<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidop="http://standaarden.overheid.nl/oep/meta/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export1.6--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR297978_1</dcterms:identifier><dcterms:title>ALGEMENE SUBSIDIEVERORDENING gemeente Olst-Wijhe</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Olst-Wijhe</dcterms:creator><dcterms:modified>2013-05-23</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Olst-Wijhe</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Huis aan Huis, 22-05-2013</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>ALGEMENE SUBSIDIEVERORDENING gemeente Olst-Wijhe</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet, art. 149</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2013-05-06</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
          databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2013-05-23</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2024-12-04</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Raadsstuk 2013/16</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Beleidsregels subsidieverstrekking 2014</al><al>Beleidsregels voor nieuwbouw, uitbreiding en aanpassing van sportaccommodaties <extref doc="1.1:CVDR232525_1"/></al><al>Beleidsregels voor nieuwbouw, uitbreiding en aanpassing van sociaal culturele accommodaties <extref doc="1.1:CVDR232533_1"/></al><al>Stimuleringsregeling kwaliteitsgericht bouwen en gezond wonen 2008</al><al>Stimuleringsregeling voor energiebesparing bestaande bouw 2008</al><al>Beleidsregels incidentele cultuursubsidies <extref doc="1.1:CVDR300808_1"/></al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>ALGEMENE SUBSIDIEVERORDENING gemeente Olst-Wijhe</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De raad van de gemeente Olst-Wijhe;</al><al>gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 2 april 2013,nr.
                        2013/16;</al><al>gelet op artikel 149 van de Gemeentewet</al><al><vet>besluit:</vet></al><al>vast te stellen de volgende verordening:</al><al><vet>ALGEMENE SUBSIDIEVERORDENING gemeente Olst-Wijhe</vet></al></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>1</nr><titel>Algemene bepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsomschrijvingen</titel></kop><al>Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>activiteitenplan: een programma van activiteiten voor het jaar
                                    waarop de subsidieaanvraag betrekking heeft, waarin in ieder
                                    geval tot uiting komen de aard, de omvang en intensiteit van de
                                    geplande activiteiten en de doelgroepen waarop de activiteiten
                                    worden gericht.</al></li><li nr="b."><al>budgetovereenkomst: een overeenkomst ter uitvoering van een
                                    besluit tot subsidieverlening tussen college en de
                                    subsidieontvanger waarin afspraken zijn opgenomen met betrekking
                                    tot producten, prestaties en activiteiten die worden uitgevoerd
                                    in relatie tot het subsidiebedrag dat voor een vastgesteld
                                    tijdvak is verleend. </al></li><li nr="c."><al>college: het college van burgemeester en wethouders van de
                                    gemeente Olst-Wijhe.</al></li><li nr="d."><al>gemeente: gemeente Olst-Wijhe.</al></li><li nr="e."><al>instelling: subsidieaanvrager.</al></li><li nr="f."><al>prestatie: in meetbare eenheden omschreven resultaten.</al></li><li nr="g."><al>raad: de gemeenteraad van de gemeente Olst-Wijhe.</al></li><li nr="h."><al>rechtspersoon: een rechtspersoon als bedoeld in Boek 2 van het
                                    Burgerlijk Wetboek die zich, zonder winstoogmerk, de behartiging
                                    van de belangen van ideële en/of materiële aard van (een deel
                                    van) de bevolking van Olst-Wijhe ten doel stelt. </al></li><li nr="i."><al>subsidie: de aanspraak op financiële middelen, door het college
                                    verstrekt met het oog op bepaalde activiteiten van de aanvrager,
                                    anders dan als betaling voor aan de gemeente geleverde goederen
                                    of diensten.</al></li><li nr="j."><al>subsidieplafond: het bedrag dat gedurende een bepaald tijdvak
                                    ten hoogste beschikbaar is voor de verstrekking van
                                    subsidie.</al></li><li nr="k."><al>wet: Algemene wet bestuursrecht.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Reikwijdte verordening</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Deze verordening is van toepassing op alle subsidieaanvragen aan en
                                subsidiebesluiten van het college, tenzij op die activiteiten een
                                bijzondere regeling van toepassing is. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college is belast met de uitvoering van deze verordening.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het college is bevoegd ter uitvoering van deze verordening per
                                beleidsproduct nadere beleidsregels vast te stellen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Rechtspersoonlijkheid/rechtsbevoegdheid</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Subsidie kan slechts worden verstrekt aan rechtspersonen met een
