<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR28931_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening tot heffing en invordering van leges 2008</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Tilburg</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-05-01</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Tilburg</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Gemeenteblad, 2008, 2</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Legesverordening 2008</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet, art. 156, 217, 219</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet, art. 229, lid 1</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>financiën en economie</dcterms:subject><dcterms:issued>2008-01-28</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2008-02-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2008-02-08</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>bijlage tarieventabel, hfdst. 13, art. 7</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>2008/010 en 011</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>1.Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening tot heffing en invordering van leges 2008</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De raad van de gemeente Tilburg;</al><al>gezien het voorstel van het college van burgemeester en wethouders;</al><al>gelet op de artikelen 156, 217, 219 en 229, eerste lid, aanhef en onderdeel
                        b, van de Gemeentewet;</al><al/><al>Besluit</al><al/><al>vast te stellen de "Verordening tot heffing en invordering van leges
                        2008"</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><paragraaf><kop><titel>Begripsomschrijving</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr></kop><al>Deze verordening verstaat onder:</al><lijst><li nr="a."><al>“dag”: de periode van 00.00 uur tot 24.00 uur, waarbij een
                                    gedeelte van een dag als een hele dag wordt aangemerkt;</al></li><li nr="b."><al>“week”: een aaneengesloten periode van zeven dagen;</al></li><li nr="c."><al>“maand”: het tijdvak dat loopt van de n<sup>e</sup> dag in een
                                    kalendermaand tot en met de (n-1)<sup>e</sup> dag in de volgende
                                    kalendermaand;</al></li><li nr="d."><al>“jaar”: het tijdvak dat loopt van de n<sup>e</sup> dag in een
                                    kalenderjaar tot en met de (n-1)<sup>e</sup> dag in het volgende
                                    kalenderjaar;</al></li><li nr="e."><al>“kalenderjaar”: de periode van 1 januari tot en met 31
                                    december.</al></li></lijst><al/><al/></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><titel>Belastbaar feit</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr></kop><al>Onder de naam "leges" worden rechten geheven voor het genot van door of
                            vanwege het gemeentebestuur verstrekte diensten, genoemd in deze
                            verordening en de daarbij behorende tarieventabel.</al><al/><al/></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><titel>Belastingplicht</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr></kop><al>Belastingplichtig is de aanvrager van de dienst dan wel degene ten
                            behoeve van wie de dienst is verleend.</al><al/><al/></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><titel>Vrijstellingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr></kop><lijst><li nr="1."><al>De leges genoemd in de in artikel 2 bedoelde tabel onder rubriek
                                    10.2 worden niet geheven in het geval de raadpleging
                                    geschiedt:</al><lijst><li nr="a."><al>ten behoeve van de rijks-, provinciale of
                                            gemeentedienst;</al></li><li nr="b."><al>overeenkomstig artikel 15 van de wet van 26 mei 1870,
                                            Staatsblad 82;</al></li><li nr="c."><al>ter uitvoering van de Jachtwet.</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>De leges genoemd in de in artikel 2 bedoelde tabel onder rubriek
                                    9 worden niet geheven:</al><lijst><li nr="a."><al>in de gevallen waarin de beheerder ingevolge zijn
                                            instructie tot kosteloos onderzoek verplicht is;</al></li><li nr="b."><al>voor het door het publiek persoonlijk raadplegen van
                                            archiefstukken in de Onderzoekerscentrum van het
                                            archief.</al></li></lijst></li><li nr="3."><al>De leges genoemd in de in artikel 2 bedoelde tabel onder rubriek
                                    2 worden niet geheven als de verstrekking plaatsvindt
                                    uitsluitend ter publicatie in de plaatselijke dagbladen.</al></li><li nr="4."><al>Van de in artikel 2 bedoelde leges zijn voorts vrijgesteld:</al><lijst><li nr="a."><al>stukken, welke ter voldoening aan wettelijke
                                            voorschriften kosteloos moeten worden verstrekt;</al></li><li nr="b."><al>beschikking op bezwaar- en verzoekschriften met
                                            betrekking tot gemeentelijke belastingen;</al></li><li nr="c."><al>inlichtingen, welke anders dan ten behoeve of in het
                                            belang van bepaalde personen, op verzoek worden
                                            verstrekt aan ambassades, gezantschappen en consulaten
                                            van vreemde mogendheden;</al></li><li nr="d."><al>stukken, vereist voor de militaire dienst, met
                                            uitzondering van die welke moeten dienen voor toelating
                                            tot enige inrichting van onderwijs waar men wordt
                                            opgeleid tot officier of voor de geneeskundige en
                                            farmaceutische dienst bij de land-, zee- of
                                            luchtmacht;</al></li><li nr="e."><al>attestaties de vita, strekkende tot betaling van
                                            pensioenen, wachtgelden, lijfrenten en andere periodieke
                                            uitkeringen ten laste van publiekrechtelijke
                                            lichamen;</al></li><li nr="f."><al>beschikking of afschriften daarvan, houdende beslissing
                                            op een aanvraag van subsidie uit de gemeentekas;</al></li><li nr="g."><al>gunstige beschikkingen, genomen krachtens een
                                            rechtspositieregeling voor het personeel der
                                            gemeente;</al></li><li nr="h."><al>de bevelschriften tot betaling.</al></li></lijst></li><li nr="5."><al>De leges genoemd in de in artikel 2 bedoelde tabel onder rubriek
                                    7.3 sub c, "Verklaring omtrent het gedrag", worden niet van een
                                    aanvrager geheven die de aanvraag doet met als doel tijdelijk
                                    een gastkind van de Stichting Europa Kinderhulp in hun gezin op
                                    te nemen voor het houden van een korte vakantie.</al></li></lijst><al/><al/></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><titel>Tarieven</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr></kop><lijst><li nr="1."><al>De leges worden geheven naar de tarieven, opgenomen in de bij
                                    deze verordening behorende tarieventabel.</al></li><li nr="2."><al>Voor de berekening van de leges wordt een gedeelte van een in de
                                    tarieventabel genoemde eenheid als een volle eenheid
                                    aangemerkt.</al></li></lijst><al/><al/></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><titel>Wijze van heffing</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr></kop><lijst><li nr="1."><al>De leges worden geheven bij wege van een mondelinge dan wel een
                                    gedagtekende schriftelijke kennisgeving, waaronder mede wordt
                                    begrepen een stempelafdruk, zegel, nota of andere
                                    schriftuur.</al></li><li nr="2."><al>De leges als bedoeld in artikel 8.2.2, 8.2.3 en 8.2.5 van de bij
                                    deze verordening gevoegde tarieventabel worden, indien de
                                    voorlopig vastgestelde bouwkosten</al><al> € 1.000.000,00 of meer bedragen, opgelegd bij wege van
                                    aanslag.</al></li></lijst><al/><al/></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><titel>Tijdstip van betaling</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr></kop><lijst><li nr="1."><al>De leges moeten worden betaald in geval de kennisgeving als
                                    bedoeld in artikel 6, eerste lid:</al><lijst><li nr="a."><al>mondeling wordt gedaan, op het moment van het doen van
                                            de kennisgeving;</al></li><li nr="b."><al>in geval de kennisgeving schriftelijk wordt gedaan, op
                                            het moment van uitreiken van de kennisgeving.</al></li><li nr="c."><al>in geval de kennisgeving wordt toegezonden, binnen 8
                                            dagen na de dagtekening van de kennisgeving.</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>De in artikel 6, tweede lid, bedoelde aanslagen moeten worden
                                    betaald binnen één maand na de dagtekening van het
                                    aanslagbiljet.</al></li></lijst><al/><al/></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><titel>Kwijtschelding</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr></kop><al>Bij de invordering van de leges wordt geen kwijtschelding verleend.</al><al/><al/></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><titel>Teruggaaf</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr></kop><al>Gehele of gedeeltelijke teruggaaf van leges voor een in de tarieventabel
                            omschreven dienst wordt verleend op een aanvraag als bedoeld in artikel
                            242 van de Gemeentewet en overeenkomstig een met betrekking tot die
                            dienst in deze verordening en de daarbij behorende tarieventabel
                            opgenomen bepaling.</al><al/><al/></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><titel>Abonnementen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr></kop><lijst><li nr="1."><al>De in deze verordening bedoelde abonnementen worden per
                                    schriftelijke aanvraag verleend.</al></li><li nr="2."><al>De bij abonnement verkregen inlichtingen mogen niet worden
                                    gepubliceerd of anderszins bekend gemaakt, noch aan derden
                                    worden verstrekt of medegedeeld, noch ten behoeve van derden
                                    worden verwerkt.</al></li><li nr="3."><al>Het publicatieverbod geldt niet ten aanzien van abonnementen
                                    verleend voor dag-, week- en buurtbladen voor zover betreft de
                                    publicatie in de eigen bladen.</al></li><li nr="4."><al>Abonnementen worden geacht te zijn ingegaan op de dag, waarop
                                    het verschuldigde bedrag is voldaan, tenzij een andere datum is
                                    overeengekomen.</al></li><li nr="5."><al>Het voorafgaande geldt mede ten aanzien van inlichtingen,
                                    verstrekt door middel van de computer.</al></li></lijst><al/><al/></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><titel>Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr></kop><lijst><li nr="1."><al>Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels
                                    geven met betrekking tot de heffing en de invordering van de
                                    leges.</al></li><li nr="2."><al>Het college van burgemeester en wethouders heeft de bevoegdheid
                                    tot het vaststellen van de legesverordening met betrekking tot
                                    de van rijkswege in de loop van het belastingjaar gewijzigde
                                    tarieven.</al></li></lijst><al/><al/></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr></kop><lijst><li nr="1."><al>Deze verordening treedt in werking met ingang van de achtste dag
                                    na die van de bekendmaking.</al></li><li nr="2."><al>De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2008.</al></li><li nr="3."><al>De "Legesverordening 2007" van 7 november 2006, wordt
                                    ingetrokken met ingang van de in het tweede lid genoemde datum
                                    van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van
                                    toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die
                                    datum hebben voorgedaan.</al></li><li nr="4."><al>Deze verordening kan worden aangehaald als "Legesverordening
                                    2008".</al></li></lijst><al/></artikel></paragraaf></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van 6 november 2007</ondertekening><ondertekening/></regeling-sluiting><bijlage><kop><titel>Bijlage</titel></kop><tussenkop>Tarieventabel behorende bij de “Legesverordening 2008”. </tussenkop><tussenkop>Inhoudsopgave</tussenkop><al>Hoofdstuk 1 Algemeen</al><al>Hoofdstuk 2 Bestuursstukken</al><al>Hoofdstuk 3 Burgerlijke stand</al><al>Hoofdstuk 4 Verstrekkingen uit de Gemeentelijke basisadministratie
                    persoonsgegevens</al><al>Hoofdstuk 5 Reisdocumenten </al><al>Hoofdstuk 6 Rijbewijzen </al><al>Hoofdstuk 7 Overige burgerzaken</al><al>Hoofdstuk 8 Bouwvergunningen</al><al>Hoofdstuk 9 Regionaal Archief Tilburg</al><al>Hoofdstuk 10 Vastgoedinformatie</al><al>Hoofdstuk 11 Wet op de kansspelen</al><al>Hoofdstuk 12 Drank- en Horecawet</al><al>Hoofdstuk 13 Algemene Plaatselijke Verordening</al><al>Hoofdstuk 15 Verkeer en vervoer</al><al>Hoofdstuk 16 Vervallen</al><al>Hoofdstuk 17 Diversen</al><tussenkop>De in artikel 2 van de Legesverordening 2008 bedoelde tarieven
