<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR289167_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening sociaal medisch geindiceerde kinderopvang Haarlemmerliede en Spaarnwoude 2013</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Haarlemmerliede en Spaarnwoude</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-01-09</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Haarlemmerliede en Spaarnwoude</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Haarlems Weekblad, 1-5-2013 en Witte Weekblad, 1-5-2013</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening sociaal medisch geindiceerde kinderopvang Haarlemmerliede en Spaarnwoude 2013</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet, art. 149</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>maatschappelijke zorg en welzijn</dcterms:subject><dcterms:issued>2013-04-23</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2013-04-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2016-02-25</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>BOB 13/012</overheidrg:kenmerk><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening sociaal medisch geindiceerde kinderopvang Haarlemmerliede en Spaarnwoude 2013</intitule><regeling><aanhef><preambule><al/><al><vet>Verordening sociaal medisch geïndiceerde kinderopvang</vet></al><al><vet>Haarlemmerliede en Spaarnwoude 2013</vet></al><al/><al>De raad van de gemeente Haarlemmerliede en Spaarnwoude;</al><al/><al>Gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 19 maart
                        2013;</al><al>gelet op artikel 149 van de Gemeentewet;</al><al/><al>overwegende dat het noodzakelijk is de verlening van de tegemoetkoming
                        van de gemeente in de kosten van kinderopvang op basis van een sociaal
                        medische indicatie bij verordening vast te stellen;</al><al/><al>Besluit:</al><al/><al>vast te stellen de volgende verordening:</al><al/><al>Verordening Sociaal medisch geïndiceerde kinderopvang Haarlemmerliede en
                        Spaarnwoude 2013</al><al/><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>1</nr><titel>Algemene bepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsbepalingen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Alle begrippen die in deze verordening worden gebruikt en niet nader
                                worden omschreven hebben dezelfde betekenis als in de Wet
                                kinderopvang en kwaliteitseisen peuterspeelzalen (Wko), de Wet werk
                                en bijstand (WWB), de Algemene wet bestuursrecht (Awb) en de
                                Gemeentewet.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>de wet: de Wet kinderopvang en kwaliteitseisen
                                        peuterspeelzalen (Wko);</al></li><li nr="b."><al>het college: het college van burgemeester en wethouders van
                                        de gemeente Haarlemmerliede en Spaarnwoude;</al></li><li nr="c."><al>de raad: de gemeenteraad van de gemeente Haarlemmerliede en
                                        Spaarnwoude;</al></li><li nr="d."><al>uitkering: algemene bijstand op grond van de WWB, alsmede
                                        een uitkering op grond van de IOAW en IOAZ;</al></li><li nr="e."><al>vergoeding: bijdrage in de koten van kinderopvang op basis
                                        van sociaal medische gronden;</al></li><li nr="f."><al>sociaal medische gronden: lichamelijke, verstandelijke of
                                        psychische beperkingen van een ouder of diens kind waarom
                                        het afnemen van kinderopvang ten behoeve van het kind
                                        noodzakelijk is;</al></li><li nr="g."><al>houder: degene aan wie een onderneming als bedoeld in de
                                        Handelsregisterwet 2007 toebehoort en die met die
                                        onderneming een kindercentrum of gastouderbureau exploiteert
                                        ofwel een gastouder die een voorziening voor gastouderopvang
                                        exploiteert.</al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Doelgroep</titel></kop><al>Tot de doelgroep van deze verordening behoort:</al><lijst><li nr="1."><al>De ouder met een lichamelijke, verstandelijke of psychische
                                    beperking die een kind tussen de 0 en 8 jaar heeft voor wie
                                    kinderopvang nodig is om zich goed en gezond te kunnen
                                    ontwikkelen en waarbij de noodzaak verband houdt met de door de
                                    ouder ondervonden beperkingen;</al></li><li nr="2."><al>de ouder van een kind tussen de 0 en 8 jaar dat een
                                    lichamelijke, verstandelijke of psychische beperking heeft en
                                    voor wie kinderopvang nodig is om zich goed en gezond te kunnen
                                    ontwikkelen. Daarbij dient er een verband te bestaan tussen de
                                    door het kind ondervonden beperkingen en de noodzaak tot het
                                    gebruik maken van kinderopvang.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Aanspraak op een vergoeding</titel></kop><al>1.De ouder als bedoeld in artikel 2 van deze verordening komt in
