<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR308661_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening commissie bezwaarschriften gemeente Coevorden 2013</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Coevorden</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-02-20</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Coevorden</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">www.coevorden.nl/bekendmakingen 16-07-2013</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening commissie bezwaarschriften gemeente Coevorden 2013</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Algemene wet bestuursrecht, art. 7:13</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet, art. 84</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2013-06-11</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2013-07-17</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2018-02-23</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>collegevoorstel nr. 1033</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>algemeen bestuur en organisatie</overheidrg:onderwerp><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>1.Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Deze verordening vervangt de Verordening rechtsbescherming gemeente Coevorden 2006</al></overheidrg:redactioneleToevoeging><overheidrg:externeBijlage>exb-2017-20283</overheidrg:externeBijlage></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening commissie bezwaarschriften gemeente Coevorden 2013</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De raad, het college en de burgemeester van de gemeente Coevorden;</al><al>ieder voor zover het hun bevoegdheden betreft;</al><al>gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders, nr.
                        1033;</al><al>gelet op artikel 7:13 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) en artikel 84
                        van de Gemeentewet;</al><al>besluiten vast te stellen de volgende verordening:</al><al/><al><vet>Verordening commissie bezwaarschriften Gemeente Coevorden 2013</vet></al></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1.</nr><titel>Begripsbepalingen</titel></kop><al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>verwerend orgaan: bestuursorgaan dat het bestreden besluit heeft
                                genomen;</al></li><li nr="b."><al>commissie: vaste commissie van advies voor de bezwaarschriften.</al></li><li nr="c."><al>Wet: de Algemene wet bestuursrecht.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2.</nr><titel>Inleidende bepaling commissie</titel></kop><al>Er is een commissie ter voorbereiding van de beslissing op bezwaren tegen
                        besluiten van de raad, het college en de burgemeester.</al><al>De commissie is niet bevoegd ten aanzien van bezwaarschriften die zijn
                        ingediend tegen besluiten op grond van een wettelijk voorschrift op het
                        gebied van belastingen of de Wet waardering onroerende zaken.</al><al>Onverminderd het bepaalde in het tweede lid kan het college categorieën van
                        besluiten aanwijzen waarvoor de commissie niet bevoegd is.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.</nr><titel>Samenstelling van de commissie</titel></kop><al>De commissie bestaat uit een voorzitter en ten minste twee leden.</al><al>De voorzitter en de leden worden door het college benoemd, geschorst en
                        ontslagen.</al><al>De commissie regelt de vervanging van de voorzitter.</al><al>De voorzitter en de leden van de commissie kunnen geen deel uitmaken van of
                        werkzaam zijn onder verantwoordelijkheid van het bestuursorgaan.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4.</nr><titel>Secretaris</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De secretaris van de commissie is een door het college aangewezen
                            ambtenaar.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college wijst tevens een of meer plaatsvervangers van de secretaris
                            aan.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5.</nr><titel>Zittingsduur</titel></kop><al>De voorzitter en de leden worden benoemd voor een periode van drie jaar; de
                        leden kunnen door het college een keer worden herbenoemd voor de duur van
                        een gelijke periode.</al><al>De voorzitter en de leden van de commissie kunnen op elk moment ontslag
                        nemen. Zij doen daarvan schriftelijk mededeling aan het college. </al><al>De aftredende of ontslag nemende voorzitter of leden van de commissie
                        blijven hun functie vervullen totdat in de opvolging is voorzien. </al><al>In afwijking van het bepaalde in het eerste lid kan het college voor een of
                        meer leden van de commissie afwijken van de eerste benoemingsperiode om
                        zoveel mogelijk te voorkomen dat het lidmaatschap van veel leden tegelijk
                        beëindigt. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6.</nr><titel>Onvrijwillig ontslag</titel></kop><al>Het college ontslaat de leden van de commissie die door handelen of nalaten
                        ernstig nadeel toebrengen in het in hen gestelde vertrouwen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7.</nr><titel>Ingediend bezwaarschrift</titel></kop><al>Op het ingediende bezwaarschrift wordt de datum van ontvangst
                        aangetekend.</al><al>Het bezwaarschrift met de daarbij overgelegde stukken wordt binnen zeven
                        werkdagen in handen van de commissie gesteld.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8.</nr><titel>Bemiddeling</titel></kop><al>Het bestuursorgaan onderzoekt of de zaak in der minne kan worden geschikt
                        alvorens de zaak verder in behandeling wordt genomen. Het bestuursorgaan
                        verricht daartoe de nodige handelingen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9.</nr><titel>Uitoefening bevoegdheden</titel></kop><al>De bevoegdheden ingevolge de hierna genoemde artikelen van de wet worden
                        voor de toepassing van deze verordening uitgeoefend door de voorzitter van
