<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR296879_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening op de vertrouwenscommissie en de raadscommissie met betrekking tot            (her)benoemen en functioneren burgemeester</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Reusel-De Mierden</dcterms:creator><dcterms:modified>2019-04-01</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Reusel-De Mierden</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">D'n Uitkijk, 19-04-2013</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening op de vertrouwenscommissie en de raadscommissie met betrekking tot (her)benoemen en functioneren burgemeester</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet, art. 61, 61a, 61c, 84, 86, 147, 149</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Archiefwet 1995, art. 15 en 31</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Archiefbesluit 1995, art. 9</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2013-04-09</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2013-04-20</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2019-04-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>R 13-016</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>bestuur en recht</overheidrg:onderwerp><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>1.Geen.</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening op de vertrouwenscommissie en de raadscommissie met betrekking tot
            (her)benoemen en functioneren burgemeester</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De gemeenteraad van de gemeente Reusel-De Mierden;</al><al>gelezen het voorstel van het Fractievoorzittersoverleg;</al><al>gelet op de artikelen 61, 61a, 61c, 84, 86, 147 en 149 van de Gemeentewet,
                        de artikelen 15 en 31 van de Archiefwet 1995 en artikel 9 van het
                        Archiefbesluit 1995;</al><al>gelet op de circulaire Benoeming, functioneringsgesprekken en herbenoeming
                        burgemeester van de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties
                        d.d. 20 augustus 2012;</al><al>besluit vast te stellen de:</al><al/><al><vet>Verordening op de vertrouwenscommissie en de </vet><vet>raadscommissie
                            met betrekking tot (her)benoemen en functioneren burgemeester</vet></al></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsbepaling</titel></kop><al>Commissie: </al><al>Vertrouwenscommissie, die de aanbeveling tot benoeming van de burgemeester
                        voorbereidt of,</al><al>Raadscommissie, die functioneringsgesprekken met de burgemeester houdt
                        en/of, </al><al>Raadscommissie, die de aanbeveling tot herbenoeming van de burgemeester
                        voorbereidt.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Taak</titel></kop><al>De commissie heeft tot taak:</al><lijst><li nr="a."><al>de aanbeveling tot benoeming of herbenoeming van de burgemeester
                                voor te bereiden of</al></li><li nr="b."><al>een functioneringsgesprek te houden met de burgemeester.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Samenstelling commissie</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De commissie bestaat uit zoveel leden als dat er fracties zijn in de
                            gemeenteraad. Ze worden benoemd door en uit de gemeenteraad, van elke
                            fractie één.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien de gemeenteraad niet heeft bepaald wie voorzitter en
                            plaatsvervangend voorzitter van de commissie is, kiest de commissie deze
                            uit haar midden.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Ambtelijke ondersteuning</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De raadsgriffier is secretaris van de commissie.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De gemeentesecretaris kan bij vervulling van de in artikel 2 onder a
                            genoemde taken als plaatsvervangend secretaris aan de commissie worden
                            toegevoegd.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De (plaatsvervangend) secretaris geeft ambtelijke ondersteuning aan de
                            commissie.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De (plaatsvervangend) secretaris is geen lid van, en heeft geen
                            stemrecht in, de commissie.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Adviseur</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De gemeenteraad kan een of meer wethouders aan de commissie toevoegen
                            als adviseur in verband met de vervulling van de in artikel 2 onder a
                            genoemde taken.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De adviseur wordt uitgenodigd voor de vergaderingen van de
