<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR296721_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Bezoldigingsreglement</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Harderwijk</dcterms:creator><dcterms:modified>2013-06-04</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Harderwijk</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Onbekend</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Bezoldigingsreglement</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Artikel 3:1:1 lid 2 AVRH</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">college van burgemeester en wethouders</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2013-06-04</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2013-06-04</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2020-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Onbekend</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>AVRH</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Bezoldigingsreglement</intitule><regeling><aanhef><preambule><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><tekst><al>In dit reglement wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a"><al><vet> functieniveau:</vet> de functiegroep waarin een functie wordt
                                geplaatst op grond van de waardering van die functie, als bedoeld in
                                artikel 11, eerste of tweede lid, van de procedureregeling
                                systematische functiewaardering; </al></li><li nr="b"><al><vet>aanloopniveau:</vet> de functiegroep onmiddellijk voorafgaande
                                aan het functieniveau; </al></li><li nr="c"><al><vet>uitloopniveau:</vet> de functiegroep onmiddellijk volgend op
                                het functieniveau. </al></li></lijst><al> Voor de ambtenaar, ten aanzien van wie systematische functiewaardering
                        wordt toegepast, is de indeling op basis van diens functie mogelijk in een
                        aanloopniveau, een functieniveau of een uitloopniveau;</al><al> De indeling in één van deze niveaus vindt plaats op voorstel van de
                        betreffende afdelingshoofd, of naast hogere leidinggevende.</al><al> Indeling in het aanloopniveau vindt plaats, indien de betreffende ambtenaar
                        niet elders een soortgelijke functie heeft vervuld en nog geen zekerheid
                        bestaat of hij de functie voldoende kan vervullen.</al><al> Ambtenaren die van elders komen, dan wel ambtenaren die worden
                        overge¬plaatst en die op basis van hun ervaring geacht worden de functie
                        binnen kort voldoende te vervullen kunnen in het functieniveau worden
                        ingedeeld.</al><al> De ambtenaar, wiens functie op grond van de uitkomsten van de
                        functiewaardering in een hogere functiegroep dient te worden ingedeeld,
                        wordt minimaal bevorderd tot aan het aan die functie verbonden
                        aanloopniveau.</al><al>Het afdelingshoofd, of naast hogere leidinggevende doet binnen 4 weken na
                        ontvangst van de beslissing van burgemeester en wethouders als bedoeld in
                        artikel 7 eerste en tweede lid van de procedureregeling systematische
                        functiewaardering, een voorstel aan burgemeester en wethouders met
                        betrekking tot indeling van de ambtenaar in het aanloop-, functie- of
                        uitloopniveau, op basis van een personeelsbeoordeling.</al><al>Een ambtenaar kan worden bevorderd naar het uitloopniveau als hij één jaar
                        op het maximum staat van het functieniveau en als het functioneren van de
                        ambtenaar op basis van een R &amp; O gesprek met minimaal een eindscore
                        ‘zeven’ is beoordeeld. </al><al> Aan de ambtenaar kan op basis van een beloningsvoorstel een verhoging van
                        zijn salaris worden toegekend tot het naast hogere bedrag binnen de
                        functiegroep waarin hij is ingedeeld, telkens wanneer een jaar is verstreken
                        sinds zijn indiensttreding. Indien de ambtenaar in een hogere functiegroep
                        wordt geplaatst blijft voor de jaarlijkse verhogingen de datum van
                        indiensttreding gelden.</al><al> In afwijking van het eerste lid geldt voor de ambtenaar die op het moment
                        van plaatsing in een hogere functiegroep het maximumsalaris van zijn
                        functiegroep genoot als datum voor de jaarlijkse verhoging het tijdstip van
                        plaatsing in die groep.</al><al> Het afdelingshoofd of naast hogere leidinggevende doet jaarlijks per
                        ambtenaar, op basis van het Resultaat &amp; Ontwikkelgesprek een
                        beloningsvoorstel. Dit beloningsvoorstel is afhankelijk van de
                        beoordelingsscore. </al><al> Bij een beoordeling met een eindscore van minimaal ‘zes’ krijgt een
                        ambtenaar jaarlijks, indien mogelijk, een periodiek toegekend.</al><al> Bij beoordeling met een eindscore van ‘vijf’ wordt er geen jaarlijkse
                        periodiek toegekend.</al><al> Bij een beoordeling met een eindscore van ‘vier of lager’ wordt de laatste
                        toegekende periodiek weer ingetrokken.</al><al> Het intrekken van een periodiek bij een eindscore van ‘vier of lager’ mag
                        niet twee keer achter elkaar plaatsvinden. Bij een tweede beoordeling met
                        die score wordt er dus niet weer een periodiek ingetrokken. Bij een derde
                        beoordeling met die score wordt er wel weer een periodiek ingehouden.</al><al> Indien het afdelingshoofd of de naast hogere leidinggevende niet of niet
                        tijdig een beloningsvoorstel heeft gedaan zal in beginsel een periodiek
                        worden toegekend tot aan het bereiken van het maximumsalaris van de
