<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR305001_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening behandeling van klachten Waterschap Vallei en Veluwe 2013</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Waterschap">Waterschap Vallei en Veluwe</dcterms:creator><dcterms:modified>2017-12-05</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Waterschap">Waterschap Vallei en Veluwe</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Onbekend</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening behandeling van klachten Waterschap Vallei en Veluwe 2013</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Onbekend</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanWaterschap">algemeen bestuur</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2013-02-27</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2013-03-18</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Onbekend</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Onbekend</overheidrg:kenmerk><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening behandeling van klachten Waterschap Vallei en Veluwe
            2013</intitule><regeling><aanhef><preambule><al><vet>Besluit tot vaststelling van de Verordening behandeling van klachten
                            Waterschap Vallei en Veluwe 2013</vet></al><al>Het algemeen bestuur van Waterschap Vallei en Veluwe;</al><al>op het voorstel van de Voorbereidingscommissie van 13 november 2012;</al><al>overwegende dat het wenselijk is de in de Algemene wet bestuursrecht
                        opgenomen regeling voor de behandeling van klachten over gedragingen van
                        organen en/of personeel van het waterschap nader aan te vullen; </al><al>gelet op artikel 9:2 van de Algemene wet bestuursrecht;</al><al><vet>b e s l u i t :</vet></al><al>vast te stellen de volgende ‘Verordening behandeling van klachten Waterschap
                        Vallei en Veluwe 2013’;</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><paragraaf><kop><label/><nr/><titel/></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsomschrijvingen</titel></kop><al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al><cursief>het waterschap:</cursief> Waterschap Vallei en
                                    Veluwe;</al></li><li nr="b."><al><cursief>klachtencoördinator:</cursief> de persoon als bedoeld
                                    in artikel 4 van deze verordening;</al></li><li nr="c."><al><cursief>bestuursorgaan:</cursief> het algemeen bestuur van het
                                    waterschap, het college van dijkgraaf en heemraden en de
                                    dijkgraaf.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Delegatie</titel></kop><al>Voorzover een klacht als bedoeld in artikel 9:1 van de Algemene wet
                            bestuursrecht is gericht tegen een gedraging van het algemeen bestuur,
                            draagt het college van dijkgraaf en heemraden zorg voor de behoorlijke
                            behandeling als bedoeld in artikel 9:2 van de Algemene wet
                            bestuursrecht.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Aanvullende bepaling</titel></kop><al>Afdeling 9.1.3 van de Algemene wet bestuursrecht is van toepassing.</al></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label/><nr/><titel>De klachtencoördinator</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De klachtencoördinator is belast met de behandeling van en de
                                advisering over mondelinge en schriftelijke klachten over
                                gedragingen als bedoeld in artikel 9:1 van de Algemene wet
                                bestuursrecht.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college van dijkgraaf en heemraden wijst de klachtencoördinator
                                aan.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr></kop><al>De klachtencoördinator brengt jaarlijks aan de dijkgraaf schriftelijk
                            verslag uit van de verrichte werkzaamheden. Dit verslag biedt inzicht in
                            aard en aantal van de klachten alsmede de wijze van afdoening. Het
                            verslag wordt ook opgenomen in het jaarverslag van het waterschap.</al></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label/><nr/><titel>Slotbepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr></kop><al>Ingetrokken worden met ingang van de dag, volgend op de dag van
                            bekendmaking van deze verordening:</al><lijst><li nr="a."><al>de Verordening behandeling van klachten Waterschap Vallei en
                                    Eem, vastgesteld door het Algemeen Bestuur van Waterschap Vallei
                                    en Eem op 11 november 1999;</al></li><li nr="b."><al>de Verordening behandeling van klachten Waterschap Veluwe 1999,
                                    vastgesteld door het Algemeen Bestuur van Waterschap Veluwe op
                                    13 oktober 1999.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr></kop><lijst><li nr="1."><al>Deze verordening treedt in werking met ingang van de dag volgend
                                    op de dag van bekendmaking.</al></li><li nr="2."><al>Deze verordening kan worden aangehaald als de ‘Verordening
                                    behandeling van klachten Waterschap Vallei en Veluwe 2013’.</al></li></lijst></artikel></paragraaf></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van het algemeen bestuur van 27
                        februari 2013.</ondertekening><ondertekening>mr. G.P. Dalhuisen ir. G. Verwolf</ondertekening><ondertekening>secretaris dijkgraaf</ondertekening></regeling-sluiting><nota-toelichting><kop><titel>Toelichting op de Verordening behandeling van klachten Waterschap Vallei
                        en Veluwe 2013</titel></kop><tussenkop>ALGEMEEN</tussenkop><al>Op grond van artikel 9:1, eerste lid van de Algemene wet bestuursrecht (Awb)
                    heeft een ieder het recht om over de wijze waarop een bestuursorgaan van het
                    waterschap zich in een bepaalde aangelegenheid heeft gedragen, een klacht in te
                    dienen bij dat bestuursorgaan. Voor de behandeling van klachten bevat de Awb een
                    regeling, die voor het waterschap verder wordt uitgewerkt in deze erordening.
