<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR296732_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Ongewenste omgangsvormen</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Harderwijk</dcterms:creator><dcterms:modified>2013-06-04</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Harderwijk</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Onbekend</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Ongewenste omgangsvormen</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Arbowet</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">college van burgemeester en wethouders</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2013-06-04</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2013-06-04</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2020-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Onbekend</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>AVRH</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Ongewenste omgangsvormen</intitule><regeling><aanhef><preambule><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><tekst><al> Deze verordening is van toepassing op: ambtenaren in dienst van de gemeente
                        Harderwijk in de zin van de Arbeidsvoorwaardenregeling Harderwijk (AVRH). </al><al>Tevens is de verordening van toepassing op personen die anderszins een
                        werkrelatie hebben die vallen onder de verantwoordelijkheden van het
                        bestuursorgaan.</al><al> Deze verordening verstaat onder: </al><lijst><li nr="a"><al><vet>ongewenste omgangsvormen: </vet>ongewenste toenadering,
                                seksuele intimidatie of andere vormen van intimidatie, pesten of
                                discriminatie (non)verbaal of fysiek gedrag van ongewenste
                                aard;</al></li><li nr="b"><al><vet> bestuursorgaan:</vet> burgemeester en wethouders; </al></li><li nr="c"><al><vet> klacht:</vet> een mondeling of schriftelijk bij de
                                vertrouwenspersoon ingediende, gemotiveerde klacht met betrekking
                                tot seksuele intimidatie, dan wel eenzelfde klacht schriftelijk
                                ingediend bij de klachtencommissie en/of het bestuursorgaan; </al></li><li nr="d"><al><vet> klager:</vet> de persoon die een klacht heeft ingediend; </al></li><li nr="e"><al><vet> aangeklaagde:</vet> de natuurlijke persoon tegen wie een
                                klacht is ingediend;</al></li><li nr="f"><al><vet> contactpersoon:</vet> de persoon als bedoeld in de artikelen 4
                                en 5; </al></li><li nr="g"><al><vet> vertrouwenspersoon:</vet> de persoon als bedoeld in artikel
                                6;</al></li><li nr="h"><al><vet> klachtencommissie:</vet> de commissie als bedoeld in artikel
                                10;</al></li><li nr="i"><al><vet> betrokken organisatie:</vet> gemeentelijke organisatie. </al></li></lijst><al> Een klacht kan worden ingediend bij:</al><lijst><li nr="a"><al> de vertrouwenspersoon; </al></li><li nr="b"><al> de klachtencommissie; </al></li><li nr="c"><al> het bestuursorgaan. </al></li></lijst><al> Het indienen van een klacht bij de vertrouwenspersoon kan zowel mondeling
                        als schriftelijk gebeuren. Van de mondeling ingediende klacht maakt de
                        vertrouwenspersoon terstond proces-verbaal op. De klager en de
                        vertrouwenspersoon ondertekenen het proces-verbaal. De klager krijgt
                        onmiddellijk nadat het proces-verbaal is opgemaakt, een afschrift daarvan
                        uitgereikt door de vertrouwenspersoon. Bij de klachtencommissie en het
                        bestuursorgaan kunnen alleen schriftelijke klachten worden ingediend. Van de
                        schriftelijk ingediende klacht krijgt de klager binnen 7 dagen een bericht
                        van ontvangst, toegezonden door degene bij wie de klacht is ingediend. </al><al> Een klacht die in eerste instantie is ingediend bij de klachtencommissie of