                            commissie.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Een adviseur is geen lid van, en heeft geen stemrecht in, de
                            commissie.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Geheimhouding</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De vergaderingen van de commissie zijn besloten. Alle stukken van de
                            commissie zijn geheim. Dit wordt op de stukken vermeld.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De (fungerend) voorzitter van de commissie wijst bij de
                            benoemingsprocedure in elke vergadering op de geheimhoudingsplicht, die
                            rechtstreeks voortvloeit uit artikel 61c van de Gemeentewet.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De commissie legt bij de herbenoemingsprocedure en bij
                            functioneringsgesprekken in elke vergadering en elk gesprek, met
                            toepassing van artikel 86 van de Gemeentewet, geheimhouding op over de
                            inhoud van de stukken en het behandelde tijdens de vergadering of het
                            gesprek. De (fungerend) voorzitter van de commissie ziet erop toe dat
                            hieraan wordt voldaan.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De geheimhoudingsplicht brengt onder meer mee dat aan raadsleden, die
                            geen zitting (meer) hebben in de commissie, en aan anderen, behoudens
                            het bepaalde in de artikelen 9, vierde lid, 10, tweede lid, en 11 van
                            deze verordening, geen inzage in, of informatie omtrent de inhoud van de
                            stukken of het behandelde ter vergadering of in het gesprek wordt
                            verstrekt.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>De commissie treft, met inachtneming van de artikelen 8, 9, tweede lid,
                            en 15 van deze verordening, een voorziening met betrekking tot de wijze
                            waarop de geheimhouding blijft gewaarborgd bij het beheer van
                            bescheiden, het voeren van correspondentie en bij de bepaling van plaats
                            en tijdstip van de gesprekken.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>De commissie en de gemeenteraad kunnen de geheimhouding waartoe de
                            Gemeentewet, respectievelijk zullen de geheimhouding waartoe het derde
                            lid van deze verordening verplicht, niet opheffen.</al></lid><lid><lidnr>7.</lidnr><al>De geheimhoudingsplicht blijft na ontbinding van de commissie van
                            kracht.</al></lid><lid><lidnr>8.</lidnr><al>Het in dit artikel bepaalde is van overeenkomstige toepassing op de
                            (plaatsvervangend) secretaris en, indien van toepassing, de
                            adviseur.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Vergaderingen</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De commissie vergadert zo dikwijls als de voorzitter of tenminste
                                twee leden dit noodzakelijk achten.</al></li><li nr="2."><al>De voorzitter bepaalt dag, uur en plaats van de vergadering.De
                                voorzitter doet van elke vergadering tenminste vierentwintig uur
                                tevoren aankondiging aan de leden van de commissie, indien een
                                adviseur aan de commissie is toegevoegd, de adviseur en, indien het
                                gesprek met hem plaatsvindt, de burgemeester.</al></li></lijst><lijst><li nr="3."><al>De commissie vergadert niet als niet tenminste de helft plus één van
                                het aantal leden aanwezig is.</al></li><li nr="4."><al>De commissie besluit bij de voorbereiding van een aanbeveling bij
                                meerderheid van uitgebrachte stemmen, waarbij elk lid één stem
                                heeft. Bij het staken van de stemmen over de uit te brengen
                                bevindingen wordt het nemen van een beslissing uitgesteld tot de
                                volgende vergadering. Is uitstel van de beslissing niet mogelijk of
                                staken de stemmen ook in die volgende vergadering, dan worden geen
                                bevindingen van de commissie, maar de verschillende meningen in het
                                verslag opgenomen. De commissie streeft naar unanimiteit. Het
                                gevoelen van de minderheid wordt desgewenst in het verslag tot