                    Voor een goed begrip moet dus ook de Awb worden geraadpleegd.</al><al>Gedragingen van bestuursorganen - danwel van ambtenaren werkzaam onder
                    verantwoordelijkheid van dat orgaan – dienen te voldoen aan de eisen van
                    behoorlijkheid. Men moet dan denken aan: - het vereiste van overeenstemming met
                    het geschreven recht; - het vereiste van redelijkheid; - het vereiste van
                    rechtsgeldigheid; - het vereiste van gelijke behandeling in gelijke gevallen; -
                    het vereiste van motivering; - het vereiste van zorgvuldigheid.</al><al>Bij de aan een ieder toekomende bevoegdheid tot het indienen van klachten dient
                    de kanttekening te worden geplaatst dat in de gevallen dat de gedraging het
                    nemen van een besluit betreft, er ook sprake kan zijn van bezwaar of beroep. Bij
                    bezwaar en beroep gaat het anders dan bij klachten om de inhoudelijke aspecten
                    van het besluit. Voor de samenloop van klachten met bezwaar of beroep bevat de
                    Awb een samenloopregeling in artikel 9:8 Awb.</al><al>De hier aan de orde zijnde klachtenregeling is een interne klachtprocedure: het
                    bestuurorgaan onderzoekt de op zijn gedraging betrekking hebbende klacht zelf.
                    Daarbij wordt bezien of het orgaan zich behoorlijk heeft gedragen. Het oordeel
                    dat het bestuursorgaan vervolgens velt, is geen besluit en daarom niet vatbaar
                    voor bezwaar en beroep.</al><al>Naast deze interne klachtenprocedure is er een externe klachtenregeling,
                    namelijk de regeling voor de Nationale ombudsman in Titel 9.2 Awb en de Wet
                    nationale ombudsman. Echter voordat een klacht door de Nationale ombudsman in
                    behandeling wordt genomen, zal deze klacht in het kader van de toepassing van
                    het kenbaarheidsvereiste eerst door het desbetreffende orgaan van het waterschap
                    moet worden onderzocht en beoordeeld.</al><al>Gelet hierop fungeert de interne klachtenprocedure als filter ten opzichte van
                    de gang naar de Nationale ombudsman. Het kan echter niet als vervanging worden
                    gezien. Het waterschap is primair verantwoordelijk er voor te zorgen dat
                    klachten van burgers als zodanig worden onderkend en behandeld worden.
                    Onmiddellijke actie naar aanleiding van een klacht door de uitvoerende
                    ambtenaren die het aangaat, is vaak de beste klachtenbehandeling. Wanneer een
                    directe reactie van een betrokken ambtenaar niet mogelijk of toereikend is, moet
                    de procedure van interne klachtenbehandeling uitkomst kunnen bieden. Is de
                    verzoeker het niet eens met de wijze waarop het waterschap een interne klacht
                    behandelt, dan kan hij daarover naast een primaire klacht een secundaire klacht
                    indienen bij de Nationale ombudsman. Wanneer de Nationale ombudsman een klacht
                    ontvangt over de wijze waarop het waterschap een primaire klacht afhandelt, dan
                    zal in een onderzoek van de Nationale ombudsman naar voren moeten komen of de
                    interne klachtenprocedure voldoet.</al><al>Naast de filterfunctie richting de Nationale ombudsman heeft de interne
                    klachtenregeling ook als effect dat het waterschap een spiegel wordt
                    voorgehouden: de mate waarin en de manier waarop gedragingen van het waterschap
                    tekortschieten wordt duidelijk. De praktijk heeft uitgewezen dat het oordeel van
                    onbehoorlijkheid vooral werd uitgesproken in de gevallen waarin sprake was van
                    onvoldoende zorgvuldigheid. In dit verband werden door de Nationale ombudsman de
                    volgende aanbevelingen gedaan:</al><lijst><li nr="·"><al>Ten aanzien van de behandelingsprocedure bij een bestuursorgaan wordt
                            een voortvarende behandeling van de zaak en een voortvarend herstel van
                            gesignaleerde fouten of gebreken verlangd.</al></li><li nr="·"><al>Administratieve onnauwkeurigheid kan niet geaccepteerd worden.</al></li><li nr="·"><al>Bestuursorganen zijn verplicht tot actieve informatieverstrekking.
