<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR307689_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Vaarwegenverordening Rijnland 2013</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Waterschap">Hoogheemraadschap van Rijnland</dcterms:creator><dcterms:modified>2019-04-30</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Waterschap">Hoogheemraadschap van Rijnland</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="https://zoek.officielebekendmakingen.nl/wsb-2013-2828.html">Onbekend</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Vaarwegenverordening Rijnland 2013</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:v:BWBR0005108&amp;artikel=78">art. 78 Waterschapswet, art 3 lid 2 Inspraakverordening Rijnland 2012</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanWaterschap">algemeen bestuur</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2013-09-25</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2013-10-03</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2019-05-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Onbekend</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>12.75359</overheidrg:kenmerk><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Vaarwegenverordening Rijnland 2013</intitule><regeling><aanhef><preambule><al><cursief>Registratienr.:
                            13.21049</cursief></al><al><vet><cursief>Vaarwegenverordening Rijnland
                                2013</cursief></vet></al></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><nr>1.</nr><titel><cursief>Inleiding</cursief></titel></kop><structuurtekst><al/><al>Rijnland is verantwoordelijk voor het waterbeheer, inclusief de
                        afvalwaterzuivering en de waterstaatkundige veiligheid in het gebied dat
                        globaal is gelegen tussen Wassenaar, Gouda, Amsterdam en IJmuiden. Naast de
                        verantwoordelijkheid voor het waterbeheer heeft Rijnland ook een beperkt
                        aantal taken op het gebied van het vaarwegbeheer en het nautisch
                        beheer.</al><al>Vaarwegbeheer: het in stand houden van de scheepvaartweg ten behoeve van de
                        scheepvaart door baggeren, vrij houden van obstakels, onderhoud van oevers
                        en kunstwerken.</al><al>Nautisch beheer: Regeling van het verkeer op het water
                        (Scheepvaartverkeerswet).</al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><nr>2.</nr><titel><cursief>Kader</cursief></titel></kop><structuurtekst><al/><al>In het belang van een vlot en veilig verloop van het scheepvaartverkeer, het
                        in stand houden van de scheepvaartwegen en het voorkomen of beperken van
                        schade door de scheepvaart aan waterstaatkundig gezien kwetsbare wateren,
                        heeft Rijnland op grond van artikel 3 lid 4 van het Reglement van bestuur
                        voor het hoogheemraadschap van Rijnland en de aanwijzingsbesluiten van de
                        provincies Zuid- en Noord-Holland, alsmede op grond van artikel 42 van
                        Scheepvaartverkeerswet in voorliggende Vaarwegenverordening regels gesteld
                        voor de onder beheer van Rijnland vallende scheepvaartwegen. Van de in deze
                        verordening opgenomen ge- en verboden kan het college bij (vaar)vergunning
                        een ontheffing verlenen.</al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><nr>3.</nr><titel><cursief>Voorwaarden</cursief></titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1,</nr><titel>begripsomschrijvingen:</titel></kop><al>In deze regeling wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>college: het college van dijkgraaf en hoogheemraden van
                                Rijnland;</al></li><li nr="b."><al>gemotoriseerd vaartuig: een vaartuig zoals omschreven in artikel 1,
                                eerste lid sub b, van de Scheepvaartverkeerswet, dat is voorzien van
