<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR28618_1</dcterms:identifier><dcterms:title>De verordening op de inrichting van de financiële organisatie, het financiële beheer en de uitgangspunten van het financiële beleid van de gemeente Sliedrecht</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Sliedrecht</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-06-12</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Sliedrecht</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Het Kompas 11 maart 2010</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Financiele verordening 2007</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentwet, art. 212</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>financiën en economie</dcterms:subject><dcterms:issued>2010-01-25</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2010-03-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2016-11-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Toevoeging artikel 16</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Onbekend</overheidrg:kenmerk><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>De verordening op de inrichting van de financiële organisatie, het financiële beheer en de uitgangspunten van het financiële beleid van de gemeente Sliedrecht</intitule><regeling><aanhef><preambule><al><vet>Raadsbesluit</vet></al><al>De raad der gemeente Sliedrecht;</al><al>gezien het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 26 januari
                        2007;</al><al>b e s l u i t :</al><al>gelet op artikel 212 van de Gemeentewet </al><al>vast te stellen:</al><al>De verordening op de inrichting van de financiële organisatie, het
                        financiële beheer en de uitgangspunten van het financiële beleid van de
                        gemeente Sliedrecht. </al></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Definities</titel></kop><al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>afdeling: iedere organisatorische eenheid binnen de gemeentelijke
                                organisatie met een eigen rechtstreekse verantwoordelijkheid aan het 
                                college.</al></li><li nr="b."><al>administratie: het systematisch verzamelen, vastleggen, verwerken en
                                verstrekken van informatie ten behoeve van het besturen, het 
                                functioneren en het beheersen van (onderdelen
                                van) de organisatie van de gemeente Sliedrecht en ten behoeve 
                                van de verantwoording die
                                daarover moet worden afgelegd.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Programmabegroting</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De raad stelt tenminste bij de aanvang van de nieuwe raadsperiode een
                            programma-indeling voor de raadsperiode vast.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De raad stelt per programma vast:</al><lijst><li nr="-"><al>de beoogde maatschappelijke effecten (outcome): wat willen we
                                    bereiken</al></li><li nr="-"><al>de te leveren goederen en diensten (output): wat gaan we
                                    daarvoor doen</al></li><li nr="-"><al>de lasten (input): wat mag het de kosten</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De raad autoriseert met het vaststellen van de programmabegroting de
                            investeringsbudgetten.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het college stelt per programma indicatoren voor met betrekking tot de
                            beoogde maatschappelijke effecten (outcome) en de te leveren goederen en
                            diensten (output).</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>De raad stelt de indicatoren, bedoeld in het derde lid, vast.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Het college draagt zorg voor het verzamelen en vastleggen van gegevens
                            over de geleverde goederen en diensten (output) en de maatschappelijke
                            effecten (outcome), zodat de doelmatigheid en doeltreffendheid van het
                            beleid zoals vastgesteld door de raad, kunnen worden getoetst.</al></lid><lid><lidnr>7.</lidnr><al>Bij iedere begroting en jaarstukken wordt per programma een overzicht
                            gegeven welke producten onder het programma horen.</al></lid><lid><lidnr>8.</lidnr><al>De onderverdeling van de programma’s in de producten staat voor de
                            raadsperiode vast, tenzij er dringende redenen zijn tot wijzigen; dit
                            wordt dan bij de begroting expliciet gemeld.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Kadernota (uitgangspunten en richtlijnen tbv de begroting)</titel></kop><al>Het college stelt uiterlijk 1 april van het begrotingsjaar een nota vast
                        over de kaders voor het volgende begrotingsjaar en de drie opvolgende jaren.
                        Deze kadernota heeft een technisch karakter en bevat richtlijnen voor de
                        ambtelijke organisatie. Met dit document wordt aan de budgethouders een
                        raamwerk met uitgangspunten geboden op basis waarvan de begrotingscijfers
                        moeten worden aangeleverd. De hoofdlijnen van de kadernota zullen worden
                        aangegeven in de jaarlijkse zomernota bedoeld in artikel 5.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Interne controle/Misbruik en oneigenlijk gebruik</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college zorgt ten behoeve van het getrouwe beeld van de jaarrekening
                            en de rechtmatigheid van de baten en lasten en de balansmutaties voor de
                            jaarlijkse interne toetsing van de getrouwheid van de
                            informatieverstrekking, en de rechtmatigheid van de beheershandelingen.
