<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidop="http://standaarden.overheid.nl/oep/meta/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export1.6--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR304520_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening sociaal-medische indicatie kinderopvang Albrandswaard</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Albrandswaard</dcterms:creator><dcterms:modified>2013-09-27</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Albrandswaard</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">De Schakel Albrandswaard d.d. 26 september
                2013</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening sociaal-medische indicatie kinderopvang Albrandswaard</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:v:BWBR0005416&amp;artikel=149">Artikel 149 Gemeentewet</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>maatschappelijke zorg en welzijn</dcterms:subject><dcterms:issued>2013-09-16</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
          databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2013-09-27</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2025-08-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>131248</overheidrg:kenmerk><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening sociaal-medische indicatie kinderopvang Albrandswaard</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>RAADSBESLUIT</al><al/><al>Besluit nr.: 131248</al><al>Onderwerp: Verordening sociaal-medische indicatie kinderopvang
                        Albrandswaard</al><al/><al>De raad van de gemeente Albrandswaard;</al><al/><al>Overwegende dat het gewenst is de verlening, de voorschotverlening en de
                        vaststelling van de tegemoetkoming van de gemeente in de kosten van
                        kinderopvang bij verordening te regelen;</al><al/><al>Gelet op het bepaalde in de Wet kinderopvang en kwaliteitseisen
                        peuterspeelzalen en artikel 149 van de Gemeentewet;</al><al/><al><vet>BESLUIT:</vet></al><al>I.De Verordening sociaal-medische indicatie kinderopvang Albrandswaard vast
                        te stellen;</al><al>II. Het tegemoetkomingsplafond voor sociaal-medische indicatie kinderopvang
                        vast te stellen op het in de begroting onder "Kinderopvang SMI" opgenomen
                        bedrag.</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label/><nr>I.</nr><titel>Algemene bepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsbepalingen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>De wet: de Wet kinderopvang en kwaliteitseisen
                                        peuterspeelzalen;</al></li><li nr="b."><al>Het college: het college van burgemeester en wethouders van
                                        de gemeente Albrandswaard;</al></li><li nr="c."><al>SMI-kinderopvang: kinderopvang op grond van een
                                        sociaal-medische indicatie;</al></li><li nr="d."><al>Ouder: ouder of verzorger van het kind waarvoor een aanvraag
                                        voor SMI-kinderopvang is ingediend;</al></li><li nr="e."><al>Gezamenlijk huishouden: het gedeelde hoofdverblijf van twee
                                        personen in dezelfde woning, die blijk geven zorg te dragen
                                        voor elkaar door middel van het leveren van een bijdrage in
                                        de kosten van die huishouding dan wel anderszins blijk geven
                                        van de wens op te treden als eenheid;</al></li><li nr="f."><al>Partner; diegene met wie de aanvrager een gezamenlijk
                                        huishouden voert, dan wel, indien hier geen sprake van is of
                                        is geweest, met wie de aanvrager door middel van een
                                        co-ouderschapsovereenkomst of anderszins de zorg draagt voor
                                        het kind of de kinderen. </al></li><li nr="g."><al>Voorliggende voorziening: elke mogelijkheid om in
                                        kinderopvang te voorzien waarvan door de aanvragende ouder
                                        gebruik kan worden gemaakt, waaronder andere financiele
                                        tegemoetkomingen en adequate kinderopvang in de informele
                                        sfeer. </al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Voor zover niet anders is bepaald, worden begrippen in deze
                                verordening gebruikt in dezelfde betekenis als in de wet.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label/><nr>II.</nr><titel>Noodzaak van kinderopvang op grond van sociaal-medische
                            indicatie</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Doelgroep</titel></kop><al>Deze verordening is bedoeld voor de in Albrandswaard woonachtige ouder
                            die in het bezit is van een geldige verblijfsstatus en van wie door een
                            door het college aan te wijzen deskundige instantie is vastgesteld:</al><lijst><li nr="a."><al>dat er sprake is van zodanige sociaal-medische problematiek van
                                    de ouder dat op grond van deze problematiek kinderopvang
                                    noodzakelijk is, of</al></li><li nr="b."><al>dat kinderopvang in het belang van een goede en gezonde
                                    ontwikkeling van het kind noodzakelijk is. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Verzoek vaststelling noodzaak van kinderopvang op grond van
