördinatiecentrum : gezamenlijk centrum van
                                        waaruit (multidisciplinair) grootschalig en bijzonder
                                        optreden kan worden gecoördineerd;</al></li><li nr="t."><al>operationele leiding : bevoegdheid tot het geven van
                                        bindende aanwijzingen aan commandanten van de bij de
                                        bestrijding van branden, zware ongevallen en rampen
                                        samenwerkende diensten, zonder daarbij te treden in de
                                        bevoegdheden van de commandanten van die diensten aangaande
                                        de wijze van uitvoering van de aan hen opgedragen
                                        taken;</al></li><li nr="u."><al>veiligheidsbureau : een voorziening waarbinnen op
                                        projectbasis werkzaamheden worden uitgevoerd;</al></li><li nr="v."><al>bijstand : aanvullend personeel en materieel ten behoeve van
                                        de ondersteuning binnen en buiten de eigen regio,
                                        aangevraagd door of namens het bevoegd gezag.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Waar in de regeling de Gemeentewet van overeenkomstige toepassing
                                wordt verklaard, treden - voor zover relevant - in plaats van de
                                gemeente, de Raad, het College en de burgemeester onderscheidenlijk:
                                het openbaar lichaam, het algemeen bestuur, het dagelijks bestuur en
                                de voorzitter.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Waar in de regeling met betrekking tot personen, een mannelijk
                                voornaamwoord of een mannelijk functionarisbegrip gebruikt wordt,
                                worden zowel mannelijke als vrouwelijke personen bedoeld.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>2.</nr><titel>Algemene bepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2.1.</nr><titel>Het openbaar lichaam</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Er is een openbaar lichaam, genaamd ‘Veiligheidsregio
                                Brabant-Noord’. Het is gevestigd te ’s-Hertogenbosch.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het bestuur van de Veiligheidsregio Brabant-Noord bestaat uit het
                                algemeen bestuur, het dagelijks bestuur en de voorzitter.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2.2.</nr><titel>Beperking deelname politieregio</titel></kop><al>De politieregio Brabant Noord neemt aan deze regeling slechts deel voor
                            zover het betreft het gemeenschappelijk meldcentrum zoals bedoeld in
                            artikel 3.5 en voor zover het betreft het veiligheidsbureau zoals
                            bedoeld in artikel 3.6. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2.3.</nr><titel>Toepassing Gemeentewet</titel></kop><al>Voor zover daarvan niet in deze regeling is afgeweken is de Gemeentewet
                            van overeenkomstige toepassing op deze regeling.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>3.</nr><titel>Doelstelling, taken en verantwoordelijkheden</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.1.</nr><titel>Doelstelling</titel></kop><al>De veiligheidsregio Brabant-Noord behartigt het belang van een doelmatig
                            georganiseerde en gecoördineerde, waar mogelijk integrale, uitvoering
                            van de hulpverlening in het werkgebied alsmede de voorbereiding
                            daarop.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.2.</nr><titel>Taken algemeen</titel></kop><al>De aan de regeling deelnemende rechtspersonen werken in de
                            Veiligheidsregio Brabant-Noord bestuurlijk samen ter behartiging van het
                            in artikel 3.1 genoemde belang.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.3.</nr><titel>Taken brandweerzorg</titel></kop><lijst><li nr="1."><al> De veiligheidsregio Brabant-Noord heeft een Regionale Brandweer
                                    Brabant-Noord.</al></li><li nr="2."><al>De veiligheidsregio Brabant-Noord heeft op het terrein van de
                                    regionale brandweerzorg tot taak:</al><lijst><li nr="I"><al>Het zorgdragen voor:</al><lijst><li nr="a."><al> het instellen en in stand houden van een
                                                  regionale brandweeralarmcentrale;</al></li><li nr="b."><al>het aanschaffen en beheren van gemeenschappelijk
                                                  materieel;</al></li><li nr="c."><al>het benoemen, schorsen en ontslaan van de
                                                  commandant en het overige personeel van de
                                                  regionale brandweer en het vaststellen van een
                                                  instructie voor het personeel;</al></li><li nr="d."><al> het beschikbaar stellen van personeel en
                                                  materieel voor bijstandverlening;</al></li><li nr="e."><al> het voorbereiden van de coördinatie bij de
                                                  bestrijding van rampen en zware ongevallen;</al></li><li nr="f."><al>het voorbereiden van de organisatie voor het
                                                  optreden van de brandweer in buitengewone
                                                  omstandigheden en het regelen van de operationele
                                                  leiding bij de bestrijding van rampen en zware
                                                  ongevallen;</al></li><li nr="g."><al> het verzamelen en evalueren van gegevens ten
                                                  behoeve van de waarschuwing en alarmering van de
                                                  bevolking in geval van een ramp of een zwaar
                                                  ongeval of van ernstige vrees voor het ontstaan
                                                  daarvan;</al></li><li nr="h."><al>het waarschuwen van de bevolking door middel van
                                                  het sirenenet;</al></li><li nr="i."><al>het verkennen van gevaarlijke stoffen en het