                                uitdrukking gebracht.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Contactpersoon bij de benoemings- en herbenoemingsprocedure</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De voorzitter van de commissie treedt op als contactpersoon.</al></li><li nr="2."><al>Alle stukken bestemd voor de commissie worden onder vermelding van
                                ‘persoonlijk en vertrouwelijk’ op de envelop en boven de ingesloten
                                stukken gericht aan de voorzitter en gezonden aan het privé-adres
                                van de secretaris en aldaar bewaard tot het moment van
                                archivering.</al></li><li nr="3."><al>Alle stukken die van de commissie uitgaan worden onder vermelding
                                van ‘persoonlijk en vertrouwelijk’ op de envelop en boven de
                                ingesloten stukken door de voorzitter en de secretarisondertekend en
                                vanaf het privé-adres van de secretaris verzonden.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Bijzondere bepalingen over de benoemingsprocedure</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De Gemeentewet bepaalt in artikel 61 lid 4 dat de commissie zich slechts
                            door tussenkomst van de commissaris van de Koning de door haar nodig
                            geachte informatie over de kandidaten verschaft. Elk overleg met derden,
                            schriftelijk of mondeling, is uitgesloten.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De secretaris nodigt, op verzoek van de commissie, de kandidaten uit
                            voor een gesprek met de commissie. De commissie treft voorzieningen met
                            betrekking tot de wijze waarop de privacy van de sollicitanten wordt
                            beschermd, bijvoorbeeld door de plaats en het tijdstip van de gesprekken
                            zodanig te kiezen dat de vertrouwelijkheid van de gesprekken is
                            gewaarborgd.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Bijzondere bepalingen over functioneringsgesprekken</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Een commissie houdt minimaal eens in de twee jaar een
                            functioneringsgesprek met de burgemeester.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien de fractievoorzitters dan wel de burgemeester de wens daartoe
                            kenbaar maken, houdt een commissie tussentijds een functioneringsgesprek
                            met de burgemeester.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>In het eerste jaar na benoeming van een nieuwe burgemeester vindt tevens
                            een 100-dagengesprek plaats.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De commissie maakt vooraf kenbaar aan de burgemeester bij wie zij
                            informatie zal inwinnen over het functioneren van de burgemeester. De
                            commissie en de burgemeester stellen in onderling overleg de agenda voor
                            het functioneringsgesprek vast. De commissie en de burgemeester krijgen
                            voorafgaand aan het gesprek de gelegenheid, voor zover van toepassing,
                            het verslag van het vorige functioneringsgesprek in te zien.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Het gesprek is wederkerig. Zowel het functioneren van de burgemeester
                            als het functioneren van de gemeenteraad zijn onderwerp van gesprek. De
                            commissie toetst het functioneren van de burgemeester in elk geval aan
                            de profielschets, de wettelijke taken van de burgemeester alsmede de
                            andere aan de burgemeester toebedeelde taken. Tevens wordt getoetst aan
                            het verslag van, en de afspraken uit, het vorige
                            functioneringsgesprek.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Drie van de functioneringsgesprekken worden gevoerd in ieder geval vier
                            weken voorafgaand aan het klankbordgesprek dat de commissaris van de
                            Koning met de burgemeester heeft.</al></lid><lid><lidnr>7.</lidnr><al>In het laatste functioneringsgesprek voor de start van de
                            herbenoemingsprocedure geeft de commissie de burgemeester desgewenst een
                            indicatie of herbenoeming op dat moment naar verwachting al dan niet op
                            obstakels zal stuiten.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Bijzondere bepalingen over de herbenoemingsprocedure</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De commissie formuleert de informatiebronnen op basis waarvan zij
                                zich een oordeel vormt over het functioneren van de burgemeester.