                                sociaal-medische indicatie</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het verzoek tot vaststelling van de noodzaak van kinderopvang op
                                grond van een sociaal-medische indicatie wordt ingediend samen met
                                de aanvraag tegemoetkoming in de kosten van kinderopvang op
                                sociaal-medische indicatie.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Een verzoek tot vaststelling van de noodzaak van kinderopvang op
                                grond van een sociaal-medische indicatie bevat in ieder geval de
                                volgende gegevens: </al><lijst><li nr="a."><al>naam en adres en burger service nummer van de ouder;</al></li><li nr="b."><al>indien van toepassing: naam en burger service nummer van de
                                        partner en, indien dit een ander adres is dan het adres van
                                        de ouder: het adres van de partner;</al></li><li nr="c."><al>naam, burger service nummer en geboortedatum van het kind of
                                        de kinderen waarop de aanvraag betrekking heeft; </al></li><li nr="d."><al>indien van toepassing: naam en burger service nummer van
                                        overige inwonende personen;</al></li><li nr="e."><al>overige gegevens die het college nodig acht om te kunnen
                                        besluiten over de noodzaak van de tegemoetkoming. </al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Een aanvraag tegemoetkoming in de kosten van kinderopvang op
                                sociaal-medische indicatie bevat, naast de in lid 2 genoemde
                                gegevens, in ieder geval de volgende gegevens: een offerte of
                                contract van het kindercentrum dat de kinderopvang gaat verzorgen
                                waarin in ieder geval wordt aangegeven: het aantal uren kinderopvang
                                per kind, de kostprijs per uur en de aanvangsdatum van de
                                opvang.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het college kan bepalen dat de aanvraag geschiedt met behulp van een
                                door het college vastgesteld en beschikbaar gesteld
                                aanvraagformulier.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Indien de ouder met een ander een gezamenlijk huishouden voert, dan
                                wordt de aanvraag mede ondertekend door die ander.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Besluit noodzaak</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college stelt op aanvraag van de ouder vast of deze en/of diens
                                partner een persoon is die onder de doelgroep genoemd in artikel 2
                                van deze verordening valt.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Alvorens te besluiten, wint het college advies in ten behoeve van de
                                vaststelling van de noodzakelijkheid van kinderopvang op grond van
                                sociaal-medische indicatie.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Weigeringsgronden</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college weigert de noodzaak van kinderopvang op grond van een
                                sociaal-medische indicatie vast te stellen indien er sprake is van
                                een voorliggende voorziening. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Tot een voorliggende voorziening wordt in ieder geval gerekend een
                                voorziening op grond van:</al><lijst><li nr="a."><al>de Wet kinderopvang en kwaliteitseisen peuterspeelzalen
                                        (artikel 1.6 lid a t/m j);</al></li><li nr="b."><al>de algemene wet bijzondere ziektekosten;</al></li><li nr="c."><al>jeugdzorg;</al></li><li nr="d."><al>persoonsgebonden budget;</al></li><li nr="e."><al>medisch kinderdagverblijf;</al></li><li nr="f."><al>het fonds maatschappelijke participatie;</al></li><li nr="g."><al>bijzondere bijstand;</al></li><li nr="h."><al>andere adequate opvangvoorzieningen zowel in professionele,
                                        als in niet-professionele zin (eigen netwerk, vrijwilligers,
                                        etc.);</al></li><li nr="i."><al>een bijdrage van de werkgever.</al></li></lijst></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label/><nr>III.</nr><titel>De tegemoetkoming</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Aanspraak op een tegemoetkoming</titel></kop><al>Wanneer een sociaal-medische indicatie is afgegeven door het college
                            heeft een ouder aanspraak op een tegemoetkoming in de door de ouder te
                            betalen kosten van kinderopvang indien:</al><lijst><li nr="a."><al>Het college op grond van het bepaalde in het advies, zoals
                                    bedoeld in artikel 4, lid 2 van deze verordening, kan
                                    vaststellen in welke mate deze ouder in aanmerking behoort te
                                    komen voor een tegemoetkoming in deze kosten;</al></li><li nr="b."><al>Het kinderopvang betreft in een geregistreerd kindercentrum,
                                    gevestigd in de gemeente Albrandswaard en welke deelneemt in het
