<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91-->
  
  
  
  
  
  
  
  
  <meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR277156_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Gemeenschappelijke regeling betreffende het werkvoorzieningsschap Zuid-Kennemerland</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Heemstede</dcterms:creator><dcterms:modified>2017-06-06</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Heemstede</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">De Heemsteder, 5 juni 2013</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Gemeenschappelijke regeling werkvoorzieningsschap Zuid-Kennemerland</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:r:BWBR0003740">Wet gemeenschappelijke regelingen</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:r:BWBR0008903">Wet sociale werkvoorziening</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">college van burgemeester en wethouders</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2013-01-15</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2013-06-06</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:terugwerkendekrachtDatum>2013-03-01</overheidrg:terugwerkendekrachtDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2016-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>593968</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>Gemeenschappelijke regeling</overheidrg:onderwerp><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>N.v.t.</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Deze regeling vervangt de Gemeenschappelijke regeling Werkvoorzieningsschap Zuid-Kennemerland.</al><al>De gemeenteraad heeft op 28 maart 2013 toestemming tot het aangaan van de Gemeenschappelijke regeling verleend.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta>
  
  <body><intitule>
      Gemeenschappelijke regeling betreffende het werkvoorzieningsschap
                Zuid-Kennemerland te CRUQUIUS
    </intitule>
    
    <regeling>
      <aanhef>
        <preambule>
          <al>De colleges van burgemeester en wethouders van de gemeenten Bloemendaal,
                        Haarlem, Haarlemmerliede en Spaarnwoude, Heemstede en Zandvoort, ieder voor
                        zover zij voor de eigen gemeente bevoegd zijn;</al>
          <al/>
          <al>gelezen het voorstel van het Algemeen Bestuur tot wijziging van de
                        Gemeenschappelijke Regeling betreffende het werkvoorzieningsschap
                        Zuid-Kennemerland;</al>
          <al/>
          <al>
            <vet>overwegende:</vet>
          </al>
          <al/>
          <al>dat er sinds 1986 een gemeenschappelijke regeling betreffende het
                        Werkvoorzieningsschap Zuid-Kennemerland bestaat;</al>
          <al/>
          <al>dat de Wet dualisering gemeentelijke medebewindsbevoegdheden (Staatsblad
                        2005, 530) aanleiding vormt voor wijziging van de gemeenschappelijke
                        regeling;</al>
          <al/>
          <al>dat deze wijziging inhoudt dat de raden van de deelnemende gemeenten niet
                        langer deelnemen aan de gemeenschappelijke regeling, die zal worden
                        voortgezet als een gemeenschappelijke regeling van de colleges van de
                        deelnemende gemeenten;</al>
          <al/>
          <al>dat de colleges van burgemeester en wethouders van hun gemeenteraden daartoe
                        de vereiste toestemmingen overeenkomstig het bepaalde in artikel 1, tweede
                        lid van de Wet gemeenschappelijke regelingen hebben verkregen; </al>
          <al/>
          <al>
            <vet>gelet</vet>
            <vet>op</vet>:</al>
          <al/>
          <al>artikel 45 van de Gemeenschappelijke Regeling betreffende het
                        werkvoorzieningsschap Zuid-Kennemerland;</al>
          <al>de Wet Sociale Werkvoorziening,</al>
          <al>de Wet gemeenschappelijke regelingen; </al>
          <al/>
          <al>
            <vet>besluiten:</vet>
          </al>
          <al/>
          <al>de Gemeenschappelijke Regeling betreffende het werkvoorzieningsschap
                        Zuid-Kennemerland als volgt te vast te stellen:</al>
          <al/>
        </preambule>
      </aanhef>
      <regeling-tekst>
        <artikel>
          <kop>
            <label/>
            <titel>Algemene bepalingen</titel>
          </kop>
          <al/>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>1</nr>
            <titel>Begripsbepalingen</titel>
          </kop>
          <al>In deze gemeenschappelijke regeling wordt verstaan onder:</al>
          <lijst>
            <li nr="a."><al>regeling: de gemeenschappelijke regeling Werkvoorzieningsschap
                                Zuid-Kennemerland;</al></li>
            <li nr="b."><al>openbaar lichaam: het openbaar lichaam als bedoeld in artikel
                                3;</al></li>
            <li nr="c."><al>algemeen bestuur: het algemeen bestuur van de regeling;</al></li>
            <li nr="d."><al>dagelijks bestuur: het dagelijks bestuur van de regeling;</al></li>
            <li nr="e."><al>deelnemende gemeente(n): een (de) aan deze gemeenschappelijke
                                regeling deelnemende gemeente(n);</al></li>
            <li nr="f."><al>raad/raden: de raad/raden van een of van de aan deze
                                gemeenschappelijke regeling deelnemende gemeenten;</al></li>
            <li nr="g."><al>college(s): het (de) colleges van burgemeester en wethouders van een
                                (de) deelnemende gemeenten;</al></li>
            <li nr="h."><al>vertegenwoordigende organen van de deelnemers: de colleges;</al></li>
            <li nr="i."><al>gedeputeerde staten: gedeputeerde staten van Noord-Holland;</al></li>
            <li nr="j."><al>personeel: personen, die een publiekrechtelijke dan wel een
                                privaatrechtelijke arbeidsrelatie hebben met het openbaar
                                lichaam;</al></li>
            <li nr="k."><al>werknemer: de krachtens de Wet Sociale Werkvoorziening in dienst
                                genomen persoon;</al></li>
            <li nr="l."><al>samenwerkingsgebied: het grondgebied van de deelnemende
                                gemeenten;</al></li>
            <li nr="m."><al>werkvoorzieningsschap: het rechtspersoonlijkheid bezittende lichaam,
                                als bedoeld in artikel 3 van deze regeling.</al></li>
          </lijst>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>2</nr>
            <titel>Doel van de regeling</titel>
          </kop>
