<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR29222_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Handhavingsverordening Wet werk en bijstand en Wet investeren in jongeren</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Terneuzen</dcterms:creator><dcterms:modified>2017-12-05</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Terneuzen</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Zeeuws Vlaams Advertentieblad, 23 december 2009</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Handhavingsverordening WWB en WIJ</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet, art. 147</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Wet werk en bijstand, art. 8a</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Wet investeren in jongeren, art. 12</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>maatschappelijke zorg en welzijn</dcterms:subject><dcterms:issued>2009-12-17</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2010-01-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2015-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Onbekend</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Onbekend</overheidrg:kenmerk><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Vaststelling Handhavingsverordening Wet werk en bijstand en Wet investeren in
            jongeren</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De raad van de gemeente Terneuzen;</al><al>gelezen het voorstel van Burgemeester en Wethouders d.d. 10 november
                        2009;</al><al>gelet op artikel 8a van de Wet werk en bijstand, artikel 147, eerste lid van
                        de Gemeentewet en artikel 12, eerste lid onder c van de Wet investeren in
                        jongeren;</al><al>overwegende dat het noodzakelijk is de bestrijding van het ten onrechte
                        ontvangen van bijstand alsmede van misbruik en oneigenlijk gebruik van de
                        Wet werk en bijstand en de Wet investeren in jongeren bij verordening te
                        regelen;</al><al>overwegende dat met betrekking tot bestrijding van het ten onrechte
                        ontvangen van bijstand, alsmede van misbruik van oneigenlijk gebruik van de
                        wet, in het kader van het financieel beheer rgels gesteld dienen te worden,
                        welke in een verordening worden neergelegd.</al><al>Besluit vast te stellen de navolgende verordening:</al><al>Handhavingsverordening Wet werk en bijstand en Wet investeren in
                        jongeren.</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsomschrijving</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>de wet: de Wet werk en bijstand (WWB), de Wet investeren in
                                    jongeren (WIJ), de Wet inkomensvoorziening oudere en
                                    gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers (IOAW), de
                                    Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk
                                    arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen (IOAZ);</al></li><li nr="b."><al>het college: het college van burgemeester en wethouders van de
                                    gemeente Terneuzen;</al></li><li nr="c."><al>de gemeenteraad: de gemeenteraad van de gemeente Terneuzen;</al></li><li nr="d."><al>Onze minister: de minister van Sociale Zaken en
                                    Werkgelegenheid;</al></li><li nr="e."><al>handhaven: bewerkstelligen dat de wet wordt nageleefd;</al></li><li nr="f."><al>fraude: het ten onrechte geheel of gedeeltelijk ontvangen van
                                    een uitkering door het verstrekken van onjuiste of onvolledige
                                    inlichtingen aan de afdeling Samenleving van de gemeente
                                    Terneuzen;</al></li><li nr="g."><al>misbruik: het ontvangen van een uitkering in strijd met de
                                    wettelijke voorschriften, waarbij het ten onrechte ontvangen aan
                                    de cliënt is te wijten;</al></li><li nr="h."><al>oneigenlijk gebruik: het ontvangen van een uitkering volgens de
                                    regels van de wet, maar in strijd met of buiten de bedoeling die
                                    bij de totstandkoming van die wet heeft bestaan.</al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Beleid</titel></kop><al>De gemeenteraad heeft het Beleidsplan Hoogwaardige Handhaving vastgesteld.