                                    lokaal zorgnetwerk.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Duur van de tegemoetkoming</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college verleent de tegemoetkoming in de kosten smi-kinderopvang
                                voor de duur van maximaal 12 maanden.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Gedurende de periode van tegemoetkoming moet de aanvrager, samen met
                                relevante hulpverleners, werken aan een structurele oplossing.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien bij de aanvraag van de tegemoetkoming al duidelijk is dat
                                slechts voor een beperkte periode opvang nodig is, bijvoorbeeld door
                                het bereiken van de leeftijd van vier jaar door het op te vangen
                                kind, of door deelname van de ouder aan een traject van een beperkte
                                duur, waarvoor kinderopvang noodzakelijk is, zal de tegemoetkoming
                                slechts worden verleend voor deze beperkte periode.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Omvang van de tegemoetkoming</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college stelt de omvang voor dagopvang vast op maximaal zes
                                dagdelen per week met een maximum van 10,5 uur per dag en voor
                                buitenschoolse opvang op maximaal drie dagen per week.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>In afwijking van het eerste lid kan het college besluiten tot een
                                ruimere omvang, wanneer daartoe zwaarwegende redenen zijn.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Hoogte van de tegemoetkoming</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De hoogte van de tegemoetkoming is gelijk aan de werkelijk gemaakte
                                kosten voor kinderopvang, verminderd met een vast te stellen
                                ouderbijdrage. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De ouderbijdrage wordt als volgt berekend:</al><lijst><li nr="a."><al>Voor reguliere, niet-gesubsidieerde kinderopvang wordt aan
                                        de hand van het inkomen van de ouders en de duur, omvang en
                                        uurprijs van de kinderopvang bepaald wat de hoogte van de
                                        kinderopvangtoeslag via de belastingdienst zou zijn indien
                                        hier aanspraak op gemaakt kon worden. De ouderbijdrage is
                                        dan de werkelijke prijs minus de berekende
                                        kinderopvangtoeslag.</al></li><li nr="b."><al>Voor gesubsidieerde kinderopvang wordt aan de hand van het
                                        inkomen van de ouders en de duur en omvang van de
                                        kinderopvang en de door de belastingdienst gehanteerde
                                        maximum uurprijs, bepaald wat de hoogte van de
                                        kinderopvangtoeslag via de belastingdienst zou zijn indien
                                        hier aanspraak op gemaakt kon worden. De ouderbijdrage is
                                        dan de maximum prijs minus de berekende kinderopvangtoeslag.
                                    </al></li></lijst></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label/><nr>IV.</nr><titel>Verlening en vaststelling van de tegemoetkoming</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Verlening van de tegemoetkoming</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college besluit over de aanvraag van de tegemoetkoming binnen
                                acht weken na ontvangst van alle benodigde gegevens.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college kan dit besluit met ten hoogste vier weken verdagen. Het
                                college stelt de ouder hiervan schriftelijk in kennis.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De tegemoetkoming wordt verleend met ingang van de datum waarop de
                                aanvraag voor de tegemoetkoming door het college in ontvangst is
                                genomen.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Als op de in lid 3 genoemde datum nog geen kinderopvang plaatsvindt,
                                wordt de tegemoetkoming verleend met ingang van de datum waarop de
                                kinderopvang zal aanvangen.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Het besluit tot verlening van een tegemoetkoming in de kosten van
                                kinderopvang bevat in ieder geval: </al><lijst><li nr="a."><al>de vaststelling tot welke van de gemeentelijke doelgroepen
                                        de ouder behoort;</al></li><li nr="b."><al>de naam en geboortedatum van het kind of de kinderen waarop
                                        de tegemoetkoming betrekking heeft;</al></li><li nr="c."><al>de naam en het adres van het kindercentrum waar de
                                        kinderopvang plaatsvindt;</al></li><li nr="d."><al>de periode en de omvang van de kinderopvang waarvoor de
                                        tegemoetkoming wordt verleend;</al></li><li nr="e."><al>de wijze waarop het bedrag van de tegemoetkoming wordt
                                        bepaald en het bedrag dat op basis hiervan wordt