                    bedragen:</tussenkop><tussenkop>Hoofdstuk 1 Algemeen</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>1<cursief> Vergunningen, beschikkingen en dergelijke</cursief></al><al> Voor een gunstige beschikking op aanvragen van een </al><al> vergunning of een ontheffing, dan wel voor elk ander </al><al> stuk in het persoonlijk belang van de aanvrager </al><al> opgemaakt, voor zover daarvoor in deze verordening </al><al> geen bijzondere regeling is opgenomen of voor zover </al><al> daarvoor geen wettelijke regeling of vrijstelling bestaat, </al><al> per bladzijde € 2,94</al><al> met een minimum van € 9,20</al></li><li nr="1."><al>2<cursief> Fotokopieën</cursief></al></li></lijst><al>Voor het verstrekken van een fotokopie van een getypt, </al><al>gedrukt of geschreven stuk, van maximaal het formaat A4, </al><al>anders dan bedoeld in rubriek 10.2, per bladzijde </al><al> * A4 enkelzijdig € 0,06</al><al> * A4 dubbelzijdig € 0,12</al><al> * A3 enkelzijdig € 0,12</al><al> * A3 dubbelzijdig € 0,18</al><al> * A2 formaat € 4,28</al><al> * A1 formaat € 5,47</al><al> * A0 formaat € 5,99</al><tussenkop>Hoofdstuk 2 Bestuursstukken</tussenkop><lijst><li nr="2."><al>Raadsstukken</al><lijst><li nr="a."><al>Voor een abonnement op de stukken van de</al><al> gemeenteraad (exclusief de begrotingsstukken) per jaar €
                                    25,83</al></li><li nr="b."><al>Voor een abonnement op agenda's en verslagen der</al><al> vaste raadscommissies van advies en bijstand per jaar €
                                    32,34</al></li><li nr="c."><al>Voor losse exemplaren van de onder letter a</al><al> bedoelde stukken: per bladzijde € 0,05</al><al> met een minimum van € 0,13</al></li></lijst></li></lijst><tussenkop>Hoofdstuk 3 Burgerlijke stand </tussenkop><al>3.1 <cursief>Nasporingen en inlichtingen burgerlijke stand</cursief></al><al>3. Voor het doen van een opzoeking of nasporing in de </al><al>3. registers van de burgerlijke stand, lopende over het </al><al>3. tijdperk na de invoering van de burgerlijke stand en </al><al>3. berustend in het archief van de burgerlijke stand, </al><al>3. zonder dat van het resultaat een authentiek uittreksel </al><al>3. uit de registers of een bewijs van inschrijving wordt </al><al>3. verlangd ongeacht of de bemoeiingen al dan niet tot </al><al>3. het gewenste doel leiden, per eenheid van 15 minuten </al><al>3. (afgerond naar boven) € 30,00</al><al> 3.2 <cursief>Huwelijksvoltrekking/Partnerschapsregistratie </cursief></al><al> Voor het in behandeling nemen van een huwelijksaanvraag </al><al> of partnerschapsregistratie, waarbij het huwelijk of </al><al> partnerschapsregistratie wordt gesloten op werkdagen </al><al> tussen 8.45 en 18.00 uur.</al><lijst><li nr="a."><al>in de Oranjezaal € 374,50</al></li><li nr="b."><al>in de Willem II-zaal € 317,35</al></li><li nr="c."><al>in de Anna Paulowna-zaal € 289,45</al></li><li nr="d."><al>Vervallen</al></li><li nr="e."><al>in de trouwzaal Udenhout, raadszaal € 389,85</al></li><li nr="f."><al>in de trouwzaal Udenhout, B&amp;W-kamer € 286,90</al></li><li nr="g."><al>in één van de aangewezen externe huwelijkslocaties € 317,35</al><al> Indien de huwelijksvoltrekking of partnerschaps-</al><al> registratie plaatsvindt op werkdagen voor 8.45 uur </al><al> ofwel ná 18.00 uur, dan wel op een zaterdag tussen </al><lijst><li nr="8."><al>45en 18.00 uur, is voor het onder a t/m f bepaalde</al><al> recht een opslag verschuldigd van: € 54,15</al><al> Voor het voltrekken van een huwelijk of </al><al> partnerschapsregistratie buiten het gemeentehuis, in </al><al> het geval bedoeld in artikel 64 van het Burgerlijk </al><al> Wetboek, indien niet is gebleken van het onvermogen </al><al> van partijen: € 197,75</al></li><li nr="3."><al>3 <cursief>Trouwboekje </cursief></al><al> Voor een trouwboekje uitgevoerd in leer met opdruk € 16,40</al><al> Voor een trouwboekje uitgevoerd in linnen met opdruk €
                                    15,50</al><al> Voor een trouwboekje uitgevoerd in kunststof met opdruk €
                                    6,05</al></li><li nr="3."><al>4 <cursief>Afschrift van/uittreksel uit akte van de Burgerlijke
                                        stand.</cursief></al><al> Voor het verstrekken van een afschrift van of een </al><al> uittreksel uit een akte uit de registers van de </al><al> burgerlijke stand € 10,80</al></li><li nr="3."><al>5 <cursief>Verklaring van huwelijksbevoegdheid</cursief></al><al> Nederlanders die in het buitenland een huwelijk willen </al><al> aangaan, moeten in een aantal gevallen een verklaring </al><al> van huwelijksbevoegdheid overleggen. Dit is een </al><al> verklaring, waaruit blijkt dat er naar Nederlands recht </al><al> geen beletselen bestaan tegen het voorgenomen </al><al> huwelijk. Deze verklaring wordt afgegeven door de </al><al> ambtenaar van de burgerlijke stand van de (laatste) </al><al> woonplaats in Nederland. € 19,60</al></li></lijst></li></lijst><tussenkop>Hoofdstuk 4 Verstrekkingen uit de Gemeentelijke BasisAdministratie
                    persoonsgegevens</tussenkop><lijst><li nr="4."><al>1 <cursief>Nasporingen bevolkingsregister</cursief></al><al> Voor het verstrekken van inlichtingen, betreffende niet</al><al> met namen en adressen aangeduide personen, </al><al> ten behoeve waarvan één of meer kaartenverzamelingen </al><al> of registers, behorende tot de bevolkingsadministratie, </al><al> niet berustende in de archiefbewaarplaatsen, bedoeld </al><al> in de Archiefwet 1995, geheel of gedeeltelijk moet </al><al> worden doorlopen, dat voor het verzamelen der gegevens, </al><al> de verstrekking ervan daaronder begrepen, nodig is, per </al><al> eenheid van 15 minuten (afgerond naar boven) € 30,00</al></li><li nr="4."><al>2 <cursief>Voor het verstrekken van een inlichting aan een derde
                            </cursief></al><al><cursief> als genoemd in het Privacyreglement voor de </cursief></al><al><cursief> Gemeentelijke Basisregistratie personen </cursief></al><al><cursief> (B&amp;W-besluit 2 juli 2002, A18):</cursief>€ 7,95</al></li><li nr="4."><al>3<cursief> Inzagerecht en protocollering GBA</cursief></al><al> Voor het in behandeling nemen van een aanvraag </al><al> tot het verkrijgen van een bericht als bedoeld in de </al><al> artikelen 79 en 103 van de wet GBA € 4,50</al></li><li nr="4."><al>4 <cursief>Documentatie omtrent bevolking </cursief></al><al> Voor het ad hoc verstrekken uit de Gemeentelijke </al><al> Basisregistratie personen van andere inlichtingen </al><al> dan bedoeld onder 4.2, per eenheid van 15 minuten </al><al> (afgerond naar boven) € 30,00</al></li><li nr="4."><al>5 <cursief>Transportkosten</cursief></al><al> Vervallen</al></li></lijst><tussenkop> Hoofdstuk 5 Reisdocumenten</tussenkop><lijst><li nr="5."><al>1<cursief> Nationale paspoorten en Nederlandse
                                Identiteitskaarten</cursief></al><al> Voor het in behandeling nemen van een aanvraag:</al><lijst><li nr="a."><al>tot het afgeven van een nationaal paspoort € 48,35</al></li><li nr="b."><al>tot het afgeven van een faciliteitenpaspoort € 48,35</al></li><li nr="c."><al>tot het afgeven van een nationaal paspoort, een</al><al> groter aantal bladzijden bevattend dan een paspoort </al><al> als bedoeld onder a € 54,00</al></li><li nr="d."><al>tot het afgeven van een Nederlandse identiteitskaart €
                                    40,70</al></li><li nr="e."><al>tot het afgeven van een reisdocument voor vreemdelingen €
                                    48,35</al></li><li nr="f."><al>tot het afgeven van een reisdocument voor </al><al> vluchtelingen € 48,35</al></li><li nr="g."><al>tot het bijschrijven van een kind in een </al><al> reisdocument als bedoeld in dit artikel sub a, </al><al> sub b, sub c, sub e en sub f direct bij de </al><al> aanvraag van dit nieuwe reisdocument € 8,50</al></li><li nr="h."><al>tot het bijschrijven van een kind middels een </al><al> bijschrijvingsticker in een reeds uitgegeven </al><al> reisdocument als bedoeld in dit artikel sub a, </al><al> sub b, sub c, sub e en sub f. € 19,50</al></li><li nr="i."><al>worden de tarieven als genoemd in dit artikel sub a, </al><al> sub b, sub, c, sub d, sub e en sub f bij een</al><al> spoedlevering vermeerderd met een bedrag van € 41,00</al></li><li nr="j."><al>wordt het tarief als genoemd in dit artikel sub i bij </al><al> een gecombineerde spoedlevering van een nieuw </al><al> reisdocument als bedoeld in dit artikel sub a, sub b, </al><al> sub c, sub e en sub f en het bijschrijven van één of </al><al> meer kinderen als bedoeld in dit artikel sub g slechts </al><al> één keer per reisdocument berekend.</al></li><li nr="k."><al>wordt het tarief als genoemd in dit artikel sub h</al><al> bij een spoedlevering vermeerderd met een </al><al> bedrag per bijschrijvingsticker van € 19,50</al></li><li nr="l."><al>tot het afgeven van een nationaal paspoort, indien</al><al> aan de aanvrager reeds eerder een nationaal paspoort </al><al> werd verstrekt, welk document bij de aanvraag niet </al><al> compleet kan worden overlegd en de aanvrager zich </al><al> niet met een geldig legitimatiebewijs kan legitimeren, </al><al> wordt de terzake verschuldigde leges verhoogd met € 24,00</al></li></lijst></li></lijst><tussenkop>Hoofdstuk 6 Rijbewijzen</tussenkop><lijst><li nr="6."><al>1<cursief> Wegenverkeersregeling</cursief></al><lijst><li nr="a."><al>Voor het in behandeling nemen van een aanvraag</al><al> tot eerste afgifte, vervanging of vernieuwing van </al><al> een rijbewijs € 44,95</al></li><li nr="b."><al>Voor het in behandeling nemen van en het</al><al> bemiddelen in een aanvraag voor de omwisseling </al><al> van een buitenlands rijbewijs, af te geven door de </al><al> Rijksdienst voor het Wegverkeer: € 68,95</al><al> De kosten voor het rijbewijs zijn overigens inbegrepen </al><al> en worden met voornoemde instantie verrekend. </al></li><li nr="c."><al>Voor het afgeven of vernieuwen van een rijbewijs, </al><al> waarbij de aanvrager reeds eerder een rijbewijs </al><al> werd verstrekt, welk document bij de aanvraag </al><al> niet compleet kan worden overgelegd en de </al><al> aanvrager zich niet met een geldig legitimatiebewijs </al><al> kan legitimeren, wordt de ter zake verschuldigde </al><al> leges verhoogd met € 24,00</al></li><li nr="d."><al>De tarieven als genoemd onder sub a en b worden bij</al><al> een spoedlevering vermeerderd met een bedrag van € 40,00</al></li><li nr="e."><al>Voor het in behandeling nemen van een aanvraag</al><al> tot het verkrijgen van gegevens uit het Centraal </al><al> Register Rijbewijzen of elke andere vergunning </al><al> of ontheffing verleend op grond van de </al><al> Wegenverkeerswet, het Wegenverkeersreglement </al><al> of een daarop steunende regeling € 7,95</al></li><li nr="f."><al>Voor elke andere vergunning of ontheffing verleend</al><al> op grond van de Wegenverkeerswet, het</al><al> Wegenverkeersreglement of een daarop steunende regeling,
                                    uitgezonderd het gestelde in artikel 15.2, </al><al> dan wel voor een wijziging van een dergelijke </al><al> vergunning of ontheffing € 7,80</al><al>6.2<cursief>Eigen verklaring</cursief></al><al>6.2 Voor het in behandeling nemen van een eigen verklaring/</al></li></lijst></li></lijst><al>het verstrekken van een eigen verklaring ter verkrijging </al><al>van een geneeskundige verklaring bij het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen
                    voor de eerste afgifte, </al><al>dan wel vernieuwing of omwisseling van een rijbewijs € 19,00</al><tussenkop>Hoofdstuk 7 Overige Burgerzaken</tussenkop><lijst><li nr="7."><al>1 <cursief>Naturalisatie</cursief></al><al> Voor het in behandeling nemen van een verzoek tot</al><al> verkrijging van de Nederlandse nationaliteit</al><lijst><li nr="-"><al>enkelvoudig verzoek laag tarief € 238,00</al></li><li nr="-"><al>meervoudig verzoek laag tarief € 335,00</al></li><li nr="-"><al>enkelvoudig verzoek hoog tarief € 358,00</al></li><li nr="-"><al>meervoudig verzoek hoog tarief € 454,00</al></li><li nr="-"><al>enkelvoudig optieverzoek € 136,00</al></li><li nr="-"><al>gemeenschappelijk optieverzoek € 232,00</al></li></lijst></li><li nr="7."><al>2 <cursief>Legalisatie</cursief></al><al> Voor de legalisatie van een handtekening/diploma € 7,95</al></li></lijst><al> 7.3 <cursief>Verklaringen in het bijzonder belang van de
                    aanvragers</cursief></al><lijst><li nr="a."><al>Voor een akte van eedsaflegging € 7,95</al></li><li nr="b."><al>Voor een attestatie de vita € 7,95</al></li><li nr="c."><al>Voor een verklaring omtrent het gedrag € 30,05</al></li><li nr="d."><al>Voor verklaringen van woonplaats inzake naturalisatie € 7,95</al></li><li nr="e."><al>Voor een verklaring van Nederlanderschap € 7,95</al></li><li nr="f."><al>Voor verklaringen, certificaten en dergelijke -</al><al> zonder onderscheid - die in het bijzonder belang </al><al> van de personen, die de stukken vragen, worden </al><al> afgegeven, en voor zover niet uitdrukkelijk elders </al><al> in deze verordening een hoger of lager recht is </al><al> genoemd, per stuk € 7,95</al><lijst><li nr="7."><al>4 <cursief>Wet Bescherming Persoonsgegevens.</cursief></al><al> Voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot </al><al> het verkrijgen van een bericht als bedoeld in de artikelen </al><al> 35 en 39 van de Wet Bescherming Persoonsgegevens € 4,50</al></li><li nr="7."><al>5 <cursief>Lijkbezorging</cursief></al><al> Voor een verlof tot het doen opgraven en het doen </al><al> overplaatsen van een lijk € 18,00</al></li><li nr="7."><al>6 <cursief>Verblijfsvergunningen</cursief></al></li></lijst></li></lijst><al>Voor het in behandeling nemen van een verzoek tot </al><al>vergunning van verblijf in Nederland:</al><tussenkop>a. Met machtiging tot voorlopig verblijf (MVV) voor</tussenkop><tussenkop>hetzelfde doel als waarvoor een vergunning wordt </tussenkop><tussenkop>aangevraagd</tussenkop><lijst><li nr="-"><al>verblijf bij familie- of gezinslid € 188,00</al></li><li nr="-"><al>gezinsleden van niet geprivilegieerd NAVO-</al></li></lijst><al>personeel € 0,00</al><lijst><li nr="-"><al>om arbeid te verrichten € 188,00</al></li><li nr="-"><al>niet geprivilegieerd NAVO-personeel, alsmede</al></li></lijst><al>arbeid in loondienst of zelfstandige als tijdelijk beschermde € 0,00</al><lijst><li nr="-"><al>studie, kennismigrant, uitwisseling, au pair € 188,00</al></li><li nr="-"><al>uitwisseling WHS/WHP/YWEP € 30,00</al></li><li nr="-"><al>medische gronden en wedertoelating € 188,00</al></li><li nr="-"><al>wedertoelating o.g.v. art.8 Remigratiewet € 30,00</al></li><li nr="-"><al>bijzonder individueel geval € 188,00</al></li><li nr="-"><al>bijzonder individueel geval met verklaring van</al></li></lijst><al>minister € 0,00</al><tussenkop> b. Verblijfsvergunning regulier bepaalde tijd zonder MVV</tussenkop><tussenkop> of een aanvraag wijziging verblijfsvergunning, alsmede</tussenkop><tussenkop> aanvraag vergunning met MVV maar voor ander verblijfsdoel</tussenkop><tussenkop> dan waarvoor de MVV is afgegeven</tussenkop><al>-verblijf bij familie- of gezinslid, alsmede</al><al>familiebezoek € 830,00</al><lijst><li nr="-"><al>(afwachten onderzoek) adoptie € 331,00</al></li><li nr="-"><al>gezinslid, alsmede in Nederland geboren kind € 188,00</al></li><li nr="-"><al>gezinsleden van niet geprivilegieerd NAVO-</al></li></lijst><al>personeel € 0,00</al><lijst><li nr="-"><al>om arbeid te verrichten € 433,00</al></li><li nr="-"><al>niet geprivilegieerd NAVO-personeel, alsmede</al></li></lijst><al>arbeid in loondienst of zelfstandige als </al><al>tijdelijk beschermde € 0,00</al><al>- studie, uitwisseling en au pair € 433,00</al><al>uitwisseling WHS/WHP/YWEP € 30,00</al><al>-kennismigrant, medische grond, wedertoelating</al><al>voortgezet verblijf, buiten schuld niet kunnen</al><al>vertrekken of bijzonder individueel geval € 331,00</al><lijst><li nr="-"><al>wedertoelating o.g.v. art. 8 Remigratiewet € 30,00</al></li><li nr="-"><al>buiten schuld met verklaring Minister, (kinderen</al></li></lijst><al>van) slachtoffer mensenhandel, alsmede bijzonder</al><lijst><li nr="-"><al>individueel geval met verklaring Minister € 0,00</al></li><li nr="-"><al>EU € 30,00</al></li></lijst><tussenkop>c. Verblijfsvergunning onbepaalde tijd</tussenkop><lijst><li nr="-"><al>verblijfsvergunning onbepaalde tijd € 201,00</al></li><li nr="-"><al>verblijfsvergunning onbepaalde tijd o.g.v. artikel 8</al><al> Remigratiewet € 30,00</al></li></lijst><tussenkop>Hoofdstuk 8 Bouwvergunningen</tussenkop><al>8.1 <cursief>Bouwkosten</cursief></al><al>Onder bouwkosten wordt in deze rubriek verstaan de aannemingssom (exclusief
