<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR28857_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Marktverordening Leiderdorp 2003</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Leiderdorp</dcterms:creator><dcterms:modified>2010-06-03</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Leiderdorp</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Onbekend</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Onbekend</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">de Algemene wet bestuursrecht (Awb)</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">de Gemeentewet</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>financiën en economie</dcterms:subject><dcterms:issued>2003-09-01</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2003-10-29</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Onbekend</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Onbekend</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Marktverordening Leiderdorp 2003 </intitule><regeling><aanhef><preambule><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>Afdeling</label><nr>1</nr><titel>Begripsomschrijvingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr></kop><al>In de verordening wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>algemene warenmarkt: </al><al>de markt waar alle artikelen te koop worden aangeboden die in
                                    winkels worden aangeboden, met uitzondering van dieren of
                                    artikelen voor de verkoop waarvan op grond van een wettelijke
                                    regeling een bijzondere vergunning vereist is;</al></li><li nr="b."><al>branchering:</al><al>de indeling in artikelengroepen en het aantal vastgestelde vaste
                                    plaatsen per artikelengroep per markt;</al></li><li nr="c."><al>markt:</al><al>het door burgemeester en wethouders aangewezen gedeelte van de
                                    openbare weg, dag en tijd bestemd voor het uitoefenen van de
                                    warenmarkt;</al></li><li nr="d."><al>marktterrein:</al><al>de gehele oppervlakte openbare of voor het publiek toegankelijke
                                    grond, welke bij besluit van burgemeester en wethouders voor het
                                    uitoefenen van de markthandel is of wordt aangewezen;</al></li><li nr="e."><al>standplaats:</al><al>de op of voor de duur van een markt door de burgemeester en
                                    wethouders aangewezen ruimte voor het uitoefenen van de
                                    markthandel;</al></li><li nr="f."><al>vaste plaats:</al><al>een standplaats die tot wederopzegging ter beschikking wordt
                                    gesteld aan de vergunninghouder;</al></li><li nr="g."><al>dagplaats:</al><al>een standplaats die per marktdag beschikbaar wordt gesteld aan
                                    de vergunninghouder;</al></li><li nr="h."><al>standwerkersplaats:</al><al>een dagplaats bestemd voor het uitoefenen van de handel op een
                                    wijze als bij standwerken geboden is;</al></li><li nr="i."><al>wachtlijst:</al><al>de lijst van gegadigden voor een vaste plaats;</al></li><li nr="j."><al>anciënniteitlijst</al><al>de lijst van vergunninghouders van een vaste plaats;</al></li><li nr="k."><al>vergunninghouder: </al><al>ieder aan wie door de burgemeester en wethouders een vergunning
                                    is afgegeven om gedurende een markt een standplaats in te
                                    nemen;</al></li><li nr="l."><al>standwerker: </al><al>de marktkoopman die publiek om zich heen verzamelt en een het
                                    publiek aansprekende uiteenzetting houdt over het door hem te
                                    verkopen artikel en tenslotte tracht een aantal personen
                                    gelijktijdig tot aankoop te bewegen;</al></li><li nr="m."><al>vervanging: </al><al>het in de plaats van de vergunninghouder innemen van de vergunde
                                    marktplaats teneinde de artikelen van de vergunninghouder te
                                    verhandelen gedurende een bepaalde periode in geval van ziekte,
                                    vakantie of in geval van een bijzondere omstandigheid;</al></li><li nr="n."><al>marktmeester:</al><al>de als zodanig door burgemeester en wethouders aangewezen
                                    ambtenaar;</al></li><li nr="o."><al>marktoverleg:</al><al>het door burgemeester en wethouders ingestelde overlegorgaan dat
                                    met hen overlegt over zaken die betrekking hebben op de gang van
                                    zaken op de markt;</al></li><li nr="p."><al>levenspartner:</al><al>de persoon met wie de vergunninghouder met het oogmerk duurzaam
                                    samen te wonen een gemeenschappelijke huishouding voert, hetgeen
                                    blijkt uit een schriftelijke verklaring ingericht volgens door
                                    burgemeester en wethouders te stellen regels.</al></li></lijst><al/></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Afdeling</label><nr>2</nr><titel>Algemene bepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2.1</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De markt vindt plaats op donderdag van 8:00 tot 14:00 uur nabij de
                                hoek van de Laan van Ouderzorg en de Van Diepeningenlaan. De
