<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR292189_2</dcterms:identifier><dcterms:title>Subsidieverordening Volkshuisvestingsfonds Oirschot</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Oirschot</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-04-24</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Oirschot</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="http://www.oirschot.nl/index.php?simaction=content&amp;mediumid=20&amp;jaar=2013&amp;maand=1&amp;pagid=2843&amp;stukid=55479">Elektronisch gemeenteblad, officiële bekendmaking 16-01-2013</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Subsidieverordening Volkshuisvestingsfonds Oirschot</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="http://wetten.overheid.nl/BWBR0005416/TitelIII/HoofdstukIX/Artikel147">Artikel 147 lid 1 Gemeentewet</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="http://wetten.overheid.nl/BWBR0005537/Hoofdstuk4/Titel42/Afdeling421/Artikel423">Artikel 4:23 Algemene wet bestuursrecht</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>volkshuisvesting en woningbouw</dcterms:subject><dcterms:issued>2012-12-18</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2013-01-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:terugwerkendekrachtDatum>2013-01-01</overheidrg:terugwerkendekrachtDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2017-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe verordening</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>DES</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>subsidieverordening volkshuisvestingsfonds</overheidrg:onderwerp><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen.</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Deze regeling is vervangen door de <extref doc="1.1:CVDR434740_1">Subsidieverordening Volkshuisvestingsfonds gemeente Oirschot 2016</extref>.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Subsidieverordening Volkshuisvestingsfonds Oirschot</intitule><regeling><aanhef><preambule><al><vet>Subsidieverordening Volkshuisvestingsfonds Oirschot</vet></al></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsomschrijving</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al><al><vet>a.<vet> het college</vet></vet>: het college van burgemeester en
                            wethouders van de gemeente Oirschot; </al><al><vet>b. subsidie</vet>: financiële middelen door het college aan een
                            toegelaten instelling, dan wel een samenwerkingsverband van een
                            toegelaten instelling én een projectontwikkelaar/bouwer, verstrekt als
                            bijdrage in het exploitatietekort van nieuw te bouwen sociale
                            huurwoningen en sociale koopwoningen. De verstrekte financiële middelen
                            dienen als met de interne markt verenigbare niet-meldingsplichtige
                            compensatie voor diensten van algemeen economisch belang in de zin van
                            het Vrijstellingsbesluit DAEB;</al><al><vet>c. subsidieverlening</vet>: het verlenen van een subsidie door
                            burgemeester en wethouders voor de in deze verordening geregelde
                            activiteit; </al><al><vet>d. subsidievaststelling</vet>: de beschikking als bedoeld in
                            artikel 4:42 van de Awb; </al><al><vet>e. toegelaten instelling</vet>: op grond van artikel 70 Woningwet
                            en het Besluit beheer sociale-huursector toegelaten vereniging met
                            volledige rechtsbevoegdheid of stichting, die zich ten doel stellen
                            uitsluitend op het gebied van de volkshuisvesting werkzaam te zijn en
                            niet beogen uitkeringen te doen anders dan in het belang van de
                            volkshuisvesting; </al><al><vet>f. Awb</vet>: Algemene wet bestuursrecht; </al><al><vet>g. tijdelijke regeling DAEB volkshuisvesting</vet>: tijdelijke
                            regeling diensten van algemeen economisch belang toegelaten instellingen
                            volkshuisvesting of daarvoor in de plaats tredende regelgeving op grond
                            van artikel 2, eerste lid van het Besluit beheer sociale-huursector; </al><al><vet>h. vrijstellingsbesluit DAEB</vet>: besluit van de Commissie van 20
                            december 2011 (2012/21/EU) betreffende de toepassing van artikel 106,
                            lid 2, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie op
                            staatssteun in de vorm van compensatie voor de openbare dienst, verleend
                            aan bepaalde met het beheer van diensten van algemeen economisch belang
                            belaste ondernemingen;</al><al><vet>i. exploitatietekort</vet>: de voor vergoeding in aanmerking
                            komende marktconforme kosten van de bouw van sociale huurwoningen en
