<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR301659_2</dcterms:identifier><dcterms:title>Mandaatbesluit Súdwest Fryslân</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Súdwest-Fryslân</dcterms:creator><dcterms:modified>2017-10-10</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Súdwest-Fryslân</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Ta jo tjinst</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Mandaatbesluit Súdwest Fryslân</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="http://wetten.overheid.nl/BWBR0005416/volledig/geldigheidsdatum_29-07-2013#Opschrift">Gemeentewet</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="http://wetten.overheid.nl/BWBR0005537/volledig/geldigheidsdatum_29-07-2013#Hoofdstuk10">Afdeling 10.1.1 van de Algemene wet bestuursrecht</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">college van burgemeester en wethouders</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2012-03-13</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2012-04-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2013-02-25</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regelgeving</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>geen.</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen.</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>geen.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Mandaatbesluit Súdwest Fryslân</intitule><regeling><aanhef><preambule><al><vet>MANDAATBESLUIT SÚDWEST FRYSLÂN</vet></al><al/><al>	Burgemeester en wethouders en de burgemeester van de gemeente Súdwest Fryslân, ieder voor</al><al>	zover het hun bevoegdheden betreft;</al><al>	gelet op de Gemeentewet en afdeling 10.1.1 van de Algemene wet bestuursrecht</al><al/><al>	b e s l u i t e n :</al><al/><al>	vast te stellen het navolgende Mandaatbesluit Súdwest Fryslân</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Definities</titel></kop><al>
	In dit besluit wordt verstaan onder:</al><al>
	a. de gemeentesecretaris/algemeen directeur: de ambtenaar als bedoeld in artikel 100 van</al><al>
	de Gemeentewet, tevens algemeen directeur van de gemeente.</al><al>
	b. afdelingsmanagers: de managers van de afdelingen bedrijfsvoering, concernstaf, dorpen</al><al>
	en steden, ontwikkeling, publiek, backoffice en realisatie, alsmede de</al><al>
	brandweercommandant.</al><al>
	c. mandaat: de bevoegdheid om namens het college of de burgemeester besluiten te</al><al>
	nemen, als bedoeld in afdeling 10.1.1 van de Algemene wet bestuursrecht.</al><al>
	d. volmacht: de bevoegdheid om namens het bevoegde bestuursorgaan privaatrechtelijke</al><al>
	rechtshandelingen te verrichten, als bedoeld in artikel 160 Gemeentewet.</al><al>
	e. machtiging: de bevoegdheid om namens het bevoegde bestuursorgaan handelingen te</al><al>
	verrichten die noch een besluit, noch een privaatrechtelijke rechtshandeling zijn.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Mandaat gemeentesecretaris</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>
	Aan de gemeentesecretaris wordt mandaat verleend ten aanzien van de tot het college</al><al>
	en de burgemeester behorende aangelegenheden.</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>
	De gemeentesecretaris is bevoegd om mandaten die bij dit besluit aan onder hem</al><al>
	ressorterende functionarissen zijn verleend, geheel of gedeeltelijk en al dan niet tijdelijk,</al><al>
	in te trekken. Een dergelijk besluit wordt schriftelijk vastgelegd en bekendgemaakt, tenzij</al><al>
	het om een concrete, individuele en eenmalige aangelegenheid gaat.</al></lid><lid><lidnr>3</lidnr><al>
	De in bijlage 1 genoemde bevoegdheden blijven voorbehouden aan het college of</al><al>
	burgemeester.</al></lid><lid><lidnr>4</lidnr><al>
	Het college respectievelijk de burgemeester kan instructies geven over de wijze waarop</al><al>
