<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR298150_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening voor de controle op het financieel beheer en op de inrichting van de financiële organisatie van de gemeente Eersel</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Eersel</dcterms:creator><dcterms:modified>2013-06-20</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Eersel</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">De Hint 06-11-2003</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Controleverordening gemeente Eersel</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="http://wetten.overheid.nl/BWBR0005416/TitelIV/HoofdstukXIV/Artikel213/geldigheidsdatum_11-06-2013">Artikel 213 Gemeentewet</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>financiën en economie</dcterms:subject><dcterms:issued>2003-10-28</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2003-10-28</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2023-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nvt</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>nvt</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen.</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening voor de controle op het financieel beheer en op de inrichting van de financiële organisatie van de gemeente Eersel</intitule><regeling><aanhef><preambule><al> De raad van de gemeente Eersel;</al><al> gelet op artikel 213 Gemeentewet en het Besluit accountantscontrole
                        gemeenten;</al><al> besluit vast te stellen:</al><al> Verordening voor de controle op het financieel beheer en op de inrichting
                        van de financiële organisatie van de gemeente Eersel</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Definities</titel></kop><al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al><vet>accountant</vet></al><al>een door de raad aangewezen:</al><lijst><li nr="•"><al>registeraccountant of</al></li><li nr="•"><al>accountant-administratieconsulent met een aantekening in het
                        inschrijvingsregister als bedoeld in het derde lid van artikel 36, Wet op de
                        Accountant-Administratieconsulenten of</al></li><li nr="•"><al>organisatie waarin voor de accountantscontrole bevoegde accountants
                        samenwerken, belast met de controle van de in artikel 197 Gemeentewet bedoelde
                        jaarrekening.</al></li></lijst></li><li nr="b."><al><vet>accountantscontrole</vet></al><al>de controle van de in artikel 197 Gemeentewet bedoelde jaarrekening
                        uitgevoerd door de door de raad aangewezen accountant van:</al><lijst><li nr="•"><al>het getrouwe beeld van de in de jaarrekening gepresenteerde baten en
                        lasten en de grootte en samenstelling van het vermogen;</al></li><li nr="•"><al>het rechtmatig tot stand komen van de baten en lasten en
                        balansmutaties;</al></li><li nr="•"><al>het in overeenstemming zijn van de door het college opgestelde
                        jaarrekening met de bij of krachtens algemene maatregel van bestuur te
                        stellen regels bedoelt in artikel 186 Gemeentewet;</al></li><li nr="•"><al>de inrichting van het financieel beheer en de financiële organisatie
                        gericht op de vraag of deze een getrouwe en rechtmatige verantwoording
                        mogelijk maken;</al><al> waarbij de nadere regels die bij of krachtens algemene maatregel van
                        bestuur worden ge-steld op grond van het zesde lid van artikel 213
                        Gemeentewet, in acht worden genomen.</al></li></lijst></li><li nr="c."><al><vet>rechtmatigheid in het kader van de accountantscontrole</vet></al><al> het overeenstemmen van het tot stand komen van de financiële
                        beheershandelingen en de vastlegging daarvan met de relevante wet- en
                        regelgeving, zoals bedoeld in het “Besluit ac-countantscontrole
                        gemeenten”.</al></li><li nr="d."><al><vet>deelverantwoording</vet></al><al> een in opdracht van de raad ten behoeve van de verslaglegging opgestelde
                        verantwoording van een afzonderlijke functie, post of categorie, welke
                        verantwoording onderdeel uit maakt van de jaarrekening.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Opdrachtverlening accountantscontrole</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De accountantscontrole van de jaarrekening, als bedoeld in artikel 213,
                        lid 2 Gemeentewet, wordt opgedragen aan een door de raad te benoemen
                        accountant. De aanwijziging van de ac-countant geschiedt voor een periode
                        van maximaal 4 jaar.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college bereidt in overleg met de raad de aanbesteding van de