                                lotingstijd voor de markt is 8:00 uur.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders kunnen op grond van dringende redenen, in
                                afwijking van het eerste lid, bepalen dat de markt tijdelijk zal
                                plaatsvinden:</al><lijst><li nr="-"><al>op een andere dag</al></li><li nr="-"><al>op een andere tijd</al></li><li nr="-"><al>op een andere plaats</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders zijn bevoegd te bepalen dat de markt
                                tijdelijk zal plaatsvinden op een andere dag, in dien de in het
                                eerste lid bedoelde dag samenvalt met een van de in artikel 2,
                                eerste lid, onder b. van de Winkeltijdenwet genoemde dagen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2.2</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders bepalen ten aanzien van de markt:</al><lijst><li nr="-"><al>het aantal standplaatsen</al></li><li nr="-"><al>de afmeting van de standplaatsen</al></li><li nr="-"><al>de opstelling en indeling van de markt</al></li><li nr="-"><al>welke standplaatsen worden toegewezen als vaste plaats en
                                        als standwerkersplaats</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders kunnen voor de markt vaststellen:</al><lijst><li nr="-"><al>een lijst met branchegroepen; en</al></li><li nr="-"><al>een maximumaantal plaatsen per branche</al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2.3</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders kunnen een overlegorgaan instellen dat
                                tot taak heeft met hen te overleggen inzake
                                marktaangelegenheden.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders kunnen nadere regels stellen met
                                betrekking tot de samenstelling en werkwijze van het
                                overlegorgaan.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Afdeling</label><nr>3</nr><titel>Bepalingen met betrekking tot vergunningen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.1</nr></kop><al>Het is verboden een standplaats op een markt in te nemen zonder
                            vergunning van burgemeester en wethouders.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.2</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders kunnen voorschriften en beperkingen
                                verbinden aan een krachtens deze verordening verleende vergunning of
                                ontheffing, ter bescherming van de belangen in verband waarmee de
                                vergunning of ontheffing is vereist.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Degene aan wie krachtens deze verordening een vergunning of
                                ontheffing is verleend, is verplicht de daaraan verbonden
                                voorschriften en beperkingen in acht te nemen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.3</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders kunnen voor het aangewezen marktterrein
                                vaste plaatsen, dagplaatsen en standwerkersplaatsen verlenen, maar
                                verlenen in de regel vaste plaatsen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Een vrijgekomen vaste plaats wordt als dagplaats beschouwd en blijft
                                als zodanig aangemerkt, zolang zij niet als vaste plaats is
                                toegewezen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.4</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Voor toewijzing van een standplaats komt uitsluitend in aanmerking
                                een handelingsbekwaam natuurlijk persoon die een aanvraag voor een
                                vergunning heeft ingediend bij burgemeester en wethouders en die
                                daarbij tevens aantoont dat hij persoonlijk voldoet aan alle
                                publiekrechtelijke verplichtingen op het gebied van
                                bedrijfsuitoefening en bedrijfsorganisatie en van het uitoefenen van
                                handel zijn hoofdberoep heeft.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De vergunninghouder moet voldoende verzekerd zijn tegen vorderingen
                                tot schadevergoeding, waartoe hij vanwege zijn activiteiten op een
                                markt krachtens wettelijke aansprakelijkheidsbepalingen zou kunnen
                                worden verplicht wegens aan derden toegebrachte schade. Betrokkene
                                moet op verzoek van burgemeester en wethouders het bewijs overleggen
                                dat de door hem ter zake verschuldigde premie is voldaan.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De vergunninghouder wordt geacht aan de in het vorige lid
                                neergelegde verplichting te hebben voldaan, indien hij een geldig
                                bewijs van lidmaatschap overlegt van een organisatie die voor haar
                                leden een collectieve aansprakelijkheidsverzekering heeft afgesloten
                                voor de uitoefening van activiteiten op de markt.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.5</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De vergunning voor het innemen van een vaste plaats wordt
