<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR304532_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Nota kwaliteit</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Leudal</dcterms:creator><dcterms:modified>2019-01-30</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Leudal</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Leudalniieuws 2 oktober 2013</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Nota kwaliteit</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Algemene wet bestuursrecht, art. 4:81</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>ruimtelijke ordening, verkeer en vervoer</dcterms:subject><dcterms:issued>2013-09-03</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2013-10-03</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Onbekend</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen.</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Nota kwaliteit</intitule><regeling><aanhef><preambule><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>Achtergrond</label></kop><structuurtekst><al>In de structuurvisie is opgenomen dat bepaalde ruimtelijke
                            ontwikkelingen in het buitengebied alleen mogelijk zijn wanneer deze een
                            bijdrage leveren aan kwaliteitsverbetering van het buitengebied. Zo
                            wordt het optredende verlies aan omgevingskwaliteit gecompenseerd. </al><al/><al>De gemeente Leudal bestaat uit 16 kernen met een
                            uitgestrektbuitengebied. De kernen en het buitengebied hebben ieder
                            specifieke ruimtelijke eigenschappen. De ruimtelijke eigenschappen
                            (bijvoorbeeld landschap, ecologie, infrastructuur, bebouwing) en het
                            functioneel gebruik (bijvoorbeeld wonen, werken, recreatie) vormen de
                            omgevingskwaliteit van de gemeente. De omgevingskwaliteiten vallen
                            uiteen in een aantal kernkwaliteiten. Voor Leudal zijn dit de
                            kleinschaligheid en verwevenheid van functies, de aanwezige robuuste
                            natuurlijke en landschappelijke structuren (beekdalen, Leudal, Maas)
                            alsmede de cultuurhistorische elementen in het landschap. In de kern
                            hangt de omgevingskwaliteit sterk samen met de kwaliteit van de
                            leefomgeving (dorps karakter) en leefbaarheid. De ruimtelijke kwaliteit
                            verschilt per gebied. In de gebiedsbeschrijvingen behorende bij de
                            structuurvisie en het bestemmingsplan buitengebied is de basiskwaliteit
                            per gebied nader beschreven. </al><al>De gemeente Leudal wil de basiskwaliteit en de kernkwaliteiten behouden
                            en versterken. Het kwaliteitsmenu vormt hiervoor een middel om dit te
                            bereiken. De kwaliteitsbijdragen worden ingezet voor onder andere
                            natuur- en landschapsversterking, recreatieve of educatieve
                            belevingskwaliteit en/of cultuurhistorie.</al><al/><al>Op 2 februari 2010 is de structuurvisie met de daarin opgenomen nota
                            kwaliteit vastgesteld door de gemeenteraad. De nota kwaliteit bevat
                            beleid over het kwaliteitsmenu en het groenfonds. Deze nota bevat een
                            aanpassing van dit beleid met betrekking tot: </al><lijst><li nr="a."><al>Verruiming van de criteria van het groenfonds. Hierdoor vallen
                                    meer projecten onder de reikwijdte van het groenfonds. Dit
                                    betreft bijvoorbeeld flora en fauna voorzieningen, zichtbaar
                                    maken van archeologie en cultuurhistorie, recreatieve
                                    voorzieningen bij bestaande natuurgebieden.</al></li><li nr="b."><al>Aanpassing van de kwaliteitsbijdrage van solitaire
                                    bedrijfsuitbreidingen naar € 35,- per meter.</al></li><li nr="c."><al>Tekstuele aanvullingen en verbeteringen</al></li></lijst><al>Daarnaast wordt de projectenlijst van het groenfonds aangevuld.</al><al/><al>In deze nota komen eerst de uitgangspunten van de kwaliteitsbijdragen en
                            kwaliteitsverbetering bij ruimtelijke ontwikkelingen aan de orde.