                        accountantscontrole voor.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De raad stelt voor de aanbesteding van de accountantscontrole het
                        programma van eisen vast. In het programma van eisen worden voor de
                        jaarlijkse accountantscontrole opgenomen:</al><lijst><li nr="a."><al>de toe te passen goedkeuringstoleranties (en afwijkende
                        rapporteringstoleranties) bij de controle van de jaarrekening;</al></li><li nr="b."><al>de apart te controleren deelverantwoordingen en de daarbij toe te passen
                        omvangsba-ses en goedkeuringstoleranties (en afwijkende
                        rapporteringstoleranties);</al></li><li nr="c."><al>de inrichtingseisen voor het verslag van bevindingen;</al></li><li nr="d."><al>de eventueel aanvullende uit te voeren tussentijdse controles;</al></li><li nr="e."><al>de frequentie en inrichtingseisen van de aanvullende tussentijdse
                        rapportering; en voor ieder afzonderlijk te controleren begrotingsjaar:</al></li><li nr="f."><al>de posten van de jaarrekening en deelverantwoordingen met bijbehorende
                        afwijkende rapporteringstoleranties, waaraan de accountant bij zijn controle
                        specifiek aandacht dient te besteden;</al></li><li nr="g."><al>de gemeentelijke producten en of organisatieonderdelen met bijbehorende
                        afwijkende rapporteringstoleranties, waaraan de accountant bij zijn controle
                        specifiek aandacht dient te besteden.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>In afwijking van het gestelde in lid 3, letters f en g kan de raad in
                        het programma van eisen op-nemen, dat de raad jaarlijks voorafgaand aan de
                        accountantscontrole in overleg met de accoun-tant vaststelt de posten van de
                        jaarrekening, de posten van de deelverantwoordingen, de ge-meentelijke
                        producten en de gemeentelijke organisatieonderdelen, waaraan de accountant
                        bij zijn controle specifiek aandacht dient te besteden en welke
                        rapporteringstoleranties hij daarbij dient te hanteren.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>In geval van Europese aanbesteding van de accountantscontrole stelt de
                        raad voor de selectie van de accountant de selectiecriteria vast en per
                        selectiecriterium de bijbehorende weging vast.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Informatieverstrekking door college</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college is verantwoordelijk voor de samenstelling van de
                        jaarrekening conform de geldende interne - en externe wet- en regelgeving en
                        legt deze de accountant ter controle voor.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college draagt er zorg voor dat alle aan de jaarrekening ten
                        grondslag liggende verordenin-gen, nota’s, collegebesluiten,
                        deelverantwoordingen, administraties, plannen, overeenkomsten, berekeningen
                        e.d. voor de accountant ter inzage liggen en goed toegankelijk zijn.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Bij de jaarrekening bevestigt het college schriftelijk aan de
                        accountant, dat alle hem bekende informatie van belang voor de
                        oordeelsvorming van de accountant is verstrekt.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het college legt de gecontroleerde jaarrekening samen met de
                        accountantsverklaring en het ver-slag van bevindingen uiterlijk 15 juli aan
                        de raad voor.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Alle informatie die na afgifte van de accountantsverklaring en voor
                        behandeling van de jaarreke-ning in de raad beschikbaar komt en die van
                        invloed is op het beeld dat de jaarrekening geeft, wordt terstond door het
                        college aan de raad en de accountant gemeld.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Inrichting accountantscontrole</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De accountant bepaalt binnen het kader van de opdrachtverlening de wijze
                        waarop de accoun-tantscontrole wordt ingericht, alsmede de aard en de omvang
                        van de daarbij behorende werk-zaamheden.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De accountant bepaalt binnen het kader van de opdrachtverlening de
                        frequentie van de uit te voeren controles. De accountant kan de