                    omzetbelasting) als bedoeld in paragraaf 1, eerste lid van de Uniforme
                    administratieve voorwaarden voor uitvoering van werken 1989 (UAV 1989), voor het
                    uit te voeren werk, of, voor zover deze ontbreekt, een raming van de bouwkosten
                    (exclusief omzetbelasting) als bedoeld in het normblad NEN 2631, uitgave 1979,
                    of zoals dit normblad laatstelijk is vervangen of gewijzigd.</al><al>8.2 <cursief>Bouwvergunningen</cursief></al><al>8. Het tarief bedraagt terzake van het in behandeling nemen van:</al><al>een aanvraag tot het verkrijgen van een lichte bouwvergunning als bedoeld in
                    artikel 1, eerste lid, onderdeel q, van de Woningwet, indien de bouwkosten:</al><lijst><li nr="a."><al>minder bedragen dan € 50.000,00: 1,53% over elk heel bedrag van € 50,00
                            met een minimum van € 100,00;</al></li><li nr="b."><al>€ 50.000,00 bedragen of meer:</al></li></lijst><al>€ 750,00 vermeerderd met 1,73% over elk heel bedrag van € 500,00 boven €
                    50.000,00.</al><al>een aanvraag tot het verkrijgen van een reguliere bouwvergunning als bedoeld in
                    artikel 1, eerste lid, onderdeel p, van de Woningwet, indien de bouwkosten:</al><lijst><li nr="a."><al>minder bedragen dan € 50.000,00: 2,12% over elk heel bedrag van € 50,00
                            met een minimum </al><al> van € 125,00;</al></li><li nr="b."><al>€ 50.000,00 bedragen of meer, doch minder dan € 4.500.000,00: € 1.040,00
                            vermeerderd met 2,00% over elk heel bedrag van € 500,00 boven €
                            50.000,00;</al></li><li nr="c."><al>€ 4.500.000,00 of meer bedragen:</al></li></lijst><al>€ 88.200,00 vermeerderd met 1,50% over elk heel bedrag van € 500,00 boven €
                    4.500.000,00.</al><al>een aanvraag tot het verkrijgen van een bouwvergunning eerste fase, als bedoeld
                    in artikel 56a, tweede lid, van de Woningwet, indien de bouwkosten:</al><lijst><li nr="a."><al>minder bedragen dan € 50.000,00:</al><al> 0,70% over elk heel bedrag van € 50,00 met een minimum van €
                            75,00;</al></li><li nr="b."><al>€ 50.000,00 bedragen of meer, doch minder dan € 4.500.000,00: </al></li></lijst><al>€ 345,00 vermeerderd met 0,67% over elk heel bedrag van € 500,00 boven €
                    50.000,00;</al><al> c. € 4.500.000,00 of meer bedragen: </al><al> € 29.700,00 vermeerderd met 0,51% over elk heel bedrag van </al><al> € 500,00 boven € 4.500.000,00.</al><lijst><li nr="4."><al>een aanvraag tot het verkrijgen van een gewijzigde bouwvergunning eerste
                            fase, als bedoeld in artikel 56a, achtste lid, van de Woningwet: een
                            bedrag naar het tarief en berekend op de wijze als in 8.2.3 bepaald en
                            verminderd met de voor de primaire bouwvergunning eerste fase berekende
                            leges, met dien verstande dat in elk geval € 75,00 is verschuldigd en
                            dat geen restitutie van de voor de primaire bouwvergunning eerste fase
                            betaalde leges plaatsvindt.</al></li><li nr="5."><al>een aanvraag tot het verkrijgen van een bouwvergunning tweede fase, als
                            bedoeld in artikel 56a, derde lid, van de Woningwet, indien de
                            bouwkosten:</al><lijst><li nr="a."><al>minder bedragen dan € 50.000,00:</al><al> 1,64% over elk heel bedrag van € 50,- met een minimum van €
                                    75,00;</al></li><li nr="b."><al>€ 50.000,00 bedragen of meer, doch minder dan €
                                    4.500.000,00:</al></li></lijst></li></lijst><al>€ 805,00 vermeerderd met 1,57 % over elk heel bedrag van € 500,00 boven €
                    50.000,00;</al><al>c.€ 4.500.000,00 of meer bedragen: € 69.300,00 vermeerderd met 1,17% over elk
                    heel bedrag van € 500,00 boven € 4.500.000,00.</al><al>Bij een aanvraag van een bouwvergunning wordt een gespecificeerde,
                    controleerbare opgave verstrekt van de bouwkosten. Het tarief voor het in
                    behandeling nemen van een bouwaanvraag bedraagt nimmer meer dan €
                    500.000,00.</al><lijst><li nr="6."><al>Het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het
                            verkrijgen van een bouwvergunning voor de bouw van tijdelijke bouwwerken
                            waarbij het hanteren van een gangbare bouwsom niet mogelijk is, zoals
                            bij het plaatsen van prefab-units, tenten of iets dergelijks, bedraagt €
                            50,00 per 10 m² vloeroppervlakte, afgerond op een veelvoud van 10 m²,
                            met dien verstande dat minimaal € 100,00 betaald moet worden.</al></li><li nr="7."><al>Voor het verlenen van een gedoogbeschikking ten aanzien van het bouwen
                            van een bouwwerk, dat zonder de vereiste bouwvergunning is opgericht en
                            waarvoor niet alsnog bouwvergunning kan worden verkregen, worden leges
                            geheven volgens het tarief als vermeld in 8.2.1.a en b.</al></li><li nr="8."><al>Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot
                            het overschrijven van een verleende bouwvergunning als bedoeld in
                            artikel 10.3 van de bouwverordening € 50,00.</al></li><li nr="9."><al>a. Indien ten behoeve van een schetsplan, een principeverzoek of
                            bouwplan advies wordt gevraagd, bedraagt het tarief € 80,00.</al><lijst><li nr="b."><al>Indien binnen 26 weken, na verzending van het onder lid a
                                    bedoelde advies, een aanvraag om een bouwvergunning wordt
                                    ingediend, welke overeenkomstig het afgegeven advies is, wordt
                                    het onder lid a bedoelde tarief in mindering gebracht op de
                                    verschuldigde leges voor het in behandeling nemen van de
                                    aanvraag om bouwvergunning. In het geval dat de bouwvergunning
                                    wordt aangevraagd in twee fasen, zal het bedrag in mindering
                                    worden gebracht op het tarief dat betrekking heeft op de
                                    aanvraag bouwvergunning eerste fase.</al></li></lijst></li><li nr="10."><al>Indien ten behoeve van een schetsplan, een principeverzoek of bouwplan
                            advies wordt gevraagd aan de Agrarische Adviescommissie Bouwaanvragen
                            (AAB) wordt de overeenkomstig de hiervoor vermelde artikelen (8.2.1 tot
                            en met 8.2.8) berekende bedragen verhoogd met een bedrag van €
                            357,00.</al></li></lijst><al> 8.3 <cursief>Verhogingen in geval van vrijstelling / ontheffing van een
                        bestemmingsplan</cursief></al><al>8.3.0 <cursief>Algemene bepaling</cursief></al><tussenkop>Indien de Wet op de Ruimtelijke Ordening in 2008 wijzigt (Staatsblad
                    2006, 566), worden onderstaande tussen haakjes vermeld artikelen (8.3.1a,
                    8.3.2a, 8.3.3a, 8.3.4a, 8.3.5a, 8.3.6, 8.5.8a en b, 8.6.6 en 8.8a) geacht in
                    deze verordening te zijn opgenomen.</tussenkop><al>8.3.1 <cursief>Verhoging in geval van vrijstelling van een
                        bestemmingsplan</cursief></al><al>Indien de aanvraag betrekking heeft op <vet>een bouwplan</vet> waarvoor een
                    vergunning moet worden verleend met toepassing van artikel 11, 15, met
                    uitzondering van de 10% afwijkingsbevoegdheid, 16 of 17 van de Wet op de
                    Ruimtelijke Ordening of artikel 50, vierde en zesde lid, van de Woningwet, wordt
                    het overeenkomstig artikel 8.2 berekende bedrag verhoogd als volgt:</al><lijst><li nr="a."><al>In het geval van art. 11 WRO: € 3.419,95 verhoogd met € 1,05 per m2</al><al> bestemmingsoppervlak met bebouwingsmogelijkheden (derhalve niet zijnde
                            verkeers- en groenbestemmingen);</al></li><li nr="b."><al>In de overige gevallen: € 610,75.</al></li></lijst><al><vet>(</vet>8.3.1a <cursief>Verhoging in geval van ontheffing van een
                        bestemmingsplan</cursief></al><al>Indien de aanvraag betrekking heeft op <vet>eenbouwplan</vet> waarvoor een
                    ontheffing moet worden verleend met toepassing van artikel 3.22 Wet op de
                    ruimtelijke ordening of waarvoor toepassing dient te worden gegeven aan een
                    ingevolge artikel 3.6 onder c Wet op de ruimtelijke ordening in het
                    bestemmingsplan opgenomen ontheffingsmogelijkheid, met uitzondering van de 10%
                    afwijkingsbevoegdheid, of waarvoor toepassing gegeven dient te worden aan
                    artikel 50, derde lid, van de Woningwet, wordt het overeenkomstig artikel 8.2
                    berekende bedrag verhoogd als volgt:</al><lijst><li nr="a."><al>In het geval van een ingevolge art. 3.6 Wet op de ruimtelijke ordening
                            onder a of b in het plan opgenomen ontheffing: € 3.419,95 verhoogd met €
                            1,05 per m2 met bebouwingsmogelijkheden (derhalve niet zijnde verkeers-
                            en groenbestemmingen);</al></li><li nr="b."><al>In de overige gevallen: € 610,75.<vet>)</vet></al></li></lijst><al>8.3.2 <cursief>Verhoging ingeval van vrijstelling van het bestemmingsplan
                        waarbij sprake is van samenloop met een aanvraag om
                    bouwvergunning</cursief></al><al>Indien de aanvraag betrekking heeft op <vet>een bouwplan</vet> waarvoor een
                    vergunning moet worden verleend met toepassing van artikel 19, eerste, tweede of
                    vierde lid van de Wet op de Ruimtelijke Ordening of artikel 50, vijfde lid, van
                    de Woningwet, wordt het overeenkomstig artikel 8.2 berekende bedrag verhoogd met
                    een basisbedrag van € 3.419,95. Dit bedrag wordt vermeerderd met de som van de
                    onder A, B en/of C aangegeven bedragen, berekend per onderdeel van de aanvraag: </al><al>a.<cursief>Zelfstandige woningen.</cursief></al><al>Voor alle zelfstandige woningen in de aanvraag wordt het basisbedrag verhoogd
                    met € 583,60 per woning voor de eerste 50 woningen. Indien de aanvraag
                    betrekking heeft op meer dan 50 woningen wordt het bedrag voor de eerste 50
                    woningen met € 583,60 verhoogd en voor de resterende woningen met € 386,80 per
                    woning.</al><al> b. <cursief>Niet zelfstandige woningen en gebouwen en bouwwerken met een andere
                        functie dan wonen.</cursief></al><al>Voor alle gebouwen en bouwwerken met een andere functie dan wonen in de aanvraag
                    wonen wordt het basisbedrag verhoogd met € 5,80 per m2 Bruto Vloer Oppervlak
                    voor de eerste 5.000 m² Bruto Vloer Oppervlak. Indien de aanvraag betrekking
                    heeft op meer dan 5.000 m2 Bruto Vloer Oppervlak wordt het bedrag voor de eerste
                    5.000 m2 Bruto Vloer Oppervlak met € 5,80 per m2 verhoogd en voor de
                    resterende</al><al>m2 met € 3,85 per m2 Bruto Vloer Oppervlak.</al><al>c.Onbebouwde percelen.</al><al>Indien de aanvraag geheel of gedeeltelijk betrekking heeft op onbebouwde
                    percelen (daaronder wordt alles verstaan dat niet onder de noemer bouwwerk of
                    gebouw valt) dan wordt het basisbedrag verhoogd met een basisbedrag van €
                    3.079,60 voor de eerste 5.000 m2 terreinoppervlak. Indien de aanvraag betrekking
                    heeft op meer dan 5.000 m2 terreinoppervlak wordt dit basisbedrag verhoogd voor
                    de extra m2 met een bedrag van € 678,60 voor elke extra hectare
                    terreinoppervlak.</al><al><vet>(</vet>8.3.2a <cursief>Verhoging ingeval van ontheffing van het
                        bestemmingsplan waarbij sprake is van samenloop met een aanvraag om
                        bouwvergunning</cursief></al><al>Indien de aanvraag betrekking heeft op <vet>eenbouwplan</vet> waarvoor een
