<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR301413_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening rekenkamercommissie gemeente Dalfsen</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Dalfsen</dcterms:creator><dcterms:modified>2013-07-25</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Dalfsen</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">KernPUNTEN, 28-08-2013</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening rekenkamercommissie Dalfsen</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:v:BWBR0005416&amp;artikel=84">Gemeentewet, artikel 84</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2013-07-02</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2013-08-29</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2024-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>27-06-2013, nummer 90</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening rekenkamercommissie gemeente Dalfsen</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De raad van de gemeente Dalfsen;</al><al>gelezen het voorstel van het presidium van de gemeente Dalfsen;</al><al>gelet op artikel 84 e.v. van de Gemeentewet;</al><al>b e s l u i t:</al><al>I. vast te stellen de<vet>“Verordening rekenkamercommissie gemeente
                            Dalfsen";</vet></al><al>II. in te trekken de verordening rekenkamer gemeente Dalfsen, zoals
                        vastgesteld op 9 januari 2006.</al><al/><al><vet>Verordening Rekenkamercommissie gemeente Dalfsen</vet></al></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsbepalingen</titel></kop><al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>commissie: de gemeentelijke rekenkamercommissie;</al></li><li nr="b."><al>doeltreffendheid of effectiviteit: de mate waarin de organisatie
                                erin slaagt met de geleverde prestaties de gestelde doelen of
                                beoogde maatschappelijke effecten te bereiken;</al></li><li nr="c."><al>doelmatigheid of efficiency: het streven om met een zo gunstig
                                mogelijke inzet van de beschikbare productiemiddelen het gewenste
                                resultaat te bereiken;</al></li><li nr="d."><al>rechtmatigheid: de mate waarin wordt voldaan aan de gemeentelijke
                                begroting en wettelijke regels.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Taak</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Er is een rekenkamercommissie.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De taak van de commissie is het (laten) onderzoeken van de
                            doeltreffendheid, doelmatigheid en de rechtmatigheid van het door het
                            gemeentebestuur gevoerde bestuur.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Samenstelling en benoeming</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De commissie bestaat uit één extern lid en 3 raadsleden.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Benoeming en ontslag van de leden vindt plaats door de raad.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Benoeming vindt plaats voor de resterende zittingsduur van de raad. Bij
                            tussentijdse beëindiging van het raadslidmaatschap van het raadslid
                            vervalt ook het lidmaatschap van de rekenkamercommissie.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het externe lid is tevens voorzitter.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Het externe lid wordt eveneens voor de resterende zittingsduur van de
                            raad benoemd.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Het externe lid kan voor ten hoogste één termijn worden herbenoemd.</al></lid><lid><lidnr>7.</lidnr><al>Het externe lid legt voor ambtsaanvaarding de eed of de verklaring en
                            belofte af als bedoeld in artikel 81g van de Gemeentewet.</al></lid><lid><lidnr>8.</lidnr><al>Een commissielid wordt ontslagen:</al><lijst><li nr="a."><al>op eigen verzoek;</al></li><li nr="b."><al>bij aanvaarding van een functie die onverenigbaar is met het
                                    lidmaatschap van de commissie;</al></li><li nr="c."><al>bij langdurige ziekte of in gebreke blijven;</al></li><li nr="d."><al>indien hij bij onherroepelijk geworden rechterlijke uitspraak
                                    wegens misdrijf is veroordeeld, dan wel bij zo'n uitspraak een
                                    maatregel is opgelegd die vrijheidsbeneming tot gevolg
                                    heeft;</al></li><li nr="e."><al>indien hij bij onherroepelijk geworden rechterlijke uitspraak
                                    onder curatele is gesteld, in staat van faillissement is
                                    verklaard, surseance van betaling heeft verkregen of wegens
                                    schulden is gegijzeld;</al></li><li nr="f."><al>indien hij naar het oordeel van de raad ernstig nadeel toebrengt
                                    aan het in hem gestelde vertrouwen.</al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Voorzitter en secretaris</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De voorzitter draagt zorg voor:</al><lijst><li nr="a."><al>het tot stand komen van de conceptonderzoeksopdracht;</al></li><li nr="b."><al>het tot stand komen van een onderzoeksrapport met conclusies en
                                    aanbevelingen;</al></li><li nr="c."><al>het bevorderen van een zorgvuldige besluitvorming binnen de
                                    commissie;</al></li><li nr="d."><al>de leiding van de vergaderingen aan de commissie;</al></li><li nr="e."><al>in voorkomende gevallen, optreden namens de commissie.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De commissie kan worden bijgestaan door een ambtelijk secretaris.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De ambtelijk secretaris wordt in overleg met de commissie en de griffier
                            door het presidium aangewezen. Op verzoek van de voorzitter kunnen
                            ambtenaren van de griffie of uit de ambtelijke organisatie worden
