<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR30412_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening voor de controle op het financieel beheer en op de inrichting van de financiële organisatie van de gemeente Terneuzen</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Terneuzen</dcterms:creator><dcterms:modified>2010-06-21</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Terneuzen</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Zeeuws Vlaams Advertentieblad,</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Controleverordening gemeente Terneuzen</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet, art. 213</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>financiën en economie</dcterms:subject><dcterms:issued>2003-12-18</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2004-01-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2023-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Onbekend</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Onbekend</overheidrg:kenmerk><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening artikel 213 Gemeentewet</intitule><regeling><aanhef><preambule><al/><al>De raad van de gemeente Terneuzen;</al><al>Gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders</al><al>dd 18 november 2002</al><al>Gelet op artikelen 213 Gemeentewet en het Besluit</al><al>Accountantscontrole Provincies en Gemeenten</al><al>Besluit vast te stellen de</al><al>Verordening voor de controle op het financieel beheer en op de inrichting van de financiële
                     organisatie van de gemeente Terneuzen</al><al>de accountantscontrole betreffende de jaarrekening 2003 op te dragen aan Deloitte &amp; Touche Accountants</al><al>de procedure te starten voor de benoeming van de accountant die zal worden belast met de accountantscontrole over de
                     periode 2004 tot en met 2006</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1.</nr><titel>Definities</titel></kop><al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al><al>a.<vet>accountant</vet></al><al>een door de raad benoemde:</al><al>o registeraccountant of</al><al>o accountant-administratieconsulent met een aantekening in het</al><al>inschrijvingsregister als bedoeld in het derde lid van artikel 36, Wet</al><al>op de Accountant-Administratieconsulenten of</al><al>o organisatie waarin voor de accountantscontrole bevoegde accountants</al><al>samenwerken, belast met de controle van de in artikel 197 Gemeentewet
                        bedoelde jaarrekening.</al><al>b.<vet>accountantscontrole</vet></al><al>de controle van de in artikel 197 Gemeentewet bedoelde jaarrekening
                        uitgevoerd doorde door de raad benoemde accountant van:</al><al>o het getrouwe beeld van de in de jaarrekening gepresenteerde baten en</al><al>lasten en de grootte en samenstelling van het vermogen;</al><al>o het rechtmatig tot stand komen van de baten en lasten en</al><al>balansmutaties;</al><al>o het in overeenstemming zijn van de door het college opgestelde</al><al>jaarrekening met de bij of krachtens algemene maatregel van bestuur</al><al>te stellen regels bedoeld in artikel 186 Gemeentewet;</al><al>o de inrichting van het financieel beheer en de financiële organisatie</al><al>gericht op de vraag of deze een getrouwe en rechtmatige</al><al>verantwoording mogelijk maken;</al><al><cursief>waarbij de nadere regels die bij of krachtens algemene maatregel
                            van bestuur worden gesteld op gr</cursief><cursief>ond van het zesde lid
                            van artikel 213 Gemeentewet, in acht worden genomen.</cursief></al><al>c.<vet>rechtmatigheid in het kader van de accountantscontrole</vet></al><al>het overeenstemmen van het tot stand komen van de financiële
                        beheershandelingen ende vastlegging daarvan met de relevante wet- en
                        regelgeving, zoals bedoeld in hetBesluit accountantscontrole gemeenten.</al><al>d.<vet>deelverantwoording</vet></al><al>een in opdracht van de raad ten behoeve van de verslaglegging
                        opgestelde</al><al>verantwoording van een afzonderlijke organisatie-eenheid binnen de
                        gemeentelijkeorganisatie, welke verantwoording onderdeel uit maakt van de
                        jaarrekening.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2.</nr><titel>Opdrachtverlening accountantscontrole</titel></kop><al>1.De accountantscontrole wordt opgedragen aan een door de raad te
                        benoemenaccountant. De benoeming van de accountant geschiedt voor een