                    ontheffing moet worden verleend als bedoeld in artikel 3.10 en/of 3.40 van de
                    Wet op de ruimtelijke ordening of toepassing moet worden gegeven aan artikel 50,
                    derde lid, van de Woningwet, wordt het overeenkomstig artikel 8.2 berekende
                    bedrag verhoogd met een basisbedrag van € 3.419,95. Dit bedrag wordt vermeerderd
                    met de som van de onder A, B en/of C aangegeven bedragen, berekend per onderdeel
                    van de aanvraag:</al><lijst><li nr="a."><al><cursief>Zelfstandige woningen.</cursief>Voor alle zelfstandige woningen
                            in de aanvraag wordt het basisbedrag verhoogd met € 583,60 per woning
                            voor de eerste 50 woningen. Indien de aanvraag betrekking heeft op meer
                            dan 50 woningen wordt het bedrag voor de eerste 50 woningen met € 583,60
                            verhoogd en voor de resterende woningen met € 386,80 per woning.</al></li><li nr="b."><al><cursief>Niet zelfstandige woningen en gebouwen en bouwwerken met een
                                andere functie dan wonen.</cursief> Voor alle gebouwen en bouwwerken
                            met een andere functie dan wonen in de aanvraag wonen wordt het
                            basisbedrag verhoogd met € 5,80 per m2 Bruto Vloer Oppervlak voor de
                            eerste 5.000 m² Bruto Vloer Oppervlak. Indien de aanvraag betrekking
                            heeft op meer dan 5.000 m2 Bruto Vloer Oppervlak wordt het bedrag voor
                            de eerste 5.000 m2 Bruto Vloer Oppervlak met € 5,80 per m2 verhoogd en
                            voor de resterende m2 met € 3,85 per m2 Bruto Vloer Oppervlak.</al></li><li nr="c."><al><cursief>Onbebouwde percelen.</cursief> Indien de aanvraag geheel of
                            gedeeltelijk betrekking heeft op onbebouwde percelen (daaronder wordt
                            alles verstaan dat niet onder de noemer bouwwerk of gebouw valt) dan
                            wordt het basisbedrag verhoogd met een basisbedrag van € 3.079,60 voor
                            de eerste 5.000 m2 terreinoppervlak. Indien de aanvraag betrekking heeft
                            op meer dan 5.000 m2 terrein-oppervlak wordt dit basisbedrag verhoogd
                            voor de extra m2 met een bedrag van € 678,60 voor elke extra hectare
                                terreinoppervlak.<vet>)</vet></al></li></lijst><al><vet> (</vet>8.3.3a <cursief>Verhoging ingeval van ontheffing van het
                        bestemmingsplan waarbij geen sprake is van samenloop met een aanvraag om
                        bouwvergunning</cursief></al><al>Het tarief bedraagt ter zake van het in behandeling nemen van een aanvraag tot
                    het verkrijgen van een ontheffing van het geldende bestemmingsplan als bedoeld
                    in artikel 3.10 en/of 3.40 en van de Wet op de ruimtelijke ordening, waarbij
                        <vet>geen sprake is van een aanvraag om een bouwvergunning</vet> als bedoeld
                    in artikel 8.2 € 3.419,95. Dit bedrag wordt vermeerderd met de som van de onder
                    a, b en/of c aangegeven bedragen, berekend per onderdeel van de aanvraag:</al><lijst><li nr="a."><al><cursief>Zelfstandige woningen.</cursief> Voor alle zelfstandige
                            woningen in de aanvraag wordt het basisbedrag verhoogd met € 583,60 per
                            woning voor de eerste 50 woningen. Indien de aanvraag betrekking heeft
                            op meer dan 50 woningen wordt het bedrag voor de eerste 50 woningen met
                            € 583,60 verhoogd en voor de resterende woningen met € 386,80 per
                            woning.</al></li><li nr="b."><al><cursief>Niet zelfstandige woningen en gebouwen en bouwwerken met een
                                andere functie dan wonen.</cursief>Voor alle gebouwen en bouwwerken
                            met een andere functie dan wonen in de aanvraag wordt het basisbedrag
                            verhoogd met € 5,80 per m2 Bruto Vloer Oppervlak voor de eerste 5.000 m2
                            Bruto Vloer Oppervlak. Indien de aanvraag betrekking heeft op meer dan
                            5.000 m2 Bruto Vloer Oppervlak wordt het bedrag voor de eerste 5.000 m2
                            Bruto Vloer Oppervlak met € 5,80 per m2 verhoogd en voor de resterende
                            m2 met € 3,85 per m2 Bruto Vloer Oppervlak.</al></li><li nr="c."><al><cursief>Onbebouwde percelen.</cursief> Indien de aanvraag geheel of
                            gedeeltelijk betrekking heeft op onbebouwde percelen (daaronder wordt
                            alles verstaan dat niet onder de noemer bouwwerk of gebouw valt) dan
                            wordt het basisbedrag verhoogd met een basisbedrag van € 3.079,60 voor
                            de eerste 5.000 m2 terreinoppervlak. Indien de aanvraag betrekking heeft
                            op meer dan 5.000 m2 terreinoppervlak dan wordt dit bedrag nog eens
                            verhoogd met een bedrag van € 678,60 voor elke hectare extra
                                terreinoppervlak.<vet>)</vet></al></li></lijst><al>8.3.4 <cursief>Verhoging in verband met uitwerking/wijziging van het
                        bestemmingsplan waarbij geen sprake is van samenloop met een aanvraag om
                        bouwvergunning</cursief></al><al>Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het
                    verkrijgen van toepassing van art. 11, respectievelijk een vrijstelling van het
                    geldende bestemmingsplan als bedoeld in artikel 15, met uitzondering van de
                    10%-afwijkingsbevoegdheid of 17 van de Wet op de Ruimtelijke Ordening, waarbij
                    geen sprake is van een aanvraag om een bouwvergunning als bedoeld in artikel 8.2
                    als volgt:</al><lijst><li nr="a."><al>in het geval van art. 11 WRO: € 3.419,95 verhoogd met € 1,05 per m2
                            bestemmingsoppervlak met bebouwingsmogelijkheden (derhalve niet zijnde
                            verkeers- en groenbestemmingen);</al></li><li nr="b."><al>in de overige gevallen: € 608,70.</al></li></lijst><al><vet>(</vet>8.3.4a <cursief>Verhoging in verband met uitwerking/wijziging van
                        het bestemmingsplan waarbij geen sprake is van samenloop met een aanvraag om
                        bouwvergunning</cursief></al><al>Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het
                    wijzigen en/of uitwerken van een ingevolge art. 3.6 onder a en b van de Wet op
                    de ruimtelijke ordening aangewezen deel van een bestemmingsplan, of waarvoor
                    toepassing dient te worden gegeven aan een ingevolge artikel 3.6 onder c van de
                    Wet op de ruimtelijke ordening in het bestemmingsplan opgenomen
                    ontheffingsmogelijkheid, met uitzondering van de 10% afwijkingsbevoegdheid, of
                    3.22 van de Wet op de ruimtelijke ordening, waarbij geen sprake is van een
                    aanvraag om een bouwvergunning als bedoeld in artikel 8.2 als volgt:</al><lijst><li nr="a."><al>in het geval van art. 3.6 Wet op de ruimtelijke ordening onder a en b: €
                            3.419,95 verhoogd met € 1,05 per m2 bestemmingsoppervlak met
                            bebouwingsmogelijkheden (derhalve niet zijnde verkeers- en
                            groenbestemmingen);</al></li><li nr="b."><al>in de overige gevallen: € 608,70.<vet>)</vet></al></li></lijst><al>8.3.5 <cursief>Verhoging ingeval van vrijstelling van het bestemmingsplan
                        waarbij geen sprake is van samenloop met een aanvraag om
                        bouwvergunning</cursief></al><al>Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van <vet>een aanvraag tot het
                        verkrijgen van een vrijstelling </vet>van het geldende bestemmingsplan als
                    bedoeld in artikel 19, eerste, tweede of vierde lid van de Wet op de Ruimtelijke
                    Ordening, waarbij geen sprake is van een aanvraag om een bouwvergunning als
                    bedoeld in artikel 8.2 € 3.419,95. Dit bedrag wordt vermeerderd met de som van
                    de onder a, b en/of c aangegeven bedragen, berekend per onderdeel van de
                    aanvraag: </al><al>a.<cursief>Zelfstandige woningen.</cursief></al><al>Voor alle zelfstandige woningen in de aanvraag wordt het basisbedrag verhoogd
                    met € 583,60 per woning voor de eerste 50 woningen. Indien de aanvraag
                    betrekking heeft op meer dan 50 woningen wordt het bedrag voor de eerste 50
                    woningen met € 583,60 verhoogd en voor de resterende woningen met € 386,80 per
                    woning.</al><al>b.<cursief>Niet zelfstandige woningen en gebouwen en bouwwerken met een andere
                        functie dan wonen.</cursief></al><al>Voor alle gebouwen en bouwwerken met een andere functie dan wonen in de aanvraag
                    wordt het basisbedrag verhoogd met € 5,80 per m2 Bruto Vloer Oppervlak voor de
                    eerste 5.000 m2 Bruto Vloer Oppervlak. Indien de aanvraag betrekking heeft op
                    meer dan 5.000 m2 Bruto Vloer Oppervlak wordt het bedrag voor de eerste 5.000 m2
                    Bruto Vloer Oppervlak met </al><al>€ 5,80 per m2 verhoogd en voor de resterende m2 met € 3,85 per m2 Bruto Vloer
                    Oppervlak.</al><al>c.<cursief>Onbebouwde percelen.</cursief></al><al>Indien de aanvraag geheel of gedeeltelijk betrekking heeft op onbebouwde
                    percelen (daaronder wordt alles verstaan dat niet onder de noemer bouwwerk of
                    gebouw valt) dan wordt het basisbedrag verhoogd met een basisbedrag van €
                    3.079,60 voor de eerste 5.000 m2 terreinoppervlak. Indien de aanvraag betrekking
                    heeft op meer dan 5.000 m2 terrein-oppervlak dan wordt dit bedrag nog eens
                    verhoogd met een bedrag van € 678,60 voor elke hectare extra
                    terreinoppervlak.</al><al><vet>(</vet>8.3.5a <cursief>Verhoging ingeval van ontheffing van het
                        bestemmingsplan waarbij geen sprake is van samenloop met een aanvraag om
                        bouwvergunning</cursief></al><al>Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het
                    verkrijgen van een ontheffing van het geldende bestemmingsplan als bedoeld in
                    artikel 3.10 en/of 3.40 en van de Wet op de ruimtelijke ordening, waarbij
                        <vet>geen sprake is van een aanvraag om een bouwvergunning </vet>als bedoeld
                    in artikel 8.2 </al><al>€ 3.419,95. Dit bedrag wordt vermeerderd met de som van de onder a, b en/of c
                    aangegeven bedragen, berekend per onderdeel van de aanvraag:</al><al>a.<cursief>Zelfstandige woningen.</cursief> Voor alle zelfstandige woningen in
                    de aanvraag wordt het basisbedrag verhoogd met € 583,60 per woning voor de
                    eerste 50 woningen. Indien de aanvraag betrekking heeft op meer dan 50 woningen
                    wordt het bedrag voor de eerste 50 woningen met € 583,60 verhoogd en voor de
                    resterende woningen met € 386,80 per woning.</al><al> b. <cursief>Niet zelfstandige woningen en gebouwen en bouwwerken met een andere
                        functie dan wonen.</cursief>Voor alle gebouwen en bouwwerken met een andere
                    functie dan wonen in de aanvraag wordt het basisbedrag verhoogd met € 5,80 per
                    m2 Bruto Vloer Oppervlak voor de eerste 5.000 m2 Bruto Vloer Oppervlak. Indien
                    de aanvraag betrekking heeft op meer dan 5.000 m2 Bruto Vloer Oppervlak wordt
                    het bedrag voor de eerste 5.000 m2 Bruto Vloer Oppervlak met </al><al>€ 5,80 per m2 verhoogd en voor de resterende m2 met € 3,85 per m2 Bruto Vloer
                    Oppervlak.</al><al>c.<cursief>Onbebouwde percelen.</cursief>Indien de aanvraag geheel of
                    gedeeltelijk betrekking heeft op onbebouwde percelen (daaronder wordt alles
                    verstaan dat niet onder de noemer bouwwerk of gebouw valt) dan wordt het
                    basisbedrag verhoogd met een basisbedrag van € 3.079,60 voor de eerste 5.000 m2
                    terreinoppervlak. Indien de aanvraag betrekking heeft op meer dan 5.000 m2
                    terrein-oppervlak dan wordt dit bedrag nog eens verhoogd met een bedrag van €
                    678,60 voor elke hectare extra terreinoppervlak.<vet>)</vet></al><al><vet>(</vet>8.3.6 <cursief>Verhoging ingeval van medewerking aan een verzoek een
                        bestemmingsplan op te stellen</cursief></al><lijst><li nr="1."><al>Het tarief ter zake het gevolg geven aan het verzoek om een
                            bestemmingsplan op te stellen, <vet>al dan niet in combinatie met een
                                aanvraag om bouwvergunning</vet>, en waarbij sprake is van een
                            individueel belang bedraagt € 3.419,95. Dit bedrag wordt vermeerderd met
                            de som van de onder a, b en/of c aangegeven bedragen, berekend per
                            onderdeel van de aanvraag:</al><lijst><li nr="a."><al><cursief>Zelfstandige woningen.</cursief>Voor alle zelfstandige
                                    woningen in de aanvraag wordt het basisbedrag verhoogd met €
                                    583,60 per woning voor de eerste 50 woningen. Indien de aanvraag
                                    betrekking heeft op meer dan 50 woningen wordt het bedrag voor
                                    de eerste 50 woningen met € 583,60 verhoogd en voor de
                                    resterende woningen met € 386,80 per woning.</al></li><li nr="b."><al><cursief>Niet zelfstandige woningen en gebouwen en bouwwerken
                                        met een andere functie dan wonen.</cursief>Voor alle
                                    gebouwen en bouwwerken met een andere functie dan wonen in de
                                    aanvraag wordt het basisbedrag verhoogd met € 5,80 per m2 Bruto
                                    Vloer Oppervlak voor de eerste 5.000 m2 Bruto Vloer Oppervlak.