                            sociale koopwoningen die niet gedekt kunnen worden uit de opbrengsten
                            van deze woningen; </al><al><vet>j. volkshuisvestingsconvenant</vet>: de schriftelijk in een
                            convenant vastgelegde afspraken tussen een toegelaten instelling en de
                            gemeente Oirschot over het aantal in een kalenderjaar te bouwen sociale
                            huurwoningen en sociale koopwoningen; </al><al><vet>k. woonvisie</vet>: het door de gemeenteraad vastgestelde
                            woonbeleid met het daarin opgenomen het gemeentelijk
                            woningbouwprogramma; </al><al><vet>l. sociale huurwoning</vet>: huurwoning als bedoeld in artikel
                            1.1.1 lid 1 aanhef en onder d van het Besluit ruimtelijke ordening; </al><al><vet>m. sociale koopwoning</vet>: koopwoning als bedoeld in artikel
                            1.1.1 lid 1 aanhef en onder e van het Besluit ruimtelijke ordening.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Rechtspersoonlijkheid</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>Subsidie kan slechts worden verleend aan een toegelaten instelling met
                            wie de gemeente Oirschot een volkshuisvestingsconvenant heeft
                            gesloten.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Reikwijdte van de verordening</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>Deze verordening is uitsluitend van toepassing op door het college toe
                            te kennen subsidies ten behoeve van de bouw van sociale huurwoningen en
                            sociale koopwoningen op basis van de doelstelling uit de vastgestelde en
                            vigerende gemeentelijke woonvisie.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Uitvoering</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>Het college is belast met de uitvoering van deze verordening. Uitvoering
                            houdt mede in het nemen van besluiten op aanvragen, het intrekken en/of
                            wijzigen van subsidieverlenings- en/of vaststellingsbesluiten en het
                            overgaan tot terugvordering van verstrekte subsidies.</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>Het college kan ter uitvoering van deze verordening nadere voorschriften
                            en regels stellen.</al></lid><lid><lidnr>3</lidnr><al>Burgemeester en wethouders zijn bevoegd subsidierelaties te
                            beëindigen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Subsidiecriteria</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>Alleen sociale huurwoningen en sociale koopwoningen die nieuw gebouwd
                            worden komen voor subsidie in aanmerking.</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>Per sociale huurwoning of sociale koopwoning kan tussen 0,00 en 40.000
                            euro worden gesubsidieerd, dit ter beoordeling aan het college op basis
                            van de grootte van het exploitatietekort en het maatschappelijk belang
                            van het betreffende woningbouwproject. Burgemeester en wethouders kunnen
                            beleidsregels vaststellen voor de hiervoor genoemde beoordeling. Er
                            wordt in ieder geval niet meer gesubsidieerd dan op grond van artikel 5
                            Vrijstellingsbesluit DAEB toegestaan is.</al></lid><lid><lidnr>3</lidnr><al>De sociale huurwoning ten behoeve waarvan subsidie is verleend, dient
                            gedurende een periode van 10 jaar na oplevering als sociale huurwoning
                            in de zin van artikel 1 onder l van deze verordening beschikbaar gesteld
                            en gehouden te worden als sociale huurwoning door de
                            subsidieontvanger.</al></lid><lid><lidnr>4</lidnr><al>De sociale koopwoning ten behoeve waarvan subsidie is verleend, dient
                            gedurende een periode van 10 jaar na oplevering als sociale koopwoning
                            in de zin van artikel 1 onder m van deze verordening als sociale
                            koopwoning gebruikt te worden. De subsidieontvanger treft maatregelen
                            om: </al><al><vet>a.</vet> speculatie met de woning te voorkomen en</al><al><vet>b</vet>. te waarborgen dat de sociale koopwoning gedurende een
                            termijn van tien jaar als sociale koopwoning beschikbaar blijft voor de
                            doelgroep waarvoor deze woningen zijn gebouwd.</al><al>  </al></lid><lid><lidnr>5</lidnr><al>Bij de aanvraag om subsidieverlening maakt de subsidieaanvrager
                            inzichtelijk op welke wijze naleving van de in lid 3 en 4 opgelegde
                            verplichtingen zullen worden gewaarborgd. Indien naleving van de
                            verplichtingen naar het oordeel van burgemeester en wethouders