                        het bestuursorgaan wordt ter behandeling doorgezonden naar de
                        vertrouwenspersoon. De klager ontvangt van de doorzending binnen 7 dagen
                        schriftelijk bericht van degene die de klacht heeft doorgezonden.</al><al> Een anoniem ingediende klacht wordt niet in behandeling genomen.</al><al> Het bestuursorgaan overlegt vooraf met de klager indien het aangifte doet
                        bij Justitie van een klacht inhoudende de melding van een strafbaar feit als
                        bedoeld in het Wetboek van Strafrecht. Verder ontvangen de klager en
                        aangeklaagde schriftelijk bericht van de aangifte.</al><al> De contactpersoon wordt aangewezen door de directie van de betrokken
                        organisatie. Dit is een adviseur van de afdeling Personeel &amp;
                        Organisatie. </al><al> De contactpersoon heeft tot taak: </al><lijst><li nr="a"><al> voorlichtings- en preventie-activiteiten binnen de
                                organisatie;</al></li><li nr="b"><al> te zorgen voor de eerste opvang van de klager; </al></li><li nr="c"><al> de klager die zich tot hem/haar wendt van advies te dienen ten
                                aanzien van de te volgen procedure;</al></li><li nr="d"><al> de klager en de aangeklaagde die zich tot hem/haar wendt op diens
                                verzoek in contact brengen met de vertrouwenspersoon. </al></li></lijst><al> Het bestuursorgaan wijst een organisatie aan die verantwoordelijk is voor
                        het aanstellen van één of meer personen als vertrouwenspersoon. De
                        vertrouwenspersoon dient over deskundigheid te beschikken op het gebied van
                        hulpverlening, met name in het kader van seksuele intimidatie.</al><al> De vertrouwenspersoon is voor de uitvoering van haar taken verantwoording
                        schuldig aan het bestuursorgaan via het bestuur van de aangewezen
                        instelling.</al><al> De aangewezen instelling stelt de vertrouwenspersoon in de gelegenheid
                        haar/zijn taken naar behoren te vervullen.</al><al> De vertrouwenspersoon heeft tot taak: </al><lijst><li nr="a"><al> na ontvangst van een klacht de klager direct bij te staan en van
                                advies te dienen;</al></li><li nr="b"><al> door bemiddeling te trachten tot een oplossing van de gesignaleerde
                                problemen te komen; </al></li><li nr="c"><al> de klager op diens verzoek te ondersteunen bij het indienen van een
                                klacht bij de klachtencommissie, het bestuursorgaan of een andere
                                instantie;</al></li><li nr="d"><al> voorzover nodig en gewenst, betrokkene te verwijzen naar
                                gespecialiseerde hulpverleningsinstanties;</al></li><li nr="e"><al> het onderhouden van contact met de klager om te bezien of het
                                indienen van de klacht niet leidt tot repercussies voor de klager en
                                om te bezien of, nadat de klacht is afgehandeld, de aanleiding van
                                de klacht daadwerkelijk is weggenomen; </al></li><li nr="f"><al> het registreren van de aard en de omvang van de overeenkomstig
                                artikel 3 ingediende klachten; </al></li><li nr="g"><al> het gevraagd en ongevraagd adviseren aan het bestuursorgaan over
                                een beleid inzake voorkoming seksuele intimidatie bij de gemeente
                                als werkgever; </al></li><li nr="h"><al> het (doen) verzorgen van voorlichting over ongewenste omgangsvormen
                                aan de medewerkers van de gemeentelijke organisatie; </al></li><li nr="i"><al> het jaarlijks schriftelijk verslag uitbrengen aan het
                                bestuursorgaan over zijn/haar werkzaamheden. Het verslag draagt een
                                algemeen karakter en is zodanig opgesteld dat de anonimiteit van
