<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR298907_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening langdurigheidstoeslag 2013</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Dronten</dcterms:creator><dcterms:modified>2013-07-01</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Dronten</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Gemeentebald 2013, nr. 23</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening langdurighiedstoeslag 2013</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">artikel 36 Wet werk en bijstand</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>maatschappelijke zorg en welzijn</dcterms:subject><dcterms:issued>2013-05-30</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2013-07-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2015-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Onbekend</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>B13.0000513</overheidrg:kenmerk><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening langdurigheidstoeslag 2013</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De raad van de gemeente Dronten,</al><al>gelezen het voorstel van het college van 9 april 2013, No B13.000513;</al><al>gelet op de artikel 36 van de Wet werk en bijstand;</al><al>gezien het advies van de raadscommissie van mei 2013;</al><al>overwegende dat het noodzakelijk is het verstrekken van
                        langdurigheidstoeslag aan personen van 21 jaar of ouder doch jonger dan de
                        pensioengerechtigde leeftijd bij verordening te regelen;</al><al>B E S L U I T:</al><al>vast te stellen de volgende <vet>Verordening langdurigheidstoeslag
                            2013</vet></al><al/><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1.</nr><titel>Begripsbepalingen</titel></kop><al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>college: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente
                                Dronten;</al></li><li nr="b."><al>wet: de Wet werk en bijstand;</al></li><li nr="c."><al>WTOS: Wet tegemoetkoming onderwijsbijdrage en schoolkosten;</al></li><li nr="d."><al>WSF 2000: Wet Studiefinanciering;</al></li><li nr="e."><al>gehuwden: definitie als gebruikt in artikel 21 van de wet</al></li><li nr="f."><al>alleenstaande ouder: persoon als bedoeld in artikel 4 van de
                                wet;</al></li><li nr="g."><al>alleenstaande: persoon als bedoeld in artikel 4 van de wet;</al></li><li nr="h."><al>bijstandsnorm: de norm bedoeld in artikel 5 onderdeel c van de
                                wet;</al></li><li nr="i."><al>traject naar betaalde arbeid: een met de belanghebbende
                                overeengekomen, dan wel door het college aan belanghebbende
                                opgelegd, geheel van activiteiten gericht op het binnen 12 maanden
                                verkrijgen van betaalde arbeid;</al></li><li nr="j."><al>inrichting: instelling als bedoeld in artikel 1 onderdeel f van de
                                wet.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2.</nr><titel>Voorwaarden</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Onverlet het bepaalde in artikel 36 van de wet komt in aanmerking voor
                            de langdurigheidstoeslag de belanghebbende die gedurende een
                            onafgebroken periode van 36 maanden aangewezen is geweest op een inkomen
                            dat niet hoger is dan de voor hem geldende bijstandsnorm en geen in
                            aanmerking te nemen vermogen heeft als bedoeld in artikel 34 van de
                            wet.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De persoon die een traject naar betaalde arbeid volgt voldoet niet aan
                            de in artikel 36, lid 1 van de wet gestelde voorwaarde dat hij geen
                            uitzicht heeft op inkomensverbetering.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Niet voor de langdurigheidstoeslag komt in aanmerking de belanghebbende
                            die een opleiding volgt als bedoeld in de WTOS, dan wel een studie volgt
                            als genoemd in de WSF 2000.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.</nr><titel>Hoogte van de toeslag</titel></kop><al>De langdurigheidstoeslag bedraagt voor</al><lijst><li nr="a."><al>gehuwden: 40% van de voor hen geldende bijstandsnorm;</al></li><li nr="b."><al>alleenstaande ouder: 40% van de voor hen geldende bijstandsnorm