                        controlewerkzaamheden zonder voorafgaande kennis-geving uitvoeren.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Ter bevordering van een efficiënte en doeltreffende accountantscontrole
                        vindt periodiek (af-stemmings-)overleg plaats tussen de accountant en een
                        vertegenwoordiger uit de raad, een ver-tegenwoordiger van de
                        rekenkamer(functie), de portefeuillehouder financiën, de
                        gemeentesecre-taris, de financieel controller danwel het hoofd
                        middelen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Toegang tot informatie</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De accountant is bevoegd tot het opnemen van alle kassen, waardepapieren
                        en voorraden en het inzien van alle boeken, notulen, brieven,
                        computerbestanden en overige bescheiden, waar-van hij inzage voor de
                        accountantscontrole nodig oordeelt. Het college draagt er zorg voor dat de
                        accountant voor de uitvoering van zijn controlewerkzaamheden een
                        onbelemmerde toegang heeft tot alle kantoren, magazijnen, werkplaatsen,
                        terreinen en informatiedragers van de ge-meente.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De accountant is bevoegd om van alle ambtenaren mondelinge en
                        schriftelijke inlichtingen en verklaringen te verlangen die hij voor de
                        uitvoering van zijn opdracht denkt nodig te hebben. Het college draagt er
                        zorg voor, dat de desbetreffende ambtenaren hieraan hun medewerking
                        verle-nen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het college draagt er zorg voor, dat de ambtenaren van de gemeente zijn
                        gehouden de accoun-tant alle informatie te verstrekken, opdat de accountant
                        zich een juist en volledig oordeel kan vormen over de rechtmatige
                        totstandkoming van baten, lasten en balansmutaties en het gevoer-de beheer
                        en over de getrouwheid van de daarover verstrekte informatie.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Overige controles en opdrachten</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college kan de door de raad benoemde accountant opdracht geven tot
                        het uitvoeren van specifieke werkzaamheden met betrekking tot de
                        rechtmatigheid, de doelmatigheid en de doel-treffendheid voor zover de
                        onafhankelijkheid van de accountant daarmee niet in het geding komt. Het
                        college informeert de raad vooraf over deze aan de accountant te verstrekken
                        opdrachten.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college draagt de zorg voor de uitvoering van het beleid betreffende
                        de specifieke uitkerin-gen volgens de eisen van rechtmatigheid van de
                        ministeries. Het college is voor de controle van de rechtmatige besteding
                        van specifieke uitkeringen bevoegd de opdracht te verlenen aan een andere
                        dan de door de raad benoemde accountant, indien dit in het belang van de
                        gemeente is.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het college draagt de zorg voor de verantwoording aan derden
                        (Belastingdienst, ABP, Sociale verzekeringsbank, CBS, e.d.) en neemt hierbij
                        de gestelde controle-eisen in acht. Indien een deel van deze vereisten moet
                        worden uitgevoerd door een accountant, is het college bevoegd hiervoor de
                        opdracht verlenen aan een andere dan de door de raad benoemde accountant,
                        in-dien dit in het belang van de gemeente is.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Rapportering</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Indien de accountant bij een controle afwijkingen constateert die leiden
                        tot het niet afgeven van een goedkeurende verklaring, meldt hij deze
                        terstond schriftelijk aan de raad en zendt een af-schrift hiervan aan het
                        college.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>In aanvulling op het in de wet voorgeschreven verslag van bevindingen
                        brengt de accountant over de door hem uitgevoerde (deel)controles verslag
                        uit over zijn bevindingen van niet bestuur-lijk belang aan de ambtenaar van
                        wie het geldelijk beheer, het vermogensbeheer, de administra-tie en de
                        beheersdaden zijn gecontroleerd, het hoofd van de afdeling waar de ambtenaar
