<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd">
  <meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR301220_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Beleidsregels inzake coffeeshops en handhaving in de gemeente Enkhuizen</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Enkhuizen</dcterms:creator><dcterms:modified>2016-10-04</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Enkhuizen</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">De Drom, 08-05-2013</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Drugsbeleid</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">De Richtlijnen voor het opsporings- en strafbare feiten van de Opiumwet</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet, artikel 174</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Opiumwet, artikel 13b</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Algemene wet bestuursrecht, artikel 4:81</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Algemene Plaatselijke Verordening Enkhuizen, hoofdstuk 2, afdeling 8</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">burgemeester</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>openbare orde en veiligheid</dcterms:subject><dcterms:issued>2013-04-26</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2012-05-08</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Onbekend</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Onbekend</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>drugs, coffeeshop, maximumbeleid, verdovende middelen,</overheidrg:onderwerp><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta>
  
  <body><intitule>
      Beleidsregels inzake coffeeshops en handhaving in de gemeente Enkhuizen
    </intitule>
    
    <regeling>
      <aanhef>
        <preambule>
          <al>Binnen de gemeentegrenzen is sprake van drugshandel. Dit gebeurt gedoogd
                        vanuit een coffeeshop, of illegaal vanuit verkooppunten in woningen of
                        lokalen. De burgemeester beschikt sinds 2007 op grond van artikel 13b van de
                        Opiumwet over een bestuursrechtelijk handhavingsinstrument, namelijk het
                        opleggen van een last onder bestuursdwang ten aanzien van een woning of
                        lokaal dan wel in of op bij woningen of zodanige lokalen behorende erven,
                        indien daar een middel als bedoeld in lijst I of II van de Opiumwet wordt
                        verkocht, afgeleverd of verstrekt dan wel daartoe aanwezig is. </al>
          <al/>
          <al>Om de overlast en illegale verkoop van drugs effectief tegen te gaan, is dit
                        drugsbeleid vastgesteld. Het drugsbeleid bestaat uit drie delen:</al>
          <al>1. Coffeeshopbeleid Maximumstelsel</al>
          <al>2. Damoclesbeleid</al>
          <al>3. Handhavingsplan, inclusief handhavingsarrangement</al>
          <al/>
          <al>In het coffeeshopbeleid maximumstelsel wordt ingegaan op de gedoogcriteria
                        en aanvullende voorschriften. In het damoclesbeleid wordt verder ingegaan op
                        de bestuurlijke handhaving ten aanzien van de ongedoogde, illegale
                        verkooppunten van hard- en softdrugs in woningen en lokalen.</al>
          <al/>
        </preambule>
      </aanhef>
      <regeling-tekst>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <label>Coffeeshopbeleid Maximumstelsel </label>
          </kop>
          <structuurtekst>
            <al>De burgemeester van de gemeente Enkhuizen,</al>
            <al>Gelezen het voorstel van 22 februari 2013</al>
            <al>Gelet op:</al>
            <lijst>
              <li nr="-"><al>“De Richtlijnen voor het opsporings- en strafbare feiten van de
                                    Opiumwet” van het Openbaar Ministerie;</al></li>
              <li nr="-"><al>de bevoegdheid van de burgemeester op grond van artikel 174
                                    Gemeentewet ten aanzien van het toezicht op openbare
                                    inrichtingen en de uitvoering van verordeningen die betrekking
                                    hebben op dat toezicht;</al></li>
              <li nr="-"><al>de bevoegdheid van de burgemeester op grond van artikel 13b
                                    Opiumwet tot het toepassen van bestuursdwang ten aanzien van
                                    woningen en lokalen in verband met de aanwezigheid van en de
                                    handel in drugs;</al></li>
              <li nr="-"><al>de bevoegdheid van de burgemeester op grond van artikel 4:81
                                    Algemene wet bestuursrecht ten aanzien van het vaststellen van
                                    beleidsregels met betrekking tot een hem toekomende
                                    bevoegdheid;</al></li>
              <li nr="-"><al>de bevoegdheid van de burgemeester op grond van hoofdstuk 2,
                                    afdeling 8 Algemene Plaatselijke Verordening Enkhuizen ten
                                    aanzien van het toezicht op horecabedrijven;</al></li>
            </lijst>
            <al>Overwegende het feit dat het wenselijk is een coffeeshopbeleid en
                            handhavingsarrangement vast te stellen;</al>
            <al>Besluit:</al>
            <al>vast te stellen de navolgende beleidsregel:</al>
            <al>“Beleidsregels inzake coffeeshops en handhaving in de gemeente
                            Enkhuizen”</al>
          </structuurtekst>
        </hoofdstuk>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <label>Justitieel beleidskader </label>
          </kop>
          <structuurtekst>
            <al>Het Openbaar Ministerie is belast met de handhaving van de
                                verbodsbepalingen in de Opiumwet. Naar aanleiding van de
                                beleidsvoornemens in de landelijke Drugsnota zijn “De Richtlijnen
                                voor het opsporings- en strafvorderingsbeleid inzake strafbare
                                feiten van de Opiumwet” op 10 september 1996 vastgesteld. Deze
                                richtlijnen zijn op 1 oktober 1996 in werking getreden. In 2000
                                (Staatscourant 2000, 250) zijn de AHOJG-criteria aangescherpt. In de
                                richtlijnen wordt onder meer expliciet aangegeven dat het beleid
                                voor coffeeshops, binnen de kaders van de richtlijnen, wordt bepaald
                                in het lokale driehoeksoverleg. Het begrip “coffeeshops” wordt in de
                                richtlijnen gedefinieerd als “alcoholvrije horecagelegenheden waar
                                handel in en gebruik van softdrugs plaatsvindt”. </al>
            <al>Per 1 januari 2013 zijn de AHOJG-criteria voor coffeeshops verder
                                aangescherpt met het ingezetenencriterium (I-criterium) en maakt dit
                                gedoogcriterium onderdeel uit van de Aanwijzing Opiumwet van het OM.
                                Hiermee is het I-criterium onderdeel geworden van het landelijk
                                gedoogbeleid coffeeshops. Het I-criterium beoogt coffeeshops kleiner
                                en meer beheersbaar te maken en drugstoerisme tegen te gaan. Vanaf 1
                                januari 2013 is er sprake van de AHOJGI-criteria.</al>
            <al>Het OM kan tegen een coffeeshop optreden indien niet voldaan wordt
                                aan de <vet>AHOJGI-criteria:</vet></al>
            <al>
              <vet>A</vet>: geen affichering: dit betekent geen enkele vorm van
                                reclame anders dan een summiere aanduiding op de betreffende
                                lokaliteit;</al>
            <al>
              <vet>H</vet>: geen harddrugs: dit betekent dat geen harddrugs
                                voorhanden mogen zijn en/of verkocht worden;</al>
            <al>
              <vet>O</vet>: geen overlast: onder overlast kan worden verstaan
                                parkeeroverlast rond de coffeeshops, geluidshinder, vervuiling en/of
                                voor of nabij de coffeeshop rondhangende klanten; </al>
            <al>
              <vet>J</vet>: geen verkoop aan jeugdigen en geen toegang voor
                                jeugdigen tot een coffeeshop: gelet op de toename van het
                                cannabisgebruik onder jongeren is gekozen voor een strikte
                                handhaving van de leeftijdsgrens van achttien jaar; </al>
            <al>
              <vet>G</vet>: geen verkoop van grote hoeveelheden per transactie:
                                dat wil zeggen hoeveelheden groter dan geschikt voor eigen gebruik
                                (= 5 gram). Onder ‘transactie’ wordt verstaan alle koop en verkoop
                                in één coffeeshop op eenzelfde dag met betrekking tot eenzelfde
                                koper.</al>
            <al>
              <vet>I</vet>: geen toegang voor en verkoop aan anderen dan
                                ingezetenen van Nederland van achttien jaar of ouder.</al>
            <al>Naast de aanscherping van het gedoogbeleid met het I-criterium zou
                                eerder ook sprake zijn van de invoering van een zogenoemd
                                afstandscriterium per 1 januari 2014 (A-criterium). Dit criterium
                                wordt echter niet via landelijke regels opgelegd maar het wordt
                                gemeenten wel aangeraden het A-criterium te hanteren, zodat
                                middelbare schooljongeren niet met coffeeshops worden
                                geconfronteerd. </al>
            <al>
              <vet>A</vet>: Vestiging van een coffeeshop in de nabijheid van
                                scholen is niet toegestaan. Gemeenten dienen een afstand van
                                minimaal 350 meter tussen een school en een coffeeshop aan te
                                houden.</al>
          </structuurtekst>
        </hoofdstuk>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <label>Bestuurlijk beleid </label>
          </kop>
          <paragraaf>
            <kop>
              <label>Bevoegdheden van de burgemeester </label>
            </kop>
            <structuurtekst>
              <al>De burgemeester is het bevoegd gezag in het kader van het lokale
                                    coffeeshopbeleid. In algemene zin geldt dat de burgemeester
                                    verantwoordelijk is voor de handhaving van de openbare orde
                                    en</al>
              <al>veiligheid. Op basis van artikel 174 Gemeentewet is de
                                    burgemeester belast met het toezicht opopenbare inrichtingen en
                                    met de uitvoering van verordeningen die betrekking hebben op dat
                                    toezicht. Coffeeshops zijn “voor het publiek openstaande
                                    gebouwen” als bedoeld in artikel 174 Gemeentewet.</al>
              <al>De burgemeester beschikt sinds 2007 op grond van artikel 13b van
                                    de Opiumwet over een bestuursrechtelijk handhavingsinstrument,
                                    namelijk het opleggen van een last onder bestuursdwang ten
                                    aanzien van een woning of lokaal dan wel in of op bij woningen
                                    of zodanige lokalen behorende erven, indien daar een middel als
                                    bedoeld in lijst I of II van de Opiumwet wordt verkocht,
                                    afgeleverd of verstrekt dan wel daartoe aanwezig is. </al>
              <al>De systematische handel in cannabis en harddrugs buiten
                                    coffeeshops om (bijvoorbeeld vanuit woningen of andere lokalen)
                                    kan nu beter worden aangepakt, ook als er geen sprake is van
                                    overlast. Voor de wijziging van 2007 kon alleen tegen ‘voor
                                    publiek toegankelijke lokalen’ worden opgetreden op grond van
                                    artikel 13b van de Opiumwet. Voor niet ‘publiek toegankelijke
                                    lokalen’ (zoals woningen) kon worden opgetreden op grond van
                                    artikel 174a van de Gemeentewet. In de praktijk bleek het vaak
                                    moeilijk om verstoring van de openbare orde, met name overlast,
                                    aan te tonen waardoor artikel 174a van de Gemeentewet veelal te
                                    kort schoot. Bestuursdwang kan nu worden ingezet tegen alle
                                    illegale</al>
              <al>verkooppunten wegens overtreding van de Opiumwet. Verstoring van
                                    de openbare orde hoeft niet meer aangetoond te worden.</al>
            </structuurtekst>
          </paragraaf>
          <paragraaf>
            <kop>
              <label>Taken van de gemeenteraad </label>
            </kop>
            <structuurtekst>
              <al>Voor de gemeenteraad is geen taak weggelegd bij de uitoefening
                                    van de bevoegdheid van artikel 13b Opiumwet. Dit is een
                                    uitsluitende bevoegdheid van de burgemeester. De gemeenteraad
                                    kan wel een rol spelen door het coffeeshopbeleid te agenderen en
                                    door bijvoorbeeld op andere beleidsterreinen (gezondheidsbeleid,
                                    jeugdbeleid) na te gaan welke ondersteunende maatregelen
                                    (preventie, nazorg) ontwikkeld kunnen worden. Daarnaast heeft de
                                    gemeenteraad ten aanzien van het coffeeshopbeleid van de
                                    burgemeester een controlerende taak. In het duale stelsel is de
                                    burgemeester de gemeenteraad namelijk verantwoording schuldig
                                    over het door hem gevoerde beleid. Ook geldt de actieve
                                    informatieplicht.</al>
            </structuurtekst>
          </paragraaf>
          <paragraaf>
            <kop>
              <label>Rol van het college van burgemeester en wethouders </label>
            </kop>
            <structuurtekst>
              <al>Omdat coffeeshops alcoholvrije horeca-inrichtingen zijn en dus
                                    geen Drank- en Horecavergunning nodig hebben, is het college van
                                    B&amp;W geen bevoegd bestuursorgaan ten aanzien van coffeeshops.