                        periode van vier jaar.</al><al>2.Het college bereidt in overleg met de raad de aanbesteding van de
                        accountantscontrolevoor.</al><al>3.De raad stelt voor de aanbesteding van de accountantscontrole het
                        programma vaneisen vast. In het programma van eisen worden voor de
                        jaarlijkse accountantscontroleopgenomen:</al><al>a.de toe te passen goedkeuringstoleranties (en
                        afwijkenderapporteringstoleranties) bij de controle van de
                        jaarrekening;</al><al>b.de apart te controleren deelverantwoordingen en de daarbij toe te
                        passen</al><al>omvangsbases en goedkeuringstoleranties (en afwijkende</al><al>rapporteringstoleranties);</al><lijst><li nr="c."><al>de inrichtingseisen voor het verslag van bevindingen;</al></li><li nr="d."><al>de eventueel aanvullende uit te voeren tussentijdse controles;</al></li><li nr="e."><al>de frequentie en inrichtingseisen van de aanvullende tussentijdse
                                rapportering;</al></li></lijst><al>en voor ieder afzonderlijk te controleren begrotingsjaar:</al><al>f.de posten van de jaarrekening en deelverantwoordingen met
                        bijbehorende</al><al>afwijkende rapporteringstoleranties, waaraan de accountant bij zijn
                        controle</al><al>specifiek aandacht dient te besteden;</al><al>g.de gemeentelijke producten en of organisatieonderdelen met
                        bijbehorende</al><al>afwijkende rapporteringstoleranties, waaraan de accountant bij zijn
                        controle</al><al>specifiek aandacht dient te besteden.</al><al>4.In afwijking van het gestelde in lid 3, letters f en g kan de raad in het
                        programma vaneisen opnemen, dat de raad jaarlijks voorafgaand aan de
                        accountantscontrole inoverleg met de accountant vaststelt de posten van de
                        jaarrekening, de posten van dedeelverantwoordingen, de gemeentelijke
                        producten en de gemeentelijkeorganisatieonderdelen, waaraan de accountant
                        bij zijn controle specifiek aandachtdient te besteden en welke
                        rapporteringstoleranties hij daarbij dient te hanteren.</al><al>5.In geval van Europese aanbesteding van de accountantscontrole stelt de
                        raad voor deselectie van de accountant de selectiecriteria vast en per
                        selectiecriterium debijbehorende weging vast.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.</nr><titel>Informatieverstrekking door college</titel></kop><al>1.Het college is verantwoordelijk voor de samenstelling van de jaarrekening
                        conform degeldende interne - en externe wet- en regelgeving en overlegt deze
                        aan de accountantvoor controle.</al><al>2.Het college draagt er zorg voor dat alle aan de jaarrekening ten grondslag
                        liggendeverordeningen, nota's, collegebesluiten, deelverantwoordingen,
                        administraties,plannen, overeenkomsten, berekeningen e.d. voor de accountant
                        ter inzage liggen engoed toegankelijk zijn.</al><al>3.Bij de jaarrekening bevestigt het college schriftelijk aan de accountant,
                        dat alle hembekende informatie van belang voor de oordeelsvorming van de
                        accountant isverstrekt.</al><al>4.Het college overlegt de gecontroleerde jaarrekening samen met de</al><al>accountantsverklaring en het verslag van bevindingen aan de raad voor
                        uiterlijk 1 junivan het de jaar dat volgt op dat waarop de jaarrekening
                        betrekking heeft.</al><al>5.Alle informatie die na afgifte van de accountantsverklaring en voor
                        behandeling vande jaarrekening in de raad beschikbaar komt en die van
                        invloed is op het beeld dat dejaarrekening geeft, wordt terstond door het
                        college aan de raad en de accountantgemeld.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4.</nr><titel>Inrichting accountantscontrole</titel></kop><al>1.De accountant bepaalt binnen het kader van de opdrachtverlening de wijze
                        waarop deaccountantscontrole wordt ingericht, alsmede de aard en de omvang
                        van de daarbijbehorende werkzaamheden.</al><al>2.De accountant bepaalt binnen het kader van de opdrachtverlening de
                        frequentie van deuit te voeren controles. De accountant kan de