                                                  verrichten van ontsmetting;</al></li><li nr="j."><al>de coördinatie van de bijstandverlening bedoeld
                                                  onder d.;</al></li><li nr="k."><al>de coördinatie van de brandweerkwaliteitszorg in
                                                  het werkgebied;</al></li><li nr="l."><al>het verzorgen van oefeningen met het oog op het
                                                  optreden in groter verband;</al></li><li nr="m."><al>het verzorgen van opleidingen.</al></li></lijst></li><li nr="II."><al> Het vaststellen van:</al><lijst><li nr="a."><al> een beheersplan als bedoeld in artikel 5 van de
                                                  Wet rampen en zware ongevallen;</al></li><li nr="b."><al>een organisatieplan als bedoeld in artikel 4a
                                                  van de Brandweerwet 1985;</al></li><li nr="c."><al>het niveau van lokale brandweerzorg waaraan
                                                  ieder van de deelnemende gemeenten minimaal moet
                                                  voldoen en het daartoe vaststellen van
                                                  prestatie-eisen en kwaliteitskaders;</al></li><li nr="d."><al> een uitvoeringsregeling voor de bijstand, die
                                                  de gemeenten elkaar op verzoek verlenen op het
                                                  gebied van brandweerzorg, openbare veiligheid,
                                                  crisisbeheersing en rampenbestrijding.</al></li></lijst></li><li nr="III."><al>Het adviseren van de besturen van de gemeenten:</al><lijst><li nr="a."><al> op het gebied van de brandpreventie;</al></li><li nr="b."><al> ter zake van voorbereidende maatregelen op het
                                                  gebied van de brandbestrijding en -beperking in
                                                  bepaalde objecten;</al></li><li nr="c."><al> over het aanschaffen van materieel;</al></li><li nr="d."><al> over de benoeming door deelnemende gemeenten
                                                  van een lokale brandweercommandant.</al></li></lijst></li></lijst></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.4.</nr><titel>Taken geneeskundige hulpverlening</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De veiligheidsregio Brabant-Noord heeft een organisatorisch
                                    samenwerkingsverband voor de geneeskundige hulpverlening bij
                                    ongevallen en rampen.</al></li><li nr="2."><al> De veiligheidsregio Brabant-Noord heeft op het terrein van de
                                    geneeskundige hulpverlening tot taak:</al><lijst><li nr="a."><al> het instellen en in stand houden van een centrale post
                                            voor het ambulancevervoer;</al></li><li nr="b."><al> het vaststellen van de taken van de binnen het
                                            werkgebied werkzame gezondheidsdiensten in het kader van
                                            de geneeskundige hulpverlening en de realisering
                                            daarvan;</al></li><li nr="c"><al> het instellen en in stand houden van een
                                            organisatorisch samenwerkingsverband gericht op
                                            geneeskundige hulpverlening;</al></li><li nr="d."><al> het zorgdragen voor onderlinge bijstand bij de
                                            uitvoering van de geneeskundige hulpverlening;</al></li><li nr="e."><al> het benoemen, schorsen en ontslaan van de regionaal
                                            geneeskundig functionaris;</al></li><li nr="f."><al> het vaststellen van een organisatieplan als bedoeld in
                                            artikel 6 van de Wet geneeskundige hulpverlening bij
                                            ongevallen en rampen;</al></li><li nr="g."><al> het vaststellen van een regeling met betrekking tot de
                                            inzet van het organisatorisch samenwerkingsverband zoals
                                            bedoeld onder c) bij het verlenen van geneeskundige
                                            hulp;</al></li><li nr="h."><al> het stellen van regels ten aanzien van het beslissen op
                                            aanvragen van ambulancevervoer zoals bedoeld in artikel
                                            7 lid 3 van de Wet ambulancevervoer.</al></li></lijst></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.5.</nr><titel>Taken gemeenschappelijk meldcentrum</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De veiligheidsregio Brabant-Noord heeft een gemeenschappelijk
                                meldcentrum.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al> De veiligheidsregio Brabant-Noord heeft op het terrein van het
                                gemeenschappelijk meldcentrum tot taak:</al><lijst><li nr="a."><al> het beheer van het gemeenschappelijk meldcentrum dat omvat
                                        de exploitatie van het gebouw en de technische
                                        infrastructuur en het genereren van managementinformatie ten
                                        behoeve van een adequate taakuitoefening;</al></li><li nr="b."><al> het aanbieden, instandhouden en doorontwikkelen van
                                        onderlinge en vernieuwende communicatie- en
                                        informatiemogelijkheden en –voorzieningen waardoor de
                                        hulpverleningsdiensten hun inzet efficiënt en effectief
                                        kunnen aansturen.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al> De inhoudelijke verantwoordelijkheid voor de meldkamers is als
                                volgt geregeld:</al><lijst><li nr="a."><al> de veiligheidsregio Brabant-Noord is verantwoordelijk voor
                                        de organisatie, operationele aansturing en wijze van
                                        invulling van de operationele prestaties van de meldkamer
                                        brandweer;</al></li><li nr="b."><al>de politieregio is verantwoordelijk voor de organisatie,