          <al>De gemeenschappelijke regeling is getroffen ter uitvoering en behartiging
                        van de gemeenschappelijke en afzonderlijke belangen van de deelnemende
                        gemeenten op het gebied van de sociale werkvoorziening. </al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>3</nr>
            <titel>Openbaar lichaam en samenwerkingsgebied</titel>
          </kop>
          <lid>
            <lidnr>1.</lidnr>
            <al>Er is een rechtspersoonlijkheid bezittend openbaar lichaam geregeld in
                            “Gemeenschappelijke regeling Werkvoorzieningsschap
                            Zuid-Kennemerland”.</al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>2.</lidnr>
            <al>Het openbaar lichaam voert de naam “Werkvoorzieningsschap
                            Zuid-Kennemerland” en is gevestigd te Cruquius.</al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>3.</lidnr>
            <al>Het openbaar lichaam draagt gelet op de behartiging van de belangen
                            zoals bedoeld in artikel 2 zorg voor een zo efficiënt en effectief
                            mogelijke uitvoering van de bij of krachtens de Wet Sociale
                            Werkvoorziening opgedragen taken.</al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>4.</lidnr>
            <al>Het gebied waarvoor deze regeling geldt omvat het grondgebied van de
                            deelnemers.</al>
          </lid>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>4</nr>
            <titel>Bevoegdheden</titel>
          </kop>
          <lijst>
            <li nr="1."><al>Ter verwezenlijking van de in artikel 2 genoemde belangen en en in
                                artikel 3 genoemde taken dragen de colleges hun bevoegdheden op
                                grond van de Wet Sociale Werkvoorziening en de daarmee samenhangende
                                wetten en regelingen over aan het bestuur van het openbaar lichaam,
                                behoudens de beleidsmatige bevoegdheden die met de uitoefening van
                                deze bevoegdheden verbonden zijn. </al></li>
            <li nr="2."><al>De werkzaamheden worden nader geduid in
                                dienstverleningsovereenkomsten.</al></li>
            <li nr="3."><al>Aan het werkvoorzieningsschap worden geen verordenende bevoegdheden
                                ingevolge de Wet Sociale Werkvoorziening en de uit deze wet
                                voortvloeiende wettelijke voorschriften toegekend.</al><al/></li>
          </lijst>
          <al>
            <vet>ALGEMEEN BESTUUR</vet>
          </al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>5</nr>
            <titel>Samenstelling van het algemeen bestuur</titel>
          </kop>
          <lid>
            <lidnr>1.</lidnr>
            <al>Aan het hoofd van het werkvoorzieningsschap staat een algemeen bestuur,
                            te vormen uit de colleges.</al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>2.</lidnr>
            <al>Het algemeen bestuur bestaat uit 5 leden, de voorzitter daarin
                            begrepen.</al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>3.</lidnr>
            <al>De colleges wijzen uit hun midden, de voorzitter daarin begrepen, ieder
                            één lid aan. Het aangewezen collegelid kan zich laten vervangen door een
                            ander lid van het college.</al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>4.</lidnr>
            <al>Het lidmaatschap van het algemeen bestuur eindigt van rechtswege, indien
                            een lid ophoudt lid te zijn van het college dat hem heeft aangewezen.
                        </al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>5.</lidnr>
            <al>Indien tussentijds een plaats van een lid van het algemeen bestuur
                            vacant of beschikbaar komt, wijst het college van de deelnemer die het
                            aangaat, in zijn eerstvolgende vergadering, of zo dit niet mogelijk is,
                            uiterlijk binnen drie maanden een nieuw lid aan.</al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>6.</lidnr>
            <al>Hij die ter vervulling van een tussentijdse vacature als lid van het
                            algemeen bestuur wordt benoemd, treedt af op het tijdstip waarop degene
                            in wiens plaats hij is benoemd, zou hebben moeten aftreden.</al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>7.</lidnr>
            <al>Een lid van het algemeen bestuur kan te allen tijde ontslag nemen. Hij
                            deelt zijn ontslag mede aan de deelnemer die het aangaat. De betreffende
                            deelnemer doet mededeling van het ontslag aan het algemeen bestuur. Het
                            lid houdt zitting in het algemeen bestuur totdat in de opvolging is
                            voorzien conform het bepaalde in het vijfde lid.</al>
          </lid>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>6</nr>
            <titel>Aanwijzing van de voorzitter, plaatsvervangend voorzitter en
                            secretaris</titel>
          </kop>
          <al>De voorzitter, de plaatsvervangend voorzitter en de secretaris worden door
                        en uit het algemeen bestuur benoemd.</al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>7</nr>
            <titel>Werkwijze van het algemeen bestuur</titel>
          </kop>
          <lid>
            <lidnr>1.</lidnr>
            <al>Het algemeen bestuur vergadert tenminste tweemaal per jaar en voorts zo
                            dikwijls als de voorzitter of het dagelijks bestuur dit nodig oordeelt
                            dan wel, wanneer tenminste drie leden zulks onder opgave van redenen
                            schriftelijk verzoeken.</al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>2.</lidnr>
            <al>Op de vergaderingen van het algemeen bestuur is het bepaalde in de
                            artikelen 22 en 23 van de Wet gemeenschappelijke regelingen van
                            toepassing. </al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>3.</lidnr>
            <al>In een besloten vergadering kan niet worden beraadslaagd noch een
                            besluit worden genomen over:</al>
            <lijst>
              <li nr="a."><al>het vaststellen, wijzigen of intrekken van verordeningen en
                                    reglementen;</al></li>
              <li nr="b."><al>de bezoldiging en de rechtspositie van het personeel;</al></li>