                        de commissie:</al><lijst><li nr="a."><al>artikel 2:1, tweede lid;</al></li><li nr="b."><al>artikel 6:17, voor zover het de verzending van stukken betreft
                                tijdens de behandeling door de commissie;</al></li><li nr="c."><al>artikel 7:4, tweede lid;</al></li><li nr="d."><al>artikel 7:6, vierde lid.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10.</nr><titel>Vooronderzoek</titel></kop><al>De voorzitter van de commissie is bevoegd rechtstreeks alle gewenste
                        inlichtingen in te winnen of te laten inwinnen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11.</nr><titel>Hoorzitting</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De voorzitter van de commissie bepaalt plaats en tijdstip van de zitting
                            waarin de belanghebbenden en het verwerend orgaan in de gelegenheid
                            worden gesteld zich door de commissie te laten horen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De voorzitter beslist over de toepassing van artikel 7:3 van de
                            wet.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien de voorzitter op grond van het tweede lid besluit af te zien van
                            het horen, doet hij daarvan mededeling aan de belanghebbenden en het
                            verwerend orgaan.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12.</nr><titel>Uitnodiging zitting</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De voorzitter nodigt de belanghebbenden en het verwerend orgaan ten
                            minste twee weken voor de zitting schriftelijk uit.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Binnen drie dagen na de uitnodiging kunnen de belanghebbenden of het
                            verwerend orgaan onder opgaaf van redenen de voorzitter verzoeken het
                            tijdstip van de zitting te wijzigen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De beslissing van de voorzitter op dit verzoek wordt uiterlijk één week
                            voor het tijdstip van de zitting aan de belanghebbenden en het verwerend
                            orgaan meegedeeld.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De voorzitter is bevoegd in bijzondere omstandigheden af te wijken of
                            afwijking toe te staan van de termijnen die genoemd zijn in het eerste
                            tot en met het derde lid.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13.</nr><titel>Quorum</titel></kop><al>Voor het houden van een zitting is vereist dat tenminste de voorzitter dan
                        wel de plaatsvervangend voorzitter en één lid aanwezig is.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14.</nr><titel>Niet-deelneming aan de behandeling</titel></kop><al>De voorzitter en de leden van de commissie nemen niet deel aan de
                        behandeling van een bezwaarschrift indien daarbij hun onpartijdigheid in het
                        geding kan zijn. Zij laten zich zo nodig vervangen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15.</nr><titel>Openbaarheid zitting</titel></kop><al>De zitting van de commissie is openbaar.</al><al>De deuren kunnen worden gesloten indien de voorzitter van de commissie of
                        een van de aanwezige leden het nodig oordeelt of indien een belanghebbende
                        daartoe een verzoek doet. </al><al>Indien de commissie vervolgens beslist dat gewichtige redenen aanwezig zijn
                        die zich tegen openbaarheid van de zitting verzetten, vindt de zitting
                        plaats achter gesloten deuren. </al><al>De zitting van de commissie vindt achter gesloten deuren plaats voor wat
                        betreft bezwaarschriften die zijn ingediend tegen besluiten op grond van de
                        Wet werk en bijstand, de Wet maatschappelijke ondersteuning en andere
                        handelingen als bedoeld in artikel 6:1 van de wet genomen op grond van de
                        Arbeidsvoorwaardenregeling gemeente Coevorden en andere rechtspositionele
                        regelingen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16.</nr><titel>Schriftelijke verslaglegging</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het verslag als bedoeld in artikel 7:7 van de wet vermeldt de namen van
                            de aanwezigen en hun hoedanigheid.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het verslag houdt een zakelijke vermelding in van wat over en weer is
                            gezegd en wat verder ter zitting is voorgevallen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien de zitting geheel of gedeeltelijk achter gesloten deuren
                            plaatsvond, of indien belanghebbenden, respectievelijk hun gemachtigden
                            niet in elkaars tegenwoordigheid zijn gehoord, maakt het verslag hiervan
                            melding.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het verslag verwijst naar de op de zitting overgelegde bescheiden, die
                            aan het verslag kunnen worden gehecht.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Het verslag wordt ondertekend door de voorzitter en de secretaris van de
                            commissie.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17.</nr><titel>Nader onderzoek</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Indien na afloop van de zitting maar voordat het advies wordt opgesteld,
                            nader onderzoek wenselijk blijkt te zijn, kan de voorzitter uit eigen
                            beweging of op verlangen van de andere commissieleden dit onderzoek
                            houden.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De uit het nader onderzoek verkregen informatie wordt in afschrift aan
                            de leden van de commissie, het verwerend orgaan en de belanghebbenden
                            toegezonden.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De leden van de commissie, het verwerend orgaan en de belanghebbenden
                            kunnen binnen een week na verzending van de nadere informatie aan de
                            voorzitter van de commissie een verzoek richten tot het beleggen van een
