<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR2935_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Parkeerverordening 2008-3</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Zandvoort</dcterms:creator><dcterms:modified>2017-10-18</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Zandvoort</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Zandvoortse Courant</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Onbekend</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">artikel 149 van de Gemeentewet en artikel 2a van de Wegenverkeerswet</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>financiën en economie</dcterms:subject><dcterms:issued>2008-11-27</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2009-01-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2009-07-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Modernisering</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Onbekend</overheidrg:kenmerk><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Parkeerverordening 2008-3</intitule><regeling><aanhef><preambule><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>Afdeling</label><nr>I.</nr><titel>Begripsomschrijvingen</titel></kop><structuurtekst><al>Artikel 1.</al><al>1.1.</al><al>Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al><vet>Bedrijf</vet>: </al><lijst><li nr="-"><al>elk in de maatschappij als zelfstandige eenheid
                                            optredend organisatorisch verband waarin krachtens
                                            arbeidsovereenkomst of krachtens publiekrechtelijke
                                            aanstelling arbeid wordt verricht;</al></li><li nr="-"><al>de zelfstandige die voor de voorziening in het bestaan
                                            is aangewezen op arbeid in het eigen bedrijf of
                                            zelfstandig beroep;</al></li><li nr="-"><al>een al dan niet commerciële organisatie (bijvoorbeeld
                                            zorginstellingen, politiediensten,
                                            onderwijsinstellingen, hulpverleners, artsen en
                                            verloskundigen), die hieraan door het College van
                                            Burgemeester en Wethouders is gelijkgesteld, met dien
                                            verstande dat bedrijven en beroepen worden beschouwd als
                                            één bedrijf en één beroep indien de vestigingsadressen
                                            dezelfde zijn of het een aaneengesloten bebouwing
                                            betreft, dan wel sprake is van een (juridische)
                                            constructie waaruit moet worden geconcludeerd dat het in
                                            wezen één bedrijf of beroep betreft, hetzij het
                                            tegendeel wordt aangetoond;</al></li></lijst></li><li nr="b."><al><vet>Belanghebbendenparkeerplaats</vet>: parkeerplaats die is
                                    aangeduid met bord E9 van bijlage I van het Reglement
                                    verkeersregels en verkeerstekens (RVV) 1990, al dan niet
                                    voorzien van een onderbord of gelegen is binnen een zone
                                    aangeduid met bord E9 van bijlage I van het RVV 1990 met het
                                    opschrift zone voor zover deze plaats niet is uitgezonderd;</al></li><li nr="c."><al><vet>Belanghebbendenvergunning</vet>: een parkeervergunning
                                    krachtens welke het is toegestaan een motorvoertuig te parkeren
                                    op een belanghebbendenparkeerplaats;</al></li><li nr="d."><al><vet>Bewoner</vet>: inwoner van de gemeente Zandvoort die de
                                    leeftijd van 18 jaar heeft bereikt en staat ingeschreven als
                                    ingezetene in de gemeentelijke basisadministratie van de
                                    gemeente Zandvoort op het adres dat hij bewoont als zelfstandige
                                    woning;</al></li><li nr="e."><al><vet>College</vet>: het College van Burgemeester en Wethouders
                                    van Zandvoort;</al></li><li nr="f."><al><vet>Gehandicaptenparkeerplaats</vet>: parkeerplaats die is
                                    aangeduid door bord E6 van bijlage I van het Reglement
                                    verkeersregels en verkeerstekens (RVV) 1990, al dan niet
                                    voorzien van een onderbord;</al></li><li nr="g."><al><vet>Houder van een motorvoertuig</vet>: degene die beschikt
                                    over een op zijn naam gesteld kentekenbewijs van het
                                    desbetreffende motorrijtuig, met dien verstande dat degene die
                                    blijkens een leaseovereenkomst gebruikmaakt van een leaseauto,
                                    of degene die – gelet op de inhoud en de strekking van de
                                    arbeidsovereenkomst tussen de aanvragen en zijn werkgever, en
                                    een verklaring van het gebruik – gebruikmaakt van een door de
                                    werkgever beschikbaar gestelde auto, geacht wordt over een op
                                    zijn naam gesteld kentekenbewijs te beschikken. Als
                                    kentekenbewijs wordt mede aangemerkt: een op naam afgegeven
                                    verzekeringsbewijs van een niet-kentekenplichtig
                                    motorvoertuig;</al></li><li nr="h."><al><vet>Hulpverlener</vet>: persoon die anders dan bij wijze van
                                    woon/werkverkeer beroepsmatig gebruik maakt van een
                                    motorvoertuig vanwege werkzaamheden vanuit een professionele
                                    zorg- of hulpinstelling en in overwegende mate zorg of hulp
                                    verleend in delen van de gemeente Zandvoort waar betaald
                                    parkeren is ingevoerd;</al></li><li nr="i."><al><vet>Kenteken</vet>: de aanduiding waarmee een motorrijtuig
                                    wordt geregistreerd krachtens de Wegenverkeerswet 1994;</al></li><li nr="j."><al><vet>Mantelzorg</vet>: het met regelmaat niet-beroepsmatig zorg
                                    verlenen binnen de kring van familie, vrienden of
                                    kennissen;</al></li><li nr="k."><al><vet>Motorvoertuig</vet>: hetgeen daaronder wordt verstaan in
