<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR28998_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening brandveiligheid en hulpverlening gemeente Terneuzen</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Terneuzen</dcterms:creator><dcterms:modified>2017-12-05</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Terneuzen</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Zeeuws Vlaams Advertentieblad,</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening brandveiligheid en hulpverlening gemeente Terneuzen</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet, art. 149</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Brandweerwet 1985, art. 1</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Wet milieubeheer, art. 8.11 en art. 8.40</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Woningwet, art. 8</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>openbare orde en veiligheid</dcterms:subject><dcterms:issued>2008-05-22</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2008-05-22</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2010-09-30</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Onbekend</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Onbekend</overheidrg:kenmerk><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening brandveiligheid en hulpverlening</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De raad van de gemeente Terneuzen</al><al>gelezen het voorstel van Burgemeester en Wethouders d.d. 22 mei 2008;</al><al>gelet op artikel 1, lid 2 van de Brandweerwet 1985;</al><al>gelet op artikel 149 van de Gemeentewet;</al><al>gelet op artikel 8.11, lid a en 8.40 van de Wet milieubeheer;</al><al>gelet op artikel 8, lid 2 van de Woningwet;</al><al>overwegende dat:</al><al>a. burgemeester en wethouders de zorg hebben voor:</al><al>- het voorkomen, beperken en bestrijden van brand, het beperken van </al><al> brandgevaar, het voorkomen en beperken van ongevallen bij brand en al
                        hetgeen daarmee verband houdt;</al><al>- het beperken en bestrijden van gevaar voor mansen en dieren bij ongevallen
                        anders dan brand;</al><al>b. de uitvoering van werkzaamheden als bedoeld in artikel 1 van de Wet
                        rampen en zware ongevallen tot de taak van de brandweer behoort;</al><al>c. burgmeester en wethouders andere werkzaamheden dan hiervoor bedoeld
                        kunnen aanwijzen die de brandweer verricht;</al><al>Besluit vast te stellen de navolgende verordening:</al><al>Verordening brandveiligheid en hulpverlening.</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsomschrijvingen</titel></kop><al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al><al>1.Gemeentelijke brandweer</al><al>Het gemeentelijk organisatie-onderdeel als bedoeld in artikel 1, eerste lid
                        van de Brandweerwet;</al><al>2.Veiligheidsregio Zeeland</al><al>Het rechtspersoonlijkheid bezittend lichaam als bedoeld in artikel 1 van de
                        gemeenschappelijke regeling veiligheidsregio Zeeland;</al><al>3.Veiligheidsketen</al><al>De taken en werkzaamheden van de brandweer die zijn gericht op de
                        brandweerzorg en rampenbestrijding, waarbij een onderscheid wordt gemaakt in
                        pro-actie, preventie, preparatie, repressie en nazorg;</al><al>4.Brandweerbeleidsplan</al><al>Het door de gemeenteraad vast te stellen beleidsplan waarin de organisatie
                        van de brandweer en het daarop van toepassing zijnde beleid en
                        doelstellingen zijn vastgelegd.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Gemeentelijke brandweer</titel></kop><al>Burgemeester en wethouders beschikken over een gemeentelijke brandweer.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Taken gemeentelijke brandweer</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De taken van de gemeentelijke brandweer bestaan, met uitzondering van de
                            taken en bevoegdheden zoals die in artikel 4 van de gemeenschappelijke
                            regeling Veiligheidsregio Zeeland zijn genoemd, uit de feitelijke
                            uitvoering van de taken van de veiligheidsketen in de eigen
                            gemeente;</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Andere dan de onder 1 genoemde werkzaamheden, voor zover deze niet te
                            maken hebben met het wegnemen van onmiddellijk gevaar voor mens en
                            dier.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Brandweerbeleidsplan</titel></kop><al>Burgemeester en wethouders leggen de gemeenteraad eens per 4 jaar een plan
                        voor, waarin wordt beschreven op welke wijze aan de in artikel 3 genoemde
                        taken invulling en uitvoering zal worden gegeven. Dit plan omvat in ieder
                        geval een beschrijving van de benodigde inzet van personele en financiële
                        middelen. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Personeel</titel></kop><al>Burgemeester en wethouders dragen er zorg voor dat de omvang en
                        samenstelling van het personeel van de gemeentelijke brandweer toereikend is
                        om de in artikel 3 genoemde taken goed te kunnen uitvoeren. Naast de
                        hiervoor benodigde reguliere repressieve capaciteit zijn er drie
                        specialistische teams inzetbaar: het duikteam, het “werken op hoogte” team
                        en het gaspakkenteam.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Oefenen en opleiden</titel></kop><al>Burgemeester en wethouders dragen zorg voor de opleiding en oefening van het
                        personeel van de gemeentelijke brandweer die voor de taakuitoefening
                        noodzakelijk zijn.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Instructie commandant</titel></kop><al>De brandweercommandant heeft de algemene leiding en het bevel over de
                        gemeentelijke brandweer, overeenkomstig de voor hem door het dagelijks
                        bestuur vastgestelde instructies. </al><al>De commandant heeft het bevel over de repressieve inzet van de brandweer.