                            aanmerking voor een vergoeding van de kosten als het (gezamenlijk)
                            belastbaar jaarinkomen lager is dan € 38.000.</al><al/><al>2. De ouder als bedoeld in artikel 2 van deze verordening komt in
                            aanmerking voor een vergoeding van de kosten van kinderopvang op sociaal
                            medische gronden voor zover er sprake is van noodzakelijke kosten.</al><al/><al>3. Bij de bepaling van de noodzaak houdt het college rekening met
                            (kosteloze) alternatieven met betrekking tot de opvang van het
                            kind.</al><al/><al>4. Het college kan een onafhankelijk derde onderzoek laten verrichten
                            naar de noodzaak tot het afnemen van kinderopvang. </al><al/><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Omvang en duur van de kinderopvang</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De vergoeding wordt slechts verleend voor het aantal uren per
                                    week gedurende welke de inzet van de kinderopvang op sociaal
                                    medische gronden naar het oordeel van het college noodzakelijk
                                    is.</al></li><li nr="2."><al>De vergoeding wordt verleend voor de periode van maximaal 6
                                    maanden.</al></li></lijst><al/></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>2</nr><titel>Aanvraagprocedure</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>De aanvraag</titel></kop><al>De aanvraag voor de vergoeding in de kosten van de sociaal medisch
                            geïndiceerde kinderopvang wordt ingediend bij het college van
                            burgemeester en wethouders van de gemeente Haarlemmerliede en
                            Spaarnwoude. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Te verstrekken gegevens bij de aanvraag</titel></kop><al>Een aanvraag voor een vergoeding op grond van deze verordening bevat in
                            ieder geval:</al><lijst><li nr="a."><al>naam, adres en BSN van de ouder;</al></li><li nr="b."><al>indien van toepassing: de naam en BSN van de partner en, als dit
                                    afwijkt van het adres van de ouder, het adres van de
                                    partner;</al></li><li nr="c."><al>naam, geboortedatum en BSN van het kind of de kinderen waarop de
                                    aangevraagde tegemoetkoming betrekking heeft;</al></li><li nr="d."><al>het aantal uren per volledige maand en de periode waarin
                                    kinderopvang volgens de aanvrager noodzakelijk zal zijn;</al></li><li nr="e."><al>bewijsstukken waaruit blijkt dat de afname van kinderopvang ten
                                    behoeve van het betreffende kind op grond van lichamelijke,
                                    psychische of verstandelijke beperkingen van de ouder of het
                                    kind zelf noodzakelijk is;</al></li><li nr="f."><al>van de ouder en diens eventuele partner een loonstrook- en/of
                                    uitkeringspecificatie of overzicht van het bruto
                                    jaarinkomen;</al></li><li nr="g."><al>een offerte of contract van het kindercentrum of het
                                    gastouderbureau dat de kinderopvang gaat verzorgen waarin in
                                    ieder geval wordt aangegeven:</al></li><li nr="·"><al>Het aantal uren kinderopvang per kind per maand,</al></li><li nr="·"><al>De kostprijs per uur,</al></li><li nr="·"><al>De ingangsdatum en de einddatum van de overeenkomst met het
                                    kindercentrum of het gastouderbureau;</al></li><li nr="h."><al>een machtiging voor rechtstreekse betaling van de tegemoetkoming
                                    aan het kindercentrum of het gastouderbureau;</al></li><li nr="i."><al>de handtekening van de ouder en, als de ouder een partner heeft,
                                    van de partner.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>3</nr><titel>Verlening van een vergoeding</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Het besluit tot verlenen van de vergoeding</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college neemt binnen acht weken na ontvangst van alle benodigde
                                gegevens een besluit over de aanvraag als bedoeld in artikel 5 van
                                deze verordening.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college kan het in het eerste lid bedoelde besluit met ten
                                hoogste vier weken opschorten. Het college stelt de ouder
                                schriftelijk in kennis van de opschorting. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Inhoud van de beschikking</titel></kop><al>Het besluit tot verlening van een vergoeding in de kosten van sociaal
                            medische geïndiceerde kinderopvang bevat in ieder geval:</al><lijst><li nr="a."><al>de naam en de geboortedatum van het kind of de kinderen van wie
                                    de vergoeding werd aangevraagd;</al></li><li nr="b."><al>het aantal uren per week waarvoor een vergoeding wordt
