<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR294740_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening reinigingsheffingen gemeente Vlagtwedde 2013</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Vlagtwedde</dcterms:creator><dcterms:modified>2017-09-05</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Vlagtwedde</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Tac</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening reinigingsheffingen gemeente Vlagtwedde 2013</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Geen</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>financiën en economie</dcterms:subject><dcterms:issued>2012-12-18</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2013-01-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2014-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Decos</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening reinigingsheffingen gemeente Vlagtwedde 2013</intitule><regeling><aanhef><preambule><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><titel>VERORDENING OP DE HEFFING EN DE INVORDERING VAN AFVAL-
                            STOFFENHEF­FING EN REINIGINGSRECHTEN 2013. </titel></kop></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>HOOFDSTUK 1 Algemene Bepalingen</titel></kop><artikel><kop><titel>Artikel 1 - Inleidende bepaling</titel></kop><al>Krachtens deze verordening worden geheven:</al><al>a.een afvalstoffenheffing;</al><al>b.reinigingsrechten.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 2 - Begripsomschrijvingen</titel></kop><al>Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder grof
                            bedrijfsafval: afvalstoffen, met uitzondering van autowrakken, afkomstig
                            van bedrijven en instellingen, welke door aard, omvang of hoeveelheid
                            niet periodiek worden ingezameld.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>HOOFDSTUK 2 Afvalstoffenheffing</titel></kop><artikel><kop><titel>Artikel 3 Aard van de belasting en belastbaar feit</titel></kop><al>1. Onder de naam 'afvalstoffenheffing' wordt een directe belasting
                            geheven als bedoeld in <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wet%20milieubeheer/article=15.33">artikel 15.33 van de Wet milieubeheer</extref>.</al><al>2. De afvalstoffenheffing bedoeld in deze verordening en de daarbij
                            behorende tarieventabel wordt naar afzonderlijke grondslagen geheven ter
                            zake van het gebruik maken van een perceel ten aanzien waarvan krachtens
                            de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wet%20milieubeheer/article=10.21">artikelen 10.21</extref> en <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wet%20milieubeheer/article=10.22">10.22 van de Wet milieubeheer</extref> een verplichting tot het
                            inzamelen van huishoudelijke afvalstoffen geldt.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 4 Belastingplicht</titel></kop><al>De belasting wordt geheven van degene die in de gemeente naar de
                            omstandigheden beoordeeld al dan niet krachtens eigendom, bezit, beperkt
                            recht of persoonlijk recht gebruik maakt van een perceel ten aanzien
                            waarvan ingevolge de artikelen 10.21 en 10.22 van de Wet milieubeheer
                            een verplichting tot het inzamelen van huishoudelijke afvalstoffen
                            geldt.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 5 - Maatstaf van heffing en belastingtarief</titel></kop><al>1. De belasting bedraagt per belastingjaar € 265,62 per perceel.</al><al>2. Het recht voor het op aanvraag inzamelen van grove huishoudelijke
                            afvalstoffen bedraagt € 10,-- per kubieke meter of gedeelte
                            daarvan.</al><al>3. Voor het ingevolge lid 2 geheven recht wordt geen kwijtschelding
                            verleend.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 6 - Belastingjaar</titel></kop><al>Het belastingjaar is gelijk aan het kalenderjaar.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 7 - Wijze van heffing</titel></kop><al>De belasting wordt bij wege van aanslag geheven.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 8 - Ontstaan van de belastingschuld en heffing naar
                                tijdsgelang</titel></kop><al>1. De belasting is verschuldigd bij het begin van het belastingjaar, of,
                            zo dit later is, bij de aanvang van de belastingplicht.</al><al>2. Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar aanvangt,
                            is de belasting verschul­digd voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor
                            dat jaar verschuldigde belasting als er in dat jaar, na de aanvang van
                            de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven.</al><al>3 Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar eindigt,
                            bestaat aanspraak op ontheffing voor zoveel twaalfde gedeelten van de
                            voor dat jaar verschuldigde belasting als er in dat jaar, na het einde
                            van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven.</al><al>4 Het tweede en derde lid zijn niet van toepassing indien de
                            belastingplichtige binnen de gemeente verhuist en aldaar een ander
                            perceel in feitelijk gebruik neemt.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 9 - Termijnen van betaling</titel></kop><al>1 In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990
                            moeten de aanslagen, die worden opgelegd in het belastingjaar waarop zij
                            betrekking hebben, worden betaald in twee gelijke termijnen. De eerste
                            termijn vervalt twee maanden na de dagtekening van het aanslagbiljet, de
                            tweede vier maanden na de dagtekening.</al><al>2. In afwijking in zoverre van het eerste lid geldt, zolang de
                            verschuldigde bedragen door middel van automatische betalingsincasso
                            kunnen worden afgeschreven, dat de aanslagen moeten worden betaald in
                            zoveel gelijke termijnen als er na de maand van dagtekening van het
                            aanslagbiljet nog maanden in het belastingjaar waarin de aanslagen zijn
                            opgelegd overblijven, met dien verstande dat het aantal termijnen
                            tenminste zeven en ten hoogste tien bedraagt. De eerste termijn vervalt
                            één maand na de dagtekening van het aanslagbiljet en elk van de volgende
                            termijnen telkens een maand later.</al><al>3. Andere aanslagen dan die genoemd in het eerste lid, moeten worden
                            betaald uiterlijk twee maanden na de dagtekening van het
                            aanslagbiljet.</al><al>4. De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in het eerste