                                    Indien de aanvraag betrekking heeft op meer dan 5.000 m2 Bruto
                                    Vloer Oppervlak wordt het bedrag voor de eerste 5.000 m2 Bruto
                                    Vloer Oppervlak met € 5,80 per m2 verhoogd en voor de resterende
                                    m2 met € 3,85 per m2 Bruto Vloer Oppervlak.</al></li><li nr="c."><al><cursief>Onbebouwde percelen.</cursief>Indien de aanvraag geheel
                                    of gedeeltelijk betrekking heeft op onbebouwde percelen
                                    (daaronder wordt alles verstaan dat niet onder de noemer
                                    bouwwerk of gebouw valt) dan wordt het basisbedrag verhoogd met
                                    een basisbedrag van € 3.079,60 voor de eerste 5.000 m2
                                    terreinoppervlak. Indien de aanvraag betrekking heeft op meer
                                    dan 5.000 m2 terrein-oppervlak dan wordt dit bedrag nog eens
                                    verhoogd met een bedrag van € 678,60 voor elke hectare extra
                                    terreinoppervlak.</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>Onder een verzoek als bedoeld in lid 1 moet mede worden verstaan een
                            verzoek om ontheffing als bedoeld in artikel 8.3.2a en 8.3.3a waarvoor
                            b&amp;w aannemelijke redenen hebben om aan dit verzoek medewerking te
                            verlenen door het opstellen van een bestemmingsplan als bedoeld in
                            artikel 3.1 Wet op de ruimtelijke ordening ipv het verlenen van
                            medewerking aan een procedure als bedoeld in artikel 3.10 en/of 3.40 en
                            van de Wet op de ruimtelijke ordening. In dit geval zijn de artikelen
                            8.3.2a en 8.3.3a niet van toepassing.<vet>)</vet></al></li><li nr="8."><al>5 <cursief>Teruggaaf</cursief></al></li></lijst><al>Er wordt nimmer teruggaaf verleend van de verhoging als bedoeld in artikel 8.2.9
                    van deze verordening.</al><lijst><li nr="1."><al>Indien de aanvraag om bouwvergunning wegens onvolledigheid niet in
                            behandeling wordt genomen, wordt teruggaaf van de leges verleend, met
                            dien verstande dat er in alle gevallen voor:</al><lijst><li nr="a."><al>een lichte bouwvergunning een minimumbedrag van€ 100,00;</al></li><li nr="b."><al>een reguliere bouwvergunning een minimumbedrag van €
                                    125,00;</al></li><li nr="c."><al>een bouwvergunning eerste fase een minimumbedrag van €
                                    75,00;</al></li><li nr="d."><al>een bouwvergunning tweede fase een minimumbedrag van €
                                    75,00;</al></li></lijst></li></lijst><al>aan te betalen casu quo betaalde leges overblijft.</al><lijst><li nr="2."><al>Bij intrekking van een aanvraag voor het verkrijgen van een
                            bouwvergunning eerste fase, op initiatief van de aanvrager, voor het
                            verlenen van de bouwvergunning, wordt nimmer teruggaaf van leges
                            verleend.</al></li><li nr="3."><al>Indien een aanvraag tot het verkrijgen van:</al><lijst><li nr="-"><al>een lichte bouwvergunning,</al></li><li nr="-"><al>een reguliere bouwvergunning,</al><al> dan wel een bouwvergunning tweede fase,</al></li></lijst></li></lijst><al>wordt ingetrokken voordat de vergunning is verleend, wordt teruggaaf van 75% van
                    de geheven leges verleend, met dien verstande dat er in alle gevallen voor:</al><lijst><li nr="a."><al>een lichte bouwvergunning een minimumbedrag van € 100,00;</al></li><li nr="b."><al>een reguliere bouwvergunning een minimumbedrag van € 125,00;</al></li><li nr="c."><al>een bouwvergunning tweede fase een minimumbedrag van € 75,00</al></li></lijst><al>aan te betalen casu quo betaalde leges overblijft.</al><lijst><li nr="4."><al>Indien een aanvraag om bouwvergunning wordt ingetrokken, op initiatief
                            van de gemeente, omdat ze niet binnen de daarvoor gestelde termijn tot
                            een vergunning zou hebben kunnen leiden door omstandigheden die de
                            gemeente - door bijvoorbeeld verkeerde of te late advisering -
                            aangerekend kunnen worden, en binnen drie maanden na de intrekking een
                            nieuwe aanvraag wordt ingediend voor nagenoeg hetzelfde bouwplan, dan
                            wordt teruggaaf van 100% van de leges voor de eerste aanvraag
                            verleend.</al></li><li nr="5."><al>Indien de gevraagde bouwvergunning wordt geweigerd, wordt teruggaaf van
                            50% van de geheven leges verleend, met dien verstande dat er in alle
                            gevallen voor:</al><lijst><li nr="a."><al>een lichte bouwvergunning een minimumbedrag van € 100,00;</al></li><li nr="b."><al>een reguliere bouwvergunning een minimumbedrag van €
                                    125,00;</al></li><li nr="c."><al>een bouwvergunning eerste fase een minimumbedrag van €
                                    75,00;</al></li><li nr="d."><al>een bouwvergunning tweede fase een minimumbedrag van €
                                    75,00</al></li></lijst></li></lijst><al>aan te betalen casu quo betaalde leges overblijft.</al><lijst><li nr="6."><al>Indien van een verleende vergunning geen gebruik wordt gemaakt en dit
                            binnen een jaar na de verlening van de vergunning door de
                            vergunninghouder kenbaar wordt gemaakt, wordt teruggaaf van 25% van de
                            geheven leges verleend, met dien verstande dat er in alle gevallen
                            voor:</al><lijst><li nr="a."><al>een lichte bouwvergunning een minimumbedrag van € 100,00;</al></li><li nr="b."><al>een reguliere bouwvergunning een minimumbedrag van €
                                    125,00;</al></li><li nr="c."><al>een bouwvergunning eerste fase een minimumbedrag van €
                                    75,00;</al></li><li nr="d."><al>een bouwvergunning tweede fase een minimumbedrag van €
                                    75,00</al></li></lijst></li></lijst><al>aan te betalen casu quo betaalde leges overblijft.</al><al>7.Indien een aanvraag tot het verkrijgen van een bouwvergunning betrekking heeft
                    op het bouwen in afwijking van een eerder ingediend bouwplan, waarvoor reeds een
                    vergunning is verleend, maar waarvan nog geen gebruik is gemaakt, wordt
                    teruggaaf van 100% van de leges voor de eerste aanvraag verleend en geldt voor
                    de nieuwe aanvraag het tarief aan leges dat verschuldigd is door de toepassing
                    van het tarief als vermeld in 2 voor het gehele bouwplan, met dien verstande dat
                    voor:</al><al> a. een lichte bouwvergunning een minimumbedrag van € 100,00;</al><lijst><li nr="b."><al>een reguliere bouwvergunning een minimumbedrag van € 125,00;</al></li><li nr="c."><al>een bouwvergunning eerste fase een minimumbedrag van € 75,00;</al></li><li nr="d."><al>een bouwvergunning tweede fase een minimumbedrag van € 75,00 extra
                            betaald moet worden.</al></li></lijst><al>Het vorenstaande is niet van toepassing, indien de afwijking zodanig is dat,
                    naar de omstandigheden beoordeeld, van een nieuw bouwplan sprake is.</al><lijst><li nr="8."><al>Indien de aanvraag betrekking heeft op een bouwplan of een project als
                            bedoeld in artikel 19 van de Wet op de Ruimtelijke Ordening waarvoor een
                            vergunning moet worden verleend met toepassing van artikel 19, eerste of
                            tweede lid van de Wet op de Ruimtelijke Ordening of artikel 50, vijfde
                            lid, van de Woningwet en op grond van artikel 8.3.2 van deze
                            legesverordening de leges zijn verhoogd en:</al><lijst><li nr="a."><al>Gedurende de procedure blijkt dat de aanvraag niet zal leiden
                                    tot afgifte van een verklaring van geen bezwaar door de
                                    provincie, wordt teruggave van 25% van genoemde verhoging
                                    verleend.</al></li><li nr="b."><al>De procedure wordt stopgezet door omstandigheden die de gemeente
                                    aangerekend kunnen worden, wordt teruggave van 100% van genoemde
                                    verhoging verleend.</al></li></lijst></li></lijst><al><vet>(</vet>8a. Indien de aanvraag betrekking heeft op <vet>een verzoek</vet>
                    waarvoor een bestemmingsplan als bedoeld in artikel 3.1 Wet op de ruimtelijke
                    ordening is opgesteld en op grond van artikel 8.3.6 van deze legesverordening de
                    leges zijn verhoogd en de procedure wordt stopgezet door omstandigheden die de
                    gemeente aangerekend kunnen worden, wordt teruggave van 100% van genoemde
                    verhoging verleend.<vet>)</vet></al><al><vet>(</vet>8b. Indien de aanvraag betrekking heeft op <vet>een verzoek</vet>
                    waarvoor een procedure is gestart als bedoeld in artikel 3.10 en/of 3.40 van de
                    Wet op de ruimtelijke ordening en op grond van artikel 8.3.2a en 8.3.3a van deze
                    legesverordening de leges zijn verhoogd en de procedure wordt stopgezet door
                    omstandigheden die de gemeente aangerekend kunnen worden, wordt teruggave van
                    100% van genoemde verhoging verleend.<vet>)</vet></al><lijst><li nr="9."><al>Indien de aanvraag betrekking heeft op het verkrijgen van een
                            vrijstelling van het geldende bestemmingsplan als bedoeld in artikel 19,
                            eerste of tweede lid van de Wet op de Ruimtelijke Ordening, waarbij geen
                            sprake is van een aanvraag om een bouwvergunning en:</al><lijst><li nr="a."><al>Gedurende de procedure blijkt dat de aanvraag niet zal leiden
                                    tot afgifte van een verklaring van geen bezwaar door de
                                    provincie, wordt teruggave van 25% van de geheven leges
                                    verleend.</al></li><li nr="b."><al>De procedure wordt stopgezet door omstandigheden die de gemeente
                                    aangerekend kunnen worden, wordt teruggave van 100% van de
                                    geheven leges verleend.</al><al>8.6 <cursief>Sloopvergunning</cursief></al></li></lijst></li><li nr="1."><al>Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot
                            het verkrijgen van een sloopvergunning voor het geheel of gedeeltelijk
                            slopen van een bouwwerk, als bedoeld in artikel 8.1 van de
                            Bouwverordening, waarbij een hoeveelheid sloopafval vrijkomt van:</al></li></lijst><al>10 m<sup>3</sup> t/m 50 m3 € 200,00</al><al>51 m3 t/m 100m3 € 725,00</al><al>101 m3 t/m 500 m3 € 1.400,00 </al><al>Meer dan 500 m3 € 2.750,00.</al><lijst><li nr="2."><al>Het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor het
                            verwijderen van asbest, waarbij de hoeveelheid sloopafval minder
                            bedraagt dan 10 m3, als bedoeld in artikel 8.1.1 lid 2 van de
                            Bouwverordening, bedraagt € 200,00.</al></li><li nr="3."><al> Indien bij een aanvraag tot het verkrijgen van een sloopvergunning, als
                            bedoeld in artikel 8.1.1 van de Bouwverordening een sloopveiligheidsplan
                            moet worden ingediend, wordt het in artikel 8.6 lid 1 en lid 2 genoemde
                            bedrag verhoogd met € 50,00.</al></li><li nr="4."><al>Indien:</al><lijst><li nr="-"><al>op een sloopaanvraag afwijzend wordt beschikt;</al></li><li nr="-"><al>een sloopaanvraag wordt ingetrokken , voordat hierop een
                                    beslissing is genomen,</al></li></lijst></li></lijst><al>wordt teruggaaf van 75 % van de geheven leges verleend.</al><al>5.Indien een sloopvergunning wordt ingetrokken op verzoek van de aanvrager,
                    omdat daarvan na verlening geen gebruik wordt gemaakt, wordt op verzoek, tot
                    uiterlijk één jaar na verlening teruggaaf van 50% van de geheven leges
                    verleend.</al><al><vet>(</vet>6. Indien er sprake is van een samenloop van een aanvraag om een
                    sloopvergunning als bedoeld in artikel 8.1.1 van de Bouwverordening en een
                    vergunning als bedoeld in artikel 3.3 onder b of artikel 3.7, derde lid van de
                    Wet op de Ruimtelijke Ordening, zijn de tarieven als genoemd in artikel 8.6,
                    eerste lid van toepassing. Indien er sprake is van genoemde samenloop wordt de
                    volgende regel toegevoegd: </al><al>minder dan 10 m³ € 150,00.</al><al>Bij toepassing van dit lid blijft het bepaalde in de artikelen 8.6 lid 2 tot en
                    met 5 van toepassing.<vet>)</vet></al><lijst><li nr="8."><al>7 <cursief>Gebruiksvergunning in verband met
                            brandveiligheid</cursief></al></li><li nr="1."><al>Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor
                            een vergunning voor het gebruik van een bouwwerk als bedoeld in artikel
                            6.1.1, eerste lid, van de Bouwverordening:</al><lijst><li nr="a."><al>voor een gebruiksoppervlak tot en met 200 m2 € 456,93</al><al> voor een gebruiksoppervlak van 201 m2 </al><al> tot en met 1000 m2, € 456,93</al><al> vermeerderd met een bedrag van € 95,39</al><al> per 100 m2 voor elke 100 m2 of gedeelte </al><al> daarvan boven een gebruiksoppervlak boven </al><al> de 201 m2.</al></li><li nr="b."><al>voor een gebruiksoppervlak van 1001 m2 tot</al><al> en met 5000 m2, € 1.220,04</al><al> vermeerderd met een bedrag van € 40,53</al><al> per 100 m2 voor elke 100 m2 of gedeelte </al><al> daarvan boven een gebruiksoppervlak boven </al><al> de 1001 m2.</al></li><li nr="c."><al>voor een gebruiksoppervlak groter dan € 2.839,72</al><al> 5001 m2 vermeerderd met een bedrag van € 17,55</al><al> per 100 m2 of gedeelte daarvan boven een </al><al> gebruiksoppervlak boven de 5001 m2. </al></li></lijst></li><li nr="2."><al>Voor het aanpassen van een bestaande vergunning, overeenkomstig het
                            bepaalde in artikel 6.1.1, eerste lid, van de Bouwverordening, voor een
                            bouwwerk dat gedeeltelijk wordt vernieuwd, dan wel veranderd of
                            vergroot, wordt de leges slechts berekend over het gebruiksoppervlak dat
                            wordt vernieuwd, dan wel veranderd of vergroot, vermeerderd met het
                            gebruiksoppervlak van de ruimten die direct grenzen aan de beschouwde
                            ruimte(n), met een maximum van tweemaal de gebruiksoppervlak van de
                            ruimten die worden vernieuwd, veranderd of vergroot.</al></li></lijst><al> 3. Voor het aanpassen van een bestaande vergunning, overeenkomstig het bepaalde
                    in artikel 6.1.1, eerste lid, van de Bouwverordening, voor een veranderd
                    gebruik, zonder dat er sprake is van verbouwing of anderszins, wordt de leges
                    slechts berekend over het gebruiksoppervlak dat wordt vernieuwd, dan wel
                    veranderd of vergroot, vermeerderd met het gebruiksoppervlak van de ruimten die
                    direct grenzen aan de beschouwde ruimte(n), met een maximum van tweemaal de
                    gebruiksoppervlakte van de ruimten die worden vernieuwd, veranderd of
                    vergroot.</al><lijst><li nr="4."><al>Voor zover een vergunning, als bedoeld in artikel 6.1.1, eerste lid, van
                            de Bouwverordening, aanpassing behoeft na een verandering waarvoor
                            overeenkomstig artikel 44 van de Woningwet slechts een lichte
                            bouwvergunning is vereist, dan wel sprake is van vergunningvrij bouwen,
                            op aanvraag van een vergunninghouder, is het gestelde onder 8.7.2.