                                betrokkenen is gewaarborgd.</al></li></lijst><al> De vertrouwenspersoon bepaalt zij/nhaar werkwijze.</al><al> De vertrouwenspersoon is bevoegd informatie in te winnen bij de klager, de
                        aangeklaagde, evenals bij getuigen en anderen, voorzover de uitvoering van
                        haar taken daartoe noodzaakt. Zij neemt daarbij de grootst mogelijke
                        zorgvuldigheid in acht ter bescherming van de privacy van de direct
                        betrokkenen.</al><al> Personen die door de vertrouwenspersoon uit hoofde van de in het voorgaande
                        lid gegeven bevoegdheid worden benaderd, zijn, voorzover het betreft
                        personeelsleden in dienst van het bestuursorgaan, verplicht de gevraagde
                        informatie te verstrekken en omtrent verzoek en informatieverstrekking
                        geheimhouding in acht te nemen. Deze verplichtingen gelden ook voor het
                        bestuursorgaan.</al><al> De vertrouwenspersoon meldt de klacht onverwijld aan het bestuursorgaan als
                        de inhoud van de klacht daartoe naar haar mening aanleiding geeft.</al><al> De vertrouwenspersoon houdt van de door haar behandelde klachten een
                        archief bij.</al><al> De vertrouwenspersoon is het eerste aanspreekpunt bij redelijke vermoedens
                        van of klachten met betrekking tot ongewenste omgangsvormen.</al><al> De vertrouwenspersoon probeert zo mogelijk door bemiddeling tot een
                        oplossing van de klacht te komen voorafgaand aan de klachtenprocedure bij de
                        klachtencommissie.</al><al> Voordat de vertrouwenspersoon een klacht volgens de verordening in
                        behandeling neemt, zorgt hij/zij ervoor dat de klager de consequenties
                        hiervan kent en verzekert zij zich ervan dat de klager akkoord gaat met de
                        klachtenprocedure. De vertrouwenspersoon confronteert, met instemming van de
                        klager, de aangeklaagde met de klacht.</al><al> Als een klacht is ingediend overeenkomstig het bepaalde in artikel 3
                        informeert de vertrouwenspersoon de aangeklaagde zo spoedig mogelijk maar in
                        ieder geval binnen 14 dagen.</al><al> De vertrouwenspersoon stelt de klager en de aangeklaagde in de gelegenheid
                        een gesprek met hem/haar te hebben. Van beide gesprekken maakt de
                        vertrouwenspersoon een verslag. De klager en aangeklaagde ontvangen binnen 7
                        dagen een afschrift van het respectievelijke verslag.</al><al> Indien na gesprekken met ten minste de klager en de aangeklaagde de
                        vertrouwenspersoon de klacht niet kan afhandelen, verwijst hij/zij de klager
                        naar de klachtencommissie. In dat geval ondertekenen de klager en de
                        aangeklaagde de verslagen van de respectievelijke gesprekken. Weigert de
                        klager of de aangeklaagde ondertekening dan wordt daarvan zo mogelijk onder
                        vermelding van redenen, door de vertrouwenspersoon melding van gemaakt. De
                        vertrouwenspersoon zendt de verslagen onverwijld door naar de
                        klachtencommissie. </al><al> De vertrouwenspersoon onderhoudt contact met de klager om te bezien
                        of:</al><lijst><li nr="a"><al> het indienen van de klacht niet leidt tot repercussies voor de
                                klager;</al></li><li nr="b"><al> de aanleiding van de klacht, nadat deze is afgehandeld,
                                daadwerkelijk is weggenomen. </al></li></lijst><al> Het bestuursorgaan stelt een klachtencommissie in voor de onder hem/haar
                        ressorterende openbare scholen en in dienst zijnde ambtenaren.</al><al> De klachtencommissie bestaat uit 3 leden en 3 plaatsvervangende leden.</al><al> In de klachtencommissie hebben zowel mannen als vrouwen zitting.</al><al> De vertrouwenspersoon, het bestuursorgaan, de gemeente-ambtenaren kunnen