                                ingetrokken:</al><lijst><li nr="-"><al>op schriftelijk verzoek van de vergunninghouder</al></li><li nr="-"><al>bij overlijden van de vergunninghouder, tenzij op grond van
                                        art. 3.11 de vergunning wordt overgeschreven</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders kunnen een vergunning intrekken:</al><lijst><li nr="-"><al>indien ter verkrijging daarvan onjuiste dan wel onvolledige
                                        gegevens zijn verstrekt</al></li><li nr="-"><al>indien de vergunninghouder niet meer voldoet aan de artikel
                                        3.4 genoemde vereisten voor het toewijzen van een
                                        standplaats</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien degene op wie een vergunning ingevolge artikel 3.11 is
                                overgeschreven reeds vergunning heeft voor een andere standplaats op
                                dezelfde markt, wordt deze vergunning ingetrokken.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.6</nr></kop><al>Indien een vaste plaats kan worden toegewezen, verlenen burgemeester en
                            wethouders een vergunning waarin in ieder geval is bepaald:</al><lijst><li nr="-"><al>de naam en voorletters, de geboortedatum en –plaats, het adres
                                    en de woonplaats van de vergunninghouder;</al></li><li nr="-"><al>de afmetingen van de plaats;</al></li><li nr="-"><al>de verkoopmaterialen die de vergunninghouder bij het innemen van
                                    die plaats mag gebruiken;</al></li><li nr="-"><al>de artikelen (branche) die de vergunninghouder mag
                                    verhandelen;</al></li><li nr="-"><al>de datum waarop aan de vergunninghouder voor het eerst een
                                    vergunning is verleend en zijn volgnummer op de
                                    anciënniteitlijst</al></li><li nr="-"><al>dat de vergunninghouder zelf zorg draagt voor inzameling en
                                    afvoer van zijn afval en dat hij zijn standplaats schoon
                                    oplevert;</al></li><li nr="-"><al>van wie de vergunninghouder zijn elektriciteit betrekt;</al></li><li nr="-"><al>welke geluidsapparatuur op de standplaats is toegestaan;</al></li><li nr="-"><al>welke kook-, bak- en verwarmingsapparatuur zijn toegestaan.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.7</nr></kop><al>Vergunninghouders van vaste plaatsen worden met vermelding van en in
                            volgorde van de datum, waarop aan hen voor het eerst een vaste plaats is
                            toegewezen, op een doorlopend te nummeren lijst ingeschreven. Bij deze
                            inschrijving wordt tevens vermeld welke artikelen de vergunninghouder
                            mag verhandelen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.8</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders schrijven de aanvrager in op de
                                wachtlijst, indien:</al><lijst><li nr="-"><al>de aanvrager voldoet aan het bepaalde in art. 3.4, maar aan
                                        hem geen standplaats kan worden toegewezen; en</al></li><li nr="-"><al>de aanvrager heeft aangegeven dat hij op de wachtlijst wil
                                        worden geplaatst.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders vermelden bij inschrijving in ieder
                                geval:</al><lijst><li nr="-"><al>de naam en voorletters, de geboortedatum en –plaats, het
                                        adres en woonplaats van de aanvrager;</al></li><li nr="-"><al>de datum waarop de aanvraag door hem is ontvangen;</al></li><li nr="-"><al>de artikelen (branche) die de aanvrager wil
                                        verhandelen;</al></li><li nr="-"><al>de verkoopmaterialen die de aanvrager wil gebruiken.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders verstrekken de aanvrager een schriftelijk
                                bewijs van inschrijving op de wachtlijst</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De inschrijving op de wachtlijst blijft gehandhaafd, indien deze
                                door de ingeschrevene jaarlijks voor 1 januari schriftelijk wordt
                                verlengd.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.9</nr></kop><al>De inschrijving op de wachtlijst wordt doorgehaald:</al><lijst><li nr="-"><al>indien de ingeschrevene zijn inschrijving niet jaarlijks voor 1
                                    januari heeft verlengd;</al></li><li nr="-"><al>op schriftelijk verzoek van de ingeschrevene;</al></li><li nr="-"><al>bij overlijden van de ingeschrevene;</al></li><li nr="-"><al>wanneer aan de ingeschrevene een vergunning voor een vaste
                                    plaats is verleend, tenzij hij deze op grond van bijzondere
                                    omstandigheden niet aanvaardt;</al></li><li nr="-"><al>indien niet meer aan de vereisten van artikel 3.4 wordt
                                    voldaan.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.10</nr></kop><al>Indien voor de toewijzing van een beschikbare vaste plaats meer
                            aanvragers in aanmerking komen, wordt deze plaats achtereenvolgens
                            toegewezen aan:</al><lijst><li nr="1."><al>de vergunninghouder van een vaste plaats die aan het college
