<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR297919_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Huisvestingsverordening WERV - Wageningen 2013</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Wageningen</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-01-09</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Wageningen</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Stad Wageningen, 21-08-2013</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Huisvestingsverordening WERV - Wageningen 2013</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Huisvestingsverordening, artikel 2</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>volkshuisvesting en woningbouw</dcterms:subject><dcterms:issued>2013-04-22</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2013-08-21</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:terugwerkendekrachtDatum>2013-07-01</overheidrg:terugwerkendekrachtDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2015-07-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Onbekend</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Onbekend</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Urgentieregeling WERV 2013</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>De raad van de gemeente Wageningen, </intitule><regeling><aanhef><preambule><al>gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 5 maart 2013;</al><al/><al>overwegende, dat is gebleken dat de op 28 november 2006 vastgestelde
                        Huisvestingsverordening WERV – Wageningen, ongewenste onduidelijkheden
                        bevat;</al><al/><al>dat het daarnaast gewenst is het aantal gemeentelijke regels te beperken en
                        te vereenvoudigen;</al><al/><al>gelet op artikel 2 van de Huisvestingswet;</al><al/><al><vet>B E S L U I T</vet></al><al/><al/><al>vast te stellen de navolgende <vet><cursief>Huisvestingsverordening -
                                Wageningen</cursief></vet></al></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>1</nr><titel>Algemene bepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsbepalingen</titel></kop><al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al><cursief>aanbodmodel</cursief>: model waarbij woonruimte te huur
                                    wordt aangeboden door middel van een advertentiemedium, waarbij
                                    woningzoekenden zelf reageren op de aangeboden woonruimte en de
                                    uiteindelijke huurder door de eigenaar wordt geselecteerd uit de
                                    binnengekomen reacties aan de hand van de inschrijvingsduur bij
                                    Huiswaarts.nu;</al></li><li nr="b."><al><cursief>b</cursief><cursief>esluit:</cursief> het
                                    Huisvestingsbesluit;</al></li><li nr="c."><al><cursief>college</cursief>: het college van burgemeester en
                                    wethouders van de gemeente Wageningen;</al></li><li nr="d."><al><cursief>economische binding</cursief>: de binding van een
                                    persoon aan de WERV daarin gelegen dat die persoon voor de
                                    voorziening in het bestaan is aangewezen op het verrichten van
                                    arbeid binnen of vanuit de WERV. Er moet dan minimaal sprake
                                    zijn van een contract van een halve werkweek met een duur van
                                    tenminste 1 jaar. Ook degene die een dagopleiding volgt aan een
                                    in de WERV gevestigde instelling van onderwijs heeft deze
                                    binding. </al></li><li nr="e."><al><cursief>eigenaar:</cursief> degene die bevoegd is tot het in
                                    gebruik geven van een woonruimte;</al></li><li nr="f."><al><cursief>huishouden: </cursief>een alleenstaande of twee of meer
                                    personen die een duurzame gemeenschappelijke huishouding voeren
                                    of willen gaan voeren;</al></li><li nr="g."><al><cursief>huisvestingsvergunning</cursief>: de vergunning als
                                    bedoeld in artikel 7, lid 1 van de Wet;</al></li><li nr="h."><al><cursief>Huiswaarts.nu</cursief>: internetsite/advertentiemedium
                                    waar woningzoekenden zich kunnen inschrijven voor het verkrijgen
                                    van een huurwoning;</al></li><li nr="i."><al><cursief>huurprijs</cursief>: de rekenhuur volgens artikel 5 van
                                    de Wet op de Huurtoeslag;</al></li><li nr="j."><al><cursief>huurprijsgrens</cursief>: het bedrag dat wordt genoemd
                                    in artikel 13, lid 1, onder a van de Wet op de huurtoeslag;</al></li><li nr="k."><al><cursief>ingezetene</cursief>: degene die in de gemeentelijke
                                    basisadministratie (GBA) in een van de WERV- gemeenten is
                                    opgenomen en daar feitelijk hoofdverblijf heeft;</al></li><li nr="l."><al><cursief>lotingmodel:</cursief> model waarbij woonruimte te huur
                                    wordt aangeboden door middel van een advertentiemedium, en de
                                    toewijzing plaatsvindt via een geautomatiseerde loting, en het
                                    inschrijfnummer bij Huiswaarts.nu van de woningzoekende die
                                    deelneemt aan de loting, als lotnummer geldt;</al></li><li nr="m."><al><cursief>maatschappelijke binding</cursief>: de binding van een
                                    persoon aan de WERV daarin gelegen dat die persoon een redelijk