                        controlewerkzaamheden zondervoorafgaande kennisgeving uitvoeren.</al><al>3.Ter bevordering van een efficiënte en doeltreffende accountantscontrole
                        vindtperiodiek (afstemmings-)overleg plaats tussen de accountant en, de
                        voorzitter van derekeningcommissie, (een vertegenwoordiger van) de
                        rekenkamer(functie), deportefeuillehouder financiën, degemeentesecretaris,
                        de concerncontroller en het hoofdvan de afdeling financiën.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5.</nr><titel>Toegang tot informatie</titel></kop><al>1.De accountant is bevoegd tot het opnemen van alle kassen, waardepapieren
                        envoorraden en het inzien van alle boeken, notulen, brieven,
                        computerbestanden enoverige bescheiden, waarvan inzage voor de
                        accountantscontrole nodig is. Het collegedraagt er zorg voor dat de
                        accountant voor de uitvoering van zijncontrolewerkzaamheden een onbelemmerde
                        toegang heeft tot alle kantoren,magazijnen, werkplaatsen, terreinen en
                        informatiedragers van de gemeente.</al><al>2.De accountant is bevoegd om van alle ambtenaren mondelinge en
                        schriftelijkeinlichtingen en verklaringen te verlangen die hij voor de
                        uitvoering van zijn opdrachtdenkt nodig te hebben. Het college draagt er
                        zorg voor, dat de desbetreffendeambtenaren hieraan hun medewerking
                        verlenen.</al><al>3.Het college draagt er zorg voor, dat alle organisatie-eenheden van de
                        gemeente zijngehouden de accountant alle informatie te verstrekken, opdat de
                        accountant zich eenjuist en volledig oordeel kan vormen over de rechtmatige
                        totstandkoming van baten,lasten, balansmutaties en het gevoerde beheer en
                        over de getrouwheid van de daarover</al><al>verstrekte informatie.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6.</nr><titel>Overige controles en opdrachten</titel></kop><al>1.Het college kan de door de raad benoemde accountant opdracht geven tot
                        hetuitvoeren van specifieke werkzaamheden met betrekking tot de
                        rechtmatigheid, dedoelmatigheid en de doeltreffendheid voor zover de
                        onafhankelijkheid van deaccountant daarmee niet in het geding komt. Het
                        college informeert de raad voorafover deze aan de accountant te verstrekken
                        opdrachten.</al><al>2.Het college draagt de zorg voor de uitvoering van het beleid betreffende
                        de specifiekeuitkeringen volgens de eisen van rechtmatigheid van de
                        ministeries. Het college isvoor de controle van de rechtmatige besteding van
                        specifieke uitkeringen bevoegd deopdracht te verlenen aan een andere dan de
                        door de raad benoemde accountant, indiendit in het belang van de gemeente
                        is.</al><al>3.Het college draagt de zorg voor de verantwoording aan derden
                        (Belastingdienst, ABP,Sociale verzekeringsbank, CBS, e.d.) en neemt hierbij
                        de gestelde controle-eisen inacht. Indien een deel van deze vereisten moet
                        worden uitgevoerd door een accountant,is het college bevoegd hiervoor de
                        opdracht te verlenen aan een andere dan de door de</al><al>raad benoemde accountant, indien dit in het belang van de gemeente is.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7.</nr><titel>Rapportering</titel></kop><al>1.Indien de accountant bij een controle afwijkingen constateert die leiden
                        tot het nietafgeven van een goedkeurende verklaring, meldt hij deze terstond
                        schriftelijk aan deraad en zendt een afschrift hiervan aan het college.</al><al>2.In aanvulling op het in de wet voorgeschreven verslag van bevindingen
                        brengt deaccountant over de door hem uitgevoerde (deel)controles verslag uit
                        over zijnbevindingen van niet van bestuurlijk belang aan de ambtenaar van
                        wie het geldelijkbeheer, het vermogensbeheer, de administratie en de
                        beheersdaden zijn gecontroleerd,het hoofd van de dienst waar de ambtenaar