                            eveneens van toepassing.</al></li><li nr="5."><al>Indien een aanvraag voor een vergunning, overeenkomstig artikel 6.1.1,
                            eerste lid, van de Bouwverordening, op grond van het gestelde in artikel
                            6.1.3 van de Bouwverordening niet verder in behandeling wordt genomen
                            zal 10% van de leges als bedoeld in 8.7.1, 8.7.2, 8.7.3 en 8.7.4 in
                            rekening worden gebracht met een minimum van € 125,00 en een maximum van
                            € 1.200,00.</al></li><li nr="6."><al>Indien een vergunning, overeenkomstig het bepaalde in artikel 6.1.1,
                            eerste lid, van de Bouwverordening, op grond van het gestelde in artikel
                            6.1.5, lid a van de Bouwverordening, moet worden geweigerd, wordt
                            teruggaaf van 50% van de geheven leges als bedoeld in lid 1 tot en met
                            lid 4 van dit artikel verleend met dien verstande dat er een
                            minimumbedrag van € 250,00 aan te betalen casu quo betaalde leges
                            overblijft.</al></li><li nr="7."><al>Voor een hernieuwde aanvraag van een vergunning, overeenkomstig het
                            bepaalde in artikel 6.1.1, eerste lid, van de Bouwverordening, voor een
                            bouwwerk waarvan de vergunning op grond van het bepaalde in artikel
                            6.1.6, eerste lid, van de Bouwverordening is ingetrokken, wordt de leges
                            berekend overeenkomstig het bepaalde in lid 1.</al></li><li nr="8."><al>Indien binnen twee weken na het in behandeling nemen van een aanvraag
                            tot het verkrijgen van een vergunning als bedoeld in artikel 6.1.1 van
                            de Bouwverordening, doch voor het verlenen van een vergunning, deze
                            aanvraag wordt ingetrokken, wordt teruggaaf van 75% van de geheven leges
                            verleend, met dien verstande dat er in alle gevallen een minimumbedrag
                            van € 125,00 aan te betalen casu quo betaalde leges overblijft.</al></li><li nr="9."><al>Indien op een later tijdstip dan in lid 8 bedoeld na het in behandeling
                            nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning als bedoeld
                            in artikel 6.1.1 van de Bouwverordening, doch voor het verlenen van een
                            vergunning, deze aanvraag wordt ingetrokken, wordt teruggaaf van 50% van
                            de geheven leges verleend, met dien verstande dat er in alle gevallen
                            een minimum-bedrag van € 125,00 aan te betalen casu quo betaalde leges
                            overblijft.</al></li><li nr="10."><al>Voor het aanpassen van een bestaande vergunning, overeenkomstig het
                            bepaalde in artikel 6.1.1, eerste lid van de Bouwverordening door middel
                            van revisietekeningen en administratieve handelingen, zonder dat er
                            sprake is van een verbouwing, wordt er een minimumbedrag van € 50,00
                            geheven.</al></li><li nr="11."><al>Het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het
                            overschrijven van een gebruiksvergunning als bedoeld in artikel 10.3 van
                            de Bouwverordening bedraagt € 50,00.</al></li><li nr="8."><al>8 <cursief>Aanlegvergunningen</cursief></al></li><li nr="1."><al>Het tarief bedraagt terzake van het in behandeling nemen van een
                            aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning als bedoeld in artikel 14
                            of 21, derde lid, van de Wet op de Ruimtelijke Ordening
                            (aanlegvergunning) € 100,00.</al><al> 2. Indien de aanvraag betrekking heeft op werken of werkzaamheden
                            waarvoor een aanlegvergunning moet worden verleend met toepassing van
                            artikel 16 of 46, zesde, achtste of tiende lid, van de Wet op de
                            Ruimtelijke Ordening, wordt het overeenkomstig 8.2 berekende bedrag
                            verhoogd met € 2.250,00.</al></li><li nr="3."><al>Indien de aanvraag betrekking heeft op werken of werkzaamheden waarvoor
                            een aanlegvergunning moet worden verleend met toepassing van artikel 46,
                            zevende lid, van de Wet op de Ruimtelijke Ordening, wordt het
                            overeenkomstig 8.2 berekende bedrag verhoogd met € 2.250,00.</al></li></lijst><al><vet>(</vet>8.8a <cursief>Aanlegvergunningen</cursief></al><al>Het tarief bedraagt terzake van het in behandeling nemen van een aanvraag tot
                    het verkrijgen van een vergunning als bedoeld in artikel 3.3 onder a of 3.7,
                    derde lid, van de Wet op de ruimtelijke ordening (aanlegvergunning) €
                        100,00.<vet>)</vet></al><lijst><li nr="8."><al>9 <cursief>Monumentenvergunning</cursief></al></li><li nr="1."><al><cursief>Omschrijving monumentenvergunning</cursief> Onder
                            monumentenvergunning wordt in deze rubriek verstaan een vergunning als
                            bedoeld in artikel 11, lid 2 van de Monumentenwet 1988, een vergunning
                            als bedoeld in artikel 37, lid 1 van de Monumentenwet 1988, een
                            vergunning als bedoeld in artikel 10, lid 2 van de Monumentenverordening
                            gemeente Tilburg of een vergunning als bedoeld in artikel 22, lid 2 van
                            de Monumentenverordening gemeente Tilburg.</al></li><li nr="2."><al><cursief>Bouwkosten monumentenvergunning</cursief> Onder bouwkosten
                            wordt in deze rubriek verstaan de aannemingssom (exclusief
                            omzetbelasting) als bedoeld in paragraaf 1, eerste lid van de Uniforme
                            administratieve voorwaarden voor uitvoering van werken 1989 (UAV 1989),
                            voor het uit te voeren werk, of, voor zover deze ontbreekt, een raming
                            van de bouwkosten (exclusief omzetbelasting) als bedoeld in het normblad
                            NEN 2631, uitgave 1979, of zoals in dit normblad laatstelijk is
                            vervangen of gewijzigd.</al></li><li nr="3."><al><cursief>Tarief Monumentenvergunningen</cursief> Het tarief bedraagt
                            voor het in behandeling nemen van een vergunning als bedoeld in artikel
                            11 en artikel 37 van de Monumentenwet 1988, alsmede in artikel 10 en
                            artikel 22 van de Monumentenverordening gemeente Tilburg, indien de
                            bouwkosten:</al></li><li nr="1."><al>minder bedragen dan € 10.000,00: € 105,10;</al></li><li nr="2."><al>liggen tussen € 10.000,00 en € 50.000,00: € 105,10 vermeerderd met 0,52%
                            over elk bedrag boven € 10.000,00;</al></li><li nr="3."><al>liggen tussen € 50.000,00 en € 100.000,00: € 313,10 vermeerderd met
                            0,42% over elk bedrag boven € 50.000,00;</al></li><li nr="4."><al>liggen tussen € 100.000,00 en € 500.000,00: € 523,80 vermeerderd met
                            0,32% over elk bedrag boven € 100.000,00;</al></li><li nr="5."><al>liggen tussen € 500.000,00 en € 1.000.000,00: € 1.803,80 vermeerderd met
                            0,205 % over elk bedrag boven € 500.000,00;</al></li><li nr="6."><al>meer bedragen dan € 1.000.000,00: € 2.815,00.</al></li><li nr="4."><al><cursief>Teruggaaf bij monumentenvergunning</cursief></al></li><li nr="1."><al>Indien de aanvraag om monumentenvergunning wegens onvolledigheid niet in
                            behandeling wordt genomen, wordt teruggaaf van de leges verleend, met
                            dien verstande dat er in alle gevallen een minimumbedrag van € 50,00 aan
                            te betalen casu quo betaalde leges overblijft.</al></li><li nr="2."><al>Bij intrekking van een aanvraag voor het verkrijgen van een
                            monumentenvergunning op initiatief van de aanvrager wordt nimmer
                            teruggaaf van de leges verleend.</al></li></lijst><al> 3. Indien een aanvraag om monumentenvergunning wordt ingetrokken op initiatief
                    van de gemeente, omdat ze niet binnen de daarvoor gestelde termijn tot een
                    vergunning zou hebben kunnen leiden door omstandigheden die de gemeente – door
                    bij voorbeeld verkeerde of te late advisering – aangerekend kunnen worden, en
                    binnen drie maanden na de intrekking een nieuwe aanvraag wordt ingediend voor
                    nagenoeg hetzelfde plan, dan wordt teruggaaf van 100 procent van de leges voor
                    de eerste aanvraag verleend.</al><lijst><li nr="4."><al>Indien de gevraagde monumentenvergunning wordt geweigerd, wordt
                            teruggaaf van 50 procent van de geheven leges verleend.</al></li><li nr="5."><al>Indien van een verleende vergunning geen gebruik wordt gemaakt en dit
                            binnen een jaar na de verlening van de vergunning door de
                            vergunninghouder kenbaar wordt gemaakt, wordt teruggaaf van 25 procent
                            van de geheven leges verleend.</al></li><li nr="6."><al>Indien een aanvraag tot het verkrijgen van monumentenvergunning
                            betrekking heeft op bouwen in afwijking van een eerder ingediend
                            bouwplan waarvoor reeds een vergunning is verleend maar waarvan nog geen
                            gebruik is gemaakt, wordt teruggaaf van 100 procent van de leges voor de
                            eerste aanvraag verleend en geldt voor de nieuwe aanvraag het tarief aan
                            leges dat verschuldigd is door toepassing van het tarief als vermeld in
                            8.9.3.</al></li></lijst><al><vet>Hoofdstuk 9 Regionaal Archief Tilburg</vet></al><lijst><li nr=""><al><cursief>Archivalia berustend in de archiefbewaarplaatsen van het
                                Regionaal Archief Tilburg </cursief></al></li><li nr="9."><al>1. Voor een fotokopie van een bij de gemeentearchivaris berustend stuk
                            of gedeelte daarvan in het Onderzoekerscentrum;</al></li><li nr="a."><al>per fotokopie; € 0,50</al></li><li nr="b."><al>bij schriftelijke of digitale bestelling van bidprentjes,
                            bevolkingsregisters, rechterlijke en</al></li></lijst><al>notariële akten, krant per fotokopie exclusief</al><al>afhandelingskosten; per stuk € 0,50</al><lijst><li nr="c."><al>Bij het onder artikel 9, lid a onder 1 vermelde</al><al> tarief kan het hoofd dienstverlening per fotokopie 50 </al><al> procent reductie verlenen aan scholieren, studenten en </al><al> onderzoekers; </al></li><li nr="2."><al>Voor het verstrekken van een kopie van een bij de</al></li></lijst><al>gemeentearchivaris berustende grootformaat stukken, zoals bouwtekeningen en
                    plattegronden; </al><al> per stuk (formaat van origineel groter dan A3) € 14,30</al><al>3.Voor het vervaardigen van fotoreproducties, op papier</al><al>of digitaal, van bij de gemeentearchivaris berustende archivalia of
                    beeldmateriaal;</al><lijst><li nr="a."><al>fullsize download (16.9 x 12.4 cm) € 5,20</al></li><li nr="b."><al>fotoprint (18,0 x 13,0 cm) € 9,95</al></li><li nr="c."><al>fotoprint (24,0 x 30,0 cm) € 14,15</al></li><li nr="d."><al>poster A3 Hahnemühle binnen A3 (42,0 x 29,7</al><al> cm) en poster A2 Hahnemühle binnen A2 (59,4</al><al> x 42,0 cm) € 28,20</al></li></lijst><al><vet> Hoofdstuk 10 Vastgoedinformatie</vet></al><lijst><li nr="10."><al>1 <cursief>Voor het namens het Kadaster verstrekken van gegevens gelden
                                de tarieven als bedoeld in de Regeling Tarieven Kadaster (1
                                september 2006), dit wil zeggen dat voor het verstrekken van de
                                volgende gegevens de volgende tarieven gelden:</cursief></al></li><li nr="a."><al>uit de kadastrale registratie (AKR), per object € 10,00</al></li><li nr="b."><al>uit het Landmeetkundig- en</al><al> Cartografisch Informatiesysteem (LKI), per object € 10,00</al></li><li nr="c."><al>uit de geautomatiseerde registratie van hypotheken,</al><al> per object € 10,00</al></li><li nr="d."><al>uit de registratie voor schepen, per object € 10,00</al></li><li nr="e."><al>Voor het telefonisch verstrekken van deze</al><al> informatie uit het kadaster, per object € 10,00</al></li></lijst><al>Dit tarief is overeenkomstig de Regeling Tarieven Kadaster. Het verstrekken van
                    de gegevens geschiedt door het verschaffen van één of meerdere
                    computerprints.</al><lijst><li nr="10."><al>2 <cursief>Nasporing archief Bouw- en woningtoezicht</cursief></al></li><li nr="a."><al>Voor het doen van een opzoeking of een nasporing</al></li></lijst><al>in het archief Bouw- en woningtoezicht door de </al><al>daarvoor aangewezen ambtenaren, per kwartier € 12,34</al><al>b. Voor het doen van een opzoeking of een nasporing</al><al>in het digitaal archief Bouw- en woningtoezicht via </al><al>internet, zonder hulp van ambtenaren € 0,00</al><lijst><li nr="c."><al>Voor een kopie van een stuk of gedeelte daarvan</al><al> per stuk € 0,50</al></li><li nr="d."><al>Voor het verstrekken van een kopie van grootformaat</al><al> stukken, zoals bouwtekeningen en plattegronden; </al><al> per stuk (formaat van origineel groter dan A3) € 14,30</al></li><li nr="e."><al>Voor het verstrekken van een digitaal bestand,</al><al> van een bij het archief Bouw- en woningtoezicht </al><al> berustende bouwtekening € 5,85</al></li><li nr="f."><al>Voor het downloaden van een bestand uit het digitale</al><al> archief Bouw- en woningtoezicht € 0,00</al></li><li nr="g."><al>Afhandelingskosten voor toezenden van kopieën,</al><al> gedigitaliseerd materiaal (via e-mail) etc. € 3,19</al></li><li nr="10."><al>3 <cursief>Informatievoorziening commerciële partijen.</cursief></al></li></lijst><al>Voor het verstrekken van informatie betreffende </al><al>bestemmingsplannen, gebieden waarop Wet </al><al>Voorkeursrecht Gemeenten van toepassing is; </al><al>aanwezigheid van op een pand rustende aanschrijving </al><al>ter plaatse bekende bodemgesteldheid:</al><al> per informatieverzoek € 17,27</al><al><vet>Hoofdstuk 11 Wet op de kansspelen</vet></al><al>11.1<cursief> Vergunningen voor speelautomaten</cursief></al><al>Voor het verkrijgen van een aanwezigheidsvergunning als bedoeld in artikel 30b
                    van de Wet op de Kansspelen </al><al>per vergunning € 22,50</al><al>vermeerderd met:</al><al>per toestel een bedrag van € 34,00</al><al> Indien de periode minder bedraagt dan een kalenderjaar, </al><al>wordt het jaartarief naar evenredigheid in rekening </al><al>gebracht. De bedragen zijn vastgesteld volgens het </al><al>Speelautomatenbesluit 2000.</al><lijst><li nr="11."><al>2 <cursief>Wet op de kansspelen</cursief></al><al> Voor een vergunning tot het aanleggen van een </al><al> kansspel als bedoeld in artikel 3 van de Wet op </al><al> de kansspelen:</al></li><li nr="a."><al>bij een prijzenpakket tot € 455,00 € 17,90</al></li><li nr="b."><al>bij een prijzenpakket van € 455,00 en meer € 35,85</al></li></lijst><al><vet>Hoofdstuk 12 Drank- en Horecawet</vet></al><al>12 <cursief>Vergunningen en/of ontheffingen in verband met de
                    Drank-</cursief></al><al><cursief> en Horecawet en/of de exploitatievergunning ingevolge </cursief></al><al><cursief> Hoofdstuk 2, afdeling 3, paragraaf 1a van de Algemene </cursief></al><al><cursief> Plaatselijke Verordening</cursief></al><lijst><li nr="a."><al>Voor wijziging van de omschrijving in de in de akte </al><al> van vergunning vermelde Lokaliteiten als bedoeld </al><al> in artikel 30 van de Drank- en Horecawet en/of de </al><al> exploitatievergunning, op verzoek van de </al><al> vergunninghouder € 31,55</al></li><li nr="b."><al>Voor het in behandeling nemen van een aanvraag </al><al> om ontheffing ex artikel 35, tweede lid Drank- </al><al> en Horecawet € 20,90</al></li><li nr="c."><al>Voor het in behandeling nemen van een aanvraag </al></li></lijst><al>tot verkrijging van de Drank- en Horecawet</al><al>vergunning en/of de exploitatievergunning wanneer </al><al>sprake is van een wijziging van de </al><al>leidinggevende/beheerder in loondienst € 94,15</al><al>d.Voor het in behandeling nemen van een andere </al><al>aanvraag om een Drank- en Horecawet vergunning, de exploitatievergunning en/of