                                Deze informatiebronnen maakt zij vooraf kenbaaraan de burgemeester,
                                de gemeenteraad en de commissaris van de Koning.</al></li></lijst><lijst><li nr="2."><al>Alvorens haar verslag van bevindingen aan de gemeenteraad en
                                commissaris van de Koning te zenden, bespreekt de commissie dit met
                                de burgemeester. Van het gesprek wordt een verslag opgemaakt dat
                                niet openbaar wordt gemaakt.</al></li><li nr="3."><al>Indien terzake van het functioneren van de burgemeester in het in
                                het vorige lid bedoelde overleg afspraken worden gemaakt tussen de
                                commissie en de burgemeester, worden deze in het verslag aan de
                                gemeenteraad vermeld. De commissie zendt het verslag ook aan de
                                burgemeester.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Verslag</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De commissie brengt over haar werkzaamheden ter zake van de
                                voorbereiding van de aanbeveling tot benoeming of herbenoeming
                                verslag uit aan de gemeenteraad en de commissaris van de Koning door
                                middel van een verslag van bevindingen. Dit schriftelijke en
                                vertrouwelijke verslag bevat tenminste:</al><lijst><li nr="a."><al>een weergave van de wijze waarop de commissie haar
                                        werkzaamheden heeft verricht,</al></li><li nr="b."><al>een gemotiveerde weergave van de bevindingen van de
                                        commissie; bij benoemingen wordt in het verslag van
                                        bevindingen ook de volgorde van plaatsing van de kandidaten
                                        op de aanbeveling gemotiveerd,</al></li><li nr="c."><al>de vermelding of er sprake is van unanimiteit binnen de
                                        commissie.</al><al>en heeft in ieder geval de volgende bijlagen:</al></li><li nr="d."><al>bij benoemingen: de conceptaanbeveling van twee
                                        personen,</al></li><li nr="e."><al>bij herbenoemingen: het verslag van het gesprek met de
                                        burgemeester over het conceptverslag van bevindingen en de
                                        conceptaanbeveling.</al></li></lijst></li></lijst><lijst><li nr="2."><al>Van het functioneringsgesprek wordt een verslag opgemaakt, dat niet
                                openbaar wordt gemaakt. Het verslag wordt voor raadsleden onder
                                geheimhouding ter inzage gelegd bij de raadsgriffier.</al></li><li nr="3."><al>Een afschrift van het verslag van het functioneringsgesprek wordt
                                toegezonden aan de burgemeester en de commissaris van de
                                Koning.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Onvoorziene gevallen</titel></kop><al>In alle gevallen waarin deze verordening dan wel de circulaire niet
                        voorziet, beslist de commissie.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Ontbinding van de commissie</titel></kop><al>De commissie is ontbonden met ingang van de dag volgende op die waarop:</al><al>• bij benoeming: door de minister van BZK aan de gemeenteraad bekend is
                        gemaakt dat in de vacature van burgemeester is voorzien;</al><al>• bij een functioneringsgesprek: het verslag van het functioneringsgesprek
                        is vastgesteld;</al><al>• bij herbenoeming: door de minister van BZK aan de gemeenteraad bekend is
                        gemaakt dat de voordracht van de minister van BZK door een Koninklijk
                        besluit is gevolgd.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr><titel>Archivering</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De voorzitter en de secretaris van de commissie dragen er bij de
                            benoemings- en herbenoemingsprocedure zorg voor dat op het tijdstip
                            bedoeld in artikel 14 alle archiefbescheiden onverwijld in een
                            verzegelde envelop en gerubriceerd als “geheim” worden overgebracht naar
                            de op grond van artikel 31 van de Archiefwet door de gemeenteraad
                            aangewezen archiefbewaarplaats.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De voorzitter en de secretaris van de commissie dragen er bij de
                            benoemings- en herbenoemingsprocedure zorg voor dat van de in het eerste
                            lid bedoelde overbrenging een verklaring van overbrenging als bedoeld in
                            artikel 9 van het Archiefbesluit 1995 wordt opgemaakt. In deze
                            verklaring wordt melding gemaakt van de met toepassing van artikel 15,
                            lid 1 sub a en c, van de Archiefwet 1995 gestelde beperkingen aan de