                        functieschaal.</al><al> (Toekennen van een periodiek in deze situatie is niet van toepassing in de
                        situatie dat het functioneren van de ambtenaar daartoe volstrekt geen
                        aanleiding geeft en deze kritiek met de ambtenaar is besproken en er een
                        beoordeling met een score van één tot en met vijf is vastgesteld of door de
                        leidinggevende wordt verwacht. Blijft deze beoordeling uit dan zal met
                        terugwerkende kracht alsnog een periodiek worden toegekend).</al><al> Bij een beoordeling met een eindscore ‘acht’ heeft de ambtenaar binnen de
                        schaal behorend bij het functie- of uitloopniveau recht op één extra
                        periodiek. De anciënniteitsdatum blijft ongewijzigd.</al><al> Bij een beoordeling met een eindscore ‘negen of tien’ heeft de ambtenaar,
                        indien mogelijk binnen de schaal behorend bij het functie- of uitloopniveau
                        recht op twee extra periodieken. De anciënniteitsdatum blijft ongewijzigd. </al><lijst><li nr="1"><al>De ambtenaar die op het maximum salaris van het uitloopniveau is
                                ingedeeld en met een eindscore ‘acht’ is beoordeeld heeft recht op
                                een eenmalige premie die gelijk is aan 50% van het bruto
                                maandsalaris. Deze premie wordt direct bij de eerstvolgende
                                salarisbetaling na de beoordeling en het besluit hierover
                                uitgekeerd. De premie is gebaseerd op het bruto maandsalaris van de
                                maand van het beoordelingsgesprek. </al></li><li nr="2"><al>De ambtenaar die op het maximum salaris van het uitloopniveau is
                                ingedeeld en met een eindscore ‘negen of tien’ is beoordeeld heeft
                                recht op een eenmalige premie die gelijk is aan 75% van het bruto
                                maandsalaris. Deze premie wordt direct bij de eerstvolgende
                                salarisbetaling na de beoordeling en het besluit hierover
                                uitgekeerd. De premie is gebaseerd op het bruto maandsalaris van de
                                maand van het beoordelingsgesprek. </al></li></lijst><al> De leidinggevende kent, binnen het daarvoor beschikbaar gestelde budget,
                        jaarlijks een extra beloning toe aan ambtenaren die zich incidenteel op
                        enigerlei wijze hebben onderscheiden. Toekenning vindt plaats op basis van
                        de vastgestelde regeling ‘Verdienstebeloning’.</al><al> De extra beloning welke aan een ambtenaar wordt uitgekeerd mag het door het
                        college van burgemeester en wethouders vastgestelde netto bedrag niet
                        overschrijden.</al><al> Er dient op de afdeling bekend gemaakt te worden welke ambtenaren een extra
                        beloning hebben verkregen alsmede de hoogte van de extra beloning en de
                        reden van toekenning.</al><al>Een ambtenaar die op 1 december van het jaar in dienst is bij de gemeente,
                        heeft recht op een ‘kerstgratificatie’. Een ambtenaar die op basis van een
                        fulltime dienstverband meer verdient dan het schaalbedrag dat hoort bij het
                        maximum van schaal 6 krijgt € 135 bruto per jaar. Verdient hij het
                        schaalbedrag dat hoort bij het maximum van schaal 6 of minder, volgens
                        dezelfde berekening, dan ontvangt hij € 260 bruto per jaar. Degenen met een
                        parttime dienstverband krijgen de gratificatie naar rato uitgekeerd.</al><al> De basis functioneringspremie van € 113,45 wordt met ingang van 1 januari
                        2010 niet meer toegekend. Deze basispremie wordt met ingang van 1 januari
                        2010 toegevoegd aan de kerstgratificatie. </al><al> De ambtenaar houdt recht op de in een formeel besluit van het college van B
                        &amp; W aan hem toegezegde functioneringspremie van 50 of 75%. De premie
                        wordt conform dat besluit nog uitbetaald in de toegezegde periode.</al><al> De ambtenaar aan wie een structurele functioneringstoelage is toegekend
                        behoudt deze toelage. Hij kan hierdoor echter niet in aanmerking komen voor
                        een functioneringspremie, zoals genoemd in artikel 8.</al><al> De score onvoldoende, voldoende, goed en zeer goed in het ‘oude systeem’
                        kunnen niet worden vergeleken met scores in het nieuwe systeem. </al><al>In alle gevallen waarin dit hoofdstuk niet voorziet beslissen burgemeester
                        en wethouders.</al><al>Burgemeester en wethouders kunnen met betrekking tot de uitvoering van dit
                        hoofdstuk nadere regelen vaststellen.</al><al>De Algemene Termijnenwet is op termijnen, gesteld in dit hoofdstuk, van
                        toepassing.</al><al>Dit reglement kan worden aangehaald als Bezoldigingsreglement Harderwijk
                        2009.</al></tekst></regeling-tekst><bijlage><al><vet>Bezoldigingsreglement 2009 (Uitvoering artikel 3:1:1, lid 2 AVR)</vet></al><al/><al/><al>Artikel 1 Definities</al><al/><al>Artikel 2 Niveau-indeling</al><al/><al>Artikel 3 Indeling bij plaatsing in de functie</al><al/><al>Artikel 4 Indeling bij plaatsing in de functie</al><al/><al>Artikel 5 Plaatsing op uitloopniveau</al><al/><al>Artikel 6 Toekennen van periodieken</al><al/><al>Artikel 7 Extra periodieken</al><al/><al>Artikel 8 Functioneringspremie</al><al/><al>Artikel 9 Verdienstebeloning</al><al/><al>Artikel 10 Kerstgratificatie</al><al/><al>Artikel 11 Overgangsregeling</al><al/><al>Artikel 12 Slotbepaling</al><al/><al>Artikel 13 Slotbepaling</al><al/><al>Artikel 14 Slotbepaling</al><al/></bijlage></regeling></body></cvdr>