	de gemandateerde bevoegdheden worden uitgeoefend.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Mandaat afdelingsmanagers</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>
	De aan de gemeentesecretaris gemandateerde bevoegdheden worden gemandateerd</al><al>
	aan de afdelingsmanagers</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>
	De afdelingsmanagers maken van het aan hen verleende mandaat slechts gebruik ten</al><al>
	aanzien van aangelegenheden die behoren tot het werkterrein van de desbetreffende</al><al>
	afdeling.</al></lid><lid><lidnr>3</lidnr><al>
	Aan de gemeentesecretaris blijven voorbehouden de bevoegdheden die bij of krachtens</al><al>
	de wet aan zijn functie zijn toegekend.</al></lid><lid><lidnr>4</lidnr><al>
	In afwijking van het gestelde in het eerste lid worden de in bijlage 2 opgenomen</al><al>
	bevoegdheden slechts aan de daarbij genoemde functionarissen gemandateerd.</al></lid><lid><lidnr>5</lidnr><al>
	De in bijlage 3 genoemde bevoegdheden blijven voorbehouden aan de</al><al>
	gemeentesecretaris.</al></lid><lid><lidnr>6</lidnr><al>
	De afdelingsmanagers zijn bevoegd om mandaten die bij dit besluit aan onder hen</al><al>
	ressorterende functionarissen zijn verleend, geheel of gedeeltelijk en al dan niet tijdelijk,</al><al>
	in te trekken. Een dergelijk besluit wordt schriftelijk vastgelegd en bekendgemaakt, tenzij</al><al>
	het om een concrete, individuele en eenmalige aangelegenheid gaat.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Mandaat teammanagers</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>
	De aan de afdelingsmanagers, met uitzondering van de brandweercommandant,</al><al>
	gemandateerde bevoegdheden worden gemandateerd aan de teammanagers.</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>
	De in het eerste lid genoemde functionarissen maken van het aan hen verleende</al><al>
	mandaat slechts gebruik ten aanzien van aangelegenheden die behoren tot het</al><al>
	werkterrein van hun team.</al></lid><lid><lidnr>3</lidnr><al>
	De in bijlage 4 genoemde bevoegdheden blijven voorbehouden aan de</al><al>
	afdelingsmanager.</al></lid><lid><lidnr>4</lidnr><al>
	De in bijlage 5 genoemde bevoegdheden blijven voorbehouden aan de teammanager.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Ondermandaat</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>
	De teammanagers alsmede de brandweercommandant en de manager van de</al><al>
	concernstaf zijn bevoegd de onder hen ressorterende medewerkers ondermandaat te</al><al>
	verlenen, nadat dit is voorgelegd aan het managementteam. Op ondermandaat zijn de</al><al>
	bepalingen van dit besluit van overeenkomstige toepassing.</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>
	De in artikel 3, lid 4 bedoelde functionarissen zijn bevoegd de onder hen ressorterende</al><al>
	medewerkers ondermandaat te verlenen voor wat betreft de in bijlage 2 onder</al><al>
	Publiekrecht punt 1 en Overige privaatrechterlijke handelingen punt 1 genoemde</al><al>
	bevoegdheden.</al></lid><lid><lidnr>3</lidnr><al>
	Het verlenen van ondermandaat geschiedt schriftelijk en wordt in bijlage 7 aan dit</al><al>
	mandaatbesluit gevoegd.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Algemene uitzonderingen van mandaat</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>
	Geen mandaat wordt verleend indien artikel 10:3 Awb van toepassing is.</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>
	Het vermelde in dit mandaatbesluit laat hetgeen in de Budgethoudersregeling staat</al><al>
	onverlet.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Terugkoppeling</titel></kop><al>
	De mandaathouder draagt er zorg voor dat er terugkoppeling aan het bestuursorgaan /</al><al>
	portefeuillehouder plaatsvindt voordat een besluit wordt genomen, indien:</al><al>
	a. het een aangelegenheid betreft waarover door de raad in een eerder stadium</al><al>
	vragen aan het college of de burgemeester zijn gesteld;</al><al>