                                        operationele aansturing en wijze van invulling van de
                                        operationele prestaties van de meldkamer politie en het call
                                        center politie;</al></li><li nr="c."><al>de regionale ambulancevoorziening is verantwoordelijk voor
                                        de organisatie, operationele aansturing en wijze van
                                        invulling van de operationele prestaties van de meldkamer
                                        ambulancezorg.</al></li><li nr="d."><al> Met betrekking tot de inhoudelijke verantwoordelijkheid van
                                        de meldkamers, zoals omschreven in het vorige lid, hebben de
                                        Veiligheidsregio, de politieregio en de regionale
                                        ambulancevoorziening een verplichting zich in te spannen
                                        voor een zo groot mogelijke integrale samenwerking op de
                                        meldkamers.</al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.6.</nr><titel>Taken Veiligheidsbureau</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al> De veiligheidsregio Brabant-Noord heeft een veiligheidsbureau.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al> De veiligheidsregio Brabant-Noord heeft op het terrein van het
                                veiligheidsbureau tot taak: het projectmatig samenwerken aan het
                                opstellen van plannen voor het voorkomen, beperken en bestrijden van
                                crises, rampen en ongevallen in de regio met behoud van de eigen
                                verantwoordelijkheid van de samenwerkende organisaties.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>4.</nr><titel>Het algemeen bestuur</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4.1.</nr><titel>Samenstelling</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het algemeen bestuur bestaat maximaal uit zoveel leden als het
                                aantal rechtspersonen dat aan de regeling deelneemt. Ieder lid heeft
                                een plaatsvervanger.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De Raden van de deelnemende gemeenten wijzen de burgemeester aan als
                                lid van het algemeen bestuur. Het Regionaal College wijst uit zijn
                                midden de voorzitter aan als lid.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De Raden van de deelnemende gemeenten wijzen elk een wethouder aan
                                als plaatsvervangend lid. Het Regionaal College wijst uit zijn
                                midden een plaatsvervangend lid aan.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><lijst><li nr=""><lijst><li nr="a."><al>De leden van het algemeen bestuur hebben ieder één
                                                stem.</al></li><li nr="b."><al>Het lid van het Regionaal College heeft zowel een
                                                stem namens de gemeente waarvan hij burgemeester is
                                                als namens de politieregio</al></li><li nr="c."><al>Het lid dat door het Regionaal College is aangewezen
                                                neemt als vertegenwoordiger van de politieregio
                                                slechts aan de besluitvorming deel voorzover het
                                                betreft het gemeenschappelijk meldcentrum en het
                                                veiligheidsbureau.</al></li></lijst></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4.2.</nr><titel>Zittingsduur</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De (plaatsvervangende) leden van het algemeen bestuur hebben zitting
                                gedurende de zittingsduur van de gemeenteraad. In een nieuwe
                                zittingsduur van de gemeenteraad kunnen zij terstond opnieuw worden
                                aangewezen. Zij blijven, onverminderd in het bepaalde in lid 2, als
                                lid van het algemeen bestuur fungeren totdat hun opvolgers zijn
                                aangewezen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het (plaatsvervangend) lidmaatschap eindigt zodra het
                                (plaatsvervangend) lid ophoudt burgemeester c.q. wethouder c.q. lid
                                van het Regionaal College te zijn.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Van elke wijziging in het (plaatsvervangend) lidmaatschap geeft het
                                College van de gemeente die het aangaat c.q. het Regionaal College
                                binnen 14 dagen kennis aan de voorzitter.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4.3.</nr><titel>Vergaderingen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het algemeen bestuur vergadert jaarlijks tenminste tweemaal. Het
                                algemeen bestuur vergadert voorts zo vaak als de voorzitter of het
                                dagelijks bestuur dit nodig oordeelt of tenminste een vijfde van het
                                aantal leden van het algemeen bestuur daarom verzoekt. De voorzitter
                                is gehouden binnen drie weken na ontvangst ervan uitvoering te geven
                                aan een dergelijk verzoek.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De artikelen 16, 19, 20, 22, 23, 24, 25, 26 en 28 tot en met 32 van
                                de Gemeentewet zijn, voor zover daarvan bij de wet niet is
                                afgeweken, op het houden en de orde van de vergaderingen van het
                                algemeen bestuur van overeenkomstige toepassing.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>5.</nr><titel>Het dagelijks bestuur</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5.1.</nr><titel>Samenstelling</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al> Het dagelijks bestuur bestaat uit de voorzitter van het algemeen
                                bestuur en vier andere leden. Ieder lid heeft een
                                plaatsvervanger.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De leden en de plaatsvervangende leden worden uit en door het