                                    schriftelijk de wens te kennen heeft gegeven van standplaats te
                                    willen veranderen, in volgorde van plaatsing op de
                                    anciënniteitlijst</al></li><li nr="2."><al>indien lid 1 niet van toepassing is degene die zich op de
                                    wachtlijst heeft laten inschrijven in volgorde van inschrijving
                                    op deze lijst.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.11</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>In geval van overlijden, dan wel blijvende arbeidsongeschiktheid kan
                                de vergunning voor een vaste plaats worden overgeschreven op de
                                achterblijvende echtgenoot, de geregistreerde partner of de
                                levenspartner van de vergunninghouder.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien de vergunning niet kan worden overgeschreven op grond van lid
                                1 kan de vergunning worden overgeschreven op een kind van de
                                vergunninghouder, indien deze tenminste drie jaar in loondienst van
                                het marktbedrijf van de vergunninghouder heeft gewerkt of gedurende
                                eenzelfde periode als mede-eigenaar in dit bedrijf heeft
                                gefunctioneerd en zich heeft laten inschrijven op de
                                wachtlijst.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het overschrijven van de vergunning op een medewerker is mogelijk
                                indien deze reeds aantoonbaar tenminste 3 jaar in loondienst van het
                                marktbedrijf van de vergunninghouder heeft gewerkt of gedurende
                                eenzelfde periode als mede-eigenaar in dit bedrijf heeft
                                gefunctioneerd en tevens op de wachtlijst staat voor een
                                standplaats.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Een aanvraag tot overschrijving wordt ingediend binnen twee maanden
                                na het overlijden van de vergunninghouder dan wel nadat de blijvende
                                arbeidsongeschiktheid is vastgesteld.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Het college is bevoegd in bijzondere omstandigheden af te wijken van
                                het bepaalde in dit artikel.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.12</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Toewijzing van een dagplaats geschiedt door afgifte van een
                                vergunning door burgemeester en wethouders op het moment dat de
                                standplaats niet als vaste plaats wordt ingenomen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De dagplaats wordt toegewezen door middel van loting uit de
                                gegadigden die zich daarvoor uiterlijk op de dag zelf voor 08:00 uur
                                aanmelden bij de marktmeester.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Toewijzing van een dagplaats geschiedt in overeenstemming met de
                                branchering.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.13</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders wijzen een standwerkersplaats toe door
                                middel van loting.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het is een ingeschrevene op de wachtlijst niet toegestaan deel te
                                nemen aan de loting voor een standwerkersplaats zolang deze
                                inschrijving niet definitief is vervallen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien een standwerker zich wil doen bijstaan, meldt hij dit vooraf
                                aan de marktmeester onder vermelding van de naam van degene die hem
                                zal bijstaan. Degene die hem zal bijstaan, mag niet op eigen naam
                                deelnemen aan de loting.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Afdeling</label><nr>4</nr><titel>Bepalingen over het gebruik van de standplaats</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4.1</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Standplaatsen dienen door de vergunninghouder in persoon te worden
                                ingenomen. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De vergunninghouder mag zich op de standplaats doen bijstaan.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De standwerker mag zich alleen doen bijstaan door degene die hij
                                overeenkomstig art. 3.13 bij de marktmeester heeft aangemeld.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4.2</nr></kop><al>De vergunninghouder van een vaste plaats neemt wekelijks doch ten minste
                            tienmaal per dertien weken zijn plaats op de markt in, dit met
                            inachtneming van het bepaalde in artikelen 4.3 en 4.4.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4.3</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De vergunninghouder van een standplaats die wegens, ziekte, vakantie
                                of bijzondere omstandigheden is verhinderd zijn standplaats in te
                                nemen, deelt dit schriftelijk mee aan burgemeester en wethouders.