                                volledige rechtsbevoegdheid. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>In bijzondere gevallen kan het college, in afwijking van het
                                gestelde in het eerste lid, subsidie verlenen aan instellingen
                                zonder volledige rechtsbevoegdheid of (een groep van) natuurlijke
                                personen. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De in deze verordening opgenomen bepalingen vinden, voor zover
                                mogelijk, overeenkomstige toepassing op de in artikel 3 lid 2
                                genoemde instellingen en natuurlijke personen.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Een aanvraag door een niet volledige rechtsbevoegdheid bezittende
                                instelling dient ondertekend te zijn door ten minste twee, van deze
                                instelling deel uitmakende, natuurlijke personen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Algemene voorwaarden</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De instelling dient:</al><lijst><li nr="a."><al>zich te onthouden van handelingen die in strijd zijn met de
                                        wet of de beleidsuitgangspunten van de gemeente, tenzij het
                                        gaat om uitoefening van de door de Grondwet beschermde
                                        rechten.</al></li><li nr="b."><al>geen winst te beogen.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college kan nadere regels stellen inzake:</al><lijst><li nr="a."><al>het werken met vrijwilligers.</al></li><li nr="b."><al>de toegankelijkheid van gesubsidieerde activiteiten.</al></li><li nr="c."><al>het betrekken van deelnemers en gebruikers, alsmede
                                        vrijwilligers en beroepskrachten bij het beleid van de
                                        instelling.</al></li><li nr="d."><al>het gebruik van gemeentelijke dan wel door de gemeente
                                        gesubsidieerde accommodaties ten behoeve van door de
                                        gemeente gesubsidieerde activiteiten.</al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Weigeringsgronden</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Subsidieverlening kan naast de in artikel 4:35 van de wet genoemde
                                gronden geweigerd worden indien gegronde redenen bestaan om aan te
                                nemen dat:</al><lijst><li nr="a."><al>de activiteiten van de aanvrager niet gericht zullen zijn op
                                        de gemeente of niet aanwijsbaar ten goede zullen komen aan
                                        de ingezetenen van de gemeente.</al></li><li nr="b."><al>de gelden niet of in onvoldoende mate besteed zullen worden
                                        aan het doel waarvoor de subsidie beschikbaar wordt
                                        gesteld.</al></li><li nr="c."><al>de aanvrager doelstellingen beoogt of activiteiten zal
                                        ontplooien die in strijd zijn met de wet, het algemeen
                                        belang of de openbare orde.</al></li><li nr="d."><al>de activiteiten primair het vormen en/of verspreiden van
                                        partijpolitieke, godsdienstige en/of levensbeschouwelijke
                                        gedachten en beginselen tot doel hebben.</al></li><li nr="e."><al> de aanvrager naar het oordeel van het college ook zonder de
                                        gevraagde subsidie over voldoende gelden, hetzij uit eigen
                                        middelen, hetzij uit middelen van derden kan of heeft kunnen
                                        beschikken om de kosten van de activiteiten te dekken. Het
                                        college kan ter zake nadere regels stellen.</al></li><li nr="f."><al>door verstrekking van de subsidie het als subsidiabel
                                        maximum aangegeven bedrag zou worden overschreden.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De structurele subsidieverstrekking aan een instelling kan op grond
                                van algemene financiële en/of beleidsinhoudelijke overwegingen
                                worden beëindigd of verminderd op grond van een door het college te
                                nemen besluit.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het college stelt de instelling schriftelijk in kennis van het
                                voornemen zoals genoemd in artikel 5 lid 2, ten minste zes maanden
                                voorafgaand aan het jaar waarop de beschikking betrekking
                                heeft.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De subsidieverstrekking aan een instelling wordt in ieder geval
                                beëindigd wanneer:</al><lijst><li nr="a."><al>de instelling bij rechterlijk vonnis wordt ontbonden.</al></li><li nr="b."><al>bij de instelling conservatoir beslag is gelegd op het