                            Daarom worden eisen gesteld met betrekking tot ontvangstbevestiging,
                            tussenbericht, tijdige mededeling van niet (inhoudelijke) behandeling
                            van de zaak en informatieverstrekking over rechten en plichten van de
                            burger.</al></li><li nr="·"><al>Van het bestuursorgaan wordt een actieve opstelling verlangd met
                            betrekking tot het horen van belanghebbenden, het inwinnen van
                            informatie bij deskundigen e.d., en het vastleggen van informatie.</al></li><li nr="·"><al>De werkzaamheden moeten gecoördineerd worden, c.q. op elkaar worden
                            afgestemd.</al></li><li nr="·"><al>De privacy dient gewaarborgd te worden.</al></li><li nr="·"><al>Het bestuursorgaan moet voorzieningen treffen ter verzekering van de
                            onpartijdigheid.</al></li><li nr="·"><al>Het dient ook voorzieningen te treffen ter bevordering van de
                            hulpvaardigheid ten opzichte van de burgers.</al></li><li nr="·"><al>De organisatie moet zo zijn ingericht dat de fysieke en telefonische
                            bereikbaarheid voldoende verzekerd is.</al></li><li nr="·"><al>Wat de houding van de ambtenaren betreft worden eisen gesteld aan de
                            correctheid van de bejegening, aan het respecteren van de persoonlijke
                            levenssfeer, aan de onbevooroordeeldheid en aan hulpvaardigheid met
                            betrekking tot de belangen van de burger. Een correcte bejegening
                            vereist respect voor de menselijke waardigheid en integriteit van de
                            burger, fatsoen, achterwege laten van discriminerende opmerkingen,
                            zelfbeheersing, sociale vaardigheden en inlevingsvermogen, zowel in
                            normale omstandigheden als in uitzonderlijke situaties.</al></li></lijst><al>De interne behandeling van klachten door waterschappen is in beginsel vormvrij.
                    In de Algemene wet bestuursrecht zijn een aantal randvoorwaarden opgenomen
                    waaraan de klachtenbehandeling moet voldoen, zoals de plicht tot het versturen
                    van een ontvangstbevestiging, de hoorplicht, de afhandelingstermijn en de
                    registratie van klachten.</al><tussenkop>Artikel 2</tussenkop><al>Hoewel het niet vaak voorkomt, is het mogelijk dat er klachten worden ingediend
                    bij het Algemeen Bestuur over de wijze waarop het Algemeen Bestuur zich in een
                    bepaalde aangelegenheid jegens hem of een ander heeft gedragen. Omdat het
                    Algemeen Bestuur maar vier keer per jaar vergadert, is het niet efficiënt indien
                    het Algemeen Bestuur deze klachten afhandelt. Gelet hierop is besloten deze
                    bevoegdheid te delegeren aan Dijkgraaf en Heemraden. Het is overigens wenselijk
                    dat Dijkgraaf en Heemraden de bevoegdheid tot het afhandelen van alle klachten
                    mandateren aan de dijkgraaf. De dijkgraaf – bij koninklijk besluit benoemd –
                    neemt een onafhankelijke positie in ten opzichte van zowel het ambtelijk
                    apparaat als ten opzichte van het bestuur. Daarbij kan uit artikel 158 van de
                    Waterschapswet worden afgeleid dat de daar bedoelde eigenstandige
                    verantwoordelijkheid voor een goede besluitvorming zich even zo goed uitstrekt
                    tot feitelijke gedragingen van organen, bestuurders en ambtenaren van het
                    waterschap.</al><tussenkop>Artikel 3</tussenkop><al>Het van toepassing verklaren van afdeling 9.3 houdt in dat er een persoon of
                    commissie wordt belast met de behandeling van en de advisering over klachten.
                    Uit doelmatigheidsoverwegingen is er voor gekozen daarvoor een persoon aan te
                    wijzen. Dit is gebeurd in artikel 4. Onder de afhandeling van klachten wordt in
                    ieder geval verstaan het doorzenden van de klacht(en) naar de betrokken
                    ambtenaar alsmede het vervullen van intermediaire rol tussen waterschap en (het
                    bureau van) de Nationale ombudsman.</al><tussenkop>Artikel 4</tussenkop><al>Het waterschap heeft gekozen voor een informele afhandeling van klachten; daarom
                    vindt klachtafhandeling plaats door een coördinator in plaats van door een
                    commissie. Dit is veelal het meest bevredigend voor de burger en levert de
                    minste administratieve lasten op.</al><tussenkop>Artikel 5</tussenkop><al>Dit artikel is een uitwerking van artikel 9:12a Awb. Daarin is bepaald dat het
                    bestuursorgaan zorg draagt voor registratie van de bij hem ingediende
                    schriftelijke klachten en dat de geregistreerde klachten jaarlijks worden
                    gepubliceerd.</al></nota-toelichting></regeling></body></cvdr>