                                    verleend;</al></li><li nr="c."><al>de periode gedurende welke de vergoeding wordt verleend;</al></li><li nr="d."><al>de naam en het adres van het kindercentrum of gastouderbureau
                                    waar de kinderopvang plaatsvindt;</al></li><li nr="e."><al>de wijze waarop het bedrag van de vergoeding wordt bepaald en
                                    het bedrag dat op basis hiervan wordt verleend;</al></li><li nr="f."><al>de wijze waarop de tegemoetkoming wordt uitbetaald;</al></li><li nr="g."><al>de voor de ouder(s) geldende verplichtingen.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>De betaling van de vergoeding</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De vergoeding wordt in de vorm van maandelijkse termijnen uitbetaald
                                aan de houder van het kindercentrum of het gastouderbureau.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De ouder verstrekt na iedere maand de factuur van het kindercentrum
                                of gastouderbureau van de betreffende kalendermaand waarover de
                                tegemoetkoming verstrekt is door de gemeente Haarlemmerliede en
                                Spaarnwoude.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Ingangsdatum van de vergoeding</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De vergoeding wordt verleend met ingang van de datum waarop de
                                noodzaak tot het afnemen van kinderopvang is ontstaan.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De vergoeding kan, met inachtneming van het eerste lid, niet eerder
                                worden verleend dan de ingangsdatum waarop de overeenkomst tot het
                                afnemen van kinderopvang ten behoeve van het betreffende kind is
                                ingegaan.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De vergoeding kan voorts, met inachtneming van het eerste en tweede
                                lid, niet eerder worden verleend dan met ingang van de eerste dag
                                van de maand voorafgaand aan de maand waarin de aanvraag door het
                                college werd ontvangen. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Hoogte van de vergoeding</titel></kop><al>De hoogte van de tegemoetkoming voor de in artikel 2, onder b genoemde
                            doelgroep, wordt vastgesteld overeenkomstig de methodiek van de
                            kinderopvangtoeslag van de Belastingdienst, rekening houdend met het
                            inkomen van de ouder en diens (eventuele) partner, met inachtneming van
                            een maximaal inkomen van € 38.000.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Weigeringgronden</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college weigert de tegemoetkoming indien de ouder niet behoort
                                tot de personen als bedoeld in artikel 2. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college weigert de tegemoetkoming in het geval van een persoon
                                behorende tot een doelgroep als bedoeld in artikel 2 onder b, indien
                                sprake is van een voorliggende voorziening.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Terugvordering</titel></kop><al>Wanneer blijkt dat de tegemoetkoming onterecht is uitgekeerd, wordt het
                            teveel betaalde teruggevorderd.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>4</nr><titel>Verplichtingen van de ouder</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Beperking noodzaak</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De ouder en/of partner doet al het mogelijke dat de periode waarin
                                noodzakelijke kinderopvang moet worden afgenomen, zo kort mogelijk
                                is</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De ouder en/of partner doet al het mogelijke om het aantal uren
                                waarop noodzakelijke kinderopvang moet worden afgenomen, zo gering
                                mogelijk is.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr><titel>Inlichtingenplicht</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De ouder of partner verstrekt op verzoek, binnen een door het
                                college gestelde redelijke termijn, aan het college alle gegevens en
                                inlichtingen van hem en zijn partner die voor de aanspraak op en de
                                hoogte van de vergoeding van belang kunnen zijn.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De ouder doet het college onmiddellijk, na het bekend worden
                                daarvan, uit eigen beweging schriftelijk mededeling van inlichtingen
                                en gegevens die kunnen leiden tot een verlaging van de
                                vergoeding.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De houder verstrekt desgevraagd aan het college alle gegevens en
                                inlichtingen die voor de aanspraak van de ouder op de vergoeding van
