<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR28592_2</dcterms:identifier><dcterms:title>Huisvestingsverordening gemeente Hattem 2015</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Hattem</dcterms:creator><dcterms:modified>2017-10-24</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Hattem</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Hattem</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">GVOP, 30-06-2015</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Huisvestingsverordening gemeente Hattem 2015</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Huisvestingswet 2014</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet, art. 147 en 149</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>volkshuisvesting en woningbouw</dcterms:subject><dcterms:issued>2015-05-11</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2015-07-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling (en intrekking oude verordening) naam oude verodening: Huisvestingsverordening 1994 van Hattem</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>2015/nr.20</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen.</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging><overheidrg:externeBijlage>exb-2017-48893</overheidrg:externeBijlage><overheidrg:externeBijlage>exb-2017-48894</overheidrg:externeBijlage></cvdripm></meta><body><intitule>Huisvestingsverordening gemeente Hattem 2015</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>No.: 20</al><al><vet>Onderwerp:</vet></al><al>Huisvestingsverordening gemeente Hattem 2015</al><al>----------------------------------------------------------------</al><al/><al>De raad van de gemeente Hattem;</al><al/><al>gelezen het voorstel van het College, no. 201503193, d.d. 7 april 2015;</al><al/><al>gelet op op de artikelen 4, 5, 7, 9, 10, 11, 12, 13, 18, 19 en 20 van de
                        Huisvestingswet 2014 en de artikelen 147 en 149 van de Gemeentewet;;</al><al/><al>b e s l u i t :</al><al/><al>vast te stellen de volgende</al><al/><al><vet>Huisvestingsverordening gemeente Hattem 2015</vet></al></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>1.</nr><titel>Algemene bepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1.</nr><titel>Begripsbepalingen</titel></kop><al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>Commissie Bezwaarschriften Woonruimteverdeling Noord-Veluwe
                                    2015: de commissie die burgemeester en wethouders adviseert over
                                    bezwaarschriften die in het kader van deze verordening worden
                                    ingediend;</al></li><li nr="b."><al>doorstromer: een woningzoekende die op basis van een koop- of
                                    huurovereenkomst over een legale, zelfstandige woonruimte in het
                                    woningmarktgebied Noord-Veluwe beschikt en deze leeg achterlaat
                                    voor verkoop of verhuur;</al></li><li nr="c."><al>huishoudinkomen: met huishoudinkomen wordt bedoeld wat daar over
                                    is opgenomen in artikel 1 van de Wet;</al></li><li nr="d."><al>lotingsmodule: wijze van verdeling van woonruimte waarbij de
                                    rangorde van woningzoekenden door middel van loting wordt
                                    bepaald;</al></li><li nr="e."><al>mantelzorg: hulp als bedoeld in artikel 1.1.1 van de Wet
                                    maatschappelijke ondersteuning 2015, zoals uitgewerkt in de
                                    richtlijn urgentie behorend bij het Reglement Urgentiecommissie
                                    Woonruimteverdeling Noord-Veluwe 2015; </al></li><li nr="f."><al>starter: een woningzoekende, niet zijnde een doorstromer; </al></li><li nr="g."><al>urgentiecategorie: een onderscheid op basis van type urgentie,
                                    waarbij twee typen worden onderscheiden:</al><lijst><li nr="A."><al>urgentiecategorie 1: vergunninghouders die onder de
                                            gemeentelijke taakstelling vallen, en,</al></li><li nr="B."><al>urgentiecategorie 2: woningzoekenden die voorrang hebben
                                            op basis van het bieden of ontvangen van mantelzorg, het
                                            verlaten van een tijdelijke instelling, op andere
                                            gronden urgent verklaarden en woningzoekenden, die
                                            urgent zijn verklaard, omdat zij vanwege
                                            stadsvernieuwing hun woning moeten verlaten;</al></li></lijst></li><li nr="h."><al>urgentiecommissie: de commissie die belast is met het beoordelen
                                    van aanvragen van woningzoekenden om in een urgentiecategorie te
                                    worden ingedeeld;</al></li><li nr="i."><al>wet: Huisvestingswet 2014;</al></li><li nr="j."><al>woningcorporatie: toegelaten instelling als bedoeld in artikel
                                    70 van de Woningwet die feitelijk werkzaam is in de
                                    woningmarktregio Noord-Veluwe; </al></li><li nr="k."><al>woningmarktregio Noord-Veluwe: het grondgebied van de gemeenten
                                    Hattem, Heerde en Epe;</al></li><li nr="l."><al>woningzoekende: huishouden, waartoe tenminste één meerderjarig
                                    persoon behoort, dat in het inschrijfsysteem als bedoeld in
                                    artikel 3 is ingeschreven.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>2.</nr><titel>De huisvestingsvergunning</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2.</nr><titel>Aanwijzing vergunning plichtige woonruimte</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Woonruimte in eigendom van een woningcorporatie met een
                                    huurprijs beneden de huurtoeslaggrens als bedoeld in artikel 13,
                                    eerste lid, onder a, van de Wet op de huurtoeslag, mag alleen
                                    voor bewoning in gebruik worden genomen of gegeven als daarvoor
                                    een huisvestingsvergunning is verleend.</al></li><li nr="2."><al>Het eerste lid is niet van toepassing op woonruimte als bedoeld
                                    in artikel 15, eerste lid, onder a tot en met c, van de
                                    Leegstandwet.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.</nr><titel>Inschrijfsysteem van woningzoekenden</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Een woningcorporatie draagt in het kader van deze verordening