                                    met de plaatselijke samenleving verband houdend belang heeft
                                    zich in dit gebied te vestigen. Een maatschappelijke binding
                                    wordt in elk geval aangenomen ten aanzien van een persoon
                                    die:</al><lijst><li nr="-"><al>ten minste 1 jaar onafgebroken ingezetene is in een van
                                            de WERV-gemeenten of</al></li><li nr="-"><al>gedurende de voorafgaande 10 jaar ten minste 6 jaar
                                            onafgebroken</al><al> ingezetene is geweest van een van de
                                            WERV-gemeenten.</al></li></lijst></li><li nr="n."><al><cursief>optiemodel</cursief>: model waarbij woonruimte te huur
                                    wordt aangeboden aan woningzoekenden die hebben aangegeven in
                                    aanmerking te willen komen voor woonruimte van een bepaalde
                                    groep woningen en waarbij de toewijzing plaatsvindt aan de hand
                                    van de inschrijvingsduur bij Huiswaarts.nu voor de betreffende
                                    groep woningen;</al></li><li nr="o."><al><cursief>onzelfstandig woonruimte: </cursief>woonruimte die geen
                                    eigen toegang heeft en die niet door een huishouden kan worden
                                    bewoond, zonder dat dit daarbij afhankelijk is van wezenlijke
                                    voorzieningen buiten die woonruimte;</al></li><li nr="p."><al><cursief>toegelaten instelling: </cursief>een instelling als
                                    bedoeld in artikel 70, lid 1 van de Woningwet;</al></li><li nr="q."><al><cursief>WERV:</cursief> de gemeenten Wageningen, Ede, Rhenen en
                                    Veenendaal;</al></li><li nr="r."><al><cursief>Wet:</cursief> de Huisvestingswet;</al></li><li nr="s."><al><cursief>woonruimte</cursief>: besloten ruimte die, al dan niet
                                    te zamen met een of meer andere ruimten, bestemd of geschikt is
                                    voor bewoning door een huishouden;</al></li><li nr="t."><al>z<cursief>elfstandige woonruimte</cursief>: woonruimte die een
                                    eigen toegang heeft en die door een huishouden kan worden
                                    bewoond, zonder daarbij afhankelijk te zijn van wezenlijke
                                    voorzieningen buiten die woonruimte. </al><al> Artikel 2 Beslistermijn</al><lijst><li nr="1."><al>Het college beslist op aanvragen voor het verkrijgen van
                                            een vergunning op grond van deze verordening binnen 8
                                            weken na de dag waarop de aanvraag is ontvangen.</al></li><li nr="2."><al>Het college kan zijn beslissing voor ten hoogste 8 weken
                                            verdagen.</al></li><li nr="3."><al>Indien het college niet binnen de beslistermijn heeft
                                            besloten wordt de aangevraagde vergunning geacht te zijn
                                            verleend.</al></li></lijst></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>2</nr><titel>Verdeling van woonruimte</titel></kop><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>2.1</nr><titel>Werkingsgebied en inschrijving</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Werkingsgebied</titel></kop><al>De bepalingen in de paragrafen 2.1 tot en met 2.4 en 2.6 zijn van
                                toepassing op zelfstandige woonruimte met een huurprijs beneden de
                                huurprijsgrens in eigendom van een toegelaten instelling.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Inschrijving als woningzoekende voor een huurwoning</titel></kop><al>Woningzoekenden moeten zich voor het verkrijgen van een huurwoning
                                inschrijven via Huiswaarts.nu.</al></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>2.2</nr><titel>Huisvestingsvergunning</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Vergunningvereiste</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het is verboden zonder een huisvestingsvergunning een
                                    woonruimte, als bedoeld in artikel 3 in gebruik te nemen voor
                                    bewoning.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het is verboden de in artikel 3 bedoelde woonruimte voor
                                    bewoning in gebruik te geven aan een huishouden dat niet
                                    beschikt over een huisvestingsvergunning.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Aanvragen van een huisvestingsvergunning</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Voor de aanvraag van een huisvestingsvergunning wordt gebruik
                                    gemaakt van een door het college vastgesteld formulier.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De aanvrager overlegt bij de aanvraag de volgende actuele
                                    bewijsstukken:</al><lijst><li nr="1."><al>een bereidverklaring van de verhuurder behoudens de
                                            gevallen genoemd in de artikelen 267, 268 en 270 van
                                            Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek;</al></li><li nr="2."><al>gegevens over het inkomen van het huishouden;</al></li><li nr="3."><al>gegevens over de economische of maatschappelijke
                                            binding;</al></li><li nr="4."><al>gegevens over leeftijd, nationaliteit en