                            nieuwe hoorzitting. De voorzitter beslist op zo'n verzoek.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Op een nieuwe hoorzitting zijn de bepalingen in deze verordening die
                            betrekking hebben op de hoorzitting, zo veel mogelijk van
                            overeenkomstige toepassing.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>18.</nr><titel>Raadkamer en advies</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De commissie beraadslaagt en beslist achter gesloten deuren over het
                            door haar uit te brengen advies.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De commissie beslist bij meerderheid van stemmen over het uit te brengen
                            advies.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien bij een stemming de stemmen staken, beslist de stem van de
                            voorzitter.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Van een minderheidsstandpunt wordt bij het advies melding gemaakt indien
                            die minderheid dat verlangt.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Het advies is gemotiveerd en omvat een voorstel voor de te nemen
                            beslissing op het bezwaarschrift.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Het advies wordt door de voorzitter en de secretaris van de commissie
                            ondertekend.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>19.</nr><titel>Uitbrengen advies en verdaging</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het advies wordt, onder medezending van het verslag, bedoeld in artikel
                            16 en eventueel door de commissie ontvangen nadere informatie en nader
                            verslag, tijdig uitgebracht aan het bestuursorgaan dat op het
                            bezwaarschrift dient te beslissen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien naar het oordeel van de voorzitter van de commissie de termijn
                            van 12 weken, genoemd in artikel 7:10, eerste lid, van de wet,
                            ontoereikend is voor achtereenvolgens het uitbrengen van een advies en
                            het nemen van een beslissing, verzoekt hij het verwerend orgaan tijdig
                            de beslissing te verdagen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Van een besluit tot verdaging ontvangen de commissie en de
                            belanghebbenden een afschrift.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>20.</nr><titel>Jaarverslag</titel></kop><al>De commissie brengt jaarlijks vóór 1 juli aan de bestuursorganen van de
                        gemeente verslag uit van haar werkzaamheden in het voorafgaande
                        kalenderjaar.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>21.</nr><titel>vergoeding werkzaamheden</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De voorzitter van de commissie ontvangt voor het bijwonen van de
                            vergaderingen van de commissie een vergoeding van € 207- per
                            vergadering.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Een lid van de commissie ontvangt voor het bijwonen van de vergaderingen
                            van de commissie een vergoeding van € 172,- per vergadering.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het college indexeert de bedragen genoemd in de leden 1 en 2 jaarlijks
                            per 1 januari aan de hand van het indexcijfer voor de
                            (overheids)consumptie, onderdeel lonen en salarissen. De indexering
                            vindt voor het daarop volgende jaar plaats overeenkomstig de
                            indexcijfers zoals afgegeven in de jaarlijkse septembercirculaire van
                            het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Een lid van de commissie ontvangt een vergoeding van reiskosten voor het
                            bijwonen van vergaderingen van de commissie. De vergoeding betreft:</al><lijst><li nr="a."><al>Bij gebruik van openbare middelen van vervoer: een volledige
                                    vergoeding van in redelijkheid gemaakte reiskosten.</al></li><li nr="b."><al>Bij gebruik van een eigen motorvoertuig: een vergoeding van de
                                    in redelijkheid noodzakelijk gemaakte reiskosten overeenkomstig
                                    de bedragen in artikel 2 van de Reisregeling binnenland.</al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>22.</nr><titel>Intrekking oude regeling</titel></kop><al>De Verordening rechtsbescherming gemeente Coevorden 2006 wordt
                        ingetrokken.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>23.</nr><titel>Overgangsbepaling</titel></kop><al> Besluiten tot benoeming van de voorzitter en (plaatsvervangende) leden van
                        de commissie voor de rechtsbescherming op grond van de Verordening
                        rechtsbescherming gemeente Coevorden 2006 blijven van kracht tot de dag dat
                        de voor de zittingsperiode 2010 – 2014 benoemde leden van de gemeenteraad
                        aftreden.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>21.</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><al>Deze verordening treedt in werking op de dag na bekendmaking.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>22.</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening commissie
                        bezwaarschriften gemeente Coevorden 2013.</al></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 11 juni 2013</ondertekening><ondertekening> , voorzitter.</ondertekening><ondertekening> , griffier.</ondertekening><ondertekening>Aldus vastgesteld door burgemeester en wethouders op 7 mei 2013</ondertekening><ondertekening> , burgemeester.</ondertekening><ondertekening> , secretaris. </ondertekening><ondertekening>Aldus vastgesteld door de burgemeester op 7 mei 2013</ondertekening><ondertekening> B.J. Bouwmeester. </ondertekening></regeling-sluiting><nota-toelichting><al><extref doc="/cvdr/images/Coevorden/i231138.pdf">algemene toelichting</extref></al></nota-toelichting></regeling></body></cvdr>