                                    het RVV 1990 en hetgeen onder een brommobiel wordt verstaan in
                                    het RVV 1990;</al></li><li nr="l."><al><vet>Parkeerapparatuur</vet>: parkeermeters, parkeerautomaten,
                                    met inbegrip van persoonlijke parkeermeters en
                                    verzamelparkeermeters en hetgeen naar maatschappelijke opvatting
                                    overigens onder parkeerapparatuur wordt verstaan;</al></li><li nr="m."><al><vet>Parkeerapparatuurplaats</vet>: een parkeerplaats behorende
                                    bij de parkeerapparatuur waarvoor parkeerbelasting wordt
                                    geheven;</al></li><li nr="n."><al><vet>Parkeergelegenheid op eigen terrein (poet)</vet>: een
                                    parkeerplaats op eigen terrein of in een garage waarover de
                                    aanvrager kan beschikken op grond van eigendom, erfpacht, huur
                                    of ingebruikgeving of parkeerplaats(en) welke de aanvrager kan
                                    huren of kopen in een garage of op een open perceel grond
                                    waarvan in de bouwvergunning, het ter plaatse geldende
                                    bestemmingsplan, een huur- of koopovereenkomst of de
                                    erfpachtvoorwaarden is vastgelegd dat deze is bedoeld als
                                    parkeergelegenheid voor het adres van de aanvrager of
                                    parkeerplaats(en) opgenomen in het door het College vastgestelde
                                    poet-overzicht;</al></li><li nr="o."><al><vet>Parkeerkaart</vet>: kaart waarmee parkeerbelasting wordt
                                    geheven, krachtens welke het is toegestaan een motorvoertuig te
                                    parkeren op een parkeerapparatuurplaats;</al></li><li nr="p."><al><vet>Parkeerplaats</vet>: plaats op binnen de gemeente gelegen
                                    voor het openbaar verkeer openstaande terreinen of weggedeelten
                                    waarop parkeren niet ingevolge een wettelijk voorschrift is
                                    verboden;</al></li><li nr="q."><al><vet>Parkeervergunning</vet>: een door het College op grond van
                                    deze verordening verleende vergunning, waarvoor parkeerbelasting
                                    wordt geheven, krachtens welke het is toegestaan een
                                    motorvoertuig te parkeren op daartoe aangewezen
                                    parkeerplaatsen;</al></li><li nr="r."><al><vet>Parkeren</vet>: het gedurende een aaneengesloten periode
                                    doen of laten staan van een motorvoertuig, anders dan gedurende
                                    de tijd die nodig is voor en gebruikt wordt tot het onmiddellijk
                                    in- of uitstappen van personen dan wel het onmiddellijk laden of
                                    lossen van zaken, op binnen de gemeente gelegen voor het
                                    openbaar verkeer openstaande terreinen of weggedeelten waarop
                                    dit doen of laten staan niet ingevolge een wettelijk voorschrift
                                    is verboden;</al></li><li nr="s."><al><vet>RVV 1990</vet>: het Reglement verkeersregels en
                                    verkeerstekens van 26 juli 1990 (Staatsblad 1990,
                                    459);</al></li><li nr="t."><al><vet>Tweede woning</vet>: zelfstandige woning binnen de gemeente
                                    Zandvoort die niet gebruikt wordt als hoofdverblijf;</al></li><li nr="u."><al><vet>Vergunningbewijs</vet>: het schriftelijke bewijsstuk van de
                                    vergunning dat aan de vergunninghouder wordt verstrekt nadat hij
                                    de verschuldigde parkeerbelasting heeft voldaan;</al></li><li nr="v."><al><vet>Vergunninghouder</vet>: de natuurlijke persoon of
                                    rechtspersoon aan wie een vergunning is verleend;</al></li><li nr="w."><al><vet>Vergunningenplafond</vet>: aantal vergunningen dat maximaal
                                    wordt verleend binnen een vergunningengebied;</al></li><li nr="x."><al><vet>WVW 1994</vet>: de Wegenverkeerswet van 21 april 1994
                                    (Staatsblad 1994, 475).</al></li></lijst></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Afdeling</label><nr>II.</nr><titel>Aanwijzing weggedeelten en terreinen</titel></kop><structuurtekst><al>Artikel 2. </al><al>2.1.</al><al>In de <vet>bijlage I</vet> van deze verordening zijn de weggedeelten en
                            terreinen aangegeven die bestemd zijn voor het parkeren door
                            vergunninghouders en/of uitsluitend bestemd zijn voor het parkeren door
                            vergunninghouders en de tijdstippen aangegeven waarop het parkeren
                            alleen aan vergunninghouders is toegestaan. </al><al>2.2.</al><al>De wijziging van de in de <vet>bijlage I</vet> van deze verordening
                            aangegeven weggedeelten en terreinen die bestemd zijn voor het parkeren
                            door vergunninghouders en/of uitsluitend bestemd zijn voor het parkeren
                            door vergunninghouders en de tijdstippen die in <vet>bijlage I</vet> van
                            deze verordening zijn aangegeven waarop het parkeren alleen aan
                            vergunninghouders is toegestaan kan geschieden bij openbaar te maken
                            besluit van het College. </al><al>2.3.</al><al>Het College kan, bij openbaar te maken besluit, weggedeelten en
                            terreinen aanwijzen die bestemd zijn voor het parkeren door
                            vergunninghouders en/of uitsluitend bestemd zijn voor het parkeren door
                            vergunninghouders.</al><al>2.4.</al><al>Het College kan, bij openbaar te maken besluit, de tijdstippen
                            vaststellen waarop het parkeren alleen aan vergunninghouders is
                            toegestaan.</al><al>2.5.</al><al>Eventuele door het College krachtens de parkeerverordening 2008-2
                            aangewezen weggedeelten en terreinen waarop het parkeren alleen aan
                            vergunninghouders is toegestaan en de daarbij behorende tijdstippen,
                            voor zover deze nog golden, worden geacht te zijn aangewezen krachtens