                                    zorg voor het aanleggen en bijhouden van een register van
                                    woningzoekenden.</al></li><li nr="2."><al>De woningcorporaties stellen gezamenlijk regels op over de wijze
                                    van inschrijving, vastlegging van gegevens, eventuele
                                    opschorting en einde van de inschrijving.</al></li><li nr="3."><al>Voor de inschrijving en de jaarlijkse verlenging van de
                                    inschrijving kan een woningcorporatie een geldelijke bijdrage
                                    vragen.</al></li><li nr="4."><al>De woningzoekende ontvangt een bewijs van inschrijving.</al></li><li nr="5."><al>De inschrijving bij een woningcorporatie in een andere gemeente
                                    in de woningmarktregio Noord – Veluwe is ook geldig als
                                    inschrijving in deze gemeente. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4.</nr><titel>Aanvraag en inhoud huisvestingsvergunning</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Een aanvraag om een huisvestingsvergunning wordt ingediend door
                                    gebruikmaking van een door burgemeester en wethouders
                                    vastgesteld formulier.</al></li><li nr="2."><al>Bij de aanvraag om een huisvestingsvergunning worden de volgende
                                    gegevens verstrekt: </al><lijst><li nr="a."><al>naam, geboortedatum, contactgegevens en, indien van toepassing,
                                    de verblijfstitel van de aanvrager;</al></li><li nr="b."><al>omvang van het huishouden dat de nieuwe woonruimte gaat
                                    betrekken;</al></li><li nr="c."><al>huishoudinkomen;</al></li><li nr="d."><al>adres, naam van de verhuurder, en huurprijs van de te betrekken
                                    woonruimte;</al></li><li nr="e."><al>beoogde datum van het betrekken van de woonruimte;</al></li><li nr="f."><al>indien van toepassing, een afschrift van de indicatie voor een
                                    woonruimte met een specifieke voorziening, en,</al></li><li nr="g."><al>indien van toepassing, de urgentiecategorie waartoe de aanvrager
                                    behoort.</al></li></lijst></li><li nr="3."><al>Burgemeester en wethouders beslissen binnen zeven werkdagen
                                    op een aanvraag om een huisvestingsvergunning.</al></li><li nr="4."><al>De huisvestingsvergunning vermeldt in ieder geval:</al><lijst><li nr="a."><al>een aanduiding van de woonruimte waarop de vergunning betrekking
                                    heeft;</al></li><li nr="b."><al>aan wie de vergunning is verleend.</al></li></lijst></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5.</nr><titel>Criteria voor verlening huisvestingsvergunning</titel></kop><al>Onverminderd het bepaalde in artikel 10, tweede lid, van de wet, komen
                            voor een huisvestigingsvergunning in aanmerking:</al><lijst><li nr="a."><al>woningzoekenden die in aanmerking komen voor feitelijke
                                    toewijzing van een woning door een woningcorporatie op basis van
                                    de in artikel 11 van deze verordening gegeven rangorde;</al></li><li nr="b."><al>zijnde meerderjarige woningzoekenden;</al></li><li nr="c."><al>en met een inkomen lager dan de voor de woningcorporaties
                                    geldende actuele inkomensnorm voor toewijzing van een sociale
                                    huurwoning en</al></li><li nr="d."><al>daarnaast overige meerderjarige woningzoekenden, die in
                                    aanmerking kunnen komen voor een sociale huurwoning.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6.</nr><titel>Bekendmaking aanbod van woonruimte</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het aanbod van de in artikel 2 aangewezen woonruimte wordt
                                    bekendgemaakt door publicatie op een voor iedere woningzoekende
                                    toegankelijk digitaal platform.</al></li><li nr="2."><al>De bekendmaking bevat in ieder geval:</al><lijst><li nr="a."><al>het adres en de huurprijs van de woonruimte;</al></li><li nr="b."><al>de mededeling dat de woonruimte niet voor bewoning in
                                            gebruik genomen mag worden als daarvoor geen
                                            huisvestingsvergunning is verleend;</al></li><li nr="c."><al>indien van toepassing, de criteria en voorrangsregels
                                            voor het verlenen van de benodigde
                                            huisvestingsvergunning, en,</al></li><li nr="d."><al>indien van toepassing, dat de betreffende woning via
                                            loting zal worden toegewezen.</al></li></lijst></li><li nr="3."><al>Door de corporatie kan een beperkt deel van het vrijkomende
                                    woningaanbod direct worden bemiddeld met het oog op de
                                    huisvesting van categorieën woningzoekenden die niet in staat
                                    zijn zelf een woning te vinden en voor welke directe bemiddeling
                                    de meest passende vorm van woningtoewijzing is.0</al></li><li nr="4."><al>Van de in het vorige lid genoemde uitzondering wordt jaarlijks
                                    voor 1 maart verantwoording afgelegd aan burgemeester en
                                    wethouders.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7.</nr><titel>Voorrang bij urgentie</titel></kop><al>Voor de in artikel 2 aangewezen categorieën woonruimte wordt bij het
                            verlenen van huisves-tingsvergunningen voorrang gegeven aan
                            woningzoekenden die zijn ingedeeld in een urgentiecategorie.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8.</nr><titel>Verzoek om indeling in een urgentiecategorie</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Een verzoek om ingedeeld te worden in urgentiecategorie 2 wordt
                                    ingediend door gebruikmaking van een door burgemeester en
                                    wethouders vastgesteld formulier.</al></li><li nr="2."><al>Het verzoek gaat vergezeld van de volgende gegevens:</al><lijst><li nr="a."><al>naam, geboortedatum, contactgegevens, en, indien van
