<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--
      meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR2773_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening inzake de instelling, het beheer en de aanwending van het Evenementenfonds Cultuur en Welzijn</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Hardenberg</dcterms:creator><dcterms:modified>2017-02-28</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Hardenberg</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Gemeenteblad, 2003, nr. 27</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening inzake de instelling, het beheer en de aanwending van het Evenementenfonds Cultuur en Welzijn</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet, art. 149</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>maatschappelijke zorg en welzijn</dcterms:subject><dcterms:issued>2003-09-25</dcterms:issued><dcterms:rights>
          De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
          databankrecht
        </dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2003-12-03</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2016-03-02</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Onbekend</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>VERORDENING INZAKE DE INSTELLING, HET BEHEER EN DE AANWENDING VAN HET
                            EVENEMENTENFONDS CULTUUR EN WELZIJN</intitule><regeling><aanhef><preambule><al/><al>De raad van de gemeente Hardenberg;</al><al>Gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 26 augustus 2003,
                        no. 2003/JKNE/55362;</al><al>Gelet op de artikelen 147 en 149 van de Gemeentewet en artikel 4:23 eerste
                        lid van de Algemene wet bestuursrecht; </al><al><vet>Besluit:</vet></al><al>vast te stellen de volgende:</al><al><vet>"Verordening inzake de instelling, het beheer en de aanwending van het
                            Evenementenfonds Cultuur en Welzijn".</vet></al></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>I</nr><titel>Inleidende bepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Instelling fonds</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Er is een fonds, aangeduid als "Evenementenfonds Cultuur en
                                Welzijn".</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>In de gemeentebegroting is hiervoor een bedrag opgenomen. Dit bedrag
                                wordt met ingang van 2004 jaarlijks aangepast conform de
                                "prijsmutatie overheidsconsumptie".</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien bij het opstellen van de jaarrekening blijkt dat het
                                beschikbare bedrag niet volledig is besteed, wordt het resterende
                                bedrag toegevoegd aan het bedrag dat in de begroting voor het
                                volgende kalenderjaar is opgenomen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Doelstelling</titel></kop><al>Deze verordening heeft ten doel het eenmalig subsidiëren van
                            evenementen, exposities of activiteiten in de gemeente Hardenberg van
                            verenigingen, instellingen en organisaties die gevestigd zijn in de
                            gemeente Hardenberg en die zich bewegen op één of meer terreinen van
                            cultuur en welzijn.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Criteria</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De evenementen, exposities of activiteiten zoals bedoeld in artikel
                                2 komen in aanmerking voor verlening van subsidie als zij voldoen
                                aan één of meer van de volgende criteria:</al><lijst><li nr="¨"><al>omvangrijk zijn in opzet en organisatie en naar lokale
                                        maatstaven gezien een aanzienlijk aantal deelnemers en/of
                                        publiek zal trekken en een grote mate van publiciteit met
                                        zich mee zal brengen; </al></li><li nr="¨"><al>status hebben van (inter)nationale faam; </al></li><li nr="¨"><al>in voldoende mate een nieuw element vormt en zich
                                        onderscheidt van reeds in de gemeente Hardenberg
                                        georganiseerde evenementen, exposities en activiteiten;</al></li><li nr="¨"><al>voor de inwoners van de gemeente Hardenberg van betekenis
                                        zijn voor de passieve of actieve beoefening van culturele-
                                        of welzijnsactiviteiten; </al></li><li nr="¨"><al>het evenement, de expositie of activiteit van bijzondere
                                        betekenis is.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Evenementen en activiteiten die worden georganiseerd in het kader