                                    In de sfeer van de handhaving van het coffeeshopbeleid kan het
                                    college van B&amp;W wel optreden tegen alcoholschenkende
                                    horeca-inrichtingen die cannabisproducten verkopen, bijvoorbeeld
                                    door de vergunning ingevolge de Drank- en horecawet in te
                                    trekken. Ook kan zij invloed uitoefenen op bouwvergunningen en
                                    de wenselijkheid betreffende ontheffingen van het
                                    bestemmingsplan.</al>
            </structuurtekst>
          </paragraaf>
          <paragraaf>
            <kop>
              <label>Beleidsuitgangspunten </label>
            </kop>
            <structuurtekst>
              <al>De beleidsuitgangspunten voor het coffeeshopbeleid zijn:</al>
              <lijst>
                <li nr="1."><al>scheiding van markten tussen soft- en harddrugs;</al></li>
                <li nr="2."><al>beperking van het softdrugsaanbod, door coffeeshops en
                                            vanuit het illegale circuit;</al></li>
                <li nr="3."><al>bescherming van kwetsbare groepen, door onder andere
                                            voorlichting en weren van coffeeshops in de nabijheid
                                            van scholen;</al></li>
              </lijst>
              <lijst>
                <li nr="4."><al>tegengaan van criminele organisaties;</al></li>
                <li nr="5."><al>en bestrijding van overlast, verloedering van het
                                            straatbeeld en normvervaging aangaande softdrugsgebruik
                                            onder jongeren.</al></li>
              </lijst>
              <al>Ad 1) <vet>Scheiding van de markten: </vet>Coffeeshops leveren
                                    een belangrijke bijdrage aan de scheiding van de markten. De
                                    gemeente gaat uit een aanbod van coffeeshops dat passend is voor
                                    de grootte van de gemeente in relatie tot de regionale functie
                                    van omliggende gemeenten, zodat softdrugsgebruikers niet zijn
                                    aangewezen op illegale verkoop.</al>
              <al>Ad 2) <vet>Beperking van het aanbod: </vet>De vestiging van een
                                    coffeeshop in de nabijheid van het voortgezet onderwijs wordt
                                    voorkomen door middel van een afstandcriterium. Ook de illegale
                                    verkoop van cannabis wordt intensief bestreden.</al>
              <al>Ad 3) <vet>Bescherming kwetsbare groepen:</vet> Uitgangspunt is
                                    om het gebruik door jongeren te voorkomen door strikte
                                    handhaving van de minimumleeftijd in coffeeshops, het weren van
                                    coffeeshops in de nabijheid van scholen en het geven van
                                    voorlichting over de risico’s van drugsgebruik. De voorlichting
                                    vindt plaats op school en door coffeeshopexploitanten in de
                                    coffeeshop.</al>
              <al>Ad 4) <vet>Tegengaan van criminele organisaties: </vet>Tegen
                                    criminele samenwerkingsverbanden achter de hennepproductie en de
                                    illegale (door)verkoop van cannabis wordt strikt
                                    opgetreden.</al>
              <al>Ad 5)<vet> Bestrijding overlast, verloedering en
                                        normvervaging:</vet> De subjectieve veiligheidsbeleving en
                                    het leef- en woonklimaat, die door de handel in en het gebruik
                                    van drugs worden aangetast, moeten verbeteren. De opgetreden
                                    normvervanging dient een halt te worden toegeroepen; het moet
                                    minder normaal gevonden worden dat jongeren softdrugs
                                    gebruiken.</al>
            </structuurtekst>
          </paragraaf>
          <paragraaf>
            <kop>
              <label>Vergunningplicht </label>
            </kop>
            <structuurtekst>
              <al>Voorkoming en beheersing van overlast is een bestuurlijke
                                    verantwoordelijkheid. Overlast tast immers de woon- en
                                    leefomgeving aan. Door hun uitstraling en/of het gedrag van
                                    bezoekers zijn er coffeeshops die overlast en/of gevoelens van
                                    onveiligheid onder burgers veroorzaken. De vestiging van een
                                    coffeeshop kan op grond van de Algemene Plaatselijke Verordening
                                    (APV) worden gereguleerd op grond van overlast in de woon- en
                                    leefomgeving (exploitatievergunning).</al>
              <al>Er kan vergunning worden verleend voor de uitoefening van een
                                    horecabedrijf, waarin gedoogvoorschriften zijn opgenomen voor de
                                    verkoop en gebruik van softdrugs.</al>
              <al>De betreffende APV-bepalingen ten aanzien van
                                    horeca-inrichtingen zijn voor het overige van overeenkomstige
                                    toepassing, alsmede de weigeringsgronden. De burgemeester kan de
                                    vergunning weigeren als de openbare orde gevaar loopt of het
                                    woon- of leefklimaat nadelig wordt beïnvloed, rekening houdend
                                    met het karakter van de beoogde vestiging en de directe
                                    omgeving, de al aanwezige horeca en de wijze van
                                    bedrijfsvoering. Bij deze belangenafweging wordt rekening
                                    gehouden met het specifieke karakter van de coffeeshops.</al>
            </structuurtekst>
          </paragraaf>
          <paragraaf>
            <kop>
              <label>Kwetsbare jongeren </label>
            </kop>
            <structuurtekst>
              <al>Speciale aandacht gaat uit naar jongeren, met name kwetsbare
                                    jongeren. Uit onderzoek is gebleken dat veel jongeren op vroege
                                    leeftijd beginnen met softdrugs; de gemiddelde startleeftijd is
                                    16 jaar. Van deze jongeren, die weliswaar onder de in
                                    coffeeshops gehanteerde leeftijdsgrens van 18 jaar vallen,
                                    gebruikt een aanzienlijk deel softdrugs uit een coffeeshop.</al>
              <al>Verder blijkt het softdrugsgebruik ondanks genomen maatregelen
                                    (onder andere extra streng handhaven op de aanwezigheid van en
                                    verkoop aan minderjarigen) over het algemeen gestabiliseerd te
                                    zijn, maar is het toegenomen bij ‘probleemgroepen’ zoals
                                    jongeren die spijbelen, met delinquent gedrag en jongeren die
                                    vroegtijdig school verlaten of na afronding van de opleiding
                                    geen werk kunnen vinden. Bovendien lijken jongeren het
                                    cannabisgebruik onder jongeren steeds normaler te gaan vinden,
                                    terwijl het drugsgebruik door jonge mensen juist kan leiden tot
                                    (al dan niet blijvende) schade aan de hersenen en achterstand in
                                    ontwikkeling.</al>
            </structuurtekst>
          </paragraaf>
        </hoofdstuk>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <label>Softdrugsgebruik </label>
          </kop>
          <structuurtekst>
            <al>Om een indruk te krijgen van het aantal softdrugsgebruikers in
                                Noord-Holland Noord, meer specifiek West-Friesland, is een
                                uittreksel gemaakt uit de gegevens van het Trimbos Instituut. Dit
                                instituut doet al sinds 1997 onderzoek naar het softdrugssgebruik in
                                Nederland en maakt inmiddels gebruik van een onderzoeksmethode die
                                als betrouwbaar mag worden aangemerkt. De GGD en het RIVM maken ook
                                gebruik van de gegevens van het Trimbos Instituut.</al>
            <al>Om de onderzoeksresultaten van het Trimbos Instituut, die periodiek
                                in de nationale drugsmonitor worden gepubliceerd, te gebruiken,
                                wordt gebruik gemaakt van een omrekenfactor. Er kan uitgegaan worden
                                van actueel softdrugsgebruik door 4,2% van de bevolkingsgroep tussen
                                de 15 en 64 jaar of van actueel softdrugsgebruik door 2,8% van de
                                totale bevolking.</al>
            <al>Bij deze berekeningen is geen rekening gehouden met het aanzienlijke
                                aantal Oost-Europese inwoners, die in deze regio werkzaam zijn en
                                van wie een groot deel frequent bezoeker is van de coffeeshops.</al>
            <al>Voor West-Friesland komt de berekening van het Trimbos Instituut
                                neer op:</al>
            <table>
              <tgroup cols="4">
                <colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="18*"/>
                <colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="35*"/>
                <colspec colname="col3" colnum="3" colwidth="27*"/>
                <colspec colname="col4" colnum="4" colwidth="19*"/>
                <tbody>
                  <row>
                    <entry colname="col1">
                      <al>
                        <vet>Gemeente</vet>
                      </al>
                    </entry>
                    <entry colname="col2">
                      <al>
                        <vet>Inwonersaantal afgerond</vet>
                      </al>
                    </entry>
                    <entry colname="col3">
                      <al>
                        <vet>Actuele gebruikers</vet>
                      </al>
                    </entry>
                    <entry colname="col4">
                      <al>
                        <vet>Coffeeshops</vet>
                      </al>
                    </entry>
                  </row>
                  <row>
                    <entry colname="col1">
                      <al>Enkhuizen</al>
                    </entry>
                    <entry colname="col2">
                      <al>18.000</al>
                    </entry>
                    <entry colname="col3">
                      <al>504</al>
                    </entry>
                    <entry colname="col4">
                      <al>1</al>
                    </entry>
                  </row>
                  <row>
                    <entry colname="col1">
                      <al>Medemblik</al>
                    </entry>
                    <entry colname="col2">
                      <al>43.000</al>
                    </entry>
                    <entry colname="col3">
                      <al>1204</al>
                    </entry>
                    <entry colname="col4">
                      <al>0</al>
                    </entry>
                  </row>
                  <row>
                    <entry colname="col1">
                      <al>Stede Broec</al>
                    </entry>
                    <entry colname="col2">
                      <al>21.500</al>
                    </entry>
                    <entry colname="col3">
                      <al>602</al>
                    </entry>
                    <entry colname="col4">
                      <al>0</al>
                    </entry>
                  </row>
                  <row>
                    <entry colname="col1">
                      <al>Drechterland</al>
                    </entry>
                    <entry colname="col2">
                      <al>19.500</al>
                    </entry>
                    <entry colname="col3">
                      <al>546</al>
                    </entry>
                    <entry colname="col4">
                      <al>0</al>
                    </entry>
                  </row>
                  <row>
                    <entry colname="col1">
                      <al>Hoorn</al>
                    </entry>
                    <entry colname="col2">
                      <al>70.500</al>
                    </entry>
                    <entry colname="col3">
                      <al>1974</al>
                    </entry>
                    <entry colname="col4">
                      <al>2</al>
                    </entry>
                  </row>
                  <row>
                    <entry colname="col1">
                      <al>Koggenland</al>
                    </entry>
                    <entry colname="col2">
                      <al>22.000</al>
                    </entry>
                    <entry colname="col3">
                      <al>616</al>
                    </entry>
                    <entry colname="col4">
                      <al>0</al>
                    </entry>
                  </row>
                </tbody>
              </tgroup>
            </table>
            <al>Uitgaande van de cijfers van het Trimbos Instituut zijn er in
                                West-Friesland circa 5500 actuele softdrugsgebruikers. De gemeente
                                Enkhuizen voorziet door middel van een maximumstelsel van één
                                coffeeshop niet alleen in de lokale gebruikersbehoefte maar ook in
                                de behoefte van een deel van de regio.</al>
          </structuurtekst>
        </hoofdstuk>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <label>Beleidsregels </label>
          </kop>
          <structuurtekst>
            <al>
              <cursief>Definities</cursief>
            </al>
            <al>
              <vet>Coffeeshop</vet>: een alcoholvrije horeca-inrichting waar
                                handel in cannabisproducten plaatsvindt en de exploitant, zijnde een
                                natuurlijk persoon, in het bezit is van een exploitatievergunning
                                voor een horeca-inrichting met gedoogvoorschriften. Deze bedrijven
                                kunnen ook andere namen voeren, zoals koffieshops of theehuis of
                                iets dergelijks. Voor de verzamelterm “coffeeshop” is gekozen omdat
                                deze term voor de aanduiding van een inrichting waar tevens
                                softdrugs worden verhandeld het meeste is ingeburgerd.</al>
            <al>
              <vet>Cannabisproducten</vet>: producten als vermeld in lijst II
                                onderdeel B behorende bij artikel 3 van de Opiumwet (zogenaamde
                                softdrugs). Cannabisproducten zijn hasj (de hars van een
                                hennepplant) en marihuana (de verkruimelde bladen van de
                                hennepplant). De producten worden ook wel aangeduid als
                                (Neder)-wiet, weed, stickie, joint. Spacecake valt ook onder de
                                definitie omdat hierin cannabis is verwerkt.</al>
            <al>
              <vet>Gedoogvoorschriften</vet>: een reguliere exploitatievergunning
                                voor een horeca-inrichting met bijzondere voorschriften van de
                                burgemeester waardoor, indien aan de voorschriften wordt voldaan,
                                tegen het exploiteren van een coffeeshop niet wordt opgetreden. De
                                exploitatievergunning wordt op naam van de exploitant, zijnde een
                                natuurlijk persoon, en voor één locatie verleend en is niet
                                overdraagbaar.</al>
          </structuurtekst>
          <paragraaf>
            <kop>
              <label>Maximumstelsel </label>
            </kop>
            <structuurtekst>
              <al>Ter bescherming van het woon- en leefklimaat en ter voorkoming
                                    van wildgroei van het aantal coffeeshops wordt hierbij als
                                    beleidsregel vastgesteld dat in Enkhuizen een maximumstelsel
                                    wordt gehanteerd en derhalve één coffeeshop gedoogd wordt waar
                                    verkoop en gebruik van softdrugs plaatsvindt.</al>
              <al>Bij het bepalen van een maximum aantal coffeeshops staat
                                    enerzijds de beheersbaarheid van de (cumulatieve) overlast
                                    voorop en het gericht zijn op de lokale gebruiker. Anderzijds
                                    dient de criminalisering, verschuiving en de vervaging van de
                                    scheiding van de markten voorkomen te worden. Het maximumstelsel
                                    impliceert dat overschrijding van het maximum niet toegestaan
                                    is. Voorts impliceert het dat overschrijding van dit maximum per
                                    definitie overlast oplevert van het woon- en leefklimaat. Door
                                    toepassing van deze constructie is al snel een sluiting te
                                    bewerkstelligen van zich illegaal vestigende verkooppunten op
                                    grond van artikel 13b van de Opiumwet.</al>
            </structuurtekst>
          </paragraaf>
          <paragraaf>
            <kop>
              <label>Gedoogcriteria </label>
            </kop>
            <structuurtekst>
              <al>De volgende gedoogcriteria zijn van toepassing:</al>
              <lijst>
                <li nr="1."><al>Geen alcohol</al></li>
                <li nr="2."><al>Geen verkoop vanuit winkels</al></li>
                <li nr="3."><al>Geen verkoop van harddrugs</al></li>
                <li nr="4."><al>Geen affichering</al></li>
                <li nr="5."><al>Geen toegang aan personen beneden de leeftijd van 18
                                            jaar </al></li>
                <li nr="6."><al>Verbod verkoop aan personen beneden de leeftijd van 18
                                            jaar </al></li>
                <li nr="7."><al>Geen overlast</al></li>
                <li nr="8."><al>De maximale transactie van 5 gram per klant per dag</al></li>
                <li nr="9."><al>Niet meer dan 500 gram handelsvoorraad</al></li>
                <li nr="10."><al>Geen toegang voor en verkoop aan anderen dan ingezetenen
                                            van Nederland </al></li>
                <li nr="11."><al>Geen vestiging in de nabijheid van scholen </al></li>
              </lijst>
              <al>Aanvullende voorschriften voor (verkrijging of behoud van de)
                                    exploitatievergunning:</al>
              <lijst>
                <li nr="12."><al>Alleen verkoop tegen contante betaling</al></li>
                <li nr="13."><al>Boekhouding</al></li>
                <li nr="14."><al>Geen kansspelautomaten</al></li>
                <li nr="15."><al>Geen verkoop van smartproducten</al></li>
                <li nr="16."><al>Cannabisvoorlichting</al></li>
                <li nr="17."><al>Openings- en sluitingstijd</al></li>
                <li nr="18."><al>Geen terrassen</al></li>
                <li nr="19."><al>Vrije toegankelijkheid</al></li>
                <li nr="20."><al>Geen verbinding tussen coffeeshop en woning</al></li>
                <li nr="21."><al>Geen loketverkoop aan straat</al></li>
              </lijst>
              <al>Toelichting:</al>
              <al>
                <vet>1.Geen alcohol</vet>
              </al>
              <al>In verkooppunten van softdrugs is het verboden alcohol
                                    voorhanden te hebben en/of te verkopen..</al>
              <al>
                <vet>2.Geen verkoop vanuit winkels</vet>
              </al>
              <al>De verkoop van cannabisproducten vanuit winkels is niet
                                    toegestaan.</al>
              <al>
                <vet>3.Geen verkoop van harddrugs</vet>
              </al>
              <al>In coffeeshops en overige horeca is de handel in of het
                                    voorhanden zijn van harddrugs verboden.</al>
              <al>
                <vet>4.Geen affichering</vet>
              </al>
              <al>Coffeeshops mogen geen reclame maken. Dit betekent geen enkele
                                    reclame aan de gevel of verwijsborden met daarop aangegeven dat
                                    er softdrugs wordt verkocht bijvoorbeeld door middel van een
                                    hennepblad. Reclame in huis-aan-huisbladen, kabelkrant, gidsen,
                                    op het internet, flyers, free cards etc. is niet toegestaan
                                    evenals bijvoorbeeld het sponsoren van een sportclub door middel
                                    van shirtreclame. Bij de opsporing zal hieraan aparte aandacht
                                    besteedt worden. Reclame is strafbaar op grond van artikel 3b
                                    van de Opiumwet.</al>
              <al>In afwijking van bovenstaande, onder 4, dient aan de buitenzijde
                                    van de inrichting, op de pui/gevel een bescheiden doch duidelijk
                                    zichtbare aanduiding te worden bevestigd met daarop de naam van
                                    de inrichting en de tekst “COFFEESHOP”. Onder bescheiden
                                    aanduiding wordt hier verstaan: een aanduiding waarvan de
                                    afmeting niet groter is dan 1 vierkante meter bij bevestiging
                                    plat op de gevel of niet groter is dan 0,5 vierkante meter bij
                                    bevestiging haaks op de gevel.</al>
              <al>
                <vet>5.Geen toegang aan ingezetenen beneden de leeftijd van 18
                                        jaar</vet>
              </al>
              <al>De exploitant van de coffeeshop is strafbaar indien personen
                                    beneden de 18 jaar in de coffeeshop worden aangetroffen. De
                                    exploitant kan dit voorkomen door een legitimatieplicht voor
                                    bezoekers in te stellen.</al>
              <al>
                <vet>6.Verbod verkoop aan personen beneden de leeftijd van 18
                                        jaar</vet>
              </al>
              <al>De exploitant is strafbaar indien hij/zij aan personen beneden
                                    de 18 jaar in of buiten de coffeeshop softdrugs verkoopt.