                                            toepassing, de verblijfstitel van de verzoeker;</al></li><li nr="b."><al>omvang van het huishouden van de verzoeker;</al></li><li nr="c."><al>motivering van het verzoek.</al></li></lijst></li><li nr="3."><al>Burgemeester en wethouders kunnen van de woningzoekende
                                    verlangen nadere gegevens te overleggen. </al></li><li nr="4."><al>Bij de beoordeling van de gevraagde indeling in een
                                    urgentiecategorie kunnen burgemeester en wethouders zich laten
                                    adviseren door een door hen aan te wijzen deskundig persoon of
                                    instantie. Deze persoon of instantie neemt bij de advisering de
                                    richtlijn urgentie in acht behorend bij het Reglement
                                    Urgentiecommissie Woonruimteverdeling Noord-Veluwe 2015.</al></li><li nr="5."><al>Een beschikking tot indeling in een urgentiecategorie vermeldt
                                    in ieder geval:</al><lijst><li nr="a."><al>de naam en contactgegevens van de woningzoekende;</al></li><li nr="b."><al>de datum van het verzoek als bedoeld in het eerste lid,
                                            en</al></li><li nr="c."><al>de urgentiecategorie waarin de woningzoekende is
                                            ingedeeld.</al></li></lijst></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9.</nr><titel>Intrekken urgentie</titel></kop><al>Burgemeester en wethouders kunnen de beschikking tot indeling in een
                            urgentiecategorie intrekken als de woningzoekende:</al><lijst><li nr="a."><al>niet langer als urgent woningzoekende is aan te merken;</al></li><li nr="b."><al>bij zijn aanvraag gegevens heeft verstrekt waarvan hij wist of
                                    kon vermoeden dat deze onjuist of onvolledig waren;</al></li><li nr="c."><al>een aanbod voor een passende woning heeft geweigerd, of,</al></li><li nr="d."><al>gedurende zes maanden geen gebruik heeft gemaakt van de
                                    toegekende urgentie.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Toewijzing van woningen door middel van loting</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Beschikbaar komende woningen kunnen ofwel regulier ofwel binnen
                                    de lotingsmodule worden aangeboden.</al></li><li nr="2."><al>Bij de bekendmaking van het aanbod wordt dit onderscheid
                                    aangegeven.</al></li><li nr="3."><al>In beide gevallen geldt een gelijke reactietermijn.</al></li><li nr="4."><al>Het zonder dwingende redenen weigeren van een via loting
                                    toegewezen woning leidt tot uitsluiting van één jaar van
                                    deelname aan de lotingsmodule.</al></li><li nr="5."><al>Een woningcorporatie kan daarnaast in overleg met burgemeester
                                    en wethouders aanvullende spelregels hanteren voor een goed
                                    functioneren van de lotingsmodule. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11.</nr><titel>Rangorde woningzoekenden</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De rangorde voor de verdeling van woonruimte is als volgt:</al><lijst><li nr="a."><al>als eerste komen in aanmerking woningzoekenden die
                                            vallen in urgentiecategorie 1, waarbij de langstlopende
                                            urgentie het eerst in aanmerking komt;</al></li><li nr="b."><al>als tweede komen in aanmerking woningzoekenden die
                                            vallen in urgentiecategorie 2, waarbij de langstlopende
                                            urgentie het eerst in aanmerking komt;</al></li><li nr="c."><al>als derde komen in aanmerking overige woningzoekenden in
                                            volgorde van de datum van de inschrijving in het
                                            register van woningzoekenden.</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>Voor woningen die via de lotingsmodule worden toegewezen geldt
                                    dat de woning toevalt aan de eerst gelote kandidaat. </al></li><li nr="3."><al>Voor de gevallen waarin dit artikel niet voorziet, stellen
                                    woningcorporaties nadere rangorde-regels op om tot een
                                    rechtvaardige verdeling van woonruimte te komen.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12.</nr><titel>Verlenen mandaat</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Burgemeester en wethouders kunnen van de bevoegdheden als
                                    bedoeld in de artikel 4 mandaat verlenen aan een
                                    woningcorporatie.</al></li><li nr="2."><al>Burgemeester en wethouders kunnen van de bevoegdheden als
                                    bedoeld in de artikelen 8 en 9 mandaat verlenen aan een
                                    urgentiecommissie.</al></li><li nr="3."><al>Als burgemeester en wethouders mandaat verlenen zoals bedoeld in
                                    het vorige lid, geldt dit mandaat tevens voor het voeren van
                                    verweer bij de Commissie Bezwaarschriften Woonruimteverdeling
                                    2015.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13.</nr><titel>Urgentiecommissie</titel></kop><al>Burgemeester en wethouders stellen in overleg met de overige gemeenten
                            en woningcorporaties in de woningmarktregio Noord – Veluwe een reglement
                            vast waarin onder andere de samenstelling, benoeming, bevoegdheden en
                            werkwijze van de urgentiecommissie worden geregeld. Dit reglement wordt
                            aangeduid als Reglement Urgentiecommissie Woonruimteverdeling
                            Noord-Veluwe 2015.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14.</nr><titel>Commissie Bezwaarschriften Woonruimteverdeling Noord-Veluwe
                                2015</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Burgemeester en wethouders stellen in overleg met de overige
                                    gemeenten in de woning-marktregio Noord-Veluwe een reglement
                                    vast waarin onder andere de samenstelling, benoeming,
                                    bevoegdheden en werkwijze van de commissie worden geregeld.