              <li nr="c."><al>de begroting en rekening van het werkvoorzieningsschap.</al></li>
            </lijst>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>4.</lidnr>
            <al>In een besloten vergadering kan geen besluit worden genomen over:</al>
            <lijst>
              <li nr="a."><al>het doen van uitgaven, op de begroting niet voorkomende, of de
                                    daarop uitgetrokken posten te boven gaande en het aanwijzen van
                                    middelen ter dekking van zodanige uitgaven;</al></li>
              <li nr="b."><al>het aangaan van geldleningen, het uitlenen van gelden en het
                                    aangaan van rekening-courant-overeenkomsten;</al></li>
              <li nr="c."><al>het geheel of gedeeltelijk vervreemden en het bezwaren van
                                    eigendommen van het werkvoorzieningsschap;</al></li>
              <li nr="d."><al>het onderhands verhuren, verpachten of in gebruik geven van
                                    eigendommen van het werkvoorzieningsschap;</al></li>
              <li nr="e."><al>het onderhands aanbesteden van werken en leveranties, voor zover
                                    die niet betrekking hebben op het aanvaarden van opdrachten of
                                    het verlenen van diensten, welke rechtstreeks voortvloeien uit
                                    de exploitatie van het werkvoorzieningsschap.</al></li>
            </lijst>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>5.</lidnr>
            <al>Het algemeen bestuur stelt met inachtneming van de bepalingen van deze
                            regeling een reglement van orde voor zijn vergaderingen vast. Dit
                            reglement wordt ter kennis gebracht van de deelnemers.</al>
          </lid>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>8</nr>
            <titel>Bijstand door directie</titel>
          </kop>
          <al>In zijn vergaderingen laat het algemeen bestuur, behoudens bijzondere
                        gevallen, zich bijstaan door de directie.</al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>9</nr>
            <titel>Stemverhouding</titel>
          </kop>
          <lid>
            <lidnr>1.</lidnr>
            <al>In de vergadering van het algemeen bestuur heeft het lid vanuit Haarlem
                            4 stemmen, de leden uit Heemstede en Bloemendaal ieder 2 stemmen en de
                            leden uit Zandvoort en Haarlemmerliede en Spaarnwoude ieder één
                            stem.</al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>2.</lidnr>
            <al>Het algemeen bestuur besluit met meerderheid van stemmen. </al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>3.</lidnr>
            <al>Bij het staken van de stemmen wordt het nemen van het besluit uitgesteld
                            tot een volgende vergadering, waarin de beraadslagingen kunnen worden
                            heropend. In deze, en evenzo in een voltallige vergadering, wordt bij
                            staken van stemmen, het voorstel geacht niet te zijn aangenomen. </al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>4.</lidnr>
            <al>Voor het inhoudelijk wijzigen van de doelstelling van de regeling
                            ingevolge artikel 2 en/of de uitgangspunten voor de kostentoerekening
                            ingevolge artikel 35 is geen meerderheid van stemmen, maar unanimiteit
                            vereist.</al>
          </lid>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>10</nr>
          </kop>
          <al>(Vervallen)</al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>11</nr>
          </kop>
          <al>(Vervallen)</al>
          <al/>
          <al>
            <vet>DAGELIJKS BESTUUR</vet>
          </al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>12</nr>
            <titel>Samenstelling van het dagelijks bestuur</titel>
          </kop>
          <lid>
            <lidnr>1.</lidnr>
            <al>Het dagelijks bestuur wordt gekozen uit het algemeen bestuur en bestaat
                            uit 5 leden.</al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>2.</lidnr>
            <al>In de vergadering van het dagelijks bestuur heeft ieder lid één
                            stem.</al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>3.</lidnr>
            <al>Degene die ophoudt lid van het algemeen bestuur te zijn, houdt tevens op
                            lid van het dagelijks bestuur te zijn. </al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>4.</lidnr>
            <al>Een lid van het dagelijks bestuur kan te allen tijde ontslag nemen. Hij
                            geeft hiervan terstond kennis aan de voorzitter.</al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>5.</lidnr>
            <al>Indien tussentijds een vacature in het dagelijks bestuur ontstaat,
                            benoemt het algemeen bestuur zo spoedig mogelijk, doch in elk geval
                            binnen drie maanden, een nieuw lid met inachtneming van het bepaalde in
                            het eerste lid. Gaat het openvallen van een plaats in het dagelijks
                            bestuur gepaard met het openvallen van een plaats in het algemeen
                            bestuur, dan wordt het aanwijzen van een nieuw lid van het dagelijks
                            bestuur uitgesteld totdat de opengevallen plaats in het algemeen bestuur
                            is bezet.</al>
          </lid>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>13</nr>
            <titel>Bijstand door directie en externe adviseurs</titel>
          </kop>
          <lid>
            <lidnr>1.</lidnr>
            <al>Het dagelijks bestuur laat zich, behoudens bijzondere gevallen, in zijn
                            vergaderingen bijstaan door de directie.</al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>2.</lidnr>
            <al>Het dagelijks bestuur wordt bijgestaan door drie externe adviseurs,
                            welke door het dagelijks bestuur worden benoemd.</al>
          </lid>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>14</nr>
          </kop>
          <al>(Vervallen)</al>
          <al>
            <vet>VOORZITTER</vet>
          </al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>15</nr>
            <titel>Bevoegdheden van de voorzitter</titel>
          </kop>
          <lid>
            <lidnr>1.</lidnr>
            <al>De voorzitter is, onverminderd het bepaalde in artikel 33, eerste lid,