                                algemeen bestuur aangewezen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5.2.</nr><titel>Zittingsduur</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het (plaatsvervangend) lidmaatschap van het dagelijks bestuur
                                eindigt zodra het lidmaatschap van het algemeen bestuur eindigt of
                                wanneer het lid van het dagelijks bestuur als zodanig ontslag
                                neemt.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het (plaatsvervangend) lid van het dagelijks bestuur dat ontslag
                                neemt, blijft in functie tot de eerstvolgende vergadering van het
                                algemeen bestuur.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5.3.</nr><titel>Onvrijwillig ontslag</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het algemeen bestuur kan een (plaatsvervangend) lid van het
                                dagelijks bestuur ontslag verlenen indien dit lid niet meer het
                                vertrouwen bezit van het algemeen bestuur.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Artikel 49 van de Gemeentewet is zoveel mogelijk van overeenkomstige
                                toepassing.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5.4.</nr><titel>Vergaderingen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het dagelijks bestuur stelt een reglement van orde voor zijn
                                vergaderingen en andere werkzaamheden vast, dat aan het algemeen
                                bestuur wordt toegezonden.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al> De artikelen 54 t/m 60 van de Gemeentewet zijn op de vergaderingen
                                van het dagelijks bestuur van overeenkomstige toepassing.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>6.</nr><titel>De voorzitter</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6.1.</nr><titel>Aanwijzing en vervanging</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het algemeen bestuur wijst de voorzitter aan van het openbaar
                                lichaam.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De voorzitter is tevens voorzitter van het algemeen bestuur en van
                                het dagelijks bestuur.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Bij verhindering of ontstentenis wordt de voorzitter vervangen door
                                een door het dagelijks bestuur uit zijn midden aan te wijzen
                                plaatsvervanger.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De voorzitter tekent de stukken die van het algemeen en dagelijks
                                bestuur uitgaan. Deze stukken worden door de secretaris
                                mede-ondertekend.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>In afwijking van het bepaalde in het vorige lid kan het dagelijks
                                bestuur de voorzitter toestaan om de ondertekening van stukken die
                                van het dagelijks bestuur uitgaan op te dragen aan een ander lid van
                                het dagelijks bestuur of de ondertekening te mandateren aan de
                                secretaris of aan een ander persoon.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>De voorzitter vertegenwoordigt de veiligheidsregio Brabant-Noord in
                                en buiten rechte. Hij kan de vertegenwoordiging opdragen aan een
                                door hem aan te wijzen gemachtigde.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>7.</nr><titel>Taken en bevoegdheden bestuursorganen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7.1.</nr><titel>Bevoegdheden algemeen</titel></kop><al>Aan de veiligheidsregio Brabant-Noord zijn door de (organen van) de
                            deelnemende rechtspersonen alle bevoegdheden tot regeling en bestuur
                            toegekend die op enig moment nodig zijn voor de uitvoering van de aan de
                            veiligheidsregio Brabant-Noord opgedragen taken. De bevoegdheden genoemd
                            in artikel 1 lid 6 van de Brandweerwet 1985 en de bevoegdheden genoemd
                            in artikel 2 en 4 van de Wet geneeskundige hulpverlening bij ongevallen
                            en rampen zijn daaronder begrepen. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7.2.</nr><titel>Verdeling van taken en bevoegdheden</titel></kop><al>Voor zover daarvan in deze regeling niet wordt afgeweken is op de
                            veiligheidsregio Brabant-Noord en haar bestuursorganen de verdeling van
                            taken en bevoegdheden van toepassing zoals deze geldt in de Gemeentewet.
                            Met dien verstande dat voor gemeente, gemeenteraad, burgemeester en
                            wethouders en burgemeester in de plaats treden respectievelijk:
                            veiligheidsregio Brabant-Noord, algemeen bestuur, dagelijks bestuur en
                            voorzitter. En met dien verstande dat de verdeling van bevoegdheden over
                            die organen de in deze regeling bepaalde verdeling van taken volgt.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7.3.</nr><titel>Algemeen bestuur</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het algemeen bestuur staat aan het hoofd van de veiligheidsregio
                                Brabant-Noord.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het algemeen bestuur is bevoegd tot regeling en bestuur inzake de
                                huishouding van de veiligheidsregio Brabant-Noord voor zover bij de
                                wet of in deze regeling de bevoegdheid daartoe niet aan het
                                dagelijks bestuur of de voorzitter is toegekend.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het algemeen bestuur stelt de verordeningen van de veiligheidsregio
                                Brabant-Noord vast die het in het belang van de veiligheidsregio
                                nodig acht en voor zover bij de wet of in deze regeling de
                                bevoegdheid daartoe niet aan het dagelijks bestuur is toegekend.