                        Doel hiervan is het verhogen van de spontane nalevingsbereidheid door middel
                        van maatregelen op het gebied van:</al><lijst><li nr="·"><al>vroegtijdig informeren van klanten;</al></li><li nr="·"><al>optimalisering van de dienstverlening;</al></li><li nr="·"><al>vroegtijdige detectie van overtredingen;</al></li><li nr="·"><al>daadwerkelijk sanctioneren.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Opdracht college</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college zorgt voor de rechtmatige en doelmatige uitvoering van de
                            wet, waaronder de bestrijding van fraude, misbruik en oneigenlijk
                            gebruik van de wet. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college legt eenmaal per jaar aan Onze minister verantwoording af
                            over de uitvoering van de wet zoals vastgelegd in artikel 77 van de WWB
                            en artikel 89 van de WIJ.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Terugvordering van bijstand</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college maakt gebruik van de bevoegdheid tot terugvordering van
                            bijstand op grond van de artikelen 58 en 59 van de WWB en de artikelen
                            54 en 55 van de WIJ, voorzover zich daar geen andere wettelijke regeling
                            tegen verzet. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college kan afzien van terugvordering indien daarvoor dringende
                            redenen aanwezig zijn.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Verhaal</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college maakt gebruik van de bevoegdheid tot verhaal van kosten van
                            bijstand op grond van de artikelen 56, 61 en 62 van de WWB en artikel 57
                            van de WIJ.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college kan afzien van verhaal indien daarvoor dringende redenen
                            aanwezig zijn.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Beleidsregels Terugvordering en Verhaal</titel></kop><al>Het college stelt nadere beleidsregels en uitvoeringsvoorschriften vast ter
                        bevordering van een heldere en eenduidige uitvoering.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Afstemming van de uitkering</titel></kop><al>Als de belanghebbende onjuiste, onvolledige of in het geheel geen
                        inlichtingen verstrekt die van belang zijn of kunnen zijn voor de hoogte, de
                        duur van of het recht op (voortzetting van) bijstand, verlaagt het college
                        de uitkering conform de Afstemmingsverordening Wet werk en bijstand en WIJ,
                        onverminderd de eventuele terugvordering van ten onrechte ontvangen
                        bijstand.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Aangifte Openbaar Ministerie</titel></kop><al>Leidt het niet nakomen van de informatieverplichting tot een
                        benadelingsbedrag dat hoger is dan de aangiftegrens, dan is het college
                        verplicht proces-verbaal op te maken en aangifte te doen bij het Openbaar
                        Ministerie.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Hardheidsclausule</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college kan in bijzondere gevallen afwijken van de bepalingen in
                            deze verordening, indien onverkorte toepassing zou leiden tot
                            onredelijkheid of onbillijkheid.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>In gevallen waarin deze verordening niet voorziet, beslist het
                            college.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening wordt aangehaald als: Handhavingsverordening WWB en
                        WIJ.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><al>Deze verordening treedt met ingang van 1 januari 2010 in werking. De
                        “Verordening tijdelijke regels Wet investeren in jongeren”, zoals deze is
                        vastgesteld door de raad op 1 oktober 2009, en de “Handhavingsverordening
                        WWB”, zoals deze is vastgesteld in de raad op 16 december 2004 worden