                            van de Wet gemeenschappelijke regelingen onder meer belast met de
                            leiding van de vergaderingen van het algemeen bestuur en het dagelijks
                            bestuur.</al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>2.</lidnr>
            <al>Hij tekent de stukken die van het algemeen bestuur en van het dagelijks
                            bestuur uitgaan.</al>
          </lid>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>16</nr>
            <titel>Vertegenwoordiging in en buiten rechte</titel>
          </kop>
          <lijst>
            <li nr="1."><al>De voorzitter vertegenwoordigt het werkvoorzieningsschap in en
                                buiten rechte. </al></li>
            <li nr="2."><al>Indien het college waarvan de voorzitter deel uitmaakt, partij is in
                                een geding waarbij het werkvoorzieningsschap is betrokken, oefent de
                                plaatsvervangend voorzitter met betrekking tot dat geding deze
                                bevoegdheid uit. Indien ook de deelnemer van welks bestuur de
                                plaatsvervangend voorzitter deel uitmaakt bij dat geding betrokken
                                is, wordt een ander lid van het bestuur gemandateerd om het
                                werkvoorzieningsschap met betrekking tot dat geding te
                                vertegenwoordigen.</al></li>
          </lijst>
          <al/>
          <al>
            <vet>BEVOEGDHEDEN</vet>
          </al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>17</nr>
            <titel>Bevoegdheden van het algemeen bestuur</titel>
          </kop>
          <al>Aan het algemeen bestuur behoren alle bevoegdheden die niet bij deze
                        regeling en onverminderd het bepaalde in artikel 33, eerste lid van de Wet
                        gemeenschappelijke regelingen, zijn opgedragen aan het dagelijks bestuur of
                        de voorzitter.</al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>17A</nr>
            <titel>Bevoegdheden van het dagelijks bestuur</titel>
          </kop>
          <lijst>
            <li nr="1."><al>Tot de bevoegdheden van het dagelijks bestuur behoort, onverminderd
                                het bepaalde in artikel 33, eerste lid, van de Wet
                                gemeenschappelijke regelingen, het uitoefenen van het dagelijks
                                bestuur van het werkvoorzieningsschap, voor zover niet bij of
                                krachtens wettelijke bepaling de voorzitter hiermede is belast.</al></li>
            <li nr="2."><al>Het dagelijks bestuur is in ieder geval bevoegd tot:</al><lijst>
                <li nr="a."><al>het voorbereiden van al hetgeen in de vergadering van het
                                        algemeen bestuur ter overweging en beslissing moet worden
                                        gebracht;</al></li>
                <li nr="b."><al>de uitoefening van de bevoegdheden en verplichtingen die bij
                                        of krachtens de Wet Sociale Werkvoorziening zijn toegekend
                                        aan het college van burgemeester en wethouders;</al></li>
                <li nr="c."><al>het uitvoeren van de besluiten van het algemeen
                                        bestuur;</al></li>
                <li nr="d."><al>het nemen van conservatoire maatregelen, zowel in als buiten
                                        rechte, en het doen van alles wat nodig is ter voorkoming
                                        van verjaring en verlies van recht of bezit;</al></li>
                <li nr="e."><al>het voeren van rechtsgedingen en het instellen van
                                        beroep;</al></li>
                <li nr="f."><al>het aanstellen of in dienst nemen op arbeidsovereenkomst
                                        naar burgerlijk recht dan wel het schorsen en ontslaan van
                                        personeel; </al></li>
                <li nr="g."><al>het vaststellen van instructies en uitvoeringsregels voor
                                        het personeel voor de uitoefening van aan hun opgedragen
                                        werkzaamheden; </al></li>
                <li nr="h."><al>het voorstaan van de belangen van het openbaar lichaam bij
                                        andere overheden, instellingen, diensten of personen,
                                        waarmee contact voor het openbaar lichaam van belang
                                        is;</al></li>
                <li nr="i."><al>het beheer van inkomsten/uitgaven en activa/passiva;</al></li>
                <li nr="j."><al>de zorg voor de controle op het geldelijk beheer en de
                                        boekhouding;</al></li>
                <li nr="k."><al>het besluiten tot het aanbesteden van leveringen en
                                        diensten; </al></li>
                <li nr="l."><al>het besluiten tot privaatrechtelijke rechtshandelingen van
                                        het werkvoorzieningsschap;</al></li>
                <li nr="m."><al>het doen van aangifte van strafbare feiten, waarvan het
                                        kennis heeft genomen;</al></li>
                <li nr="n."><al>het houden van toezicht op al wat het openbaar lichaam
                                        aangaat.</al></li>
              </lijst></li>
            <li nr="3."><al>Het dagelijks bestuur kan voor het doen van exploitatie-uitgaven en
                                de voorfinanciering van kapitaalsuitgaven van het
                                werkvoorzieningsschap besluiten rekening-courantovereenkomsten aan
                                te gaan.</al></li>
            <li nr="4."><al>Het dagelijks bestuur besluit tot het aangaan van vaste geldleningen
                                ter financiering van kapitaalsuitgaven.</al></li>
            <li nr="5."><al>Ten aanzien van de uitoefening van de bevoegdheden bedoeld in het
                                derde en vierde lid neemt het dagelijks bestuur geen besluit dan
                                nadat het algemeen bestuur in de gelegenheid is gesteld zijn wensen
                                en bedenkingen ter kennis van het dagelijks bestuur te brengen.</al></li>
          </lijst>
          <al/>
          <al>
            <vet>ALGEMENE BEPALINGEN MET BETREKKING TOT BESTUURSLEDEN</vet>
          </al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>18</nr>
          </kop>