                            deze verordening.</al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Afdeling</label><nr>III.</nr><titel>Vergunningen</titel></kop><structuurtekst><al>Artikel 3.</al><al>3.1.</al><al>Het College beslist op een daartoe strekkende aanvraag om vergunning
                            voor het parkeren op weggedeelten die bestemd zijn voor het parkeren
                            door vergunninghouders of parkeerapparatuurplaatsen.</al><al>3.2.</al><al>De in het eerst lid bedoelde vergunning kan worden onderscheiden
                            in:</al><al>a.</al><al><vet>Bewonersvergunning; </vet></al><al>Een bewonersvergunning wordt verleend aan een houder van een
                            motorvoertuig die bewoner is van een zelfstandige woning, gelegen in een
                            vergunninggebied met parkeerapparatuurplaatsen, voor her parkeren op
                            parkeerapparatuurplaatsen.</al><al>Per zelfstandige woning kunnen maximaal twee bewonersvergunningen worden
                            verleend, tenzij beschikt wordt over een poet of een
                            belanghebbendenparkeerplaats, in dat geval kan maximaal één
                            bewonersvergunning worden verleend.</al><al>b.</al><al><vet>Bedrijfsvergunning met subcategorieën functionele vergunning F1 of
                                F2 en subcategorie commerciële vergunning;</vet></al><al>Een bedrijfsvergunning wordt verleend aan een bedrijf dat gelegen is in
                            een vergunninggebied met parkeerapparatuurplaatsen. Het aantal
                            vergunningen per bedrijf is afhankelijk van het aantal in het bedrijf
                            werkzame personen. </al><al>Een bedrijfsvergunning kan worden verleend aan een bedrijf dat niet
                            gelegen is in een vergunninggebied, indien de aard van het bedrijf de
                            noodzaak van het beschikken over een vergunning op objectieve wijze
                            heeft aangetoond. </al><al>Een bedrijfsvergunning subcategorie functionele vergunning F1 of F2
                            wordt verleend aan instellingen, waaronder medische zorginstellingen en
                            welzijnsinstellingen, vrijgevestigde beroepen in de medische sector,
                            zorgsector waarvan de noodzaak voor het beschikken over een vergunning
                            die geldt voor alle vergunningsgebieden op objectieve wijze is
                            aangetoond. </al><al>Een bedrijfsvergunning subcategorie commerciële vergunning wordt
                            verleend aan bedrijven waarvan de noodzaak voor het beschikken over een
                            vergunning die geldt voor alle vergunningsgebieden op objectieve wijze
                            is aangetoond. </al><al>Het College bepaalt de aantallen vergunningen die per bedrijf worden
                            verleend. </al><al>Het aantal bedrijfsvergunningen wordt verminderd met:</al><lijst><li nr="-"><al>het aantal eventuele andere vergunningen die aan het bedrijf
                                    verleend zijn krachtens deze verordening;</al></li><li nr="-"><al>het aantal vergunningen dat verleend is aan personen op het
                                    adres waar het bedrijf is gevestigd;</al></li><li nr="-"><al>het aantal poet waarover een bedrijf beschikt binnen een
                                    vergunninggebied.</al></li></lijst><al>c.</al><al><vet>Belanghebbendenvergunning;</vet></al><al>Een belanghebbendenvergunning wordt verleend aan een houder van een
                            motorvoertuig die bewoner is van een zelfstandige woning, gelegen in een
                            vergunninggebied, met belanghebbendenparkeerplaatsen, voor het parkeren
                            op belanghebbendenparkeerplaatsen.</al><al>Per zelfstandige woning kan maximaal één belanghebbendenvergunningen
                            worden verleend, tenzij beschikt wordt over een poet, in dat geval kan
                            geen belanghebbendenvergunning worden verleend. </al><al>Een belanghebbendenvergunning wordt verleend aan een bedrijf dat gelegen
                            is in een vergunninggebied met belanghebbendenparkeerplaatsen, voor het
                            parkeren op belanghebbendenparkeerplaatsen. </al><al>Een belanghebbendenvergunning geeft recht op het parkeren op de in de
                            vergunning omschreven belanghebbendenparkeerplaats of
                            belanghebbendenparkeerplaatsen. </al><al>Het College bepaalt de aantallen belanghebbendenvergunningen die per
                            bedrijf worden verleend. </al><al>Het aantal belanghebbendenvergunningen wordt verminderd met:</al><lijst><li nr="-"><al>het aantal eventuele andere vergunningen die aan het bedrijf
                                    verleend zijn krachtens deze verordening;</al></li><li nr="-"><al>het aantal vergunningen dat verleend is aan personen op het
                                    adres waar het bedrijf is gevestigd;</al></li><li nr="-"><al>het aantal poet waarover een bedrijf beschikt.</al></li></lijst><al>d.</al><al><vet>Bezoekersvergunning;</vet></al><al>Per zelfstandige woning in een vergunninggebied met
                            belanghebbendenparkeerplaatsen en parkeerapparatuurplaatsen kan één
                            bezoekersvergunning worden verleend.</al><al>e.</al><al><vet>Hotelvergunning;</vet></al><al>Een hotelvergunning wordt verleend aan de (rechts)persoon die in een
                            vergunninggebied tegen betaling nachtverblijf biedt in onroerende zaken
                            die daar krachtens het voor deze onroerende zaken geldende
                            bestemmingsplan voor bestemd zijn dan wel mogen worden.</al><al>Het College bepaalt de aantallen vergunningen die per (rechts)persoon
                            worden verleend. </al><al>Het aantal hotelvergunningen wordt verminderd met:</al><lijst><li nr="-"><al>het aantal eventuele andere vergunningen die aan de
                                    (rechts)persoon verleend zijn krachtens deze verordening;</al></li><li nr="-"><al>het aantal vergunningen dat verleend is aan personen op het
                                    adres waar de (rechts)persoon is gevestigd;</al></li><li nr="-"><al>het aantal poet waarover de (rechts)persoon beschikt.</al></li></lijst><al>f.</al><al><vet>Niet-ingezetenenvergunning;</vet></al><al>Een niet-ingezetenenvergunning wordt verleend aan degene die een tweede
                            huis bezit in een vergunninggebied en die niet beschikt over een poet.