                                </al></li><li nr="2."><al>Dit reglement wordt aangeduid als Reglement Commissie
                                    Bezwaarschriften Woonruimteverdeling Noord-Veluwe 2015. </al></li><li nr="3."><al>De commissie is bevoegd om namens burgemeester en wethouders de
                                    beslistermijn op bezwaarschriften te verlengen overeenkomstig
                                    artikel 7:10 lid 3 van de Awb.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>3.</nr><titel>Slotbepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15.</nr><titel>Overgangsregeling</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De op het moment van inwerkingtreding van deze verordening in de
                                    Regio Noord - Veluwe als urgent aangemerkte woningzoekenden
                                    behouden hun eerdere urgentie, zolang de oorspronkelijke
                                    geldigheidsduur niet is verstreken. </al></li><li nr="2."><al>De op het moment van inwerkingtreding van deze verordening in de
                                    Regio Noord – Veluwe ingeschreven starters op de woningmarkt
                                    behouden hun inschrijfduur.</al></li><li nr="3."><al>Doorstromers kunnen worden ingeschreven in het inschrijfsysteem
                                    bedoeld in artikel 3, waarbij de woonduur in de huidige woning
                                    als inschrijftijd wordt aangemerkt. Een verzoek om hiervoor in
                                    aanmerking te komen kan tot uiterlijk 12 maanden na de
                                    inwerkingtreding van deze verordening worden gedaan.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16.</nr><titel>Experimenten</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Burgemeester en wethouders kunnen ruimte bieden aan experimenten
                                    op het gebied van de woonruimteverdeling, waarbij kan worden
                                    afgeweken van de bepalingen in deze verordening.</al></li><li nr="2."><al>Wanneer van deze mogelijkheid gebruik wordt gemaakt, wordt
                                    hiervan melding en verslag gedaan aan de gemeenteraad.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17.</nr><titel>Hardheidsclausule</titel></kop><al>Burgemeester en wethouders zijn bevoegd, in gevallen waarin toepassing
                            van deze verordening naar hun oordeel tot een bijzondere hardheid leidt,
                            ten gunste van de woningzoekende af te wijken van deze regels. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>18.</nr><titel>Inwerkingtreding en citeertitel</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Deze verordening treedt in werking op 1 juli 2015 en vervalt
                                    uiterlijk op 1 juli 2019.</al></li><li nr="2."><al>Deze verordening wordt aangehaald als ‘Huisvestingsverordening
                                    gemeente Hattem 2015’.</al><al/></li></lijst></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus besloten in de openbare vergadering van de raad van de
                        gemeente Hattem, gehouden op 11 mei 2015.</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>De raad van de gemeente Hattem,</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>de griffier, de voorzitter,</ondertekening></regeling-sluiting><nota-toelichting><al><vet>Toelichting</vet></al><al><vet>Algemeen</vet></al><al><cursief>Uitgangspunten Huisvestingswet 2014</cursief></al><al>De Huisvestingswet 2014 (hierna: wet) biedt gemeenten het
                                    instrumentarium in te grijpen in de verdeling van woonruimte en
                                    de samenstelling van de woonruimtevoorraad. Gebruikmaken van dit
                                    instrumentarium – door een Huisvestingsverordening vast te
                                    stellen – is niet vanzelfsprekend en dient periodiek onderbouwd
                                    en getoetst te worden. Het instrumentarium bestaat uit het
                                    vaststellen van een Huisvestingsverordening, die regels bevat
                                    met betrekking tot het in gebruik geven en nemen van goedkope
                                    woonruimte en/of het wijzigen van de samenstelling van de
                                    woningvoorraad. Het is niet meer mogelijk om in plaats van een
                                    verordening dergelijke regels af te spreken met corporaties (in
                                    een convenant). Zodoende wordt de democratische legitimiteit
                                    vergroot en de transparantie, openheid en rechtsbescherming voor
                                    woningzoekenden bevorderd. Het uitgangspunt van de wet is
                                    ‘vrijheid van vestiging’. Iedereen die rechtmatig in Nederland
                                    verblijft, heeft het recht om zich vrijelijk te verplaatsen en
                                    te vestigen. Dit grondrecht kan alleen worden beperkt indien
                                    noodzakelijk voor het algemeen belang in een democratische
                                    samenleving. Dat belang kan volgens de wet gelegen zijn in het
                                    tegengaan van de onevenwichtige en onrechtvaardige effecten van
                                    schaarste aan goedkope woonruimte. Als hier aantoonbaar sprake
                                    van is – en als het instrumentarium van de wet geschikt en
                                    proportioneel is om die effecten te bestrijden – kunnen
                                    gemeenten verdelingsregels stellen. De schaarste kan betrekking
                                    hebben op schaarste aan goedkope woonruimte in het algemeen,
                                    schaarste aan woonruimte met specifieke voorzieningen of
                                    schaarste aan woonruimte voor de huidige inwoners van een
                                    gemeente. Het bestaan van schaarste op zich is onvoldoende reden
                                    om van de wet gebruik te maken: er moet tevens sprake zijn van
                                    verdringing van kwetsbare groepen, als gevolg van die schaarste.
