<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--
      meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR300665_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Tijdelijke regels bodemverbetering Haarlose Veld en Olden Eibergen</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Provincie">Gelderland</dcterms:creator><dcterms:modified>2013-07-05</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Provincie">Gelderland</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Provinciaal Blad, 2013/138</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Tijdelijke regels bodemverbetering Haarlose Veld en Olden Eibergen</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Subsidieverordening bodemverbetering Haarlose Veld en Olden Eibergen, art. 2, lid 2</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanProvincie">gedeputeerde staten</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>milieu</dcterms:subject><dcterms:issued>2013-07-02</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2013-07-05</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2017-12-31</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>zaaknummer 2013-008071</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>subsidies, water, bodem, milieu</overheidrg:onderwerp><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Deze tijdelijke regeling vervalt met ingang van 31 december 2017.</al><al>De bijlage bij artikel 2.2 van deze regeling is te vinden op blz. 3 van het Provinciaal Blad, nr. 2013/138 van 4 juli 2013.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Tijdelijke regels bodemverbetering Haarlose Veld en Olden Eibergen</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>GEDEPUTEERDE STATEN VAN GELDERLAND</al><al>Gelet op artikel 2, tweede lid van de Subsidieverordening bodemverbetering
                        Haarlose Veld en Olden Eibergen;</al><al>BESLUITEN</al><al>Vast te stellen de navolgende regels: Tijdelijke regels bodemverbetering
                        Haarlose Veld en Olden Eibergen</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><paragraaf><kop><titel>Paragraaf 1 Inleidende bepalingen</titel></kop><artikel><kop><titel>Artikel 1.1 Begripsomschrijvingen</titel></kop><al>In deze regels wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al> Projectperiode: de periode tot en met 2025 dat het project "Win
                                    Win. Met een verbeterde bodemkwaliteit naar een betere
                                    waterkwaliteit voor Haarloseveld en Olden Eibergen" in
                                    uitvoering is;</al></li><li nr="b."><al> Deminimis-verklaring landbouwproductiesector: een schriftelijke
                                    verklaring van een subsidieontvanger omtrent het voldoen aan de
                                    maximale steunbedragen als bedoeld in de EG-Verordening nr.
                                    1535/2007 van 20 december 2007;</al></li><li nr="c."><al> Verordening: Subsidieverordening bodemverbetering Haarlose veld
                                    en Olden Eibergen.</al></li></lijst></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><titel>Paragraaf 2 Verhogen organische stof gehalte percelen in Haarloseveld
                            en Olden Eibergen</titel></kop><artikel><kop><titel>Artikel 2.1 Subsidiabele activiteiten</titel></kop><al>Activiteiten bedoeld in artikel 3 van de verordening zijn:</al><lijst><li nr="a)"><al> het toevoegen van humuszuur of steenmeel aan de bodem;</al></li><li nr="b)"><al> het telen van vroege maïsrassen en het extra vroeg inzaaien van
                                    een groenbemester;</al></li><li nr="c)"><al> het toevoegen van slootmaaisel aan de bodem afkomstig van
                                    werkzaamheden van het waterschap;</al></li><li nr="d)"><al> het toevoegen van mineralen en organische stof op gebiedsniveau
                                    zoals de aanvoer van stro, compost of ander organisch rijk
                                    materiaal;</al></li><li nr="e)"><al> het scheiden van mest in een dikke en dunne fractie op het
                                    bedrijf en daarna de dikke fractie toepassen op de percelen met
                                    de laagste organische stof gehalten.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 2.2 Aanvrager</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al> Subsidie wordt verstrekt aan landbouwbedrijven met percelen in het
                                doelgebied zoals</al><al/><al> opgenomen in de bijlage.</al></lid></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 2.3 Criteria</titel></kop><al>Subsidie wordt slechts verstrekt indien de subsidieontvanger als gevolg
                            van gesubsidieerde activiteiten een lagere opbrengst per hectare
                            realiseert dan in het geval hij deze activiteiten niet zou uitvoeren
                            en:</al><lijst><li nr="a."><al> 1 jaar op basis van een proef wordt deelgenomen en voor de
                                    resterende jaren een langjarig contract van minimaal vijf jaar
                                    wordt aangegaan;</al></li><li nr="b."><al> op het perceel dat voor subsidie in aanmerking komt voor de
                                    uitvoering van maatregelen in de resterende projectperiode
                                    alleen die activiteiten worden uitgevoerd die het behaalde
                                    percentage organische stof ten minste handhaven.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 2.4 Weigeringsgrond(en)</titel></kop><al>Geen subsidie wordt verstrekt voor kosten voor de afvoer van mest.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 2.5 De aanvraag</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al> Onverminderd artikel 2.1 van de AsG 1998 legt de aanvrager bij de
                                aanvraag over: </al><lijst><li nr="a."><al> De gegevens van eerder verrichte bodemonderzoeken;</al></li><li nr="b."><al> De gegevens over het grondgebruik van het desbetreffende
                                        perceel in de afgelopen 6 jaar;</al></li><li nr="c."><al> Een verklaring van eigendom of langjarige pacht;</al></li><li nr="d."><al> Een overeenkomst tussen het landbouw bedrijf en de