                            onvoldoende is gewaarborgd wordt de aangevraagde subsidie
                            geweigerd.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Gronden om subsidie te weigeren</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>De subsidieverstrekking kan naast de in artikel 4.25 en artikel 4.35 van
                            de Awb genoemde gevallen geweigerd worden indien: </al><al><vet>a. </vet>de door de gemeente Oirschot te subsidiëren investeringen
                            van de aanvrager niet worden gedaan op het grondgebied van de gemeente
                            Oirschot;</al><al><vet>b. </vet>het vermoeden bestaat dat de gelden niet of niet volledig
                            zullen worden besteed aan het dekken van de netto kosten in verband met
                            de bouw van sociale huurwoningen en/of sociale koopwoningen;</al><al><vet>c. </vet>de aanvrager investeringen pleegt die in strijd zijn met
                            de wet, het algemeen belang of de openbare orde;</al><al><vet>d. </vet>de subsidieverstrekking niet past binnen het beleid van de
                            gemeente Oirschot c.q. binnen de met de gemeente Oirschot afgesloten
                            project- dan wel grondverkoopovereenkomsten;</al><al><vet>e. </vet>er zich in het volkshuisvestingsfonds niet voldoende
                            financiële middelen bevinden om de subsidie te kunnen verstrekken;</al><al><vet>f. </vet>gelijksoortige activiteiten als die waarvoor subsidie
                            wordt aangevraagd reeds door de gemeente Oirschot worden gesubsidieerd
                            en aan uitbreiding van die gesubsidieerde activiteiten geen behoefte
                            bestaat;</al><al><vet>g. </vet>voor dezelfde activiteiten reeds subsidie is verleend door
                            provincie of rijk;</al><al><vet>h. </vet>voor dezelfde activiteiten subsidie is of kan worden
                            verleend op grond van de Algemene Subsidieverordening gemeente Oirschot
                            2010.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6a</nr><titel>Wet Bibob</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>Burgemeester en wethouders kunnen tevens de aangevraagde subsidie
                            weigeren en/of intrekken in het geval en onder de voorwaarden, bedoeld
                            in artikel 3 van de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het
                            openbaar bestuur.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Subsidiebudget en -plafond</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>Het totale bedrag aan uit te keren subsidiemiddelen kan niet meer zijn
                            dan de in het Volkshuisvestingsfonds totaal aanwezige middelen. Het
                            subsidieplafond bedraagt € 10.000.000,00.</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>De verdeling van de subsidies vindt plaats op basis van de volgorde van
                            binnenkomst van de aanvragen in de tijd, waarbij aanvragen met dezelfde
                            ontvangstdatum worden gerangschikt door loting voor zover op die datum
                            het subsidieplafond wordt overschreden.</al></lid><lid><lidnr>3</lidnr><al>Volgens de rangschikking, bedoeld in het tweede lid, komt de hoogst
                            gerangschikte aanvraag het eerst voor subsidie in aanmerking.</al></lid><lid><lidnr>4</lidnr><al>Ingeval een aanvraag onvolledig is, wordt de aanvraag voor de toepassing
                            van het tweede lid geacht te zijn ontvangen op de datum waarop de
                            ontbrekende gegevens en bescheiden zijn ontvangen.</al></lid><lid><lidnr>5</lidnr><al>Een aanvraag om subsidie wordt geweigerd voor zover door verstrekking
                            van de subsidie het subsidieplafond zou worden overschreden.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Subsidieaanvraag</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>Burgemeester en wethouders stellen een aanvraagformulier vast voor de
                            aanvraag tot subsidieverlening. Op het aanvraagformulier is vermeld
                            welke informatie moet worden verstrekt.</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>Een aanvraag voor subsidie dient minimaal 6 weken voorafgaande aan de
                            start van de bouw van de te subsidiëren woningen schriftelijk bij het
                            college ingediend te worden.</al></lid><lid><lidnr>3</lidnr><al>Subsidieaanvragen kunnen alleen schriftelijk worden ingediend bij het
                            college.</al></lid><lid><lidnr>4</lidnr><al>Bij de indiening van de in het eerste lid bedoelde aanvraag dient in
                            ieder geval overlegd te worden:</al><al><vet>a. </vet>een planbeschrijving met daarin de locatie, aantallen en