                                    Teneinde de rechten van woningzoekenden niet onnodig te
                                    beperkten, dient ingrijpen beperkt te blijven tot die delen van
                                    de woningmarkt waar de onevenwichtige en onrechtvaardige
                                    effecten van schaarste zich voordoen. Sturing in de
                                    woonruimteverdeling beperkt zich tot de goedkope
                                    woonruimtevoorraad die bestemd is voor verhuur. De vaste
                                    huurprijsgrens is vervallen; gemeente wijst zelf de schaarse,
                                    goedkope voorraad aan en maakt deze daarmee vergunning plichtig.
                                    Bemoeienis van de gemeente met de verdeling van woonruimte boven
                                    de in de verordening genoemde prijsgrens is uitgesloten. </al><al><cursief>De huisvestingsvergunning</cursief> Het is verboden de
                                    in de verordening aangewezen woonruimte zonder
                                    huisvestingsvergunning in gebruik te nemen of te geven.
                                    Woonruimteverdeling op basis van de wet gebeurt dus aan de hand
                                    van een vergunningensysteem. Burgemeester en wethouders kunnen
                                    de bevoegdheid om vergunningen te verlenen mandateren aan
                                    verhuurders, bijvoorbeeld de (samenwerkende) corporaties. </al><al><cursief>Wijzigingen in de woonruimtevoorraad</cursief></al><al>De wet biedt tevens de mogelijkheid om onttrekking,
                                    samenvoeging, omzetting en woningvorming dan wel splitsing van
                                    aangewezen categorieën woonruimte vergunning plichtig te
                                    maken.</al><al>Van deze mogelijkheid wordt in de verordening geen gebruik
                                    gemaakt.</al><al/><al><cursief>Inwerkingtreding wet, overgangsrecht, tijdelijk
                                        karakter verordening</cursief> De wet treedt op 1 januari
                                    2015 in werking en bevat overgangsrecht voor bestaande
                                    huisvestingsverordeningen; deze vervallen op 1 juli 2015. </al><al>Deze verordening vervalt uiterlijk op 1 juli 2019.</al><al/><al><cursief>Uitgangspunt huisvestingsverordening</cursief></al><al>De bedoeling van deze verordening is vooral het regelen van de
                                    verdeling van de beschikbaar komende goedkope huurwoningen
                                    vanwege de schaarste aan deze woningen en het tegengaan van de
                                    onevenwichtige en onrechtvaardige effecten van die schaarste.
                                    Hiervoor is in overleg met de buurgemeenten en de
                                    woningcorporaties een eerlijke en rechtvaardige verdeling
                                    uitgewerkt, die voortbouwt op de gegroeide samenwerking. </al><al><vet>Artikelsgewijs</vet></al><al>In deze artikelsgewijze toelichting worden alleen die bepalingen
                                    die nadere toelichting behoeven behandeld.</al><al/><al><vet>Artikel 1. Begripsbepalingen </vet>Het aantal definities
                                    van artikel 1 is beperkt aangezien de wet al een flink aantal
                                    definities kent, die ook bindend zijn voor deze verordening.
                                    Voor de duidelijkheid zijn een aantal belangrijke definities
                                    hieronder weergegeven: b. doorstromer: de definitie spreekt voor
                                    zich en is alleen voor een goede interpretatie van de
                                    overgangsregeling (zie artikel 15) van belang. d.
                                        <cursief>lotingsmodule</cursief>: een deel van de
                                    vrijkomende woningen zal via loting worden toegewezen. De
                                    bedoeling hiervan is dat spoedzoekers, een groot deel van de
                                    urgenten en diegenen, die vergeten zijn of niet in staat waren
                                    zich tijdig in te schrijven, toch een kans maken op een woning.