                            openbaarheid, geldende voor een periode van 75 jaar.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De voorzitter en de secretaris van de commissie dragen er bij de
                            benoemings- en herbenoemingsprocedure zorg voor dat alle overige
                            bescheiden en alle kopieën van de in dit artikel bedoelde bescheiden
                            onmiddellijk worden vernietigd.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De raadsgriffier draagt bij functioneringsgesprekken zorg voor een
                            afdoende vertrouwelijke archivering van de stukken, waaronder het
                            afschrift van het vastgestelde verslag. Na het aftreden van de
                            burgemeester worden alle betreffende stukken door de raadsgriffier
                            vernietigd.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><al>Deze verordening treedt in werking met ingang van de dag na
                        bekendmaking.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening kan worden aangehaald als “Verordening op de
                        vertrouwenscommissie en raadscommissie (her)benoemen en functioneren
                        burgemeester”.</al></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering op 9 april 2013.</ondertekening><ondertekening>de griffier, de voorzitter(plv.),</ondertekening><ondertekening>J.C.M. van Berkel E.A.M.C. van Laarhoven</ondertekening></regeling-sluiting><nota-toelichting><kop><titel>TOELICHTING</titel></kop><tussenkop>Artikel 3: </tussenkop><tussenkop>Samenstelling commissie</tussenkop><al>De gemeenteraad bepaalt de samenstelling van de commissie en bepaalt of elke
                    fractie in de commissie is vertegenwoordigd. Veelal is de samenstelling van de
                    commissie die functioneringsgesprekken met de burgemeester voert anders,
                    beperkter, van aard dan die van de commissie die de aanbeveling tot benoeming of
                    herbenoeming van de burgemeester voorbereidt.</al><al>Dit, om bij functioneringsgesprekken het ‘tribunaaleffect’ te vermijden.</al><al>Het ‘tribunaaleffect’ kan bij grotere commissies overigens ook iets worden
                    gemitigeerd door woordvoerders aan te wijzen. De verordening geeft daarom de
                    mogelijkheid om de samenstelling van de commissie van taak tot taak - benoeming,
                    functioneringsgesprek en herbenoeming - te laten variëren. De commissie wordt op
                    grond van artikel 14 na afronding van haar taak ontbonden. Er hoeft dus niet
                    steeds een nieuwe verordening te worden vastgesteld; alleen wordt bij elke
                    nieuwe taak een nieuwe commissie ingesteld. Indien de voorkeur uitgaat naar een
                    vaste commissie, die de functioneringsgesprekken met de burgemeester voert, kan
                    de verordening daarop worden aangepast.</al><tussenkop>Raadslidmaatschap</tussenkop><al>De commissie bestaat uit raadsleden. Dit brengt mee dat het lidmaatschap van de
                    commissie eindigt bij beëindiging van het raadslidmaatschap. Bij tijdelijke
                    beëindiging van het raadslidmaatschap, bijvoorbeeld bij tijdelijke vervanging
                    wegens ziekte, kan het commissielidmaatschap herleven zodra het
                    raadslidmaatschap herleeft, tenzij de betrokkene in de commissie inmiddels
                    blijvend is vervangen door een ander raadslid.</al><tussenkop>Geen plaatsvervangende leden</tussenkop><al>Artikel 3, lid 3 van de modelverordening is niet overgenomen omdat de tekst als
                    te rigide wordt ervaren. Dit artikellid uit het model geeft namelijk aan dat “de
                    commissie geen plaatsvervangende leden kent”. Deze modelbepaling wil voorkomen
                    dat de commissie een ‘duiventil’ wordt. Indien een van de leden van de commissie
                    blijvend uitvalt, zou er wel blijvende vervanging plaatsvinden.</al><al>De achtergrond van de modelbepaling wordt echter onderschreven.</al><tussenkop>Artikel 5</tussenkop><tussenkop>Adviseur</tussenkop><al>Zie de toelichting bij paragrafen II en X van de circulaire. Bij
                    functioneringsgesprekken ligt het niet voor de hand een of meer wethouders als
                    adviseur aan de commissie toe te voegen. Zie verder de toelichting bij artikel 9
                    onder Voorbereiding en informatiebronnen.</al><tussenkop>Artikel 6</tussenkop><tussenkop>Wettelijke geheimhoudingsplicht</tussenkop><al>Strikt genomen is het overbodig om een geheimhoudingsplicht in een verordening
                    op te nemen en daarop bij de start van elke vergadering uitdrukkelijk te laten
                    wijzen, als die rechtstreeks voortvloeit uit de (in dit geval: Gemeente)wet. Dat
                    dit toch gebeurt, is omdat de praktijk uitwijst dat</al><al>de geheimhoudingsplicht niet vaak genoeg kan worden benadrukt.</al><tussenkop>Artikel 8</tussenkop><tussenkop>Termijn van aankondiging/uitnodiging</tussenkop><al>Indien spoed niet is geboden, ligt een ruimere termijn voor uitnodiging,