                            Bij afwijkingen neemt het college maatregelen tot herstel.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college zorgt voor en legt vast de regels voor het voorkomen van
                            misbruik en oneigenlijk gebruik van gemeentelijke regelingen en
                            eigendommen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Tussentijdse rapportage (zomernota)</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college informeert de raad door middel van een tussentijdse
                            rapportage over de realisatie van de begroting van de gemeente. In deze
                            zomernota worden de bevindingen betrokken uit de jaarstukken bedoeld in
                            artikel 6. De raad stelt de zomernota uiterlijk 15 juli van het
                            rapportagejaar vast.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De zomernota wordt voor 15 juni van het lopende begrotingsjaar aan de
                            raad aangeboden;</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De inrichting van de zomernota sluit aan bij de programma-indeling van
                            de begroting.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De rapportage gaat in op afwijkingen, zowel wat betreft de lasten
                            (input), de geleverde goederen en diensten (output) en indien daar
                            aanleiding voor is de maatschappelijke effecten (outcome).</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>De zomernota bevat de technische uitgangspunten voor het volgende
                            begrotingsjaar als bedoeld in artikel 3 en de drie opvolgende jaren.
                            Deze worden verwerkt in de meerjarenbudgetprognose van de zomernota. In
                            deze prognose worden de structurele gevolgen aangegeven van de feiten en
                            omstandigheden, welke zich na het opmaken van de begroting hebben
                            voorgedaan. Het bijgestelde meerjarenperspectief kan aanleiding geven
                            tot ombuigingen op het bestaande beleid. De zomernota vormt zodoende
                            mede het kader voor het volgende begrotingsjaar (en de drie opvolgende
                            jaren).</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Jaarrekening</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het college draagt zorg voor een adequate vertaling van de
                                verantwoording van de afdelingen naar de productenrealisatie
                                (productenrekening) en naar de programmaverantwoording
                                (programmarekening).</al></li><li nr="2."><al>Het college legt verantwoording af over de programma’s via
                                beantwoording van de vragen:</al><lijst><li nr="*"><al>Wat hebben we bereikt (outcome) ? </al></li><li nr="*"><al>Wat hebben we ervoor gedaan (output) ? </al></li><li nr="*"><al>Wat heeft het gekost (input) ?</al></li></lijst></li><li nr="3."><al>De raad bepaalt aan de hand van de uitvoering van de programma’s of de
                        beleidsdoelen van de programma’s bijstelling behoeven.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Nota budgetcyclus</titel></kop><al>Het college beschrijft in een nota - ter nadere uitwerking van de in artikel
                        2 (programmabegroting), artikel 5 (zomernota) en artikel 6
                        (programmarekening) aangegeven uitgangspunten en structuur - de opzet, de
                        inrichting en inhoud van de verschillende documenten. Tevens wordt in deze
                        nota ingegaan op de instrumenten raadsvoorstellen en
                        comptabiliteitsbesluiten. Het college biedt de nota en het wijzigen ervan
                        aan ter behandeling en vaststelling door de raad. De nota wordt ten minste
                        één keer in de vier jaar geactualiseerd. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Nota gemeentelijke balans</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college behandelt in een nota het beleid ten aanzien van
                            afschrijvingen, de vorming en vrijval van reserves en voorzieningen, de
                            toerekening en verwerking van rente over de reserves en het eigen
                            vermogen van de gemeente. Hierbij wordt tevens ingegaan op zaken zoals
                            weerstandscapaciteit en risicomanagement. Het college biedt de nota en
                            het wijzigen ervan aan ter behandeling en vaststelling door de raad. De
                            nota wordt ten minste één keer in de vier jaar geactualiseerd.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college geeft aan in de paragraaf Weerstandsvermogen van de
                            begroting en van de jaarstukken de risico’s van materieel belang en een
                            inschatting van de kans dat deze risico’s zich voordoen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het college geeft aan in de paragraaf als bedoeld in lid 2, de
                            weerstandscapaciteit en in hoeverre schaden en verliezen als gevolg van
                            de risico’s van materieel belang met het weerstandsvermogen kunnen
                            worden opgevangen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Kostprijsberekening</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Voor het bepalen van de geraamde kostprijs van producten en diensten van
                            de gemeente Sliedrecht wordt een systeem van kostentoerekening
                            gehanteerd. Bij de kostentoerekening worden naast de directe kosten