                        werk-zaam is, de financieel controller en het hoofd middelen dan wel andere
                        daarvoor in aanmerking komende ambtenaren.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De accountantsverklaring en het verslag van bevindingen worden voor
                        verzending aan de raad door de accountant aan het college voorgelegd met de
                        mogelijkheid voor het college om op deze stukken te reageren.</al><al> De accountant bespreekt voorafgaand aan de raadsbehandeling van de
                        jaarstukken het verslag van bevindingen met (een voor dit doel door de raad
                        ingestelde vertegenwoordiging van) de raad.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><al> Deze verordening treedt in werking per 28 oktober 2003, met dien verstande
                        dat zij van toepassing is op de accountantscontrole van de jaarrekening (en
                        deelverantwoordingen) van het verslagjaar 2004 en later.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al> Deze verordening kan worden aangehaald als “Controleverordening gemeente
                        Eersel”.</al></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><slotformulering><al>Aldus besloten in de openbare vergadering van 28 oktober 2003 van de raad van de gemeente Eersel</al><al>DE RAAD VOORNOEMD</al></slotformulering><ondertekening>
          de griffier,
        </ondertekening><ondertekening>
           drs C.P.M. Haumann
        </ondertekening><ondertekening>
          de voorzitter,
        </ondertekening><ondertekening>
           H.P.G.M. Houben-Sipman
        </ondertekening></regeling-sluiting><nota-toelichting><kop><label>Toelichting</label><nr>1</nr><titel>Nieuwe Toelichting</titel></kop><al> Artikelsgewijze toelichting “Controleverordening gemeente Eersel”</al><al/><al> Artikel 2. Opdrachtverlening accountantscontrole</al><al> Na afloop van ieder begrotingsjaar moet het college verantwoording afleggen aan
                    de raad over het gevoerde bestuur door overlegging van de jaarrekening en het
                    jaarverslag (artikel 197, lid 1 Ge-meentewet). Voor het overleggen van deze
                    stukken aan de raad moeten de jaarrekening door een bevoegd accountant zijn
                    gecontroleerd (artikel 197, lid 2 Gemeentewet). De accountant controleert de
                    jaarrekening in opdracht van de raad. Het is dan ook de raad, die de accountant
                    aanwijst (artikel 213, lid 2 Gemeentewet). De raad is echter niet het
                    bestuursorgaan, dat de overeenkomst met de accountant ondertekent. Het is de
                    burgemeester, die de overeenkomst voor de accountantscontrole met de accountant
                    moet sluiten. De burgemeester vertegenwoordigt de gemeente in en buiten rechte,
                    luidt artikel 171, lid 1 Gemeentewet.</al><al> Een bevoegd accountant voor de controle van de gemeentelijke jaarrekening is
                    een registeraccountant, een accountant-administratieconsulent met een
                    aantekening in het inschrijvingsregister als bedoeld in artikel 36, lid 3 Wet op
                    de Accountant-Administratieconsulenten of een organisatie waarin voor de
                    accountantscontrole bevoegde accountants samenwerken. Artikel 213, lid 7
                    Gemeentewet zegt, dat de bevoegde accountant in gemeentelijke dienst kan worden
                    aangesteld. Wel dient dan de benoeming, schorsing en het ontslag van de
                    accountant door de raad te geschieden.</al><al> Artikel 2 van de verordening regelt de opdrachtverlening van de
                    accountantscontrole van de gemeentelijke jaarrekening. Het eerste lid legt de
                    maximale periode van de verbintenis met de accountant voor de controle van de
                    jaarrekening vast. Het tweede lid regelt dat het college verantwoordelijk is
                    voor de uitvoering van de aanbesteding van de accountantscontrole van de
                    jaarrekening. De periode van de verbintenis met de accountant uit het eerste lid
                    impliceert niet dat daarna van accountant wordt gewisseld. De accountant maakt
                    bij de nieuwe aanbesteding wederom kans op de opdracht. Een raad die per periode
                    wil wisselen van controlerend accountant zal hierbij met de aanbesteding
                    rekening moeten houden, door de controlerend accountant van de afgelopen periode
                    uit te sluiten.</al><al> Voor de accountantscontrole geldt het “Besluit accountantscontrole gemeenten”
                    dat krachtens artikel 213, lid 6 Gemeentewet door de minister is vastgesteld.