                    bijvoorbeeld twee weken, voor de hand.</al><tussenkop>Artikel 9</tussenkop><tussenkop>Contactpersoon</tussenkop><al>Het eerste lid van deze bepaling doet vanzelfsprekend niets af aan de
                    geheimhoudingsplicht. De geheimhouding dient zeer strikt in acht te worden
                    genomen. Sommige raadsgriffiers kiezen ervoor niets per post en per e-mail te
                    versturen, maar alles te laten lopen via ter inzage legging en, in het algemeen,
                    zo min mogelijk op papier te zetten.</al><tussenkop>Artikel 10 e.v. </tussenkop><tussenkop>Functioneringsgesprekken</tussenkop><al>Het belang van functioneringsgesprekken staat buiten kijf. De houding waarin
                    dergelijke gesprekken niet nodig worden bevonden, is vrijwel verdwenen. Elke
                    nieuwe burgemeester krijgt bij het gesprek met de minister van BZK dan ook de
                    brochure Functioneringsgesprekken uitgereikt. Het burgemeestersambt ontwikkelt
                    zich steeds meer tot een politieke functie en de burgemeester ligt steeds vaker
                    onder vuur. Aanbevelingen tot niet-herbenoeming brengen grote bestuurlijke en
                    persoonlijke schade mee die koste wat kost moet worden voorkomen. Dit pleit voor
                    het instigeren van een cultuur waarin regelmatige onderlinge reflectie op het
                    functioneren van burgemeester en gemeenteraad culmineert in formele
                    functioneringsgesprekken. Mocht na een aantal jaren blijken dat de samenwerking
                    ondanks pogingen daartoe toch niet naar wens functioneert dan kan tijdig worden
                    gesproken over de toekomst en kan de commissaris van de Koning tijdig worden
                    ingeseind.</al><tussenkop>Frequentie</tussenkop><al>Een keer per twee jaar met elkaar overleggen over het wederzijds functioneren is
                    te weinig als er problemen zijn en – zo wordt wel eens ervaren – te veel als het
                    goed gaat. Dit laatste blijkt in de praktijk niet juist te zijn. In goede tijden
                    wordt door een regelmatig reflectiemoment een manier van communiceren ontwikkeld
                    waarop in mindere tijden kan worden teruggegrepen. En ook als het goed gaat, mag
                    daar natuurlijk bij stil worden gestaan. Het advies is functioneringsgesprekken
                    daarom periodiek, in elk geval jaarlijks, te laten plaatsvinden, maar het
                    absolute minimum is tweejaarlijks. Waarom wordt er in deze verordening dan toch
                    gesproken over tweejaarlijks? De ervaring leert dat hoe frequenter en formeler
                    de procedurevoorschriften zijn, des te meer aan de raadsgriffier wordt
                    overgelaten. Om de belasting daarom laag te houden, is gekozen voor een
                    uitgebreide gesprekkenronde om het jaar. In het tussenliggende jaar kan als
                    alles goed loopt elkaar kort de spiegel worden voorgehouden. Als het slecht
                    loopt, kan jaarlijks een functioneringsgesprek plaatsvinden.</al><tussenkop>Voorbereiding en informatiebronnen</tussenkop><al>Een functioneringsgesprek wordt gestart op initiatief van de raadsgriffier. De
                    raadsgriffier vormt een spilfunctie in het proces. Aan het functioneringsgesprek
                    zijn geen vormvereisten verbonden. Het kan plaatsvinden met een delegatie uit de
                    gemeenteraad, mits daarin coalitie en oppositie zijn vertegenwoordigd. Een goed
                    functioneringsgesprek valt of staat met een goede voorbereiding. De burgemeester
                    opereert niet in een vacuüm. De gesprekken kunnen bijvoorbeeld worden voorbereid
                    in, en de resultaten daaruit teruggekoppeld via, het presidium. In de
                    verordening is voor wat betreft de (her)benoeming voor terugkoppeling gekozen
                    via ter inzage legging voor de hele gemeenteraad. In de voorbereiding kan worden
                    gesproken met een of meer leden van het college, een samenwerkingspartner op het
                    gebied van OOV, de gemeentesecretaris en de raadsgriffier. Van al deze
                    gesprekken worden verslagen opgemaakt. Die verslagen vormen de basis voor het
                    gesprek. Het verdient aanbeveling de kring van geraadpleegden niet groter te
                    maken dan hier aangegeven.</al><tussenkop>Zachte heelmeesters</tussenkop><al>Het is van belang in en buiten het gesprek kritiek te organiseren en ook
                    daadwerkelijk te geven. Zelfs als dat niet in de traditie ligt. De praktijk
                    leert dat te laat – of niet – gegeven kritiek tot grote problemen kan leiden in
                    de onderlinge samenwerking en – uiteindelijk – bij de herbenoemingsprocedure.