                                de gemeente van belang zijn.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16</nr><titel>Overleggen facturen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De ouder verstrekt elke maand aan het college een kopie van de
                                factuur van het kindercentrum en het gastouderbureau.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De in het eerste lid bedoelde factuur wordt uiterlijk voor het einde
                                van de maand aan het college verstrekt.</al><al/></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>5</nr><titel>Slotbepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17</nr><titel>Hardheidsclausule</titel></kop><al>Het college kan indien toepassing van de verordening tot onbillijkheden
                            van overwegende aard leidt ten gunste van de belanghebbende afwijken van
                            de bepalingen in deze verordening.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>18</nr><titel>Inwerkingtreding en bekendmaking</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De verordening treedt in werking per 1 april 2013.</al></li><li nr="2."><al>De verordening tegemoetkoming kosten kinderopvang
                                    Haarlemmerliede en Spaarnwoude 2012 wordt ingetrokken met ingang
                                    van 1 april 2013.</al></li><li nr="3."><al>De verordening wordt bekendgemaakt op 6 mei 2013.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>19</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening sociaal medisch
                            geïndiceerde kinderopvang Haarlemmerliede en Spaarnwoude 2013.</al></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 23 april 2013</ondertekening><ondertekening>De griffier, De voorzitter,</ondertekening><ondertekening/><ondertekening/><ondertekening/></regeling-sluiting><nota-toelichting><al><vet><onderstreept>Algemene toelichting</onderstreept></vet></al><al/><al><vet>Inleiding</vet></al><al>Het college is van mening dat het niet wenselijk is de aanzienlijke
                            kosten van kinderopvang geheel voor eigen rekening te laten komen voor
                            persoenen die op sociaal medische gronden op kinderopvang zijn
                            aangewezen. De kinderopvang voor deze doelgroep is nog steeds niet
                            verankerd in de Wet kinderopvang en kwaliteitseisen peuterspeelzalen. </al><al/><al><vet>Hoofdlijnen van het proces van verstrekkingen van de
                                tegemoetkomingen</vet></al><al>In deze verordening worden de hoofdlijnen van het proces van
                            verstrekking van de vergoedingen door de gemeente Haarlemmerliede en
                            Spaarnwoude vastgelegd. Daarbij zijn twee uitgangspunten gehanteerd. Het
                            eerste uitgangspunt is dat de uitvoeringslasten voor zowel de gemeente
                            Haarlemmerliede en Spaarnwoude als de aanvragers van de vergoedingen zo
                            beperkt mogelijk moeten zijn. Het tweede uitgangspunt is dat de
                            gemeentelijke uitgaven die gemoeid zijn met de verstrekking van de
                            vergoedingen zo goed mogelijk beheersbaar zijn. </al><al/><al><vet>Bepalingen om de beheersbaarheid van de gemeentelijke uitgaven te
                                bevorderen</vet></al><al>De gemeentelijke tegemoetkoming in de kosten van kinderopvang is een
                            zogeheten ‘open-einde regeling’. Dit betekent dat iedereen die op grond
                            van de wet behoort tot de doelgroep aanspraak heeft op een vergoeding
                            van de gemeente.</al><al>Om de gemeente in staat te stellen de kosten die gepaard gaan met de
                            verstrekking van de vergoeding beheersbaar te houden, zijn in de
                            verordening de volgende bepalingen opgenomen:</al><lijst><li nr="-"><al>De vergoeding wordt alleen verstrekt voor kinderen van 0 tot 8
                                    jaar</al></li><li nr="-"><al>De vergoedingen wordt alleen verstrekt als er geen andere
                                    voorziening voor handen is (peuterspeelzaal, familie,
                                    kennissen)</al></li><li nr="-"><al>De vergoeding wordt alleen verstrekt voor het aantal uren
                                    kinderopvang per week dat naar het oordeel van het college voor
                                    de ouder redelijkerwijs noodzakelijk is</al></li><li nr="-"><al>De indicatie wordt gesteld door een onafhankelijke derde. Na de
                                    indicatie wordt er door het CJG door middel van een gezinsplan
                                    gewerkt aan verbeteringen in het gezin, waardoor de kinderopvang
                                    niet langer dan noodzakelijk nodig is.</al></li><li nr="-"><al>De vergoeding wordt toegekend voor maximaal 6 maanden met een
                                    optie tot verlenging na het doen van een nieuwe aanvraag</al></li><li nr="-"><al>De vergoeding wordt alleen verstrekt als het belastbaar
                                    gezinsinkomen &lt; 38.000 per jaar</al></li><li nr="-"><al>De vergoeding wordt uitbetaald in maandelijkse betalingen.