                            Per tweede huis kan maximaal één niet-ingezetenenvergunning worden
                            verleend. </al><al>g.</al><al><vet>Strandhuisjesvergunning;</vet></al><al>Een strandhuisjesvergunning wordt verleend aan degene die in een
                            vergunninggebied voor een geheel seizoen gerechtigd is tot het gebruik
                            van een strandhuisje, welke beheerd wordt danwel ter beschikking gesteld
                            wordt in verenigingsverband. Per strandhuisje kan maximaal één
                            strandhuisjesvergunning worden verleend. </al><al>h. </al><al><vet>Herstructureringsvergunning en bijzondere vergunningen</vet></al><al>Een herstructureringsvergunning kan worden verleend aan een houder van
                            een motorvoertuig die bewoner is van een zelfstandige woning gelegen in
                            of buiten een vergunningengebied dan wel aan een bedrijf dat gelegen is
                            in of buiten een vergunningengebied. Een herstructureringsvergunning kan
                            worden verleend indien een gebied wordt getroffen door een toename van
                            parkeerdruk die het gevolg is van ingrijpende herstructurerings-,
                            herinrichtings- en andere werkzaamheden die gedurende een langere tijd
                            plaatsvinden en die leiden tot meer of mindere mate van ontwrichting van
                            de parkeerregulering binnen een vergunningengebied danwel meer of
                            mindere mate van ontwrichting van de parkeermogelijkheden op
                            parkeerplaatsen buiten een vergunningengebied. </al><al>Het College bepaalt het aantal herstructureringsvergunningen die per
                            bewoner en per bedrijf worden verleend. </al><al>De herstructureringsvergunning geldt in verband met een bepaald
                            omschreven herstructurerings-, herinrichtings-, danwel ander werk.</al><al>Het College is bevoegd bijzondere vergunningen uit te geven en daarvoor
                            regels vast te stellen.”</al><al>3.3.</al><al>Vergunningen worden verleend op kenteken.</al><al>Het College kan besluiten vergunningen niet op kenteken te verlenen. </al><al>3.4.</al><al>Bewonersvergunningen of belanghebbendenvergunningen kunnen worden
                            verleend aan een houder van een motorvoertuig die bewoner is van een
                            zelfstandige woning gelegen buiten een vergunninggebied, voor zover de
                            woning gelegen is in het gebied dat omschreven is in <vet>bijlage
                                II</vet> van deze verordening. Het College kan bij openbaar te maken
                            besluit wijzigingen aanbrengen in het gebied zoals omschreven in
                                <vet>bijlage II</vet>. </al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Afdeling</label><nr>IV.</nr><titel>Aanvragen verleningen en weigeringen.</titel></kop><structuurtekst><al>Artikel 4.</al><al>4.1.</al><al>Het College kan nadere regels geven voor het aanvragen en verlenen van
                            een vergunning als bedoeld in artikel 3. De nadere regels die door het
                            college zijn vastgesteld voor het aanvragen en verlenen van een
                            vergunning krachtens de Parkeerverordening 2008, worden geacht te zijn
                            vastgesteld krachtens deze parkeerverordening. </al><al>4.2.</al><al>Het College kan vergunningenplafonds vaststellen voor het aantal te
                            verlenen vergunningen. </al><al>Het College kan wachtlijsten aanleggen voor de gebieden waar een
                            vergunningenplafond geldt. </al><al>Het College kan nadere voorschriften verbinden aan de te verlenen
                            vergunningen.</al><al>Artikel 5.</al><al>5.1.</al><al>Het College beslist binnen acht weken na ontvangst van een aanvraag voor
                            een vergunning.</al><al>5.2.</al><al>Het College kan de in het eerste lid genoemde termijn met ten hoogste
                            acht weken verlengen. Van een verlenging van deze termijn wordt de
                            aanvrager schriftelijk in kennis gesteld.</al><al>5.3.</al><al>Een vergunning wordt geweigerd indien niet wordt voldaan aan de
                            voorwaarden, gesteld bij of krachtens deze verordening. </al><al>Een vergunning wordt geweigerd indien het vergunningenplafond van het
                            desbetreffende vergunninggebied is bereikt.</al><al>Indien een vergunning is geweigerd op grond van het feit dat het
                            vergunningenplafond van het betrokken vergunninggebied is bereikt, wordt
                            de aanvrager op een wachtlijst geplaatst.</al><al>De volgorde waarin de aanvrager op de wachtlijst wordt geplaatst, is de
                            volgorde van ontvangst van de volledige aanvraag.</al><al>Indien de aanvrager verhuist naar een ander vergunninggebied en direct
                            voorafgaande aan de verhuizing over een vergunning beschikte of op een
                            wachtlijst staat, is voor de volgorde tevens bepalend de datum waarop de
                            vorige vergunning is verleend of de datum van eerdere plaatsing op de
                            wachtlijst.</al><al>De aanvrager wordt van de wachtlijst verwijderd indien één van de
                            volgende omstandigheden aan de orde is:</al><lijst><li nr="-"><al>de aanvrager daarom verzoekt;</al></li><li nr="-"><al>de vergunning is verleend;</al></li><li nr="-"><al>de aanvrager onjuiste of onvolledige gegevens heeft
                                    verstrekt;</al></li><li nr="-"><al>niet meer voldaan wordt aan de voorwaarden voor de aangevraagde
                                    vergunning, gesteld bij of krachtens deze verordening.</al></li></lijst><al>5.4.</al><al>Indien de aanvrager het formulier voor het aanvragen van een vergunning
                            niet naar waarheid heeft ingevuld, kan het College een volgende aanvraag
                            voor een vergunning door de aanvrager gedurende maximaal een periode van
