<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR303280_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Beleidsregels Uitgifte Openbaar Groen</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Bronckhorst</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-05-01</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Bronckhorst</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Contact, 25 maart 2008</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Beleidsregels Uitgifte Openbaar Groen</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">.</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">college van burgemeester en wethouders</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>ruimtelijke ordening, verkeer en vervoer</dcterms:subject><dcterms:issued>2008-03-11</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2008-03-11</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2011-02-23</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>BW08-2818</overheidrg:kenmerk><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Beleidsregels Uitgifte Openbaar Groen</intitule><regeling><aanhef><preambule><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>Afdeling</label><nr>1</nr><titel/></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1.1</nr><titel>Inleiding </titel></kop><al>De vijf oorspronkelijke gemeenten hadden, afgestemd op de plaatselijke
                            situatie, voor het beheer van het openbaar groen ieder hun eigen budget,
                            aanpak en methoden. In het 1e kwartaal van 20085 is het
                            Groenstructuurplan klaar. Dit plan brengt het huidige groen naar wijze
                            van inrichting en beheer in beeld en geeft een visie daarop voor het
                            beheer in de nabije toekomst.</al><al/><al>De groenstructuur in de gemeente is een samenhangend geheel van groene
                            punten, linten en vlakken die bepalend zijn voor de beleving en
                            uitstraling. De gewenste ruimtelijke structuur wordt voor de lange
                            termijn gehandhaafd door het te benoemen als structureel groen.
                            Structureel groen heeft een ruimtelijke kwaliteit die niet objectief
                            meetbaar is, maar voort komt uit de ruimtelijke waarden. De
                            belangrijkste waarden zijn: recreatie, educatie, natuurwaarden,
                            ruimtelijke betekenis, gezondheidswaarden, cultuurhistorische waarden en
                            technische waarden.</al><al/><al>Het groenstructuurplan geeft het belang en de functionaliteit van het
                            openbaar groen weer. Het vormt daarmee ook de basis voor het behandelen
                            van verzoeken tot koop voor openbaar groen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1.2</nr><titel>Beschrijving huidige groenuitgifte</titel></kop><al>Wij hanteren een passief groenuitgiftebeleid, dat wil zeggen dat wij
                            reageren op ingekomen verzoeken. Verzoeken tot koop worden door het
                            cluster Economische ontwikkeling van de afdeling REO behandeld. Hierbij
                            hanteren wij de volgende werkwijze:</al><al>Na ontvangst van een verzoek tot koop vragen wij verschillende
                            vakgroepen met een zogenaamd "roulatieformulier" om advies. Tegelijk
                            doen wij onderzoek naar de aanwezigheid van kabels en leidingen. Na
                            positief advies stelt een externe taxateur de verkoopprijs vast.
                            Burgemeester en wethouders beslissen per geval over verkoop. Nadat
                            burgemeester en wethouders tot verkoop hebben besloten, sturen wij de
                            aanvrager een koopovereenkomst voor bedoeld perceel of gedeelte van een
                            perceel.</al><al/><al>Gemeentelijk groen dat niet voor verkoop in aanmerking komt maar wel kan
                            worden afgestoten, kan te huur worden aangeboden. Net als bij
                            grondverkoop worden aan huurovereenkomsten soms verschillende
                            voorwaarden en/of beperkingen opgelegd. Verhuur gebeurt echter met grote
                            terughoudendheid.</al><al/></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Afdeling</label><nr>2</nr><titel/></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2.1</nr><titel>Toekomstige uitgiftebeleid openbaar groen</titel></kop><al>Wij streven naar een efficiënt, doelmatig en klantgericht
                            uitgiftebeleid: waar mogelijk groenstroken verkopen. Verhuur van
                            groenstroken vraagt veel administratieve werkzaamheden met meestal lage
                            opbrengsten. De kosten wegen in de meeste gevallen niet op tegen de
                            nadelen (omvangrijke administratie met navenante kosten, continuïteit
                            van huur is niet gegarandeerd). Hoewel het kostenaspect geen
                            doorslaggevend criterium is, vinden wij het ongewenst groenstroken te
                            verhuren. Wij kiezen er</al><al>daarom voor, waar uitgifte mogelijk is tot verkoop over te gaan en het
                            perceel niet in huur aan te bieden. </al><al/><al>Voor een koper is de aankoop van een groenstrook de meest zekere vorm.
