<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR296723_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Buitengewoon verlof voor het jeugd- en jongerenwerk</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Harderwijk</dcterms:creator><dcterms:modified>2013-06-04</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Harderwijk</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Onbekend</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Buitengewoon verlof voor het jeugd- en jongerenwerk</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Artikel 6:4 [buitengewoon verlof]</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">college van burgemeester en wethouders</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2013-06-04</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2013-06-04</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2020-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Onbekend</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>AVRH</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Buitengewoon verlof voor het jeugd- en jongerenwerk</intitule><regeling><aanhef><preambule><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><tekst><al><vet>Buitengewoon verlof voor het jeugd- en jongerenwerk (Uitvoering artikel
                            6:4 CAR)</vet></al><al/><al>In verband met de ontwikkelingen op het gebied van het jeugdbeleid is voor
                        het rijkspersoneel een regeling getroffen voor het verlenen van buitengewoon
                        verlof ten behoeve van het jeugd- en jongerenwerk. Burgemeester en
                        wethouders hebben besloten deze regeling van toepassing te doen zijn op het
                        gemeentelijk personeel. De regeling luidt als volgt.</al><al>Tenzij de belangen van de dienst zich daartegen verzetten wordt buitengewoon
                        verlof met behoud van bezoldiging toegekend voor:</al><lijst><li nr="1"><al> het leiden of volgen van een cursus, gericht op vrijwilligers die
                                zich met jeugd- en jongerenwerk bezighouden; </al></li><li nr="2"><al> het leiden van een jeugdkamp of kindervakantie-activiteit als
                                hoofdleider (leider-coördinator); </al></li><li nr="3"><al> het assisteren van de hoofdleider van een jeugdkamp of
                                kindervakantie-activiteit. </al></li></lijst><al>Hiervoor geldt de regel één vrijwillig medewerkende op elke 15 deelnemers en
                        één vrijwillig medewerkende op elke drie deelnemers indien het een kamp of
                        vakantie-activiteit voor lichamelijk of geestelijk gehandicapte jeugd
                        betreft. De aanwezigheid van de gemeentelijke medewerker dient voor het
                        welslagen van het betreffende jeugdkamp of de betreffende kinderactiviteit
                        dringend gewenst te zijn, terwijl geen andere persoon beschikbaar is. Een
                        cursus als bedoeld onder 1 moet uitgaan van een landelijke of een
                        provinciale organisatie voor jeugd- en jongerenwerk of van een landelijke of
                        provinciale jeugdafdeling van een sportorganisatie, dan wel door een van
                        deze organisaties worden aanbevolen als belangrijk voor de vorming van de
                        vrijwilliger. De cursus moet ten minste drie achtereenvolgende dagen duren. </al><al>Een jeugdkamp of kindervakantie-activiteit bedoeld onder 2 of 3 moet uitgaan
                        van een landelijk werkende jeugd- of sportorganisatie dan wel van een
                        plaatselijk, regionaal of provinciaal werkende jeugd- of sportorganisatie,
                        of worden georganiseerd door een instelling die geheel of gedeeltelijk ten
                        behoeve van de jeugd werkzaam is. Een jeugdkamp of kindervakantie-activiteit
                        met minder dan tien deelnemers valt niet onder deze regeling. Onder een
                        jeugdkamp wordt verstaan het kamperen (hetzij in tenten, hetzij in een ander
                        daarvoor geschikt verblijf) van jongeren in groepsverband. De leiding van
                        een jeugdkamp moet geheel of voornamelijk bestaan uit vrijwillig
                        medewerkenden. Gezinskampen vallen niet onder deze regeling. Onder een
                        jeugdkamp wordt mede verstaan een jeugdsportkamp voor zover de leiding
                        geheel of voornamelijk berust bij vrijwillig medewerkenden. Uitgesloten zijn
                        wedstrijdkampen, sporttournooien en sportwervings- of selectiekampen. Kampen
                        kunnen zowel in Nederland als in het buitenland worden gehouden. Een kamp
                        moet ten minste vier achtereenvolgende dagen duren. </al><al>Onder een <cursief>kindervakantie-activiteit</cursief> wordt verstaan een
                        door een plaatselijk of regionaal werkende jeugdorganisatie of gemeentelijke
                        instantie georganiseerde vakantieactiviteit voor jeugd en jongeren. Een
                        kindervakantie-activiteit moet ten minste drie achtereenvolgende dagen
                        duren.</al><al>Onder <cursief>vrijwillig</cursief> medewerkende wordt in deze regeling
                        verstaan iemand die gedurende het hele jaar zonder vaste vergoeding
                        (onkostenvergoeding uitgezonderd) in zijn of haar vrije tijd in enig
                        organisatorisch verband (mede) leiding geeft aan een groep of aan groepen
                        jongeren. Het buitengewoon verlof bedraagt telkens ten hoogste 36 uur. Per
                        kalenderjaar kunnen in totaal niet meer dan 72 uur buitengewoon verlof voor
                        jeugd- en jongerenwerk worden toegekend. </al><al>Een aanvraag om buitengewoon verlof dient zo mogelijk ten minste twee
                        maanden voordat het kamp c.q. de activiteit een aanvang neemt schriftelijk
                        te worden ingediend bij het college. Indiening van het verzoek dient namens
                        de gemeentelijke medewerker te geschieden:</al><lijst><li nr="a"><al> door het bestuur van:</al><lijst><li nr="-"><al> de landelijke organisatie voor jeugd- en jongerenwerk die
                                        de cursus organiseert; </al></li><li nr="-"><al> de landelijke instelling die kampen organiseert voor jeugd
                                        en jongeren; </al></li><li nr="-"><al> de landelijke sportorganisatie (of de jeugdafdeling
                                        daarvan) als het kamp of de kindervakantie-activiteit
                                        uitgaat van een van deze landelijke organisaties, of van een
                                        plaatselijke afdeling daarvan; </al></li></lijst></li><li nr="b"><al> door een provinciaal, regionaal of plaatselijk werkende instelling
                                voor jeugd-en jongerenwerk, als het betreft niet landelijk
                                georganiseerde jeugd- en jongerenwerk of
                                kindervakantie-activiteiten. Bij het ontbreken van een dergelijke
                                instelling dienen de aanvragen door de directeur of de Provinciale
                                jeugdraad te worden ingediend. </al></li></lijst></tekst></regeling-tekst></regeling></body></cvdr>