          <al>(Vervallen)</al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>19</nr>
            <titel>Vergoedingen</titel>
          </kop>
          <al>(Vervallen)</al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>20</nr>
            <titel>Verantwoording en informatieplicht dagelijks bestuur aan algemeen
                            bestuur</titel>
          </kop>
          <lid>
            <lidnr>1.</lidnr>
            <al>Het dagelijks bestuur en elk van zijn leden verstrekken aan het algemeen
                            bestuur de door één of meer leden van dit algemeen bestuur gevraagde
                            inlichtingen.</al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>2.</lidnr>
            <al>Het dagelijks bestuur en elk van zijn leden leggen op verzoek van het
                            algemeen bestuur verantwoording af over het door het dagelijks bestuur
                            of één der leden gevoerde bestuur.</al>
          </lid>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>21</nr>
            <titel>Verantwoording en informatieplicht algemeen bestuur aan
                            colleges</titel>
          </kop>
          <lid>
            <lidnr>1.</lidnr>
            <al>Een lid van het algemeen bestuur verstrekt de deelnemende gemeente die
                            hem heeft aangewezen alle inlichtingen die door één of meer leden van
                            het bestuur van die deelnemende gemeente worden gevraagd.</al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>2.</lidnr>
            <al>Een lid van het algemeen bestuur kan door het college dat hem heeft
                            aangewezen te allen tijde ter verantwoording worden geroepen voor het
                            door hem in het algemeen bestuur gevoerde beleid.</al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>3.</lidnr>
            <al>Een verzoek om inlichtingen te verschaffen en/of verantwoording af te
                            leggen kan uitsluitend worden geweigerd indien dit in strijd is met de
                            belangen, genoemd in artikel 10 van de Wet openbaarheid van
                            bestuur.</al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>4.</lidnr>
            <al>Een lid van het algemeen bestuur dat niet langer het vertrouwen geniet
                            van het college dat hem heeft aangewezen, kan door dat college worden
                            ontslagen. In dat geval draagt dat college er zorg voor dat zo spoedig
                            mogelijk een nieuw lid wordt aangewezen. </al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>5.</lidnr>
            <al>Het bepaalde in de voorgaande leden is op plaatsvervangende leden van
                            overeenkomstige toepassing.</al>
          </lid>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>22</nr>
            <titel>Verantwoording en informatieplicht algemeen bestuur aan raden</titel>
          </kop>
          <al>Het bepaalde in artikel 21, eerste en tweede lid is van overeenkomstige
                        toepassing ten aanzien van de raden van de deelnemende gemeenten.</al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>23</nr>
          </kop>
          <al>(Vervallen)</al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>24</nr>
            <titel>Commissies</titel>
          </kop>
          <lijst>
            <li nr="1."><al>Het algemeen bestuur kan commissies van advies instellen ter
                                advisering van het algemeen bestuur. het regelt de bevoegdheden en
                                de samenstelling.</al></li>
            <li nr="2."><al>Commissies van advies aan het dagelijkse bestuur worden door het
                                dagelijks bestuur ingesteld. </al></li>
            <li nr="3."><al>De leden van commissies van advies die geen burgemeester, lid van de
                                gemeenteraad of lid van het personeel zijn kunnen een vergoeding
                                voor het bijwonen van de vergaderingen van de commissie
                                ontvangen.</al></li>
          </lijst>
          <al>Het algemeen bestuur stelt de hoogte van de vergoeding, overeenkomstig het
                        daarover in de gemeentewet bepaalde vast. Het besluit van het algemeen
                        bestuur wordt zo spoedig mogelijk ter kennis gebracht van Gedeputeerde
                        Staten en de raden.</al>
          <al/>
          <al>
            <vet>ORGANISATIE EN PERSONEEL</vet>
          </al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>25</nr>
            <titel>Directie</titel>
          </kop>
          <lid>
            <lidnr>1.</lidnr>
            <al>Er is een directie, die leiding geeft aan de uitvoeringsorganisatie van
                            het werkvoorzieningsschap.</al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>2.</lidnr>
            <al>De directie is voor zijn leiding verantwoording verschuldigd aan het
                            dagelijks bestuur.</al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>3.</lidnr>
            <al>Het dagelijks bestuur stelt een directiestatuut vast.</al>
          </lid>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>26</nr>
            <titel>Personeel</titel>
          </kop>
          <lid>
            <lidnr>1.</lidnr>
            <al>De directie wordt aangesteld door het algemeen bestuur op voordracht van
                            het dagelijks bestuur.</al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>2.</lidnr>
            <al>De controller wordt aangesteld door de directie.</al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>3.</lidnr>
            <al>Het bij het werkvoorzieningsschap werkzame personeel wordt op basis van
                            een arbeidsovereenkomst naar burgerlijk recht aangesteld bij Personeel
                            WZK BV en vervolgens bij het werkvoorzieningsschap worden
                            gedetacheerd.</al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>4.</lidnr>
            <al>Op het door het werkvoorzieningsschap aangestelde personeel dat op 25
                            augustus 2005 reeds in dienst was, is de rechtspositieregeling van de
                            gemeente Haarlem van overeenkomstige toepassing.</al>
          </lid>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>27</nr>
            <titel>Werknemers</titel>
          </kop>
          <lid>
            <lidnr>1.</lidnr>
            <al>Op de werknemers is van toepassing de cao-wsw.</al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>2.</lidnr>