                        werkzaam is, de concerncontroller en hethoofd financiën dan wel andere
                        daarvoor in aanmerking komende ambtenaren.</al><al>3.De accountantsverklaring en het verslag van bevindingen worden voor
                        verzending aande raad door de accountant aan het college voorgelegd met de
                        mogelijkheid voor hetcollege om op deze stukken te reageren. De accountant
                        bespreekt voorafgaand aan deraadsbehandeling van de jaarstukken het verslag
                        van bevindingen met derekeningcommissie.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8.</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><al>Deze verordening treedt in werking per 1 januari 2004, met dien verstande
                        dat zij van toepassing is op de accountantscontrole van de jaarrekening (en
                        deelverantwoordingen) vanhet verslagjaar 2004 en later.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9.</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening kan worden aangehaald als "Controleverordening gemeente
                        Terneuzen".</al><al/></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Besloten in de openbare vergadering van de Gemeenteraad van Terneuzen op 18
                    december 2003,</ondertekening><ondertekening>griffier, mr. A.W. de Feijter</ondertekening><ondertekening>voorzitter, J.A.H.Lonink</ondertekening></regeling-sluiting><nota-toelichting><kop><label>Nota-toelichting</label><nr/><titel>Artikelsgewijze toelichting</titel></kop><tussenkop>Verordening voor de controle op het financieel beheer en op de inrichting
                    van de financiële organisatie van de gemeente Terneuzen</tussenkop><al/><tussenkop>Artikel 2. Opdrachtverlening accountantscontrole</tussenkop><al>Na afloop van ieder begrotingsjaar moet het college verantwoording afleggen aan
                    de raad over het gevoerde bestuur door overlegging van de jaarrekening en het
                    jaarverslag (artikel 197, lid 1 Gemeentewet). Voor het overleggen van deze
                    stukken aan de raad moeten de jaarrekening door een bevoegd accountant zijn
                    gecontroleerd (artikel 197, lid 2 Gemeentewet). De accountant controleert de
                    jaarrekening in opdracht van de raad. Het is dan ook de raad, die de accountant aanwijst (artikel 213, lid 2 Gemeentewet). De
                    raad is echter niet het bestuursorgaan, dat de overeenkomst met de accountant
                    ondertekent. Het is de burgemeester, die de overeenkomst voor de
                    accountantscontrole met de accountant moet sluiten. De burgemeester
                    vertegenwoordigt de gemeente in en buiten rechte, luidt het eerste lid van artikel 171 Gemeentewet.</al><al>Een bevoegd accountant voor de controle van de gemeentelijke jaarrekening is een
                    registeraccountant, een accountant-administratieconsulent met een aantekening in
                    het inschrijvingsregister als bedoeld in het derde lid van artikel 36 Wet op de
                    Accountant-Administratieconsulenten of een organisatie waarin voor de
                    accountantscontrole bevoegde accountants samenwerken. Het zevende lid van
                    artikel 213 Gemeentewet zegt, dat de bevoegde accountant in gemeentelijke dienst
                    kan worden aangesteld. Wel dient dan de benoeming, schorsing en het ontslag van
                    de accountant door de raad te geschieden.</al><al>Artikel 2 van de verordening regelt de opdrachtverlening van de
                    accountantscontrole van de gemeentelijke jaarrekening. Het eerste lid legt de
                    periode van de verbintenis met de accountant voor de controle van de
                    jaarrekening vast. Door de gemeenteraad wordt ervoor gekozen om een zekere mate
                    van continuïteit na te streven in de relatie met de accountant. De duur van de
                    verbintenis wordt daarom gelijkgesteld met die van een raadsperiode, waarmee
                    tevens wordt bereikt dat een nieuw aangetreden raad telkens zelf de
                    accountantskeuze kan bepalen. Voor dit laatste is het wel nodig dat de eerste
                    keer dat op basis van deze verordening een verbintenis met een accountant wordt
                    aangegaan de duur van de verbintenis wordt beperkt tot drie jaar en dus
                    betrekking heeft op de verantwoordingen over de jaren 2004, 2005 en 2006.Het