                            twee jaar niet meer in behandeling nemen.</al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Afdeling</label><nr>V.</nr><titel>Geldigheid vergunningen</titel></kop><structuurtekst><al>Artikel 6.</al><al>6.1.</al><al>Een vergunning wordt voor ten hoogste één jaar verleend en wordt in
                            beginsel steeds stilzwijgend verlengd voor de periode waarvoor de
                            vergunning verleend is, zolang is voldaan aan de voorwaarde gesteld bij
                            of krachtens deze verordening en de verschuldigde parkeerbelasting
                            tijdig is voldaan. </al><al>Het college kan bepalen dat een vergunning voor bepaalde tijd wordt
                            verleend zonder de mogelijkheid tot automatische verlenging.</al><al>6.2.</al><al>De strandhuisjesvergunning komt te vervallen na de periode waarvoor deze
                            is verleend en wordt niet stilzwijgend verlengd. </al><al>6.3.</al><al>Een vergunning bevat – voorzover van toepassing – in ieder geval de
                            volgende gegevens:</al><lijst><li nr="a."><al>de periode waarvoor de vergunning geldt;</al></li><li nr="b."><al>het gebied waarvoor de vergunning geldt;</al></li><li nr="c."><al>de tijden waarvoor de vergunning geldt;</al></li><li nr="d."><al>het kenteken of kentekens van het motorvoertuig of van de
                                    motorvoertuigen waarvoor de vergunning is verleend, tenzij de
                                    vergunning niet op kenteken is verleend;</al></li></lijst><al>Aan een vergunning worden – voorzover van toepassing – in ieder geval de
                            volgende voorschriften verbonden:</al><lijst><li nr="a."><al>de vergunning is uitsluitend geldig voor het parkeren van het
                                    motorvoertuig waarvan het kenteken aan de voorzijde van de
                                    vergunning is vermeld, tenzij de vergunning niet op kenteken is
                                    verleend;</al></li><li nr="b."><al>tijdens het parkeren moet de vergunning goed zichtbaar achter de
                                    voorruit zijn aangebracht, zodanig dat de voorzijde van de
                                    vergunning duidelijk ten genoegen van de parkeercontrole is te
                                    lezen, tenzij de vergunning elektronisch is verleend.</al></li></lijst><al>Een parkeervergunning geldt voor het parkeren van één motorvoertuig op
                            één parkeerapparatuurplaats, danwel belanghebbendenparkeerplaats.</al><al>6.4.</al><al>De vergunningen gelden voor het vergunninggebied waarvoor ze zijn
                            verleend dan wel het door het College aan te geven gebied binnen het
                            vergunningengebied. Het College kan bepalen dat een vergunning geldt
                            voor een gebied gelegen buiten het vergunningengebied. De vergunning kan
                            verleend worden voor meerdere gebieden. De belanghebbendenvergunning is
                            geldig voor het vergunningengebied waarvoor ze is verleend, danwel op de
                            in de vergunning aangegeven plaats of plaatsen. </al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Afdeling</label><nr>VI.</nr><titel>Intrekking vergunningen.</titel></kop><structuurtekst><al>Artikel 7.</al><al>7.1.</al><al>Het College trekt de vergunning in, indien:</al><lijst><li nr="a."><al>de vergunninghouder daarom verzoekt;</al></li><li nr="b."><al>blijkt dat bij de aanvraag om de vergunning onjuiste of
                                    onvolledige gegevens zijn verstrekt en de verstrekking van
                                    juiste of volledige gegevens tot een ander besluit op de
                                    aanvraag om de vergunning zou hebben geleid;</al></li><li nr="c."><al>de vergunninghouder verhuist naar een locatie buiten het
                                    vergunninggebied;</al></li><li nr="d."><al>niet voldaan wordt of niet langer voldaan wordt aan de
                                    voorwaarden gesteld bij of krachtens deze verordening of de
                                    verordening parkeerbelasting 2008; </al></li><li nr="e."><al>de vergunningverlening onjuist was en de vergunninghouder dit
                                    wist of behoorde te weten;</al></li><li nr="f."><al>voor het betreffende gebied het stelsel van vergunningen komt te
                                    vervallen.</al></li></lijst><al>7.2.</al><al>Het College kan de vergunning intrekken, indien:</al><lijst><li nr="a."><al>er zich een wijziging voordoet in een van de omstandigheden die
                                    relevant waren voor het verlenen van de vergunning;</al></li><li nr="b."><al>de vergunninghouder handelt in strijd met de aan de vergunning
                                    verbonden voorschriften;</al></li><li nr="c."><al>de vergunninghouder de vergunning gebruikt voor een ander doel
                                    dan waarvoor de vergunning is verleend;</al></li><li nr="d."><al>redenen van openbaar belang dit eisen;</al></li><li nr="e."><al>de verschuldigde parkeerbelasting niet voldaan is.</al></li></lijst><al>7.3.</al><al>Een besluit tot het intrekken van of wijzigen van een vergunning is met
                            redenen omkleed. De betrokkene wordt van het intrekken of wijzigen van
                            de vergunning schriftelijk in kennis gesteld.</al><al>7.4.</al><al>De vergunninghouder is verplicht wijzigingen in één van de
                            omstandigheden, die relevant waren voor het verlenen van de vergunning,
                            binnen een maand te melden bij het College.</al><al>7.5.</al><al>De vergunning vervalt door het verstrijken van de geldigheidsduur van de
                            vergunning.</al><al>7.6.</al><al>Het College is bevoegd in gevallen waarin de toepassing van deze
                            verordening naar hun oordeel tot een bijzondere hardheid leidt, ten
                            gunste van de aanvrager af te wijken van het bepaalde in deze
                            verordening. </al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Afdeling</label><nr>VII</nr><titel>Verbodsbepalingen</titel></kop><structuurtekst><al>Artikel 8</al><al>8.1.</al><al>Het is verboden om enig voorwerp, niet zijnde een motorvoertuig of een