                                            verblijfsstatus.</al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Criteria voor vergunningverlening</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college verleent de huisvestingsvergunning indien aan de
                                    volgende voorwaarden wordt voldaan:</al><lijst><li nr="a."><al>het huishouden dat de huisvestingsvergunning aanvraagt,
                                            voldoet aan de in paragraaf 2.3 opgenomen eisen;</al></li><li nr="b."><al>er is voor de woonruimte geen gegadigde voor wie met
                                            toepassing van het bepaalde in paragraaf 2.6 de
                                            voorziening in de behoefte aan woonruimte dringender
                                            noodzakelijk is. </al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het in het vorige lid, sub b, bepaalde blijft buiten toepassing,
                                    indien zich een situatie voordoet als aangegeven in artikel 9
                                    van het Besluit.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Vruchteloze aanbieding</titel></kop><al>In afwijking van het bepaalde in artikel 7 wordt de
                                huisvestingsvergunning altijd verleend indien de woonruimte door de
                                eigenaar minimaal twee maal middels een advertentiemedium is
                                aangeboden aan woningzoekenden die ingevolge artikel 7 voor die
                                woonruimte in aanmerking komen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Inhoud huisvestingsvergunning</titel></kop><al>De huisvestingsvergunning bevat tenminste de volgende gegevens:</al><lijst><li nr="a."><al>de woonruimte waarop het besluit betrekking heeft;</al></li><li nr="b."><al>de naam van de persoon die de woonruimte in gebruik wenst te
                                        nemen;</al></li><li nr="c."><al>de termijn waarbinnen van de vergunning gebruik kan worden
                                        gemaakt.</al></li></lijst></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>2.3</nr><titel>Toelatingseisen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Toelatingseisen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Om in aanmerking te komen voor een huisvestingsvergunning moet
                                    een huishouden voldoen aan de volgende eisen:</al><lijst><li nr="a."><al>tenminste een van de leden van het huishouden moet 18
                                            jaar of ouder zijn;</al></li><li nr="b."><al>tenminste een van de leden van het huishouden bezit de
                                            Nederlandse nationaliteit of wordt op grond van een
                                            wettelijke bepaling als Nederlander behandeld of is
                                            vreemdeling en verblijft rechtmatig in Nederland als
                                            bedoeld in artikel 8, a tot en met e en l van de
                                            Vreemdelingenwet 2000;</al></li><li nr="c."><al>tenminste een van de volwassen leden van het huishouden
                                            moet maatschappelijk of economisch gebonden zijn.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>In afwijking van het bepaalde in het eerste lid, sub c, geldt de
                                    eis van economische of maatschappelijke binding niet ten aanzien
                                    van woningzoekenden zoals bedoeld in artikel 13c van de Wet en
                                    artikel 6 van het Besluit.</al></lid></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>2.4</nr><titel>Aanbod van huurwoonruimte</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Aanbod van huurwoningen</titel></kop><al>Woonruimten die voor verhuur beschikbaar komen, worden door de
                                eigenaar aan woningzoekenden aangeboden door middel van een
                                aanbodmodel, een lotingmodel of een optiemodel.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Rangorde aanbieden huurwoningen</titel></kop><al>Voor het verkrijgen van huurwoningen komen achtereenvolgens in
                                aanmerking:</al><lijst><li nr="a."><al>woningzoekenden met een urgentieverklaring als bedoeld in
                                        paragraaf 2.6;</al></li><li nr="b."><al>in de gevallen waarin meerdere woningzoekenden met een
                                        urgentieverklaring hebben gereageerd gaat de woningzoekende
                                        van wie de urgentieverklaring het eerst eindigt voor;</al></li><li nr="c."><al>in alle andere gevallen wordt de rangorde bepaald aan de
                                        hand van het door de eigenaar gehanteerde model.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12a</nr><titel>Rangorde kleine kernen</titel></kop><al>Voor het verkrijgen van een huurwoning in de kernen Harskamp,
                                Otterlo, Wekerom, Ederveen/De Klomp, Achterberg of Elst, komen
                                gedurende een aanbiedingsperiode van maximaal 2 weken, met
                                inachtneming van het bepaalde in artikel 12, eerst woningzoekende in
                                aanmerking met een economische of maatschappelijke binding aan één
                                van de genoemde kernen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Doelgroepen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Woonruimte die speciaal bestemd is voor de huisvesting van
                                    senioren wordt, met in achtneming van het bepaalde in artikel