                                        vermogen of een deel ervan.</al></li><li nr="c."><al>aan de instelling surseance van betaling is verleend.</al></li><li nr="d."><al>het faillissement over de instelling is uitgesproken.</al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Subsidieplafond en begrotingsvoorbehoud</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De raad is bevoegd jaarlijks een subsidieplafond vast te stellen en
                                aan te geven hoe het beschikbare bedrag wordt verdeeld. Het plafond
                                wordt voor aanvang van het tijdvak waarvoor het beschikbaar is,
                                bekend gemaakt. Indien het subsidieplafond dreigt te worden
                                overschreden, vindt verdeling plaats volgens de verdelingsgronden
                                beschreven in het betreffende beleidskader.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Een subsidie ten laste van een begroting, die nog niet is
                                vastgesteld, wordt op grond van artikel 4:34 van de wet verleend
                                onder de voorwaarde dat voldoende middelen op de begroting
                                beschikbaar zullen worden gesteld. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Subsidiesoorten</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Als soorten subsidie worden onderscheiden:</al><lijst><li nr="a."><al>Jaarlijkse subsidie: subsidie die per (boek)jaar of voor een
                                        bepaald aantal boekjaren aan een instelling voor een periode
                                        van maximaal vier jaar wordt verstrekt. Hieronder
                                        vallen:</al><lijst><li nr="-"><al>budgetsubsidie: een subsidie die wordt verstrekt op
                                                basis van afspraken met de instelling over de
                                                activiteiten en prestaties die daarvoor waargemaakt
                                                moeten worden tegen een van te voren vastgesteld
                                                bedrag.</al></li><li nr="-"><al>structurele subsidie: een subsidie die van jaar tot
                                                jaar wordt toegekend ten behoeve van steeds
                                                terugkerende activiteiten.</al></li></lijst></li><li nr="b."><al>Eenmalige subsidie: subsidie ten behoeve van bijzondere
                                        incidentele projecten of activiteiten die niet behoren tot
                                        de reguliere bezigheden van de aanvrager en waarvoor het
                                        college het college slechts voor een van tevoren bepaalde
                                        tijd van maximaal vier jaar subsidie wil verstrekken.
                                        Hieronder vallen:</al><lijst><li nr="-"><al>incidentele subsidie: een subsidie om activiteiten
                                                van eenmalige, incidentele aard uit te voeren.</al><lijst><li nr="-"><al>subsidie vanuit het Welzijnsfonds: subsidie
                                                  voor activiteiten georganiseerd door secundaire of
                                                  tertiaire voorzieningen die voldoen aan de
                                                  criteria die zijn vastgesteld voor het
                                                  Welzijnsfonds.</al></li><li nr="-"><al>subsidie vanuit het Reclamefonds: subsidie aan
                                                  vaste grootgebruikers van Sporthal de Hooiberg te
                                                  Olst voor activiteiten die voldoen aan de criteria
                                                  die zijn vastgesteld voor het Reclamefonds. </al></li><li nr="-"><al>projectsubsidie: een subsidie waarbij de
                                                  instelling een bedrag krijgt toegewezen om een
                                                  vooraf goedgekeurd project uit te voeren.</al></li></lijst></li></lijst></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De voorwaarden waaronder en de vorm waarin met betrekking tot de
                                verschillende soorten subsidie wordt verleend, zijn opgenomen in de
                                Beleidsregels Subsidieverstrekking gemeente Olst-Wijhe.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Indexering</titel></kop><al>Budgetsubsidies en structurele subsidies worden jaarlijks geïndexeerd
                            overeenkomstig de gemeentelijke begrotingsrichtlijnen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Van toepassingverklaring afdeling 4.2.8 van de wet</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Afdeling 4.2.8 van de wet is van toepassing op budgetsubsidies en
                                overige subsidies, indien en voor zover in die overige
                                subsidiebesluiten bedragen van meer dan € 100.000,- worden
                                toegekend. Het college kan bepalen dat afdeling 4.2.8 van de wet ook
                                op andere aanvragen van toepassing is.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De subsidieontvanger op wiens subsidieaanvraag afdeling 4.2.8 van de
                                wet van toepassing is, behoeft de toestemming van het college voor