                            Doorgaans levert hem dit een stukje waardevermeerdering op van zijn
                            totale onroerende zaak. Verkoop van openbaar groen heeft als voordeel
                            dat de onderhoudslasten voor de gemeente dalen. Verder zijn er nog
                            bijkomende voordelen: éénmalige extra inkomsten, hogere OZB-opbrengsten,
                            geen handhavingkosten voor oneigenlijk</al><al>gebruik. Nadelen van verkoop zijn: geen ruimte meer voor alternatieve
                            gebruiksfuncties van het groen, zoals wegverbredingen, parkeren,
                            speelvoorzieningen, et cetera.</al><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2.2</nr><titel>Groenstructuurplan</titel></kop><al>De groenstructuur is een samenhangend geheel van groene punten, linten
                            en vlakken die bepalend zijn voor de beleving en uitstraling van de
                            gemeente. Het groenstructuurplan bevat een visie op het</al><al>groen van de grotere dorpen. De kleinere kernen worden besproken in
                            relatie tot het landschap waarin zij liggen. Het groenstructuurplan
                            beperkt zich tot het openbaar groen in de dorpen en kernen van de
                            Gemeente Bronckhorst.</al><al/><al>Op de bij het plan behorende groenstructuurkaart is het structureel
                            groen in beeld gebracht. Hieronder vallen:</al><lijst><li nr="*"><al>Bomenstructuur die een belangrijke bijdrage leveren aan de
                                    ruimtelijke kwaliteit van de gemeente, lange lijnen, historische
                                    lijnen, verbindingsschakels.</al></li><li nr="*"><al>De groenvoorzieningen die onvervangbaar zijn en een bijzondere
                                    bijdrage leveren aan de kwaliteit, identiteit en belevingswaarde
                                    van de stad.</al></li><li nr="*"><al>De groenvoorzieningen die een belangrijke natuurwaarde
                                    hebben.</al></li><li nr="*"><al>Groenstroken die door hun omvang en/of ligging bijdrage aan de
                                    samenhang van de totale groenstructuur.</al></li></lijst><al/><al>De hoofdgroenstructuur moet zowel kwalitatief als kwantitatief in stand
                            worden gehouden. Het groen dat deel uitmaakt van de groenstructuur wordt
                            in bestemmingsplannen als zodanig omschreven en komt niet in aanmerking
                            voor verkoop.</al><al/><al>Openbaar groen dat geen deel uitmaakt van de hoofdgroenstructuur komt
                            voor verkoop in aanmerking Wel moet een aantal relevante
                            toetsingsgronden (de "tenzij-criteria") worden doorlopen. Deze zijn
                            in</al><al>onderdeel 3 beschreven.</al><al/><al>Wij willen het groenstructuurplan digitaal via de gemeentelijke website
                            beschikbaar maken. Daardoor kan de aspirant koper desgewenst zelf
                            beoordelen of een perceel al dan niet voor verkoop in aanmerking</al><al>komt. Als een perceel voor verkoop in aanmerking komt, betekent dat nog
                            niet dat het zonder meer kan worden verkocht. Er zal steeds een
                            inhoudelijke beoordeling volgen.</al><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2.3</nr><titel>Bestemmingsplan</titel></kop><al>Bij de actualisering van bestemmingsplannen zullen wij de
                            hoofdgroenstructuur bestemmen als "Groen". Op deze gronden zijn groen,