                                        Stichting Marke Haarloseveld Olden</al><al/><al> Eibergen en omstreken betreffende de uitvoering van het
                                        gebiedsprogramma;</al></li><li nr="e."><al> Een door aanvrager ondertekende Deminimis-verklaring
                                        landbouwproductiesector;</al></li><li nr="f."><al> Indien van toepassing een document waaruit blijkt dat de
                                        aanvrager in aanmerking komt voor de fiscale
                                        landbouwvrijstelling.</al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 2.6 Hoogte van de subsidie</titel></kop><al>De subsidie wordt vastgesteld op basis van de werkelijk gemaakte kosten
                            of op basis van een inschatting van de gederfde inkomsten. De vergoeding
                            bedraagt maximaal het bedrag van de lagere opbrengst als bedoeld in
                            artikel 2.3. De subsidie bedraagt minimaal € 100 per ha en
                            maximaal:</al><lijst><li nr="a)"><al> het toevoegen van humuszuur of steenmeel aan de bodem: € 175
                                    per ha;</al></li><li nr="b)"><al> het telen van vroege maïsrassen en het extra vroeg inzaaien van
                                    een groenbemester: € 350 per ha;</al></li><li nr="c)"><al> het toevoegen van slootmaaisel aan de bodem afkomstig van
                                    werkzaamheden van het waterschap: € 180 per ha;</al></li><li nr="d)"><al> het toevoegen van mineralen en organische stof op gebiedsniveau
                                    zoals de aanvoer van stro: € 200 per ha of de aanvoer van
                                    compost of ander organisch rijk materiaal: € 300 per ha;</al></li><li nr="e)"><al> het scheiden van mest in een dikke en dunne fractie op het
                                    bedrijf en daarna de dikke fractie toepassen op de percelen met
                                    de laagste organische stof gehalten: € 350 per ha.</al></li></lijst></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><titel>Paragraaf 3 Slotbepalingen</titel></kop><artikel><kop><titel>Artikel 3.1 Slotbepaling</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al> Deze regels treden inwerking met ingang van de dag na de datum van
                                uitgifte van het Provinciaal Blad waarin zij wordt geplaatst en
                                vervalt met ingang van 31 december 2017.</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al> Deze regels worden aangehaald als: Tijdelijke regels
                                bodemverbetering Haarlose Veld en Olden Eibergen.</al></lid></artikel></paragraaf></regeling-tekst><regeling-sluiting><slotformulering><al>Gedeputeerde Staten van Gelderland</al></slotformulering></regeling-sluiting><bijlage><kop><titel>Bijlage bij artikel 2.2</titel></kop><al>Deze bijlage is te vinden op blz. 3 van het Provinciaal Blad van 4 juli 2013,
                    nr. 2013/138.</al></bijlage><nota-toelichting><al><vet>Artikel 2.1 Subsidiabele activiteiten</vet> In totaal zijn door de
                    Stichting Haarloseveld Olden Eibergen en omstreken voor de start van het project
                    in 2013 een vijftal maatregelen genoemd. De maatregelen zijn geselecteerd op
                    basis van de ideeën die leven bij de agrarische ondernemers in het gebied om het
                    organische stof gehalte van de percelen met een zeer laag gehalte aan organische
                    stof te verbeteren. Het gaat daarbij om aanvoer van organisch materiaal
                    (humuszuur, slootmaaisel en compost); het gebruik van meer vaste mestsoorten
                    (eigen dikkefractie of geitenmest), en het zelf telen van organische stof via
                    groenbemester.</al><al><vet>Artikel 2.3 Criteria</vet> De maatregelen die zijn opgenomen in een
                    langjarig contract als bedoeld onder a kunnen in overleg met de stichting worden
                    aangepast aan veranderende omstandigheden met behoud van doelbereik.</al><al><vet>Artikel 2.6 Hoogte van de subsidie</vet></al><al>De subs bedraagt minmaal € 100,- per ha met een maximum van € 350,- (exclusief
                    btw). De hoogte is afhankelijk van de uitgevoerde maatregel. De subsidie wordt
                    vastgesteld op basis van de werkelijk gemaakte kosten of een inschatting van de
                    gederfde inkomsten (op basis van een vooraf overeengekomen methodiek). De
                    berekeningen per ha zijn als volgt: a) het toevoegen van humuszuur of steenmeel
                    aan de bodem: Kosten per ha: Kosten voor aanschaf humuszuur + kosten voor
                    toediening; b) het telen van vroege maïsrassen en het extra vroeg inzaaien van
                    een groenbemester: Kosten per ha: (Gemiddelde kg droge stof opbrengst reguliere
                    mais (van minimaal 5 agrarische bedrijven) - opbrengst vroege mais) x marktprijs
                    kg droge stof snijmaïs; c) het toevoegen van slootmaaisel aan de bodem afkomstig
                    van werkzaamheden van het waterschap: Kosten per ha: Aantal ton x kosten
                    toediening per ton; d) het toevoegen van mineralen en organische stof op
                    gebiedsniveau zoals de aanvoer van: 1. geitenmest: kosten per ha: (kosten
                    breedstrooier inclusief laden en lossen) + (kosten inhuur kraan) + (deelrekening
                    bemostering mesthoop: (aantal ha/€ 300,- per bemonstering)); 2. compost of ander
                    organisch rijk materiaal: kosten per ha: (kosten levering compost) + (kosten
                    inhuur kraan) + (kosten laden compost in breedstrooier); e) binnen het bedrijf
                    verwerken van dikke fractie en dunne fractie van de mest: Kosten per ha:
                    (Scheiden van mest + aanvullende grondstof + extra keer uitrijden) + ((aan- en
                    afvoer van de mestscheider + mestonderzoek op bedrijf + bemestingsadvies)/
                    aantal ha).</al></nota-toelichting></regeling></body></cvdr>