                                    12, bij voorrang verhuurd aan een huishouden waarvan tenminste
                                    een van de leden 55 jaar of ouder is.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Statushouders worden volgens de taakstelling van het Rijk
                                    gehuisvest buiten het door de eigenaar gehanteerde model als
                                    bedoeld in artikel 11 en met voorbijgaan aan het bepaalde in
                                    artikel 12.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Voor overige doelgroepen kan het college door middel van lokaal
                                    maatwerk als bedoeld in artikel 19 met eigenaren nadere
                                    afspraken maken.</al></lid></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>2.5</nr><titel>Toewijzing van nieuwbouwwoningen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Toewijzing van nieuwbouwwoningen</titel></kop><al>Het college kan een regeling vaststellen voor de toewijzing van
                                nieuwbouwwoningen die nog niet eerder zijn bewoond.</al></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>2.6</nr><titel>Urgentiebepaling</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr><titel>Urgentieverklaring</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Indien een woningzoekende dringend behoefte heeft aan een
                                    (andere) woonruimte, kan hij aan het college verzoeken hem een
                                    urgentieverklaring te verlenen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De urgentieverklaring houdt de erkenning in dat verhuizing van
                                    de woningzoekende binnen zes maanden dringend gewenst is en dat
                                    binnen deze periode aan hem woonruimte zal worden
                                    aangeboden.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het college kan de in lid 2 genoemde periode eenmalig met zes
                                    maanden verlengen.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>In de urgentieverklaring wordt aangegeven voor welke woningtype
                                    de woningzoekende in aanmerking komt.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16</nr><titel>Aanvraag urgentieverklaring</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De aanvraag voor een urgentieverklaring wordt ingediend bij het
                                    college met gebruikmaking van een door het college vastgesteld
                                    formulier.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>In de aanvraag wordt door de woningzoekende de aard van de
                                    persoonlijke problematiek en de relatie met de huidige
                                    woonsituatie aangegeven.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het college beslist zo spoedig mogelijk, doch uiterlijk binnen
                                    acht weken na de datum van ontvangst van de aanvraag.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De beslistermijn kan eenmalig met ten hoogste vier weken worden
                                    verlengd.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Lid 3 van artikel 2 is niet van toepassing.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17</nr><titel>Urgentieregeling</titel></kop><al>Het college stelt een urgentieregeling vast waarin wordt aangegeven
                                in welke gevallen en op welke wijze een woningzoekende in aanmerking
                                komt voor een urgentieverklaring.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>18</nr><titel>Wijziging en intrekking urgentieverklaring</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Bij gewijzigde omstandigheden kan het college al dan niet op
                                    verzoek van de woningzoekende, besluiten de urgentieverklaring
                                    te wijzigen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college kan een urgentieverklaring intrekken indien:</al><lijst><li nr="a."><al>het huishouden niet meer in de omstandigheden verkeert
                                            op basis waarvan de verklaring is verleend;</al></li><li nr="b."><al>het huishouden daarom verzoekt;</al></li><li nr="c."><al>deze is verleend op grond van door het huishouden
                                            verstrekte gegevens waarvan de aanvrager wist of
                                            redelijkerwijs moest vermoeden dat zij onjuist of
                                            onvolledig waren;</al></li><li nr="d."><al>het huishouden een aanbieding van een naar het oordeel
                                            van het college passende woonruimte heeft
                                            geweigerd.</al></li></lijst></lid></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>2.7</nr><titel>Lokaal Maatwerk</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>19</nr><titel>Lokaal Maatwerk</titel></kop><al>Door toepassing van lokaal maatwerk kunnen B&amp;W met besturen van
                                woningcorporaties een overeenkomst sluiten waarin afspraken worden
                                neergelegd over de toewijzing van maximaal 30% van de vrijkomende
                                woningen van de corporatie. Deze overeenkomst zal betrekking hebben
                                op in de monitoring geconstateerde problematiek ten opzichte van de
                                slaagkansen van de doelgroepen van beleid. Over de aard, inhoud,
                                rapportage, toepassingsgebied en de evaluatie worden in deze