                                    Doorverkoop aan minderjarigen van softdrugs uit de coffeeshop
                                    moet door de exploitant voorkomen worden.</al>
              <al>
                <vet>7.Geen overlast</vet>
              </al>
              <al>Een nadere uitleg van het begrip overlast in het kader van het
                                    coffeeshopbeleid is nodig omdat niet iedere klacht omtrent
                                    overlast kan leiden tot een onmiddellijke sluiting van een
                                    coffeeshop. Veel hangt af van de aard, de frequentie en de ernst
                                    van de overlast. Immers de coffeeshops worden gelijkgeschakeld
                                    met horecabedrijven en deze bedrijven brengen vaak enige hinder
                                    voor de omgeving met zich mee als gevolg van bijvoorbeeld
                                    geluidhinder door de komende en gaande bezoekers.</al>
              <al>Zolang de hinder rond een coffeeshop niet groter of anders is
                                    dan bij een gemiddeld horecabedrijf, is er geen sprake van
                                    overlast en dus ook geen overtreding van dit criterium.
                                    Daarnaast is het zo dat de rechter eisen stelt aan de motivering
                                    van sluitingsbevelen en andere bestuurlijke maatregelen. De
                                    bewijsvoering voor het optreden tegen overlast moet dan ook
                                    bestaan uit deugdelijke bewijsstukken zoals politierapporten,
                                    processen-verbaal, verklaringen en klachten van omwonenden en
                                    dergelijke. </al>
              <al>Concreet betekent dit dat er bij overlastsituaties rond een
                                    coffeeshop eerst een dossier opgebouwd moet worden dat voldoende
                                    bewijsmateriaal en argumenten bevat om een sluiting te kunnen
                                    rechtvaardigen. De overlast moet objectief en overtuigend
                                    blijken en moet voldoende ernstig zijn om op te wegen tegen de
                                    in het geding zijnde belangen van de coffeeshopexploitant.
                                    Gevoelens van onveiligheid, die niet ondersteund worden door
                                    controleerbare en verifieerbare feiten, zijn meestal niet
                                    genoeg. Klachten van burgers omtrent hinder en overlast, die
                                    niet bevestigd worden door eigen waarneming van politiemensen en
                                    ander bewijs van de politie vormen geen solide basis.</al>
              <al>
                <vet>8.De maximale transactie van 5 gram per klant per
                                    dag</vet>
              </al>
              <al>De exploitant mag maximaal 5 gram cannabisproducten per dag aan
                                    een zelfde klant verkopen. Van de verkoop dient een registratie
                                    te worden bijgehouden, waarin de hoeveelheid verkochte
                                    cannabisproducten vermeld dient te worden. Dit kan ook een
                                    geautomatiseerd systeem zijn op basis van pasjes. </al>
              <al>
                <vet>9.Niet meer dan 500 gram handelsvoorraad</vet>
              </al>
              <al>Ten behoeve van verkoop in de coffeeshop mag niet meer dan 500
                                    gram cannabisproducten handelsvoorraad in de coffeeshop aanwezig
                                    zijn.</al>
              <al>
                <vet>10.Geen toegang voor en verkoop aan anderen dan ingezetenen
                                        van Nederland </vet>
              </al>
              <al>Het ingezetenen criterium bepaald dat er geen sprake kan zijn
                                    van toegang voor en verkoop aan anderen dan ingezetenen van
                                    Nederland van 18 jaar of ouder. ‘Onder ingezetene wordt
                                    verstaan: een persoon die zijn adres heeft in een gemeente van
                                    Nederland. Het ingezetenschap wordt aangetoond middels een
                                    uittreksel van de Gemeentelijke Basisadministratie van de
                                    woonplaats. </al>
              <al>
                <vet>11.Geen vestiging in de nabijheid van scholen</vet>
              </al>
              <al>Het doel van een afstandcriterium is schoolgaande jongeren niet
                                    met coffeeshops te confronteren. Gemeenten dienen een
                                    afstandcriterium van minimaal 350 meter tussen een school en een
                                    coffeeshop aan te houden, tenzij aangetoond kan worden waarom
                                    dit niet mogelijk is en wordt aangegeven welke andere
                                    drempelverhogende maatregelen er genomen zijn. Het
                                    afstandcriterium in de gemeente Enkhuizen wordt vastgesteld op
                                    350 meter. Onder school wordt verstaan een school voor
                                    voortgezet onderwijs (VMBO, HAVO, VWO of Gymnasium) en
                                    middelbaar beroepsonderwijs. De wens is om de naar het
                                    voortgezet onderwijs gaande jeugd niet met coffeeshops te
                                    confronteren en hen de verkoop de van softdrugs niet als iets
                                    normaals te laten beschouwen.</al>
              <al>Om de afstand tussen een coffeeshop en een school te bepalen
                                    geldt de reëel af te leggen afstand te voet over de openbare weg
                                    tussen de voordeur van de coffeeshop tot de hoofdingang van de
                                    school.</al>
              <al>Er is bewust gekozen om de afstand tot een basisschool geen
                                    aanvullend gedoogcriterium te maken, omdat softdrugsgebruik op
                                    de basisschool nagenoeg niet voorkomt. Het derde
                                    beleidsuitgangspunt - de bescherming van kwetsbare groepen -
                                    maakt het wel noodzakelijk maatregelen te treffen voor het
                                    speciaal basisonderwijs.</al>
              <al>Weliswaar geldt voor het speciaal basisonderwijs net als voor
                                    het gehele basisonderwijs dat het gebruik van cannabis doorgaans
                                    pas op later leeftijd plaatsvindt, toch is er reden om extra
                                    terughoudend te zijn met de aanwezigheid van coffeeshops in de
                                    directe omgeving van dergelijke scholen. Kinderen op zulke
                                    scholen zijn vaak minder weerbaar, hebben behoefte aan
                                    duidelijke pedagogische structuren en eenduidige normstelling.
                                    Veel van deze kinderen groeien op in een omgeving met sociale en
                                    psychische problematiek. De kinderen worden door hun beperkte
                                    actieradius veelal met een busje vervoerd tussen school en
                                    woonplek. Een eventuele confrontatie met coffeeshops tijdens het
                                    wachten op het busje is niet wenselijk.</al>
              <al>
                <vet>12.Alleen verkoop tegen contante betaling</vet>
              </al>
              <al>De cannabisproducten mogen niet gratis verstrekt worden en
                                    moeten direct afgerekend worden. Stempel- of zegelkaarten,
                                    verkoop op rekening, ruilen tegen goederen, onderpand dan wel in
                                    ruil tegen het verrichten van werkzaamheden of anderszins is
                                    niet toegestaan. Een prijslijst moet duidelijk zichtbaar
                                    aanwezig zijn. Let op! Het elektronisch betalen door middel van
                                    pin is ook een contante betaling.</al>
              <al>
                <vet>13.Boekhouding</vet>
              </al>
              <al>Exploitanten van coffeeshops zijn belasting verschuldigd over
                                    hun inkomsten. Geldstromen die samenhangen met de reële omzetten
                                    van coffeeshops die zich houden aan de door het Openbaar
                                    Ministerie gestelde eisen worden niet gerekend tot de
                                    ongebruikelijke transacties in de zin van de wet Meldpunt
                                    Ongebruikelijke Transacties. In de gedoogvoorschriften zijn
                                    bepalingen opgenomen betreffende de boekhoudplicht met als doel
                                    de handelsvoorraad en de maximale transactie per klant per dag
                                    te controleren. Een leidinggevende dient zich aan de
                                    belastingwetgeving te houden. Dit is zijn eigen
                                    verantwoordelijkheid. In de gedoogvoorschriften wordt hierop
                                    gewezen.</al>
              <al>
                <vet>14.Geen kansspelautomaten</vet>
              </al>
              <al>Coffeeshops worden ingevolge het kansspelbeleid gekarakteriseerd
                                    als zijnde laagdrempelige inrichtingen. In laagdrempelige
                                    inrichtingen zijn met de benodigde aanwezigheidsvergunning
                                    uitsluitend twee behendigheidsautomaten toegestaan.</al>
              <al>
                <vet>15.Geen verkoop van smartproducten</vet>
              </al>
              <al>De verkoop van hallucinogene paddenstoelen, andere ecodrugs en
                                    smart producten in coffeeshops is verboden.</al>
              <al>
                <vet>16.Cannabisvoorlichting</vet>
              </al>
              <al>Coffeeshopexploitanten hebben op het terrein van volksgezondheid
                                    een verantwoordelijkheid bij de verstrekking van
                                    cannabisproducten aan gebruikers. Voor de algemene groep
                                    bezoekers van coffeeshops dient de voorlichting een ‘trigger’ te
                                    vormen om de juiste vragen te stellen over het gebruik van
                                    cannabisproducten en daarop ook adequate antwoorden krijgen. Ten
                                    aanzien van probleemgebruikers moet voorlichting een
                                    signaalfunctie vervullen.</al>
              <al>De exploitant van de coffeeshop en personeelsleden dienen
                                    aantoonbaar deskundig te zijn op het gebied van problematisch
                                    drugsgebruik en drugsverslaving en beschikken over een bewijs
                                    hiervan, afgegeven door een verslavingszorginstelling. In de
                                    coffeeshop dient op een zichtbare plaats voorlichtingsmateriaal
                                    over het gebruik van cannabis aanwezig te zijn waarin aandacht
                                    wordt gegeven aan de gevaren van cannabisgebruik en de
                                    mogelijkheden ten aanzien van de hulpverlening. Daarnaast dient
                                    de coffeeshophouder bij klanten ten aanzien waarvan wordt
                                    gesignaleerd dat er sprake is van risicovol gebruik en/of
                                    verslaving, actief deze gevaren onder de aandacht van de
                                    betreffende klanten te brengen en deze op de mogelijkheden van
                                    hulpverlening te wijzen.</al>
              <al>
                <vet>17.Openings- en sluitingstijd</vet>
              </al>
              <al>De openingstijden wijken af van die van de reguliere horeca. De
                                    openingstijden zijn:</al>
              <lijst>
                <li nr="-"><al>Van maandag t/m vrijdag 10.00 tot 12.00 uur en van 16.00
                                            tot 22.00 uur;</al></li>
                <li nr="-"><al>Zaterdag van 10.00 uur tot 22.00 uur;</al></li>
                <li nr="-"><al>Zondag van 12.00 uur tot 22.00 uur.</al></li>
              </lijst>
              <al>Het hanteren van afwijkende openingstijden past in het kader van
                                    een ontmoedigingsbeleid, hoofdzakelijk met betrekking tot
                                    schooljeugd. Om die reden zijn de tijdstippen waarop de
                                    coffeeshop geopend is, afgestemd op de tijden van schoolpauzes
                                    en einde van de dagelijkse schooltijd. Voorts verlaagt het
                                    hanteren van deze afwijkende openingstijden de kans op
                                    ongewenste confrontatie tussen reguliere horecabezoekers en
                                    bezoekers van de coffeeshop. Bovendien wordt hierdoor in het
                                    belang van de openbare orde en de gezondheid, gecombineerd
                                    gebruik van alcohol en drugs tegengegaan.</al>
              <al>Coffeeshops hebben niet de mogelijkheid om een ontheffing van
                                    het sluitingsuur aan te vragen. De burgemeester is bevoegd in
                                    het belang van de openbare orde en zedelijkheid een vroeger
                                    sluitingsuur vast te stellen.</al>
              <al>Bij overlast veroorzaakt door een coffeeshop – het gaat dan
                                    nadrukkelijk om een lichte vorm van overlast die zich
                                    concentreert rond bepaalde tijdstippen – kan een beperking van
                                    de openings- en sluitingstijden worden opgelegd, die recht doet
                                    aan de specifieke situatie, hetzij in de
                                    vergunningvoorschriften, hetzij bij wijze van sanctiemaatregel
                                    (gebruik makend van de bevoegdheid ex. artikel 13b Opiumwet).