                                    e. <cursief>mantelzorg</cursief>: hulp ten behoeve van
                                    zelfredzaamheid, participatie, beschermd wonen opvang,
                                    jeugdhulp, het opvoeden en opgroeien van jeugdigen en zorg en
                                    overige diensten als bedoeld in de Zorgverzekeringswet, die
                                    rechtstreeks voortvloeit uit een tussen personen bestaande
                                    sociale relatie en niet wordt verleend in het kader van een
                                    hulpverlenend beroep. Bij de definitie van mantelzorg in de
                                    verordening is aangesloten bij de definitie in artikel 1.1.1 van
                                    de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015. f. doorstromer: de
                                    definitie spreekt voor zich en is alleen voor een goede
                                    interpretatie van de overgangsregeling (zie artikel 15) van
                                    belang. g. <cursief>urgentiecategorie</cursief>: er worden 2
                                    groepen urgenten onderscheiden. Allereerst vreemdelingen /
                                    verblijfsgerechtigden. Om tijdig aan de wettelijk opgelegde
                                    taakstelling te kunnen voldoen, ontvangen deze tot aan de
                                    afgesproken aantallen voorrang bij de woningtoewijzing. Onder
                                    vreemdelingen moeten worden verstaan, personen, die in Nederland
                                    een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd hebben
                                    aangevraagd en als gevolg daarvan een verblijfsvergunning hebben
                                    ontvangen als bedoeld in artikel 8, onderdeel a, b, c, of d, van
                                    de Vreemdelingenwet 2000. Met de taakstelling wordt bedoeld het
                                    aantal in opvangcentra of op gemeentelijke opvangplaatsen
                                    verkerende vergunninghouders in wier huisvesting per gemeente
                                    per kalenderhalfjaar dient te worden voorzien. Daarnaast zijn er
                                    de personen in het bezit van een urgentieverklaring. Zij vallen
                                    in urgentiecategorie 2. Daarna volgen alle overige
                                    woningzoekenden. k. <cursief>woningmarktregio:</cursief> gebied
                                    dat vanuit het oogpunt van het functioneren van de woningmarkt
                                    als een geheel kan worden beschouwd. De genoemde gemeenten en de
                                    in die gemeenten werkzame woningcorporaties werken samen bij de
                                    woonruimteverdeling. </al><al><vet>Artikel 2. Aanwijzing vergunning
                                        plichtige woonruimte</vet> Deze bepaling is een uitwerking
                                    van artikel 7 van de wet, waarin is bepaald dat de gemeenteraad
                                    in de huisvestingsverordening categorieën goedkope woonruimte
                                    kan aanwijzen die niet voor bewoning in gebruik mogen worden
                                    genomen of gegeven als daarvoor geen huisvestingsvergunning is
                                    verleend. In het eerste lid is onder a aangegeven tot welke
                                    huurprijsgrens de huisvestingsvergunning verplicht is. Hiermee
                                    wordt de werking van de verordening beperkt tot dat specifieke
                                    deel van de woningmarkt waarop de schaarste en verdringing zich
                                    voordoet. Alleen huurwoningen van de woningcorporaties met een
                                    huurprijs niet hoger dan het bedrag tot welk nog huurtoeslag
                                    wordt verstrekt, zijn onder de werkingssfeer van deze
                                    verordening gebracht. Woonruimten met een huur boven de
                                    huurprijsgrens kunnen zonder huisvestingsvergunning worden
                                    gehuurd of verhuurd.</al><al><vet>Artikel 3. Inschrijfsysteem van woningzoekenden
                                    </vet>Deze bepaling is gegrond op artikel 4, eerste lid,
                                    onder a, van de wet. Het hanteren van eenzelfde regionaal
                                    inschrijfsysteem bevordert de transparantie en vermindert de
                                    administratieve lasten voor de burger. In artikel 15 is een
                                    overgangsregeling opgenomen voor bestaande inschrijvingen in de
                                    oude inschrijfsystemen. Zie verder de toelichting bij artikel
                                    15. Het in het vierde lid genoemde bewijs van inschrijving is
                                    vormvrij.</al><al>Voorwaarde voor woningtoewijzing is inschrijving als
                                    woningzoekende bij een corporatie. </al><al>Wie het langst staat ingeschreven is het eerst aan de beurt voor
                                    een woning, tenzij het om een woning gaat die wordt verloot
                                    onder de belangstellenden. Daarnaast ontvangen urgent
                                    woningzoekenden voorrang.</al><al>Een inschrijving in deze gemeente is ook geldig in de andere
                                    gemeenten van de woningmarktregio, m.a.w. een inschrijving in
                                    gemeente A bij woningcorporatie B is ook geldig in gemeente C
                                    voor woningen van woningcorporatie D.</al><al/><al><vet>Artikel 4. Aanvraag en inhoud
                                    huisvestingsvergunning</vet></al><al>Deze bepaling is een uitwerking van artikel 5 van de wet. Daarin
                                    is bepaald dat de gemeenteraad in de huisvestingsverordening
                                    regels stelt over de wijze van aanvragen van vergunningen en de
                                    gegevens die door de aanvrager worden verstrekt bij de aanvraag
                                    van een vergunning. De in lid 2 genoemde gegevens met betrekking
                                    tot geboortedatum, nationaliteit en, indien van toepassing,
                                    verblijfstitel zijn noodzakelijk in verband met de wettelijke
                                    eisen van artikel 10, tweede lid, van de wet.</al><al>In artikel 18 van de wet zijn intrekkingsgronden voor de
                                    huisvestingvergunning opgenomen. Zo kan de vergunning worden
                                    ingetrokken als de vergunninghouder de in die vergunning
                                    vermelde woonruimte niet binnen de door burgemeester en
                                    wethouders bij de verlening gestelde termijn in gebruik heeft
                                    genomen of als de vergunning is verleend op grond van door de
                                    vergunninghouder verstrekte gegevens waarvan deze wist of moest
                                    vermoeden dat deze onjuist of onvolledig waren. Deze
                                    intrekkingsgronden gelden rechtstreeks op grond van de wet en
                                    zijn in de verordening niet herhaald. </al><al/><al><vet>Artikel 5. Criteria voor verlening
                                        huisvestingsvergunning</vet></al><al>In artikel 5 worden de voorwaarden voor verlening van een
                                    vergunning nog eens duidelijk weergeven: er moet sprake zijn van
                                    een toewijzing door de corporatie aan een meerderjarige
                                    woningzoekende met een passend inkomen.</al><al/><al><vet>Artikel 6. Bekendmaking aanbod van woonruimte</vet> Deze
                                    bepaling is een uitwerking van artikel 20 van de wet, waarin is
                                    bepaald dat de gemeenteraad regels kan stellen over de wijze van
                                    bekendmaking van de beschikbaarheid van vergunning plichtige
                                    woonruimte. Transparantie in het woningaanbod draagt voor
                                    woningzoekenden bij aan het gericht vinden van voor hen
                                    beschikbare woonruimte.</al><al>In uitzonderlijke gevallen kan door een woningcorporatie een
                                    woning rechtstreeks worden toegewezen, als van een
                                    woningzoekende gezien zijn of haar persoonlijke omstandigheden,
                                    echt niet kan worden verlangd, dat hij / zij via de
                                    gebruikelijke wijze van bekendmaking enz. opteert voor woning.