                    Het “Besluit accountantscontrole gemeenten” bevat onder andere regels voor de
                    omvangsbases en goedkeuringstoleranties voor de accountantsverklaring en de
                    rapporteringstoleranties voor het verslag van bevindingen.</al><al> Een goedkeuringstolerantie is een tolerantie voor fouten in de jaarrekening of
                    onzekerheden in de controle in de vorm van een percentage van de totale lasten
                    van de gemeente (de omvangsbasis). De goedkeuringstoleranties worden door de
                    accountant gehanteerd ten behoeve van zijn oordeelsvorming over de jaarrekening.
                    In het Besluit accountantcontrole worden maximale percentages voor de
                    goedkeuringstoleranties gegeven (1% voor fouten in posten van de jaarrekening en
                    eventuele door de raad aan te wijzen deelverantwoordingen en 3% voor
                    onzekerheden in de controle). De goedkeuringstoleranties kunnen door de raad
                    lager worden vastgesteld.</al><al> Een rapporteringstolerantie is het bedrag dat voortvloeit uit een
                    goedkeuringstolerantie en dient als tolerantie voor rapportage in het verslag
                    van bevindingen. Rapporteringstoleranties kunnen door de raad lager worden
                    gesteld dan de uit de goedkeuringstoleranties voortvloeiende bedragen.</al><al> De accountantscontrole richt zich op de jaarrekening. Hiervoor moet de raad bij
                    de aanbesteding van de accountantscontrole de te hanteren
                    goedkeuringstoleranties (en eventueel hiervan afwijkende
                    rapporteringstoleranties) opgeven, indien de raad deze lager dan de wettelijke
                    maxima wenst vast te stellen. Daarnaast kan de raad als extra eis aangeven, dat
                    er een accountantscontrole op (bepaalde) deelverantwoordingen van de gemeente
                    plaatsvindt. Hiervoor kunnen door de raad dan eveneens afwijkende
                    goedkeuringstoleranties (en eventueel hiervan afwijkende
                    rapporteringstoleranties) worden aangegeven.</al><al> Voor de gehele jaarrekening, maar ook voor delen ervan, kunnen de
                    goedkeuringstoleranties dus lager worden gesteld. De rapporteringstoleranties
                    zijn in eerste instantie de bedragen die volgen uit de percentages van de
                    goedkeuringstolerantie. Voor de rapportering in het verslag van bevindingen aan
                    de raad kan de raad de rapporteringstoleranties (op onderdelen van de
                    gemeentelijke organisatie) lager vaststellen.</al><al> De goedkeuringstoleranties en rapporteringstoleranties kunnen jaar op jaar door
                    de raad worden aangepast, maar dat is niet gewenst. Het is nodig, dat de raad
                    bij de aanbesteding van de accountantscontrole de goedkeuringstoleranties en
                    rapporteringstoleranties opgeeft. Mocht een raad gedurende de contractperiode
                    toch de voornoemde toleranties willen aanpassen, dan kan hij altijd nog een
                    wijziging op het contract met de accountant afspreken. Wel is het voor te
                    stellen dat de raad wil, dat de accountant ieder jaar zijn specifieke aandacht
                    richt op een ander functie, post of categorie en dat daarbij andere
                    rapporteringstoleranties geëigend zijn.</al><al> In het derde lid van artikel 2 zijn de in bovenstaande alinea’s behandelde
                    zaken opgenomen. Ze moeten al bij de aanbesteding van de accountantscontrole
                    worden bepaald en zodoende worden opgenomen in het programma van eisen.