            <al>De indienstneming en plaatsing van werknemers ingevolge de Wet Sociale
                            Werkvoorziening geschiedt door het dagelijks bestuur.</al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>3.</lidnr>
            <al>Het dagelijks bestuur kan zo nodig onder het stellen van voorwaarden,
                            mits de uitvoering van het bij of krachtens de wet bepaalde hiervan geen
                            bezwaren ondervindt, toestaan, dat naast werknemers ook werkzaam
                            zijn:</al>
            <lijst>
              <li nr="a."><al>personen, voor wie naar het oordeel van het dagelijks bestuur
                                    zulks wenselijk is voor het behoud, het herstel of de
                                    bevordering van hun arbeidsgeschiktheid;</al></li>
              <li nr="b."><al>personen, ter observatie gedurende een bepaalde
                                    praktijkperiode.</al></li>
            </lijst>
          </lid>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>28</nr>
            <titel>Werknemers vanuit niet deelnemende gemeenten</titel>
          </kop>
          <al>Ook niet aan de gemeenschappelijke regeling deelnemende gemeenten kunnen een
                        verzoek doen om personen bij het werkvoorzieningsschap te plaatsen. De
                        kosten van de plaatsing van deze personen komen naar de regelen, vervat in
                        artikel 36, geheel voor rekening van de betreffende gemeenten.</al>
          <al/>
          <al>
            <vet>FINANCIËN EN BEHEER</vet>
          </al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>29</nr>
            <titel>Financiële beheersverordening</titel>
          </kop>
          <lid>
            <lidnr>1.</lidnr>
            <al>Het algemeen bestuur stelt bij verordening de uitgangspunten voor het
                            financiële beleid, alsmede voor het financiële beheer en voor de
                            inrichting van de financiële organisatie vast.</al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>2.</lidnr>
            <al>Het algemeen bestuur neemt daarbij de geldende wet- en regelgeving in
                            acht, in het bijzonder op de terreinen rechtmatigheid, verantwoording en
                            controle, zoals vastgelegd in de Gemeentewet en het Besluit Begroting en
                            Verantwoording.</al>
          </lid>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>30</nr>
          </kop>
          <al>(Vervallen)</al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>31</nr>
            <titel>Garantstelling</titel>
          </kop>
          <al>De deelnemende gemeenten waarborgen de voldoening van rente, aflossing en
                        kosten van de door het werkvoorzieningsschap te sluiten vaste geldleningen,
                        alsmede van gelden die het werkvoorzieningsschap in rekening-courant
                        opneemt, naar evenredigheid van de aantallen inwoners per 1 januari van dat
                        jaar, voorafgaande aan het jaar waarin de overeenkomst voor de
                        desbetreffende transactie wordt afgesloten.</al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>32</nr>
            <titel>Begroting</titel>
          </kop>
          <lid>
            <lidnr>1.</lidnr>
            <al>Het dagelijks bestuur zendt jaarlijks vóór 1 mei een ontwerpbegroting,
                            voorzien van een toelichting, aan de raden van de deelnemende gemeenten.
                            De raden kunnen het dagelijks bestuur vóór 1 juli van hun gevoelens over
                            de ontwerpbegroting doen blijken. </al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>2.</lidnr>
            <al>Het dagelijks bestuur zendt zo spoedig mogelijk de ontwerpbegroting, de
                            opmerkingen van de deelnemers en zo nodig een nota van wijzigingen aan
                            het algemeen bestuur.</al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>3.</lidnr>
            <al>Het algemeen bestuur stelt de begroting vóór 1 juli vast en zendt
                            terstond afschriften aan de deelnemers.</al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>4.</lidnr>
            <al>Het dagelijks bestuur zendt de vastgestelde begroting binnen twee weken
                            aan Gedeputeerde Staten.</al>
          </lid>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>33</nr>
            <titel>Rekening en jaarverslag</titel>
          </kop>
          <lid>
            <lidnr>1.</lidnr>
            <al>Het dagelijks bestuur legt jaarlijks vóór 1 mei aan het algemeen bestuur
                            verantwoording af over het afgelopen jaar in aansluiting aan de posten
                            van de begroting en onder overlegging van een ontwerprekening met de
                            daarbij behorende bescheiden en een berekening van de door de gemeenten
                            te betalen bijdragen overeenkomstig artikel 35.</al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>2.</lidnr>
            <al>Het dagelijks bestuur voegt daarbij een verslag van een onderzoek naar
                            de getrouwheid en rechtmatigheid van de baten en lasten ingesteld door
                            een daartoe overeenkomstig het bepaalde in de controleverordening
                            aangewezen accountant.</al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>3.</lidnr>
            <al>Het algemeen bestuur zendt de ontwerprekening en het concept jaarverslag
                            vóór 1 mei aan de colleges van de deelnemers.</al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>4.</lidnr>
            <al>Het algemeen bestuur stelt de rekening en het jaarverslag vóór 1 juli
                            vast. De vaststelling van de rekening strekt het dagelijks bestuur tot
                            decharge, behoudens later in rechte gebleken onrechtmatigheden. Het
                            dagelijks bestuur doet van de vaststelling mededeling aan de
                            deelnemers.</al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>5.</lidnr>
            <al>Het dagelijks bestuur zendt de vastgestelde rekening en het jaarverslag
                            binnen twee weken aan Gedeputeerde Staten.</al>
          </lid>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>34</nr>
          </kop>
          <al>(Vervallen)</al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>35</nr>
            <titel>Kostenverdeling</titel>
          </kop>
          <lijst>