                                verhoogd met de maximale toeslag als bedoeld in artikel 25, tweede
                                lid van de wet;</al></li><li nr="c."><al>alleenstaande: 40% van de voor hen geldende bijstandsnorm verhoogd
                                met de maximale toeslag als bedoeld in artikel 25, tweede lid van de
                                wet;</al></li><li nr="d."><al>personen in een inrichting: 40% van de voor hen geldende
                                bijstandsnorm, verhoogd met de toeslag als bedoeld artikel 23,
                                tweede lid van de wet.</al></li></lijst><al><vet><cursief>SLOTbepalingen</cursief></vet></al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4.</nr><titel>Onvoorziene gevallen</titel></kop><al>In gevallen waarin deze regeling niet voorziet, beslist het college.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5.</nr><titel>Hardheidsclausule</titel></kop><al>Het college kan in bijzondere gevallen afwijken van de bepalingen in deze
                        verordening, als toepassing daarvan tot onbillijkheden van overwegende aard
                        leidt.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6.</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><al>Deze verordening treedt in werking op 1 juli 2013 onder gelijktijdige
                        intrekking van de Verordening langdurigheidstoeslag 2009 (B08.00.1688).</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7.</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening kan aangehaald worden als Verordening Langdurigheidstoeslag
                        2013.</al><al/></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Dronten, 30 mei 2013</ondertekening><ondertekening>de raad van Dronten</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>D.Petrusma </ondertekening><ondertekening>griffier </ondertekening><ondertekening/><ondertekening>P.C.J. Bleeker</ondertekening><ondertekening>plv. voorzitter</ondertekening><ondertekening/><ondertekening/></regeling-sluiting><nota-toelichting><kop><titel>TOELICHTING</titel></kop><tussenkop>ALGEMEEN</tussenkop><al>De doelstelling van langdurigheidstoeslag is op aanvraag financiële
                    ondersteuning bieden wanneer men langdurig op een laag inkomen is aangewezen en
                    geen uitzicht heeft op inkomensverbetering.</al><al>Om in aanmerking te komen voor langdurigheidstoeslag moet aan een aantal
                    voorwaarden zijn voldaan. De belanghebbende moet </al><lijst><li nr="·"><al>21 jaar of ouder zijn, maar nog niet de pensioengerechtigde leeftijd
                            hebben bereikt;</al></li><li nr="·"><al>Langdurig een laag inkomen hebben;</al></li><li nr="·"><al>Geen in aanmerking te nemen vermogen hebben, en</al></li><li nr="·"><al>Geen uitzicht hebben op inkomensverbetering. </al></li></lijst><al>Het is aan de gemeenteraad opgedragen om in een verordening te bepalen wat onder
                    ‘langdurig een laag inkomen’ moet worden verstaan. Bovendien kan uit de
                    parlementaire wetsgeschiedenis worden afgeleid dat die verordeningplicht ook
                    geldt voor het ‘geen uitzicht hebben op inkomensverbetering’.</al><tussenkop>Artikelgewijze toelichting</tussenkop><tussenkop>Artikel 1. Begripsbepalingen</tussenkop><al>Er is voor gekozen om begrippen die al zijn omschreven in de WWB, Awb of de
                    Gemeentewet niet afzonderlijk te definiëren in deze verordening. Dit voorkomt
                    dat in geval van wijziging van betreffende definities in de betreffende wetten,
                    ook de Verordening moet worden gewijzigd.</al><al>In artikel 4 van de WWB staan de doelgroepen “alleenstaande ouder”,
                    “alleenstaande” en “gezin” voor de WWB gedefinieerd. Voor de
                    langdurigheidstoeslag haken wij aan op deze doelgroepen. </al><al>Echter, het begrip “gezin” overlapt met het begrip “alleenstaande ouder” en is
                    daardoor onbruikbaar in deze verordening. Er is voor het begrip “gehuwden”
                    gekozen, dat ook gebruikt worden bij bepaling van de hoogte van de
                    bijstandsnorm, artikel 21 van de WWB.</al><al>Het begrip “traject naar betaalde arbeid” is toegevoegd omdat daarmee de