                            alleen die indirecte kosten meegenomen, die rechtstreeks samenhangen met
                            de door de gemeente verrichte dienstverlening.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Bij de kostentoerekening bedoelde indirecte kosten worden meegenomen de
                            bijdragen aan reserves voor de noodzakelijke vervanging van de betrokken
                            activa en de kapitaallasten van de in gebruik zijnde activa. Voor de
                            heffingen zoals de rioolrechten, reinigingsrechten en
                            afvalstoffenheffing wordt de compensabele BTW niet in de kostprijs
                            meegenomen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De omslagrente voor de rentetoerekening van de kapitaallasten wordt
                            bepaald op basis van het rentetotaal van de uitstaande leningen en de
                            bij de begroting gecalculeerde rente over het eigen vermogen en de
                            voorzieningen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Nota onderhoud kapitaalgoederen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college biedt eens in de vier jaar een (bijgestelde) nota onderhoud
                            wegen en een nota onderhoud groen aan ter behandeling en vaststelling
                            door de raad. Deze nota’s geven het kader weer voor de inrichting van
                            het onderhoud en het beoogde onderhoudsniveau’s voor het openbaar groen
                            en wegen, en eveneens de normkostensystematiek en het meerjarig
                            budgettair beslag.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college biedt eens in de vier jaar een (bijgestelde) nota
                            rioleringsplan aan ter behandeling en vaststelling door de raad. De nota
                            geeft het kader weer voor de inrichting van het onderhoud, het beoogde
                            onderhoudsniveau en de uitbreiding van de riolering alsmede de kwaliteit
                            van het milieu en eveneens de normkostensystematiek en het meerjarig
                            budgettair beslag.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het college biedt eens in de vier jaar een (bijgestelde) nota onderhoud
                            gebouwen aan ter behandeling en vaststelling door de raad. De nota bevat
                            de voorstellen voor het te plegen onderhoud en de bijbehorende kosten
                            aan de gemeentelijke gebouwen en eveneens de normkostensystematiek en
                            het meerjarig budgettair beslag.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Bij de begroting en de jaarstukken doet het college in de paragraaf
                            Onderhoud kapitaalgoederen verslag over de voortgang van het geplande
                            onderhoud en het eventuele achterstallig onderhoud aan openbaar groen,
                            wegen, riolering en gebouwen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Financiering/Treasurystatuut</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college neemt in een treasurystatuut de regels op die zij hanteert
                            voor het dagelijkse beheer van koersrisico en valutarisico,
                            kredietrisico en relatiebeheer, intern liquiditeitsrisico en
                            geldstromenbeheer, administratieve organisatie en interne controle van
                            de financieringsfunctie. Het college biedt het treasurystatuut en het
                            wijzigen ervan aan ter behandeling en vaststelling door de raad. Het
                            statuut wordt ten minste één keer in de vier jaar geactualiseerd. Het
                            treasurystatuut maakt deel uit van deze verordening.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Bij de begroting en de jaarstukken doet het college in de paragraaf
                            Financiering in ieder geval verslag van:</al><lijst><li nr="a."><al>de kasgeldlimiet;</al></li><li nr="b."><al>de renterisico norm; de omvang en samenstelling van het vreemd
                                    vermogen;</al></li><li nr="c."><al>de omvang en samenstelling van de uitzettingen;</al></li><li nr="d."><al>de rentevisie, de rentekosten en renteopbrengsten verbonden aan
                                    de financieringsfunctie.</al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Nota verbonden partijen</titel></kop><al>Het college neemt in een nota de kaders en richtlijnen op die voor het
                        college van burgemeester en wethouders uitgangspunt moeten zijn bij aangaan
                        en beheren van relaties met verbonden partijen. </al><al>Het college biedt de nota en het wijzigen ervan aan ter behandeling en
                        vaststelling door de raad. De nota wordt ten minste één keer in de vier jaar
                        geactualiseerd.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Nota grondbeleid</titel></kop><al>Het college besteedt in een nota aandacht aan de relatie van het grondbeleid
                        met de programma’s van de begroting, de strategische visie van het
                        toekomstig grondbeleid van de gemeente, aan te ontwikkelen en in
                        ontwikkeling genomen projecten, de voorraadverwerving en uitgifte van
                        gronden, de uitgifte van gronden in erfpacht en de bijstelling van
                        erfpachtvergoedingen. Het college biedt de nota en het wijzigen ervan aan
                        ter behandeling en vaststelling door de raad. De nota wordt ten minste één