                                    Bij het opleggen van een beperking van de openings- en
                                    sluitingstijden worden de volgende voorwaarden gehanteerd:</al>
              <lijst>
                <li nr="-"><al>de sanctie van beperkte openingstijden komt niet in
                                            plaats van de in het handhavingarrangement opgenomen
                                            maatregelen, maar is een aanvulling;</al></li>
                <li nr="-"><al>de beperking strekt tot beëindiging van lichte vormen
                                            van overlast, waar eerder niet tegen opgetreden kon
                                            worden door een sluiting;</al></li>
                <li nr="-"><al>de beperking wordt alleen opgelegd als er een direct
                                            verband bestaat tussen de ervaren overlast en de
                                            openingstijden;</al></li>
                <li nr="-"><al>bij het opleggen van de beperking baseert de
                                            burgemeester zich op het advies van de politie en houdt
                                            hij rekening met de ligging van de coffeeshop, de
                                            bedrijfsvoering (bijvoorbeeld het al dan niet aanwezig
                                            zijn van een portier of het soort klanten dat de
                                            coffeeshop ontvangt) etc.</al></li>
              </lijst>
              <al>
                <vet>18. Geen terrassen</vet>
              </al>
              <al>Bij coffeeshops worden geen terrassen toegestaan. Dit om te
                                    voorkomen dat publiek ongewild in aanmerking komt met softdrugs
                                    en om te voorkomen dat de drempel te laag wordt.</al>
              <al>
                <vet>19.Open karakter/vrije toegankelijkheid</vet>
              </al>
              <al>Aangezien de verkoop en het gebruik van softdrugs achter
                                    gesloten deuren en geblindeerde ramen argwaan en gevoelens van
                                    onveiligheid oproepen, bijvoorbeeld bij omwonenden, moet er
                                    sprake zijn van een open inrichting die vrij toegankelijk is en
                                    die vanaf de straat is te overzien. Dit bevordert bovendien het
                                    toezicht en de controle op de naleving van de
                                    vergunningvoorschriften.</al>
              <al>Het vereiste van een open karakter van de coffeeshop wordt nader
                                    inhoudelijk ingevuld en geconcretiseerd bij voorkeur in
                                    afstemming met de coffeeshophouders. Dit kan betekenen dat:</al>
              <al>ramen moeten zijn bezet met blank doorzichtig glas, waarvan de
                                    helft maximaal mag zijn bedekt met materiaal dat doorkijken
                                    verhindert;</al>
              <al>in de inrichting mogen geen voorzieningen zijn aangebracht die
                                    een gehele afzondering van een gedeelte van de inrichting
                                    mogelijk maken.</al>
              <al>Ter wering van ongewenste klanten en ter controle van de
                                    leeftijd kan de exploitant, net als bij horecabedrijven, een
                                    portier aanstellen.</al>
              <al>
                <vet>20.Geen verbinding tussen coffeeshop en woning</vet>
              </al>
              <al>Het is niet toegestaan dat een coffeeshop in verbinding staat
                                    met een woning.</al>
              <al>
                <vet>21.Geen loketverkoop aan straat</vet>
              </al>
              <al>De richtlijn van het College van Procureurs-generaal van het OM
                                    stelt eisen aan de locatie waar softdrugs mogen worden verkocht.
                                    De richtlijn spreekt over het onder strikte voorwaarden gedogen
                                    van verkoop van softdrugs in alcoholvrije horecagelegenheden.
                                    Dit impliceert dat verkoop van softdrugs door
                                    coffeeshopexploitanten vanuit een loket aan de straat niet is
                                    toegestaan. Wel is het mogelijk de coffeeshop zodanig in te
                                    richten dat sprake is van een loket in de inrichting, waarbij
                                    het dan mogelijk is om al dan niet naast het loket een
                                    verblijfsmogelijkheid te bieden. Coffeeshops zonder
                                    verblijfsmogelijkheid worden ook wel afhaalshops genoemd.</al>
            </structuurtekst>
          </paragraaf>
          <paragraaf>
            <kop>
              <label>Wet Bibob </label>
            </kop>
            <structuurtekst>
              <al>De gemeente Enkhuizen heeft de Wet BIBOB onder meer van
                                    toepassing verklaard op de vergunningverlening voor horeca en
                                    coffeeshops. Dit betekent voor een coffeeshophouder dat deze bij
                                    aanvraag van de exploitatievergunning horecabedrijf aan een
                                    scherpere toetsing wordt onderworpen.</al>
            </structuurtekst>
          </paragraaf>
          <paragraaf>
            <kop>
              <label>Exploitatievergunning </label>
            </kop>
            <structuurtekst>
              <al>Door het verlenen van de exploitatievergunning is het mogelijk
                                    om, voorafgaand aan de vestiging van een alcoholvrij
                                    horecabedrijf, bij de beslissing op een aanvraag een aantal
                                    overwegingen te betrekken. Dit kan betekenen dat er eisen
                                    gesteld worden ter bescherming van de belangen van openbare
                                    orde, openbare veiligheid, de volksgezondheid en de bescherming
                                    van het milieu. In de voorschriften van de exploitatievergunning
                                    kan opgenomen worden dat de exploitant dient toe te zien op het
                                    gedrag van de komende en gaande bezoekers.</al>
            </structuurtekst>
          </paragraaf>
          <paragraaf>
            <kop>
              <label>Eisen exploitant en leidinggevenden </label>
            </kop>
            <structuurtekst>
              <al>Aan exploitant en leidinggevenden worden op basis van het
                                    coffeeshopbeleid dezelfde eisen gesteld als de eisen genoemd in
                                    artikel 8 van de Drank- en Horecawet. De criteria zijn vermeld
                                    in het Besluit eisen zedelijk gedrag Drank- en Horecawet 1999.
                                    Dit houdt in dat aan de hand van justitiële documentatie wordt
                                    bezien of een exploitant/leidinggevende de laatste 5 jaar een
                                    veroordeling heft gehad verband houdende onder andere met de
                                    Drank- en Horecawet, Opiumwet, Wet op de Kansspelen, heling,
                                    rijden onder invloed, discriminatie. De exploitant(en) en/of
                                    leidinggevende(n) mogen alleen natuurlijke personen zijn.
                                    Rechtspersonen zijn niet toegestaan als beheerder en/of
                                    exploitant.</al>
              <al>Een verzoek om een exploitatievergunning met gedoogvoorschriften
                                    zal geweigerd worden indien geen verklaring omtrent het gedrag
                                    (VOG) van de exploitant, leidinggevenden en alle overige
                                    medewerkers uiterlijk 3 maanden voor de datum waarop het verzoek
                                    om een exploitatievergunning is ingediend is afgegeven.</al>
              <al>De houder van de exploitatievergunning dan wel een
                                    leidinggevende dient tijdens de openingstijden van de coffeeshop
                                    aanwezig te zijn. De minimum leeftijd van de exploitant en
                                    leidinggevenden is 21 jaar.</al>
            </structuurtekst>
          </paragraaf>
          <paragraaf>
            <kop>
              <label>Bestemmingsplan </label>
            </kop>
            <structuurtekst>
              <al>Een pand waarin een coffeeshop is gevestigd dient een
                                    horecabestemming te hebben.</al>
              <al>Geen vestiging in een horecaconcentratiegebied of in een
                                    woonstraat.</al>
            </structuurtekst>
          </paragraaf>
          <paragraaf>
            <kop>
              <label>Termijn gedoogvoorschriften </label>
            </kop>
            <structuurtekst>
              <al>De exploitatievergunning met gedoogvoorschriften wordt voor twee
                                    jaar verleend. Indien een coffeeshop of de exploitant niet meer
                                    aan de voorschriften voldoet, kan de gedoogbeschikking worden
                                    ingetrokken.</al>
            </structuurtekst>
          </paragraaf>
          <paragraaf>
            <kop>
              <label>Evaluatie </label>
            </kop>
            <structuurtekst>
              <al>Het coffeeshopbeleid moet bezien worden in relatie tot andere
                                    vormen van ongewenste drugsfaciliteiten. Te denken valt aan
                                    growshops en de ontmanteling van hennepkwekerijen.</al>
              <al>Uit de analyse die het RIEC Noord-Holland-Noord maakt, zal
                                    moeten blijken of er sprake is van mogelijke
                                    verschuivingsaspecten, een toename of afname van
                                    drugsincidenten.</al>
              <al>Indien nadere informatie hierover bekend wordt, kan dit
                                    aanleiding vormen om het maximumbeleid ten aanzien van
                                    coffeeshops al dan niet te wijzigen.</al>
              <al>Aldus besproken in de vergadering van de raadscommissie BOFS
                                    d.d. 22 april 2013 en </al>
              <al>vastgesteld bij burgemeestersbesluit d.d. 23 april 2013</al>
              <al>De burgemeester,</al>
              <al>J.G.A. Baas</al>
              <al>Dit besluit is gepubliceerd in de Drom d.d. 1 mei 2013</al>
            </structuurtekst>
          </paragraaf>
        </hoofdstuk>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <label>Damoclesbeleid </label>
          </kop>
          <structuurtekst>
            <al>De burgemeester van de gemeente Enkhuizen,</al>
            <al>Gelet op:</al>
            <lijst>
              <li nr="-"><al>“De Richtlijnen voor opsporings- en strafbare feiten van de
                                    Opiumwet” van het Openbaar Ministerie;</al></li>
              <li nr="-"><al>de bevoegdheid van de burgemeester op grond van artikel 174
                                    Gemeentewet ten aanzien van het toezicht op openbare
                                    inrichtingen en de uitvoering van verordeningen die betrekking
                                    hebben op dat toezicht;</al></li>
              <li nr="-"><al>de bevoegdheid van de burgemeester op grond van artikel 13b
                                    Opiumwet tot het toepassen van bestuursdwang ten aanzien van
                                    woningen en lokalen in verband met de aanwezigheid van en de
                                    handel in drugs;</al></li>
              <li nr="-"><al>de bevoegdheid van de burgemeester op grond van artikel 4:81
                                    Algemene wet bestuursrecht ten aanzien van het vaststellen van
                                    beleidsregels met betrekking tot een hem toekomende
                                    bevoegdheid;</al></li>
            </lijst>
            <al>Overwegende het feit dat het wenselijk is een Damoclesbeleid vast te
                            stellen;</al>
            <al>Besluit:</al>
            <al>vast te stellen de navolgende beleidsregel:</al>
            <al>“Damoclesbeleid Lokalen en Woningen”</al>
            <al>Artikel 13b Opiumwet luidt als volgt:</al>
            <lijst>
              <li nr="1."><al>De burgemeester is bevoegd tot oplegging van een
                                        <onderstreept>last onder bestuursdwang</onderstreept> indien
                                    in woningen of lokalen dan wel in of op bij woningen of zodanige
                                    lokalen behorende erven een middel als bedoeld in lijst I of II
                                    wordt verkocht, afgeleverd of verstrekt dan wel daartoe aanwezig
                                    is.</al></li>
              <li nr="2."><al>Het eerste lid is niet van toepassing indien woningen, lokalen
                                    of erven als bedoeld in het eerste lid, gebruikt worden ter
                                    uitoefening van de artsenijbereidkunde, de geneeskunde en
                                    tandheelkunde of de diergeneeskunde door onderscheidenlijk
                                    apothekers, artsen, tandartsen of dierenartsen.</al></li>
            </lijst>
            <al>Het doel van artikel 13b Opiumwet is de preventie en beheersing van de
                            uit het drugsgebruik voortvloeiende risico's voor de volksgezondheid en
                            het voorkomen van nadelige effecten van de handel in en het gebruik van
                            drugs op het openbare leven en andere lokale omstandigheden. Beoogd
                            wordt het definitief doorbreken van de gang naar het lokaal of de woning
                            en de bekendheid van het lokaal of woning in kringen van handelaren en
                            gebruikers van verdovende middelen,</al>
            <al>Het is wenselijk om mede in het belang van de rechtszekerheid de wijze
                            van toepassing van de aan hem toegekende bevoegdheid in artikel 13b,
                            eerste lid van Opiumwet neer te leggen in de vorm van een
                            beleidsregel;</al>
            <lijst>
              <li nr="-"><al>In deze beleidsregel toepassingscriteria zijn opgenomen inzake
                                    de bevoegdheid van de burgemeester om bestuursdwang toe te
                                    passen indien uit schriftelijke bewijsstukken blijkt dat er
                                    handel in verdovende middelen plaatsvindt of heeft
                                    plaatsgevonden;</al></li>
              <li nr="-"><al>In deze beleidsregel wordt een matrix opgezet met betrekking tot
                                    de sluiting voor bepaalde dan wel onbepaalde tijd van woningen
                                    en lokalen en bijbehorende erven wegens overtreding van het
                                    bepaalde in de artikelen 2 en 3 van de Opiumwet.</al></li>
            </lijst>
            <al>Deze beleidsregel geldt niet voor zover in dit onderwerp wordt voorzien
                            in het coffeeshopbeleid.</al>
          </structuurtekst>
        </hoofdstuk>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <label>Artikelen </label>
          </kop>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel 1 Definities </label>
            </kop>
            <al>In deze beleidsregels wordt verstaan onder: </al>
            <lijst>
              <li nr="1."><al>
                  <vet>harddrugs: </vet>middelen vermeld op lijst <vet>l</vet>
                                        behorend bij de Opiumwet;</al></li>
              <li nr="2."><al>
                  <vet>softdrugs</vet>: hasjiesj en hennep (ook stekjes) zoals
                                        omschreven in lijst <vet>ll </vet>behorend bij de Opiumwet,
                                        ook wel aangeduid als hasj, marihuana, weed, wiet of stuff;
                                    </al></li>
              <li nr="3."><al>
                  <vet>handel in drugs: </vet>het verkopen, afleveren of
                                        verstrekken van harddrugs of softdrugs - in al zijn
                                        verschijningsvormen -, dan wel het daartoe aanwezig zijn
                                        daarvan; onder verkoop wordt tevens verstaan het sluiten van
                                        een mondeling overeenkomst tot koop en verkoop van drugs,
                                        waarbij de levering van drugs elders plaatsvindt;</al></li>
              <li nr="4."><al>
                  <vet>lokalen en daarbij behorende erven</vet>
                  <vet>:
                                        </vet>alle al dan niet voor publiek opengestelde lokalen en
                                        daarbij behorende erven. </al></li>
              <li nr="5."><al>
                  <vet>voor</vet>
                  <vet>publiek opengestelde lokalen: </vet>een
                                        besloten ruimte, met in begrip van een daarbij behorend erf,
                                        die – al dan niet met enige beperking- voor het publiek
                                        toegankelijk is. Bijvoorbeeld winkels, horecabedrijven, een
                                        hotel, restaurant, pensioen, café, cafetaria, snackbar,
                                        discotheek, buurthuis of clubhuis. Onder een voor publiek
                                        opengesteld lokaal wordt tevens verstaan: een bij dit
                                        bedrijf behorend terras en andere aanhorigheden</al></li>
              <li nr="6."><al>
                  <vet>niet voor publiek opengestelde lokalen wordt verstaan:
                                        </vet>een besloten ruimte, met inbegrip van een daarbij
                                        behorend erf, die niet voor het publiek toegankelijk is,
                                        niet zijnde een woning. Bijvoorbeeld: bedrijfsruimten,
                                        magazijnen en loodsen.</al></li>
            </lijst>
            <lijst>
              <li nr="7."><al>
                  <vet>woning: </vet>een woning is een pand dat in hoofdzaak
                                        dient tot woning dan wel dienstbaar is aan het wonen.