                            aangewezen als ambtelijk secretaris dan wel als - tijdelijke -
                            ondersteuning van de ambtelijk secretaris. </al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De ambtelijk secretaris draagt zorg voor:</al><lijst><li nr="a."><al>de administratieve ondersteuning van de commissie;</al></li><li nr="b."><al>de organisatie van de vergaderingen in overleg met de
                                    voorzitter.</al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Vergoeding voor werkzaamheden</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het externe lid ontvangt in overleg met het presidium een vergoeding
                            voor zijn werkzaamheden.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Selectie onderzoeksonderwerp</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De commissie bepaalt het onderwerp dat zij onderzoekt, formuleert de
                            probleemstelling en de stelt de onderzoeksopzet vast.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De in het vorige lid bedoelde onderzoeksopzet wordt ter kennisneming aan
                            de raad gestuurd.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Bij de keuze van het onderzoeksonderwerp worden de volgende
                            richtinggevende criteria zo veel mogelijk in acht genomen:</al><lijst><li nr="a."><al>het onderwerp moet op effectiviteit van beleid en/of efficiency
                                    van de uitvoering en/of de rechtmatigheid daarvan kunnen worden
                                    getoetst;</al></li></lijst><lijst><li nr="b."><al>het onderwerp moet bestuurlijk relevant zijn, waarbij het
                                    maatschappelijk effect zwaar weegt;</al></li><li nr="c."><al>het gemeentebestuur moet van de uitkomsten kunnen leren;</al></li><li nr="d."><al>de betrokkenheid van het gemeentebestuur bij het onderwerp dient
                                    substantieel en aanwijsbaar te zijn;</al></li><li nr="e."><al>het onderwerp dient betrekking te hebben op een (deels) afgerond
                                    beleidsterrein, waarbij de relatie met de doelen en gewenste
                                    resultaten uit de toekomstvisie en het meerjarenprogramma gelegd
                                    kan worden.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De raad heeft de bevoegdheid om onderwerpen aan te dragen via een
                            shortlist.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Werkwijze en afstemming</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De commissie is belast met en verantwoordelijk voor de organisatie en
                            uitvoering van het onderzoek.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien de commissie verzoekt om mondelinge en/of schriftelijke
                            inlichtingen van leden van het college, van raadsleden of medewerkers
                            van de gemeente, zijn deze verplicht daaraan - binnen de eventueel door
                            de commissie gestelde termijn - gehoor te geven.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De commissie is bevoegd, indien en voor zover de gemeente uit andere
                            hoofde over deze bevoegdheid beschikt, ten aanzien van de volgende
                            instellingen en over de volgende periode onderzoek te doen instellen
                            bij:</al><lijst><li nr="a."><al>openbare lichamen en gemeenschappelijke organen ingesteld
                                    krachtens de Wet gemeenschappelijke regelingen, waaraan de
                                    gemeente deelneemt, over de jaren dat de gemeente deelneemt in
                                    de regeling;</al></li><li nr="b."><al>naamloze vennootschappen en besloten vennootschappen met
                                    beperkte aansprakelijkheid waarvan de gemeente meer dan 50% van
                                    het geplaatste aandelenkapitaal houdt, over de jaren dat de
                                    gemeente meer dan 50% van het geplaatste aandelenkapitaal
                                    houdt;</al></li><li nr="c."><al>andere privaatrechtelijke rechtspersonen waaraan de gemeente of
                                    een derde voor rekening en risico van de gemeente rechtstreeks
                                    of middellijk een subsidie, lening of garantie heeft verstrekt
                                    ten bedrage van tenminste 50% van de baten van deze instelling,
                                    over de jaren waarop deze subsidie, lening of garantie
                                    betrekking heeft.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De commissie is bevoegd mondeling of schriftelijk informatie in te
                            winnen bij de onder a, b, en c genoemde organisaties. Bij het uitoefenen
                            van haar taak kan de commissie gebruik maken van de resultaten van door
                            anderen verrichte controles, onverminderd haar bevoegdheid tot eigen
                            onderzoek.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>De commissie past tijdens haar onderzoek onverminderd het principe van
                            hoor en wederhoor toe.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>De commissie kan voor haar functioneren een reglement van orde vast
                            stellen, dat zij ter kennisneming aan de raad stuurt.</al></lid><lid><lidnr>7.</lidnr><al>De commissie kan de raad tussentijds informeren over de voortgang van
                            het onderzoek.</al></lid><lid><lidnr>8.</lidnr><al>De commissie publiceert over de voorbereiding, uitvoering en
                            rapportering van onderzoeken op de momenten dat zij dat wenselijk
                            acht.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Vergaderingen en geheimhouding</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De vergaderingen van de commissie worden in beslotenheid gehouden.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De commissie kan openbare informatieve vergaderingen beleggen nadat raad