                        ingetrokken op de dag waarop deze verordening in werking treedt.</al></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Besloten in de openbare vergadering van de gemeenteraad d.d. 17 december 2009</ondertekening><ondertekening>griffier, drs. T.A.M. Leeraert</ondertekening><ondertekening>voorzitter, J.A.H. Lonink</ondertekening></regeling-sluiting><nota-toelichting><kop><label>Nota-toelichting</label></kop><al/><tussenkop>ARTIKELSGEWIJZE TOELICHTING</tussenkop><tussenkop>Artikel 1 Begripsomschrijving</tussenkop><al>Dit artikel bevat enkele begripsomschrijvingen.</al><al>Het is zeer waarschijnlijk dat enkele wetten, genoemd onder a, in de loop van de
                    tijd wijzigen, vervallen, of vervangen worden door andere wetten. De strekking
                    van deze verordening is dat deze geldt voor alle wetten die betrekking hebben op
                    de verstrekking van bijstandsuitkeringen. </al><tussenkop>Artikel 2 Beleid</tussenkop><al>Het doel is hoogwaardige handhaving. Er wordt naar gestreefd dat alleen diegenen
                    die daadwerkelijk recht op een uitkering hebben, een uitkering ontvangen die in
                    overeenstemming is met de wet.</al><al>In het Beleidsplan Hoogwaardige handhaving is opgenomen dat Terneuzen wil
                    bereiken dat de klanten weten wat hun rechten en plichten zijn en dat het
                    nakomen van deze plichten wordt gecontroleerd (<vet>informeren</vet>).</al><al>Door <vet>controle</vet> op maat wil zij fraude in een zo vroeg mogelijk stadium
                    detecteren en <vet>sanctioneren</vet>. Op de lange termijn verwacht Terneuzen
                    een afname van het gemiddelde schadebedrag. Een strenger beleid beïnvloedt de
                        <vet>dienstverlening en de wijze waarop de cliënt de dienstverlening
                        ervaart</vet>.</al><tussenkop>Artikel 3 Opdracht college</tussenkop><al>Sinds het verantwoordingsjaar 2006 verantwoorden gemeenten zich over de wet via
                    een nieuwe bijlage bij de gemeentelijke jaarrekening. Dit is het gevolg van de
                    invoering van het principe van single information en single audit (sisa). </al><tussenkop>Artikel 4 Terugvordering van bijstand</tussenkop><al>Dit artikel behoeft geen toelichting.</al><tussenkop>Artikel 5 Verhaal</tussenkop><al>Deze verordening is in beginsel gericht op het nakomen van verplichtingen van de
                    cliënt. Deze verordening heeft echter ook ten doel oneigenlijk gebruik terug te
                    dringen. De maatschappij mag van een cliënt verlangen, en zelfs eisen, dat deze
                    gebruik maakt van voorliggende voorzieningen en dus ook dat deze probeert met
                    een onderhoudsbijdrage naar burgerlijk recht in zijn of haar bestaan te
                    voorzien. Wanneer de cliënt hiermee in gebreke blijft, of wanneer dit niet lukt,
                    dan kan de gemeente in de plaats treden van de cliënt en de bijstand verhalen op
                    de onderhoudsplichtige.</al><tussenkop>Artikel 6 Beleidsregels Terugvordering en Verhaal</tussenkop><al>Dit artikel behoeft geen toelichting.</al><tussenkop>Artikel 7 Afstemming van de uitkering</tussenkop><al>Wanneer de cliënt onvolledige of onjuiste informatie geeft, kan de uitkering
                    (tijdelijk) verlaagd worden conform de Afstemmingsverordening WWB en WIJ.</al><al>De verlaging van de uitkering is bedoeld als sanctie. Dit staat los van het
                    terugvorderen van bijstand, dat bedoeld is om de situatie (weer) in
                    overeenstemming te brengen met het recht.</al><tussenkop>Artikel 8 Aangifte Openbaar Ministerie</tussenkop><al>In de aanwijzing Sociale Zekerheidsfraude die sinds 1 januari 2009 geldt is
                    opgenomen dat er door gemeenten aangifte moet worden gedaan bij het Openbaar
                    Ministerie als er sprake is van fraude en het benadelingsbedrag hoger is dan €
                    10.000,-. Er kan alleen tot strafvervolging worden overgegaan als de gemeente
                    ook daadwerkelijk besluit tot terugvordering. </al><tussenkop>Artikel 9 Hardheidsclausule </tussenkop><al>Indien de toepassing van deze verordening tot onbillijkheden leidt, kan het
                    college ten gunste van de belanghebbende afwijken van de bepalingen. Van deze
                    mogelijkheid dient zeer terughoudend gebruik gemaakt te worden, om het scheppen
                    van precedenten tegen te gaan.</al><tussenkop>Artikel 10 en 11 </tussenkop><al>Deze artikelen behoeven geen nadere toelichting.</al><al/></nota-toelichting></regeling></body></cvdr>