                                enige vorm van mechanische middelen tot voortbeweging.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2,</nr><titel>reikwijdte Vaarwegenverordening:</titel></kop><lid><lidnr>a.</lidnr><al>De in artikel 4 en 5 opgenomen bepalingen zijn alleen van toepassing
                            voor die vaarwateren waar Rijnland nautisch beheerder is (zie bijlage
                            C).</al></lid><lid><lidnr>b.</lidnr><al>De in artikel 4 en 5 opgenomen bepalingen gelden niet indien in een
                            Algemene Plaatselijke Verordening van een gemeente, of vaarwegen- en
                            havenverordening van een gemeente, bepalingen ten aanzien van
                            vaarsnelheden en/of afmeren, aanleggen of ligplaats innemen zijn
                            opgenomen, met het oog op dezelfde belangen als genoemd in paragraaf 2
                            (kader).</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3,</nr><titel>vaarverboden:</titel></kop><lid><lidnr>a.</lidnr><al>Voor de in bijlage A genoemde wateren geldt een vaarverbod voor
                            gemotoriseerde vaartuigen.</al></lid><lid><lidnr>b.</lidnr><al>Van het in het eerste lid bedoelde verbod kan door het college een
                            vaarvergunning worden verleend.</al></lid><lid><lidnr>c.</lidnr><al>De aanvraag voor een vaarvergunning wordt schriftelijk gedaan op een
                            nader door het college te bepalen wijze.</al></lid><lid><lidnr>d.</lidnr><al>Een vaarvergunning wordt verleend voor één of meer van de in bijlage A
                            genoemde wateren.</al></lid><lid><lidnr>e.</lidnr><al>Een vaarvergunning (maximaal 1 per aanvrager) wordt slechts verleend aan
                            de eigenaar, huurder of pachter van een onroerend goed (woning, bedrijf,
                            land, etc.) waarvan het onroerend goed grenst aan betreffend water en
                            die vanwege de locatie van betreffend onroerend goed gebruik dient te
                            maken van het betreffende water. Huurders van kleine percelen land met
                            als oogmerk daar een ligplaats voor een gemotoriseerd vaartuig te
                            hebben, komen niet voor een vergunning in aanmerking.</al></lid><lid><lidnr>f.</lidnr><al>In navolging van lid e geldt voor de Zoetermeerse Plas dat ook een
                            vaarvergunning wordt verleend indien het onroerend goed grenst aan water
                            dat in open verbinding staat met de Zoetermeerse Plas.</al></lid><lid><lidnr>g.</lidnr><al>Bij de aanvraag voor een vaarvergunning verstrekt de aanvrager een
                            afschrift van de gegevens betreffende de locatie van het onroerende
                            goed, waaruit de noodzaak van het gebruik van het desbetreffende water
                            blijkt.</al></lid><lid><lidnr>h.</lidnr><al>Bij het verlenen van de vaarvergunning wordt een sticker verstrekt die
                            op een duidelijk zichtbare plaats aan bakboordzijde van het vaartuig
                            moet worden bevestigd.</al></lid><lid><lidnr>i.</lidnr><al>Ter aanduiding van het in lid 2 bedoelde verbod worden aan de ingang dan
                            wel uitgang van de desbetreffende wateren verkeerstekens geplaatst
                            volgens model A.12 (verboden voor motorvaart) en daar waar nodig volgens
                            model E.11 (einde verbod) van bijlage 7 van het
                            Binnenvaartpolitiereglement.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4,</nr><titel>maximale vaarsnelheid:</titel></kop><lid><lidnr>a.</lidnr><al>De maximale vaarsnelheid bedraagt 6 kilometer per uur met uitzondering
                            van de Wijde Aa en het Oegstgeesterkanaal (maximum vaarsnelheid 12
                            kilometer per uur).</al></lid><lid><lidnr>b.</lidnr><al>Er dient zoveel als mogelijk in het midden van het water te worden