                                    Hierdoor blijft de omvang van eventuele onverschuldigde
                                    betalingen die de gemeente van de ouders moet terugvorderen,
                                    beperkt.</al><al/></li></lijst><al><vet>Artikelsgewijze toelichting Verordening sociaal medisch
                                geïndiceerde kinderopvang gemeente Haarlemmerliede en Spaarnwoude
                                2013</vet></al><al>De artikelsgewijze toelichting is beperkt tot die artikelen die ook
                            daadwerkelijk toelichting behoeven.</al><al/><al><vet>Artikel 2 Doelgroep</vet></al><al>Een vergoeding op grond van deze verordening wordt alleen verstrekt
                            indien is gebleken dat er sprake is van lichamelijke, verstandelijke of
                            psychische beperking van een ouder of diens kind. De beperking moet van
                            dien aard zijn dat het kind waarvoor een wordt aangevraagd zich zonder
                            de inzet van kinderopvang niet goed of gezond zou kunnen
                            ontwikkelen.</al><al/><al><vet>Artikel 3 Aanspraak op een vergoeding</vet></al><al>Een vergoeding wordt verstrekt aan de kwetsbare doelgroep die wanneer
                            hij de kinderopvang zelf zou moeten bekostigen een groot deel van het
                            inkomen hieraan moet besteden en hiervoor geen compensatie krijgt van de
                            belastingdienst. Uitgegaan is van twee keer de bijstandsnorm als
                            belastbaar jaar inkomen. </al><al>Een vergoeding wordt slechts verstrekt indien vast staat da de inzet van
                            kinderopvang noodzakelijk is. Indien blijkt dat er ook kosteloze of
                            goedkopere alternatieven zijn, die passend zijn dan is er geen sprake
                            van noodzakelijke kinderopvang. Daarbij kan gedacht worden aan
                            familieleden of kennissen die het kind kunnen opvangen of
                            peuterspeelzalen. Ook kan bezien worden indien er sprake is van een
                            partner, of er mogelijkheden zijn voor de partner om zijn of haar
                            werktijden te wijzigen zodat hij of zij het kind in de betreffende uren
                            kan opvangen. </al><al>Met een onafhankelijke advies van bijvoorbeeld de GGD of Argonaut Advies
                            wil de gemeente in samenwerking met het CJG een gezinsplan maken.
                            Daarmee kom je van "recht op vergoeding kinderopvang SMI" naar "recht op
                            de juiste ondersteuning bij gezinsproblemen". Kinderopvang SMI kan daar
                            tijdelijk onderdeel van uit maken.</al><al/><al><vet>Artikel 4 Omvang en duur van de opvang</vet></al><al>Het college heeft de mogelijkheid om een vergoeding toe te kennen voor
                            minder uren dan de aangevraagde uren indien het van mening dat de
                            noodzaak zicht tot minder uren beperkt. Daarnaast heeft het college de
                            mogelijkheid de vergoeding voor een kortere periode dan de aangevraagde
                            periode toe te kennen wanneer het van mening is dat noodzaak zich tot
                            een kortere periode beperkt. </al><al>De toekenning kan echter nooit de periode van 6 maanden overschrijden.
                            Omdat de vergoeding ook toegekend wordt op basis van het inkomen bij de
                            aanvraag, moet bij noodzakelijke verlenging ook een nieuwe aanvraag
                            worden ingediend.</al><al/><al><vet>Artikel 6 Te verstrekken gegevens bij de aanvraag </vet></al><al>Naast de genoemde gegevens kan het college ook andere gegevens vragen
                            die het nodig acht om een besluit op de aanvraag te kunnen nemen.
                            Hierbij kan bijvoorbeeld gedacht worden aan een verklaring met
                            betrekking tot de werktijden van een ouder, bewijsstukken met betrekking
                            tot de ondervonden beperkingen die van invloed zouden kunnen zijn op de
                            noodzaak tot het afnemen van kinderopvang. Dit is geen limitatieve
                            opsomming.</al><al/><al><vet>Artikel 9 De betaling van de vergoeding</vet></al><al>Vergoedingen worden maandelijks uitbetaald aan het kindercentrum of het
                            gastouderbureau. Iedere maand dient de ouder de factuur van de
                            betreffende maand te overleggen. Indien uit deze facturen blijkt dat de
                            ouder minder uren opvang afneemt dan de uren waarvoor een vergoeding
                            werd toegekend, kan dit aanleiding vormen om te onderzoeken of de ouder
                            wel heeft voldaan aan zijn inlichtingenplicht. </al><al/><al><vet>Artikel 10 Ingangsdatum van de vergoeding</vet></al><al>Aanvragen van een vergoeding met terugwerkende kracht is in beperkte zin
                            mogelijk. Hiervoor is aansluiting gezicht bij de bepalingen die de
                            Belastingdienst hanteert met betrekking tot het aanvragen van de
                            kinderopvangtoeslag.</al><al/><al><vet>Artikel 13 Terugvordering </vet></al><al>Bij de werkwijze voor terugvordering, met betrekking tot deze
                            terugvordering, wordt aangesloten bij de Wet werk en bijstand.</al><al/><al><vet>Artikel 14 Beperking noodzaak</vet></al><al>De ouder en diens eventuele partner zijn verplicht zelf al het mogelijk
                            te doen om ervoor te zorgen dat de noodzaak tot het afnemen van
                            kinderopvang zowel in omvang al in duur zo beperkt mogelijk is. Hierbij
                            kan gedacht worden aan het meewerken aan noodzakelijke behandelingen of
                            het gebruikmaken van mogelijkheden om de eventuele werktijden aan te
                            passen.</al></nota-toelichting></regeling></body></cvdr>