                                        Hieronder valt zowel een koopwoning als een huurwoning. Het
                                        is de plaats waar een persoon zijn privaat huishoudelijke
                                        leven leidt. Dit wordt niet zonder meer bepaald door
                                        uiterlijke kenmerken zoals de bouw en aanwezigheid van een
                                        bed en ander huisraad, maar ook door de daadwerkelijk
                                        daaraan gegeven bestemming. Een tijdelijke afwezigheid van
                                        de bewoner leidt er niet toe dat de ruimte het karakter van
                                        woning verliest. Een persoon die incidenteel overnacht in
                                        een woning en niet op die adres in GBA staat ingeschreven,
                                        wordt niet aangemerkt als bewoner. Een voor bewoning
                                        bestemde ruimte die niet gebruikt wordt als woning kan
                                        aangemerkt worden als lokaal.</al></li>
              <li nr="8."><al>
                  <vet>terras: </vet>een buiten de besloten ruimte van het
                                        lokaal liggend deel van het lokaal waar sta- of
                                        zitgelegenheid kan worden geboden en waar tegen vergoeding
                                        dranken kunnen worden geschonken of spijzen voor directe
                                        consumptie kunnen worden bereid of verstrekt; </al></li>
              <li nr="9."><al>
                  <vet>exploitatie</vet>
                  <vet>vergunning</vet>: een vergunning
                                        voor de exploitatie van een openbare inrichting als bedoeld
                                        in artikel … de Algemeen Plaatselijke Verordening (APV),
                                        voor zover in deze beleidsregel niet anders is aangegeven;
                                    </al></li>
              <li nr="10."><al>
                  <vet>coffeeshop: </vet>een openbare inrichting waar met een
                                        vergunning van de burgemeester alcoholvrije dranken worden
                                        verkocht en waar verkoop (en gebruik) van softdrugs
                                        plaatsvindt op grond van een daartoe door de burgemeester
                                        verleende gedoogbeschikking; </al></li>
              <li nr="11."><al>
                  <vet>growshop:</vet> een openbare gelegenheid dat blijkens
                                        zijn constructie en inrichting is bestemd en/of wordt
                                        gebruikt voor het bedrijfsmatig te koop aanbieden, waaronder
                                        begrepen uitstalling, verkopen of leveren van grow-producten
                                        voor gebruik, verbruik of aanwending anders dan in de
                                        uitoefening van een beroeps- of bedrijfsactiviteit;</al></li>
              <li nr="12."><al>
                  <vet>grow-producten: </vet>een verzamelnaam voor producten
                                        welke gebruikt worden voor de kweek van hennep zoals onder
                                        andere meststoffen, zaden, groeilampen, ventilatoren,
                                        afzuiginstallaties, lectuur.</al></li>
              <li nr="13."><al>
                  <vet>bevoegdheid</vet>
                  <vet>:</vet> de bevoegdheid op basis
                                        van artikel 13b, eerste lid van de Opiumwet.</al></li>
            </lijst>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel 2 Algemeen </label>
            </kop>
            <lijst>
              <li nr="1."><al>Als beleidsuitgangspunt wordt als regel gekozen voor het
                                        direct toepassen van bestuursdwang en niet voor het opleggen
                                        van een dwangsom. Bestuursdwang is een directer middel dat,
                                        in tegenstelling tot de dwangsom, (op termijn) tot
                                        feitelijke beëindiging van de overtreding zal leiden.; </al></li>
              <li nr="2."><al>Bij het toepassen van bestuursdwang wordt in principe
                                        gekozen voor sluiting van de woning c.q. het lokaal. Dit
                                        wordt als de meest effectieve maatregel beschouwd om de met
                                        de Opiumwet strijdige situatie te doen beëindigen en
                                        herhaling ervan te voorkomen; </al></li>
              <li nr="3."><al>Bij wijze van uitzondering kan in concrete gevallen, waar
                                        het middel van sluiting niet adequaat of niet evenredig is,
                                        bekeken worden welke andere vorm van bestuursdwang dient te
                                        wordentoegepast of dat er toch een last onder dwangsom wordt
                                        opgelegd. Indien er een last onder dwangsom wordt opgelegd
                                        is afdeling 5.3.2 van de Algemene wet bestuursrecht van
                                        overeenkomstige toepassing;</al></li>
            </lijst>
            <lijst>
              <li nr="4."><al>De sluitingsbevoegdheid van de burgemeester op basis van
                                        artikel 13b van de Opiumwet en de overige daarmee
                                        samenhangende maatregelen kunnen uitsluitend toepassing
                                        krijgen op basis van schriftelijke bewijsstukken;</al></li>
              <li nr="5."><al>Bij gebruikmaking van de bevoegdheid genoemd in artikel 13b,
                                        eerste lid van de Opiumwet is afdeling 5.3.1. van de
                                        Algemene wet bestuursrecht van overeenkomstige toepassing;
                                    </al></li>
              <li nr="6."><al>Aangezien op het sluitingsbevel derhalve afdeling 5.3 van de
                                        Awb van toepassing is, moet het schriftelijke bevel worden
                                        aangemerkt als <onderstreept>een beschikking</onderstreept>,
                                        als bedoeld in het eerste lid van artikel 5:9 van de Awb.
                                    </al></li>
              <li nr="7."><al>Bij de procedure tot sluiting van een woning of lokaal op
                                        grond van artikel 13b Opiumwet worden de bepalingen van de
                                        Algemene wet bestuursrecht in acht genomen. Alvorens over te
                                        gaan tot het daadwerkelijk sluiten van een woning of lokaal
                                        zal aan belanghebbenden de gelegenheid worden geboden een
                                        zienswijze in te dienen op het voorgenomen besluit.</al></li>
              <li nr="8."><al>Ingevolge artikel 5:24, tweede lid, van de Awb dient in het
                                        besluit tot toepassing van bestuursdwang een termijn te
                                        worden gesteld waarbinnen de belanghebbende de
                                        tenuitvoerlegging van het bevel, zijnde de daadwerkelijke
                                        sluiting van overheidswege, kan voorkomen door zelf tot
                                        sluiting over te gaan. </al></li>
              <li nr="9."><al>Als begunstigingstermijn wordt bij lokalen een periode van
                                        vijf dagen aangehouden waarbinnen betrokkene zelf in de
                                        gelegenheid wordt gesteld om gehoor te geven aan de
                                        opgelegde last. Bij woningen wordt de begunstigingstermijn
                                        gesteld op veertien dagen. </al></li>
              <li nr="10."><al>Indien de begunstigingstermijn niet wordt gebruikt door de
                                        overtreder om het bevel tot sluiting zelf ten uitvoer te
                                        brengen, effectueert de burgemeester de sluiting van
                                        gemeentewege op kosten van de overtreder(s);</al></li>
              <li nr="11."><al>Indien er feitelijk tot sluiting wordt overgegaan, wordt de
                                        woning of het lokaal voor publiek ontoegankelijk gemaakt. Na
                                        sluiting is het verboden de woning of het lokaal te betreden
                                        op basis van artikel 2.41 van de APV Enkhuizen.</al></li>
              <li nr="12."><al>De duur van de sluiting is afhankelijk van de overtreding en
                                        van de vraag of de woning/het lokaal reeds eerder gesloten
                                        is geweest en varieert van een sluiting voor drie maanden
                                        tot een sluiting voor onbepaalde tijd. De duur van de
                                        sluiting is bedoeld om de loop van eventuele drugsgebruikers
                                        en -handelaren naar het pand er uit te halen en vervolgens
                                        een situatie te bereiken waarin de sluiting van het pand kan
                                        worden opgeheven.</al></li>
              <li nr="13."><al>Artikel 13b Opiumwet raakt het recht op respect voor de
                                        woning zoals dat is vastgelegd in artikel 8 van het Europees
                                        Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de
                                        fundamentele vrijheden (EVRM). Gebruik maken van
                                        bestuursdwang wordt in beginsel toelaatbaar geacht wanneer: </al><lijst>
                  <li nr="·"><al>er sprake is van een verboden situatie en/of
                                                overtreding van een wettelijk voorschrift; </al></li>
                  <li nr="·"><al>en het belang van daadwerkelijk optreden zorgvuldig
                                                wordt gemotiveerd, en </al></li>
                  <li nr="·"><al>en de op te leggen maatregel in redelijke verhouding
                                                staat tot de overtreding en een lichtere maatregel
                                                biedt geen uitkomst. Voldaan moet zijn aan de eisen
                                                proportionaliteit en subsidiariteit;</al></li>
                </lijst></li>
              <li nr="14."><al>Als er sprake is van een woning waarin kamerverhuur
                                        plaatsvindt en de handel in drugs in één van de verhuurde
                                        kamers is geconstateerd dan kan, bij een tweede of latere
                                        overtreding, een gedeeltelijke sluiting van de woning worden
                                        overwogen. Drugshandel in huurwoningen zal, indien mogelijk,
                                        door middel van gemaakte afspraken in het ‘convenant
                                        integrale aanpak hennepkwekerijen’ worden aangepakt door
                                        ontbinding van het huurcontract;</al></li>
            </lijst>
            <lijst>
              <li nr="15."><al>Bij toepassing van de bevoegdheid voortvloeiende uit artikel
                                        13b Opiumwet wordt aansluiting gezocht bij de artikelen 2,
                                        3, 10 en 11 Opiumwet. Omtrent het “verkopen, afleveren,
                                        verstrekken dan wel daartoe aanwezig hebben” van verdovende
                                        middelen wordt aansluiting gezocht bij de Aanwijzing
                                        Opiumwet. Concreet betekent dit dat er sprake is van een
                                        overtreding bij een hoeveelheid softdrugs – waaronder hennep
                                        in al zijn verschijningsvormen, met uitzondering van de
                                        zaden – van meer dan 5 gram, en van een misdrijf bij een
                                        hoeveelheid harddrugs van meer dan 0,5 gram;</al></li>
              <li nr="16."><al>Het besluit tot sluiting van een woning of lokaal op grond
                                        van artikel 13b Opiumwet wordt geregistreerd en gepubliceerd
                                        in de zin van de Wet kenbaarheid publiekrechtelijke
                                        beperkingen onroerende zaken (WKPB). Het WKPB-register houdt
                                        deze publiekrechtelijke beperkingen betreffende het
                                        onroerende zaak bij. Indien de sluiting wordt opgeheven,
                                        wordt dit ook aangepast in het WKPB-register. </al></li>
            </lijst>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel 3 Na traject </label>
            </kop>
            <al>Na afloop van de sluitingstermijn vindt in overleg met de eigenaar
                                en bewoners een overdracht van de woning plaats. Is er ernstige
                                vrees voor herhaling van de verstoring van de openbare orde dan komt
                                de betreffende woning in aanmerking voor een verlenging van de duur
                                van de sluiting. De betrokkene worden bij mogelijke verlenging
                                opnieuw gehoord.</al>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel 4 Growshops </label>
            </kop>
            <al>Een growshop betreft een lokaal en valt als zodanig onder de werking
                                van deze beleidsregel.</al>
            <al>Cannabiszaden mogen legaal worden verkocht, bewerkt of worden
                                afgeleverd. Zodra er echter geen sprake meer is van zaden, maar van
                                hennepstekken, kan worden gesteld dat sprake is van een middel dat
                                valt onder de verbodsbepaling zoals opgenomen in de Opiumwet. </al>
            <al>Tegen iedere growshop die zich schuldig maakt aan het verkopen van
                                softdrugs – onder andere hennep in al zijn verschijningsvormen zoals
                                    hennepstekken<vet>- </vet>en harddrugskan ook op basis van
                                artikel 13b Opiumwet bestuursrechtelijk worden opgetreden. </al>
            <al>Indien bij een growshop geen hennepstekken zijn aangetroffen, maar
                                bijvoorbeeld zogenaamde restmaterialen, blijft staan dat sprake is
                                van het aantreffen van verboden middelen (dus strafrechtelijk
                                optreden is mogelijk) en daarnaast kan worden aangenomen dat ter
                                plaatse verboden middelen aanwezig zijn geweest om verkocht,
                                afgeleverd of verstrekt te worden, zeker wanneer de restmaterialen
                                nadrukkelijk in de winkel worden gevonden, hetgeen betekent dat ook
                                een sluiting op grond van 13b Opiumwet tot de mogelijkheden
                                behoort.</al>
            <al>De handhavingstabel growshops sluit aan bij de termijnentabel uit
                                artikel 5 drugshandel in lokalen. </al>
            <al>De handhavingstabel voor growshops naast de tabel uit artikel 5
                                heeft tot doel:</al>
            <lijst>
              <li nr="-"><al>de handhavingsactiviteiten van politie, OM en gemeente op
                                        elkaar af te stemmen en zoveel mogelijk complementair te
                                        laten zijn;</al></li>
              <li nr="-"><al>geconstateerde overtredingen te laten volgen door een
                                        reactie die qua intensiteit zo goed mogelijk aansluit bij de
                                        ernst van de overtreding;</al></li>
              <li nr="-"><al>kenbaar te maken aan de ‘overtreder’ welke maatregel hij van
                                        politie, OM en gemeente kan verwachten na een overtreding.