                            gevaren en op zodanige wijze, dat geen haalgolven ontstaan.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5,</nr><titel>afmeren, aanleggen en/of ligplaats innemen:</titel></kop><lid><lidnr>a.</lidnr><al>Het met een vaartuig afmeren (ankeren), aanleggen of ligplaats innemen
                            is alleen toegestaan op plaatsen die daarvoor kennelijk zijn ingericht
                            of aangegeven.</al></lid><lid><lidnr>b.</lidnr><al>Het is verboden met een vaartuig te varen, af te meren (te ankeren), aan
                            te leggen of ligplaats in te nemen, in of aan een rietkraag, alsmede
                            binnen een strook van 2 meter vanaf een rietkraag.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6,</nr><titel>Bijzondere situaties</titel></kop><al>In uitzonderlijke of bijzondere situaties (zoals eenmalige vaartochten)
                        beoordeelt Rijnland per aanvraag of een vergunning kan worden
                        verstrekt.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7,</nr><titel>uitzonderingen:</titel></kop><al>Van het in deze Vaarwegenverordening bepaalde zijn de gemotoriseerde
                        politievaartuigen, de eigen Rijnlandse vaartuigen, de in opdracht van
                        Rijnland opererende vaartuigen en toezichthoudende of hulpverlenende
                        vaartuigen (reddingsbrigades, zeilverenigingen) vrijgesteld.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8,</nr><titel>Inwerkingtreding; citeertitel:</titel></kop><lijst><li nr="a."><al>Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag na
                                de datum van bekendmaking en vervangt de verordening vaarverboden en
                                vaargelden Rijnland 2005, zoals vastgesteld door het Algemeen
                                Bestuur van Rijnland op 23-03-2005.</al></li><li nr="b."><al>Deze verordening kan worden aangehaald als de ‘Vaarwegenverordening
                                Rijnland 2013'.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><bijlage><kop><nr>4.</nr><titel><cursief>Toelichting</cursief></titel></kop><al/><al><cursief>4.1 Algemeen</cursief></al><al>Aanleiding</al><al>Rijnland hanteerde tot en met 2011 een vaarvergunningenstelsel voor een
                        geselecteerd aantal vaarwegen in de provincie Zuid-Holland. Dit
                        vergunningenstelsel had enerzijds tot doel de scheepvaart in -
                        waterstaatkundig gezien - kwetsbare wateren te beperken om schade te
                        voorkomen en anderzijds om het fonds oeverherstel financieel te voeden. Het
                        fonds oeverherstel heeft tot doel aangelanden - op grond van de Verordening
                        Subsidies Oeverherstel - van die wateren waarvoor een vaarvergunning wordt
                        verleend, subsidie te verstrekken indien door scheepvaart oeverafslag heeft
                        plaatsgevonden. Vanwege verschillende redenen was het noodzakelijk het
                        vaarvergunningenstelsel en het fonds oeverherstel te actualiseren:</al><al>• Nut en noodzaak vaarvergunningenstelsel.</al><al>• Eenduidigheid en rechtmatigheid.</al><al>• Deregulering.</al><al>Uit het oogpunt van deregulering is besloten de algemene vaarvergunningen
                        met ingang van 2012 af te schaffen, de daaraan gekoppelde Verordening
                        Subsidies Oeverherstel en het fonds oeverherstel met ingang van 2015 op te
                        heffen (of zoveel eerder als het fonds oeverherstel leeg is). Daarnaast
                        wordt alleen voor de wateren die vanuit waterstaatkundig oogpunt bescherming
                        behoeven een vaarvergunningenstelsel in stand gehouden.</al><al>Ontwikkelingen </al><al>De provincies Noord- en Zuid-Holland zijn bezig met een actualisatieslag van
                        het vaarweg- en nautische beheer. Het huidige vaarweg- en nautische beheer
                        in West-Nederland is met name voor de recreatievaart versnipperd geregeld.