                                van het 100 of 250 jarig bestaan van een dorp, kern of gehucht en
                                vervolgens elke 250 jaar daarna, worden aangemerkt als evenementen
                                of activiteiten van bijzondere betekenis en komen als zodanig in
                                aanmerking voor subsidie op grond van deze verordening.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Subsidieplafond</titel></kop><al>Het in artikel 1 genoemde bedrag geldt als subsidieplafond, zoals
                            bedoeld in artikel 4:25 van de Algemene wet bestuursrecht.</al><al>Het jaarlijks beschikbare bedrag wordt verdeeld volgens het principe wie
                            het eerst komt, het eerst maalt.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Hoogte van de subsidie</titel></kop><al>De te verlenen subsidie op grond van deze verordening bedraagt 25% van
                            de geraamde uitgaven. De maximale subsidie bedraagt € 2.300,--, met dien
                            verstande dat de vast te stellen subsidie nimmer meer bedraagt dan het
                            exploitatietekort. </al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>II</nr><titel>De subsidieverlening</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>De subsidieaanvraag</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Een aanvraag om subsidie moet uiterlijk twaalf weken voor de aanvang
                                van het evenement, de expositie of de activiteit worden ingediend
                                bij het college van burgemeester en wethouders.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Bij de aanvraag moet tenminste worden overlegd:</al><lijst><li nr="a."><al>een omschrijving van het evenement, de expositie of de
                                        activiteit;</al></li><li nr="b."><al>een raming van de kosten van het evenement, de expositie of
                                        de activiteit;</al></li><li nr="c."><al>een raming van de inkomsten;</al></li><li nr="d."><al>een raming van het aantal deelnemers/bezoekers, voor zover
                                        van toepassing. </al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Uitsluitingen aanspraak op subsidie</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Evenementen, exposities of activiteiten waarvoor reeds op grond van
                                een andere gemeentelijke subsidieregeling subsidie wordt verstrekt,
                                komen niet in aanmerking voor een subsidie op grond van deze
                                verordening.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Evenementen, exposities of activiteiten die op commerciële basis
                                worden geëxploiteerd komen niet in aanmerking voor een subsidie.
                            </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Weigeringsgronden</titel></kop><al>De subsidie kan naast de in artikel 4:25 en artikel 4:35 van de Algemene
                            wet bestuursrecht genoemde gevallen geweigerd worden indien gegronde
                            redenen bestaan aan te nemen dat:</al><lijst><li nr="1."><al>de gelden niet of in onvoldoende mate besteed zullen worden voor
                                    het doel waarvoor de subsidie beschikbaar wordt gesteld;</al></li><li nr="2."><al>de aanvrager ook zonder subsidieverstrekking over voldoende
                                    gelden, hetzij uit eigen middelen, hetzij uit middelen van
                                    derden kan beschikken om de kosten van het evenement, de
                                    expositie of de activiteit te dekken;</al></li><li nr="3."><al>Het evenement, de expositie of de activiteit slechts open staat
                                    voor een specifieke doelgroep;</al></li><li nr="4."><al>de subsidieverstrekking niet past binnen het beleid van de
                                    gemeente. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>De beslistermijn</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college van burgemeester en wethouders beslist binnen acht weken
                                na ontvangst van de aanvraag.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De in lid 1 genoemde termijn kan ten hoogste met een periode van
                                vier weken worden verlengd.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Verstrekken van voorschotten</titel></kop><al>Vooruitlopend op de vaststelling van de subsidie kan het college van
                            burgemeester en wethouders een voorschot uitbetalen. Dit voorschot
                            bedraagt maximaal 100% van het verleende bedrag.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>III</nr><titel>De subsidievaststelling</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>De aanvraag tot subsidievaststelling</titel></kop><al>De aanvraag tot subsidievaststelling moet binnen acht weken na afloop