                                    </al></li>
            </lijst>
            <al>Indien harddrugs wordt aangetroffen in de growshop beschrijft
                                artikel 5 de duur van sluiting.</al>
            <table>
              <tgroup cols="4">
                <colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="25*"/>
                <colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="27*"/>
                <colspec colname="col3" colnum="3" colwidth="23*"/>
                <colspec colname="col4" colnum="4" colwidth="25*"/>
                <tbody>
                  <row>
                    <entry colname="col1">
                      <al>
                        <vet>Casuïstiek</vet>
                      </al>
                    </entry>
                    <entry colname="col2">
                      <al>
                        <vet>Politie</vet>
                      </al>
                    </entry>
                    <entry colname="col3">
                      <al>
                        <vet>Gemeente</vet>
                      </al>
                    </entry>
                    <entry colname="col4">
                      <al>
                        <vet>OM</vet>
                      </al>
                    </entry>
                  </row>
                  <row>
                    <entry colname="col1">
                      <al>Aantreffen hennepstekken (of restmateriaal) in
                                                  winkel</al>
                      <al>of aangrenzende ruimte van de winkel</al>
                    </entry>
                    <entry colname="col2">
                      <al>
                        <vet>1</vet>
                        <vet>
                          <sup>e</sup>
                        </vet>
                        <vet> (en
                                                  volgende) keer:</vet>
                      </al>
                      <al>·Verbaliseren</al>
                      <al>·Evt inbeslagname</al>
                      <al>·Opmaken bestuurlijk dossier /PV voor OM</al>
                      <al>·Bij acute noodzaak: maatregelen o.g.v. artikel
                                                  2 Politiewet tot bestuurlijke sluiting</al>
                    </entry>
                    <entry colname="col3">
                      <al>
                        <vet>1</vet>
                        <vet>
                          <sup>e</sup>
                        </vet>
                        <vet>
                                                  keer:</vet>
                      </al>
                      <al>Sluiting voor drie maanden</al>
                      <al>
                        <vet>2</vet>
                        <vet>
                          <sup>e</sup>
                        </vet>
                        <vet>
                                                  keer:</vet>
                      </al>
                      <al>Sluiting voor zes maanden</al>
                    </entry>
                    <entry colname="col4">
                      <al>Zie richtlijn voor strafvordering Opiumwet,
                                                  softdrugs.</al>
                    </entry>
                  </row>
                  <row>
                    <entry colname="col1">
                      <al>Verkoop van hennepstekken in de winkel maar
                                                  opslag en levering elders</al>
                    </entry>
                    <entry colname="col2">
                      <al>
                        <vet>1</vet>
                        <vet>
                          <sup>e</sup>
                        </vet>
                        <vet> (en
                                                  volgende) keer:</vet>
                      </al>
                      <al>·Verbaliseren</al>
                      <al>·Evt inbeslagname</al>
                      <al>·Opmaken bestuurlijk dossier/PV voor OM</al>
                      <al>·Bij acute noodzaak: maatregelen o.g.v. artikel
                                                  2 Politiewet tot bestuurlijke sluiting</al>
                    </entry>
                    <entry colname="col3">
                      <al>
                        <vet>1</vet>
                        <vet>
                          <sup>e</sup>
                        </vet>
                        <vet>
                                                  keer:</vet>
                      </al>
                      <al>Sluiting voor drie maanden</al>
                      <al>
                        <vet>2</vet>
                        <vet>
                          <sup>e</sup>
                        </vet>
                        <vet>
                                                  keer:</vet>
                      </al>
                      <al>Sluiting voor zes maanden</al>
                    </entry>
                    <entry colname="col4">
                      <al>idem</al>
                    </entry>
                  </row>
                </tbody>
              </tgroup>
            </table>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel 5 Drugshandel in lokalen </label>
            </kop>
            <table>
              <tgroup cols="2">
                <colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="21*"/>
                <colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="79*"/>
                <tbody>
                  <row>
                    <entry colname="col1">
                      <al>1<sup>e </sup>overtreding</al>
                    </entry>
                    <entry colname="col2">
                      <al>Bij handel in <vet>soft</vet>drugs wordt het
                                                  lokaal gesloten voor de duur van drie maanden. Bij
                                                  een horecabedrijf wordt eveneens de
                                                  exploitatievergunning ingetrokken. </al>
                      <al>Bij handel in <vet>hard</vet>drugs wordt het
                                                  lokaal gesloten voor de duur van twaalf maanden.
                                                  Bij een horecabedrijf wordt eveneens de
                                                  exploitatievergunning ingetrokken.</al>
                    </entry>
                  </row>
                  <row>
                    <entry colname="col1">
                      <al>2<sup>e</sup> overtreding</al>
                    </entry>
                    <entry colname="col2">
                      <al>Indien binnen drie jaar na de eerste overtreding
                                                  een tweede overtreding wordt geconstateerd ten
                                                  aanzien van <vet>soft</vet>drugs wordt het lokaal
                                                  gesloten voor de duur van zes maanden. </al>
                      <al>Indien binnen drie jaar na de eerste overtreding
                                                  een tweede overtreding geconstateerd wordt ten
                                                  aanzien van harddrugs, dan wordt het lokaal zonder
                                                  waarschuwing onmiddellijk gesloten voor de duur
                                                  van twaalf maanden.</al>
                    </entry>
                  </row>
                  <row>
                    <entry colname="col1">
                      <al>3<sup>e</sup> overtreding</al>
                    </entry>
                    <entry colname="col2">
                      <al>Indien hierna binnen drie jaar wederom een
                                                  overtreding wordt geconstateerd ten aanzien van
                                                  soft- of harddrugs, wordt het lokaal gesloten voor
                                                  onbepaalde tijd.</al>
                    </entry>
                  </row>
                </tbody>
              </tgroup>
            </table>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel 6 Drugshandel in woningen met bewoning </label>
            </kop>
            <table>
              <tgroup cols="2">
                <colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="21*"/>
                <colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="79*"/>
                <tbody>
                  <row>
                    <entry colname="col1">
                      <al>1<sup>e </sup>overtreding</al>
                    </entry>
                    <entry colname="col2">
                      <al>Bij handel in <vet>soft</vet>drugs volgt een
                                                  schriftelijke waarschuwing.</al>
                      <al>Bij handel in <vet>hard</vet>drugs wordt de
                                                  woning gesloten voor de duur van drie maanden.
                                                </al>
                    </entry>
                  </row>
                  <row>
                    <entry colname="col1">
                      <al>2<sup>e</sup> overtreding</al>
                    </entry>
                    <entry colname="col2">
                      <al>Indien binnen drie jaar na de eerste overtreding
                                                  een tweede overtreding wordt geconstateerd ten
                                                  aanzien van <vet>soft</vet>drugs, wordt de woning
                                                  gesloten voor de duur van drie maanden. </al>
                      <al>Indien binnen drie jaar na de eerste overtreding
                                                  een tweede overtreding wordt geconstateerd ten
                                                  aanzien van <vet>hard</vet>drugs, wordt de woning
                                                  gesloten voor de duur van zes maanden. </al>
                    </entry>
                  </row>
                  <row>
                    <entry colname="col1">
                      <al>3<sup>e</sup> overtreding</al>
                    </entry>
                    <entry colname="col2">
                      <al>Indien hierna binnen drie jaar wederom een
                                                  overtreding wordt geconstateerd ten aanzien van
                                                  softdrugs, wordt de woning gesloten voor de duur
                                                  van zes maanden. Wordt een overtreding
                                                  geconstateerd ten aanzien van harddrugs, dan wordt
                                                  de woning gesloten voor de duur van twaalf
                                                  maanden.</al>
                    </entry>
                  </row>
                </tbody>
              </tgroup>
            </table>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel 7 Drugshandel in woningen zonder bewoning </label>
            </kop>
            <table>
              <tgroup cols="2">
                <colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="21*"/>
                <colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="79*"/>
                <tbody>
                  <row>
                    <entry colname="col1">
                      <al>1<sup>e </sup>overtreding</al>
                    </entry>
                    <entry colname="col2">
                      <al>Bij handel in <vet>soft</vet>drugs wordt de
                                                  woning gesloten voor drie maanden. </al>
                      <al>Bij handel in <vet>hard</vet>drugs wordt de
                                                  woning gesloten voor vier maanden.</al>
                    </entry>
                  </row>
                  <row>
                    <entry colname="col1">
                      <al>2<sup>e</sup> overtreding</al>
                    </entry>
                    <entry colname="col2">
                      <al>Indien binnen twee jaar na de eerste overtreding
                                                  een tweede overtreding wordt geconstateerd bij de
                                                  handel in <vet>soft</vet>drugs wordt de woning
                                                  gesloten voor een periode van zes maanden.</al>
                      <al>Indien binnen twee jaar na de eerste overtreding
                                                  een tweede overtreding wordt geconstateerd bij de
                                                  handel in <vet>hard</vet>drugs wordt de woning
                                                  gesloten voor een periode van acht maanden.</al>
                    </entry>
                  </row>
                  <row>
                    <entry colname="col1">
                      <al>3<sup>e</sup> overtreding</al>
                    </entry>
                    <entry colname="col2">
                      <al>Indien binnen twee jaar na de tweede overtreding
                                                  een derde overtreding wordt geconstateerd bij de
                                                  handel in <vet>soft</vet>drugs wordt de woning
                                                  gesloten voor een periode van twaalf maanden.</al>
                      <al>Indien binnen twee jaar na de tweede overtreding
                                                  een derde overtreding wordt geconstateerd bij de
                                                  handel in <vet>hard</vet>drugs wordt de woning
                                                  gesloten voor een periode van vijftien
                                                  maanden.</al>
                    </entry>
                  </row>
                </tbody>
              </tgroup>
            </table>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel 8 Hardheidsclausule </label>
            </kop>
            <al>Indien de omstandigheden daartoe aanleiding geven kan gemotiveerd
                                worden afgeweken van het vastgestelde beleid.</al>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel 9 Afwegingscriteria </label>
            </kop>
            <lijst>
              <li nr="1."><al> Uit de jurisprudentie volgt dat automatische toepassing van
                                        het sluitingsbeleid in strijd is met het reparatoire
                                        karakter van een sluitingsbevel krachtens artikel 13b
                                        Opiumwet. De sluiting krijgt daarmee een leedtoevoegend
                                        karakter. De sluiting strekt tot het ongedaan maken van de
                                        overtreding van de Opiumwet en tot het voorkomen van
                                        herhaling van de overtreding en hierbij dienen belangen te
                                        worden afgewogen.</al></li>
              <li nr="2."><al> Indien sprake is van een woning met meerdere bewoners
                                        dienen er aanwijzingen te zijn om hen aan te merken als
                                        ‘schuldige medebewoners’. Is dat niet het geval kan het
                                        besluit leiden tot een onevenredige aantasting van het recht
                                        op privéleven uit artikel 8 EVRM. De belangen moeten
                                        voldoende zijn meegewogen. Dit betekent dat zij omtrent hun
                                        eventuele rol in het geheel gehoord kunnen worden.</al></li>
              <li nr="3."><al> Als door de duur van de procedure geruime tijd is
                                        verstreken sinds de ontdekking van de kwekerij, hoeft dat
                                        voor de rechter geen aanleiding te zijn om te concluderen
                                        dat de belangenafweging tot een minder vergaande maatregel
                                        moeten leiden.</al></li>
              <li nr="4."><al> Uit diverse rechterlijke uitspraken blijkt dat de enkele
                                        aanwezigheid van een hoeveelheid hennep(planten) -die van
                                        zodanige omvang is dat deze niet bestemd kan zijn voor eigen
                                        gebruik, maar geacht moet worden aanwezig te zijn om te
                                        worden verkocht, afgeleverd of verstrekt in de zin van de
                                        bepaling van de Opiumwet- voldoende basis vormt voor
                                        toepassing van artikel 13b van de Opiumwet. Hierbij kan als
                                        afweging worden meegenomen of er sprake is van een bewoonde
                                        of niet bewoonde woning, en of er sprake is van overlast of
                                        een onveilige situatie.</al></li>
              <li nr="5."><al> In ernstige of spoedeisende gevallen kan van het
                                        geformuleerde beleid en de bijbehorende handhavingsmatrix,
                                        worden afgeweken. De rechter moet kunnen toetsen of de
                                        bestreden sluiting past binnen het door de burgemeester te
                                        voeren beleid en of het besluit voldoet aan artikel 3:4 Awb
                                        (evenredigheidsbeginsel).</al></li>
            </lijst>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel 10 Citeertitel </label>
            </kop>
            <al>Deze beleidsregel wordt aangehaald als’ Damoclesbeleid Lokalen en
                                Woningen’ gemeente Enkhuizen.</al>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel 11 Inwerkingtreding </label>
            </kop>
            <al>Deze beleidsregel treedt in werking de dag na bekendmaking.</al>
            <al>Aldus vastgesteld op 23 april 2013 </al>
            <al>De burgemeester van Enkhuizen </al>
          </artikel>
        </hoofdstuk>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <label>Regionaal Handhavingsplan </label>
          </kop>
          <paragraaf>
            <kop>
              <label>Introductie </label>
            </kop>
            <structuurtekst>
              <al>Bij brief van 4 februari 2013 schrijft de minister van Veiligheid en
                                Justitie aan de burgemeesters dat hij het aangescherpte
                                coffeeshopbeleid dat per 1 januari 2013 landelijk is doorgevoerd
                                wilt toelichten. Hij zegt daarover het volgende: Het landelijk
                                coffeeshopbeleid moet een einde maken aan overlast en criminaliteit
                                die verband houden met coffeeshops en daarnaast de handel in
                                verdovende middelen tegen gaan. De coffeeshop moet kleiner en meer
                                beheersbaar worden gemaakt en de aantrekkingskracht van het
                                Nederlandse drugsbeleid op gebruikers afkomstig uit het buitenland
                                moet terug worden gedrongen. Daarnaast is het doel van het
                                coffeeshopbeleid om de zichtbaarheid van coffeeshops voor scholieren
                                te verkleinen. </al>
              <al>De minister heeft in december 2012 aan de Tweede Kamer toegezegd te
                                rapporteren over het lokale maatwerk per gemeente. Daarnaast heeft
                                hij toegezegd voor de zomer te berichten over de tussenstand
                                hiervan. In het kader van deze toezeggingen worden de gemeenten
                                verzocht om de afgestemde handhavingsplannen (inclusief het
                                handhavingsarrangement) voor 1 mei 2013 in te sturen naar het
                                ministerie van Veiligheid en Justitie. </al>
              <al>Als aanvulling op het regionaal Beleid drugsverkooppunten en om aan
                                de wens van de minister van Veiligheid en Justitie te voldoen, is er
                                besloten een regionaal handhavingsplan en handhavingsarrangement op
                                te stellen. Door het regionaal vaststellen van de stukken staan wij
                                als regio sterker in de aanpak van overlast en criminaliteit ten
                                aanzien van coffeeshops en de handel in softdrugs. Daarbij is het
                                tevens voor alle coffeeshophouders in de regio duidelijk hoe de
                                gemeenten met één of meer coffeeshops de lokale handhaving hebben
                                ingericht. </al>
              <al>Het regionaal handhavingsplan bestaat uit de volgende drie
                                onderdelen: </al>
              <lijst>
                <li nr="1."><al>Controle op coffeeshops</al></li>
                <li nr="2."><al>Regionale prioriteiten in de handhaving</al></li>
                <li nr="3."><al>Regionaal handhavingsarrangement </al></li>
              </lijst>
            </structuurtekst>
          </paragraaf>
          <paragraaf>
            <kop>
              <label>Controle op coffeeshops </label>
            </kop>
            <structuurtekst>
              <al>Iedere coffeeshop zal minimaal 2 keer per jaar door de gemeente met
                                ondersteuning van de politie (t.b.v. de veiligheid van de
                                controlerende ambtenaren) worden gecontroleerd. </al>
              <lijst>
                <li nr="-"><al>De gemeentelijk toezichthouder is belast met de leiding en
                                        uitvoering van de controle;</al></li>
                <li nr="-"><al>de politie heeft tot taak de veiligheid van de bij de
                                        controle betrokken ambtenaren te waarborgen. Indien tijdens
                                        de controle het vermoeden rijst van gepleegde strafbare
                                        feiten, stelt de politie een strafrechtelijk onderzoek
                                        in;</al></li>
                <li nr="-"><al>waar mogelijk wordt ook de Belastingdienst bij de integrale
                                        controle betrokken;</al></li>
                <li nr="-"><al>bij klachten omtrent overlast en bij meldingen en signalen
                                        omtrent andere misstanden en incidenten rond coffeeshops,
                                        zal de politie reageren in de vorm van het onderzoeken van
                                        dergelijke informatie en indien nodig daartegen optreden.