                            </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7.4.</nr><titel>Bindende voorschriften brandweerzorg</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het algemeen bestuur van het openbaar lichaam is bevoegd bindende
                                voorschriften te geven aan het bestuur van een gemeente ten aanzien
                                van het niveau van lokale brandweerzorg en daarbij behorende
                                prestatie-eisen en kwaliteitskaders, waaraan die gemeente minimaal
                                moet voldoen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien het bestuur van een gemeente naar het oordeel het algemeen
                                bestuur in gebreke blijft bij het opvolgen van de voorschriften
                                bedoeld in het eerste lid, kan het algemeen bestuur dit geschil op
                                grond van artikel 28 van de Wet gemeenschappelijke regelingen, ter
                                beslissing voorleggen aan Gedeputeerde Staten. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7.5.</nr><titel>Dagelijks bestuur</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het dagelijks bestuur is belast met de uitvoering van de besluiten
                                van het algemeen bestuur.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De artikelen 53, 53a, 74, 170 lid 1 en lid 3 en 171 van de
                                Gemeentewet zijn van overeenkomstige toepassing op de
                                voorzitter.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>8.</nr><titel>Informatie en verantwoording</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8.1</nr><titel>Informatie- en verantwoordingsplicht leden algemeen
                                bestuur</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al> Een lid van het algemeen bestuur geeft het orgaan dat hem heeft
                                aangewezen ongevraagd alle informatie die voor een juiste
                                beoordeling van het door de veiligheidsregio Brabant-Noord gevoerde
                                en te voeren beleid nodig is.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al> Een lid van het algemeen bestuur geeft het orgaan dat hem heeft
                                aangewezen de door een of meer leden van dat orgaan gevraagde
                                inlichtingen. Schriftelijk gevraagde inlichtingen worden
                                schriftelijk gegeven.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Alvorens de gevraagde inlichtingen te verstrekken kan het lid van
                                het algemeen bestuur zich daarover laten adviseren door het
                                dagelijks bestuur.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Een lid van het algemeen bestuur is verantwoording verschuldigd aan
                                het orgaan dat hem heeft aangewezen voor het door hem in het
                                algemeen bestuur gevoerde beleid.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Het afleggen van verantwoording vindt plaats overeenkomstig het
                                reglement van orde van het desbetreffende orgaan met dien verstande
                                dat termijnen worden verdubbeld om het lid van het algemeen bestuur
                                de gelegenheid te geven zich door het dagelijks bestuur te laten
                                informeren.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al> Het algemeen bestuur stelt jaarlijks voor 1 juli een jaarverslag
                                vast waarin verslag wordt gedaan over het door de veiligheidsregio
                                Brabant-Noord gevoerde bestuur en bereikte resultaten. Het
                                jaarverslag wordt gezonden aan de raden van de deelnemende gemeenten
                                en aan het Regionaal College van de politieregio Brabant-Noord.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8.2.</nr><titel>Informatie- en verantwoordingsplicht (leden) dagelijks
                                bestuur</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De leden van het dagelijks bestuur verstrekken zowel gezamenlijk als
                                ieder afzonderlijk de door het algemeen bestuur of door een of meer
                                leden daarvan gevraagde inlichtingen. Schriftelijk gevraagde
                                inlichtingen worden zo mogelijk schriftelijk gegeven.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De leden van het dagelijks bestuur verstrekken zowel gezamenlijk als
                                ieder afzonderlijk de, door de organen van de deelnemers of een of
                                meer leden daarvan, gevraagde inlichtingen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De leden van het dagelijks bestuur leggen zowel gezamenlijk als
                                ieder afzonderlijk verantwoording af aan het algemeen bestuur voor
                                het door hen gevoerde bestuur.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8.3.</nr><titel>Informatie- en verantwoordingsplicht voorzitter</titel></kop><al>Het bepaalde in artikel 8.2 is van overeenkomstige toepassing op de
                            voorzitter voor het door hem als zodanig gevoerde bestuur.Hoofdstuk 9.