                            Vervolgens wordt ingegaan op de uitgangpunten en werkwijze van het
                            groenfonds. Tenslotte komt de waarborging van de kwaliteitsverbeterende
                            maatregel aan de orde.</al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Uitgangspunten kwaliteitsbijdrage en kwaliteitsverbetering </label></kop><structuurtekst><al>Bij de beoordeling van ruimtelijke plannen zoals bijvoorbeeld
                            woningbouwplannen of uitbreiding van bedrijven komt een
                            kwaliteitsbijdrage in beeld bij een planologische afweging of een
                            bepaalde ontwikkeling aanvaardbaar is op een bepaalde locatie. De
                            kwaliteitsbijdrage is daarbij noodzakelijk om negatieve ruimtelijke
                            effecten van het plan te compenseren. Ruimtelijke ontwikkelingen worden
                            niet toegestaan zolang niet verzekerd is dat het optredende
                            kwaliteitsverlies wordt gecompenseerd. De kwaliteitsverbetering die een
                            initiatiefnemer gaat realiseren wordt vastgelegd in de ruimtelijke
                            onderbouwing van het plan, het bestemmingsplan of WABO vergunning en in
                            een privaatrechtelijke overeenkomst met de gemeente. </al><al>De kwaliteitsbijdrage van ruimtelijke plannen is neergelegd in diverse
                            beleidsnota’s. Dit betreft</al><lijst><li nr="-"><al>Woningbouwontwikkeling binnen de kernen, beleid compensatie bij
                                    woningbouwontwikkeling groen voor rood’ (26 juni 2007 met
                                    aanvullingen/ wijzigingen, gemeente)</al></li><li nr="-"><al>Structuurvisie / nota kwaliteit ( 2 februari 2010,
                                    gemeente)</al></li><li nr="-"><al>Paraplubestemmingsplan buitengebied (maart 2010, betreft
                                    compensatieregeling woningsplitsing, landschappelijke
                                    inpassing)</al></li><li nr="-"><al>Kwaliteitsmenu provincie Limburg (12 januari 2012) </al></li></lijst><al/><al>Het provinciale beleid is opgenomen in de diverse modules, die de
                            gemeente moet toepassen. De gemeente kan dit beleid nader uitwerken. Het
                            kwaliteitsmenu van de provincie geldt als een minimum-vereiste.</al><al>Deze modules zijn:</al><lijst><li nr="-"><al>nieuwe landgoederen</al></li><li nr="-"><al>gebiedseigen recreatie en toerisme</al></li><li nr="-"><al>niet gebiedseigen recreatie en toerisme</al></li><li nr="-"><al>agrarische nieuwvestiging en uitbreiding</al></li><li nr="-"><al>uitbreiding glastuinbouw</al></li><li nr="-"><al>uitbreiding bedrijventerreinen</al></li><li nr="-"><al>uitbreiding solitaire bedrijven</al></li><li nr="-"><al>nieuwe solitaire woningen</al></li><li nr="-"><al>projectmatige woningbouw in uitleggebieden</al></li><li nr="-"><al>overige (gebouwde) functies</al></li></lijst><al/><al>Naar de modules opgenomen in het provinciale kwaliteitsmenu wordt
                            verwezen. </al><al/><al>Indien compensatie op basis van een bovenstaande module nodig is draagt
                            de initiatiefnemer eerst zelf plannen aan ter verbetering van de
                            kwaliteit in de (directe) omgeving van het plan. Voorbeelden zijn sloop
                            van overtollige en ontsierende (bedrijfs-)gebouwen, aanleg groen of
                            kleine landschapselementen, wandelpaden (eventueel met voorzieningen).
                            Indien de initiatiefnemer geen mogelijkheden heeft om zelf de
                            kwaliteitsverbetering te realiseren, kan hij ook zelf zorgen dat er
                            elders compensatie plaatsvindt door afspraken te maken met derden.