                        Dit bevel wordt overgedragen aan de regionaal commandant van dienst als de
                        verantwoordelijkheid voor de repressieve inzet bij het niveau van regionaal
                        officier van dienst of hoger ligt.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Materieel en uitrusting</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders dragen er zorg voor dat het materieel van de
                            gemeentelijke brandweer zo veel mogelijk in overeenstemming wordt
                            gebracht en gehouden met de eisen die zijn vastgelegd in het regionaal
                            vastgestelde dekkingsplan;</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders bepalen de plaats en wijze waarop het
                            materieel en overige goederen van de gemeentelijke brandweer worden
                            ondergebracht.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Bluswatervoorziening</titel></kop><al>Burgemeester en wethouders dragen zorg voor een dusdanige
                        bluswatervoorziening en de bereikbaarheid daarvan, dat de brandbestrijding
                        te allen tijde zoveel mogelijk gewaarborgd is.Burgemeester en
                        wethouders stellen hiervoor richtlijnen vast in het toetskader
                        bluswatervoorziening Terneuzen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Citeertitel en inwerkingtreding</titel></kop><al>1.Deze verordening kan worden aangehaald als:</al><al>‘verordening brandveiligheid en hulpverlening gemeente Terneuzen’;</al><al>2.Deze verordening treedt in werking met ingang van 22 mei 2008 .</al></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Besloten in de openbare vergadering van de gemeenteraad d.d. 22 mei
                        2008.</ondertekening><ondertekening>griffier, voorzitter,</ondertekening><ondertekening>mr. A.W. de Feijter J.A.H. Lonink</ondertekening></regeling-sluiting><nota-toelichting><tussenkop>Toelichting op de verordening brandveiligheid en hulpverlening, gemeente
                    Terneuzen</tussenkop><tussenkop>Artikel 1 Begripsomschrijvingen</tussenkop><al>Behoeft geen toelichting.</al><tussenkop>Artikel 2 Gemeentelijke brandweer</tussenkop><al>In artikel 1 van de Brandweerwet is opgenomen dat in elke gemeente een
                    gemeentelijke brandweer is, behoudens indien ingevolge samenwerking met andere
                    gemeenten een regeling terzake tot stand is gekomen. </al><tussenkop>Artikel 3 Taken gemeentelijke brandweer</tussenkop><al>Lid 1: Op 1 juli 2006 is de gemeenschappelijke regeling veiligheidsregio Zeeland
                    in werking getreden. In artikel 4 en de bijbehorende toelichting op dit artikel,
                    wordt aangegeven welke taken en werkzaamheden regionaal worden gecoördineerd of
                    ingevuld.</al><al> Tot het moment van eventuele regionalisering van de brandweer in Zeeland blijft
                    de gemeentelijke brandweer onderdeel uitmaken van de gemeentelijke
                    organisatie.</al><al>Lid 2: Bij deze werkzaamheden kan bijvoorbeeld worden gedacht aan het reinigen
                    van wegen en terreinen na ongevallen of het geven van voorlichting en instructie
                    aan burgers en instellingen.</al><tussenkop>Artikel 4 Brandweerbeleidsplan</tussenkop><al>Dit artikel regelt de verantwoordelijkheid van de gemeenteraad met betrekking
                    tot het vervullen van de voorwaarden voor een goede taakvervulling door de
                    gemeentelijke brandweer. Het brandweerbeleidsplan wordt eens per 4 jaar
                    geactualiseerd en opnieuw vastgesteld.</al><tussenkop>Artikel 5 Personeel</tussenkop><al>Het brandweerkorps Terneuzen is samengesteld uit beroepskrachten en
                    vrijwilligers. Onder de beroepskrachten vallen de (plaatsvervangend) commandant
                    en medewerkers die functies vervullen op het gebied van administratie,
                    preventie, preparatie en opleiden en oefenen.. </al><al>De brandweer Terneuzen kent daarnaast een drietal specialistische teams: het
                    duikteam, het “werken op hoogte” team en het gaspakkenteam. </al><tussenkop>Het duikteam</tussenkop><al>Gezien de ligging van de gemeente Terneuzen en de grote risico op
                    waterongevallen is een speciaal opgeleid duikteam beschikbaar. Het duikteam kan
                    voor de volgende taken worden ingezet:</al><lijst><li nr="·"><al>het redden van te water geraakte personen;</al></li><li nr="·"><al>het redden van personen uit te water geraakte personen;</al></li><li nr="·"><al>het redden van dieren in nood, in en op het water;</al></li><li nr="·"><al>het opsporen en bergen van verdrinkingsslachtoffers;</al></li><li nr="·"><al>het opsporen van te water geraakte voertuigen en assistentie bij de