                                Bij vakantie geeft de vergunninghouder aan hoe lang zijn afwezigheid
                                duurt.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De schriftelijke mededeling wordt tijdig voor de betreffende
                                marktdag gedaan. Plotselinge verhindering wordt mondeling of
                                telefonisch aan de marktmeester gemeld, gevolgd door een
                                schriftelijke bevestiging daarvan aan burgemeester en
                                wethouders.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Bij langdurige afwezigheid wegens ziekte overlegt de
                                vergunninghouder als bewijs van ziekte iedere drie maanden een
                                geneeskundige verklaring aan burgemeester en wethouders, tenzij hem
                                hiervan ontheffing is verleend.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4.4</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>In geval van ziekte, vakantie of bijzondere omstandigheden kunnen
                                burgemeester en wethouders op aanvraag van de vergunninghouder van
                                een standplaats hem tijdelijk ontheffing verlenen van de
                                verplichting om wekelijks doch tenminste tienmaal per dertien weken
                                de plaats op de markt in te nemen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders kunnen op aanvraag van de
                                vergunninghouder hem vergunning verlenen zich op zijn standplaats te
                                laten vervangen door een met name genoemde persoon.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4.5</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Degene die een standplaats op de markt inneemt of wenst in te nemen,
                                dient op eerste aanvraag van de marktmeester aan te tonen dat hij de
                                vergunninghouder is.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De vergunninghouder dient bij zijn standplaats duidelijk zichtbaar
                                zijn naam en bedrijfsnaam aan te geven.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4.6</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het is verboden voor vergunninghouders op het marktterrein meer dan
                                twee uur voor aanvang en meer dan anderhalf uur na afloop van de
                                markt met een voertuig, goederen of anderszins ruimte in te nemen
                                dan wel goederen aan of af te voeren.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De vergunninghouder is verplicht zijn standplaats tot de
                                sluitingstijd van de markt in te blijven nemen. Burgemeester en
                                wethouders kunnen van deze verplichting ontheffing verlenen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien de vergunninghouder zijn vaste plaats niet uiterlijk een
                                kwartier voor aanvang van de markt heeft ingenomen, wordt de
                                betreffende plaats voor die dag als dagplaats aangemerkt.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het bepaalde in het derde lid is niet van toepassing indien de
                                vergunninghouder de marktmeester voor dat tijdstip, onder opgave van
                                een geldige reden die hem belet tijdig aanwezig te zijn, heeft
                                verzocht de plaats vrij te houden.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Afdeling</label><nr>5</nr><titel>Straf-, overgangs- en slotbepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5.1</nr></kop><al>Overtreding van het bepaalde bij of krachtens deze verordening wordt
                            gestraft met een geldboete van de tweede categorie of hechtenis van ten
                            hoogste twee maanden.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5.2</nr></kop><al>Burgemeester en wethouders kunnen een vergunning voor een standplaats,
                            al dan niet voorwaardelijk, intrekken dan wel telkens voor ten hoogste
                            twee achtereenvolgende marktdagen schorsen, indien de vergunninghouder
                            of degene die hem bijstaat:</al><lijst><li nr="-"><al>het bepaalde bij of krachtens deze verordening of de
                                    voorschriften van de vergunning overtreedt;</al></li><li nr="-"><al>zich schuldig maakt aan wangedrag of bedrog;</al></li><li nr="-"><al>niet of niet tijdig het verschuldigde marktgeld voldoet, dat
                                    wordt geheven op grond van artikel 229 van de Gemeentewet.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5.3</nr></kop><al>Burgemeester en wethouders kunnen een vergunninghouder van een dagplaats
                            of een standwerkersplaats van de toewijzing van een dagplaats of een
                            standwerkersplaats uitsluiten voor ten hoogste twee marktdagen, gelegen
                            binnen een periode van twee jaar na bekendmaking van het besluit tot