                            Hierbij kan bijvoorbeeld gedacht worden aan de sloop van overtollige
                            oude bedrijfsgebouwen. De kwaliteitsverbeterende maatregel wordt zoveel
                            mogelijk op of zo dicht mogelijk bij de locatie van de initiatiefnemer
                            ingevuld. Dit betekent in ieder geval binnen de gemeente Leudal of nabij
                            de gemeentegrenzen van Leudal. De gemeente bepaalt aan de hand van
                            gebiedsbeschrijvingen of er sprake is van een verbetering van kwaliteit. </al><al/><al>Uit de praktijk blijkt dat het niet altijd mogelijk is dat de
                            initiatiefnemer zelf een kwaliteitsverbetering kan realiseren. In deze
                            gevallen moet een bijdrage aan het groenfonds van de gemeente Leudal
                            worden gedaan.</al><al>Landschappelijke inpassing van de locatie van het initiatief vormt
                            altijd een voorwaarde naast de kwaliteitsverbeterende maatregel of een
                            bijdrage in het groenfonds. Landschappelijke inpassing betreft het
                            aanbrengen van streekeigen en inheemse erfbeplanting zoals het
                            aanbrengen van bomen, grote struiken en hagen op of rondom het erf van
                            het initiatief. Dit past in de strategische visie van Leudal en de
                            structuurvisie die inzet op een versterking van de groene en ruimtelijke
                            kwaliteiten in de gemeente. </al><al/><al>Bij ruimtelijke plannen waarbij een kwaliteitsverbeterende maatregel aan
                            de orde is wordt advies gevraagd aan de kwaliteitscommissie van Leudal,
                            Weert en Nederweert. Deze commissie adviseert aan het college of de
                            landschappelijke inpassing en de kwaliteitsverbeterende maatregel
                            voldoende is. Deze regionale commissie is op 1 januari 2012 ingesteld.
                            Dit advies van een onafhankelijke en deskundige commissie is een
                            verplichting van de provincie Limburg. </al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Groenfonds</label></kop><structuurtekst><al>Op 26 juni 2007 heeft de gemeenteraad de beleidsregel compensatie bij
                            woningbouwontwikkeling ‘groen voor rood’ vastgesteld. Deze beleidsregel
                            voorziet in de instelling van een groenfonds ter compensatie van
                            woningbouwontwikkeling. Het groenfonds is een door de gemeente ingesteld
                            fonds, waarin financiële bijdragen worden gestort door derden. Dit
                            kunnen particulieren, bedrijven of projectontwikkelaars zijn. Het fonds
                            is gelabeld waardoor de inhoud alleen gebruikt kan worden voor
                            groenprojecten binnen de gemeente Leudal. Het groenfonds kan gezien
                            worden als een invulling van het kwaliteitsfonds, zoals opgenomen in de
                            structuurvisie.</al><al>Van belang is dat gelden uit het groenfonds alleen gebruikt worden voor
                            projecten die leiden tot een extra kwaliteitsverbetering in de omgeving.
                            Om deze reden wordt er gewerkt met een projectenlijst waarin de concrete
                            projecten worden beschreven.</al><al/></structuurtekst><paragraaf><kop><label>Criteria voor opname van een project op de projectenlijst zijn:</label></kop><structuurtekst><al>Het gaat om projecten die leiden tot een ruimtelijke
                                kwaliteitsverbetering in de omgeving. Van belang is dat de omgeving
                                in een breder verband hiermee gebaat is. Het dienen met name
                                inwoners/burgers te zijn waarvoor de projecten van waarde, van
                                belang en daarop gericht dienen te zijn. Dit betreft:</al><lijst><li nr="a."><al>Natuur en landschapsprojecten. Het betreft projecten die
                                        leiden tot een verbetering van natuur en landschap. Flora en
                                        fauna verbeteringen en voorzieningen (bijvoorbeeld
                                        insectenhotels) die leiden tot een verbetering van het
                                        ecosysteem vallen hier ook onder. Dit geldt ook voor
                                        toeristisch- recreatieve en educatieve voorzieningen die
                                        leiden tot het zichtbaar maken of een verbetering van de
