<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR279289_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening Wet kinderopvang gemeente Goes 2013</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Goes</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-11-06</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Goes</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Onbekend</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening Wet kinderopvang gemeente Goes 2013</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Wet kinderopvang</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2013-03-21</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2013-04-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2018-11-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Onbekend</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Onbekend</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>kinderopvang</overheidrg:onderwerp><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening Wet kinderopvang gemeente Goes 2013</intitule><regeling><aanhef><preambule><al><vet>Besluitnummer</vet> 11</al><al><vet>Vergadering d.d.</vet> 21 maart 2013</al><al><vet>Verzonden </vet>8 maart 2013</al><al><vet>Onderwerp </vet>Vaststellen verordening kinderopvang gemeente Goes
                        2013.</al><al><vet>Registratienummer</vet> 13INT00053</al><al/><al/><al>De raad van de gemeente Goes;</al><al>&lt;!-- ***********Info************** --&gt;gelezen het voorstel van
                        burgemeester en wethouders van 8 maart 2013;</al><al>gelet op artikelen 1.12 en 1.13 van de Wet kinderopvang en artikel 149
                        van de Gemeentewet; </al><al>overwegende dat het noodzakelijk is de verlening, de voorschotverlening
                        en de vaststelling van de tegemoetkoming van de gemeente in de kosten
                        van kinderopvang bij verordening te regelen; b e s l u i t :</al><lijst><li nr="I."><al>in te trekken de "Verordening Wet kinderopvang gemeente Goes",
                                zoals vastgesteld in 2004;</al></li><li nr="II."><al>vast te stellen de volgende verordening "VERORDENING WET
                                KINDEROPVANG GEMEENTE GOES 2013". </al></li></lijst><al/><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><paragraaf><kop><label>§</label><nr>1.</nr><titel>ALGEMENE BEPALINGEN</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsbepalingen</titel></kop><al>In deze verordening wordt verstaan
                                onder: </al><lijst><li nr="a."><al>het college: het college van burgemeester en wethouders;
                                    </al></li><li nr="b."><al>de wet: de Wet kinderopvang en kwaliteitseisen
                                        peuterspeelzalen geldend op 1 januari 2013; </al></li></lijst></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>§</label><nr>2.</nr><titel>VASTSTELLING NOODZAAK VAN KINDEROPVANG OP GROND VAN
                                SOCIAAL-MEDISCHE INDICATIE</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Te verstrekken gegevens</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Een aanvraag tot vaststelling van de noodzaak van
                                        kinderopvang op grond van een sociaal-medische indicatie
                                        bevat, in aanvulling op het bepaalde in artikel 6 van deze
                                        verordening, in ieder geval de volgende gegevens:</al><lijst><li nr="a."><al>een verklaring van een behandelaar met voldoende
                                                adequate deskundigheid ten aanzien van de noodzaak
                                                van kinderopvang;</al></li><li nr="b."><al>overige gegevens die het college nodig acht om te
                                                kunnen besluiten over de aanvraag van de
                                                tegemoetkoming.</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>Het college kan bepalen dat de aanvraag geschiedt met behulp
                                        van een door het college vastgesteld en beschikbaar gesteld
                                        aanvraagformulier.</al></li><li nr="3."><al>Indien de ouder een partner heeft, wordt de aanvraag mede
                                        ondertekend door de partner, indien de partner daartoe in
                                        staat is en er daarvoor geen wettelijke belemmeringen
                                        aanwezig zijn.</al></li><li nr="4."><al>een offerte of contract van het kindercentrum of
                                        gastouderbureau dat de kinderopvang gaat verzorgen waarin in
                                        ieder geval wordt aangegeven: het aantal uren kinderopvang
                                        per kind, de kostprijs per uur en de aanvangsdatum van de
                                        opvang;</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr></kop><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Beslistermijn</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het college besluit over de aanvraag binnen acht weken na
                                        ontvangst van alle benodigde gegevens.</al></li><li nr="2."><al>Het college kan dit besluit met ten hoogste vier weken
                                        verdagen. Het college stelt de ouder hiervan schriftelijk in
                                        kennis.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr></kop><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Inhoud van de beschikking</titel></kop><al>Het besluit tot vaststelling
                                van de noodzaak van kinderopvang op grond van een sociaal-medische
                                indicatie bevat in ieder geval: </al><lijst><li nr="a."><al>de geldigheidsduur van de indicatie; </al></li><li nr="b."><al>de omvang en de duur van de kinderopvang die noodzakelijk