                    tweede lid regelt dat het college verantwoordelijk is voor de uitvoering van de
                    aanbesteding van de accountantscontrole van de jaarrekening. De periode van de
                    verbintenis met de accountant uit het eerste lid impliceert niet dat daarna van
                    accountant wordt gewisseld.</al><al>De accountant maakt bij de nieuwe aanbesteding wederom kans op de opdracht.</al><al>Voor de accountantscontrole geldt het Besluit accountantscontrole provincies en
                    gemeenten dat krachtens het zesde lid van artikel 213 Gemeentewet door de
                    minister is vastgesteld. Het Besluit accountantscontrole provincies en gemeenten
                    bevat onder andere regels voor de omvangsbases en goedkeuringstoleranties voor
                    de accountantsverklaring en de rapporteringstoleranties voor het verslag van bevindingen.</al><al>In het derde lid van artikel 2 wordt invulling gegeven aan het gebruik van de
                    mogelijkheden van de raad met betrekking tot de nadere bepaling van de
                    toleranties. Ze moeten al bij de aanbesteding van de accountantscontrole worden
                    bepaald en zodoende worden opgenomen in het programma van eisen. Een
                    aanscherping van de eisen door de raad zal in veel gevallen leiden tot een hogere prijsstelling door de accountant(s). Daarnaast zijn onder
                    dit lid aanvullende zaken opgenomen over eisen die de raad kan stellen aan de
                    werkzaamheden van de accountant, zoals aanvullende inrichtingseisen voor het
                    verslag van bevindingen en aanvullende extra rapportages en controles.</al><al>Mogelijk zal de raad de onderdelen van de jaarrekening, de onderdelen van deelverantwoordingen en gemeentelijke organisatieonderdelen jaar op jaar willen
                    vaststellen.</al><al>Dit daar de raad dan rekening kan houden met gewijzigde politieke
                    omstandigheden. Hierin voorziet het vierde lid van artikel 2. Het is raadzaam om
                    ook hierover bepalingen in het programma van eisen bij de aanbesteding en
                    opdrachtverlening op te nemen.</al><al>Het bedrag dat is gemoeid met de accountantscontrole van de jaarrekening kan
                    mogelijk zo hoog zijn, dat de accountantscontrole Europees moet worden
                    aanbesteed. Dit hangt natuurlijk ook af van de contractsduur, die met de
                    accountant wordt aangegaan. Bij Europese aanbesteding zijn het de
                    selectiecriteria en de bijbehorende wegingsfactoren, die uiteindelijk de
                    selectie van de accountant voor de controle van jaarrekening bepalen. De raad is
                    het bestuursorgaan, dat de accountant aanwijst en dat dus de selectiecriteria en
                    de bijbehorende wegingsfactoren moet vaststellen. Dit wordt geregeld in het
                    vijfde lid van artikel 2.</al><tussenkop>Artikel 3. Informatieverstrekking door college</tussenkop><al>In de gedualiseerde verhoudingen is het college verantwoordelijk voor de
                    samenstelling van de jaarrekening en het jaarverslag. Ten opzichte van de raad
                    is het college ook verantwoordelijk voor de samenstelling van eventuele door de
                    raad geëiste deelverantwoordingen. Artikel 3 van de verordening regelt de
                    verplichtingen van het college voor de verstrekking van de achterliggende
                    informatie aan de accountant.</al><al>Voor de controle van de jaarrekening doet de accountant onderzoek naar de
                    achterliggende bescheiden. Het tweede lid draagt aan het college op deze
                    achterliggende bescheiden goed toegankelijk ter inzage aan de accountant
                    beschikbaar te stellen.</al><al>Het derde lid verplicht het college een verklaring af te geven aan de
                    accountant, waarin het college verklaart geen informatie die van belang is voor
                    de beoordeling van de jaarrekening, te hebben achtergehouden. De verklaring
                    wordt ook wel een LOR (Letter Of Representation) genoemd. Hoewel het een
                    algemeen gebruik is, is het geen wettelijke verplichting, dat het college een
                    dergelijke verklaring verstrekt.</al><al>De jaarrekening moet binnen twee weken na vaststelling, maar in elk geval voor
                    15 juli worden toegezonden aan gedeputeerde staten (artikel 200 Gemeentewet).