                            brommobiel te plaatsen of te laten staan:</al><lijst><li nr="a."><al>op een parkeerapparatuurplaats;</al></li><li nr="b."><al>op een belanghebbendenparkeerplaats;</al></li><li nr="c."><al>op een gehandicapteparkeerplaats.</al></li></lijst><al>8.2.</al><al>Het is verboden een fiets, een bromfiets of enig ander voorwerp op
                            zodanige wijze tegen of bij parkeerapparatuur te plaatsen of te laten
                            staan, dat daardoor een normaal gebruik ervan wordt belemmerd of
                            verhinderd.</al><al>8.3.</al><al>Het is verboden gedurende de tijden waarop het parkeren op een
                            belanghebbendenparkeerplaats slechts aan vergunninghouders is toegestaan
                            aldaar een motorvoertuig of brommobiel te parkeren of geparkeerd te
                            houden:</al><lijst><li nr="a."><al>zonder belanghebbendenvergunning;</al></li><li nr="b."><al>zonder dat het motorvoertuig of brommobiel duidelijk zichtbaar
                                    is voorzien van de vergunning achter de voorruit van het
                                    motorvoertuig/brommobiel dan wel bij gebreke van een voorruit op
                                    een anderszins zichtbare plaats;</al></li><li nr="c."><al>in strijd met de aan de vergunning verbonden voorschriften.</al></li></lijst><al>8.4.</al><al>Het College kan ontheffing verlenen van het bepaalde in dit artikel. </al><al>8.5.</al><al>Overtreding van het bepaalde in de artikelen 8.1., 8.2. en 8.3. van deze
                            verordening, alsmede het handelen in strijd met de aan de vergunningen
                            verbonden voorschriften en beperkingen, wordt gestraft met een geldboete
                            van de eerste categorie.</al><al>8.6.</al><al>Met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens deze
                            verordening zijn de daartoe door Burgemeester en Wethouders aangewezen
                            ambtenaren belast.</al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Afdeling</label><nr>VIII.</nr><titel>Slotbepalingen overgangsrecht en citeertitel.</titel></kop><structuurtekst><al>Artikel 9</al><al>9.1.</al><al>Overgangsbepalingen</al><lijst><li nr="1."><al>Aanvragen worden behandeld met inachtneming van de bepalingen
                                    van de Parkeerverordening die gelden in de periode waarop de
                                    aanvraag betrekking heeft.</al></li><li nr="2."><al>Vergunningen verleend krachtens eerdere parkeerverordeningen
                                    worden voorzover nog geldig, geacht te zijn verleend krachtens
                                    deze verordening.</al></li><li nr="3."><al>Bezwaarschriften, ingediend tegen beslissingen krachtens eerdere
                                    parkeerverordeningen, worden behandeld met inachtneming van de
                                    Parkeerverordening 2008-3 en wijzigingen daarop, tenzij
                                    toepassing van deze verordening voor de bezwaarde gunstiger
                                    is.</al></li></lijst><al> 9.2.</al><al>De verordening op het gebruik van parkeerbelastingen en de verlening van
                            vergunning voor het parkeren (parkeerverordening 2008-2, vastgesteld bij
                            raadsbesluit van 30 september 2008) wordt ingetrokken bij
                            inwerkingtreding van deze verordening. </al><al>9.3.</al><al>Deze verordening treedt in werking op 1 januari 2009, na
                            publicatie.</al><al>9.4.</al><al>Deze verordening kan worden aangehaald als Parkeerverordening 2008-3.
                        </al></structuurtekst></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 27 november 2008.</ondertekening><ondertekening>De griffier, De voorzitter,</ondertekening><ondertekening/></regeling-sluiting><bijlage><al>BIJLAGE I AANWIJZING WEGGEDEELTEN EN TERREINEN BINNEN DE GEMEENTE ZANDVOORT DIE
                    BESTEMD ZIJN VOOR HET PARKEREN DOOR VERGUNNINGHOUDERS, (PAP-GEBIEDEN) EN/OF
                    UITSLUITEND BESTEMD ZIJN VOOR HET PARKEREN DOOR VERGUNNINGHOUDERS EN DE
                    TIJDSTIPPEN WAAROP HET PARKEREN ALLEEN AAN VERGUNNINGHOUDERS IS TOEGESTAAN
                    (BEL-GEBIEDEN).</al><al><vet>Bij deze verordening zijn de volgende weggedeelten en terreinen aangewezen
                        die uitsluitend bestemd zijn voor het pakeren door vergunninghouders
                        gedurende het gehele jaar en gedurende 24-uur per dag.</vet></al><al><vet>BEL-gebieden:</vet></al><al><vet>BEL-regime Noordbuurt</vet></al><al>Achterom,</al><al>Agnetastraat,</al><al>Gasthuisstraat</al><al>Gasthuisplein</al><al>Jan Snijerplein</al><al>Kruisstraat</al><al>Noorderstraat </al><al>Pakveldstraat </al><al>Rozenobelstraat </al><al>Spoorbuurtstraat</al><al>Sandrinastraat </al><al>Wagemakerspad </al><al>Swaluëstraat ( tussen de Pakveldstraat en de Achterweg)</al><al>Achterweg </al><al>Smedestraat</al><al>Voermanderijpad</al><al><vet>BEL-regime Admiralenbuurt</vet></al><al>Van Speijkstraat Noordzijde vanaf 1/48 t/m 26 </al><al>Van Speijkstraat Oostzijde vanaf 2/47 t/m 2/201 </al><al>Van Kinsbergenstraat </al><al>Secretaris Bosmanstraat </al><al>Dr. Smitsstraat </al><al>Ontvanger Schoutenstraat </al><al>Jan Evertsenstraat</al><al><vet>BEL-regime Zuidbuurt</vet></al><al>Duinstraat </al><al>Duinweg</al><al>Poststraat</al><al>Kerkdwarspad </al><al>Schelpenplein </al><al>Westerstraat</al><al><vet>BEL-regime Parkbuurt</vet></al><al>Marnix van St. Aldegondestraat </al><al>Oosterparkstraat</al><al>Thorbeckestraat (Zuidzijde) </al><al>Westerparkstraat</al><al>Nassauplein</al><al>Dr. de Wittstraat</al><al>Ir. Friedhoffplein (weggedeelte voor de huisnummers 1 t/ m 7)</al><al><vet>Bij deze verordening zijn de volgende weggedeelten en terreinen aangewezen
                        die bestemd zijn voor het pakeren door vergunninghouders.</vet></al><al><vet>PAP-gebieden:</vet></al><al><vet>Noord Boulevard (alleen strandhuisjes vergunningen)</vet></al><al>aan weerszijden van de Boulevard Barnaart vanaf de rotonde Burgemeester van