                            uitsluiting, indien deze:</al><lijst><li nr="-"><al>het bepaalde bij of krachtens deze verordening overtreedt;</al></li><li nr="-"><al>zich schuldig maakt aan wangedrag of bedrog</al></li><li nr="-"><al>niet als standwerker actief is op een aan hem toegewezen
                                    standwerkersplaats;</al></li><li nr="-"><al>niet of niet tijdig het verschuldigde marktgeld voldoet, dat
                                    wordt geheven op grond van artikel 229 van de Gemeentewet.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5.4</nr></kop><al>Met in achtneming van de bepalingen van afdeling 5.3 van de Algemene wet
                            bestuursrecht en artikel 125 van de Gemeentewet kunnen burgemeester en
                            wethouders, indien zij dit noodzakelijk achten, een vergunninghouder
                            gelasten zich onmiddellijk van de markt te verwijderen indien hij:</al><lijst><li nr="-"><al>het bepaalde bij of krachtens deze verordening of de
                                    voorschriften van de vergunning overtreedt;</al></li><li nr="-"><al>zich op de markt schuldig maakt aan wangedrag of bedrog;</al></li><li nr="-"><al>niet als standwerker actief is op een hem toegewezen
                                    plaats.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5.5</nr></kop><al>Met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens deze
                            verordening zijn belast de marktmeester en de bij besluit van
                            burgemeester en wethouders aangewezen personen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5.6</nr></kop><al>Met de opsporing van de bij artikel 5.1 strafbaar gestelde feiten zijn,
                            naast de in artikel 141 van het Wetboek van Strafvordering genoemde
                            opsporingsambtenaren, belast de bij het besluit van burgemeester en
                            wethouders aan te wijzen ambtenaren.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5.7</nr></kop><al>Burgemeester en wethouders werken nadere regels, voortvloeiende uit deze
                            verordening, uit in een marktreglement.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5.8</nr></kop><al>Burgemeester en wethouders kunnen in bijzonder gevallen afwijken van de
                            bepalingen in deze verordening, indien strikte toepassing van de
                            verordening tot onbillijkheden van zwaarwegende aard leidt.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5.9</nr></kop><al>De Marktverordening Leiderdorp 1996, vastgesteld op 13 mei 1996, wordt
                            ingetrokken.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5.10</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Vergunningen en ontheffingen – hoe ook genaamd – verleend krachtens
                                de Marktverordening Leiderdorp 1996 blijven – indien en voorzover
                                het gebod of verbod waarop de vergunning of ontheffing betrekking
                                heeft, ook vervat is in deze verordening – van kracht tot de termijn
                                waarvoor zij werden verleend, is verstreken of totdat zij worden
                                ingetrokken.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Voorschriften en beperkingen opgelegd krachtens de Marktverordening
                                Leiderdorp 1996 blijven – indien en voorzover de bepalingen
                                ingevolge welke deze verplichtingen zijn opgelegd, ook vervat zijn
                                in deze verordening – van kracht tot de termijn waarvoor zij zijn
                                opgelegd, is verstreken of totdat zij worden ingetrokken.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Vergunningen en ontheffingen bedoeld in lid a en verplichtingen
                                bedoeld in lid b, worden geacht vergunningen, ontheffingen en
                                verplichtingen in de zin van deze verordening te zijn.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Indien voor het tijdstip van inwerkingtreding van deze verordening
                                een aanvraag om vergunning op grond van de Marktverordening
                                Leiderdorp 1996 is ingediend en voor het tijdstip van
                                inwerkingtreding van deze verordening niet op aanvraag is beslist,
                                wordt daarop deze verordening toegepast.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5.11</nr></kop><al>Deze verordening treedt in werking 6 weken na de datum van
                            publicatie.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5.12</nr></kop><al>Deze verordening wordt aangehaald als: ‘Marktverordening Leiderdorp
                            2003”</al><al/></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening/><ondertekening>Vastgesteld in de openbare vergadering van </ondertekening><ondertekening>de raad van Leiderdorp op 1 september 2003</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>de voorzitter, </ondertekening><ondertekening>de griffier,</ondertekening></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>