<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR29382_2</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening activering en reïntegratie Edam-Volendam</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Edam-Volendam</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-02-13</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Edam-Volendam</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Stadskrant 26 januari 2004</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Reïntegratieverordening Edam-Volendam</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Wet werk en bijstand, artikel 8</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>maatschappelijke zorg en welzijn</dcterms:subject><dcterms:issued>2003-12-23</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2004-01-27</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2012-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>155b-2003</overheidrg:kenmerk><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening activering en reïntegratie Edam-Volendam</intitule><regeling><aanhef><preambule><al/><al>Voorstel no. 5-2005 </al><al> Agenda no. 8 </al><al> De raad van de gemeente Edam-Volendam; </al><al> gelezen het voorstel van het college van 7 december 2004; </al><al> gelet op de Wet werk en bijstand, loaw en loaz; </al><al> overwegende dat op grond van artikel 8, lid 1, onder a van de Wet werk en
                        bijstand de gemeente bij verordening regels stelt met betrekking tot het
                        ondersteunen bij arbeidsinschakeling en het aanbieden van voorzieningen
                        gericht op arbeidsinschakeling, bedoeld in artikel 7, lid 1,onder a van de
                        Wet werk en bijstand; </al><al> b e s l u i t : </al><al> vast te stellen de wijzigingen in de </al><al>VERORDENING ACTIVERING EN RE-INTEGRATIE </al></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsbepalingen</titel></kop><al>1.In deze verordening wordt verstaan onder: </al><al>a.de wet: </al><al>de Wet werk en bijstand; </al><al>b. het college: </al><al>het college van burgemeester en wethouders; </al><al>c. arbeidsinschakeling: </al><al>het verkrijgen van algemeen geaccepteerde arbeid, waarbij geen gebruikwordt
                        gemaakt van een voorziening als bedoeld in artikel 7, lid 1, onder avan de
                        wet; </al><al>d. sociale activering: </al><al>het verrichten van onbeloonde activiteiten gericht op arbeidsinschakelingof,
                        als arbeidsinschakeling nog niet mogelijk is, opzelfstandigemaatschappelijke
                        participatie; </al><al>e. trajectplan: </al><al>een plan, gericht op het vergroten van de mogelijkheden tot inschakeling in
                        het arbeidsproces of deelname aan sociale activiteiten van </al><al>belanghebbende. Het is toegesneden op de persoonlijke omstandigheden en
                        behelst: klantgegevens, klantprofiel, zoekprofiel, doel van het traject, in
                        te </al><al>schakelen organisaties en afspraken over ontwikkeltijd, begeleidingstijd </al><al>en voortgangsrapportage; </al><al>f. dienstbetrekking: </al><al>een arbeidsovereenkomst ingevolge het Burgerlijk Wetboek of een aanstelling
                        door of vanwege de overheid; </al><al>g. werknemer: </al><al>de persoon die in een dienstbetrekking werkzaam is; h. werkgever: de persoon
                        tot wie een werknemer in dienstbetrekking staat. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Opdracht college</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college biedt aan personen als bedoeld in artikel 10 vand ewet,
                            ondersteuning bij de arbeidsinschakeling conform artikel 7, lid sub a
                            van de wet.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Bij de keuze van de mogelijkheden van ondersteuning en het aanbieden van
                            voorzieningen wordt door het college een afweging gemaakt, waarbij
                            gekeken wordt of de ondersteuning of de voorziening, gelet op de
                            mogelijkheden en capaciteiten van de belanghebbenden het meest doelmatig
                            is met het oog op de inschakeling in arbeid.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al> Het college draag zorg voor voldoende diversiteit in het aanbod van
                            ondersteuning en voorzieningen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Subsidieplafonds</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al> Het college kan één of meer subsidieplafonds vaststellen voor de
                            verschillende voorzieningen. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Aan de kosten van voorzieningen ten behoeve van de in artikel 10 van de
                            wet genoemde doelgroepen, besteedt het college jaarlijks niet meer da n
                            het bedrag als bedoeld in artikel 69, lid 1 sub a van de wet.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Aanspraak op een voorziening</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al> Personen als bedoeld in artikel 2, lid 1 hebben aanspraak op een
                            voorziening als bedoeld in artikel 2, lid 1. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al> De aanspraak op een voorziening als bedoeld in artikel 2, lid 1 kan
                            door het college worden geweigerd indien naar het oordeel van het
                            college een dergelijke voorziening voor het individu niet noodzakelijk
                            is, of wanneer met het aanbieden van de voorziening het subsidieplafond
                            als bedoeld in artikel 3 wordt overschreden. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al> Ten behoeve van verzoekers uit de personengroep als bedoeld in artikel
                            2 lid 1 wordt aan personen - niet zijnde uitkeringsgerechtigden -
                            maximaal € 2000,00 beschikbaar gesteld als tegemoetkoming in de kosten
                            van een geïndiceerd traject. </al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al> Het college kan - indien nadrukkelijk sprake is van individuele,
                            bijzondere omstandigheden, het onder lid 3 genoemde bedrag hoger
                            vaststellen. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Sociale activering</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al> Het college kan ter uitvoering van artikel 2 aan of ten behoeve van de