            <li nr="1."><al>De deelnemende gemeenten verbinden zich jaarlijks bij te dragen
                                in:</al><lijst>
                <li nr="a."><al>de kosten ingevolge deze regeling aan het
                                        werkvoorzieningsschap overgedragen bestuurlijke bevoegdheden
                                        en verplichtingen;</al></li>
                <li nr="b."><al>het exploitatiesaldo van het werkvoorzieningsschap.</al></li>
              </lijst></li>
            <li nr="2."><al>De bestuurskosten, bedoeld in het eerste lid, aanhef en onder a,
                                worden na aftrek van de onder het derde lid bedoelde bijdragen over
                                de gemeenten verdeeld naar rato van de inwonertallen van de
                                gemeenten per 1 januari van het betreffende jaar.</al></li>
            <li nr="3."><al>De niet van het werkvoorzieningsschap deel uitmakende gemeenten,
                                alsmede de instanties ten laste waarvan kosten van plaatsing zullen
                                worden gebracht, worden naar regelen door het dagelijks bestuur te
                                bepalen eveneens voor een aandeel in de bestuurskosten, bedoeld in
                                het eerste lid aanhef en onder a, belast.</al></li>
            <li nr="4."><al>Het nadelig exploitatiesaldo van het werkvoorzieningsschap over een
                                jaar, na aftrek van rijkssubsidie en de kosten van tewerkstelling
                                van niet voor rijkssubsidie ingevolge de Wet Sociale Werkvoorziening
                                in aanmerking komende geplaatsten bedoeld in artikel 27, derde lid,
                                wordt over de deelnemende en niet-deelnemende gemeenten verdeeld
                                naar rato van de loonkosten of aantallen mandagen, naar keuze door
                                het dagelijks bestuur te bepalen, van de uit die gemeenten
                                oorspronkelijk afkomstige werknemers. Extreme kosten samenhangend
                                met het plaatsen van personen uit niet-deelnemende gemeenten zullen
                                in rekening worden gebracht bij die gemeenten.</al></li>
          </lijst>
          <lijst>
            <li nr="5."><al>Ten aanzien van de kosten, voortvloeiend uit de plaatsing van de in
                                artikel 27, derde lid bedoelde personen, zal bij elke plaatsing
                                worden bepaald welke instantie of gemeente en tot welke bedragen
                                wordt bijgedragen.</al></li>
            <li nr="6."><al>Aan een eventueel batig exploitatiesaldo wordt door het algemeen
                                bestuur een bestemming gegeven in het belang van het
                                werkvoorzieningsschap.</al></li>
          </lijst>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>36</nr>
            <titel>Voorschotten</titel>
          </kop>
          <lid>
            <lidnr>1.</lidnr>
            <al>Wanneer het dagelijks bestuur zulks nodig oordeelt, verstrekken de
                            deelnemende gemeenten voorschotten op de in artikel 37 geduide
                            kosten.</al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>2.</lidnr>
            <al>De niet aan de gemeenschappelijke regeling deelnemende gemeenten kunnen
                            voor hun aandeel in bedoelde kosten bij voorschot worden belast.</al>
          </lid>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>37</nr>
            <titel>Berekening verschuldigde bijdragen</titel>
          </kop>
          <lijst>
            <li nr="1."><al>Aan de hand van de ontwerprekeningen van het werkvoorzieningsschap
                                zendt het dagelijks bestuur aan de instanties en deelnemende
                                gemeenten voor rekening waarvan de kosten van plaatsing dienen te
                                komen, een berekening van de verschuldigde bijdragen.</al></li>
            <li nr="2."><al>Naast de onder het eerste lid bedoelde bijdragen in de kosten van
                                het werkvoorzieningsschap kunnen de daarin geduide instanties en
                                gemeenten worden belast voor een aandeel in de bestuurskosten, naar
                                de regelen bedoeld in artikel 35, derde lid.</al></li>
            <li nr="3."><al>Uiterlijk 30 juni van het jaar volgende op het jaar waarop de
                                ontwerprekening betrekking heeft vindt, onder aftrek van de
                                eventueel ontvangen voorschotten, verrekening plaats.</al></li>
          </lijst>
          <al/>
          <al>
            <vet>DUUR VAN DE REGELING</vet>
          </al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>38</nr>
            <titel>Duur van de regeling</titel>
          </kop>
          <al>Deze regeling wordt aangegaan voor onbepaalde tijd.</al>
          <al/>
          <al>
            <vet>TOETREDING EN UITTREDING</vet>
          </al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>39</nr>
            <titel>Toetreding en uittreding</titel>
          </kop>
          <lijst>
            <li nr="1."><al>Toetreding door andere gemeenten vindt plaats, indien de colleges
                                van tweederde der deelnemende gemeenten daarin bewilligen.</al></li>
            <li nr="2."><al>Aan de toetreding kunnen door de deelnemende gemeenten voorwaarden
                                worden verbonden.</al></li>
            <li nr="3."><al>De toetreding gaat in op 1 januari van het jaar, volgende op dat
                                waarin de voor de toetreding noodzakelijke wijziging van de regeling
                                in werking is getreden.</al></li>
            <li nr="4."><al>Een deelnemende gemeente kan uittreden, indien de colleges van
                                tweederde van de deelnemende gemeenten daarmee instemmen.</al></li>
            <li nr="5."><al>De uittreding kan slechts plaatsvinden met ingang van de dag waarop
                                de nieuwe zittingsperiode van het algemeen bestuur aanvangt, met
                                dien verstande dat de uittreding is goedgekeurd door Gedeputeerde
                                Staten vóór 1 januari van het desbetreffende jaar.,</al></li>
            <li nr="6."><al>Het algemeen bestuur regelt, onder goedkeuring van Gedeputeerde
                                Staten, de financiële gevolgen alsmede de overige gevolgen van de