                    wettelijke voorwaarde van artikel 36, lid 1 nader wordt ingekaderd. </al><tussenkop>Artikel 2. Voorwaarden</tussenkop><al>Lid 1. In dit lid wordt beschreven wat de gemeente Dronten verstaat onder
                    “langdurig een laag inkomen hebben”. </al><al><cursief>Langdurig:</cursief> De referteperiode was vóór 2009 vijf jaar. Veel
                    gemeenten vonden deze periode te lang, waarop de wetgeving aangepast is en de
                    keuze aan de gemeente is gelaten. De gemeente Dronten heeft in 2009 gekozen voor
                    drie jaar. Dit is een periode waarvoor ook door het Nibud is aangegeven dat
                    daarna de reserverings-mogelijkheden minimaal worden. </al><tussenkop>Laag:</tussenkop><al>Gemeenten zijn vrij om een eigen maximale inkomensgrens te hanteren. De raad van
                    Dronten heeft in 2009 voor 100% van de bijstandsnorm gekozen.</al><al>Lid 2. In dit lid wordt de wettelijke voorwaarde van artikel 36, lid 1 “geen
                    uitzicht op inkomensverbetering” nader ingekaderd. Onder “een traject naar
                    betaalde arbeid” verstaan we een met de belanghebbende overeengekomen, dan wel
                    door het college aan belanghebbende opgelegd, geheel van activiteiten gericht op
                    het binnen 12 maanden verkrijgen van betaalde arbeid. Cliënten die een eenjarig
                    traject naar betaalde arbeid volgen hebben in beginsel uitzicht op
                    inkomensverbetering. </al><al>LET OP! Er kan sprake zijn van bijzondere omstandigheden waardoor in
                    redelijkheid niet kan worden gesteld dat sprake is van uitzicht op
                    inkomensverbetering. </al><al> Daarbij kan gedacht worden aan:</al><lijst><li nr="1."><al>persoonlijke factoren (een plotselinge ernstige chronische ziekte)</al></li><li nr="2."><al>gebrek aan in het verleden gerealiseerde verdiencapaciteit algemene
                            economische factoren, zoals de lokale, regionale en landelijke
                            arbeidsmarktsituatie (er zijn geen banen beschikbaar)</al></li><li nr="3."><al>Deze contra-indicaties moeten wel aangetoond door de belanghebbende (1)
                            c.q. zijn geverifieerd door de gemeente (2 en 3). </al></li></lijst><al>Voorbeelden:</al><al>Wanneer een cliënt vrijwilligerswerk doet, betekent dit niet dat deze cliënt
                    uitgesloten wordt van de langdurigheidstoeslag. Voor deze cliënt moet bekeken
                    worden in hoeverre deze cliënt uitzicht heeft op inkomensverbetering binnen 12
                    maanden. Bij afwijzing van de aanvraag, is motivering van het besluit van groot
                    belang.</al><al>Ook wanneer een cliënt verminderd belastbaar is en enkel mogelijkheden heeft
                    voor een deeltijdbaan, betekent dit niet per definitie dat deze cliënt
                    uitgesloten wordt van de langdurigheidstoeslag. Ook hierbij, is motivering bij
                    afwijzing van groot belang.</al><al>Lid 3. Met dit lid wordt studenten uitgesloten van de langdurigheidstoeslag,
                    omdat zij per definitie een arbeidsmarktperspectief en zich op
                    inkomensverbetering hebben. Om te voorkomen dat iemand met een avondstudie wordt
                    uitgesloten, wordt gekeken naar de WTOS en WSF2000.</al><tussenkop>Artikel 3. Hoogte van de toeslag</tussenkop><al>In dit lid wordt de hoogte van de toeslag geregeld. Er wordt uitgegaan van een
                    percentage van de, voor de belanghebbende, geldende bijstandsnorm. Hierdoor
                    hoeft het bedrag van de langdurigheidstoeslag niet jaarlijks aangepast te worden
                    als de normbedragen gewijzigd worden. </al><tussenkop>SLOTbepalingen</tussenkop><tussenkop>Artikel 4. Onvoorziene gevallen</tussenkop><al>Geen nadere toelichting</al><tussenkop>Artikel 5. Hardheidsclausule</tussenkop><al>Geen nadere toelichting</al><tussenkop>Artikel 6. Inwerkingtreding</tussenkop><al>Vaak treedt de verordening in werking één dag na de bekendmaking. De
                    bekendmaking moet in een gemeenteblad plaatsvinden. Echter, gelet op de
                    vergaderdatum, zal de inwerkingtreding begin juni 2013, maar na 1 juni 2013
                    zijn. Om verwarring te voorkomen, kiezen we voor de specifieke datum van 1 juli
                    2013.</al><tussenkop>Artikel 7. Citeertitel</tussenkop><al>Geen nadere toelichting. </al></nota-toelichting></regeling></body></cvdr>