                            Functies, personeel en organisatie</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9.1.</nr><titel>Secretaris</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De veiligheidsregio Brabant-Noord heeft een secretaris die door het
                                algemeen bestuur wordt benoemd, geschorst en ontslagen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De secretaris is tevens regionaal commandant brandweer zoals bedoeld
                                in artikel 9.2.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De secretaris staat het algemeen bestuur, het dagelijks bestuur en
                                de voorzitter, bij de uitoefening van hun taak terzijde.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het algemeen en het dagelijks bestuur stellen nadere regels voor de
                                taak en de bevoegdheden van de secretaris.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al> De secretaris is in de vergaderingen van het algemeen bestuur en
                                van het dagelijks bestuur aanwezig.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al> De stukken die van het algemeen bestuur en van het dagelijks
                                bestuur uitgaan worden door de secretaris mede ondertekend tenzij de
                                ondertekening door de voorzitter aan hem is opgedragen.</al></lid><lid><lidnr>7.</lidnr><al>Het dagelijks bestuur regelt de vervanging van de secretaris.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9.2.</nr><titel>Regionaal commandant brandweer</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al> De veiligheidsregio Brabant-Noord heeft een regionaal commandant
                                brandweer die door het algemeen bestuur wordt benoemd, geschorst en
                                ontslagen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De regionaal commandant brandweer is tevens secretaris zoals bedoeld
                                in artikel 9.1.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De regionaal commandant is belast met de leiding over het
                                veiligheidsbureau.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De regionaal commandant brandweer is belast met de operationele
                                leiding bij buitengewone omstandigheden, rampen, zware ongevallen en
                                grootschalige incidenten of ernstige vrees daarvoor, tenzij het
                                bevoegde gezag als bedoeld in de artikelen 11 en 12 van de Wet
                                rampen en zware ongevallen, een andere voorziening treft.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9.3.</nr><titel>Regionaal geneeskundig functionaris</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De veiligheidsregio Brabant-Noord heeft een regionaal geneeskundig
                                functionaris die door het algemeen bestuur wordt benoemd, geschorst
                                en ontslagen. De regionaal geneeskundig functionaris is belast met
                                de operationele leiding over de geneeskundige hulpverlening.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De regionaal geneeskundig functionaris coördineert de voorbereiding
                                van de spoedeisende medische hulpverlening op de geneeskundige
                                hulpverlening en stemt de maatregelen ter voorbereiding van de
                                geneeskundige hulpverlening af op de maatregelen van de andere bij
                                de rampenbestrijding betrokken disciplines.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9.4.</nr><titel>Korpschef politie</titel></kop><al>De korpschef is belast met de uitvoering van taken, zoals bedoeld in
                            artikel 3.5., lid 2.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9.5.</nr><titel>Overig personeel</titel></kop><al>Overig personeel in dienst van het openbaar lichaam wordt benoemd,
                            geschorst en ontslagen door het dagelijks bestuur.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9.6.</nr><titel>Organisatieverordening</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het algemeen bestuur stelt een organisatieverordening vast.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De organisatieverordening bevat in ieder geval bepalingen
                                betreffende:</al><lijst><li nr="a."><al>de onderlinge verdeling van taken en verantwoordelijkheden
                                        tussen de secretaris/regionaal commandant, de regionaal
                                        geneeskundig functionaris, de korpschef en de coördinerend
                                        gemeentesecretaris;</al></li><li nr="b."><al>de voorbereiding van de bestuurlijke besluitvorming en de
                                        wijze waarop daarbij een of meer adviseurs worden
                                        betrokken;</al></li><li nr="c."><al>het veiligheidsbureau zoals bedoeld in artikel 3.6.</al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9.7.</nr><titel>Rechtspositieregeling</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Op personeel aangesteld bij de veiligheidsregio Brabant-Noord, de in
                                deze regeling benoemde functionarissen inbegrepen, is de
                                rechtspositie van de gemeente ’s-Hertogenbosch van toepassing.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het algemeen bestuur kan besluiten, op het gehele personeel of een
                                deel daarvan een andere rechtspositieregeling van toepassing te
                                verklaren.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het algemeen bestuur kan afwijken van enige van toepassing
                                verklaarde rechtspositieregeling.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>10.</nr><titel>Financiële bepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10.1.</nr><titel>Algemene bepaling</titel></kop><al>Voor zover daarvan niet bij of krachtens de wet of deze regeling is
                            afgeweken is op dit hoofdstuk van</al><al>overeenkomstige toepassing Titel IV van de Gemeentewet.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10.2.</nr><titel>Financiële administratie, geldelijk beheer en controle</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al> Het algemeen bestuur stelt bij verordening de uitgangspunten voor
                                het financiële beleid, alsmede voor het financiële beheer en voor de