                                        wordt geacht. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr></kop><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Weigeringsgronden</titel></kop><al>Het college weigert de noodzaak van
                                kinderopvang op grond van een sociaal-medische indicatie vast te
                                stellen, indien de ouder en de partner reeds een tegemoetkoming in
                                de kosten van kinderopvang ontvangt of kan ontvangen. </al></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>§</label><nr>3.</nr><titel>AANVRAAG VAN DE TEGEMOETKOMING</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Te verstrekken gegevens bij de aanvraag</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Een aanvraag voor een tegemoetkoming in de kosten van
                                    kinderopvang bevat:</al><lijst><li nr="a."><al>naam, adres en BSN-nummer van de ouder;</al></li><li nr="b."><al>indien van toepassing: naam en BSN-nummer van de partner
                                            en, indien dit een ander adres is dan het adres van de
                                            ouder: het adres van de partner;</al></li><li nr="c."><al>naam, geboortedatum en BSN-nummer van het kind of de
                                            kinderen waarop de aangevraagde tegemoetkoming
                                            betrekking heeft;</al></li><li nr="d."><al>een offerte of contract van het kindercentrum of
                                            gastouderbureau dat de kinderopvang gaat verzorgen
                                            waarin in ieder geval wordt aangegeven: het aantal uren
                                            kinderopvang per kind, de kostprijs per uur en de
                                            aanvangsdatum van de opvang;</al></li><li nr="e."><al>gegevens of een verwijzing naar gegevens waaruit blijkt
                                            dat de ouder behoort tot de groep personen als bedoeld
                                            in artikel 1.12 van de wet;</al></li><li nr="f."><al>overige gegevens die het college nodig acht om te kunnen
                                            besluiten over de aanvraag van de tegemoetkoming.</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>Het college kan bepalen dat de aanvraag geschiedt met behulp van
                                    een door het college vastgesteld en beschikbaar gesteld
                                    aanvraagformulier.</al></li><li nr="3."><al>Indien de ouder een partner heeft, wordt de aanvraag mede
                                    ondertekend door de partner.</al></li></lijst></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>§</label><nr>4.</nr><titel>VERLENING VAN DE TEGEMOETKOMING</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Het besluit tot verlenen van de tegemoetkoming</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het college besluit over de aanvraag binnen acht weken na
                                        ontvangst van alle benodigde gegevens (zie artikel 6 van de
                                        verordening).</al></li><li nr="2."><al>Het college kan dit besluit met ten hoogste vier weken
                                        verdagen. Het stelt de ouder hiervan schriftelijk in
                                        kennis.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr></kop><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Weigeringsgrond</titel></kop><al>Het college weigert de tegemoetkoming,
                                indien de ouder niet behoort tot de personen als bedoeld in artikel
                                1.22 van de wet. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr></kop><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Ingangsdatum van de tegemoetkoming</titel></kop><al>De tegemoetkoming wordt in principe verleend met ingang van de datum
                                waarop de noodzaak voor kinderopvang is ontstaan. Daarbij mag er
                                niet meer dan 6 weken zijn verstreken tussen de aanvang van de
                                kinderopvang en de datum van ontvangst van de aanvraag bij de
                                gemeente. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr></kop><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>De periode waarvoor de tegemoetkoming wordt verleend</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De tegemoetkoming wordt verleend voor de periode van een
                                        kalenderjaar en loopt dus tot en met 31 december.</al></li><li nr="2."><al>Verlengingen van een tegemoetkomingsperiode kunnen
                                        ambtshalve worden beoordeeld en toegekend.</al></li><li nr="3."><al>In afwijking van het eerste lid kan het college de
                                        tegemoetkoming voor een andere periode verlenen.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr></kop><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Omvang van de kinderopvang</titel></kop><al>Het college verleent de tegemoetkoming voor het aantal uren
                                kinderopvang dat door de gemeente noodzakelijk wordt geacht. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr></kop><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Inhoud van de beschikking</titel></kop><al>Het besluit tot verlening van
                                een tegemoetkoming in de kosten van kinderopvang bevat in ieder
                                geval: </al><lijst><li nr="a."><al>de vaststelling tot welke van de gemeentelijke doelgroepen
                                        de ouder behoort;</al></li><li nr="b."><al>de naam en geboortedatum van het kind of de kinderen waarop
                                        de tegemoetkoming betrekking heeft;</al></li><li nr="c."><al>de naam van het kindercentrum of gastouderbureau waar de