                                overeenkomst voor een periode van maximaal 2 jaar bindende afspraken
                                gemaakt in de vorm van een experiment. Deze af te sluiten
                                overeenkomst(en) vormen een aanvulling van deze verordening. Na
                                maximaal 2 jaar wordt een experiment geëvalueerd. Na evaluatie van
                                een experiment is één van de volgende vervolgstappen mogelijk: </al><lijst><li nr="-"><al>Indien, na evaluatie, aan de doelstellingen is voldaan: het
                                        experiment kan worden omgezet in structureel beleid.</al></li><li nr="-"><al>Indien, na evaluatie, niet aan de doelstellingen is voldaan:
                                        het experiment wordt stopgezet.</al></li><li nr="-"><al>Eventueel kan besloten worden het experiment, na evaluatie,
                                        nog voor een jaar te verlengen wanneer nog niet duidelijk is
                                        in hoeverre aan de doelstellingen is voldaan.</al></li></lijst></artikel></paragraaf></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>3</nr><titel>Wijziging samenstelling van de woonruimtevoorraad</titel></kop><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>3.1</nr><titel>Omzetting</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>20</nr><titel>Werkingsgebied</titel></kop><al>De bepalingen in deze paragraaf zijn van toepassing op alle
                                woonruimte.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>21</nr><titel>Vergunningvereiste</titel></kop><al>Het is verboden zonder onttrekkingsvergunning een woonruimte van
                                zelfstandige in onzelfstandige woonruimte om te zetten.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>22</nr><titel>Aanvragen van een onttrekkingsvergunning</titel></kop><al>De aanvraag voor een onttrekkingsvergunning wordt ingediend bij het
                                college en gaat vergezeld van de volgende informatie en
                                bewijsstukken:</al><lijst><li nr="a."><al>naam en adres van de eigenaar;</al></li><li nr="b."><al>gegevens over de huidige situatie:</al></li><li nr="-"><al>huur- of koopprijs;</al></li><li nr="-"><al>aantal kamers;</al></li><li nr="-"><al>woonoppervlak;</al></li><li nr="-"><al>woonlaag;</al></li><li nr="-"><al>staat van onderhoud;</al></li><li nr="c."><al>gegevens over de beoogde situatie:</al></li><li nr="-"><al>bestemming;</al></li><li nr="-"><al>bouwtekening/omgevingsvergunning;</al></li><li nr="-"><al>compensatievoorstel.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>23</nr><titel>Criteria voor vergunningverlening</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college verleent de onttrekkingsvergunning, indien naar zijn
                                    oordeel het met de om zetting gediende belang groter is dan het
                                    belang van het behoud of de samenstelling van de
                                    woonruimtevoorraad.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien de aanvraag betrekking heeft op de omzetting van
                                    woonruimte en een woonruimte met een huur- of koopprijs beneden
                                    de huur- of koopprijsgrens en er, ongeacht de nieuwe huur- of
                                    koopprijs, naar het oordeel van het college voldoende
                                    compensatie als bedoeld in artikel 24 wordt geboden, wordt de
                                    onttrekkingsvergunning in ieder geval verleend, als omzetting
                                    een woonruimte oplevert met een huur- of koopprijs beneden de
                                    huur- of koopprijsgrens.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien het college heeft vastgesteld, dat zowel het belang van
                                    de aanvrager als het belang van de volkshuisvesting zwaar wegen,
                                    of dat het belang van de aanvrager niet opweegt tegen het belang
                                    van de volkshuisvesting, wordt de onttrekkingsvergunning
                                    verleend als voldoende compensatie als bedoeld in artikel 24
                                    wordt geboden en overigens aan door het college gestelde
                                    voorwaarden en voorschriften is voldaan.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De onttrekkingsvergunning bevat de volgende informatie:</al><lijst><li nr="a."><al>de mededeling dat binnen één jaar van de
                                            onttrekkingsvergunning gebruik gemaakt kan worden;</al></li><li nr="b."><al>de woonruimte waarop de vergunning betrekking
                                            heeft;</al></li><li nr="c."><al>de opgelegde compensatie;</al></li><li nr="d."><al>de verschuldigde leges.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Het college kan een vergunning verlenen voor een tijdelijke
                                    omzetting als de omzetting voorziet in een tijdelijke
                                    behoefte.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>24</nr><titel>Compensatie</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Compensatie kan worden geboden door het toevoegen aan de
                                    woningvoorraad van andere vervangende woonruimte die naar het
                                    oordeel van het college gelijkwaardig is aan de om te zetten
                                    woonruimte.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Compensatie kan ook worden geboden door betaling van een
                                    compensatiebedrag € 201,- per m2. Het compensatiebedrag kan