                                de handelingen, bedoeld in artikel 4:71 van de wet.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>In aanvulling op lid twee is in het geval van ontbinding van een
                                instelling instemming van het college nodig voor het bestemmen van
                                een eventueel batig liquidatiesaldo. Het college houdt daarbij
                                rekening met de herkomst en de samenstelling van het
                                liquidatiesaldo.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Artikel 4:76 van de wet is van toepassing op het financiële
                                verslag.</al></lid><lid><lidnr>a.</lidnr><al>Bij het onderzoek, bedoeld in artikel 4:78 van de wet, onderzoekt de
                                accountant tevens de naleving van de aan de subsidie verbonden
                                verplichtingen.</al></lid><lid><lidnr>b.</lidnr><al>Het college stelt een aanwijzing over de reikwijdte en de
                                intensiteit van de controle, als bedoeld in artikel 4:78, tweede lid
                                van de wet, vast.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>2</nr><titel>De aanvraag om subsidie</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Tijdstip indiening aanvraag</titel></kop><lid><lidnr>a.</lidnr><al>Een eerste aanvraag voor een budgetsubsidie of een structurele
                                subsidie wordt ingediend voor 1 april voorafgaand aan het jaar
                                waarop de subsidieaanvraag betrekking heeft.</al></lid><lid><lidnr>b.</lidnr><al>Een aanvraag tot verlening van een budgetsubsidie voor een tweede of
                                volgende jaar wordt ingediend voor 1 juli voorafgaand aan het jaar
                                waarop de subsidieaanvraag betrekking heeft. </al></lid><lid><lidnr>c.</lidnr><al>Een aanvraag tot verlening van een structurele subsidie voor een
                                tweede en volgende jaar wordt ingediend voor 15 oktober voorafgaand
                                aan het jaar, of de jaren waarop de subsidieaanvraag betrekking
                                heeft.</al></lid><lid><lidnr>d.</lidnr><al>Een aanvraag tot verlening van een incidentele subsidie, een
                                aanvraag voor het Welzijnsfonds of het Reclamefonds wordt ten minste
                                zes weken voordat met de activiteit wordt aangevangen,
                                ingediend.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college kan besluiten dat bepaalde instellingen maar één keer
                                per vier jaar een aanvraag hoeven in te dienen in plaats van
                                jaarlijks. Indien van toepassing wordt dit nader uitgewerkt in de
                                Beleidsregels Subsidieverstrekking gemeente Olst-Wijhe.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien een aanvraag niet op de in lid 1 genoemde tijdstippen is
                                ingediend kan het college besluiten deze aanvraag buiten behandeling
                                te laten. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Vereisten aanvraag</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Bij een aanvraag om budgetsubsidie dienen minimaal de volgende
                                bescheiden meegestuurd te worden: </al></lid><lid><lidnr>a.</lidnr><al>een activiteitenplan/werkplan;</al></lid><lid><lidnr>b.</lidnr><al>een begroting;</al></lid><lid><lidnr>c.</lidnr><al>statuten (alleen bij een eerste aanvraag);</al></lid><lid><lidnr>d.</lidnr><al>voorgenomen en doorgevoerde wijzigingen van de statuten.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Bij een aanvraag om een structurele subsidie dienen minimaal de
                                volgende bescheiden meegestuurd te worden:</al></lid><lid><lidnr>a.</lidnr><al>een activiteitenplan (alleen van toepassing voor instellingen die
                                gesubsidieerd worden op basis van (aantal) activiteiten en in alle
                                gevallen van een eerste aanvraag);</al></lid><lid><lidnr>b.</lidnr><al>een begroting (alleen van toepassing voor instellingen waarbij het
                                subsidiebedrag begrotingsafhankelijk is en in alle gevallen van een
                                eerste aanvraag);</al></lid><lid><lidnr>c.</lidnr><al>een ledenlijst indien subsidie mede op basis van aantal (jeugd)leden
                                wordt bepaald;</al></lid><lid><lidnr>d.</lidnr><al>statuten (alleen bij een eerste aanvraag).</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Bij een aanvraag om incidentele subsidies of aanvragen voor het
                                Welzijnsfonds en/of Reclamefonds dienen minimaal de volgende
                                bescheiden meegestuurd te worden:</al></lid><lid><lidnr>a.</lidnr><al>een uitgebreide omschrijving van de activiteit;</al></lid><lid><lidnr>b.</lidnr><al>een begroting.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het college kan met betrekking tot de subsidieaanvraag nadere regels
                                vaststellen.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Het college kan met betrekking tot de verschillende subsidiesoorten
                                aanvraagformulieren vaststellen waarin de vereisten zijn verwerkt.