                    Natuurlijk zal een aanscherping van de eisen door de raad leiden tot een hogere
                    prijsstelling door de accountant(s). Daarnaast zijn onder dit lid aanvullende
                    zaken opgenomen over eisen die de raad kan stellen aan de werkzaamheden van de
                    accountant, zoals aanvullende inrichtingseisen voor het verslag van bevindingen
                    en aanvullende extra rapportages en controles.</al><al> Het bedrag dat is gemoeid met de accountantscontrole van de jaarrekening kan zo
                    hoog zijn, dat de accountantscontrole Europees moet worden aanbesteed. Dit hangt
                    natuurlijk ook af van de contractsduur, die met de accountant wordt aangegaan.
                    Bij een langere contractsduur zal de prijs van het contract eveneens hoger zijn.
                    Bij Europese aanbesteding zijn het de selectiecriteria en de bijbe-horende
                    wegingsfactoren, die uiteindelijk de selectie van de accountant voor de controle
                    van jaarrekening bepalen. De raad is het bestuursorgaan, dat de accountant
                    aanwijst en dat dus de selectiecriteria en de bijbehorende wegingsfactoren moet
                    vaststellen. Dit wordt geregeld in het vijfde lid van artikel 2.</al><al> Artikel 3. Informatieverstrekking door college</al><al> In de nieuwe gedualiseerde verhoudingen is het college verantwoordelijk voor de
                    samenstelling van de jaarrekening en het jaarverslag. Ten opzichte van de raad
                    is het college ook verantwoordelijk voor de samenstelling van eventuele door de
                    raad geëiste deelverantwoordingen. Artikel 3 van de verordening regelt de
                    verplichtingen van het college voor de verstrekking van de achterliggende
                    informatie aan de accountant.</al><al> Voor de controle van de jaarrekening doet de accountant onderzoek naar de
                    achterliggende bescheiden. Het tweede lid draagt aan het college op deze
                    achterliggende bescheiden goed toegankelijk te maken voor de accountant.</al><al> Het derde lid verplicht het college een verklaring af te geven aan de
                    accountant, waarin het college verklaart geen informatie die van belang is voor
                    de beoordeling van de jaarrekening, te hebben achtergehouden. De verklaring
                    wordt ook wel een LOR (Letter Of Representation) genoemd. Hoewel het een
                    algemeen gebruik is, is het geen wettelijke verplichting, dat het college een
                    dergelijke verklaring verstrekt.</al><al> In het vierde lid wordt een uiterlijke datum aan het college gesteld voor de
                    overlegging van de gecontroleerde jaarrekening aan de raad. De jaarrekening moet
                    namelijk binnen twee weken na vaststelling, maar in elk geval voor 15 juli
                    worden toegezonden aan gedeputeerde staten (artikel 200 Ge-meentewet). Voor deze
                    datum moet de jaarrekening door de raad zijn behandelt en moet een eventuele
                    erop volgende indemniteitsprocedure (artikel 198 Gemeentewet) zijn doorlopen en
                    de jaarrekening wel of niet zijn vastgesteld.</al><al> De accountant verzendt de accountantsverklaring en het verslag van bevindingen
                    rechtstreeks aan de raad. Artikel 197, lid 2 Gemeentewet bepaalt echter, dat het
                    college bij de overlegging van de jaarrekening en het jaarverslag aan de raad
                    daarbij de accountantsverklaring en het verslag van bevindingen moet toevoegen.