                    Voor deze datum moet de jaarrekening door de raad zijn behandeld en moet een
                    eventuele erop volgende indemniteitsprocedure (artikel 198 Gemeentewet) zijn
                    doorlopen en de jaarrekening wel of niet zijn vastgesteld. In het vierde lid wordt een uiterlijke datum aan het
                    college gesteld voor de overlegging van de gecontroleerde jaarrekening aan de
                    raad. Voor de datum 1 juni is gekozen rekening houdend met het gegeven dat aan
                    de rekeningcommissie is opgedragen de door de raad vast te stellen jaarstukken
                    te onderzoeken en hierover aan de raad te adviseren en de tijd die hiervoor
                    nodig kan zijn. Ook is hierbij van belang dat alvorens de rekening in de raad
                    behandeld kan worden een verplichte publicatietermijn van 2 weken is
                    voorgeschreven.</al><al>De accountant verzendt de accountantsverklaring en het verslag van bevindingen
                    rechtstreeks aan de raad. Het tweede lid van artikel 197 Gemeentewet bepaalt
                    echter, dat het college bij de overlegging van de jaarrekening en het
                    jaarverslag aan de raad daarbij moet toevoegen de accountantsverklaring en het verslag van bevindingen.</al><al>Het vijfde lid van het artikel gebiedt het college alle informatie die van
                    invloed is op het beeld van de jaarrekening en pas na de afgifte van de
                    accountantsverklaring, maar voor de vaststelling van de jaarrekening door de
                    raad aan het college bekend is geworden, terstond te melden aan de raad en de
                    accountant. Het sluit verrassingen tijdens de raadsbehandeling uit.</al><tussenkop>Artikel 4. Uitvoering controle</tussenkop><al>Artikel 4 van de verordening regelt de bevoegdheidsverdeling tussen de
                    accountant en het college ten aanzien van de inrichting van de
                    accountantscontrole. De accountant is leidend ten aanzien van de inrichting van
                    de accountantscontrole. Hij mag zelfs onaangekondigd controles uitvoeren. Het
                    college is hierin volgend. Wel moet er ter bevordering van een soepele accountantscontrole periodiek overleg worden gevoerd tussen de
                    accountant en de verschillende vertegenwoordigers van de gemeente. Ook is
                    uitwisseling van informatie gewenst over specifieke aandachtsgebieden bij de
                    accountantscontrole.</al><tussenkop>Artikel 5. Toegang tot informatie</tussenkop><al>In het vorige artikel hebben we gezien dat de accountant leidend is voor wat
                    betreft de inrichting van de accountantscontrole. Om een goede controle uit te
                    voeren moet hij echter ook onbelemmerd onderzoek kunnen doen. Artikel 5 van de
                    verordening kent de bevoegdheid om onbelemmerd onderzoek te doen toe aan de
                    accountant. Dit natuurlijk met in achtneming van de afspraken met de raad, zoals
                    neergelegd in het programma van eisen bij de aanbesteding. Het artikel legt aan het college de plicht op om er voor te
                    zorgen, dat de accountant een onbelemmerde toegang heeft tot alle burelen van de
                    gemeente en de ambtenaren van de gemeente volledig meewerken aan de
                    accountantscontrole.</al><tussenkop>Artikel 6. Overige controles en opdrachten</tussenkop><al>Naast de controle van de jaarrekening zijn er meer werkzaamheden binnen de
                    gemeente die de inzet van een accountant (kunnen) vereisen. Zo eisen ministeries
                    voor de verantwoording over de uitvoering van de medebewindstaken door gemeenten
                    (specifieke uitkeringen) vaak een aparte accountantsverklaring. De aanwijzing van de accountant voor onder
                    andere dit soort accountantscontroles is een bevoegdheid van het college. Ook
                    kan het college besluiten om advieswerkzaamheden uit te besteden aan de door de