                            speelvoorzieningen en voet- en fietspaden toegelaten. Het overige</al><al>groen zal worden bestemd als "Verkeer - Verblijf", waar naast wegen,
                            parkeren, voet- en fietspaden, groen en speelvoorzieningen ook tuinen en
                            erven van woningen zijn toegelaten. Deze laatste toevoeging maakt het
                            mogelijk om de gronden na verkoop ook als tuin/erf bij de woning te
                            gebruiken.</al><al/><al>Op gronden met de bestemming "Verkeer - Verblijf" zijn geen bouwwerken
                            toegelaten, anders dan vergunningvrije bouwwerken die vrij zijn van een
                            bestemmingsplantoets. Het gebruik als tuin/erf bij de</al><al>woning, vooruitlopend op het actualiseren van het bestemmingsplan wordt
                            vanuit Ruimtelijke Ordening niet zo bezwaarlijk gevonden dat daartegen
                            handhavend zou moeten worden opgetreden. Dit is ook niet reëel vanuit de
                            legaliseringsvraag omdat wij, gelet op bovengenoemde, het gebruik bij
                            de</al><al>actualisering willen toestaan/legaliseren. Dit geldt niet voor eventuele
                            beoogde bouwwerken, anders dan vergunningvrije werken. Deze zijn pas
                            mogelijk als we dit in toekomstige bestemmingsplannen opnemen. Dat is
                            niet iets dat generiek in een plan wordt bepaald maar dat op
                            perceelsniveau wordt bekeken bij de inventarisatie en het samenstellen
                            van de plankaart.</al><al/></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Afdeling</label><nr>3</nr></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.1</nr><titel>Toetsingsgronden uitgifte openbaar groen </titel></kop><al>Voor de uitgifte van openbaar groen is het belangrijk dat er een
                            duidelijk beleid is waarin voorwaarden worden opgesteld voor een
                            acceptabel straat- en natuurbeeld en er rekening wordt gehouden met
                            effectief beheer van het resterend openbaar groen. Het
                            groenstructuurplan is een basisvoorwaarde</al><al>om op een goede en efficiënte wijze het toetsen van verzoeken tot
                            uitgifte van groen mogelijk te maken. </al><al/><al>Nadat geconstateerd is dat het groen geen deel uitmaakt van de
                            hoofdgroenstructuur kan het openbaar groen in principe worden
                            uitgegeven, tenzij dit om een of meerdere redenen onwenselijk is. De
                            toetsingsgronden worden als volgt gerubriceerd (Ja-
                            tenzij-criteria):</al><al/></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>3.2</label><nr>Technische aspecten</nr><titel/></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.2.1</nr><titel>Nutsvoorzieningen </titel></kop><al>Om problemen met de toegankelijkheid en met schadeclaims in geval van
                            calamiteiten of onderhoudswerkzaamheden te voorkomen, zal binnen het
                            nieuwe beleid geen uitgifte meer plaatsvinden van openbaar groen waarin
                            zich kabels en leidingen bevinden.</al><al/></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>3.3</label><nr>Strategische overwegingen</nr><titel/></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.3.1</nr><titel>Toekomstige ontwikkelingen</titel></kop><al>Een belangrijk aspect vormen eventuele toekomstige ontwikkelingen.