                    ontheffing op grond </al><al> van de in deze rubriek genoemde regelingen € 523,00</al><al>e.Voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot </al><al>e. alleen de wijziging van exploitatievorm € 0,00</al><al><vet>Hoofdstuk 13 Algemene Plaatselijke Verordening</vet></al><lijst><li nr="13."><al>1 <cursief>Verlenging sluitingsuur van inrichtingen voor het
                            </cursief></al><al><cursief> verbruiken van eet- en drinkwaren</cursief></al><al> Voor het verlenen van ontheffing als bedoeld in </al><al> artikel 32, zesde lid van de Algemene Plaatselijke </al><al> Verordening: per dag waarvoor de toestemming geldt € 41,80</al><al> met een maximum van € 209,20</al></li><li nr="13."><al>2 <cursief>Ventvergunningen</cursief></al><al> Voor een vergunning ex artikel 127 van de </al><al> Algemene plaatselijke verordening, om in de </al><al> gemeente te mogen venten: </al></li><li nr="a."><al>voor 1 of meer maanden per kwartaal, per maand € 20,92</al><al> met een maximum van € 53,78</al></li><li nr="b."><al>voor 1 of meer kwartalen per jaar, per kwartaal € 53,78</al><al> met een maximum van € 118,34</al></li><li nr="c."><al>voor een jaar € 118,34</al><lijst><li nr="13.3"><al><cursief>Collecten</cursief></al><al>Voor het afgeven van een vergunning voor het houden </al><al> van een openbare inzameling van geld en/of goederen </al><al> als bedoeld in artikel 126 van de Algemene plaatselijke </al><al> verordening € 5,06</al></li><li nr="13.4"><al><cursief>Algemene Plaatselijke Verordening APV</cursief></al></li></lijst></li><li nr="a."><al>Voor het in behandeling nemen van een aanvraag</al><al> van een (rechts)persoon, niet zijnde een openbaar </al><al> nutsbedrijf, voor een vergunning ingevolge </al><al> artikel 14 van de APV voor wat betreft het aanbrengen </al><al> van ondergrondse voorzieningen, zoals kabels, </al><al> leidingen en tankinstallaties, in openbare grond: € 527,55</al></li><li nr="b."><al>Voor het in behandeling nemen van een aanvraag </al></li></lijst><al>voor een vergunning ingevolge artikel 13 van de </al><al>APV tot het aanbrengen van voorzieningen als </al><al>benzine- of oliepompinstallaties, perrons, </al><al>pomptrottoirs, bedieningshuisjes en kiosken op </al><al>openbare grond € 527,55</al><lijst><li nr="c."><al>Voor het in behandeling nemen van een aanvraag</al><al> voor een vergunning ingevolge artikel 13 en/of </al><al> artikel 114 of artikel 128 lid van de APV en voor </al><al> zover met betrekking tot artikel 13 van de APV </al><al> niet nader genoemd onder 13.4.1 en 13.4.b voor: </al><al> * Bouwactiviteiten € 207,65</al><al> * (licht)reclame € 207,65</al><al> * Terrassen € 207,65</al><al> * Tijdelijke terrassen € 103,80</al><al> * Aankondigingborden € 103,80</al><al> * Uitstallingen € 138,45</al><al> * Stoepborden € 138,45</al><al> * Zonneschermen € 207,65</al><al> * Automaten € 207,65</al><al> * Spandoeken € 103,80</al><al> * Winkelwagenopvangsluis € 207,65</al><al> * Rijwielbeugels en –rekken € 138,45</al><al> * Overige objecten € 138,45</al><al> * Overschrijvingen € 69,20</al><al> En voor het in behandeling nemen van een aanvraag </al><al> om een verlenging voor:</al><al> * Bouwactiviteiten € 103,80</al><al> * Terrassen € 103,80</al></li><li nr="d."><al>voor het verlenen van een ontheffing op grond </al><al> van artikel 10.63 juncto artikel 10.30 van de Wet </al><al> milieubeheer voor het uitvoeren van </al><al> gevelreinigingen, waarbij op het riool wordt </al><al> geloosd en afval vrijkomt € 76,73</al></li><li nr="e."><al>voor het verlenen van een ontheffing van het </al><al> algemene stookverbod ex artikel 134 APV per </al><al> toegekende ontheffing € 17,13</al></li><li nr="f."><al>voor iedere, op grond van de APV verleende </al><al> vergunning of ontheffing, voor zover daarvoor </al><al> in deze verordening geen bijzondere regeling </al><al> is opgenomen, per bladzijde € 2,99</al><al> met een minimum van € 5,06</al></li><li nr="g."><al> voor het in behandeling nemen van een aanvraag </al><al> voor een vergunning ingevolge art. 15 APV, voor </al><al> het maken c.q. veranderen van een uitweg op </al><al> openbare grond voor bedrijven en particulieren € 69,15</al></li><li nr="h."><al>voor het in behandeling nemen van een aanvraag </al><al> voor een vergunning voor het afleveren dan wel </al><al> ter aflevering aanwezig houden van consumenten-</al><al> vuurwerk op grond van artikel 92 lid 1 APV € 76,73</al></li><li nr="i."><al>voor het in behandeling nemen van een verzoek </al><al> tot ontheffing van artikel 110 APV voor het plaatsen </al><al> of in werking hebben van geluidsapparaten of </al><al> handelingen te verrichten op een zodanige wijze </al><al> dat voor een omwonende of voor de omgeving </al><al> geluidshinder wordt veroorzaakt € 76,73</al><al>13.5<cursief>Evenementen</cursief></al></li><li nr="a."><al>voor iedere op grond van artikel 26 van de</al></li></lijst><al>APV verleende vergunning voor het houden van een</al><al>evenement ex artikel 25 van de APV op of aan de</al><al>openbare weg (standaard, ± 1,5 uur behandeltijd) € 36,35</al><al>b.als onder a., maar dan vergunningen die overleg </al><al>vergen en 1,5 tot 5 uur behandeltijd kosten € 74,89</al><al>c.als onder a., maar dan vergunningen die intensieve </al><al>begeleiding vergen en meer dan 5 uur behandeltijd </al><al>kosten € 112,33</al><al>d.herhalend evenement: afhankelijk van de </al><al>complexiteit als onder b. of c.</al><lijst><li nr="e."><al>voor iedere op grond van artikel 26 van de APV</al><al> verleende vergunning voor het houden van een</al><al> evenement ex artikel 25 van de APV anders dan op</al><al> de openbare weg € 17,23</al></li><li nr="f."><al>Bij het indienen van een aanvraag binnen de </al></li></lijst><al>wettelijk voorgeschreven termijn van acht weken </al><al>worden de aanvragen belast met het dubbele tarief.</al><al>13.6<cursief>Exploitatie seksinrichtingen</cursief></al><al>13.6 Voor het in behandeling nemen van een aanvraag om </al><al>vergunning en/of ontheffing op grond Hoofdstuk 3, </al><al>Artikel 97 van de Algemene Plaatselijke </al><al>Verordening.€ 523,00</al><al>13.7<cursief>Exploitatievergunning grow- en/of smartshops</cursief></al><al>a.Voor het in behandeling nemen van een aanvraag om </al><al>vergunning op grond van artikel 45b Algemene </al><al>Plaatselijke Verordening € 3.000,00</al><al>b.Voor het in behandeling nemen van een aanvraag</al><al>Wijziging leidinggevende € 511,00</al><al><vet>Hoofdstuk 15 Verkeer en vervoer</vet></al><lijst><li nr="15."><al>1 <cursief>Informatie verkeersregelinstallaties</cursief></al><al> Voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot </al><al> het verstrekken van gegevens betreffende het </al><al> functioneren van verkeersregelinstallaties, per aanvraag: € 135,60</al><al><cursief>15.2 Ontheffingen RVV 1990</cursief></al></li><li nr="a."><al>Voor het in behandeling nemen van aanvragen van</al><al> ontheffing van het Reglement Verkeerstekens </al><al> en Verkeersregels voor langer dan twee weken, </al><al> uitgezonderd die, bedoeld onder b: € 87,45</al></li><li nr="b."><al>Voor het verlenen van een parkeerontheffing</al><al> voor invaliden: € 26,10</al></li><li nr="c."><al>Voor een wijziging van de ontheffing als bedoeld</al></li></lijst><al>onder a of b, op verzoek van de ontheffinghouder € 17,25</al><al>15.3 <cursief>Luchtvaartwetgeving.</cursief></al><al>Voor het verlenen van een verklaring van geen bezwaar </al><al> op grond van de Luchtvaartwet, dan wel een daarvan </al><al> afgeleide regeling, voor een kalenderjaar (alleen voor </al><al> vrije luchtballonnen) of voor een enkele gebeurtenis € 73,20</al><al><vet> Hoofdstuk 16 Wet op de openluchtrecreatie</vet></al><al>Vervallen.</al><al><vet>Hoofdstuk 17 Diversen</vet></al><lijst><li nr="17."><al>1 <cursief>Staanplaatsen ex artikel 2 Staanplaatsenverordening
                                1997</cursief></al></li><li nr="a."><al>Voor het in behandeling nemen van een aanvraag om</al><al> vergunning voor een standplaats voor de verkoop van </al><al> waren (ex artikel 2 van de staanplaatsenverordening </al><al> 1997) per in die aanvraag genoemde locatie € 304,27</al></li><li nr="b."><al>Voor het verlenen van een vergunning voor een</al><al> standplaats voor de verkoop van waren (ex artikel 2 </al><al> Staanplaatsenverordening 1997) wordt het onder a. </al><al> vermelde bedrag verhoogd met € 36,44</al></li><li nr="17."><al>2 <cursief>Terrasvergunning (tijdens de kermis)</cursief></al><al> Voor het verlenen van een terrasvergunning op of aan een </al><al> door de gemeenteraad aangewezen kermisterrein, tijdens </al><al> de Tilburgse kermis € 127,85</al></li><li nr="17."><al>3 <cursief>Instemmingsbesluit Telecom Aanbieders</cursief></al></li><li nr="a."><al>het tarief bedraagt voor het in behandeling</al><al> nemen van een melding in verband met het verkrijgen </al><al> van een instemming omtrent tijdstip, plaats en </al><al> werkwijze van de uitvoering van werkzaamheden </al><al> als bedoeld in artikel 5.2, lid 3 van de </al><al> Telecommunicatiewet, per locatie voor een tracé vanaf </al><al> 15 tot 100 meter een vast bedrag per vergunning van: € 284,40</al></li><li nr="b."><al> Het tarief voor tracé’s vanaf 100 meter wordt </al></li></lijst><al>vermeerderd met een bedrag per strekkende van € 0,60</al><al>per strekkende meter.</al><lijst><li nr="c."><al>Het tarief voor in het behandeling nemen van een melding voor het
                            verkrijgen van instemming voor het (ver)plaatsen van ondergrondse en
                            bovengrondse handholes, kasten e.d. t.b.v. een openbaar
                            telecommunicatienetwerk een vast bedrag van: € 114,10</al></li><li nr="17."><al>4 <cursief>Geluidsmeting afstelling geluidsbegrenzer</cursief></al></li><li nr="a."><al>een vast bedrag per meetopdracht € 130,55</al></li><li nr="b."><al>per meetuur € 71,12</al></li><li nr="c."><al>voor het wijzigen van de afstelling en/of het</al><al> verzegelen van een geluidsbegrenzer € 130,55</al><al>17.5<cursief>Kapvergunning</cursief></al></li><li nr="a."><al>Voor het in behandeling nemen van een aanvraag</al><al> om een kapvergunning, als bedoelt in de </al><al> Bomenverordening gemeente Tilburg 2000, </al><al> bedragen de leges voor één boom: € 50,50</al><al> b. Voor iedere volgende boom komt op dit bedrag </al><al> een toeslag van € 25,25</al><al> tot een maximum van € 505,00</al></li><li nr="c."><al>Indien de kapvergunning wordt geweigerd vindt een</al><al> restitutie plaats van 25% van de geheven leges. </al><al>17.6<cursief>Opslagkosten inboedels</cursief></al><al>17.6 Bij het ophalen van tijdelijk door de gemeente opgeslagen </al><al>17.6 inboedels te betalen vergoeding gerekend in de periode </al><al>17.6 vanaf het moment van woninguitzetting: </al></li><li nr="a."><al>0 weken - 2 weken € 70,00</al></li><li nr="b."><al>2 weken - 4 weken € 135,00</al></li><li nr="c."><al>4 weken - 7 weken € 225,00</al></li><li nr="d."><al>7 weken - 10 weken € 340,00</al></li><li nr="e."><al>10 weken - 3 maanden € 500,00</al><lijst><li nr="17.7"><al><cursief>Leges havenvergunning</cursief></al><al> Voor elke vergunning/toestemming ingevolge de </al><al> Havenverordening Piushaven Tilburg 2004, uitgezonderd </al><al> de toestemming als bedoeld in artikel 16 van de hiervoor </al><al> vermelde verordening € 35,00</al></li><li nr="17.8"><al><cursief>Leges marktvergunningen</cursief></al></li></lijst></li><li nr="a."><al>Voor een marktvergunning als bedoeld in artikel 5</al><al> van het Marktreglement 2001 € 36,61</al></li><li nr="b."><al>Voor een vergunning voor het plaatsen van</al><al> kramen als bedoeld in artikel 7, lid 3 van het in </al><al> lid a vermelde reglement € 36,61</al></li><li nr="c."><al>Voor het overschrijven van een vergunning als</al><al> bedoeld in artikel 14 van het in lid a vermelde </al><al> reglement € 36,61</al></li><li nr="d."><al>Voor het verlenen van een toestemming tot het</al><al> gebruik van apparatuur voor bakken en braden als </al><al> bedoeld in artikel 19, sub j van het in lid a </al><al> vermelde reglement € 36,61</al></li><li nr="e."><al>Voor het verlenen van een vergunning tot het</al><al> tijdelijk laten vervangen als bedoeld in artikel 21 </al><al> van het in lid a vermelde reglement € 36,61</al></li></lijst><al><vet>Memorie van toelichting behorende bij de “Verordening tot heffing en
                        invordering van leges 2008”.</vet></al><al><vet>Vervallen bepalingen uit de legesverordening 2007</vet></al><al>De volgende onderdelen uit de legesverordening 2007 komt met ingang van 2008 te
                    vervallen:</al><al><cursief>Hoofdstuk 3 Burgerlijke stand.</cursief></al><al>Het in dit hoofdstuk onder artikel 3.2, lid d opgenomen tarief voor het trouwen
                    in een trouwzaal te Berkel Enschot is komen te vervallen. Het pand waarin de
                    trouwlocatie was gevestigd is verkocht, waardoor er geen beschikking meer is
                    over de betreffende locatie. Alternatieve trouwlocaties in Berkel-Enschot zijn
                    boerderij Denissen en de Druiventros.</al><al><cursief>Hoofdstuk 4 Verstrekkingen uit de Gemeentelijke Basisadministratie
                        persoonsgegevens.</cursief> Het in dit hoofdstuk onder artikel 4.5 opgenomen
                    tarief voor transportkosten is met ingang van 1 januari 2008 komen te vervallen.
                    Op basis van de Wet GBA kan een gemeente ervoor kiezen om voor handelingen die
                    nodig zijn om aan afnemers en derden (lees: gemeenten, belastingdienst,
                    gerechtsdeurwaarders, kredietinstellingen e.d.) persoonsinformatie te
                    verstrekken. Deze zogenaamde transportkosten bedragen </al><al>€ 2,27 per aanvraag. Bij de opneming van deze kosten in onze legesverordening in
                    2003 ging het om ca. 14.000 aanvragen per jaar. Op basis van de eerste
                    kwartaalcijfers van 2007 ramen we voor dit jaar nog slechts 5.500 gevallen.
                    Volgens de afdeling financiën bedragen de kosten voor het vervaardigen, in- en
                    uitboeken, versturen e.d. van een factuur minimaal € 10,00. Een simpele rekensom
                    leert dus dat het innen van deze kosten niet rendabel (meer) is. </al><al><cursief>Hoofdstuk 16 Wet op de Openluchtrecreatie</cursief>. </al><al>Deze wet komt met ingang van 1 januari 2008 te vervallen, waardoor ook het
                    artikel in deze verordening vervalt (het in behandeling nemen van aanvragen op
                    grond van de hiervoor vermelde wet is niet meer aan de orde). Door dienst
                    Beleidsontwikkeling wordt gewerkt aan vervangend beleid.</al><al><vet>Inhoudelijke wijzigingen</vet></al><al>In de verordening hebben diverse redactionele wijzigingen plaatsgevonden.</al><al><vet>Artikel 11</vet></al><al>Artikel 11 is uitgebreid met een tweede lid, waarin is opgenomen dat het college
                    de bevoegdheid heeft om de legesverordening vast te stellen bij tarieven, die
                    van rijkswege in de loop van het belastingjaar wijzigen. Hiertoe is besloten om
                    zo snel en adequaat mogelijk in te kunnen springen op door het Rijk
                    aangekondigde wijzigingen van legestarieven.</al><al>De verhoging van de nominale index betreft 2,3%. In veel gevallen is besloten,
                    in verband met het gemak voor zowel burger als gemeente, de tarieven naar
                    beneden af te ronden op hele € 0,05.</al><al><vet>Tarieventabel:Hoofdstuk 3 tot en met 7 (Burgerzaken)</vet></al><al><cursief>Kostentoerekening Burgerzaken</cursief></al><al>Burgerzaken heeft zich tot doel gesteld om de primaire dienstverlening naar de
                    burger toe op een kwalitatief hoog niveau te brengen en te handhaven. </al><al> Bij deze berekening van de leges wordt uitgegaan van de nota “kostentoerekening
                    Belastingen en Retributieve Heffingen” van 2003, zoals vastgesteld door het
                    college op 15 september 2003 (A33). Hierin heeft de gemeente Tilburg haar beleid
                    met betrekking tot kostprijsberekening, kostendekking en prijsbeleid op
                    transparante en eenduidige wijze vastgelegd.</al><al>Hieraan wordt systematisch uitwerking gegeven binnen de gemeentelijke
                    bedrijfsvoering waarbij bedrijfseconomisch correcte uitgangspunten worden
                    gehanteerd.</al><al>Door de sector Burgerzaken worden enerzijds producten geleverd waarvoor de
                    burger leges betaalt en anderzijds producten waarvoor de burger niet betaalt.