                    raad benoemde accountant. Het betreft hier vanzelfsprekend advieswerkzaamheden
                    die samenhangen met de natuurlijke adviesfunctie van de accountant die de
                    onafhankelijkheid van de accountant niet in gevaar brengen.</al><al>Het eerste lid van artikel 6 van de verordening regelt hoe het college moet
                    omgaan met de uitbesteding van "advieswerkzaamheden" zoals de verbetering van de
                    administratieve organisatie, aan de door de raad benoemde accountant. Door deze
                    werkzaamheden te gunnen aan de door de raad benoemde accountant kan de
                    onafhankelijkheid en daarmee de integriteit van de accountant ten aanzien van
                    zijn controlewerkzaamheden voor de raad in het geding komen. Op de loer liggende
                    belangenver-strengeling tussen college en accountant kan mogelijk een weerslag
                    hebben op de kwaliteit van de controle van de jaarrekening. Hetzelfde geldt voor
                    die gevallen waarbij de accountant bij de accountantscontrole zijn eigen werk
                    moet controleren. Het lid bepaalt, dat het college voor advieswerkzaam-heden,
                    zoals bijvoorbeeld op het gebied van de bestuurlijke informatie-verzorging of de
                    rechtmatigheid, de door de raad benoemde accountant kan inschakelen. Indien het
                    college dit voornemen heeft, dient hij de raad hier vooraf over te informeren.
                    Dit biedt de raad de mogelijkheid om over de desbetreffende uitbesteding van werkzaamheden zijn oordeel te vormen en zijn
                    bedenkingen aan het college kenbaar te maken. Overigens wordt de
                    accountantswetgeving op het gebied van dit soort advieswerkzaamheden de komende
                    jaren aangescherpt.</al><al>Het tweede en het derde lid regelen, dat het college voor de overige
                    controlewerkzaamheden in het algemeen de door de raad benoemde accountant
                    inschakelt. Het college mag hiervan afwijken indien dit in het belang van de
                    gemeente is. De accountant die de jaarrekening controleert, is vaak beter bekend
                    met de gemeentelijke administraties. Daarbij kunnen controles van de jaarrekening en controles van medebewindstaken tegelijkertijd
                    door één accountant worden uitgevoerd (single audit). Dit levert een
                    aanzienlijke besparing op. In bepaalde gevallen is inschakeling van een andere
                    accountant raadzaam en soms zelfs onoverkomelijk. De reden hiervoor kan van
                    prijstechnische aard zijn, maar ook van bijvoorbeeld organisatorische aard (zo
                    kunnen de controlewerkzaamheden gemeen-schappelijke activiteiten met een andere
                    gemeente betreffen en de accountantscontrole hiervan door de accountant van de
                    andere gemeente worden uitgevoerd). De verordening regelt dat het college in
                    deze gevallen vrij is in de keuze van de accountant.</al><tussenkop>Artikel 7. Rapportering</tussenkop><al>Het derde en vierde lid van artikel 213 Gemeentewet regelt de rapportering en de
                    inhoud daarvan van de accountant aan de raad en het college. Aanvullend daarop
                    kan de raad in zijn programma van eisen bij de aanbe-steding aanvullende
                    inhoudelijke eisen stellen, maar ook aanvullende rapporteringen van de
                    accountant verlangen (artikel 2, lid 3, letters c &amp; e van deze verordening). Artikel 7 regelt aanvullende zaken aangaande de rapportering
                    op grond van de door de accountant uitgevoerde controles. Zaken die dan
                    natuurlijk wel in het programma van eisen bij de aanbesteding moeten worden
                    geregeld.</al><al>Naast de uiteindelijke eindcontrole van de jaarrekening verricht de accountant
                    meestal meerdere controles. Dit kunnen door de raad in het programma van eisen
                    van de aanbesteding opgenomen tussentijdse controles (interim-controles) zijn.