                                        beleving van de omgeving. Dit zijn bijvoorbeeld nieuwe
                                        recreatieve wandel-, fiets- of ruiterroutes,
                                        voetgangersbrug, picknickplaatsen. Infrastructurele werken
                                        vallen niet onder de reikwijdte van het groenfonds.</al></li><li nr="b."><al>Archeologie en cultuurhistorie. Door het zichtbaar en
                                        toegankelijk maken van archeologische vondsten en
                                        cultuurhistorische objecten wordt de geschiedenis uit het
                                        verleden zichtbaar gemaakt. Van belang is dat er sprake is
                                        van een verbetering van de uitstraling van de gehele
                                        omgeving. </al><al>Bij voorkeur worden deze archeologische vondsten en
                                        cultuurhistorische objecten opgenomen in een recreatieve
                                        route. Dit wordt als een kwaliteitsverbetering van de
                                        omgeving gezien zodat deze projecten gefinancierd kunnen
                                        worden uit het groenfonds.</al></li><li nr="c."><al>Landschappelijke (her)inrichting in de kern/ kernrandzone en
                                        buitengebied</al><al>Verbetering van de groene uitstraling van de kern leidt tot
                                        een verbetering van de omgevingskwaliteit en leefbaarheid in
                                        de omgeving. Dit geldt niet voor plantsoenen of het kappen
                                        van bomen, maar wel voor de inrichting van een locatie met
                                        grotere structuren zoals hagen en bomen, met nieuwe
                                        gebiedseigen soorten die een positief effect hebben op de
                                        flora en fauna en de omgeving Voorwaarde is dat de projecten
                                        binnen de kern worden gefinancierd uit bijdragen die
                                        voortkomen uit projecten binnen de kern of
                                        kernrandzone.</al></li><li nr="d."><al>Participatie door burgers en instellingen</al><al>Er komen steeds vaker initiatieven van vrijwilligers (vanuit
                                        dorpsraden) of van instellingen om bijvoorbeeld een
                                        themaroute op te zetten of om ooievaarsnesten te maken. Dit
                                        betreft vaak kleinschalige initiatieven die daardoor
                                        relatief goedkoop kunnen worden uitgevoerd. Deze
                                        burgerparticipatie is goed voor de leefbaarheid in de buurt.
                                        De gemeente wil deze kleinschalige initiatieven van inwoners
                                        en instellingen stimuleren. Indien deze kleinschalige
                                        initiatieven leiden tot een fysieke verbetering van de
                                        leefomgeving /leefbaarheid kunnen deze gefinancierd worden
                                        uit het groenfonds. Voorwaarde is dat de projecten binnen de
                                        kern worden gefinancierd uit bijdragen die voortkomen uit
                                        projecten binnen de kern of kernrandzone.</al></li><li nr="e."><al>Voorfinanciering sloop. Een sloopproject is inmiddels
                                        opgenomen op de projectenlijst van het groenfonds. De
                                        bedoeling is dat sloop van overtollige en ontsierende
                                        gebouwen voorgefinancierd wordt. Het groenfonds wordt later
                                        weer aangevuld met een bijdrage van een ander project. Dit
                                        heeft te maken met de compensatie die nodig is om meer
                                        bijgebouwen op een locatie toe te staan.</al></li><li nr="f."><al>Doelprojecten</al><al>Voor kleinschalige initiatieven (tot € 10.000,-) worden
                                        doelprojecten opgevoerd zodat hier meerdere toekomstige
                                        projecten onder kunnen vallen, zodat deze projecten snel en
                                        efficiënt kunnen worden uitgevoerd. Het betreft projecten
                                        die betrekking hebben op landschappelijke inpassing,
                                        recreatieve / educatieve voorzieningen en flora en fauna