                            </al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Artikel 4:24 van de wet is niet van toepassing.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Hersteltermijn</titel></kop><al>Indien de aanvraag niet voldoet aan de voorwaarden gesteld in deze
                            verordening, wordt een hersteltermijn gehanteerd. De instelling krijgt
                            de gelegenheid de aanvraag aan te vullen tot de uiterste inleverdatum
                            zoals vermeld in artikel 10 of, indien deze termijn (bijna) verstreken
                            is, tot twee weken na dagtekening van het verzoek om de aanvraag aan te
                            vullen.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>3</nr><titel>De subsidieverlening</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Meerjarige subsidie</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college kan voor een periode van meer jaren subsidie
                                verlenen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Deze verlening geschiedt met toepassing van
                                begrotingsvoorbehoud.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien het college gebruik maakt van de in het eerste lid bedoelde
                                vorm van subsidiering, dit ter uitvoering van hetgeen in de
                                subsidiebeschikking is opgenomen, kan jaarlijks een
                                budgetovereenkomst worden afgesloten met de subsidieontvanger. </al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het college kan ter zake nadere regels stellen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Subsidiebesluit</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college beschikt op een aanvraag voor een budgetsubsidie
                                uiterlijk 31 december voorafgaande aan het jaar waarop de
                                subsidieaanvraag betrekking heeft. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college beschikt op een aanvraag voor structurele subsidie
                                uiterlijk drie weken nadat de volledige aanvraag is ontvangen.
                                Indien de aanvraag vroegtijdig wordt ingediend en de Beleidsregels
                                subsidieverstrekking voor het betreffende subsidiejaar nog niet zijn
                                vastgesteld, beschikt het college binnen drie weken na het
                                vaststellen van de Beleidsregels Subsidieverstrekking. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het college beschikt over een incidenteel subsidieverzoek uiterlijk
                                acht weken nadat de volledige aanvraag is ontvangen.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het college beschikt over een aanvraag voor het Welzijnsfonds en
                                Reclamefonds uiterlijk vier weken nadat de volledige aanvraag is
                                ontvangen.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Onder opgave van redenen kan de beschikking uiterlijk acht weken
                                worden verdaagd. Het college stelt de instelling onmiddellijk
                                schriftelijk in kennis van het besluit tot verdaging.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>In de subsidiebeschikking wordt aangegeven welk (deel van het)
                                budget verbonden is aan welke te leveren producten en prestaties en
                                voor welk tijdvak.</al></lid><lid><lidnr>7.</lidnr><al>In een budgetovereenkomst wordt vastgelegd dat de
                                subsidieontvangende instelling zich verplicht de overeengekomen
                                producten en de prestaties conform de vastgelegde kwalitatieve en
                                kwantitatieve eisen te realiseren.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr><titel>Subsidieverplichtingen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De subsidieontvanger doet onverwijld melding aan het college, zodra
                                aannemelijk is dat de activiteiten, waarvoor de subsidie is
                                verleend, niet of geheel niet zullen worden verricht of dat niet of
                                geheel niet aan de aan de beschikking tot subsidieverlening
                                verbonden verplichtingen zal worden voldaan.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college kan bij de subsidieverlening verplichtingen opleggen als
                                bedoeld in de artikelen 4:37, 4:38 en 4:39 van de wet. Uitwerking
                                hiervan vindt, indien van toepassing, plaats in de
                                budgetovereenkomst of beschikking.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>4</nr><titel>Vaststelling van de subsidie</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16</nr><titel>Aanvraag tot vaststelling</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college legt subsidieontvangende instellingen de volgende