                    Alphenstraat </al><al>t.h.v. perceel 63 (hotel) tot gemeentegrens gemeente Bloemendaal.</al><al><vet>PAP-regime Noord/</vet><vet>Stations/Fenema -Buurt</vet></al><al>Brugstraat </al><al>Engelbertsstraat (m.u.v. Betaald parkeren voor de Passage-winkeltjes tussen
                    Zeestraat en Heemskerckstraat en het De Favaugeplein) </al><al>Eltzbacherstraat,</al><al>Ir. E.J.J Kuinderstraat</al><al>Fenemaplein, </al><al>Prinsenhofstraat, </al><al>Schuitengat, </al><al>Stationsstraat, </al><al>Stationsplein, </al><al>Van Speijkstraat 1/1 t/m 1/47 (appartementen) </al><al>Zeestraat</al><al>Swaluëstraat, vanaf het Zandvoortse museum tot de Pakveldstraat (m.u.v. het
                    parkeerterrein achter het gemeentehuis) </al><al>Verlengde Haltestraat,</al><al>Kleine Krocht</al><al><vet>PAP-regime Admiralenbuurt </vet></al><al>Karel Doormanstraat</al><al>Van Galenstraat </al><al>Jac. Van Heemskerckstraat (weggedeelte aan de achterzijde van de flat) </al><al>Piet Heinstraat </al><al>Tjerk Hiddestraat </al><al>Dr. Joh. J.G. Mezgerstraat </al><al>De Ruyterstraat </al><al>Trompstraat</al><al>Burg. Van Alphenstraat</al><al><vet>PAP-regime Parkbuurt</vet></al><al>Marisstraat </al><al>Thorbeckestraat (Noordzijde)</al><al>Vuurboetstraat</al><al><vet>PAP-regime Brederodebuurt</vet></al><al>Hogeweg (m.u.v. de parkeervakken voor de huisnummers 1 t/m 5)</al><al>Zuiderstraat</al><al>Paradijsweg</al><al>Brederodestraat (parkeervakken voor de huisnummers 1 t/m 104)</al><al>Dr. Visserstraat</al><al>Dr. Schaepmanstraat</al><al>De Savornin Lohmanstraat</al><al>Mr. Troelstrastraat</al><al>Dr. Kuijperstraat</al><al>ir. G. Friedhoffplein (met uitzondering van de parkeervakken voor de huisnummers
                    1 t/m 7)</al><al>Cort van der Lindenstraat (gedeelte tussen Ir. G. Friedhoffplein / hoek
                    Lijsterstraat).</al><al>Frans Zwaanstraat (tussen de Lijsterstraat en de Patrijzenstraat)</al><al> BIJLAGE II AANWIJZING GEBIED BINNEN DE GEMEENTE ZANDVOORT WAARIN
                    BEWONERSVERGUNNINGEN OF BELANGHEBBENDEN VERGUNNINGEN VERLEEND KUNNEN WORDEN AAN
                    EEN HOUDER VAN EEN MOTORVOERTUIG DIE BEWONER IS VAN EEN ZELFSTANDIGE WONING
                    GELEGEN BUITEN EEN VERGUNNINGGEBIED.</al><al><vet>Bij deze verordening zijn de volgende weggedeelten en terreinen aangewezen
                        waarin bewonersvergunningen of belanghebbendenvergunningen verleend kunnen
                        worden aan een houder van een motorvoertuig die bewoner is van een
                        zelfstandige woning, gelegen buiten een vergunninggebied, zoals genoemd in
                        bijlage I van de verordening.</vet></al><al>Westzijde van de Haltestraat;</al><al>Kerkstraat;</al><al>Kosterstraat;</al><al>Badhuisplein;</al><al>Strandweg;</al><al>Boulevard De Favauge.</al><al>Oranjestraat</al><al>Grote Krocht</al></bijlage><nota-toelichting><al><vet>II </vet><vet> TOELICHTING OP DE VERORDENING</vet></al><al>1.ALGEMEEN</al><al>De Parkeerverordening 2008-3 vormt een geheel met de verordening
                    Parkeerbelastingen 2008-3. De Parkeerverordening is de grondslag voor de
                    uitvoering van het parkeerbeleid. Dat beleid krijgt mede uitwerking in de
                    Parkeerbelastingverordening 2008-3. </al><al>2.AFDELINGSGEWIJZE TOELICHTING</al><divisie><kop><label>Afdeling</label><nr>1.</nr><titel>Begripsomschrijvingen</titel></kop><al>In deze afdeling is uitleg gegeven over de gehanteerde begrippen. </al><al>Bij de omschrijving van de begrippen is aansluiting gezocht bij wettelijke
                        regelingen. </al><al>In de begripsomschrijving is het begrip bedrijf ruim uitgelegd. Hieronder
                        vallen niet alleen commercieel opererende organisaties doch ook niet
                        commercieel opererende organisaties, waaronder overheidsdiensten. </al></divisie><divisie><kop><label>Afdeling</label><nr>2.</nr><titel>Aanwijzing weggedeelten en terreinen</titel></kop><al>In dit artikel is aangegeven welke weggedeelten en terreinen bestemd zijn
                        voor het parkeren door vergunninghouders en/of bestemd zijn om alleen te
                        worden benut door vergunninghouders.</al><al>Via dit artikel is sprake van parkeerregulering. Daar waar de meest
                        ingrijpende noodzaak is voor parkeerregulering zijn weggedeelten en
                        terreinen aangewezen die alleen bestemd zijn om te worden benut door
                        vergunninghouders. De andere weggedeelten en terreinen kunnen zowel benut
                        worden door vergunninghouders en niet-vergunninghouders, waarbij geldt dat
                        voor het parkeren een fiscaal regime is ingesteld via de
                        Parkeerbelastingverordening 2008. </al><al>In deze afdeling is de mogelijkheid gecreëerd voor het college om
                        wijzigingen aan te brengen ten aanzien van weggedeelten en terreinen die
                        bestemd zijn, dan wel bestemd dienen te worden, voor het parkeren door
                        vergunninghouders. Dit om op basis van voortschrijdend inzicht aanpassingen
                        te kunnen doen in het kader van de parkeerregulering. </al></divisie><divisie><kop><label>Afdeling</label><nr>3.</nr><titel>Vergunningen</titel></kop><al>In deze afdeling worden vergunningsoorten genoemd.</al><al>De parkeervergunningen betreffen de fiscale vergunningen. De
                        parkeerbelasting wordt voldaan door periodiek te betalen voor de
                        vergunningen. Een houder van een geldige parkeervergunning kan binnen een
                        bepaald vergunninggebied vrij parkeren in de zin dat geen parkeerbelasting
                        meer hoeft te worden voldaan via de parkeerautomaat. </al><al>Slechts bewoners en belanghebbenden met een zelfstandige woning komen in
                        aanmerking voor een bewonersvergunning. </al><al>Andere vergunningen worden verleend in verband met bijzondere
                        parkeerbehoeften die tot uitdrukking komen in de aard en type vergunningen
                        zoals benoemd in deze afdeling. </al><al>In deze afdeling zijn regels opgenomen ten aanzien van aantallen te verlenen