                                inrichting van de financiële organisatie vast. Artikel 212
                                Gemeentewet is hierop van overeenkomstige toepassing.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het algemeen bestuur stelt bij verordening regels vast voor de
                                controle op het financiële beheer en op de inrichting van de
                                financiële organisatie. Het algemeen bestuur wijst een of meer
                                accountants aan als bedoeld in artikel 393, eerste lid, van Boek 2
                                van het Burgerlijk Wetboek, belast met de controle van de
                                jaarrekening en het daarbij verstrekken van een
                                accountantsverklaring en het uitbrengen van een verslag van
                                bevindingen. Artikel 213 Gemeentewet is hierop van overeenkomstige
                                toepassing.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10.3.</nr><titel>Begroting</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>In de begroting worden aangegeven de door elke aan deze regeling
                                deelnemende rechtspersoon naar raming verschuldigde bijdrage voor
                                het jaar waarop de begroting betrekking heeft. De begroting vermeldt
                                tevens de termijnen waarin de bijdrage is verschuldigd en de daarbij
                                behorende vervaldata.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al> In de begroting wordt aangegeven in hoeverre deze bijdragen
                                verdeeld worden naar verhouding van de inwonertallen van de in de
                                regeling deelnemende gemeenten en/of in hoeverre een andere
                                verdeelsleutel wordt toegepast.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al> Voor zover de in lid 2 bedoelde bijdrage berekend wordt naar
                                verhouding van de inwonertallen, wordt uitgegaan van het inwonertal
                                op 1 januari van het jaar, voorafgaande aan dat, waarvoor de
                                bijdrage verschuldigd is. Voor de vaststelling van de aantallen
                                inwoners worden aangehouden de door het Centraal bureau voor de
                                Statistiek openbaar gemaakte bevolkingscijfers.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al> Voor zover de bijdragen bedoeld in lid 1 betrekking hebben op de
                                kosten van het gemeenschappelijk meldcentrum worden deze naar rato
                                verdeeld over de al dan niet in de regeling deelnemende
                                rechtspersonen die functioneel verantwoordelijk zijn voor de
                                onderscheidenlijke functies.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al> De aan de meldkamer ambulancezorg toe te rekenen kosten worden in
                                rekening gebracht bij de regionale ambulancevoorziening.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10.4.</nr><titel>Begrotingsprocedure</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het dagelijks bestuur zendt de ontwerpbegroting jaarlijks voor 1 mei
                                toe aan de raden van de deelnemende gemeenten en aan het Regionaal
                                College. De ontwerpbegroting gaat vergezeld van een meerjarenraming
                                voor het lopende en de drie op het begrotingsjaar volgende
                                jaren.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De ontwerpbegroting wordt door de deelnemende gemeenten voor een
                                ieder ter inzage gelegd en, tegen betaling van de kosten, algemeen
                                verkrijgbaar gesteld. Artikel 190, tweede en derde lid, van de
                                Gemeentewet is van overeenkomstige toepassing. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De raden van de deelnemende gemeenten en het Regionaal College
                                kunnen bij het dagelijks bestuur hun zienswijze over de
                                ontwerpbegroting naar voren brengen. Het dagelijks bestuur voegt de
                                commentaren waarin deze zienswijze is vervat bij de
                                ontwerpbegroting, zoals deze aan het algemeen bestuur ter
                                vaststelling wordt aangeboden.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al> Het algemeen bestuur stelt jaarlijks vóór 1 juli de begroting vast
                                in het jaar voorafgaande aan dat waarvoor zij dient.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al> Nadat deze is vastgesteld, zendt het algemeen bestuur daarover
                                bericht aan de raden van de deelnemende gemeenten en het Regionaal
                                College, zo nodig vergezeld van de vastgestelde begroting, die ter
                                zake bij gedeputeerde staten hun zienswijze naar voren kunnen
                                brengen. </al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Het algemeen bestuur zendt de begroting binnen twee weken na de
                                vaststelling, doch in ieder geval vóór 15 juli van het jaar
                                voorafgaande aan dat waarvoor de begroting dient, aan Gedeputeerde
                                Staten.</al></lid><lid><lidnr>7.</lidnr><al> Op wijzigingen van de begroting zijn de voorafgaande bepalingen in
                                dit artikel van overeenkomstige toepassing tenzij die wijziging geen
                                verhoging geeft voor de bijdrage van de gemeenten en/of de
                                politieregio.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10.5.</nr><titel>Jaarrekening</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Van de inkomsten en uitgaven van het openbaar lichaam wordt door het
                                dagelijks bestuur over elk dienstjaar verantwoording afgelegd aan
                                het algemeen bestuur, onder overlegging van de conceptjaarrekening
                                met daarbij behorende bescheiden. Het dagelijks bestuur voegt
                                daarbij een verslag van bevindingen van de accountant(s)
                                overeenkomstig artikel 213 van de Gemeentewet.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al> Het algemeen bestuur stelt de jaarrekening vast in het jaar