                                    Hiervan maakt de corporatie spaarzaam gebruik en maakt zij
                                    melding aan het gemeentebestuur (leden 3 en 4).</al><al/><al><vet>Artikel 7. Voorrang bij urgentie</vet></al><al>De wet biedt de mogelijkheid een urgentieregeling op te stellen,
                                    ook wanneer geen sprake is van schaarste aan goedkope
                                    woonruimte. </al><al>Ook zonder schaarste kan immers behoefte bestaan om sommige
                                    woningzoekenden met voorrang te kunnen huisvesten. </al><al>In de huisvestingsverordening kan overeenkomstig artikel 12 van
                                    de wet bepaald worden dat bij het verlenen van
                                    huisvestingsvergunningen voorrang wordt gegeven aan
                                    woningzoekenden waarvoor de voorziening in de behoefte aan
                                    woonruimte dringend noodzakelijk is. </al><al>Vergunninghouders, personen die in blijf-van-mijn-lijfhuizen
                                    verblijven en woningzoekenden die mantelzorg verlenen of
                                    ontvangen behoren in ieder geval tot de urgente woningzoekenden
                                    (artikel 12, derde lid, van de wet). Deze groepen kunnen dus
                                    niet van indeling in een urgentiecategorie worden uitgesloten.
                                    Dit geldt voor alle gemeenten, dat wil zeggen dat een
                                    woningzoekende die valt onder deze verplichte
                                    urgentiecategorieën in elke gemeente met urgentie moet worden
                                    behandeld.</al><al/><al><vet>Artikel 8. Verzoek om indeling in een urgentiecategorie
                                    </vet>Deze bepaling is een uitwerking van artikel 13 van de wet,
                                    waarin is bepaald dat burgemeester en wethouders beslissen over
                                    de indeling van woningzoekenden in de urgentiecategorieën.
                                    Hierbij is expliciet bepaald dat burgemeester en wethouders van
                                    deze bevoegdheid mandaat kunnen verlenen. Voorts is bepaald dat
                                    de gemeenteraad in de huisvestingsverordening regels stelt over
                                    de wijze waarop woningzoekenden kunnen verzoeken om indeling in
                                    een urgentiecategorie. De motivering, bedoeld in het tweede lid,
                                    onder c, kan bijvoorbeeld omvatten: de aard van de persoonlijke
                                    problematiek, de relatie van deze problematiek met de huidige
                                    woonsituatie en de argumentatie op grond waarvan verhuizing op
                                    korte termijn absoluut noodzakelijk is. Voor een advies als
                                    bedoeld in het vierde lid, kunnen burgemeester en wethouders
                                    bijvoorbeeld bij een verzoek om een medische indicatie een
                                    medisch adviseur aanwijzen. Deze laat zich – evenals andere in
                                    te schakelen adviseurs – in zijn onderzoek en advies mede leiden
                                    door de richtlijnen en de aandachtspunten, die door de gemeenten
                                    en corporaties voor een goede beoordeling en afweging zijn
                                    opgesteld.</al><al><vet>Artikel 9. Intrekken urgentie </vet>Dit artikel
                                    spreekt voor zich. </al><al>Het weigeren van een woning wordt een urgent woningzoekende
                                    zwaar aangerekend.</al><al>Na zes maanden verloopt een urgentie.</al><al/><al><vet>Artikel 10. Toewijzing van woningen door middel van
                                        loting</vet></al><al>Een deel van het woningaanbod wordt via loting toegewezen.</al><al>Het percentage woningen dat via loting wordt verdeeld kan
                                    variëren naar gelang de actuele situatie op de woningmarkt. Het
                                    percentage schommelt in beginsel rond de 25%.</al><al>Op die manier maken ingeschreven woningzoekenden met een korte
                                    inschrijftijd toch kans op een woning. Vooral wie op korte
                                    termijn een woning nodig heeft en/of personen die zich niet
                                    tijdig inschreven of konden inschrijven zijn hierbij gebaat. De
                                    introductie van een lotingsmodule moet op termijn de
                                    instandhouding van een urgentiecommissie overbodig maken. </al><al>Net zoals een urgent woningzoekende geen woning mag weigeren en
                                    hem of haar dat zwaar wordt aangerekend, geldt dat een bij
                                    loting toegewezen woning niet mag worden geweigerd. Een
                                    weigering heeft tot gevolg dat de woningzoekende een jaar lang
                                    niet kan meedoen aan de lotingsmodule. </al><al><vet> Artikel 11. Rangorde woningzoekenden </vet>In deze
                                    bepaling is in aansluiting op de voorrangsregels van deze
                                    verordening een rangorde voor toewijzing van woonruimte gegeven.