                        vergunningen dan wel is voorzien in de mogelijkheid om deze aantallen te
                        laten bepalen door het college. </al><al>Bij het bepalen van de aantallen te verlenen vergunningen is rekening
                        gehouden met de parkeermogelijkheden op eigen terrein. Het dient hier te
                        gaan om legale parkeermogelijkheden op eigen terrein. Indien deze
                        parkeermogelijkheid niet als zodanig in gebruik is, komt dit voor risico van
                        de aanvrager van de parkeervergunning. </al><al>Vergunningen worden in de regel op kenteken verleend, met uitzondering van
                        onder andere bezoekersvergunningen Voor sommige vergunningen is het in de
                        verordening mogelijk gemaakt om de vergunning niet op kenteken te verlenen. </al></divisie><divisie><kop><label>Afdeling</label><nr>4.</nr><titel>Aanvragen verlening en weigeringen</titel></kop><al>In deze afdeling is aangegeven dat het college nadere regels kan geven voor
                        het aanvragen en verlenen van vergunningen. Via deze bepaling kan het
                        college een logistieke afhandeling van de aanvragen regelen en
                        controlemechanismen creëren ten behoeve van het verlenen en het aanvragen
                        van vergunningen. </al><al>Het college is de mogelijkheid geboden om vergunningenplafonds vast te
                        stellen voor het aantal te verlenen vergunningen. </al><al>Het college stelt deze plafonds vast op basis van de plaatselijke
                        parkeercapaciteit. Hierbij wordt de parkeerbehoefte afgewogen tegen de
                        parkeercapaciteit. Uitgangspunt is om een dusdanig aantal
                        parkeervergunningen uit te geven dat in redelijkheid gebruik gemaakt kan
                        worden van de bestaande plaatselijke parkeercapaciteit voor die voertuigen
                        waaraan prioriteit gegeven wordt. Kortom, de vergunningenplafonds zijn
                        gericht op parkeerregulering. </al><al>In het kader van die parkeerregulering is het college de mogelijkheid
                        geboden om wachtlijsten aan te leggen. Registratie op de wachtlijst zal
                        geschieden per datum binnenkomst. Indien sprake is van gelijke datum van
                        binnenkomst wordt de registratie op de wachtlijst bepaald door het tijdstip
                        van ter hand neming van de betreffende aanvraag voor registratie door een
                        medewerker van de gemeente. </al><al>In de verordening is geregeld wanneer de vergunning geweigerd dient te
                        worden. Van belang is dat de aanvraag niet in behandeling genomen zal worden
                        indien onjuiste of onvolledige gegevens zijn verstrekt door de aanvrager.
                        Dit instrument bestaat om te waarborgen dat het college beschikt over de
                        juiste gegevens en een juist besluit kan nemen tot het verlenen van een
                        vergunning. </al></divisie><divisie><kop><label>Afdeling</label><nr>5.</nr><titel>Geldigheid vergunningen</titel></kop><al>Dit artikel regelt de geldigheidsduur van de vergunningen. Tarieven van de
                        vergunning worden geregeld in de Verordening parkeerbelastingen 2008.
                        Formeel zou iedere vergunninghouder na afloop van de termijn waarvoor de
                        vergunning geldt een nieuwe aanvraag moeten indienen. Dit is echter niet
                        praktisch voor de uitvoerders van de parkeerverordening. Naar aanleiding van
                        de hiervoor genoemde omstandigheid is er gekozen voor het stilzwijgend
                        verlengen van de vergunningen die voor 1 jaar gelden. Indien niet meer
                        voldaan wordt aan de vereiste voor vergunningverlening, zal de vergunning
                        ingetrokken worden. De vergunning kan voorts worden ingetrokken op basis van
                        een van de omstandigheden zoals genoemd in artikel 7 van deze verordening. </al><al>Dit artikel regelt de plaats en de geldigheid van de vergunningen. </al></divisie><divisie><kop><label>Afdeling</label><nr>6.</nr><titel>Intrekking vergunningen</titel></kop><al>Dit artikel geeft de gronden aan waarop een vergunning ingetrokken mag
                        worden en de wijze waarop dit dient te geschieden. </al><al>Daarnaast geeft dit artikel de verplichting om eventuele wijzigingen in
                        omstandigheden die relevant zijn voor het verlenen dan wel het intrekken van
                        de vergunning te melden aan het college. </al><al>Dit artikel maakt het mogelijk om in gevallen waarin toepassing van deze
                        verordening (gegeven het doel en de strekking van deze verordening) een
                        onbillijkheid van overwegende aard zou opleveren een onderdeel van deze
                        verordening buiten toepassing te laten of daarvan af te wijken. Dit zal
                        slechts van toepassing zijn op individuele gevallen. </al></divisie><divisie><kop><label>Afdeling</label><nr>7.</nr><titel>Verbodsbepalingen</titel></kop><al>Dit artikel geeft de verboden aan om voorwerpen op parkeerplaatsen te laten
                        staan. Dit verbod maakt dat de aangewezen terreinen en weggedeelten
                        uitsluitend gebruikt kunnen worden voor motorvoertuigen. </al><al>Dit verbod geldt ook bijvoorbeeld voor caravans, aanhangwagens e.d.
                        Desalniettemin kan het uit oogpunt van redelijk gebruik van de weggedeelten
                        en terreinen geboden zijn om tijdelijk een caravan of een aanhangwagen e.d.
                        op een parkeerplaats te stallen. Dit voor korte tijd. Ten behoeve van die
                        omstandigheden kan het college ontheffing verlenen van het bepaalde in dit
                        artikel. </al></divisie><divisie><kop><label>Afdeling</label><nr>8.</nr><titel>Slotbepalingen, overgangsrecht en citeertitel</titel></kop><al> De overgangsbepalingen maken het mogelijk over te gaan van het oude stelsel
                        naar het nieuwe. </al></divisie></nota-toelichting></regeling></body></cvdr>