                    De wet schrijft hier een facilitaire dienst aan het college voor.</al><al> Het vijfde lid van het artikel gebiedt het college alle informatie die van
                    invloed is op het beeld van de jaarrekening en pas na de afgifte van de
                    accountantsverklaring, maar voor de vaststelling van de jaarrekening door de
                    raad aan het college bekend is geworden, terstond te melden aan de raad en de
                    accountant. Het sluit verrassingen tijdens de raadsbehandeling uit.</al><al> Artikel 4. Uitvoering controle</al><al> Artikel 4 van de verordening regelt de bevoegdheidsverdeling tussen de
                    accountant en het college ten aanzien van de inrichting van de
                    accountantscontrole. De accountant is leidend ten aanzien van de inrichting van
                    de accountantscontrole. Hij mag zelfs onaangekondigd controles uitvoeren. Het
                    college is hierin volgend. Wel moet er ter bevordering van een soepele
                    accountantscontrole periodiek overleg worden gevoerd tussen de accountant en de
                    verschillende vertegenwoordigers van de gemeente. Ook is uitwisseling van
                    informatie gewenst over specifieke aandachtsgebieden bij de
                    accountantscontrole.</al><al> Artikel 5. Toegang tot informatie</al><al> In het vorige artikel hebben we gezien dat de accountant leidend is voor wat
                    betreft de inrichting van de accountantscontrole. Om een goede controle uit te
                    voeren moet hij echter ook onbelemmerd onderzoek kunnen doen. Artikel 5 van de
                    verordening kent de bevoegdheid om onbelemmerd onderzoek te doen toe aan de
                    accountant. Dit natuurlijk met in achtneming van de afspraken met de raad, zoals
                    neergelegd in het programma van eisen bij de aanbesteding. Het artikel legt aan
                    het college de plicht op om er voor te zorgen, dat de accountant een
                    onbelemmerde toegang heeft tot alle kantoren van de gemeente en de ambtenaren
                    van de gemeente volledig meewerken aan de accountantscontrole.</al><al> Artikel 6. Overige controles en opdrachten</al><al> Naast de controle van de jaarrekening zijn er meer werkzaamheden binnen de
                    gemeente die de inzet van een accountant (kunnen) vereisen. Zo eisen ministeries
                    voor de verantwoording over de uitvoering van de medebewindstaken door gemeenten
                    (specifieke uitkeringen) vaak een aparte accountantsverklaring. De aanwijzing
                    van de accountant voor onder andere dit soort accountantscon-troles is een
                    bevoegdheid van het college. Ook kan het college besluiten om
                    advieswerkzaamheden uit te besteden aan de door de raad benoemde accountant. Het
                    betreft hier vanzelfsprekend advieswerkzaamheden die samenhangen met de
                    natuurlijke adviesfunctie van de accountant die de onafhankelijkheid van de
                    accountant niet in gevaar brengen.</al><al> Het eerste lid van artikel 6 van de verordening regelt hoe het college moet
                    omgaan met de uitbesteding van “advieswerkzaamheden” zoals de verbetering van de
                    administratieve organisatie, aan de door de raad benoemde accountant. Door deze
                    werkzaamheden te gunnen aan de door de raad benoemde accountant kan de
                    onafhankelijkheid en daarmee de integriteit van de accountant ten aan-zien van
                    zijn controlewerkzaamheden voor de raad in het geding komen. Op de loer liggende
                    belangenverstrengeling tussen college en accountant kan mogelijk een weerslag
                    hebben op de kwaliteit van de controle van de jaarrekening. Hetzelfde geldt voor
                    die gevallen waarbij de accountant bij de accountantscontrole zijn eigen werk
                    moet controleren. Het lid bepaalt, dat het college voor advieswerkzaamheden op
                    het gebied de rechtmatigheid, de doelmatigheid en de doeltreffendheid van
                    onderdelen van de gemeente de door de raad benoemde accountant kan inschakelen.