                            berging, indien deze een gevaar vormen voor de scheepvaart of een
                            onmiddellijke bedreiging vormen voor het milieu;</al></li><li nr="·"><al>het opsporen en bergen van voorwerpen ten behoeve van justitie.</al></li></lijst><al>Deze taakomschrijving is gebaseerd op de ‘leidraad bestrijding waterongevallen
                    door de brandweer’.</al><tussenkop>Het “werken op hoogte” team</tussenkop><al>Het team kent als primaire taak het uitvoeren van de reguliere brandweer taak op
                    plaatsen (hoogtes/ dieptes) waar dit niet mogelijk is binnen de basisbrandweer
                    taakuitvoering. Het “werken op hoogte team” kan voor de volgende zaken worden
                    ingezet:</al><lijst><li nr="·"><al>het redden van personen op moeilijk bereikbare plaatsen;</al></li><li nr="·"><al>het redden van dieren in nood op moeilijk bereikbare plaatsen;</al></li><li nr="·"><al>het assisteren van vergelijkbare activiteiten van de politie ten behoeve
                            van justitie;</al></li><li nr="·"><al>het beperken en bestrijden van gevaar voor mensen en dieren op moeilijk
                            bereikbare plaatsen</al></li></lijst><tussenkop>Het gaspakkenteam</tussenkop><al>Het gaspakkenteam kent als primaire taak bronbestrijding. Zij kunnen hiertoe de
                    volgende activiteiten in het brongebied verrichten:</al><lijst><li nr="·"><al>het dichten en/of stoppen van lekkages;</al></li><li nr="·"><al>het opvangen van weglekkende gevaarlijke stof;</al></li><li nr="·"><al>het afschermen, indammen of absorberen van de gevaarlijke stof;</al></li><li nr="·"><al>het creëren van een waterscherm vlakbij de bron als
                            effectbestrijding.</al></li></lijst><al>Indien de omstandigheden hier aanleiding toe geven kan het gaspakkenteam ook
                    worden ingezet voor andere taken dan bronbestrijding, waaronder het redden van
                    mensen.</al><al>Het gaspakkenteam verricht de genoemde taken voor bedrijven in het
                    verzorgingsgebied zoals bedoeld in artikel 13 van de Brandweerwet.</al><tussenkop>Artikel 6 Oefenen en opleiden</tussenkop><al>Burgemeester en wethouders dragen zorg voor de opleiding en oefening van het
                    brandweerpersoneel door onder meer het vaststellen van een meerjaren opleidings-
                    en oefenplan. </al><tussenkop>Artikel 7 Instructie commandant</tussenkop><al>Artikel 7 legt de eenhoofdige leiding en gezagsverhouding binnen de
                    gemeentelijke brandweer vast die voor een goed functioneren van de brandweer
                    onmisbaar zijn. </al><tussenkop>Artikel 8 Materieel en uitvoering</tussenkop><al>Burgemeester en wethouders dragen de verantwoording voor het minimaal benodigde
                    en het soort materieel van de brandweer. </al><al>In het eerste lid wordt de verantwoordelijkheid voor de materieelvoorziening
                    geregeld, gebaseerd op het dekkingsplan. Het tweede lid regelt de opslag van
                    materieel en middelen in de gemeente.</al><tussenkop>Artikel 9 Bluswatervoorziening</tussenkop><al>Het blussen van branden is een belangrijke taak van de brandweer. Het blusmiddel
                    water wordt naast andere blusmiddelen het meest gebruikt. De zorg voor de
                    brandveiligheid, zoals bedoeld in artikel 1 van de Brandweerwet, geeft aan dat
                    burgemeester en wethouders tevens verantwoordelijk zijn voor een adequate
                    bluswatervoorziening. Bluswater kan worden verkregen uit voertuigen,
                    drinkwaternet, een apart bluswaterleidingnet, open water, speciale blusvijvers,
                    blusvaartuigen, blushelikopters en geboorde putten. Hiernaast zijn nog
                    alternatieven mogelijk waarmee in de benodigde bluswaterbehoefte kan worden
                    voorzien.</al><al>Periodieke controle van bluswatervoorzieningen wordt in opdracht van de
                    brandweer verzorgd.</al><al>Aan elk van de "bluswaterbronnen" zijn nadelen verbonden:</al><lijst><li nr="·"><al>het drinkwater is een kostbaar goed en een goede kwaliteit drinkwater is
                            van levensbelang. Waterleidingbedrijven kunnen niet altijd gezond
                            drinkwater garanderen als de brandweer door het blussen van branden
                            verlaging van de druk in het leidingnet veroorzaakt. Het aanhouden van
                            een grotere doorsnede van een leiding om drukverlaging te voorkomen is
                            uit een oogpunt van volksgezondheid niet altijd gewenst, omdat het water