                                        verbeteringen en voorzieningen. </al></li><li nr="g."><al>Projecten, werkzaamheden en activiteiten die gericht zijn op
                                        het revitaliseren (vernieuwen) van perken, groenstroken en
                                        anderszins gemeentelijk groen gelegen buiten de bebouwde kom
                                        en dit op een natuurvriendelijke/-verantwoorde wijze of
                                        inrichting, en welke onderhoudsarm en duurzaam is. </al></li></lijst><al/><al>De overige criteria zijn:</al><lijst><li nr="-"><al>De projecten vinden plaats binnen of nabij de
                                        gemeentegrenzen van Leudal</al></li><li nr="-"><al>De projecten vinden plaats op percelen waarvan de gemeente
                                        en/of een andere overheidsinstantie en/of een
                                        natuurbeherende instantie eigenaar is of wordt.</al></li><li nr="-"><al>De projecten kunnen plaatsvinden op percelen in eigendom van
                                        particulieren indien dit een gemeentelijk belang dient en
                                        een samenwerking betreft tussen meerdere particulieren,
                                        organisaties of overheden. Zolang deze locaties of
                                        voorzieningen gratis en openbaar toegankelijk zijn, duurzaam
                                        zijn, instandhouding gegarandeerd is en niet commercieel
                                        geëxploiteerd worden kunnen deze worden gefinancierd uit het
                                        groenfonds.</al></li><li nr="-"><al>Projecten die betrekking hebben op reguliere
                                        onderhoudswerkzaamheden of achterstallig onderhoud vallen
                                        buiten het kader van het groenfonds. Het moet gaan om nieuwe
                                        elementen. Onderhoudswerkzaamheden die horen bij de aanleg
                                        van groen kan hier wel onderdeel van uitmaken.</al></li><li nr="-"><al>Alleen voor vastgestelde projecten op de projectenlijst
                                        kunnen bijdragen uit het groenfonds worden gebruikt</al></li><li nr="-"><al>De instandhouding en onderhoud van het project moet
                                        voldoende gegarandeerd zijn.</al></li></lijst><al/></structuurtekst></paragraaf><paragraaf><kop><label>Werkwijze groenfonds</label></kop><structuurtekst><al>De bedoeling is dat een initiatiefnemer eerst eigen plannen
                                aandraagt ter verbetering van de kwaliteit in de (directe) omgeving.
                                Indien dit niet mogelijk is kan een bijdrage in het groenfonds ten
                                behoeve van een natuur of landschapsproject worden gestort. Deze
                                bijdrage wordt besteed aan een project zoals opgenomen op de
                                projectenlijst. De bijdrage wordt direct gekoppeld aan een project.
                                Daarbij gelden de volgende uitgangspunten:</al><lijst><li nr="-"><al>Het natuur- of landschapsproject dient zo dicht mogelijk bij
                                        de locatie van het initiatief te liggen</al></li><li nr="-"><al>Realisatie van het initiatief dient zoveel mogelijk
                                        tegelijkertijd te worden uitgevoerd met het natuur- of
                                        landschapsproject.</al></li><li nr="-"><al>Het natuur- of landschapsproject kan pas worden uitgevoerd
                                        op het moment dat voldoende zekerheid is over de benodigde
                                        middelen uit het groenfonds</al></li><li nr="-"><al>De bijdrage aan het project wordt vastgelegd in een
                                        planologisch besluit en een privaatrechtelijke overeenkomst
                                        tussen de gemeente en de initiatiefnemer.</al></li></lijst><al/><al>Gezien de raakvlakken met diverse beleidsterreinen en afdelingen
                                binnen de ambtelijke organisatie is één aanspreekpunt binnen de
                                organisatie benoemd. Zo wordt tevens gewaarborgd dat de bijdragen
                                uit het groenfonds uitsluitend worden besteed aan natuur- en
                                landschapsprojecten zoals opgenomen op de projectenlijst. Deze
                                contactpersoon zorgt voor projecten, bewaakt de kwaliteit van de
                                projecten, beheert het budget en bepaalt mede aan welke projecten de