                    Kostenverhoging van betaalde producten wordt gedekt door verhoging van de leges.
                    Kostenverhoging van de niet of gedeeltelijk betaalde producten gaat ten laste
                    van de algemene middelen. </al><al><cursief>Tarieven 2008 Burgerzaken</cursief></al><al>Voor de tariefwijzigingen voor 2008 van producten van Burgerzaken worden de
                    volgende uitgangspunten gehanteerd:</al><lijst><li nr="a."><al>De producten waarvoor door het rijk een wettelijk (maximum) tarief is
                            opgelegd. De betreffende tarieven, bijvoorbeeld reisdocumenten, zijn
                            aangepast aan de voor 2008 geldende (maximum) tarieven.</al></li><li nr="b."><al>Eveneens zijn rijksleges en inkoopkosten, voor zover bekend, aan de
                            prijzen voor 2008 aangepast. Deze laatste wijziging is budgettair
                            neutraal aangezien deze kostencomponent geheel wordt doorberekend aan de
                            burgers.</al></li><li nr="c."><al>De tarieven, waarvoor geen wettelijk (maximum) tarief geldt, worden
                            verhoogd met 2,3% (conform algemene nominale ontwikkeling).</al></li><li nr="d."><al>De uiteindelijke tarieven, die tot stand zijn gekomen na toepassing van
                            de punten a tot en met c, zijn afgerond op 5 eurocenten nauwkeurig, naar
                            boven dan wel naar beneden. De tarieven waarvoor een wettelijk maximum
                            geldt en waarvoor het maximum bedrag ook in rekening wordt gebracht,
                            zijn op 5 eurocenten nauwkeurig naar beneden afgerond.</al></li><li nr="e."><al>Voor producten waarvan de tarieven landelijk worden vastgesteld en
                            waarvan de tarieven voor 2008 bij het tot stand komen van de
                            legesverordening voor 2008 nog niet bekend zijn, zijn de tarieven voor
                            2007 opgenomen. Echter de in een later stadium centraal door de overheid
                            vastgestelde tarieven voor 2008 zullen, met de onder punt d. vermelde
                            afronding, worden gehanteerd.</al></li></lijst><al><cursief>Huwelijken</cursief></al><al>Er is sprake van een maatschappelijke ontwikkeling dat burgers buiten het
                    gemeentehuis willen trouwen. Op basis hiervan is op 1 april 2005 een pilot
                    gestart met betrekking tot het gebruik van externe trouwlocaties (collegebesluit
                    22 februari 2005, A20). De pilot liep tot 1 april 2006. Tijdens de pilotperiode
                    heeft slecht 2,7% van de aanstaande bruidsparen gekozen voor een externe
                    huwelijkslocatie. In maart 2006 is er een evaluatie gehouden onder de eigenaren
                    van de aangewezen externe locaties. Het merendeel heeft aangegeven door te
                    willen gaan. Op basis van het bovenstaande heeft het college besloten (20 juni
                    2006, nr 25) om de gehanteerde werkwijze voort te zetten en de pilot met drie
                    jaar te verlengen en in mei 2008 een definitief voorstel ter besluitvorming voor
                    te leggen. Gedurende de eerste twee jaar zal een continue-onderzoek worden
                    uitgevoerd naar de werkelijke vraag naar trouwen op locatie. </al><al><vet>Tarieventabel: Hoofdstuk 8 (Bouwvergunningen c.a.)</vet></al><al><vet> 8.2 Bouwvergunningen</vet></al><al><cursief>BIBOB en bouwvergunningen</cursief></al><al>Sinds 1 juli 2003 is de Wet BIBOB (Wet Bevordering Integriteitsbeoordeling door
                    het Openbaar Bestuur) van kracht. De wet geeft gemeenten, maar ook andere
                    overheden zoals provincies en ministeries, de mogelijkheid om bij het behandelen
                    van vergunningaanvragen en het verlenen van subsidies of opdrachten onderzoek te
                    doen naar mogelijke criminele activiteiten. Overheden kunnen deze criminele
                    activiteiten tegengaan door het weigeren van een vergunning of deze in te
                    trekken. Het college heeft bij de invoering besloten om de wet BIBOB van
                    toepassing te verklaren op de sector horeca.</al><al>De wet BIBOB is inmiddels ook van toepassing verklaard op de bouw. Tussen de 30
                    en 50 bouwaanvragen zullen jaarlijks leiden tot het uitreiken van een BIBOB
                    vragenlijst. Het BIBOB-traject is een extra stap in het bouwvergunningproces.
                    Dekking van de kosten vindt plaats binnen de bouwleges. </al><al><cursief>Invoering digitaal bouwarchief</cursief></al><al>In oktober 2006 is het digitaal bouwarchief op internet van start gegaan. Vanaf
                    dat moment kunnen burgers en bedrijven gegevens uit het bouwarchief digitaal via
                    internet inzien. De toegang tot het archief verloopt middels DigiD, de digitale
                    identificatievoorziening voor overheidsinstellingen.</al><al>De start van het digitaal bouwarchief op internet betekent een duidelijke
                    verbetering in de (elektronische) dienstverlening voor de klanten van het
                    bouwarchief. Zij kunnen nu snel en plaatsonafhankelijk gegevens online opvragen.
                    Het digitaal bouwarchief kan sinds najaar 2005 al in de stadswinkel worden
                    geraadpleegd.</al><al>In de situatie voor invoering van het digitaal bouwarchief werden aan burgers
                    leges geheven voor het raadplegen, opvragen en beschikbaar stellen van gegevens
                    uit het papieren archief, met name kopieën van bouwtekeningen. Met de
                    digitalisering kunnen klanten gegevens rechtstreeks inzien waardoor het heffen
                    van leges niet meer reëel is voor alles wat de klant kan raadplegen in het
                    digitaal archief of zelf kan downloaden. Ook is dit niet kostenefficiënt. Alleen
                    bij verzoeken aan de gemeente voor het uitprinten van grotere formaten
                    tekeningen worden nog leges opgelegd. Het <cursief>raadplegenen
                        downloaden</cursief> van het digitaal bouwarchief via internet is
                    legesvrij.</al><al>Het beheer van het digitale bouwarchief brengt voorts extra kosten met zich mee
                    die vooral te maken hebben met het inrichten en scannen van bouwdossiers ten
                    behoeve van de digitalisering. Het betreft hier handelingen die nieuw zijn ten
                    opzichte van de oude situatie. </al><al>Door de hiervoor vermelde kosten (BIBOB, bouwvergunningen en digitaal
                    bouwarchief) moet er een opbrengst gerealiseerd worden van € 103.000,00.
                    Hierdoor stijgen de percentages van de bouwleges met 1,86%.</al><al><vet> 8.2.9 Advies Agrarische Adviescommissie Bouwaanvragen (AAB)</vet></al><al>Regelmatig vraagt de gemeente in het kader van een bouwvergunningaanvraag advies
                    aan de Agrarische Adviescommissie Bouwaanvragen (AAB). Meerdere
                    bestemmingsplannen stellen dit verplicht. Het tarief is voor 2008 verhoogd
                    naar</al><al>€ 357,00, aangezien de AAB heeft laten weten dat ze in 2008 een tarief van €
                    300,00 exclusief BTW (19 procent) in rekening zullen brengen.</al><al><vet> 8.3 Verhoging, § 8.4 Bestemmingswijzigingen en § 8.5 Teruggaaf</vet></al><al>Met betrekking tot de Wet op de ruimtelijke ordening is per 1 juli 2008 een
                    algehele herziening aangekondigd (Staatsblad 2006, 566). Het gevolg van de
                    nieuwe wet is onder andere dat het instrumentarium uit de huidige wet anders
                    genoemd en genummerd gaat worden. Teneinde de gevolgen van deze wetswijziging op
                    te kunnen vangen, en geen leemte te laten ontstaan is besloten de gewijzigde
                    tekst vooruitlopend op de nieuwe wet in de verordening op te nemen. De
                    inwerkingtreding van de betreffende artikelen is gekoppend aan de
                    inwerkingtreding van de gewijzigde wet.</al><al> N.B.: Door de nieuwe wet zal het bestemmingsplan niet een substantieel langere
                    procedure gaan doormaken dan de huidige artikel 19 WRO procedure of het
                    projectbesluit. Het projectbesluit is het equivalent van de
                    vrijstellingsprocedure uit de nieuwe wet. Het bestemmingsplan en het
                    projectbesluit hebben deels ook overeenkomende doelstellingen. Beide
                    instrumenten hebben hun specifieke voor- en nadelen. Per situatie moet voor een
                    instrument gekozen kunnen worden. Voor een verzoeker mogen de leges daarin geen
                    rol van betekenis spelen.</al><al><vet>8.6 Sloopvergunning I</vet></al><al>Dit artikel heeft de afgelopen 2 jaren tot veel onduidelijkheid en
                    ontevredenheid geleid bij aanvragers. Om die reden is het artikel geheel
                    aangepast. Hierbij is aansluiting gezocht bij de systematiek die ook door andere
                    grote gemeenten wordt toegepast. De concepttekst is voorgelegd aan Wonen
                    Breburg. Zij kunnen instemmen en zijn tevreden met de gewijzigde tekst van het
                    artikel.</al><al>Omdat tegenwoordig altijd een asbestinventarisatie moet worden gedaan, wordt er
                    niet meer een toeslag geheven voor de beoordeling van het
                    asbestinventarisatierapport. Dit bedrag is nu opgenomen in de tarieven voor het
                    in behandeling nemen van een sloopaanvraag.</al><al><vet>8.6 a Sloopvergunning II en 8.8 a Aanlegvergunningen</vet></al><al>Gelijktijdig met de inwerkingtreding van de Wet op de ruimtelijke ordening
                    (Staatsblad 2006, 566) in juli 2008 wordt ook de Wet op de Stads- en
                    Dorpsvernieuwing gewijzigd. Als gevolg hiervan wordt het
                    sloopvergunningenstelsel overgeheveld van de Wet op de Stads- en
                    Dorpsvernieuwing naar de Wet op de ruimtelijke ordening. Ten aanzien van de
                    aanlegvergunning heeft in de nieuwe Wet ruimtelijke ordening een vernummering
                    plaatsgevonden. Dit wordt ondervangen in de voorliggende legesverordening. </al><al><vet>9 Archivalia berustend in de archiefbewaarplaatsen van het Regionaal
                        Archief Tilburg </vet></al><al>Met ingang van 1 januari 2007 is het Musea en Archiefbedrijf Tilburg naar een
                    stichting volgens commissarissenmodel verzelfstandigd. Dit houdt in dat het
                    Audax Textielmuseum Tilburg, het Stadsmuseum Tilburg en het Regionaal Archief
                    Tilburg zijn ondergebracht in de Stichting Mommerskwartier. Gevolg hiervan is
                    dat de uitvoerende werkzaamheden worden gedaan door de Stichting
                    Mommerskwartier; de gemeentearchivaris staat op afstand en is in dienst van de
                    gemeente.</al><al>Het tarief in artikel 9, lid a ad € 2,35 en ad € 5,20 is verlaagd naar € 0,50
                    per fotokopie, maar wel opgehoogd met reële afhandelingskosten. Dit houdt een
                    verbetering in voor de klanten, omdat er nu een eenduidig tarief wordt
                    gehanteerd. Bepaalde categorieën zijn verwijderd zoals de Burgerlijke Stand,
                    doop-, trouw- en begraafboeken, omdat deze <cursief>gratis</cursief> op de
                    website digitaal ter beschikking worden gesteld met een extra mogelijkheid deze
                    gratis te downloaden.</al><al>In artikel 9, lid 1, onderdeel c is een passage opgenomen, waarmee het mogelijk
                    wordt dat scholieren, studenten en wetenschappelijke onderzoekers op hun
                    aanvraag 50 procent reductie ontvangen. In de praktijk werd deze regeling reeds
                    jaren toegepast. Via opname in de verordening is deze regeling nu ook formeel
                    vastgelegd.</al><al><vet>Tarieventabel: Hoofdstuk 13 Algemeen Plaatselijke Verordening</vet></al><al><vet>13.4.g Verstrekken vergunning uitweg op openbare weg</vet></al><al>Dit artikel heeft betrekking op APV vergunningen in verband met de aanleg van
                    particuliere inritten. De vergunning worden uitgegeven door de afdeling
                    Realisatie Infrastructuur van Openbare Werken Tilburg. Op jaarbasis betreft het
                    75 vergunningen. </al><al>De kosten worden bepaald door de tijd die de medewerker nodig heeft voor het
                    verstrekken van de vergunning en door de kosten van het drukwerk. Tarief is
                    verhoogd naar € 69,15 (incl. nominale index van 2,3%) in verband met
                    kostendekking.</al><al><vet> Tarieventabel: Hoofdstuk 17 (Diversen)</vet></al><al><vet>17.6opslagkosten inboedels</vet></al><al>Het doel van de opslag is om mensen, die om wat voor reden dan ook uit hun huis
                    worden gezet, gedurende drie maanden de kans te geven hun inboedel weer te
                    verkrijgen. De regeling is vanaf 2001 zo opgezet dat de financiële drempel voor
                    de eigenaar dermate laag is dat:</al><lijst><li nr="·"><al>er meer inboedels worden opgehaald door de eigenaar</al></li><li nr="·"><al>het ruimtebeslag beperkt blijft.</al></li></lijst><al>Hierdoor is besloten de tarieven ten opzichte van 2007 niet te verhogen.</al><al><vet>17.7leges havenvergunningen</vet></al><al>Besloten is het tarief niet met de nominale index te verhogen, zodat gerekend
                    kan worden met een makkelijk rekentarief.</al><al><vet>Totaal van de legesverordening 2008</vet></al><al>Volgens de wettelijke regeling mag het dekkingspercentage van de totale
                    legesverordening maximaal 100% bedragen. Dit betekent dat individuele leges wel
                    een overdekking mogen kennen, maar dat alle leges gezamenlijk maximaal 100% van
                    de kosten mogen dekken. Voor de gemeente Tilburg geldt dat de totale
                    kostendekking onder de 100% ligt.</al><al>De totale lasten van de legesverordening bedragen: € 16.226.000,00</al><al>De geraamde opbrengsten zijn: € 12.108.000,00</al><al><vet>Saldo € 4.118.000,00</vet></al><al>Het kostendekkingspercentage is 75%.</al></bijlage></regeling></body></cvdr>