                                verplichtingen op:</al></lid><lid><lidnr>a.</lidnr><al>Instellingen die een budgetsubsidie ontvangen, dienen uiterlijk 1
                                juli volgende op het boekjaar een inhoudelijk en financieel verslag
                                in bij het college conform de verantwoordingseisen zoals deze in de
                                budgetovereenkomst zijn genoemd.</al></lid><lid><lidnr>b.</lidnr><al>Voor instellingen die een structurele subsidie ontvangen, is het
                                volgende van toepassing: </al></lid><lid><lidnr>-</lidnr><al>subsidiebedragen onder de € 15.000,--: geen verantwoording
                                noodzakelijk.</al></lid><lid><lidnr>-</lidnr><al>subsidiebedragen boven de € 15.000,--: instellingen dienen uiterlijk
                                15 oktober volgend op het boekjaar een inhoudelijk en financieel
                                verslag in bij het college.</al></lid><lid><lidnr>c.</lidnr><al>Instellingen die een incidentele subsidie, een subsidie uit het
                                Welzijnsfonds of een subsidie uit het Reclamefonds ontvangen, dienen
                                binnen twaalf weken na afloop van de activiteit
                                verantwoordingsgegevens in bij het college. Per aanvraag wordt
                                beoordeeld welke verantwoordingsgegevens noodzakelijk zijn voor de
                                definitieve vaststelling.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Bij een subsidie tussen de € 50.000,-- en € 150.000,-- dient de
                                aanvraag tot vaststelling vergezeld te gaan van een
                                beoordelingsverklaring. Bij een subsidie hoger dan € 150.000,- dient
                                de aanvraag tot vaststelling vergezeld te gaan van een
                                accountantsverklaring.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het college kan met betrekking tot de subsidievaststelling nadere
                                regels stellen en formulieren opstellen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17</nr><titel>Vaststellingsbesluit</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Structurele subsidiebedragen onder de € 15.000,-- worden gelijk
                                vastgesteld. In deze gevallen hoeft geen verantwoording te worden
                                afgelegd. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Bij alle overige subsidies wordt de subsidie afzonderlijk verleend
                                en vastgesteld, tenzij het college hiertoe anders besluit.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Zolang de subsidie niet is vastgesteld, kan het college de
                                subsidieverlening intrekken of ten nadele wijzigen op gronden als
                                vermeld in artikel 4:48 van de wet. </al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Vastgestelde subsidies kunnen door het college worden ingetrokken of
                                ten nadele worden gewijzigd op gronden als vermeld in artikel 4:49
                                van de wet. </al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Het college kan in de subsidiebeschikking afwijken van lid 2 indien
                                de hoogte van het subsidiebedrag of de aard van de activiteiten
                                hiertoe aanleiding geven.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Het college beslist binnen zes weken op een volledige aanvraag om
                                subsidievaststelling voor een budgetsubsidie.</al></lid><lid><lidnr>7.</lidnr><al>Het college beslist binnen drie weken op een volledige aanvraag om
                                subsidievaststelling voor een structurele subsidie.</al></lid><lid><lidnr>8.</lidnr><al>Indien uit de aard van de subsidie, dan wel de verantwoording
                                daarvan, volgt dat voor de beslissing op de vaststelling van de
                                subsidie een langere termijn nodig is dan de in lid 6. genoemde
                                termijn, dan bericht het college de subsidieontvanger daarvan zo
                                spoedig mogelijk na ontvangst van de aanvraag tot
                                subsidievaststelling. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>18</nr><titel>Hersteltermijn</titel></kop><al>Wanneer de aanvraag tot vaststelling qua verslaglegging niet voldoet aan
                            de vereisten zoals die gesteld zijn in de wet en het hierboven opgenomen
                            artikel 17 wordt een hersteltermijn gehanteerd. De instelling krijgt de
                            gelegenheid de aanvraag tot vaststelling aan te vullen tot de uiterste