                                    Over de volgorde van toewijzing kan op die manier geen
                                    misverstand bestaan.</al><al/><al><onderstreept>In overzicht:</onderstreept></al><lijst><li nr="-"><al>Bij loting: de eerst gelote kandidaat enz. (lotingsmodule, ca.
                                    25% van de vrijkomende woningen);</al></li><li nr="-"><al>Overig woningaanbod:</al><lijst><li nr="o"><al>statushouders (op datum urgentie), vervolgens</al></li><li nr="o"><al>overige urgenten (op datum urgentie), dan</al></li><li nr="o"><al>overige ingeschreven woningzoekenden (op basis van
                                            inschrijftijd) (wensmodule, ca. 70% van de vrijkomende
                                            woningen);</al></li></lijst></li><li nr="-"><al>Via bemiddeling: uitzonderingen, door corporaties in te vullen
                                    (ca. 3-5% van de vrijkomende woningen).</al></li></lijst><al><vet> Artikel 12. Verlenen mandaat</vet> Mandaatverlening is een
                                    bevoegdheid van het college, dus dergelijke bepalingen horen
                                    niet in de verordening. De bepaling is een uitwerking van
                                    artikel 19 van de wet en hoewel in beginsel dus overbodig, toch
                                    opgenomen om te benadrukken dat dit uitdrukkelijk de bedoeling
                                    is en dat burgemeester en wethouders voornemens zijn van deze
                                    bevoegdheid gebruik te maken. Daardoor ontstaat een vloeiende
                                    regionale werkwijze.</al><al/><al><vet>Artikel 13. Urgentiecommissie</vet>Op
                                    grond van de gemeentewet kan het college een dergelijke
                                    commissie inrichten.</al><al>Voor alle duidelijkheid is toch dit artikel opgenomen. Ook om te
                                    benadrukken dat deze verordening vooral bedoeld is om de
                                    urgentie van woningzoekende te regelen.</al><al>Het reglement geldt voor de gehele woningmarkt. (zie ook de
                                    toelichting bij artikel 12)</al><al/><al><vet>Artikel 14. Commissie bezwaarschriften
                                        woonruimteverdeling</vet></al><al>Het college kan de afhandeling van bezwaar en beroep zelf bij
                                    besluit regelen. Zie hiervoor ook de hoofdstukken 7 en 9 van de
                                    Awb.</al><al>Om te bevorderen dat voor het onderdeel woonruimteverdeling een
                                    in de gehele woningmarktregio gelijke aanpak en beoordeling
                                    wordt gevolgd is toch dit artikel opgenomen en een reglement
                                    voor de commissie opgesteld (zie ook de toelichting bij artikel
                                    12 en 13).</al><al/><al><vet>Artikel 15. Overgangsregeling</vet></al><al>De overgangsbepaling houdt allereerst in dat de ingeschreven
                                    starters hun inschrijfduur behouden. De opgenomen
                                    overgangsbepalingen zijn daarnaast bedoeld om woningzoekenden,
                                    die nadeel ondervinden van de invoering van deze nieuwe regels
                                    (vooral doorstromers) in de gelegenheid te stellen om hun oude
                                    rechten te verzilveren. Deze laatste overgangsbepaling geldt
                                    gedurende een periode van 12 maanden, rekenende vanaf de datum
                                    van inwerkingtreding van deze verordening. Binnen deze termijn
                                    dient men zich te melden en in te schrijven om van de
                                    overgangsregeling gebruik te kunnen maken. Lid 1 is
                                    evident.</al><al/><al><vet>Artikel 16. Experimenten</vet></al><al>Dit artikel maakt het mogelijk gedurende de looptijd van de
                                    verordening aanvullende afspraken te maken over de verdeling van
                                    woonruimte en in te spelen op veranderingen op de (regionale)
                                    woningmarkt.</al><al>Van dergelijke aanvullende afspraken wordt de gemeenteraad in
                                    kennis gesteld. </al><al>Daarnaast worden deze maatregelen geëvalueerd. Van deze
                                    evaluatie wordt verslag gedaan aan de raad. </al><al/><al><vet>Artikel 17. Hardheidsclausule</vet></al><al>Wanneer uit de toepassing van deze regels voor de woningzoekende
                                    onevenredig nadeel zou voortvloeien, kan van deze bepaling
                                    gebruik worden gemaakt.</al><al>Een duidelijke motivering zal steeds aan een afwijking ten
                                    grondslag moeten liggen. </al><al/><al><vet>Artikel 18. Inwerkingtreding en citeertitel</vet></al><al>De geldigheidsduur van deze verordening is gesteld op maximaal
                                    vier jaar.</al><al>Dat maakt dat binnen 4 jaar de noodzaak voor het stellen van
                                    deze regels en de situatie op de woningmarkt opnieuw zal worden
                                    getoetst. </al></nota-toelichting><bijlage><al><extref doc="/cvdr/images/Hattem/i257784.pdf">05. Reglement Urgentiecommissie Woonruimteverdeling Noord-Veluwe 2015.pdf</extref></al><al><extref doc="/cvdr/images/Hattem/i257783.pdf">05. Reglement Commissie Bezwaarschriften Woonruimteverdeling Noord-Veluwe 20....pdf</extref></al></bijlage></regeling></body></cvdr>