                            typologie, m2 bvo per type, kavel m2 grond per type, kavelprijs per
                            type, bouwlagen per type en zo mogelijk beeldkwaliteit;</al><al><vet>b. </vet>een raming stichtingskosten aansluitend op de
                            planbeschrijving;</al><al><vet>c. </vet>tijdsplanning project inclusief eventuele fasering;</al><al><vet>d. </vet>exploitatieopzet volgens WSW-rekenmethodiek;</al><al><vet>e. </vet>onderbouwing van de exploitatie, met daarin een duidelijk
                            boekhoudkundig onderscheid tussen de sociale- en marktconcurrerende
                            activiteiten;</al><al><vet>f. </vet>een duidelijke onderbouwing in hoeverre het
                            exploitatietekort veroorzaakt wordt door de criteria voor sociale
                            huurwoning en/of sociale koopwoning zoals omschreven in artikel 1, onder
                            l en m van deze verordening;</al><al><vet>g. </vet>een beschrijving hoe de investering binnen de vigerende
                            woonvisie en het afgesloten volkshuisvestingsconvenant past van de
                            gemeente Oirschot.</al></lid><lid><lidnr>5</lidnr><al>5. In een (deel)verordening of een door het college vast te stellen
                            beleidsregel kan van het bepaalde in lid 2 en lid 4, onder a, c en g
                            worden afgeweken.</al></lid><lid><lidnr>6</lidnr><al>Het college kan het overleggen van aanvullende gegevens eisen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Beschikking tot subsidieverlening</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>Het college beslist binnen zes weken nadat de aanvraag is ingediend op
                            de subsidieaanvraag. De beslistermijn kan worden verlengd. De artikelen
                            4:20a tot en met 4:20f van de Awb zijn niet van toepassing.</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>De beschikking tot subsidieverlening bevat in ieder geval:</al><al><vet>a. </vet>een omschrijving van de betrokken instellingen dan wel
                            onderneming(en) en locatie(s);</al><al><vet>b. </vet>de vermelding dat het om de bouw van sociale huurwoningen
                            en/of sociale koopwoningen gaat, de uitvoering van een dienst van
                            algemeen belang in de zin van artikel 2, lid 1, onder c
                            Vrijstellingsbesluit DAEB;</al><al><vet>c. </vet>de minimale periode waar binnen de gebouwde woningen
                            geëxploiteerd moeten worden in overeenstemming met artikel 1, onder n en
                            o van deze verordening en wat de consequentie is indien deze
                            verplichting niet wordt nageleefd;</al><al><vet>d. </vet>de termijn waarbinnen de bouw van de woningen gerealiseerd
                            moet zijn;</al><al><vet>e. </vet>een omschrijving van de investering waarvoor subsidie
                            verleend wordt;</al><al><vet>f. </vet>het bedrag van de subsidie;</al><al><vet>g. </vet>de parameters voor berekening, monitoring en herziening
                            van de compensatie zoals omschreven in artikel 1, onder i van deze
                            verordening;</al><al><vet>h. </vet>de termijn waarbinnen de woningen gerealiseerd moeten
                            zijn;</al><al><vet>i. </vet>de verplichting om overcompensatie in de zin van artikel 5
                            Vrijstellingsbesluit DAEB te voorkomen en terug te betalen.</al></lid><lid><lidnr>3</lidnr><al>Burgemeester en wethouders kunnen in de beschikking tot
                            subsidieverlening, ter aanvulling van de in lid 2 onder d genoemde
                            verplichting, tevens een termijn stellen waarbinnen de woningen op de
                            markt beschikbaar moeten worden gesteld.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Intrekking, wijziging en vaststelling subsidieverlening</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>Het college stelt de subsidie overeenkomstig de beschikking tot
                            subsidieverlening vast, tenzij:</al><al><vet>a. </vet>de activiteiten waarvoor subsidie is verleend niet of niet
                            geheel hebben plaatsgevonden;</al><al><vet>b. </vet>de subsidieontvanger niet heeft voldaan aan de aan de
                            subsidie verbonden verplichtingen;</al><al><vet>c. </vet>de subsidieontvanger onjuiste of onvolledige gegevens
                            heeft verstrekt en de verstrekking van juiste of volledige gegevens tot
                            een andere beschikking op de aanvraag tot subsidieverlening zou hebben
                            geleid, of</al><al><vet>d. </vet>de subsidieverlening anderszins onjuist was en de
                            subsidieontvanger dit wist of behoorde te weten.</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>Zolang de subsidie niet is vastgesteld kan het college de