                                        Wanneer het in dergelijke ad-hoc situaties mogelijk is,
                                        wordt ook in die gevallen de mogelijkheid verkend om direct
                                        door politie en gemeente gezamenlijk op te treden. Als dat
                                        niet eenvoudig en direct mogelijk blijkt te zijn, treedt de
                                        politie zelfstandig op;</al></li>
                <li nr="-"><al>de controlerapporten worden besproken in het lokaal
                                        driehoeksoverleg;</al></li>
                <li nr="-"><al>in ernstige overlastsituaties zal er een lokaal
                                        driehoeksoverleg worden belegd om afspraken te maken over de
                                        aanpak. </al></li>
              </lijst>
              <al>De controle wordt door de politie geregistreerd en besproken in het
                                lokale driehoeksoverleg. Op grond van de rapportages worden in het
                                driehoeksoverleg afspraken gemaakt over de strafrechtelijke
                                vervolging en bestuursrechtelijke maatregelen zoals omschreven in
                                het handhavingsarrangement.</al>
              <al>Daarnaast zal de politie ook toezien op het terugdringen van de rol
                                van criminele organisaties bij het bevoorraden van coffeeshops. Ook
                                coffeeshops die zich bezighouden met voorraadvorming voor de export
                                zullen worden vervolgd door het Openbaar Ministerie. </al>
            </structuurtekst>
          </paragraaf>
          <paragraaf>
            <kop>
              <label>Illegale handel in softdrugs </label>
            </kop>
            <structuurtekst>
              <al>Handel in softdrugs wordt alleen onder de strikte voorwaarden
                                    van het beleid gedoogd. Deze gedoogcriteria betreffen de
                                    AHOJGI-criteria zoals opgenomen in de Aanwijzing Opiumwet van
                                    het Openbaar Ministerie. Alle andere vormen van handel in
                                    softdrugs zijn illegaal, en zijn verboden op grond van artikel 3
                                    van de Opiumwet.</al>
            </structuurtekst>
          </paragraaf>
          <paragraaf>
            <kop>
              <label>Registratie </label>
            </kop>
            <structuurtekst>
              <al>De politie draagt zorg voor een centrale registratie van alle
                                    informatie over coffeeshops en de softdrugshandel. Dat betekent
                                    dat de politie alle klachten, meldingen en waarnemingen van
                                    politiemensen/politieoptredens, die verband houden met
                                    coffeeshops en drugshandel, vastlegt in een
                                    registratiesysteem.</al>
              <al>In de eerste plaats is registratie van belang om een goed beeld
                                    te krijgen van de gang van zaken rond coffeeshops, van de
                                    softdrugshandel in het algemeen en dus ook van de effectiviteit
                                    van het beleid. In de tweede plaats is registratie een onmisbare
                                    basis voor het optreden tegen coffeeshops die zich niet aan de
                                    gedoogcriteria houden, doordat op deze manier “automatisch” een
                                    dossier wordt opgebouwd dat in juridische procedures de basis
                                    moet vormen voor sluiting en andere sancties. In verband met de
                                    dossiervorming levert de politie zo spoedig mogelijk na ieder
                                    incident aan de gemeente alle relevante informatie aan
                                    (waaronder mutaties en proces verbalen). In dit verband is ook
                                    afgesproken dat de politie periodieke rapportages uitbrengt aan
                                    het driehoeksoverleg, zodat de uitvoering van het
                                    coffeeshopbeleid regelmatig op de agenda van het
                                    driehoeksoverleg staat. De rapportages vormen een goede basis
                                    voor concrete afspraken over optreden tegen overtredingen en
                                    misstanden.</al>
            </structuurtekst>
          </paragraaf>
          <paragraaf>
            <kop>
              <label>Regionale prioriteiten in de handhaving </label>
            </kop>
            <structuurtekst>
              <al>Het lokale bestuur stelt het coffeeshopbeleid vast en voert de
                                regie. De lokale driehoek vult het beleid concreet in en stelt
                                prioriteiten bij de dagelijkse handhaving. Gemeenten bepalen zelf of
                                zij coffeeshops toe laten of dat zij een nul beleid voeren. Deze
                                twee beleidsopties staan beschreven en toegelicht in het eerste deel
                                van dit Drugsbeleid. Van gemeenten met één of meer coffeeshops wordt
                                verwacht dat zij een bijbehorend handhavingsplan opstellen. De
                                handhaving van het I-criterium dient volgens de minister te verlopen
                                in overleg met betrokken gemeenten en zo nodig gefaseerd, waarbij
                                wordt aangesloten bij het lokale coffeeshop- en veiligheidsbeleid
                                zodat sprake is van lokaal maatwerk. </al>
              <al>De gemeenten in de regio Noord-Holland Noord met één of meer
                                coffeeshops hebben regionale overeenstemming bereikt over welke
                                gedoogcriteria prioriteit krijgen toegekend in de handhaving. De
                                handhaving van de AHOJG-criteria is tot regionale prioriteit benoemd
                                omdat men van mening is dat op die criteria overlast en
                                criminaliteit kan ontstaan ten aanzien van coffeeshops. De
                                handhaving van de AHOJG-criteria geschiedt zowel stafrechtelijk als
                                bestuursrechtelijk (zie handhavingsarrangement). </al>
              <al>Met de aanscherping van het gedoogbeleid voor coffeeshops, door
                                middel van het I-criterium, zijn de gemeenten de discussie gestart
                                over het al dan niet handhaven en toekennen van prioriteit aan dit
                                criterium. De gemeenten zijn overeengekomen vooralsnog geen
                                prioriteit toe te kennen aan de handhaving van dit criterium. Dit
                                volgende redenen liggen hieraan ten grondslag: </al>
              <lijst>
                <li nr="-"><al>De gemeenten in Noord-Holland Noord met één of meer
                                        coffeeshops, kennen geen drugtoerisme en daarmee
                                        verbandhoudende drugsrunners (personen die potentiële
                                        buitenlandse klanten buiten de steden opwachten en overhalen
                                        naar een coffeeshop te gaan.) </al></li>
                <li nr="-"><al>Overlast ten aanzien van coffeeshops wordt niet
                                        toegeschreven aan bezoekers die geen ingezetenen van
                                        Nederland zijn. </al></li>
                <li nr="-"><al>Criminaliteit in verband met coffeeshops en verdovende
                                        middelen is niet het gevolg van toegang tot coffeeshops en
                                        verkoop aan anderen dan ingezetenen van Nederland. </al></li>
                <li nr="-"><al>Door strikte handhaving van de AHOJG-criteria wordt overlast
                                        en criminaliteit die verband houdt met coffeeshops dermate
                                        bestreden dat handhaven van het I-criterium hier zeer
                                        geringe bijdrage aan zal leveren ten opzichte van de
                                        inspanningen die hiervoor moeten geleverd. </al></li>
                <li nr="-"><al>Het regionaal opgestelde beleid drugsverkooppunten voorziet
                                        voldoende in het treffen van maatregelen ten aanzien van
                                        coffeeshops en de beheersing van de openbare orde. </al></li>
                <li nr="-"><al>De burgemeester beschikt over afdoende bevoegdheden om
                                        maatregelen te treffen in het kader van de openbare orde.
                                    </al></li>
                <li nr="-"><al>In de regio is van een groep Oost Europeanen die in de
                                        tuinbouw werkzaam is, bekend dat zij zich tot coffeeshops
                                        wenden. Deze groep staat echter ingeschreven in het GBA en
                                        valt daarnaast binnen het project Kompas. Door deze groep
                                        ontstaat dan ook geen overlast en criminaliteit die verband
                                        houden met coffeeshops. </al></li>
              </lijst>
              <al>Dat er geen prioriteit wordt toegekend aan de handhaving van het
                                I-criterium betekent echter niet dat het criterium niet in het
                                handhavingsarrangement is opgenomen. Om voorbereid te zijn op
                                overlast en criminaliteit die in de toekomst ontstaat door het
                                verlenen van toegang tot en verkoop aan anderen dan ingezetenen van
                                Nederland, is het I-criterium uit voorzorg opgenomen in het
                                arrangement. Toekomstige handhaving van het I-criterium kan zo
                                gemakkelijk worden gerealiseerd. Daarbij is het voor het Openbaar
                                Ministerie van belang dat het I-criterium in het
                                handhavingsarrangement is opgenomen, zodat zij strafrechtelijk kan
                                handhaven in geval van zware overtreding conform de richtlijn
                                Opiumwet. </al>
              <al>Er moet worden opgemerkt dat alle zes de gemeenten in Noord-Holland
                                Noord met één of meer coffeeshops de handhaving van het
                                afstandscriterium strikt hebben doorgevoerd. De afstand tussen een
                                coffeeshop en scholen voor voortgezet onderwijs en middelbaar
                                beroepsonderwijs is in de gehele regio minimaal 350 meter. </al>
            </structuurtekst>
          </paragraaf>
          <paragraaf>
            <kop>
              <label>Regionaal Handhavingsarrangement </label>
            </kop>
            <structuurtekst>
              <al>Gemeenten hebben beleidsvrijheid om de hoogte van sancties vast te
                                stellen, mits de zwaarte van de overtreding in verhouding staat tot
                                het doel van de sanctie. Vanuit regionaal oogpunt en duidelijkheid
                                voor alle handhavingspartners is het wenselijk om zoveel mogelijk
                                uniformiteit te hanteren, mede om het zogeheten “waterbedeffect”
                                tegen te kunnen gaan. </al>
              <al>De driehoekspartners hebben ten behoeve van het coffeeshopbeleid
                                afspraken gemaakt over een goede afstemming en een geïntegreerde
                                inzet van het strafrechtelijke en bestuursrechtelijke
                                instrumentarium, overigens met behoud van eigen
                                verantwoordelijkheden.</al>
              <al>Teneinde het justitiële optreden en de bestuursrechtelijke
                                handhaving complementair te laten zijn, wordt gewerkt met een
                                handhavingarrangement. </al>
              <al>Het handhavingarrangement heeft tot doel:</al>
              <lijst>
                <li nr="-"><al>de handhavingactiviteiten van politie, justitie en gemeente
                                        op elkaar af te stemmen en zoveel mogelijk complementair te
                                        laten zijn;</al></li>
                <li nr="-"><al>dat geconstateerde overtredingen gevolgd worden door een
                                        reactie die qua intensiteit zo goed mogelijk aansluit bij de
                                        ernst van de overtreding;</al></li>
                <li nr="-"><al>kenbaar te maken aan de ‘overtreder’ welke maatregel hij van
                                        de overheid kan verwachten na een overtreding.</al></li>
              </lijst>
            </structuurtekst>
          </paragraaf>
          <paragraaf>
            <kop>
              <label>Handhavingsinstrument </label>
            </kop>
            <structuurtekst>
              <lijst>
                <li nr="1."><al>1.Als beleidsuitgangspunt wordt in de regel gekozen voor
                                            het direct toepassen van bestuursdwang en niet voor het
                                            opleggen van een dwangsom. Bestuursdwang is een directer
                                            middel dat, integenstelling tot de dwangsom, (op
                                            termijn) tot feitelijke beëindiging van de overtreding
                                            zal leiden.; </al></li>
              </lijst>
              <lijst>
                <li nr="2."><al>Bij het toepassen van bestuursdwang wordt in principe
                                            gekozen voor sluiting van de woning c.q. het lokaal. Dit
                                            wordt als de meest effectieve maatregel beschouwd om de
                                            met de Opiumwet strijdige situatie te doen beëindigen en
                                            herhaling ervan te voorkomen;</al></li>
                <li nr="3."><al>Bij wijze van uitzondering kan in concrete gevallen,
                                            waar het middel van sluiting niet adequaat of niet
                                            evenredig is, bekeken worden welke andere vorm van
                                            bestuursdwang dient te worden toegepast of dat er toch
                                            een last onder dwangsom wordt opgelegd. Indien er een
                                            last onder dwangsom wordt opgelegd is afdeling 5.3.2 van
                                            de Algemene Wet Bestuursrecht van overeenkomstige
                                            toepassing;</al></li>
              </lijst>
              <al>Indien een coffeeshop handelt in strijd met de AHOJGI-criteria
                                    en/of het beleid drugsverkooppunten (inclusief voorschriften) is
                                    de volgende sanctiestrategie van toepassing:</al>
              <table>
                <tgroup cols="3">
                  <colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="32*"/>
                  <colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="34*"/>
                  <colspec colname="col3" colnum="3" colwidth="33*"/>
                  <tbody>
                    <row>
                      <entry colname="col1">
                        <al>
                          <vet>Overtredingen</vet>
                          <vet>(</vet>
                          <vet>AHOJG</vet>
                          <vet>I</vet>
                          <vet>)
                                                  </vet>
                        </al>