	b. het bestuursorgaan, dan wel de portefeuillehouder dit heeft kenbaar gemaakt;</al><al>
	c. het besluit ingrijpende financiële consequenties heeft, zoals budgetoverschrijding</al><al>
	of het aangaan van meerjarige verplichtingen;</al><al>
	d. bij een besluit meerdere afdelingen zijn betrokken, wier standpunt niet</al><al>
	gelijkluidend is;</al><al>
	e. het besluit of (rechts)handeling als politiek, bestuurlijk of anderszins gevoelig</al><al>
	wordt aangemerkt;</al><al>
	f. de aangelegenheid tot kritische berichtgeving in de media heeft geleid dan wel in</al><al>
	verband met de aard van de aangelegenheid redelijkerwijs moet worden</al><al>
	aangenomen dat dit zal gebeuren.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Ondertekening</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>
	De bevoegdheid om in mandaat beslissingen te nemen impliceert de bevoegdheid tot</al><al>
	ondertekening namens het bestuursorgaan, tenzij dit anders is geregeld.</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>
	Het college van burgemeester en wethouders van Súdwest Fryslân</al><al>
	Namens deze,</al><al>
	gevolgd door functieaanduiding, ondertekening en naam</al><al>
	c.q.</al><al>
	De burgemeester van Súdwest Fryslân</al><al>
	Namens deze,</al><al>
	gevolgd door functieaanduiding, ondertekening en naam</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Vervanging mandaathouder</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>
	Bij afwezigheid van een afdelingsmanager kan een manager van een andere afdeling</al><al>
	deze vervangen.</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>
	Bij afwezigheid van de brandweercommandant kan deze worden vervangen door de</al><al>
	plaatsvervangend brandweercommandant.</al></lid><lid><lidnr>3</lidnr><al>
	Bij afwezigheid van een teammanager kan een manager van een ander team deze</al><al>
	horizontaal vervangen.</al></lid><lid><lidnr>4</lidnr><al>
	In de overige gevallen wordt de mandaathouder vervangen door de direct</al><al>
	leidinggevende.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Volmacht en machtiging</titel></kop><al>
	Voor de toepassing van deze regeling en de daarop berustende bepalingen worden met mandaat</al><al>
	gelijkgesteld de verlening van volmacht en machtiging.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Mandaat aan externen</titel></kop><al>
	Het verlenen van mandaat als bedoeld in artikel 10:4 Awb blijft voorbehouden aan het bevoegd</al><al>
	bestuursorgaan. Deze verleende mandaten zijn opgenomen in bijlage 6 bij dit mandaatbesluit.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Wijzigingen</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>
	Wijzigingen in het (onder)mandaatbesluit dienen in overleg met de afdeling Juridische en</al><al>
	Veiligheidszaken plaats te vinden.</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>
	De afdeling Juridische en Veiligheidszaken draagt zorg voor een actuele geconsolideerde</al><al>
	versie van het (onder)mandaatbesluit.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>
	Dit besluit treedt in werking op 1 april 2012.</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>
	Het ‘Mandaatbesluit Súdwest Fryslân 2011’ wordt ingetrokken.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Overgangsbepaling</titel></kop><al>
	De vastgestelde ondermandaatbesluiten op grond van het ‘Mandaatbesluit Súdwest Fryslân</al><al>
	2011” worden geacht te zijn genomen op grond van het “Mandaatbesluit Súdwest Fryslân”.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>
	Dit besluit wordt aangehaald als "Mandaatbesluit Súdwest Fryslân".</al></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>
	Aldus vastgesteld in de vergadering van 13 maart 2012</ondertekening><ondertekening>
	Het College van Burgemeester en Wethouders</ondertekening><ondertekening>
	de secretaris J. Krul</ondertekening><ondertekening>
	de burgemeester drs. H.H. Apotheker</ondertekening><ondertekening>