                    Het eerste lid van artikel 7 regelt, dat het college in elk geval bij geconstateerde afwijkingen door de accountant
                    die leiden tot het niet afgeven van een goedkeurende verklaring bij de
                    jaarrekening, een afschrift krijgt van de schriftelijke mededeling hierover aan
                    de raad. Dit opdat het college (in overleg met de raad en de accountant) mogelijk nog tijdig maatregelen tot herstel kan treffen.</al><al>Het tweede lid van artikel 7 regelt, dat het management een rapportage krijgt
                    van de door de accountant uitgevoerde (deel)controles. In deze rapportage worden
                    kleine afwijkingen en tekortkomingen die niet leiden tot het niet afgeven van
                    een goedkeurende verklaring en niet van bestuurlijk belang zijn, aan het
                    management meegedeeld. Het gaat hierbij om bijvoorbeeld opmerkingen over (kleine) rubriceringfouten en (kleine)
                    onvolkomenheden in de administratieve organisatie, welke eenvoudig in onderling
                    overleg met het management van de gemeente kunnen worden opgelost. Het
                    management kan op grond van de rapportage actie ondernemen voor herstel van de afwijkingen en onvolkomenheden.</al><al>Voorts is in het artikel een lid opgenomen voor de procedure van hoor en
                    wederhoor. De constateringen in het verslag van bevindingen worden voorafgaand
                    aan verzending van de accountantsverklaring en het verslag van bevindingen aan
                    de raad door de accountant besproken met het college. Het geeft het college de
                    mogelijkheid kanttekeningen te plaatsen bij de constateringen in het
                    (concept-)verslag van bevindingen.</al><al>Tot slot in het vierde lid van dit artikel opgenomen, dat de accountant zijn
                    verslag van bevindingen mondeling toelicht aan de vertegenwoordiging van de raad
                    die is belast met de voorbereiding van de behandeling van de jaarrekening door
                    de raad.</al><tussenkop>Artikel 8. Inwerkingtreding</tussenkop><al>Deze verordening treedt in de plaats van de vorige op grond van artikel 213
                    Gemeentewet (oud) opgestelde verordening. De wetgever heeft bepaald dat het
                    nieuwe artikel 213 Gemeentewet bij alle gemeenten op het verslagjaar 2004 van
                    toepassing is. De oude verordening blijft dus nog van kracht op de jaarrekening
                    van 2003. De nieuwe verordening 213 Gemeentewet moet binnen twee weken na
                    vaststelling door het college naar gedeputeerde staten worden verzonden (artikel 214 Gemeentewet).</al><tussenkop>Artikel 9. Citeertitel</tussenkop><al>In dit artikel wordt de naam gegeven waarmee in gemeentelijke stukken naar deze
                    verordening kan worden verwezen.</al></nota-toelichting></regeling></body></cvdr>