                    Het is de taak van de raadsgriffier om hem bekende kritiek op het functioneren
                    van de burgemeester en/of de gemeenteraad zichtbaar en bespreekbaar te
                    maken.</al><tussenkop>De commissaris van de Koning</tussenkop><al>Het is te adviseren om bij serieuze kritiek op het functioneren dit vroegtijdig
                    met de commissaris van de Koning te bespreken.</al><tussenkop>Artikel 11</tussenkop><tussenkop>Problematische herbenoeming</tussenkop><al>Mocht een door de burgemeester gewenste herbenoeming op obstakels stuiten,
                    raadpleeg dan tijdig de kabinetschef van de commissaris van de Koning. Deze
                    heeft ervaring met de juridische mogelijkheden en onmogelijkheden in een
                    dergelijke situatie en legt zo nodig contact met het ministerie van BZK. De
                    praktijk leert dat de bestuurlijke schade, die een aanbeveling tot
                    niet-herbenoeming voor alle betrokkenen met zich meebrengt, vaak kan worden
                    beperkt.</al><tussenkop>Artikel 12</tussenkop><tussenkop>Voorbeeldopbouw van het verslag van bevindingen</tussenkop><al>Op verzoek volgt hier een voorbeeld van de mogelijke opbouw van het verslag van
                    bevindingen. Het is van belang er zorg voor te dragen dat het verslag voldoende
                    onderbouwing bevat van de visie van de commissie, nu de gemeenteraad op basis
                    van het verslag van bevindingen besluit over de aanbeveling. Zie ook de
                    toelichting bij de paragrafen V en XI van de circulaire onder De verhouding
                    gemeenteraad-vertrouwenscommissie, respectievelijk De verhouding gemeenteraad
                    tot de raadscommissie, die de aanbeveling voorbereidt.</al><tussenkop>Bij benoeming</tussenkop><al>1.Proces: in een inleiding wordt vermeld hoe de vacature is ontstaan.</al><al>Er wordt informatie gegeven over de samenstelling van de vertrouwenscommissie en
                    (belangrijke eisen uit) de profielschets en hoe die te lezen is in het licht van
                    het in de profielschetsvergadering verhandelde. Na informatie over de
                    openstelling van de vacature en procedurele informatie over de ontvangst van de
                    selectie van kandidaten van de commissaris van de Koning kan het onderdeel
                    Proces worden afgesloten met procedurele informatie over de opzet van de
                    selectiegesprekken en eventuele assessments. Dit hoofdstuk bevat dus uitsluitend
                    procedurele informatie.</al><lijst><li nr="2."><al>Bevindingen: in het verslag wordt chronologisch de inhoud en het verloop
                            van alle beraadslagingen in, en gesprekken door, de commissie verwerkt.