                            subsidieverlening intrekken of ten nadele van de subsidieontvanger
                            wijzigen indien: </al><al><vet>a. </vet>de woningen waarvoor een gemeentelijke subsidie is
                            verleend niet of slechts gedeeltelijk zijn gerealiseerd binnen de
                            daarvoor door burgemeester en wethouders gestelde termijn;</al><al><vet>b. </vet>de subsidieontvanger niet voldoet aan de subsidieverlening
                            verbonden verplichtingen;</al><al><vet>c. </vet>de subsidieontvanger onjuiste of onvolledige gegevens
                            heeft verstrekt en de verstrekking van juiste en volledige gegevens tot
                            een andere beschikking op de aanvraag tot subsidieverlening zou hebben
                            geleid;</al><al><vet>d. </vet>de subsidieverlening anderszins onjuist was en de
                            subsidieontvanger dit wist of behoorde te weten.</al></lid><lid><lidnr>3</lidnr><al>De intrekking of wijziging werkt terug tot en met het tijdstip waarop de
                            subsidie is verleend, tenzij bij de intrekking of wijziging anders is
                            bepaald</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Aanvraag tot subsidievaststelling of nacalculatie</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>De aanvrager dient uiterlijk zes weken na ingebruikname van de woningen
                            waarvoor een gemeentelijke subsidie is verleend een aanvraag tot
                            vaststelling van de subsidie in bij burgemeester en wethouders.</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>Indien de aanvraag tot subsidievaststelling niet binnen de in lid 1
                            bedoelde termijn is ontvangen, stellen burgemeester en wethouders de
                            subsidie ambtshalve vast.</al></lid><lid><lidnr>3</lidnr><al>De aanvraag gaat vergezeld van:</al><al><vet>a. </vet>de definitieve projectbeschrijving (format conform
                            aanvraag) en verklaring grote afwijkingen ten opzichte van de
                            aanvraag;</al><al><vet>b. </vet>overzicht projectenadministratie naar hoofdgroep conform
                            stichtingskosten overzicht (stichtingskosten overzicht conform NEN
                            2631);</al><al><vet>c. </vet>definitieve exploitatie en berekening van het voor
                            subsidie in aanmerking komende exploitatietekort op grond van artikel 1,
                            onder i van deze verordening;</al><al><vet>d. </vet>een accountantsverklaring waaruit in ieder geval blijkt
                            dat met de aanvraag wordt voldaan aan de voorschriften uit artikel 4:45
                            van de Algemene wet bestuursrecht;</al><al><vet>f. </vet>verklaring ‘naar waarheid ingevuld’.</al></lid><lid><lidnr>4</lidnr><al>Het college kan het overleggen van andere dan de in lid 3 genoemde
                            stukken of diepgaander niveau eisen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Intrekking of wijziging subsidievaststelling</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>Het college kan de subsidievaststelling intrekken of ten nadele van de
                            subsidieontvanger wijzigen indien: </al><al><vet>a. </vet>op grond van feiten of omstandigheden waarvan zij bij de
                            subsidievaststelling redelijkerwijs niet op de hoogte konden zijn en op
                            grond waarvan de subsidie lager zou zijn vastgesteld;</al><al><vet>b. </vet>de subsidievaststelling onjuist was en de
                            subsidieontvanger dit wist of behoorde te weten;</al><al><vet>c. </vet>de subsidieontvanger na de subsidievaststelling niet heeft
                            voldaan aan de subsidie verbonden verplichtingen.</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>De intrekking of wijziging werkt terug tot en met het tijdstip waarop de
                            subsidie is verleend, tenzij bij de intrekking of wijziging anders is
                            bepaald.</al></lid><lid><lidnr>3</lidnr><al>De subsidievaststelling kan niet meer worden ingetrokken of ten nadele
                            van de instelling worden gewijzigd indien sedert de dag waarop zij aan
                            de instelling is bekend gemaakt vijf jaren zijn verstreken dan wel, in
                            het geval, bedoeld in het eerste lid onder c, sedert de dag waarop de
                            handeling in strijd met de verplichting is verricht of de dag waarop aan
                            de verplichting had moeten zijn voldaan.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Bevoorschotting en -betaling</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>De beschikking tot subsidievaststelling stelt het bedrag van de subsidie
                            vast en geeft aanspraak op betaling van het vastgestelde