	 </ondertekening><ondertekening>
	Aldus vastgesteld op 13 maart 2012</ondertekening><ondertekening>
	De Burgemeester drs. H.H. Apotheker</ondertekening></regeling-sluiting><bijlage><kop><label/><nr>1</nr><titel/></kop><al>
	Aangelegenheden welke ingevolge artikel 2, derde lid van het Mandaatbesluit blijven</al><al>
	voorbehouden aan het college respectievelijk de burgemeester</al><al>
	Behorende bij besluit d.d. 13 maart 2012</al><al>
	A. Bestuurlijk-Juridische aangelegenheden</al><al>
	Publiekrecht</al><al>
	1. Het doen van voorstellen aan de raad.</al><al>
	2. Het vaststellen van het organisatiebesluit.</al><al>
	3. Het vaststellen van regels omtrent de ambtelijke organisatie</al><al>
	4. Het nemen van besluiten op bezwaarschriften waarbij het advies van de</al><al>
	bezwaarschriftencommissie niet opgevolgd wordt en geadviseerd wordt contrair te</al><al>
	besluiten, tevens het nemen van besluiten op bezwaarschriften inzake personele</al><al>
	aangelegenheden en inzake besluiten op bezwaarschriften waarbij het primaire besluit</al><al>
	door het college respectievelijk de burgemeester is genomen (niet in mandaat)</al><al>
	5. Het nemen van besluiten op schriftelijk ingediende klachten die in behandeling zijn</al><al>
	genomen.</al><al>
	6. Het vaststellen van algemeen verbindende voorschriften en beleidsregels, voor zover</al><al>
	deze niet door de raad worden vastgesteld.</al><al>
	7. Het nemen van besluiten om bezwaar of (administratief) beroep aan te tekenen of een</al><al>
	verzoek om (wijziging of opheffing van) een verzoek om voorlopige voorziening in te</al><al>
	dienen namens de gemeente of het gemeentebestuur in administratiefrechtelijke</al><al>
	procedures.</al><al>
	8. Het nemen van besluiten waarbij wordt afgeweken van het beleid, wettelijke voorschriften</al><al>
	en besluiten waarbij gebruik wordt gemaakt van een hardheidsclausule (m.u.v. bijlage 3</al><al>
	Personeelsaangelegenheden onder punt 16 en 19).</al><al>
	9. Het nemen van besluiten over het verstrekken van subsidie waarbij wordt afgeweken van</al><al>
	vastgesteld beleid voor een bedrag hoger dan € 500,00</al><al>
	10. Het nemen van besluiten op verzoeken om informatie op grond van de Wet openbaarheid</al><al>
	van bestuur, die betrekking hebben op een ramp als bedoeld in de Wet veiligheidsregio’s.</al><al>
	11. Het nemen van besluiten over verzoeken om planschade of nadeelcompensatie voor een</al><al>
	bedrag hoger dan € 25.000,00 en/of wanneer in afwijking van het advies van de wettelijke</al><al>
	adviseur wordt geadviseerd.</al><al>
	12. Het nemen van besluiten, indien ter voorbereiding van deze besluiten een uniforme</al><al>
	openbare voorbereidingsprocedure (afdeling 3.4 Awb) is gevoerd en zienswijzen zijn</al><al>
	ingebracht.</al><al>
	13. Het nemen van besluiten ten aanzien van het ontzeggen van de toegang tot gebouwen</al><al>
	die in eigendom of gebruik zijn bij de gemeente, voor zover de ontzegging geldt voor een</al><al>
	langere periode dan 24 uur en met uitzondering van schoolgebouwen.</al><al>
	14. Het nemen van beslissingen die zijn neergelegd in een document, gericht tot:</al><al>
	a. de raad;</al><al>
	b. de Koningin en andere leden van het Koninklijk Huis;</al><al>
	c. de raad van ministers van het Koninkrijk, de ministerraad of een daaruit gevormde</al><al>
	onderraad of commissie, ministers en staatssecretarissen;</al><al>
	d. de voorzitter van de Eerste of Tweede Kamer der Staten-Generaal of van een uit die</al><al>
	Kamer gevormde commissie;</al><al>
	e. de vice-president van de Raad van State;</al><al>
	f. de president van de Algemene Rekenkamer;</al><al>
	g. de Nationale Ombudsman, voor zover het correspondentie betreft terzake van formele</al><al>
	klachten;</al><al>
	h. enig bestuursorgaan van een waterschap, provincie of Rijk.</al><al>
	15. Het besluit tot oninbaar verklaren van vorderingen, met uitzondering van het oninbaar</al><al>