                            Hierbij moet worden gedacht aan nieuwe bouwlocaties,
                            verkeersontsluitingen, reconstructies van wegen of reserveringen ten
                            behoeve van parkeren. In sommige gevallen zijn deze locaties tijdelijk
                            voorzien van groenvoorzieningen.</al><al>In al deze gevallen wordt niet tot verkoop van groen overgegaan.</al><al/></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>3.4</label><nr>Veiligheidsoverwegingen</nr><titel/></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.4.1</nr><titel>Verkeersveiligheid </titel></kop><al>Verkoop van openbaar groen is ongewenst als daardoor onoverzichtelijke
                            verkeerssituaties ontstaan. Gedacht moet worden aan een strook die is
                            ingeplant met laag groen, en na uitgifte wordt ingericht met hoog groen
                            of wordt voorzien van schuttingen, waardoor een onoverzichtelijke en dus
                            gevaarlijke verkeerssituatie ontstaat. Hetzelfde kan zich voordoen bij
                            stroken groen die direct grenzen aan de openbare weg. Verkoop van dat
                            groen kan voor weggebruikers leiden tot gevaarlijke
                            verkeerssituaties.</al><al>Daar waar door verkoop de verkeersveiligheid in het geding kan komen,
                            wordt niet tot verkoop overgegaan.</al><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.4.2</nr><titel>Sociale veiligheid</titel></kop><al>Voor de leefbaarheid van de woonomgeving is een veilig gevoel voor de
                            bewoners van groot belang. Dit gevoel kan overigens heel anders liggen
                            dan de daadwerkelijke veiligheid. Vooral in de donkere periodes van
                            avond en nacht kunnen onoverzichtelijke situaties leiden tot een
                            onveilig gevoel. Dit soort situaties kan ontstaan door:</al><al>- hoge particuliere erfafscheidingen direct langs voet- en
                            fietspaden;</al><al>- het aanbrengen van hoge dichte beplanting langs openbare
                            gebieden;</al><al>- donkere plekken die ontstaan door slechte of ontbrekende
                            verlichting;</al><al>- beperkt zicht vanuit de buurt in en op voet- en fietspaden;</al><al/><al>Dergelijke problemen kunnen voorkomen worden door hiermee al bij het
                            stedenbouwkundige ontwerp en de gedetailleerde inrichtingsplannen
                            rekening te houden. Daarnaast kan sturing plaatsvinden door de keuze van
                            het te voeren beheer te richten op het voorkómen van onoverzichtelijke
                            situaties. Bij het beoordelen van een verzoek voor de uitgifte van
                            openbaar groen wordt bekeken of sociaal onveilige situaties kunnen
                            ontstaan of kunnen worden opgeheven door verkoop. Als dergelijke
                            onveilige situaties</al><al>kunnen ontstaan, wordt niet overgegaan tot uitgifte van openbaar
                            groen.</al><al/></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>3.5</label><nr>Beheersoverwegingen</nr><titel/></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.5.1</nr><titel>Minimale maatvoering en beheerslasten</titel></kop><al>Als bij toetsing de beoordelingscriteria voor de groenstructuur positief
                            zijn, letten wij er ook op of er eventueel delen openbaar groen
                            overblijven. De maatvoering van het resterende openbaar groen is hierbij
                            van belang, waarbij uitgangspunt is dat de beplanting zijn natuurlijke
                            vorm kan ontwikkelen en het beheer met standaardmachines kan worden
                            uitgevoerd. De minimale maatvoering is als volgt:</al><al>Gras: 3 meter</al><al>Lage beplanting (lager dan 1.25 meter): 3 meter</al><al>Hoge beplanting (hoger dan 1.25 meter): 5 meter</al><al/><al>Het resterende groen moet voldoende omvang hebben. Afhankelijk van het
                            stedenbouwkundige ontwerp kan het wenselijk zijn om zowel een strook
                            gras als beplanting te handhaven. In dat geval dient de maatvoering te
                            worden aangepast, bijvoorbeeld 3 + 5 meter. Als de verkoop van
                            bijvoorbeeld een gedeelte van een beplantingsstrook leidt tot een
                            onacceptabel beeld van het restant van de strook dan</al><al>kan het noodzakelijk zijn om het resterende gedeelte openbaar groen te
                            renoveren. De kosten die hierbij gemaakt moeten worden zijn een gevolg
                            van de verkoop. In dat geval is het redelijk dat de aanvrager de kosten
                            op zich neemt.</al><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.6</nr><titel>Bereikbaarheid</titel></kop><al>Wij verkopen geen openbaar groen als daardoor ander openbaar groen
                            onbereikbaar wordt voor onderhoud. Onder onbereikbaarheid verstaan wij
                            ook de situatie waarin openbaar groen wel te voet, maar niet voor