                        keer in de vier jaar geactualiseerd.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Administratie</titel></kop><al>De administratie is zodanig van opzet en werking, dat zij in ieder geval
                        dienstbaar is voor:</al><lijst><li nr="a."><al>het sturen en het beheersen van activiteiten en processen in de
                                gemeente als geheel en in de afdelingen;</al></li><li nr="b."><al>het verstrekken van informatie over ontwikkelingen in de omvang van
                                activa met economisch nut, activa met maatschappelijk nut, voorraden, vorderingen,
                                schulden en contracten;</al></li><li nr="c."><al>het verschaffen van informatie over uitputting van de toegekende
                                budgetten en investeringsbudgetten en voor het maken van
                                kostencalculaties;</al></li><li nr="d."><al>het verschaffen van informatie over indicatoren met betrekking tot
                                de gemeentelijke productie van goederen en diensten en de maatschappelijke effecten van het
                                gemeentelijke beleid;</al></li><li nr="e."><al>het afleggen van verantwoording over de rechtmatigheid, de
                                doelmatigheid en de doeltreffendheid van het gevoerde bestuur in relatie tot de gestelde beleidsdoelen,
                                de begroting en relevante wet- en regelgeving; </al></li><li nr="f."><al>de controle van de registratie van gegevens als zodanig en van de
                                daaraan ontleende informatie, alsmede voor de controle op de rechtmatigheid, de doelmatigheid en
                                de doeltreffendheid van het gevoerde bestuur in relatie tot de gestelde beleidsdoelen, de
                                begroting en relevante wet- en regelgeving.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr><titel>Besluit op de financiële organisatie</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college draagt de zorg voor en legt in een besluit vast:</al><lijst><li nr="a."><al>een eenduidige indeling van de gemeentelijke organisatie en een
                                    eenduidig toewijzing van de gemeentelijke taken aan de
                                    afdelingen;</al></li><li nr="b."><al>een adequate scheiding van taken, functies, bevoegdheden,
                                    verantwoordelijkheden, zodat aan de eisen van interne controle
                                    wordt voldaan en de betrouwbaarheid van de verstrekte informatie
                                    aan beleids- en beheersorganen is gewaarborgd;</al></li><li nr="c."><al>de verlening van mandaten en volmachten voor het aangaan van
                                    verplichtingen ten laste van de toegekende budgetten en
                                    investeringskredieten;</al></li><li nr="d."><al>de regels voor de opdrachtverlening en de verrekening van
                                    leveringen tussen de afdelingen van de gemeente;</al></li><li nr="e."><al>de regels met betrekking tot de door de diensten te leveren
                                    prestaties, de daarvoor beschikbare middelen en de wijze en
                                    frequentie van rapportage over de voortgang van de activiteiten
                                    en uitputting van middelen;</al></li><li nr="f."><al>de regels voor de verlening van décharge over het gevoerde
                                    beheer van de diensten.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het besluit wordt ter kennisgeving aan de raad gezonden. Het besluit
                            wordt ten minste één keer in de vier jaar geactualiseerd.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16</nr><titel>Nota Inkoop- en aanbestedingsbeleid</titel></kop><al>Het college zorgt voor en legt vast de interne regels voor de inkoop en de
                        aanbesteding van goederen, werken en diensten. De nota wordt ten minste één keer in de vier jaar
                        geactualiseerd.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16</nr><titel>Projecten</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De raad stelt vast voor welke projecten de kaders middels een notitie
                            door de raad worden vastgesteld. Op basis van deze kaderstellende
                            notitie wordt door de raad besloten of aan een project wordt begonnen.
                            De raad stelt voor deze projecten de regelmaat vast van de
                            projectvoortgangsrapportages. Afwijken van de kaders kan alleen bij
                            schriftelijk raadsbesluit.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college beschrijft in een handleiding het systeem van projectmatig
                            werken van de gemeente Sliedrecht. De handleiding wordt ter kennisgeving
                            aan de raad gezonden.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17</nr><titel>Slotbepalingen</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Deze verordening treedt in werking per 1 januari 2007.</al></li><li nr="2."><al>Deze verordening kan worden aangehaald onder de naam “Financiële
                                verordening 2007”.</al></li><li nr="3."><al>Met ingang van 1 januari 2007 vervalt de Beheersverordening van 2
                                februari 2004.</al></li></lijst></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Vastgesteld in de openbare vergadering</ondertekening><ondertekening>van de raad der gemeente Sliedrecht op</ondertekening><ondertekening>5 februari 2007.</ondertekening><ondertekening>De griffier, De voorzitter,</ondertekening><ondertekening>A.Koenen M.C. Boevée</ondertekening></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>