                            lid gestelde termijnen.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 10 - Vrijstelling</titel></kop><al>De belasting, als bedoeld in artikel 3, wordt niet geheven, indien met
                            vergunning van het college van burgemeester en wethouders door een ander
                            dan de aangewezen inzameldienst periodiek de huishoudelijke afvalstoffen
                            van een in die vergunning vermeld perceel worden ingezameld.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>HOOFDSTUK 3 Reinigingsrechten</titel></kop><artikel><kop><titel>Artikel 11 - Belastbaar feit</titel></kop><al>Onder de naam "reinigingsrechten" worden rechten geheven zowel voor het
                            genot van door het gemeentebestuur verstrekte diensten als voor het
                            gebruik van voor de openbare dienst bestemde gemeentebezittingen, werken
                            of inrichtingen die bij de gemeente in beheer of onderhoud zijn, wegens
                            het periodiek verwijderen van bedrijfsafval van beperkte omvang of
                            hoeveelheid.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 12 - Belastingplicht</titel></kop><al>De rechten worden geheven van degene op wiens aanvraag dan wel ten
                            behoeve van wie de dienst wordt verricht of van degene die van de
                            bezittingen, werken of inrichtingen gebruik maakt.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 13 - Maatstaf van heffing en belastingtarief</titel></kop><al>1. De rechten bedragen voor het periodiek verwijderen van bedrijfsafval
                            van beperkte omvang of hoeveelheid per belastingjaar € 265,62 (+ BTW)
                            per bedrijfspand.</al><al>2. Het recht voor het achterlaten van afvalstoffen op een daartoe van
                            gemeentewege ter beschikking gestelde plaats bedraagt per kubieke meter
                            of een gedeelte daarvan€ 5,--.</al><al>3.Voor het ingevolge lid 2 bedoelde recht wordt geen kwijtschelding
                            verleend.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 14 - Belastingjaar</titel></kop><al>Met betrekking tot de rechten die per jaar worden geheven, is het
                            belastingjaar gelijk aan het kalenderjaar.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 15 - Wijze van heffing</titel></kop><al>1.De rechten bedoeld in artikel 13, lid 1, worden bij wege van aanslag
                            geheven.</al><al>2.De rechten bedoeld in artikel 13, lid 2, dienen te worden voldaan bij
                            de aanbieding.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 16 - Ontstaan van de belastingschuld en de heffing naar
                                tijdsgelang voor de</titel></kop><al>verschuldigde rechten</al><al>1. De rechten bedoeld in artikel 13, zijn verschuldigd bij het begin van
                            het belastingjaar of, zo dit later is, bij de aanvang van de
                            belastingplicht.</al><al>2. Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar aanvangt
                            zijn de rechten verschul­digd voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor
                            dat jaar verschuldigde rechten als er in dat jaar, na de aanvang van de
                            belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven.</al><al>3. Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar eindigt,
                            bestaat aanspraak op ontheffing voor zoveel twaalfde gedeelten van de
                            voor dat jaar verschuldigde rechten als er in dat jaar, na het einde van
                            de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven.</al><al>4. Het tweede en het derde lid zijn niet van toepassing indien de
                            belastingplichtige binnen de gemeente verhuist.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 17 - Termijnen van betaling</titel></kop><al>1. In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990
                            moeten de aanslagen die worden opgelegd in het belastingjaar waarop zij
                            betrekking hebben, worden betaald in twee gelijke termijnen. De eerste
                            termijn vervalt twee maanden na de dagtekening van het aanslagbiljet, de
                            tweede vier maanden na de dagtekening.</al><al>2. In afwijking in zoverre van het eerste lid geldt, zolang de
                            verschuldigde bedragen door middel van automatische betalingsincasso
                            kunnen worden afgeschreven, dat de aanslagen moeten worden betaald in
                            zoveel gelijke termijnen als er na de maand van dagtekening van het
                            aanslagbiljet nog maanden in het belastingjaar waarin de aanslagen zijn
                            opgelegd overblijven, met dien verstande dat het aantal termijnen ten
                            minste zeven en ten hoogste tien bedraagt. De eerste termijn vervalt één
                            maand na de dagtekening van het aanslagbiljet en elk van de volgende
                            termijnen telkens een maand later.</al><al>3. Andere aanslagen dan die genoemd in het eerste lid, moeten worden
                            betaald uiterlijk twee maanden na de dagtekening van het
                            aanslagbiljet.</al><al>4. De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in het eerste
                            lid gestelde termijnen.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>HOOFDSTUK 4 Aanvullende bepalingen</titel></kop><artikel><kop><titel>Artikel 18 - Nadere regels door het college van burgemeester en
                                wethouders</titel></kop><al>Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met
                            betrekking tot de heffing en de invordering van de
                            reinigingsheffingen.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 19 – Inwerkingtreding, overgangsbepaling en
                                citeertitel</titel></kop><al>1.De "Verordening reinigingsheffingen gemeente Vlagtwedde 2012",
                            vastgesteld bij raadsbe­sluit van 13 december 2011, no. 7, wordt
                            ingetrokken met ingang van de in het derde lid genoemde datum van ingang
                            van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de
                            belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan.</al><al>2.Deze verordening treedt in werking met ingang van de achtste dag na
                            die van de bekendma­king.</al><al>3.De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2013.</al><al>4. Deze verordening kan worden aangehaald als “Verordening
                            reinigingsheffingen gemeente Vlagtwedde 2013”.</al></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst></regeling></body></cvdr>