                            materieel bereikbaar is, terwijl dat wel nodig is.</al><al/></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>3.7</label><nr>Functionele overwegingen</nr><titel/></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.7.1</nr><titel>Beeldkwaliteit</titel></kop><al>Ook groenvoorzieningen die geen deel uitmaken van de hoofdgroenstructuur
                            kunnen van belang zijn voor de kwaliteit, identiteit en belevingswaarde
                            van de woonomgeving. Zo kunnen kleinere groenvoorzieningen op zichzelf
                            geen wezenlijke waarde hebben, maar in samenhang met overige
                            nabijgelegen openbaar groen toch een functie hebben voor kwaliteit,
                            identiteit en beleving van de omgeving. Ook</al><al>kan in een omgeving met weinig groen die ene voorziening een
                            behoudenswaardige 'oase' vormen. Bij een verzoek of initiatief tot
                            verkoop van openbaar groen buiten de hoofdgroenstructuur blijft een
                            kwalitatieve beoordeling daarom noodzakelijk.</al><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.7.2</nr><titel>Versnippering</titel></kop><al>Alleen openbaar groen dat direct aan een perceel grenst, komt voor
                            verkoop in aanmerking Daarnaast bekijken wij ook of het van belang is
                            voor slechts één bewoner of meerdere bewoners. In individuele gevallen
                            gaat het meestal om een openbare voorziening aan de zijkant van de
                            woning. Aan de achterzijde gelegen groenvoorzieningen zijn voor alle
                            bewoners van belang. Ter voorkoming van ongewenste versnippering of
                            onoverzichtelijke onderhoudssituaties voor de gemeente, verkopen</al><al>wij geen openbaar groen als één of meerdere bewoners geen belangstelling
                            hebben. Een strook die dus grenst aan twee of meer woningen, verkopen
                            wij slechts aan de aanvrager als ook de andere bewoner(s) overgaan tot
                            aankoop.</al><al/></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Afdeling</label><nr>4</nr><titel/></kop></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>4.1</label><nr>Uitgifteprijzen openbaar groen</nr><titel/></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4.1.1</nr><titel>Huidige situatie </titel></kop><al>Tot aan vaststelling van het groenstructuurplan houden wij verzoeken tot
                            koop in beginsel aan. Slechts incidenteel werden in de gemeente
                            Bronckhorst groenstroken verkocht. Voor het vaststellen van de prijs
                            werd een taxateur ingeschakeld. De getaxeerde prijs varieert afhankelijk
                            van bestemming en gebruiksmogelijkheden tussen circa € 25,-- en € 60,-
                            per m2, waarbij alle overdrachtskosten (notaris, kadaster en
                            overdrachtsbelasting) voor rekening komen van de koper.</al><al>2, waarbij alle overdrachtskosten (notaris, kadaster en
                            overdrachtsbelasting) voor rekening komen van de koper.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4.1.2</nr><titel>Aanbevelingen voor toekomstige situatie</titel></kop><al>Wat betreft uitgifteprijzen voor openbaar groen in de toekomst merken
                            wij het volgende op. Het hanteren van één vaste uitgifteprijs voor
                            openbaar groen doet recht aan efficiency en klantgerichtheid. Met dien
                            verstande dat jaarlijkse indexering een automatisme moet zijn. Ook moet
                            jaarlijks worden onderzocht of de uitgifteprijs moet worden aangepast om
                            aan te blijven sluiten bij de marktprijzen. Op deze manier weet de
                            Bronckhorster burger waar hij of zij aan toe is en worden misverstanden
                            door het gebruik</al><al>van verschillende prijsniveaus voorkomen.</al><al/><al>Wij stellen voor openbaar groen dat niet wordt bebouwd in 2008 te
                            verkopen voor € 50,- per m2. Als sprake is van aankoop ten behoeve van
                            het oprichten van een gebouw (hier wordt niet bedoeld een schutting of
                            speeltoestel, maar een aanbouw aan de woning, garage, berging/schuur of
                            tuinhuis) hanteren wij de uitgifteprijs voor woningbouw.</al><al/><al>Als openbaar groen binnen een periode van 5 jaar na de aankoop alsnog
                            wordt bebouwd, zal de koper moeten bijbetalen. De prijs van groenstroken
                            is immers gebaseerd op gebruik als groen en tuin, niet op gebruik als
                            bouwgrond. Het is daarom redelijk een aanvulling op de koopsom te
                            bedingen die jaarlijks procentueel afloopt. Van het prijsverschil met
                            bouwgrond (de meest recente uitgifteprijs voor woningbouw) zal bij
                            bouwen in het eerste jaar 100% moeten worden betaald, in het tweede jaar
                            80%,</al><al>in het derde jaar 60%, in het vierde jaar 40% en in het vijfde jaar 20%.