                                volgende op het jaar waarop deze betrekking heeft.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al> Het dagelijks bestuur zendt de jaarrekening binnen twee weken na de
                                vaststelling, doch in ieder geval vóór 15 juli van het jaar volgende
                                op het jaar waarop de jaarrekening betrekking heeft, aan de raden
                                van de deelnemende gemeenten, aan het Regionaal College en aan
                                Gedeputeerde Staten.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Behoudens later in rechte gebleken onregelmatigheden, ontlast de
                                vaststelling van de jaarrekening de leden van het dagelijks bestuur
                                ten aanzien van het daarin verantwoorde financieel beheer.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al> In de jaarrekening wordt -overeenkomstig de in de desbetreffende
                                begroting opgenomen verdeelsleutel- het door elk van de
                                onderscheidenlijke rechtspersonen over het desbetreffende jaar
                                werkelijk verschuldigde bedrag opgenomen.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>11.</nr><titel>Archieffunctie en ombudsfunctie</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11.1.</nr><titel>Archiefbescheiden</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het algemeen bestuur stelt een verordening vast op de zorg voor de
                                archiefbescheiden van het openbaar lichaam alsmede op het beheer
                                daarvan en op het toezicht op het beheer.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al> Het dagelijks bestuur is belast met de zorg voor de archieven.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De aan de uitvoering van deze zorg verbonden kosten komen voor
                                rekening van deze regeling.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11.2.</nr><titel>Ombudsfunctie</titel></kop><al>De behandeling van verzoekschriften zoals bedoeld in artikel 9:18,
                            eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht, vindt plaats door de
                            ombudscommissie van de gemeente ’s-Hertogenbosch.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>12.</nr><titel>Toetreden, uittreden, wijzigen, opheffen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12.1.</nr><titel>Toetreden</titel></kop><al>Na het aangaan van deze regeling kan een rechtspersoon alleen toetreden
                            na instemming van het algemeen bestuur, dat de gevolgen van toetreding
                            regelt.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12.2.</nr><titel>Uittreden</titel></kop><al>Na het aangaan van deze regeling kan een rechtspersoon alleen uittreden
                            na instemming van het algemeen bestuur, dat de gevolgen van uittreden
                            regelt.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12.3.</nr><titel>Wijzigen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Deze regeling kan worden gewijzigd bij eensluidende besluiten van de
                                organen van tenminste vijftien deelnemende rechtspersonen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het dagelijks bestuur maakt de wijziging bekend.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12.4.</nr><titel>Opheffen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Deze regeling kan worden opgeheven bij eensluidende besluiten van de
                                organen van tenminste vijftien deelnemende rechtspersonen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Bij opheffing besluit het algemeen bestuur tot liquidatie en stelt,
                                nadat de organen van de deelnemende gemeenten en de politieregio
                                zijn gehoord, een liquidatieplan op. Daarbij kan hij van deze
                                regeling afwijken.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>In dit liquidatieplan wordt een regeling getroffen voor de bewaring
                                en het toekomstig beheer van de archieven.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De organen van het openbaar lichaam blijven na de opheffing in
                                functie tot dat de liquidatie volledig is voltooid.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Het dagelijks bestuur maakt de opheffing openbaar bekend.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>13.</nr><titel>Overgangs- en slotbepalingen</titel></kop><artikel><kop><titel>Artikel</titel></kop><lijst><li nr="1."><al> Deze regeling treedt in werking per 1 juli 2006.</al></li><li nr="2."><al>Deze regeling kent een toelichting.</al></li><li nr="3."><al> De deelnemende gemeenten en de politieregio dragen op de
                                    gebruikelijke wijze zorg voor de bekendmaking van deze
                                    regeling.</al></li><li nr="4."><al>Deze regeling kan worden aangehaald als ‘Gemeenschappelijke
                                    regeling Veiligheidsregio Brabant-Noord’.</al></li><li nr="5."><al> Het bestuur van de gemeente ’s-Hertogenbosch wordt aangewezen
                                    als het gemeentebestuur zoals bedoeld in artikel 26 van de
                                    wet.</al></li><li nr="6."><al> Tegelijk met de inwerkingtreding van deze regeling worden
                                    opgeheven:</al><lijst><li nr="a."><al> de ‘Gemeenschappelijke regeling Regionale
                                            Hulpverleningsdienst Brabant-Noord’ en</al></li><li nr="b."><al>de ‘Gemeenschappelijke regeling Gemeenschappelijk
                                            Meldcentrum Brabant-Noord’</al></li></lijst></li></lijst></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgesteld door de Raad van de gemeente Vught,</ondertekening><ondertekening>in zijn openbare vergadering van 29 juni 2006.</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>de griffier, de voorzitter,</ondertekening><ondertekening>………………… …………………..</ondertekening><ondertekening>Aldus vastgesteld door het College van de gemeente ……………,</ondertekening><ondertekening>in zijn vergadering van……………….</ondertekening><ondertekening>de secretaris, de voorzitter,</ondertekening><ondertekening>…………………..……………………...</ondertekening><ondertekening>Aldus vastgesteld door de burgemeester van de gemeente ……………………..,</ondertekening><ondertekening>de burgemeester,</ondertekening></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>