                            subsidiebedrag.</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>Op verzoek van subsidieontvanger kan een voorschot worden verstrekt tot
                            ten hoogste 50% van het bedrag van de subsidieverlening. Dit verzoek
                            wordt tegelijk met de subsidieaanvraag ingediend.</al></lid><lid><lidnr>3</lidnr><al>De in lid 2 bedoelde bevoorschotting vindt in twee termijnen plaats. In
                            de beschikking tot subsidieverlening wordt de hoogte van het voorschot
                            bepaald.</al></lid><lid><lidnr>4</lidnr><al>De betaling van de eerste termijn vindt plaats binnen zes weken na de
                            melding, als bedoeld in artikel 4.5 lid 1 van de Bouwverordening, dat de
                            funderingspalen worden aangebracht.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Terugbetalingsverplichting</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>De subsidieontvanger is te allen tijde verplicht reeds ontvangen
                            subsidies terug te betalen wanneer blijkt dat deze in strijd met artikel
                            107 of 108 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie
                            zijn verleend of niet zijn gemeld.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr><titel>Beschikbaarheid gegevens</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>Het college en de subsidieontvanger houden ten minste tien jaar na
                            oplevering van de woningen alle gegevens beschikbaar die noodzakelijk
                            zijn om vast te stellen of de verleende subsidie met het
                            Vrijstellingsbesluit DAEB verenigbaar is.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16</nr><titel>Meldingsplicht</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>De subsidieontvanger doet onverwijld melding aan het college zodra
                            aannemelijk is dat de activiteiten, waarvoor subsidie is verleend, niet
                            of niet geheel zullen worden verricht of dat niet of slechts
                            gedeeltelijk aan de beschikking tot subsidieverlening verbonden
                            verplichtingen zal worden voldaan.</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>In ieder geval stelt de subsidieontvanger het college onverwijld op de
                            hoogte van een verzoek tot faillietverklaring van de subsidieontvanger
                            of het verlenen van surséance van betaling.</al></lid><lid><lidnr>3</lidnr><al>Indien de subsidie verleend wordt aan of ten behoeve van een
                            samenwerkingsverband als bedoeld in artikel 1 onder b van deze
                            subsidieverordening geldt de in de voorgaande leden beschreven
                            meldingsplicht voor alle participanten in het samenwerkingsverband.</al></lid><lid><lidnr>4</lidnr><al>De subsidieontvanger informeert het college verder zo spoedig mogelijk
                            over:</al><al>a.relevante wijzigingen in de financiële en organisatorische
                            verhoudingen met derden;</al><al> b.wijziging van de statuten voor zover het betreft de vorm van de
                            rechtspersoon, de persoon van de bestuurder(s) en/of het doel van de
                            rechtspersoon.</al></lid><lid><lidnr>5</lidnr><al>5. De subsidieontvanger behoeft de toestemming van het college voor
                            handelingen als vermeld in artikel 4:71 van de Awb.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17</nr><titel>Hardheidsclausule</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>Het college kan, met inachtneming van het Vrijstellingsbesluit DAEB, van
                            de bepalingen in deze verordening afwijken, indien toepassing ervan voor
                            één of meer belanghebbenden gevolgen zou hebben die wegens bijzondere
                            omstandigheden onevenredig zijn in verhouding tot de met de bepaling(en)
                            te dienen doelen, dan wel leiden tot onbillijkheden van zwaarwegende
                            aard.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>18</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>Deze verordening treedt in werking op 1 januari 2013.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>19</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>Deze verordening kan aangehaald worden als “Subsidieverordening
                            Volkshuisvestingsfonds Oirschot".</al><al> </al></lid></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Han Struijs,                                Ruud Severijns,</ondertekening><ondertekening> Griffier                                       Voorzitter</ondertekening><ondertekening>  </ondertekening><ondertekening/></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>