                                toetreding en uittreding.</al></li>
          </lijst>
          <al/>
          <al>
            <vet>WIJZIGING</vet>
          </al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>40</nr>
            <titel>Wijziging of aanvulling</titel>
          </kop>
          <lijst>
            <li nr="1."><al>Wijziging of aanvulling van de regeling kan, behoudens het bepaalde
                                in het vijfde lid van dit artikel, geschieden als tenminste
                                tweederde van de colleges daartoe besluiten. Een voorstel hiertoe
                                kan uitgaan van het algemeen bestuur en/of van één of meer van de
                                colleges.</al></li>
            <li nr="2."><al>Indien het voorstel uitgaat van het algemeen bestuur, zendt het dit
                                aan de colleges, die binnen twee maanden na ontvangst daarvan een
                                besluit nemen en dit terstond aan het algemeen mededelen.</al></li>
            <li nr="3."><al>Indien het voorstel uitgaat van één of meer deelnemende gemeente(n)
                                zendt respectievelijk zenden, deze gemeente(n) het voorstel aan het
                                algemeen bestuur.</al></li>
            <li nr="4."><al>Het algemeen bestuur doet het voorstel met zijn beschouwingen ter
                                zake binnen drie maanden aan de colleges toekomen, die binnen twee
                                maanden na ontvangst daarvan een besluit nemen en dit terstond aan
                                het algemeen bestuur mededelen.</al></li>
            <li nr="5."><al>Het algemeen bestuur geeft de colleges kennis van de door hem
                                genomen besluiten tot aanvaarden, verwerpen, goedkeuren
                                respectievelijk niet goedkeuren van de in dit artikel bedoelde
                                voorstellen respectievelijk besluiten.</al></li>
            <li nr="6."><al>Een wijziging gaat in op de eerste dag van de maand volgend op die
                                waarin de goedkeuring van die wijziging is ingeschreven in het
                                register als bedoeld in artikel 26 derde lid van de Wet
                                gemeenschappelijke regelingen. </al></li>
          </lijst>
          <al/>
          <al>
            <vet>LIQUIDATIE</vet>
          </al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>41</nr>
            <titel>Liquidatie</titel>
          </kop>
          <lijst>
            <li nr="1."><al>Indien tenminste tweederde van de gemeenten tot opheffing van deze
                                regeling besluit, gaat het algemeen bestuur terstond tot liquidatie
                                van het werkvoorzieningsschap over.</al></li>
            <li nr="2."><al>Het algemeen bestuur bepaalt het aandeel van elke gemeente in het
                                saldo van de liquidatierekening en houdt daarbij rekening met het
                                bedrag, dat door iedere deelnemende gemeente gedurende de laatste
                                drie jaren in de kosten van het werkvoorzieningsschap is
                                bijgedragen. Ten aanzien van de liquidatierekening is het bepaalde
                                in artikel 35 en 37 van overeenkomstige toepassing.</al></li>
            <li nr="3."><al>Binnen vier weken wordt aan de raden van de vaststelling van de
                                liquidatierekening mededeling gedaan.Tegelijk wordt een verslag van
                                liquidatie c.q. een opgave van het bedrag, dat elke deelnemende
                                gemeente uit het eindsaldo zal ontvangen c.q. in het eindsaldo zal
                                bijdragen, toegezonden. De afrekening hiervan vindt plaats binnen 3
                                maanden na ontvangst van deze stukken door de deelnemende
                                gemeente.</al></li>
          </lijst>
          <al/>
          <al>
            <vet>SLOTBEPALINGEN</vet>
          </al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>42</nr>
            <titel>Toezendplichtige gemeente</titel>
          </kop>
          <al>De bij de Wet gemeenschappelijke regelingen voorgeschreven toezending aan
                        Gedeputeerde Staten van de besluiten tot wijziging van deze regeling en
                        toetreding en uittreding geschiedt door de zorg van het college van
                        Haarlem.</al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>43</nr>
            <titel>Beheer van de archiefbescheiden.</titel>
          </kop>
          <al>Ten aanzien van de zorg van de archiefbescheiden van de organen van de
                        regeling alsmede ten aanzien van het toezicht op het beheer zijn de
                        voorschriften van de gemeente Haarlem van overeenkomstige toepassing.</al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>44</nr>
            <titel>Geschillen</titel>
          </kop>
          <lid>
            <lidnr>1.</lidnr>
            <al>Voordat over een geschil als bedoeld in artikel 28 van de Wet
                            gemeenschappelijke regelingen de beslissing van gedeputeerde Staten
                            wordt ingeroepen, kunnen partijen het geschil voorleggen aan een daartoe
                            door hen in te stellen en nader te regelen geschillencommissie.</al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>2.</lidnr>
            <al>De geschillencommissie hoort de bij het geschil betrokken besturen en
                            brengt advies uit over de mogelijkheid partijen tot overeenstemming te
                            brengen.</al>
          </lid>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>45</nr>
          </kop>
          <al>(Vervallen)</al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>46</nr>
            <titel>Inwerkingtreding van de regeling</titel>
          </kop>
          <al>De regeling treedt in werking met ingang van 1 maart 2013.</al>
          <al/>
          <al>Aldus vastgesteld door de colleges van burgemeester en wethouders van de
                        gemeenten Bloemendaal, Haarlem, Haarlemmerliede en Spaarnwoude, Heemstede en
                        Zandvoort.</al>
          <al>Cruquius, &lt;datum&gt;</al>
        </artikel>
      </regeling-tekst>
      <regeling-sluiting><slotformulering><al>Vastgesteld door het college op 15 januari 2013. Toestemming verleend door
                        de raad op 28 maart 2013.</al></slotformulering></regeling-sluiting>
    </regeling>
  </body>
</cvdr>