                            onder normale omstandigheden dan te weinig doorstroomt;</al></li><li nr="·"><al>open water en speciale blusvijvers hebben het nadeel dat deze regelmatig
                            onderhouden moeten worden en dichtgevroren kunnen zijn;</al></li><li nr="·"><al>geboorde putten vereisen een regelmatige controle en kunnen na verloop
                            van tijd in capaciteit teruglopen;</al></li><li nr="·"><al>een speciaal bluswaterleidingnet is kostbaar en komt alleen in beeld bij
                            industrieterreinen en dergelijke.</al></li></lijst><al>Waar het in de bluswatervoorziening primair om gaat is dat er aan drie
                    vastgestelde parameters wordt voldaan, te weten:</al><lijst><li nr="·"><al>tijd; tijd waarin de bluswatervoorziening kan worden opgebouwd</al></li><li nr="·"><al>capaciteit<vet>; </vet>capaciteit die de voorziening levert, afgestemd
                            op de vooraf vastgestelde behoefte die is gerelateerd aan de bestemming/
                            aard van de bebouwing;</al></li><li nr="·"><al>bereikbaarheid; bereikbaarheid van de bluswatervoorziening met de
                            daarvoor bij de brandweer in gebruik zijnde voertuigen en
                            pompsystemen.Voor de eerste inzet van de brandweer zijn de
                            tankautospuit, waarin standaard 1500 tot 3000 liter water voor
                            onmiddellijk gebruik is opgeslagen, en het drinkwaterleidingnet de meest
                            geëigende middelen om voor bluswater te zorgen. Vooral in het
                            buitengebied is het technisch niet overal mogelijk om van het
                            drinkwaterleidingnet gebruik te maken. In dergelijke gevallen biedt de
                            tankinhoud van het blusvoertuig of de inzet van alternatieve middelen de
                            mogelijkheid om toch een inzet te starten. Een aanvullende
                            watervoorziening om, aansluitend op een eventuele reddingsactie en
                            poging ter voorkoming van branduitbreiding, alsnog een blussing in te
                            zetten is in dergelijke situaties noodzakelijk.</al></li></lijst><al>In het buitengebied moet er rekening mee worden gehouden dat het om technische
                    of economische redenen niet altijd mogelijk zal zijn volledig aan de gestelde
                    parameters te voldoen. In deze gevallen moeten alternatieve mogelijkheden worden
                    toegepast die er toe leiden dat redding van mens en dier altijd mogelijk is.
                    Bovendien moet brandoverslag of ernstige (milieu)hinder naar derden
                    redelijkerwijs wordt voorkomen.</al><al>Dit betekent dat het in het buitengebied kan voorkomen dat er in eerste
                    instantie onvoldoende water aanwezig is om een brand te doven in een gebouw
                    waarin bij aankomst van de brandweer een zich ontwikkelende brand woedt. Gevolg
                    kan zijn dat het gebouw door het vuur verloren gaat.</al><al>De in opdracht van het ministerie van BZK opgestelde integrale leidraad
                    "Beheersbaarheid van brand 2007" geeft een methode voor het bepalen van de
                    grootte van een brandcompartiment en bevat rekenschema's voor blussen en koelen.
                    Dit zijn hulpmiddelen om (indicatief) te bepalen hoeveel één tankautospuit met
                    een bemensing van 6 personen kan blussen of koelen in een bepaalde
                    brandsituatie. Op sommige plaatsen in de ontwikkelde methode is dat bepalend
                    voor het al dan niet acceptabel zijn van een beoogd brandcompartiment.</al><al>Na vaststelling van deze verordening zal het ‘toetskader bluswatervoorziening
                    Terneuzen’ ter vaststelling aan burgemeester en wethouders worden voorgelegd.
                    Vanaf de datum van vaststelling is dit toetskader, waarin met behulp van
                    voorbeeldscenario’s wordt aangegeven hoeveel bluswater in bepaalde situaties
                    minimaal benodigd is voor de (eerste) inzet, van toepassing op ieder gegeven
                    bluswateradvies in de gemeente Terneuzen. In elk gegeven advies moet worden
                    voldaan aan de parameters zoals die gelden voor de betreffende bebouwing en de
                    daaraan gerelateerde bestemming.</al><tussenkop>Artikel 10 Citeertitel en inwerkingtreding</tussenkop><al>De verordening brandveiligheid en hulpverlening moet op grond van artikel 2 van
                    de Brandweerwet binnen een week na vaststelling aan gedeputeerde staten worden
                    gezonden.</al></nota-toelichting></regeling></body></cvdr>