                            persoon als bedoeld in artikel 2, lid 1, een subsidie verstrekken,
                            toestemming geven om werkzaamheden te verrichten met behoud van
                            uitkering, dan wel dienstverlening inkopen, waardoor deze persoon in
                            staat wordt gesteld deel te nemen aan activiteiten die bijdragen tot
                            sociale activering. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De deelname aan activiteiten als bedoeld in lid 1 wordt per individu
                            vastgelegd in een trajectplan. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al> Het trajectplan wordt in opdracht van het college opgesteld door een
                            derde als bedoeld in artikel 2, lid 2 die in staat is tot het uitvoeren
                            van een adequate diagnose van de situatie van de deelnemer en een
                            heldere formulering van het trajectplan. </al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al> Het trajectplan wordt in opdracht van het college uitgevoerd door een
                            derde als bedoeld in artikel 2, lid 2 die de activiteiten uit het
                            trajectplan adequaat kan uitvoeren of doen uitvoeren. </al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al> De deelnemer, de uitvoeringsorganisatie en het college zijn verplicht
                            om het trajectplan, voorafgaand aan de uitvoering ervan, te
                            ondertekenen. </al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al> Het college stelt voorafgaand aan elk kalenderjaar de minimale
                            taakstelling voor de uitvoering vast in de vorm van een
                            beleidsplan.6.</al><al/><al/></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Gesubsidieerde arbeid</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al> Het college kan, ter bevordering van de arbeidsinschakeling van
                            personen als bedoeld in artikel 2, lid 1, diverse instrumenten -
                            waaronder gesubsidieerde arbeid - inzetten gericht op praktijkervaring;
                        </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al> De bemiddeling voor en de realisering van de werkervaringsplaatsen als
                            bedoeld in lid 1 wordt in opdracht van het college verricht door een
                            natuurlijke of rechtspersoon die in het kader van beroep of bedrijf de
                            inschakeling van personen in het arbeidsproces bevordert. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al> Het college stelt voorafgaand aan elk kalenderjaar de taakstelling voor
                            de uitvoering vast, waarin genoemd het aantal gesubsidieerde
                            arbeidsplaatsen en legt in een overeenkomst met de uitvoerder de
                            onderlinge verdeling van taken, kosten en bevoegdheden vast. </al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Een gesubsidieerde arbeidsplaats als bedoeld in lid 1 mag maximaal 24
                            maanden duren.Deze periode kan door het college in bijzondere gevallen
                            met een periode van maximaal 36 maanden worden verlengd. </al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>In afwijking van lid 4 geldt de genoemde maximale termijn niet voor
                            gesubsidieerde arbeidsplaatsen die voor inwerkingtreding van de wet zijn
                            ontstaan als gevolg van de Wet inschakeling werkzoekenden en het Besluit
                            in- en doorstroombanen. Voor deze subsidies wordt door het college per
                            individu een besluit genomen over de termijn. </al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al> Het college zorgt bij de opdrachtverlening tot het realiseren van
                            werkervaringsplaatsen ervoor dat verdringing van reguliere arbeid en
                            concurrentieverstoring worden tegengegaan. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Inlichtingenplicht en terugvordering</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al> Personen aan wie het college een voorziening aanbiedt in het kader van
                            deze verordening, werkgevers die een loonkostensubsidie ontvangen in het
                            kader van deze verordening en uitvoeringsorganisaties die zijn betrokken
                            bij het uitvoeren van deze verordening zijn verplicht om uit eigen
                            beweging of desgevraagd het college onmiddellijk schriftelijk mededeling
                            te doen van feiten en omstandigheden die van belang kunnen zijn voor de
                            uitvoering van deze verordening onder overlegging van bewijsstukken.
                        </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college kan personen aanwijzen die zijn belast met het toezicht op
                            de naleving van het bepaalde bij of krachtens deze verordening. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al> Indien het niet nakomen van de inlichtingenplicht als bedoeld in lid 1
                            heeft geleid tot het ten onrechte of tot een te hoog bedrag verstrekken
                            van een bijdrage of een subsidie, dan herziet het college het eerder
                            genomen besluit of trekt deze in. </al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Indien een bijdrage of een subsidie ten onrechte of tot een te hoog
                            bedrag is verstrekt kan het college het ten onrechte of te veel betaalde
                            bedrag als onverschuldigd betaald van de belanghebbende terugvorderen.
                        </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Hardheidsclausule</titel></kop><al>Het college kan inbijzondere gevallen afwijken van de bepalingen in deze
                        verordening indien de toepassing van de verordening leidt tot onbillijkheden
                        van overwegende aard. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening kan worden aangehaald als "Re-integratieverordening
                        Edam-Volendam".</al></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus besloten door de gemeenteraad van Edam-Volendam in zijn openbare </ondertekening><ondertekening>d.d. 23 december 2003. </ondertekening><ondertekening/><ondertekening>de griffier, de voorzitter</ondertekening><ondertekening/></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>