                            van het evenement, de expositie of de activiteit worden ingediend bij
                            het college van burgemeester en wethouders. </al><al>Bij de aanvraag tot subsidievaststelling dient een financiële
                            verantwoording te worden overlegd. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>De Beslistermijn</titel></kop><al>Het college van burgemeester en wethouders stelt de subsidie vast binnen
                            acht weken na ontvangst van de aanvraag als bedoeld in artikel 11.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>IV</nr><titel>Slot- en overgangsbepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><al>Deze verordening treedt in werking 6 weken na de bekendmaking.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Citeerartikel</titel></kop><al>Deze verordening kan worden aangehaald als "Verordening inzake de
                            instelling, het beheer en de aanwending van het Evenementenfonds Cultuur
                            en Welzijn". </al></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgesteld in de openbare vergadering</ondertekening><ondertekening>van de raad van de gemeente Hardenberg van 25 september 2003.</ondertekening><ondertekening>De raad voornoemd,</ondertekening><ondertekening>De voorzitter, De griffier.</ondertekening></regeling-sluiting><nota-toelichting><tussenkop>Artikelsgewijze toelichting bij de Verordening inzake de
                    instelling, het beheer en de aanwending van het Evenementenfonds Cultuur en
                    Welzijn.</tussenkop><tussenkop>HOOFDSTUK I Inleidende bepalingen </tussenkop><tussenkop>Artikel 1 Instelling fonds</tussenkop><al>In dit artikel is de financiële basis voor deze verordening aangegeven.</al><al>Het aantal aanvragen, en dus het beroep dat op deze subsidieregeling wordt
                    gedaan, kan jaarlijks sterk fluctueren. Het in de gemeentebegroting opgenomen
                    bedrag geldt evenwel als maximum bedrag (zie artikel 4). </al><al>Teneinde toch zo goed mogelijk op het wisselende beroep op deze regeling in te
                    kunnen spelen is in dit artikel opgenomen dat eventuele overschotten op deze
                    begrotingspost worden toegevoegd aan het bedrag dat in de begroting voor het
                    volgende kalenderjaar is opgenomen.</al><tussenkop>Artikel 2 Doelstelling</tussenkop><al>In dit artikel is de doelstelling aangegeven. Van belang is het eenmalige
                    karakter van de subsidiëring. Alleen verenigingen, instellingen en organisaties,
                    die in de gemeente Hardenberg zijn gevestigd komen voor subsidie in
                    aanmerking.</al><al>Verder moet het gaan om evenementen, exposities of activiteiten op het gebied
                    van cultuur of welzijn. </al><tussenkop>Artikel 3 Criteria</tussenkop><al>In dit artikel worden de criteria genoemd waaraan de evenementen, exposities of
                    activiteiten moeten voldoen om voor subsidie in aanmerking te komen.</al><al>Op grond van het tweede lid van dit artikel komen ook evenementen en
                    activiteiten die worden georganiseerd in het kader van het 100 of 250 jarig
                    bestaan (en vervolgens elke 250 jaar daarna) van een dorp, kern of gehucht voor
                    subsidie in aanmerking.</al><al>De evenementen en activiteiten die in dat kader worden georganiseerd voor met
                    name de inwoners van dat dorp, die kern of gehucht, worden aangemerkt als
                    evenementen of activiteiten van bijzondere betekenis. </al><tussenkop>Artikel 4 Subsidieplafond</tussenkop><al>Het aantal subsidieaanvragen kan per jaar sterk variëren. Ten einde ongewenste
                    overschrijdingen van het beschikbare budget te voorkomen, wordt een
                    subsidieplafond gehanteerd. </al><al>Het beschikbare bedrag wordt verdeeld volgens het principe wie het eerst komt,
                    het eerst maalt. Dit betekent dat op het moment dat het beschikbare bedrag is
                    verdeeld er geen subsidieaanvragen meer gehonoreerd kunnen worden.
                    Overschrijding van het subsidieplafond is een weigeringsgrond ( zie artikel
                    4:25, lid 2 van de Algemene wet bestuursrecht). De datum van ontvangst van de
                    aanvraag is in dezen maatgevend. </al><tussenkop>Artikel 5 Hoogte van de subsidie</tussenkop><al>De subsidie wordt verleend op basis van de ingediende begroting en bedraagt 25%
                    van de geraamde uitgaven. Het bedrag dat maximaal aan subsidie wordt verstrekt
                    bedraagt € 2.300,-- . Indien bij de subsidievaststelling blijkt dat de