                        geen lid of plaatsvervangend lid zijn van de klachtencommissie.</al><al> De leden en plaatsvervangende leden van de klachtencommissie worden door
                        burgemeester en wethouders benoemd en ontslagen.</al><al> De leden en plaatsvervangende leden van de klachtencommissie worden benoemd
                        voor een periode van 4 jaar. Zij treden op de dag van het aftreden van de
                        gemeenteraad af en zijn terstond herbenoembaar. De voorzitter en de leden
                        van de commissie kunnen op ieder moment ontslag nemen. De aftredende
                        voorzitter en de aftredende leden van de commissie blijven hun functie
                        vervullen totdat in de opvolging is voorzien.</al><al> Het bestuursorgaan stelt de klachtencommissie in de gelegenheid haar taken
                        naar behoren te vervullen.</al><al> Het bestuursorgaan verleent ambtelijke ondersteuning aan de
                        klachtencommissie. Een adviseur van de afdeling P&amp;O is hiervoor
                        aangewezen.</al><al> De klachtencommissie heeft tot taak: </al><lijst><li nr="a"><al> het onderzoeken van de door tussenkomst van de vertrouwenspersoon
                                ontvangen klachten en het daaromtrent rapporteren en adviseren aan
                                het bestuursorgaan; </al></li><li nr="b"><al> het gevraagd en ongevraagd adviseren aan het bestuursorgaan over
                                een beleid inzake voorkoming seksuele intimidatie; en </al></li><li nr="c"><al> het jaarlijks schriftelijk verslag uitbrengen aan het
                                bestuursorgaan over haar werkzaamheden. </al></li></lijst><al> Het bepaalde in artikel 8 is, voorzover van toepassing, van overeenkomstige
                        toepassing op de werkwijze van de klachtencommissie.</al><al> De commissie kan een huishoudelijk reglement vaststellen, waarin die
                        onderwerpen worden geregeld, die nadere bepaling behoeven. Het huishoudelijk
                        reglement mag geen bepalingen bevatten in strijd met deze verordening en de
                        wet.</al><al> De zittingen van de klachtencommissie zijn niet openbaar.</al><al> Indien de klachtencommissie een schriftelijke klacht ontvangt zonder
                        tussenkomst van de vertrouwenspersoon, zendt zij deze klacht door naar de
                        vertrouwenspersoon overeenkomstig het bepaalde in artikel 3, lid 3.</al><al> De commissie stelt vast of de klacht ontvankelijk is. Een klacht is niet
                        ontvankelijk indien:</al><lijst><li nr="a"><al> de klacht namens anderen is ingediend;</al></li><li nr="b"><al> de klacht geen betrekking heeft op ongewenste omgangsvormen en/of
                                personen zoals genoemd in artikel 1; </al></li><li nr="c"><al>ter zake een gerechtelijke procedure loopt c.q. is beëindigd;</al></li><li nr="d"><al>de klacht reeds is behandeld door de klachtencommissie, tenzij
                                sprake is van nieuwe feiten;</al></li></lijst><al> De klachtencommissie onderzoekt de klacht door klager, aangeklaagde,
                        vertrouwenspersoon en eventuele getuigen te horen. Dit horen geschiedt,
                        afhankelijk van het belang van de klager, binnen één maand nadat de klacht
                        bij de commissie is ingediend. Indien de aangeklaagde weigert te worden
                        gehoord, zal de commissie per aangetekend schrijven de klacht bekendmaken en
                        hem/haar uitnodigen daarop alsnog schriftelijk of mondeling te reageren
                        binnen een termijn van één week. </al><al> De klager en de aangeklaagde kunnen zich bij het horen door adviseurs laten
                        bijstaan. De kosten verbonden aan de bijstand door een raadsman of -vrouw