                            De bevindingen met betrekking tot de afzonderlijke kandidaten kunnen
                            desgewenst geanonimiseerd worden gepresenteerd. De kandidaten worden dan
                            bijvoorbeeld aangeduid door letters. De namen van de kandidaten die op
                            de conceptaanbeveling staan, worden vanzelfsprekend wel genoemd. Zij
                            worden uitgebreider besproken. Afgesloten wordt met een advies over
                            welke twee kandidaten in welke volgorde op de aanbeveling zouden moeten
                            staan. Deze conclusie wordt onderbouwd en aangegeven wordt of de
                            commissie unaniem is in dit voorstel. Indien kandidaten zich gedurende
                            de procedure terugtrekken, wordt de reden daarvan vermeld in het
                            verslag.</al></li><li nr="3."><al>Het verslag wordt ondertekend door de voorzitter en secretaris van de
                            commissie.</al></li></lijst><tussenkop>Bij herbenoeming</tussenkop><al>Sommige herbenoemingsprocedures lopen vlekkeloos. Soms gaat het moeilijker. Als
                    stelregel geldt dat het hele verloop van de procedure zowel procedureel als
                    inhoudelijk in het verslag van bevindingen zijn weerslag krijgt. De opbouw van
                    het verslag van bevindingen kan er bijvoorbeeld als volgt uitzien:</al><lijst><li nr="1."><al>Proces: Na een inleiding volgt procedurele informatie over de
                            samenstelling van de raadscommissie, die de aanbeveling heeft voorbereid
                            en over de functioneringsgesprekken (frequentie, gesprekspartners) die
                            gedurende de ambtstermijn met de burgemeester zijn gehouden.</al></li><li nr="2."><al>Dan volgt chronologisch inhoudelijke informatie over de werkzaamheden
                            van de commissie en over de inhoud van de met informanten en de
                            burgemeester gevoerde gesprekken. Ook de aard en inhoud van eventuele
                            tussentijdse contacten met de commissaris van de Koning wordt
                            vermeld.</al></li><li nr="3."><al>Bevindingen: In het verslag wordt kort de inhoud en het verloop van alle
                            beraadslagingen in, en gesprekken door, de commissie verwerkt.
                            Bevindingen met betrekking tot het functioneren van de burgemeester
                            kunnen bijvoorbeeld worden geordend naar criteria uit de profielschets
                            en afspraken uit functioneringsgesprekken. Afgesloten wordt met een
                            conclusie.</al></li><li nr="4."><al>Het verslag wordt ondertekend door de voorzitter en secretaris van de
                            commissie.</al></li></lijst><tussenkop>Verslag bij functioneringsgesprekken</tussenkop><al>Het verslag bevat de feitelijke gegevens van tijd, plaats en rol van de
                    aanwezigen bij het gesprek. Het verslag geeft een duidelijk en feitelijk beeld
                    van het besprokene. Het kan bondig en beknopt, ook puntsgewijs. Wel is van
                    belang dat het verslag een goed beeld geeft van het gesprek en de gemaakte
                    afspraken, zodat de overige raadsleden bij inzage, de commissie die het volgende
                    functioneringsgesprek voert en de commissaris van de Koningin zich een goed
                    beeld daarvan kunnen vormen. Daarom is het van belang ook de sfeer te schetsen,
                    waarin het gesprek plaatsvond.</al><tussenkop>Artikel 15</tussenkop><tussenkop>Digitale bestanden in de benoemings- en
                    herbenoemingsprocedure</tussenkop><al>De Archiefwet 1995 en het Archiefbesluit 1995 maken geen onderscheid naar de
                    vorm van bescheiden en zijn dus zowel op papieren als op digitale bescheiden van
                    toepassing. Ingeval er sprake is van digitale bestanden en bij de door de
                    gemeente aangewezen archiefbewaarplaats de mogelijkheid bestaat tot digitale
                    opslag dienen de daarvoor geldende regels te worden gevolgd en moet op
                    overeenkomstige wijze de geheimhouding van de betrokken bescheiden worden
                    gegarandeerd.</al></nota-toelichting></regeling></body></cvdr>