                            en college geïnformeerd zijn.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De commissie kan geheimhouding opleggen over het in de vergadering
                            behandelde en over de inhoud van stukken die aan de commissie zijn
                            overgelegd.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De geheimhouding wordt door hen die bij de behandeling aanwezig waren en
                            allen die van het behandelde of de stukken kennis dragen in acht genomen
                            totdat de commissie haar opheft. Betreft het stukken waarover door
                            andere organen geheimhouding is opgelegd, of het verslag van de
                            behandeling van dergelijke stukken, dan blijft geheimhouding gehandhaafd
                            tot het betreffende orgaan of de raad deze opheft.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Resultaten onderzoek</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het onderzoek van de commissie resulteert in een openbaar
                            onderzoeksrapport, waarin bevindingen, conclusies en aanbevelingen zijn
                            opgenomen. Eventuele minderheidsstandpunten worden weergegeven.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college van burgemeester en wethouders geeft binnen acht weken na
                            het gereedkomen van het onderzoeksrapport een reactie op de conclusies
                            en aanbevelingen van het onderzoeksrapport.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het onderzoeksrapport wordt samen met de reactie van het college van
                            burgemeester en wethouders aan de raad aangeboden.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De raad neemt besluiten naar aanleiding van de conclusies en
                            aanbevelingen van het onderzoeksrapport met inachtneming van de reactie
                            van het college van burgemeester en wethouders.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Budget</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De commissie is bevoegd binnen een aan haar bij de begroting beschikbaar
                            gesteld budget uitgaven te doen voor de uitvoering van haar taken. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Uit het budget worden in ieder geval betaald:</al><lijst><li nr="a."><al>de vergoeding aan het externe lid;</al></li><li nr="b."><al>de ambtelijk secretaris;</al></li><li nr="c."><al>externe deskundigen die door de commissie worden
                                    ingeschakeld;</al></li><li nr="d."><al>overige uitgaven die de commissie nodig acht voor de uitoefening
                                    van haar taak.</al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Citeertitel en inwerkingtreding</titel></kop><al>Deze verordening kan worden aangehaald als Verordening rekenkamercommissie
                        Dalfsen en treedt 1 dag na bekendmaking in werking.</al></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus besloten door de raad van de gemeente Dalfsen in zijn openbare
                        vergadering van 2 juli 2013.</ondertekening><ondertekening>De raad voornoemd,</ondertekening><ondertekening>De voorzitter, de griffier.</ondertekening><ondertekening>A.J. Schuurman H.J. van der Woude</ondertekening></regeling-sluiting><nota-toelichting><kop><titel>Toelichting op de Verordening rekenkamercommissie Dalfsen</titel></kop><tussenkop>Artikel 1</tussenkop><al>Dit artikel behoeft geen toelichting.</al><tussenkop>Artikel 2</tussenkop><al>De gemeenteraad heeft gekozen voor een rekenkamerfunctie als bedoeld in artikel
                    81a Gemeentewet.</al><tussenkop>Artikel 3</tussenkop><al>De gemeenteraad kiest voor een compacte commissie die bestaat uit een externe
                    voorzitter en 3 raadsleden. Er is voor een gemengde commissie gekozen omdat de
                    raad graag betrokken wil zijn bij de keuze van het onderzoeksonderwerp en de
                    probleemstelling waar het onderzoek zich op moet richten. Ook staat voor de raad
                    het leren centraal en vinden onderzoeken niet plaats om 'af te rekenen'.</al><al>De voorzitter en leden wordenbenoemd voor de resterende periode van de
                    gemeenteraad. Beëindigt een raadslid zijn functie als lid van de raad
                    tussentijds, dan eindigt ook het lidmaatschap van de rekenkamercommissie.</al><tussenkop>Artikel 4</tussenkop><al>De voorzitter vervult een belangrijke rol in het functioneren van de commissie
                    en in de invulling van de adviesrol die de commissie richting de raad kan
                    hebben. Hij wordt geacht invulling te geven aan constructieve communicatie
                    tussen de raad en de rekenkamercommissie. </al><tussenkop>Artikel 5</tussenkop><al>De vergoeding voor de werkzaamheden van de voorzitter wordt in overleg met het
                    presidium vastgesteld.</al><tussenkop>Artikel 6</tussenkop><al>De gemeenteraad heeft een duidelijke behoefte om betrokken te zijn bij de keuze
                    van het onderzoeksonderwerp en de probleemstelling waarop het onderzoek zich
                    moet richten.</al><tussenkop>Artikel 7, 8, 9, 10 en 11</tussenkop><al>Deze artikelen behoeven geen toelichting.</al></nota-toelichting><bijlage><kop><label>Inhoudsopgave</label></kop><al>VERORDENING REKENKAMERCOMMISSIE gemeente Dalfsen </al><al>Artikel 1 Begripsbepalingen </al><al>Artikel 2 Taak </al><al>Artikel 3 Samenstelling en benoeming </al><al>Artikel 4 Voorzitter en secretaris </al><al>Artikel 5 Vergoeding voor werkzaamheden </al><al>Artikel 6 Selectie onderzoeksonderwerp </al><al>Artikel 7 Werkwijze en afstemming </al><al>Artikel 8 Vergaderingen en geheimhouding </al><al>Artikel 9 Resultaten onderzoek </al><al>Artikel 10 Budget </al><al>Artikel 11 Citeertitel en inwerkingtreding </al></bijlage></regeling></body></cvdr>