                        zijn niet verhaalbaar op het bestuursorgaan.</al><al> Van het horen als bedoeld in het vierde lid worden verslagen gemaakt. De
                        verslagen worden door gehoorde en de voorzitter van de commissie
                        ondertekend. Weigert een gehoorde ondertekening, dan wordt daarvan in het
                        verslag zo mogelijk onder vermelding van redenen, melding gemaakt. Een
                        afschrift van het verslag wordt aan gehoorde toegezonden binnen twee weken
                        na het horen.</al><al> De commissie kan tijdens de behandeling van de klacht een oplossing
                        bereiken, die ertoe leidt dat de klager de klacht intrekt.</al><al> Van haar bevindingen brengt de klachtencommissie schriftelijk rapport uit
                        aan het bestuursorgaan, de klager en aangeklaagde uiterlijk 3 weken nadat
                        het horen is afgesloten. De klachtencommissie geeft in haar rapport een
                        gemotiveerd oordeel over de klacht.</al><al> Indien de klachtencommissie de klacht gegrond acht, brengt zij in het
                        rapport tevens advies uit omtrent de te treffen maatregelen die in eerste
                        instantie gericht zijn op het beëindigen c.q. het voorkomen van herhaling
                        van seksuele intimidatie door de aangeklaagde.</al><al> Voordat het bestuursorgaan naar aanleiding van het rapport van de
                        klachtencommissie tot besluitvorming overgaat, stelt het bestuursorgaan de
                        klager en de aangeklaagde op de hoogte van de conclusies van de
                        klachtencommissie.</al><al> Binnen 6 weken na ontvangst van het rapport van de klachtencommissie neemt
                        het bestuursorgaan een besluit ter zake.</al><al> De in het vorige lid bedoelde termijn kan eenmaal met ten hoogste 4 weken
                        worden verlengd.</al><al> Een verlenging als bedoeld in het derde lid wordt voor de afloop van de in
                        het tweede lid genoemde termijn schriftelijk medegedeeld aan:</al><lijst><li nr="a"><al> de klager; </al></li><li nr="b"><al> de aangeklaagde; en</al></li><li nr="c"><al> de klachtencommissie. </al></li></lijst><al> Het besluit van het bestuursorgaan wordt schriftelijk meegedeeld aan de
                        betrokkenen. De klachtencommissie krijgt hiervan een afschrift.</al><al> In gevallen waarin deze verordening niet voorziet beslist het
                        bestuursorgaan. </al><al> Het bestuursorgaan draagt er zorg voor dat een exemplaar van deze
                        verordening in de betrokken organisaties op een voor alle belanghebbenden
                        toegankelijke plaats ter inzage ligt. </al><al> Deze verordening kan worden aangehaald als “Klachtenregeling ongewenste
                        omgangsvormen gemeente Harderwijk 2010”. Deze verordening vervangt de
                        “Klachtenregeling seksuele intimidatie gemeente Harderwijk 2000”. </al></tekst></regeling-tekst><bijlage><al><vet>Verordening klachtenregeling ongewenste omgangsvormen 2010</vet></al><al/><al/><al>Artikel 1 Reikwijdte</al><al/><al>Artikel 2 Begripsbepalingen</al><al/><al>Artikel 3 Het indienen van een klacht</al><al/><al>Artikel 4 De contactpersoon</al><al/><al>Artikel 5 Taken van de contactpersoon</al><al/><al>Artikel 6 De vertrouwenspersoon</al><al/><al>Artikel 7 Taken van de vertrouwenspersoon</al><al/><al>Artikel 8 Werkwijze van de vertrouwenspersoon</al><al/><al>Artikel 9 Klachtenprocedure bij de vertrouwenspersoon</al><al/><al>Artikel 10 De klachtencommissie</al><al/><al>Artikel 11 Taken van de klachtencommissie</al><al/><al>Artikel 12 Werkwijze van de klachtencommissie</al><al/><al>Artikel 13 Klachtenprocedure bij de klachtencommissie</al><al/><al>Artikel 14 Besluitvorming door het bestuursorgaan</al><al/><al>Artikel 15 Niet voorziene gevallen</al><al/><al>Artikel 16 Inzage van de verordening</al><al/><al>Artikel 17 Inwerkingtreding</al><al/></bijlage></regeling></body></cvdr>