                    werkelijke uitgaven lager zijn, dan kan de subsidie op een lager bedrag worden
                    vastgesteld. Er wordt namelijk nimmer meer gesubsidieerd dan het werkelijke
                    exploitatietekort. </al><tussenkop>HOOFDSTUK II De subsidieverlening</tussenkop><tussenkop>Artikel 6 De subsidieaanvraag</tussenkop><al>Om te voorkomen dat subsidieaanvragen worden ingediend voor evenementen,
                    exposities of activiteiten die reeds zijn gestart of die reeds hebben
                    plaatsgevonden is in dit artikel opgenomen dat uiterlijk twaalf weken voor de
                    aanvang een subsidieaanvraag moet worden ingediend. Het college beslist in de
                    regel binnen acht weken na ontvangst van de aanvraag. Deze termijn kan ten
                    hoogste met een periode van vier weken worden verlengd (zie artikel 9). Dit
                    betekent dat voor de aanvang van het evenement, de expositie of de activiteit
                    een beslissing is genomen ten aanzien van de subsidieaanvraag.</al><tussenkop>Artikel 7 Uitsluitingen aanspraak op subsidie</tussenkop><al>Dit artikel voorkomt een cumulatie gemeentelijke subsidies.</al><al>Alleen evenementen, exposities en activiteiten die op niet-commerciële basis
                    worden geëxploiteerd komen voor subsidie in aanmerking. </al><tussenkop>Artikel 8 Weigeringsgronden</tussenkop><al>In de subsidietitel van de Algemene wet bestuursrecht worden enkele algemene
                    gronden genoemd voor het weigeren van een subsidie (artikel 4:25 en 4:35). Deze
                    gronden hoeven daarom niet in de verordening opgenomen te worden. Artikel 8
                    bevat daarom een viertal aanvullende algemene weigeringsgronden.</al><al>Er moet in de eerste plaats geen twijfel bestaan over de besteding van de
                    gelden. Wanneer er wel twijfel bestaat of de gelden ook daadwerkelijk besteed
                    worden voor het doel waarvoor de subsidie beschikbaar wordt gesteld, kan de
                    subsidie geweigerd worden.</al><al>Indien de subsidieaanvrager over voldoende financiële middelen beschikt om de
                    kosten van het evenement, de expositie of de activiteit te dekken kan eveneens
                    de subsidie geweigerd worden. </al><al>Het derde lid van dit artikel impliceert dat slechts subsidie wordt verstrekt
                    voor evenementen, exposities en activiteiten, die voor iedereen openstaan. Het
                    openbare karakter van het evenement, de expositie of de activiteit is dus een
                    vereiste om voor subsidie in aanmerking te komen. </al><al>De in het vierde lid genoemde weigeringsgrond is zeer algemeen. Hierbij kan
                    gedacht worden aan beleid zoals dat is neergelegd in beleidsnota's die zijn
                    opgesteld voor de diverse terreinen van cultuur en welzijn. </al><tussenkop>Artikel 9 De beslistermijn</tussenkop><al>In dit artikel wordt de termijn genoemd waarbinnen het college een beslissing op
                    een subsidieaanvraag neemt.</al><tussenkop>Artikel 10 Verstrekken van voorschotten</tussenkop><al>Op grond van dit artikel kan het college, vooruitlopend op de
                    subsidievaststelling, een voorschot verstrekken. Dit artikel is opgenomen om
                    liquiditeitsproblemen bij de subsidieaanvrager te voorkomen. </al><tussenkop>HOOFDSTUK III De subsidievaststelling</tussenkop><tussenkop>Artikel 11 De aanvraag tot
                    subsidievaststelling</tussenkop><al>De subsidie wordt vastgesteld naar aanleiding van de aanvraag tot
                    subsidievaststelling. Bij deze aanvraag dient een financiële verantwoording van
                    het gesubsidieerde evenement, de expositie of de activiteit te worden
                    overlegd.</al><al>Indien de aanvrager in gebreke blijft en dus geen aanvraag tot
                    subsidievaststelling indient, dan kan de subsidie ambtshalve worden vastgesteld. </al><tussenkop>Artikel 12 De beslistermijn</tussenkop><al>Op grond van dit artikel dient het college van Burgemeester en Wethouders binnen
                    acht weken na ontvangst van de aanvraag de subsidie vast te stellen.</al><tussenkop>HOOFDSTUK IV Slot- en overgangsbepalingen</tussenkop><tussenkop>Artikel 13 Inwerkingtreding</tussenkop><al>Dit artikel geeft aan op welk moment de verordening inwerking treedt.</al><al>De verordening treedt zes weken na bekendmaking in werking.</al><al>Als gevolg van de Tijdelijke referendumwet mogen gemeentelijke verordeningen
                    niet eerder dan na zes weken na de datum van bekendmaking (in het gemeenteblad)
                    in werking treden.</al><tussenkop>Artikel 14 Citeerartikel</tussenkop><al>Dit artikel spreekt voor zich.</al></nota-toelichting></regeling></body></cvdr>