                      </entry>
                      <entry colname="col2">
                        <al>
                          <vet>Politie</vet>
                        </al>
                      </entry>
                      <entry colname="col3">
                        <al>
                          <vet>Gemeente</vet>
                        </al>
                      </entry>
                    </row>
                    <row>
                      <entry colname="col1">
                        <al>
                          <vet>Overtreding </vet>
                        </al>
                        <al>-Affichering</al>
                        <al>-Verkooptransactie &gt; 5 gram</al>
                        <al>-Handelsvoorraad &gt; 500 gram</al>
                        <al>-Verkoop alcohol</al>
                        <al>-Toegang tot en verkoop aan anderen dan
                                                  ingezetenen van Nederland</al>
                      </entry>
                      <entry colname="col2">
                        <al>
                          <vet>1e (en volgende) keer</vet>:</al>
                        <al>-Verbaliseren</al>
                        <al>-Eventueel inbeslagname</al>
                        <al>-Voorstel Bestuurlijke Maatregel</al>
                        <al>-Bij acute noodzaak:</al>
                        <al>Directe sluiting o.g.v art. 2 Politiewet tot
                                                  APV sluiting</al>
                      </entry>
                      <entry colname="col3">
                        <al>
                          <vet>1e keer:</vet>
                        </al>
                        <al>Bestuurlijke waarschuwing/ voornemen tot
                                                  handhaving</al>
                        <al>
                          <vet>2e keer:</vet>
                        </al>
                        <al>Sluiting maximaal 12 maanden</al>
                        <al>
                          <vet>3e keer:</vet>
                        </al>
                        <al>Intrekking exploitatievergunning </al>
                        <al>en sluiting voor onbepaalde tijd</al>
                      </entry>
                    </row>
                    <row>
                      <entry colname="col1">
                        <al>
                          <vet>Overtreding </vet>
                        </al>
                        <al>-Harddrugs aanwezig/handel</al>
                        <al>-Aanwezigheid van/verkoop</al>
                        <al> aan minderjarigen</al>
                      </entry>
                      <entry colname="col2">
                        <al>
                          <vet>1e (en volgende) keer:</vet>
                        </al>
                        <al>-Verbaliseren/informeren OM</al>
                        <al>-Eventueel inbeslagname</al>
                        <al>-Voorstel Bestuurlijke Maatregel</al>
                        <al>-Bij acute noodzaak:</al>
                        <al>Directe sluiting o.g.v. art. 2 Politiewet tot
                                                  APV sluiting of sluiting artikel 13b Opiumwet</al>
                      </entry>
                      <entry colname="col3">
                        <al>
                          <vet>1e keer:</vet>
                        </al>
                        <al>Sluiting maximaal 12 maanden</al>
                        <al>
                          <vet>2e keer:</vet>
                        </al>
                        <al>Intrekking exploitatievergunning</al>
                        <al>en sluiting voor onbepaalde tijd</al>
                      </entry>
                    </row>
                    <row>
                      <entry colname="col1">
                        <al>
                          <vet>Overtreding </vet>
                        </al>
                        <al>-Overlastgevend handelen van bezoekers</al>
                      </entry>
                      <entry colname="col2">
                        <al>
                          <vet>1e (en volgend</vet>
                          <vet>e</vet>
                          <vet>
                                                  keer):</vet>
                        </al>
                        <al>-Meldingen registreren</al>
                        <al>-Verbaliseren</al>
                        <al>-Einde maken aan concrete</al>
                        <al> overlast</al>
                        <al>-Melding doorgeven aan de</al>
                        <al> gemeente</al>
                      </entry>
                      <entry colname="col3">
                        <al>
                          <vet>1e keer:</vet>
                        </al>
                        <al>Gemeente registreert en</al>
                        <al>maakt afspraken met exploitant</al>
                        <al>om overlast te beëindigen</al>
                        <al>
                          <vet>2e keer </vet>(geen verbetering):</al>
                        <al>Bestuurlijke waarschuwing/ voornemen tot
                                                  handhaving</al>
                        <al>
                          <vet>3e keer </vet>(nog geen
                                                  verbetering):</al>
                        <al>Sluiting maximaal 12 maanden</al>
                      </entry>
                    </row>
                    <row>
                      <entry colname="col1">
                        <al>
                          <vet>Overtreding </vet>
                        </al>
                        <al>-Vergunningvoorschriften</al>
                        <al>en aanvullende bestuursrechtelijke
                                                  criteria</al>
                        <al>(Zie aanvullende voorschriften
                                                  drugsbeleid)</al>
                      </entry>
                      <entry colname="col2">
                        <al>
                          <vet>1e (en volgende) keer</vet>:</al>
                        <al>-Verbaliseren</al>
                        <al>-Eventueel inbeslagname</al>
                        <al>-Voorstel Bestuurlijke Maatregel</al>
                        <al>-Bij acute noodzaak:</al>
                        <al>Directe sluiting o.g.v art. 2 </al>
                        <al>Politiewet tot APV-sluiting</al>
                      </entry>
                      <entry colname="col3">
                        <al>
                          <vet>1e keer:</vet>
                        </al>
                        <al>Bestuurlijke waarschuwing/ voornemen tot
                                                  handhaving</al>
                        <al>
                          <vet>2e keer:</vet>
                        </al>
                        <al>Sluiting maximaal 12 maanden</al>
                        <al>
                          <vet>3e keer:</vet>
                        </al>
                        <al>Intrekking exploitatievergunning</al>
                        <al>en sluiting voor onbepaalde tijd </al>
                      </entry>
                    </row>
                  </tbody>
                </tgroup>
              </table>
            </structuurtekst>
          </paragraaf>
          <paragraaf>
            <kop>
              <label>Ernst, aard of combinatie van overtredingen </label>
            </kop>
            <structuurtekst>
              <al>Indien de burgemeester dit nodig acht kan er, gemotiveerd, van
                                    het hiervoor aangegeven handhavingsarrangement worden
                                        afgeweken<vet>. </vet>Het is denkbaar dat tegelijkertijd
                                    verschillende overtredingen worden begaan. Aan de aanpak van een
                                    combinatie van overtredingen kent justitie een hoge prioriteit
                                    toe. Het achtereenvolgens of tegelijkertijd overtreden van
                                    verschillende voorwaarden kan leiden tot het overslaan van
                                    bepaalde beschreven stappen in de overheidsreactie op
                                    afzonderlijke overtredingen. Ook de ernst en de aard van de
                                    feiten en omstandigheden kunnen voor de burgemeester aanleiding
                                    zijn om te besluiten tot het overslaan of afwijken van bepaalde
                                    beschreven stappen in het handhavingarrangement.</al>
              <al>
                <vet>Indien er sprake is van een illegaal verkooppunt voor hard-
                                        of softdrugs, is het in het beleid drugsverkooppunten
                                        opgenomen Damoclesbeleid van toepassing (incl.
                                        handhavingsoverzicht).</vet>
              </al>
              <al/>
            </structuurtekst>
          </paragraaf>
        </hoofdstuk>
      </regeling-tekst>
      <nota-toelichting>
        <kop>
          <label>Nota-toelichting</label>
          <nr/>
          <titel> Toelichting Damoclesbeleid Lokalen en Woningen</titel>
        </kop>
        <al>Op 1 november 2007 is het gewijzigde artikel 13b Opiumwet in werking getreden.
                    Op grond van dit artikel is de burgemeester bevoegd om bestuursdwang toe te
                    passen indien in woningen of lokalen dan wel in of op bij woningen of zodanige
                    lokalen behorende erven een middel als bedoeld in lijst I of II wordt verkocht,
                    afgeleverd, verstrekt of daartoe aanwezig is. De werkingssfeer van 13b Opiumwet
                    is daarmee verruimd tot ook de niet voor publiek toegankelijke lokalen en
                    woningen. In het Damoclesbeleid is vastgelegd op welke manier de burgemeester
                    gebruik zal maken van de bevoegdheid op grond van artikel 13b Opiumwet,
                    behoudens gevallen waarvoor hij gebruik zal maken van de afwijkingsbevoegdheid. </al>
        <al>Het bevel tot sluiting kan, gelet op de overtreding die aan dit bevel tot
                    sluiting ten grondslag heeft gelegen, in een democratische samenleving
                    noodzakelijk worden geacht ter voorkoming van strafbare feiten dan wel ter
                    bescherming van de rechten en vrijheden van anderen, bijvoorbeeld omwonenden. </al>
        <al>De Opiumwet richt zich primair op de preventie en beheersing van de uit
                    drugsgebruik voortvloeiende risico’s voor de gezondheid en de effecten op de
                    leefomgeving. Voor handhaving van de Opiumwet is de gecoördineerde inzet van het
                    openbaar bestuur, het openbaar ministerie en de politie vereist. Uitgangspunt is
                    dat de burgemeester handhavend optreedt als er zich een overtreding als genoemd
                    in artikel 13b Opiumwet voordoet. Het aantonen van overlast is geen voorwaarde
                    bij het toepassen van artikel 13b Opiumwet. Dit beleid geeft aan hoe er
                    opgetreden wordt. </al>
        <al>Voor de bestuurlijke handhaving verstrekt de politie de benodigde informatie aan
                    de burgemeester. De informatie heeft betrekking op de geconstateerde feiten en
                    het optreden en de bevindingen van de politie die voortvloeien uit het
                    strafrechtelijke onderzoek. </al>
        <al>Met betrekking tot de omschrijving in artikel 13b Opiumwet van het “verkopen,
                    afleveren, verstrekken dan wel daartoe aanwezig hebben” van verdovende middelen
                    volgt uit het woord “daartoe” dat de enkele aanwezigheid van verdovende middelen
                    – waaronder hennep in al zijn verschijningsvormen - ten behoeve van verkoop,
                    aflevering of verstrekking de bevoegdheid verschaft tot sluiting. Teneinde
                    bestuursdwang toe te passen is het niet vereist dat de verdovende middelen
                    daadwerkelijk zijn verhandeld. </al>
        <al>Bij de verkoop van softdrugs of harddrugs in een lokaal of woning waar de
                    levering vanuit een ander pand wordt gedaan, geldt dat op basis van de Opiumwet
                    weer zowel strafrechtelijk als bestuursrechtelijk kan worden opgetreden.
                    Daarvoor dient uiteraard wel sprake te zijn van feiten of verklaringen, die het
                    voor de burgemeester aannemelijk maken dat de verkoop ook daadwerkelijk in het
                    betreffende lokaal of woning plaatsvond.</al>
        <al>Voor de uitoefening van de bevoegdheid tot oplegging van een last onder
                    bestuursdwang is het al dan niet aangemerkt kunnen worden als overtreder, niet
                    van belang is. Verder speelt ook persoonlijke verwijtbaarheid geen rol bij de
                    uitoefening van deze bevoegdheid en zal geen bijzondere omstandigheid oplevert
                    die noopt tot afwijking van het beleid. De burgemeester besluit tot sluiting
                    vanwege handhaving van de openbare orde.</al>
        <al>Indien een woning wordt gesloten op grond van artikel 13b Opiumwet, waarbij niet
                    alleen de overtreder de woning zal moeten verlaten, dan zal de gemeente voor de
                    niet-overtreders bemiddelen bij het vinden van vervangende woonruimte. Met het
                    oog op artikel 8 EVRM (inbreuk op de persoonlijke levenssfeer) wordt bij een
                    eerste overtreding van softdrugs vanuit een woning volstaan met een
                    waarschuwing. Eveneens wordt er in het beleid rekening mee gehouden dat een
                    woning niet voor onbepaalde tijd wordt gesloten. </al>
        <al>Bij de procedure tot sluiting van een woning of lokaal op grond van artikel 13b
                    Opiumwet worden de bepalingen van de Algemene wet bestuursrecht in acht genomen.
                    Alvorens over te gaan tot het daadwerkelijk sluiten van een woning of lokaal zal
                    aan belanghebbenden de gelegenheid worden geboden een zienswijze in te dienen op
                    het voorgenomen besluit.</al>
        <al>Op grond van artikel 5:31 lid 1 Awb kan, indien zich een spoedeisende situatie
                    voordoet, de burgemeester besluiten een last onder bestuursdwang toe te passen
                    zonder voorafgaande last en dus zonder voorafgaande termijn om zelf nog
                    maatregelen te nemen door zelf tot sluiting over te gaan. </al>
        <al>Artikel 5:31 lid 2 Awb geeft aan dat in zeer spoedeisende gevallen kan worden
                    opgetreden nog voordat de beslissing een schriftelijk beslissing tot toepassing
                    van bestuursdwang is genomen. In dat bijzondere geval wordt zo spoedig mogelijk
                    nadien alsnog een besluit bekend gemaakt. </al>
        <al>Gezien de vereiste proportionaliteit en eisen aan deugdelijke motivering van het
                    handhavingsbesluit dient de burgemeester voldoende te motiveren waarom geen
                    waarschuwing of begunstigingstermijn aan belanghebbende wordt geboden. Hierbij
                    dient de burgemeester alle relevante aspecten en belangen te betrekken en tegen
                    elkaar af te wegen. De burgemeester dient expliciet en adequaat moeten weergeven
                    waarom sluiting van een lokaal woning zonder waarschuwing in het onderhavige
                    geval gerechtvaardigd is.</al>
        <al>Soms is sluiting niet voldoende en zijn aanvullende maatregelen nodig om de
                    leefbaarheid rond het gesloten pand te herstellen. De Wet Victor regelt het na
                    traject van onder andere een sluiting op grond van artikel 13b Opiumwet. De Wet
                    Victor maakt het mogelijk om het beheer van een pand over te nemen (artikel 14
                    Woningwet) en daarna eventueel te onteigenen (artikel 77 Onteigeningswet). Het
                    besluit tot beheer wordt genomen door het college van burgemeester en
                    wethouders.</al>
        <al/>
      </nota-toelichting>
    </regeling>
  </body>
</cvdr>