	verklaren van belastingen, met dien verstande dat de portefeuillehouder Financiën het</al><al>
	besluit tot oninbaar verklaren van vorderingen tot maximaal € 2.500,- kan nemen.</al><al>
	16. Het besluit tot oninbaar verklaren van openstaande belastingaanslagen met dien</al><al>
	verstande dat aan de portefeuillehouder Financiën het besluit tot oninbaar verklaren van</al><al>
	openstaande belastingaanslagen tot een maximum van € 5.000- per aanslag kan nemen.</al><al>
	17. Aan de burgemeester blijft voorbehouden het nemen van een besluit op grond van de</al><al>
	Wet tijdelijk huisverbod.</al><al>
	18. Aan de burgemeester blijft voorbehouden het besluit inhoudende een last tot inbewaring</al><al>
	stelling (psychiatrisch ziekenhuis) in het kader van de Wet bijzondere opneming in</al><al>
	psychiatrische ziekenhuizen.</al><al>
	Privaatrecht</al><al>
	Aanbestedingen</al><al>
	1. Het nemen van besluiten om af te wijken van het vastgestelde aanbestedingsbeleid.</al><al>
	2. Het nemen van gunningsbesluiten en het afsluiten van de daaruit voortvloeiende</al><al>
	overeenkomsten voorzover het aanbestedingen betreft die onder de Europese richtlijn</al><al>
	vallen.</al><al>
	Contracten</al><al>
	1. Het besluit tot het aangaan van PPS-constructies, convenanten, intentieverklaringen, en</al><al>
	bestuursovereenkomsten.</al><al>
	2. Het besluit tot het aangaan van overeenkomsten met een financiële waarde buiten de</al><al>
	toegekende budgetten en vastgestelde kaders.</al><al>
	3. Het besluit tot het aangaan van overeenkomsten indien:</al><al>
	a. op grond van de Gemeentewet het college de raad vooraf over de overeenkomst moet</al><al>
	informeren, omdat de raad daarom heeft verzocht;</al><al>
	b. op grond van de Gemeentewet de raad in de gelegenheid moet worden gesteld zijn</al><al>
	wensen en bedenkingen ten aanzien van de overeenkomst ter kennis van het college te</al><al>
	brengen omdat deze ingrijpende gevolgen voor de gemeente kan hebben;</al><al>
	c. de raad ter zake om informatie heeft gevraagd.</al><al>
	4. Het afgeven van garanties.</al><al>
	5. Het vaststellen van tarieven voor commerciële dienstverlening aan derden.</al><al>
	Civiele procedures</al><al>
	1. Het besluit tot het aangaan van een civiele procedure.</al><al>
	2. Het besluit hoger beroep of cassatie aan te tekenen namens de gemeente of het</al><al>
	gemeentebestuur in civiele procedures.</al><al>
	3. Het nemen van besluiten t.a.v. alternatieve geschillenbeslechting, niet zijnde arbitrage of</al><al>
	het voorleggen van geschillen aan scheidslieden voor zover afspraken daarover vooraf</al><al>
	schriftelijk zijn vastgelegd.</al><al>
	Overige privaatrechtelijke rechtshandelingen</al><al>
	1. Het besluit tot de oprichting van of de deelneming in rechtspersonen.</al><al>
	2. Het besluit tot aanvaarding of afwijzing van erfstellingen/legaten/schenkingen.</al><al>
	3. Het aanvaarden van een aanbod tot sponsoring.</al><al>
	4. Het aanvragen van surseance van betaling en faillissement.</al><al>
	5. Het nemen van besluiten over verzoeken om schadevergoeding boven een bedrag ad</al><al>
	€ 50.000,- voor zover dergelijke verzoeken op grond van de verzekeringspolis niet aan de</al><al>
	verzekeraar moeten worden overgedragen.</al><al>
	Machtiging</al><al>
	Het ondertekenen van overeenkomsten met een ander bestuursorgaan, waarbij de wederpartij</al><al>
	wordt vertegenwoordigd door een bestuurder, met dien verstande dat in dat geval de</al><al>
	burgemeester een machtiging kan verlenen aan een wethouder.</al></bijlage><bijlage><kop><label>Nieuwe Bijlage</label><nr>2</nr><titel/></kop></bijlage><bijlage><kop><label>Nieuwe Bijlage</label><nr>3</nr><titel/></kop></bijlage><bijlage><kop><label>Nieuwe Bijlage</label><nr>4</nr><titel/></kop></bijlage><bijlage><kop><label>Nieuwe Bijlage</label><nr>5</nr><titel/></kop></bijlage><bijlage><kop><label>Nieuwe Bijlage</label><nr>6</nr><titel/></kop></bijlage></regeling></body></cvdr>