                                        verleend;</al></li><li nr="f."><al>de wijze waarop de tegemoetkoming wordt uitbetaald;</al></li><li nr="g."><al>de verplichtingen van de ouder.</al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Weigeringsgrond</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De tegemoetkoming kan worden geweigerd bij te verwachten
                                overschrijding van het in lid 2 genoemde
                                tegemoetkomingsplafond.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Jaarlijks wordt door de gemeenteraad in de begroting een bedrag
                                opgenomen voor SMI-kinderopvang. Dit bedrag geldt als plafond voor
                                de in artikel 6 van deze verordening bedoelde tegemoetkomingen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het college hanteert de volgende verdeling van het beschikbare
                                bedrag: </al></lid><lid><lidnr>a.</lidnr><al>Het college geeft prioriteit aan de kinderopvang voor een kind dat
                                een kalenderjaar overschrijdende periode, die nog niet verstreken
                                is, toegekend heeft gekregen.</al></lid><lid><lidnr>b.</lidnr><al>Vervolgens is de datum van binnenkomst van de aanvragen bepalend,
                                waarbij geldt dat een eerder ontvangen aanvraag prioriteit heeft
                                boven een later ontvangen aanvraag.</al></lid><lid><lidnr>c.</lidnr><al>Het college berekent voor elke aanvraag de verwachte benodigde
                                tegemoetkoming op basis van de verwachte duur en omvang van de
                                smi-kinderopvang.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>De bevoorschotting van de tegemoetkoming</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De tegemoetkoming wordt in de vorm van een voorschot in maandelijkse
                                termijnen uitbetaald.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college kan nadere voorschriften stellen over de wijze van
                                bevoorschotting.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Vaststelling van de tegemoetkoming</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De ouder verstrekt binnen vier weken na afloop van de periode
                                waarvoor de tegemoetkoming is verleend aan het college een overzicht
                                van de feitelijke kosten van kinderopvang over deze periode. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college stelt de tegemoetkoming binnen acht weken na ontvangst
                                van het overzicht van de kosten vast. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De tegemoetkoming wordt overeenkomstig de vaststelling binnen vier
                                weken betaald, onder verrekening van de betaalde voorschotten.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label/><nr>V.</nr><titel>Verplichtingen van de ouder</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17</nr><titel>Inlichtingenplicht</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De ouder moet meewerken aan hetgeen hem wordt gevraagd in het kader
                                van de tegemoetkoming.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De ouder of de partner doet het college onmiddellijk na het bekend
                                worden daarvan uit eigen beweging schriftelijk mededeling van
                                inlichtingen en gegevens die kunnen leiden tot de vaststelling van
                                een lagere tegemoetkoming. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De ouder of partner verstrekt desgevraagd aan het college, binnen
                                een door het college te stellen redelijke termijn, alle gegevens en
                                inlichtingen van hem en zijn partner die voor de aanspraak op en de
                                hoogte van de tegemoetkoming van de gemeente van belang zijn.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label/><nr>VI.</nr><titel>Slotbepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>18</nr><titel>Hardheidsclausule</titel></kop><al>Het college kan in bijzondere gevallen ten gunste van de belanghebbende
                            afwijken van de bepalingen in deze verordening, indien de toepassing van
                            de verordening tot onbillijkheden van overwegende aard leidt.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>19</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Deze verordening treedt in werking op de dag volgende op die van de
                                bekendmaking. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De verordening wet kinderopvang Albrandswaard, vastgesteld bij
                                raadsbesluit op 12 september 2005, wordt op het moment waarop deze
                                verordening in werking treedt ingetrokken. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>20</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>De verordening wordt aangehaald als: Verordening sociaal-medische
                            indicatie kinderopvang Albrandswaard. </al></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgesteld door de raad van de gemeente </ondertekening><ondertekening>Albrandswaard in zijn openbare vergadering van </ondertekening><ondertekening>16 september 2013</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>De griffier, De voorzitter,</ondertekening><ondertekening>mr. Renske van der Tempel drs Hans-Christoph Wagner </ondertekening></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>