                                        kinderopvang plaatsvindt;</al></li><li nr="d."><al>de periode en de omvang van de kinderopvang per tijdvak
                                        waarvoor de tegemoetkoming wordt verleend;</al></li><li nr="e."><al>de wijze waarop het recht op tegemoetkoming tot stand
                                        komt;</al></li><li nr="f."><al>de wijze waarop de tegemoetkoming wordt uitbetaald;</al></li><li nr="g."><al>de verplichtingen van de ouder.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr></kop><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>De bevoorschotting van de tegemoetkoming</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De tegemoetkoming wordt in de vorm van een voorschot
                                        uitbetaald na ontvangst van de nota(‘s) van het
                                        kindercentrum en de toepasselijke beschikking(en)
                                        kinderopvangtoeslag van de Belastingdienst .</al></li><li nr="2."><al>Het college kan nadere voorschriften stellen over de wijze
                                        van bevoorschotting.</al></li></lijst></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>§</label><nr>5.</nr><titel>VASTSTELLING VAN DE TEGEMOETKOMING</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Het besluit tot vaststelling van de tegemoetkoming</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De ouder verstrekt binnen drie maanden na afloop van de
                                        periode waarvoor de tegemoetkoming is verleend aan het
                                        college een overzicht van de feitelijke kosten van
                                        kinderopvang over deze periode en andere relevante stukken
                                        die nodig zijn voor vaststelling.</al></li><li nr="2."><al>Het college stelt de tegemoetkoming binnen acht weken na
                                        ontvangst van het overzicht van de kosten vast. Het gaat
                                        hier om een voorlopige vaststelling in afwachting van de
                                        definitieve beschikking kinderopvangtoeslag van de
                                        Belastingdienst. Vaststellingen van tegemoetkomingen op
                                        grond van een sociaal-medische indicatie zijn wel direct
                                        definitief.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr></kop><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr><titel>Verrekening met de voorschotten</titel></kop><al>De tegemoetkoming wordt
                                overeenkomstig de vaststelling binnen vier weken na de vaststelling
                                betaald, onder verrekening van de betaalde voorschotten. </al><al>Indien er teveel voorschot is betaald, wordt het meerdere
                                teruggevorderd binnen 6 maanden na ontvangst van de jaaropgave en de
                                definitieve beschikking kinderopvangtoeslag. </al></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>§</label><nr>6.</nr><titel>VERPLICHTINGEN VAN DE OUDER</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16</nr><titel>Inlichtingenplicht</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De ouder of de partner doet het college onmiddellijk na het
                                        bekend worden daarvan uit eigen beweging schriftelijk
                                        mededeling van inlichtingen en gegevens die kunnen leiden
                                        tot de vaststelling van een andere, gewijzigde
                                        tegemoetkoming.</al></li><li nr="2."><al>De ouder of partner verstrekt desgevraagd aan het college,
                                        binnen een door het college te stellen redelijke termijn,
                                        alle gegevens en inlichtingen van hem en zijn partner die
                                        voor de aanspraak op en de hoogte van de tegemoetkoming van
                                        de gemeente van belang zijn.</al></li></lijst></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>§</label><nr>7.</nr><titel>SLOTBEPALINGEN</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17</nr><titel>Afwijken van bepalingen/hardheidsclausule</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het college zal in bijzondere gevallen afwijken van de
                                        bepalingen in deze verordening, indien onverkorte toepassing
                                        zou leiden tot onredelijkheid of onbillijkheid.</al></li><li nr="2."><al>In gevallen, de uitvoering van deze verordening betreffende,
                                        waarin deze verordening niet voorziet, beslist het
                                        college.</al></li><li nr="3."><al>Het college kan ten behoeve van de uitvoering van deze
                                        verordening nadere beleidsregels vaststellen.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>18</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><al>Deze verordening treedt in werking met ingang van 1 april 2013.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>19</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>De verordening wordt aangehaald als:
                                Verordening Wet kinderopvang gemeente Goes 2013.</al></artikel></paragraaf></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgesteld door de raad</ondertekening><ondertekening>van de gemeente Goes in zijn </ondertekening><ondertekening>openbare vergadering van 21 maart 2013.</ondertekening><ondertekening>de griffier, de voorzitter,</ondertekening><ondertekening>drs. J.W. Scherpenzeel. mr. L.J. Verhulst.</ondertekening></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>