                            inleverdatum zoals vermeld in artikel 16 of, indien deze termijn (bijna)
                            verstreken is, tot twee weken na dagtekening van het verzoek om de
                            aanvraag aan te vullen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>19</nr><titel>Vaststelling subsidie bij onvolledige aanvraag</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Indien na afloop van de termijn zoals genoemd in artikel 16 de
                                aanvraag tot vaststelling niet ontvangen is, stelt het college de
                                subsidie ambtshalve vast. Voorafgaand aan de vaststelling wordt
                                eenmalig een rappel afgegeven.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien na afloop van de termijn zoals genoemd in artikel 18 de
                                aanvraag tot vaststelling nog steeds niet volledig is, stelt het
                                college de subsidie ambtshalve vast. Voorafgaand aan de vaststelling
                                wordt eenmalig een rappel afgegeven. </al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>5</nr><titel>Betaling</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>20</nr><titel>Voorschotten</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college kan voorschotten op de subsidie verstrekken.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college beslist met betrekking tot de hoogte van en de wijze van
                                bevoorschotting. In de beschikking tot subsidieverlening wordt
                                opgenomen of en hoe dit gebeurt. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien feiten of omstandigheden als bedoeld in artikel 4:46 lid 2
                                van de wet aanleiding geven tot een lagere vaststelling van de
                                subsidie over het betreffende jaar, vindt verrekening zo mogelijk
                                plaats door inhouding op de voorschotbetalingen voor het volgende
                                jaar. </al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>6</nr><titel>Slotbepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>21</nr><titel>Ontheffing, buiten toepassing laten van (delen van) de
                                verordening</titel></kop><al>Het college is bevoegd om in individuele gevallen ontheffing te verlenen
                            van een of meer bepalingen in deze verordening en krachtens deze
                            verordening gegeven voorschriften.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>22</nr><titel>Bijzondere gevallen</titel></kop><al>In gevallen waarin deze verordening niet of niet voldoende voorziet
                            beslist het college.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>23</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Deze verordening treedt in werking op de eerste dag na de datum van
                                publicatie. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De Algemene Subsidieverordening gemeente Olst-Wijhe, vastgesteld op
                                31 mei 2010, wordt op dat tijdstip ingetrokken. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>24</nr><titel>Overgangsbepalingen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Op de reeds verleende subsidies voor 2012 en 2013 blijven de
                                bepalingen van toepassing zoals die zijn opgenomen in de verordening
                                bedoeld in artikel 23, tweede lid.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Op een aanhangig beroep- of bezwaarschrift, betreffende een
                                subsidieverlening of subsidievaststelling, dat voor of na het
                                tijdstip bedoeld in artikel 23, eerste lid is ingekomen binnen de
                                voordien geldende beroepstermijn, wordt beslist met toepassing van
                                de verordening bedoeld in artikel 23, tweede lid.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De beleidsregels subsidieverstrekking die zijn vastgesteld op grond
                                van de verordening als bedoeld in artikel 23, tweede lid, gelden als
                                beleidsregels vastgesteld krachtens deze verordening. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>25</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening wordt aangehaald als ‘Algemene Subsidieverordening
                            gemeente Olst-Wijhe’.</al></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus besloten in de openbare raadsvergadering d.d. 6 mei 2013</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>De raad voornoemd,</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>de griffier </ondertekening><ondertekening>B.A. (Bart) Duursema </ondertekening><ondertekening/><ondertekening>de voorzitter </ondertekening><ondertekening>A.G.J. (Ton) Strien </ondertekening></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>