                            Na vijf jaar wordt geen nabetaling meer gevorderd.</al><al/><al>Na vaststelling van het groenstructuurplan zal de werkwijze voor het
                            behandelen van verzoeken tot koop niet veranderen. De voorselectie aan
                            de hand van de kaarten bij het groenstructuurplan leidt er wel toe, dat
                            beduidend minder verzoeken inhoudelijk moeten worden beoordeeld. Een
                            belangrijk deel van het openbaar groen komt namelijk niet meer voor
                            verkoop in aanmerking.</al><al/></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Afdeling </label><nr>5</nr><titel>Samenvatting</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5.1</nr><titel>Beleidsregels</titel></kop><al>Als openbaar groen geen deel uitmaakt van de ecologische hoofdstructuur
                            en geen structureel karakter heeft, kan het openbaar groen worden
                            verkocht, tenzij:</al><lijst><li nr="-"><al>zich kabels en leidingen in het perceel bevinden;</al></li><li nr="-"><al>toekomstige ontwikkelingen worden voorzien;</al></li><li nr="-"><al>gevaarlijke verkeerssituaties ontstaan;</al></li><li nr="-"><al>de sociale veiligheid in het geding is;</al></li><li nr="-"><al>het overblijvende groen niet meer voldoet aan de minimale
                                    maatvoering voor</al></li><li nr="-"><al>doelmatig onderhoud;</al></li><li nr="-"><al>het overblijvende groen onbereikbaar wordt voor onderhoud;</al></li><li nr="-"><al>het groen niet direct aan een perceel grenst</al></li><li nr="-"><al>een strook die grenst aan twee of meer woningen, niet geheel kan
                                    worden verkocht;</al></li></lijst><al/><al>Bij het toekennen of afwijzen van een verzoek of initiatief kan ter
                            motivering van het besluit slechts worden volstaan met een verwijzing
                            naar de beleidsregel. Voor beleidsregels geldt altijd de zogeheten
                            'hardheidsclausule'. Het beslissingsbevoegde orgaan kan in voorkomende
                            gevallen te allen tijde gemotiveerd afwijken van de beleidsregel.</al><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5.2</nr><titel>Uitgifteprijzen</titel></kop><al>De uitgifteprijs voor openbaar groen wordt jaarlijks vastgesteld en
                            bedraagt in 2008 € 50,- per m2, kosten koper (de kosten van notaris,
                            kadaster en overdrachtsbelasting worden door de koper betaald).</al><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5.3</nr><titel>Klantgerichtheid</titel></kop><al>In het kader van klantgerichtheid streven wij naar digitaal verkrijgbare
                            aanvraagformulieren en concept</al><al>koopovereenkomsten. Ook de groenstructuurkaart wordt voor de burger
                            digitaal toegankelijk.</al><al/></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst></regeling></body></cvdr>