                                    jaarlijks door het college worden aangepast.</al><al> Voor het berekenen van de vloeroppervlakte van de te
                                    compenseren woonruimte wordt uitgegaan van de
                                    gebruiksoppervlakte als bedoeld in NEN 2580.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het fonds dat door deze compensatiegelden wordt gevormd kan
                                    uitsluitend binnen het kader van de volkshuisvesting worden
                                    aangewend.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Bij het als compensatie toevoegen van woonruimte, zoals bedoeld
                                    in het eerste lid, wordt door de aanvrager binnen vier weken na
                                    verzenddatum van het desbetreffende besluit van het college, een
                                    waarborgsom betaald, die gelijk is aan het bedrag dat had moeten
                                    worden betaald indien hij voor de in dat besluit gestelde
                                    financiële compensatievoorwaarde zou hebben gekozen. Wanneer de
                                    compenserende woonruimte aantoonbaar is toegevoegd aan de
                                    woningvoorraad vindt teruggave van de waarborgsom plaats.</al></lid></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>3.2</nr><titel>Splitsing in appartementsrechten</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>25</nr><titel>t/m 29 vervallen</titel></kop><al/></artikel></paragraaf></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>4</nr><titel>Overige bepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>30</nr><titel>Hardheidsclausule</titel></kop><al>Het college is bevoegd in gevallen waarin de toepassing van deze
                            verordening naar zijn oordeel tot een bijzondere hardheid leidt ten
                            gunste van de aanvrager af te wijken van deze verordening.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>31</nr><titel>Strafbepalingen</titel></kop><al>Degene die handelt in strijd met artikel 5, 14, 21 of 26 wordt gestraft
                            met een hechtenis van ten hoogste vier maanden of een geldboete van de
                            derde categorie. De genoemde strafbaar gestelde feiten zijn
                            overtredingen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>32</nr><titel>Handhaving</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Met het toezicht op de naleving van het bij of krachtens deze
                                verordening bepaalde zijn belast de daartoe door het college
                                aangewezen ambtenaren en de overige genoemde personen in artikel 75,
                                tweede lid van het Wetboek van Strafvordering;</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De in het eerste lid genoemde ambtenaren hebben de bevoegdheden als
                                genoemd in artikel 77 van de Wet.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>33</nr><titel>Overleg bij wijziging</titel></kop><al>Bij de voorbereiding van een besluit tot wijziging van deze verordening
                            pleegt het college gezamenlijk met de colleges van burgemeester en
                            wethouders van de WERV-gemeenten primair overleg met de toegelaten
                            instellingen binnen de WERV en met andere daarvoor naar hun oordeel in
                            aanmerking komende organisaties die binnen de WERV op het gebied van de
                            woonruimteverdeling werkzaam zijn.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>5</nr><titel>Slotbepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>34</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Deze verordening treedt in werking op een nader door het college
                                vastgestelde datum.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Op de datum van inwerkingtreding wordt de Huisvestingsverordening
                                WERV - Wageningen ingetrokken.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>35</nr><titel>Overgangsbepaling</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De intrekking van de Huisvestingsverordening WERV - Wageningen heeft
                                geen gevolgen voor de geldigheid van vergunningen en
                                urgentieverklaringen die op grond van deze verordening zijn
                                verleend.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Op een aanvraag om vergunning of urgentieverklaring die is ingediend
                                voor het tijdstip waarop deze verordening van kracht is en waarop op
                                genoemd tijdstip nog niet onherroepelijk is beschikt, zijn de
                                bepalingen van deze verordening van toepassing, tenzij hierdoor de
                                aanvrager in een nadeliger positie komt. In laatstbedoeld geval
                                wordt beschikt met toepassing van de bepalingen van de
                                Huisvestingsverordening WERV - Wageningen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>36</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening kan worden aangehaald als Huisvestingsverordening WERV
                            - Wageningen 2013.</al></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus besloten in de openbare vergadering van 22 april 2013</ondertekening><ondertekening>de voorzitter,</ondertekening><ondertekening>de griffier,</ondertekening></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>