                        Zo is het voor een aantal ‘kleine' vaarwateren onduidelijk wie nu precies de
                        nautische beheerder is. Zowel provincies, de waterschappen als gemeenten (in
                        hun APV of </al><al>aparte verordeningen) hebben soms overlappende regelgeving. Dit is
                        ongewenst. Een actualisatieslag zoals nu door de provincies wordt
                        voorbereid, is dan ook noodzakelijk. Medio 2013 zal dit zijn beslag
                        krijgen.</al><al><cursief>4.3 Toelichting per artikel</cursief></al></bijlage><bijlage><kop><titel>Bijlage A: Lijst vaarverboden</titel></kop><al/><al>Conform artikel 3, lid 1 geldt voor onderstaande wateren een vaarverbod voor
                    gemotoriseerde vaartuigen, zie ook de kaart in bijlage B:</al><lijst><li nr="1."><al>Akkersloot.</al></li><li nr="2."><al>Boekhorstvaart.</al></li><li nr="2."><al>Boerenbuurt.</al></li><li nr="4."><al>Dinsdagse Watering, vanaf brug Herenweg tot de Haarlemmer
                            trekvaart.</al></li><li nr="5."><al>Dobbewatering, met uitzondering van het traject Rijn - bebouwde kom
                            grens Leiden.</al></li><li nr="6."><al>Hanepoel</al></li><li nr="7."><al>Mallegat.</al></li><li nr="8."><al>Meer- of Buurwatering.</al></li><li nr="9."><al>Noord Aase Vliet, traject Elleboogse Watering - Meer- of
                            Buurwatering.</al></li><li nr="10."><al>Noord Ade, vanaf de brug kruising ‘Oude Kerkweg - Frederikskade' tot de
                            A4.</al></li><li nr="11."><al>Ofwegenerwatering.</al></li><li nr="12."><al>Oude Ade.</al></li><li nr="13."><al>Steengrachtkanaal.</al></li><li nr="14."><al>Stroomsloot.</al></li><li nr="15."><al>Vaarsloot, tussen de Stingsloot en de Oude Ade.</al></li><li nr="16."><al>Veenwatering, met uitzondering van het traject Rijn - bebouwde kom grens
                            Leiden.</al></li><li nr="17."><al>Weipoortse Vliet, vanaf de Hoge Rijndijk in zuidelijke richting.</al></li><li nr="18."><al>Zandsloot of Lisserbeek, vanaf de brug in de Heereweg (N208) in
                            westelijke richting.</al></li><li nr="19."><al>Zilkvaart of Elsbroekkanaal en Veenenburg.</al></li><li nr="20."><al>Zoetermeerse Plas.</al></li><li nr="21."><al>Zomersloot.</al></li><li nr="22."><al>Zuidbuurtse Wetering, traject Noord Aa - brug in het Korte Kerkpad.</al></li></lijst></bijlage><bijlage><kop><titel>Bijlage C: Lijst Nautische beheerders</titel></kop><al/><al>Rijnland is conform de aanwijzingsbesluiten van de provincies Noord- en
                    Zuid-Holland nautisch beheerder van de wateren waar geen andere nautische
                    beheerder is. In onderstaand overzicht is weergegeven hoe de verdeling van het
                    nautische beheer er in het beheergebied van Rijnland uitziet.</al><al>Beroepsvaarwegen, nautisch beheerder provincie Zuid-Holland (provinciale
                    verordening);</al><al>• Aarkanaal.</al><al>• Additionele kanaal.</al><al>• Heimanswetering.</al><al>• Gouwe.</al><al>• Katwijkskanaal.</al><al>• Korte Vlietkanaal.</al><al>• Oude Rijn, traject Bodegraven - Zijl.</al><al>• Oude Wetering.</al><al>• Rijn, traject Korte Vlietkanaal - Additionele kanaal.</al><al>• Rijn Schiekanaal.</al><al>• Vaargeul Braassemermeer.</al><al>• Vaargeul Kagerplassen.</al><al>• Zijl.</al><al>Beroepsvaarwegen, nautisch beheerder provincie Noord-Holland (provinciale
                    verordening);</al><al>• Ringvaart van de Haarlemmermeerpolder.</al><al>Beroepsvaarwegen, nautisch beheer gemeente Amsterdam (verordening op het
                    binnenwater);</al><al>• Nieuwe Meer.</al><al>Beroepsvaarwegen, nautisch beheer gemeente Haarlem (scheepvaart en