                    Indien het college dit voornemen heeft, dient de raad vooraf geïnformeerd te
                    worden. Dit biedt de raad de mogelijkheid om over de desbetreffende uitbesteding
                    van werkzaamheden zijn oordeel te vormen en zijn bedenkingen aan het college
                    kenbaar te maken.</al><al> Het tweede en het derde lid regelen, dat het college voor de overige
                    controlewerkzaamheden in het algemeen de door de raad benoemde accountant
                    inschakelt. Het college mag hiervan afwijken indien dit in het belang van de
                    gemeente is. De accountant die de jaarrekening controleert, is vaak beter bekend
                    met de gemeentelijke administraties. Daarbij kunnen controles van de
                    jaarrekening en controles van medebewindstaken tegelijkertijd door één
                    accountant worden uitgevoerd (single audit). Dit levert een aanzienlijke
                    besparing op. In bepaalde gevallen is inschakeling van een andere accountant
                    raadzaam en soms zelfs onoverkomelijk. De reden hiervoor kan van prijstechnische
                    aard zijn, maar ook van bijvoorbeeld organisatorische aard (zo kunnen de
                    controlewerkzaamheden gemeenschappelijke activiteiten met een andere gemeente
                    betreffen en de accountantscontrole hiervan door de accountant van de andere
                    gemeente worden uitgevoerd). De verordening regelt dat het college in deze
                    gevallen vrij is in de keuze van de accountant.</al><al> Artikel 7. Rapportering</al><al> Het derde en vierde lid van artikel 213 Gemeentewet regelt de rapportering en
                    de inhoud daarvan van de accountant aan de raad en het college. Aanvullend
                    daarop kan de raad in zijn programma van eisen bij de aanbesteding aanvullende
                    inhoudelijke eisen stellen, maar ook aanvullende rapporteringen van de
                    accountant verlangen (artikel 2, lid 3, letters c en e van deze verordening).
                    Artikel 7 regelt aanvullende zaken aangaande de rapportering op grond van de
                    door de accountant uitgevoerde controles. Die aanvullende zaken moeten dan
                    natuurlijk wel in het programma van eisen bij de aanbesteding worden
                    geregeld.</al><al> Naast de uiteindelijke eindcontrole van de jaarrekening verricht de accountant
                    meestal meerdere controles. Dit kunnen door de raad in het programma van eisen
                    van de aanbesteding opgenomen tussentijdse controles (interim-controles) zijn.
                    Het eerste lid van artikel 7 regelt, dat het college in elk geval bij
                    geconstateerde afwijkingen door de accountant die leiden tot het niet afgeven
                    van een goedkeurende verklaring bij de jaarrekening, een afschrift krijgt van de
                    schriftelijke mededeling hierover aan de raad. Dit opdat het college (in overleg
                    met de raad en de accountant) mogelijk nog tijdig maatregelen tot herstel kan
                    treffen.</al><al> Het tweede lid van artikel 7 regelt, dat het management een rapportage krijgt
                    van de door de accountant uitgevoerde (deel)controles. In deze rapportage worden
                    kleine afwijkingen en tekortkomingen die niet leiden tot het niet afgeven van
                    een goedkeurende verklaring en niet van bestuurlijk belang zijn, aan het
                    management meegedeeld. Het gaat hierbij om bijvoorbeeld opmerkingen over
                    (kleine) rubriceringfouten en (kleine) onvolkomenheden in de administratieve
                    organisatie, welke eenvoudig in onderling overleg met het management van de
                    gemeente kunnen worden opgelost. Het management kan op grond van de rapportage
                    actie ondernemen voor herstel van de afwijkingen en onvolkomenheden.</al><al> Voorts is in het artikel een lid opgenomen voor de procedure van hoor en
                    wederhoor. De constateringen in het verslag van bevindingen worden voorafgaand
                    aan verzending van de accountantsverklaring en het verslag van bevindingen aan
                    de raad door de accountant besproken met het college. Het geeft het college de
                    mogelijkheid kanttekeningen te plaatsen bij de constateringen in het
                    (con-cept-)verslag van bevindingen.</al><al> Tot slot in het vierde lid van dit artikel opgenomen, dat de accountant zijn
                    verslag van bevindingen aan de raad mondeling toelicht.</al><al> Artikel 8. Inwerkingtreding</al><al> Deze verordening treedt in de plaats van de vorige op grond van artikel 213
                    Gemeentewet (oud) opgestelde verordening. De wetgever heeft bepaald dat het
                    nieuwe artikel 213 Gemeentewet bij alle gemeenten op het verslagjaar 2004 van
                    toepassing is. De oude verordening blijft dus nog van kracht op de jaarrekening
                    van 2003.</al></nota-toelichting></regeling></body></cvdr>