                                bijdrage ten goede komt. </al></structuurtekst></paragraaf></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Waarborging kwaliteitsbijdrage en kwaliteitsverbeterende maatregelen</label></kop><structuurtekst><al>Ter waarborging van de uitvoering van de kwaliteitsverbeterende
                            maatregel en de landschappelijke inpassing worden hierover bepalingen
                            opgenomen in een overeenkomst. Deze overeenkomst wordt getekend door de
                            gemeente en de initiatiefnemer. Deze overeenkomst bevat bepalingen over
                            de kwaliteitsbijdrage, de kwaliteitsverbetering, realisatie, onderhoud
                            en instandhouding van de landschappelijke inpassing. De bijdrage wordt
                            gestort voordat het planologische besluit wordt genomen. Indien de
                            werkzaamheden in eigen beheer worden uitgevoerd, zal de initiatiefnemer
                            garant moeten staan dat deze werkzaamheden daadwerkelijk worden
                            uitgevoerd. Dit kan bijvoorbeeld door het afgeven van een
                            bankgarantie.</al><al/><al>Monitoring van de kwaliteitverbeterende maatregelen en de
                            landschappelijke inpassing vindt plaats via een webapplicatie van de
                            provincie Limburg. De realisatie, onderhoud en instandhouding van de
                            landschappelijke inpassingsplannen en de kwaliteitsverbeterende
                            maatregelen worden door de gemeente gecontroleerd. Dit is opgenomen in
                            het handhavingsuitvoeringsprogramma. </al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Een voorbeeld: Woningsplitsing in het buitengebied</label></kop><structuurtekst><al>Een initiatiefnemer wil een woning in het buitengebied splitsen. De
                            gemeente heeft medewerking aan het plan toegezegd onder voorwaarde dat
                            een kwaliteitsbijdrage ter hoogte van €25.000,- is vereist om het
                            verlies aan kwaliteit te compenseren. Op het perceel van de aanvrager
                            staat 500 m2 aan voormalige (ontsierende) bedrijfsgebouwen. Daarnaast
                            wil de initiatiefnemer een boomgaard aanplanten op zijn perceel.</al><al/><al>De bedoeling is dat de initiatiefnemer eerst plannen aandraagt ter
                            verbetering van zijn eigen woonomgeving. </al><al>Voor sloop van overtollige ontsierende (bedrijfs-)gebouwen wordt een
                            vaste vergoeding van maximaal €25,- per m2 vloeroppervlak gebouw
                            gerekend. Uit een offerte voor de boomgaard blijkt dat dit € 4.500,-
                            kost. Eigen werkzaamheden kunnen in rekening worden gebracht indien dit
                            goed onderbouwd wordt.</al><al/><al>Ingevolge de beleidsnotitie is een compensatie ter hoogte van €25.000,-
                            vereist.</al><table><tgroup cols="2"><colspec colname="colA"/><colspec colname="colB"/><tbody><row><entry><al>Door sloop is voldaan aan: 500 x 25 = </al></entry><entry><al>€ 12.500,-</al></entry></row><row><entry><al>Boomgaard: </al></entry><entry><al>€ 4.500,-</al></entry></row><row><entry><al>Totaal</al></entry><entry><al>€ 17.000,- </al></entry></row></tbody></tgroup></table><al>Aan een compensatie van € 8.000,- moet vervolgens nog voldaan worden. De
                            initiatiefnemer heeft geen mogelijkheden om deze op zijn eigendom te
                            realiseren. Daarnaast heeft hij elders binnen Leudal geen mogelijkheden
                            om een compensatie te realiseren. Daarom stort de initiatiefnemer een
                            bijdrage van € 8.000,- in het groenfonds, waarvan een project op de
                            projectenlijst kan worden uitgevoerd. Daarnaast zorgt de initiatiefnemer
                            voor voldoende landschappelijke inpassing van de locatie.</al><al>De plannen van de initiatiefnemer met betrekking tot de compensatie
                            (inclusief de storting in het groenfonds met koppeling aan een project
                            uit de projectenlijst) en de landschappelijke inpassing worden opgenomen
                            in een overeenkomst. De initiatiefnemer zorgt voor een bankgarantie
                            waardoor uitvoering van de werkzaamheden door de initiatiefnemer
                            gegarandeerd is. Na voldaan te hebben aan de voorwaarden zal de
                            bankgarantie geretourneerd worden aan de aanvrager.</al></structuurtekst></hoofdstuk></regeling-tekst></regeling></body></cvdr>