                    havenverordening);</al><al>• Zuider Buiten Spaarne, Spaarne en Noorder Buiten Spaarne.</al><al>Recreatie plassen (aanwijzingsbesluiten provincies);</al><al>• De Westeinder Plas, gemeente Aalsmeer.</al><al>• Braassemermeer (m.u.v. de vaargeul), gemeente Kaag en Braassem.</al><al>• Kagerplassen (m.u.v. de vaargeul), gemeente Teylingen.</al><al>• Nieuwkoopse Plassen, gemeente Nieuwkoop.</al><al>• Reeuwijkse Plassen, gemeente Bodegraven - Reeuwijk.</al><al>Gemeentelijke wateren (APV gemeente en/of vaarwegen- en havenverordening);</al><al>Een aantal gemeenten hebben in hun Algemene Plaatselijke Verordening en/of
                    vaarwegen- of havenverordening (soms aangeduid met iets andere naam) bepalingen
                    ten aanzien van de veiligheid op het water opgenomen, zoals maximale
                    vaarsnelheden en/of vaarverboden. Hiermee treden betreffende gemeenten (deels)
                    op als nautische beheerder, zonder dat zij hiervoor specifiek door de provincie
                    zijn aangewezen. In de praktijk is daartoe een ondoorzichtige lappendeken aan
                    regeling ontstaan en is niet helder welke instantie nu precies verantwoordelijk
                    is voor het nautische beheer. De provincies zijn bezig met een actualisatie en
                    herzieningsslag.</al></bijlage><nota-toelichting><tussenkop>Toelichting artikel 2, reikwijdte Vaarwegenverordening:</tussenkop><al>Circa de helft van de gemeenten in Rijnlands gebied hebben in hun Algemene
                    Plaatselijke Verordening en/of vaarwegen- of havenverordening (soms aangeduid
                    met iets andere naam) bepalingen ten aanzien van de veiligheid op het water
                    opgenomen, zoals maximale vaarsnelheden en/of vaarverboden. Daar waar dit het
                    geval is, zijn de gemeentelijke bepalingen geldig.</al><tussenkop>Toelichting artikel 3, vaarverboden:</tussenkop><al>Motorvaartuigen kunnen - onder andere door slibopwerveling - invloed hebben op
                    de in de waterkolom (en oever) aanwezige (bijzondere) flora en fauna. Om de
                    gevolgen van scheepvaart op - waterstaatkundig gezien - kwetsbare wateren te
                    reguleren heeft Rijnland voor een beperkt aantal wateren (zie bijlage A) een
                    vaarverbod ingesteld voor gemotoriseerde vaartuigen. Alleen voor de Zoetermeerse
                    Plas geldt dat vanuit het oogpunt van (verkeers)veiligheid een vaarverbod is
                    ingesteld. Van dit vaarverbod wordt alleen ontheffing verleend aan de personen
                    die vanwege de locatie van hun woning of economische bestemming gebruik dienen
                    te maken van de betreffende vaarweg. Onder land wordt verstaan land dat bestemd
                    en in gebruik is voor agrarische doeleinden.</al><tussenkop>Toelichting artikel 4, maximale vaarsnelheid:</tussenkop><al>Door het maximaliseren van de vaarsnelheid wordt voorkomen dat onnodige
                    opwerveling van slib (negatieve invloed op waterkwaliteit) en schade aan oevers
                    ontstaat.</al><tussenkop>Toelichting artikel 5, afmeren, aanleggen en/of ligplaats
                    innemen:</tussenkop><al>De in artikel 6 opgenomen bepalingen hebben de bescherming van de (begroeide)
                    oevers - zoals rietkragen - tot doel.</al><tussenkop>Toelichting artikel 6, Bijzondere situaties</tussenkop><al>Dit artikel maakt het mogelijk voor
                    bijzondere situaties zoals eendaagse vaarevenementen vergunning te verlenen, ook
                    al wordt niet voldaan aan de voorwaarden uit artikel 3 lid e.</al><tussenkop>Toelichting artikel 7, uitzonderingen:</tussenkop><al>Dit artikel draagt er zorg voor dat voor handhaving en uitvoering onderhoud,
                    toezicht houdende instanties en Rijnlanders of aannemers die voor Rijnland
                    werken, hun werk naar behoren kunnen uitvoeren.</al></nota-toelichting></regeling></body></cvdr>