<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--
      meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR275937_2</dcterms:identifier><dcterms:title>Beleidsregel begrotingssubsidies Noord-Brabant</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Provincie">Noord-Brabant</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-05-29</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Provincie">Noord-Brabant</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="http://www.brabant.nl/loket/provinciale-bladen.aspx?qvi=49992">Provinciaal Blad, 2014, 87</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Beleidsregel begrotingssubsidies Noord-Brabant</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Algemene wet bestuursrecht, art. 4:81</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Algemene subsidieverordening Noord-Brabant, art. 4</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanProvincie">gedeputeerde staten</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>financiën en economie</dcterms:subject><dcterms:issued>2014-07-08</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2014-07-11</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2018-05-30</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Art. 1</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>3370774</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>subsidies, financieel kader</overheidrg:onderwerp><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen. </al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen. </al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Beleidsregel begrotingssubsidies Noord-Brabant</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>Gedeputeerde Staten van Noord-Brabant</al><al>Gelet op artikel 4:81 van de Algemene wet bestuursrecht;</al><al>Gelet op artikel 4 van de Algemene subsidieverordening Noord-Brabant;</al><al>Overwegende dat Gedeputeerde Staten de wens hebben om de verstrekking van begrotingssubsidies, als bedoeld in artikel 7, eerste lid, onder c, van de Algemene subsidieverordening Noord-Brabant op uniforme wijze te regelen, met name voor wat betreft de reservevorming en bevoorschotting;</al><al>Besluiten vast te stellen de volgende beleidsregel:</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><titel>Artikel 1 Begripsbepalingen</titel></kop><al>In deze beleidsregel wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al> Asv: Algemene subsidieverordening Noord-Brabant;</al></li><li nr="b."><al> Awb: Algemene wet bestuursrecht;</al></li><li nr="c."><al> begrotingssubsidie: subsidie als bedoeld in artikel 7, eerste lid, onder c, van de Asv, die naar haar aard aangemerkt kan worden als een exploitatiesubsidie;</al></li><li nr="d."><al> bestemmingsreserve: specifieke reserve waaraan door middel van een nauw omschreven doel, vooraf een bestemming is gegeven en die behoort tot de overige reserve;</al></li><li nr="e."><al> BW: Burgerlijk Wetboek;</al></li><li nr="f."><al> egalisatiereserve: egalisatiereserve als bedoeld in artikel 4:72, eerste lid, van de Awb;</al></li><li nr="g."><al> genoten rente: genoten rente als bedoeld in artikel 4:72, vierde lid, van de Awb;</al></li><li nr="h."><al> overige reserve: overige reserve als bedoeld in artikel 373, eerste lid, onder f, van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek;</al></li><li nr="i."><al> voorziening: voorziening als bedoeld in artikel 374, eerste lid, van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 2 Doelgroep</titel></kop><al>Gedeputeerde Staten passen deze beleidsregel toe op aanvragers van begrotingssubsidies.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 3 Subsidievorm</titel></kop><al>Gedeputeerde Staten passen deze beleidsregel toe op begrotingssubsidies in de vorm van een geldbedrag.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 4 Verplichtingen egalisatiereserve</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al> Bij de verlening van een begrotingssubsidie van € 125.000 en hoger bepalen Gedeputeerde Staten dat artikel 4:72 van de Awb wordt toegepast.</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al> Gedeputeerde Staten verbinden aan de beschikking tot verlening van een begrotingssubsidie van € 125.000 en hoger in ieder geval de volgende verplichtingen:
    </al><lijst><li nr="a."><al> de subsidieontvanger, die tevens economische activiteiten verricht die niet met provinciale middelen worden gefinancierd, houdt een administratie aan waarin vermogens van provinciale en andere herkomst afzonderlijk verantwoord worden;</al></li><li nr="b."><al> de subsidieontvanger vormt een egalisatiereserve;</al></li><li nr="c."><al> bij begrotingssubsidies tot € 250.000 bedraagt de egalisatiereserve, bedoeld onder b, ten hoogste € 25.000 van de verleende subsidie voor het desbetreffende boekjaar;</al></li><li nr="d."><al> bij begrotingssubsidies van € 250.000 en hoger bedraagt de egalisatiereserve, bedoeld onder b, maximaal 10% van de verleende subsidie voor het desbetreffende boekjaar.</al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 5 Verplichtingen bestemmingsreserve</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al> Indien de subsidieaanvrager bij de aanvraag tot verlening van een begrotingssubsidie van € 125.000 en hoger toestemming vraagt voor een bestemmingsreserve, beoordelen Gedeputeerde Staten dit op grond van een beheers- en beleidsplan.</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al> Het beheers- en beleidsplan maakt onderdeel uit van de aanvraag voor een begrotingssubsidie.</al></lid><lid><lidnr>3</lidnr><al> In de beschikking tot verlening van een begrotingssubsidie kunnen Gedeputeerde Staten met de gevraagde bestemmingsreserve instemmen.</al></lid><lid><lidnr>4</lidnr><al> Indien Gedeputeerde Staten instemmen met de gevraagde bestemmingsreserve wordt in de beschikking tot verlening van de begrotingssubsidie opgenomen dat de met provinciale middelen gevormde bestemmingsreserve kan worden teruggevorderd indien:
    </al><lijst><li nr="a."><al> de subsidiabele activiteiten geheel of gedeeltelijk worden beëindigd;</al></li><li nr="b."><al> de subsidieverlening of –vaststelling wordt ingetrokken;</al></li><li nr="c."><al> de subsidierelatie wordt beëindigd;</al></li><li nr="d."><al> de rechtspersoon die de begrotingssubsidie ontving wordt ontbonden.</al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 6 Bevoorschotting en betaling</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al> Gedeputeerde Staten verstrekken voor begrotingssubsidies van € 25.000 en hoger een voorschot op het verleende subsidiebedrag.</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al> Gedeputeerde Staten bepalen de hoogte van het voorschot, bedoeld in het eerste lid, op basis van prestaties, besteding en liquiditeitsbehoefte van de subsidieontvanger.</al></lid><lid><lidnr>3</lidnr><al> Gedeputeerde Staten betalen het voorschot in vier gelijke termijnen in vier kwartalen, tenzij de liquiditeitsbehoefte van de subsidieontvanger een andere verdeling noodzakelijk maakt.</al></lid></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 7 Overgangsrecht</titel></kop><al>Artikel 4, tweede lid, onder c en d, is niet van toepassing op de aanvrager van een begrotingssubsidie voor het jaar 2014, die reeds voor inwerkingtreding van deze beleidsregel een egalisatiereserve uit provinciale middelen heeft gevormd die de maxima genoemd in artikel 4, tweede lid, onder c en d, overschrijdt.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 8 Inwerkingtreding</titel></kop><al>Deze beleidsregel treedt in werking met ingang van 1 april 2013.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 9 Citeertitel</titel></kop><al>Deze beleidsregel wordt aangehaald als: Beleidsregel begrotingssubsidies Noord-Brabant.</al></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>’s-Hertogenbosch, 19 maart 2013</ondertekening><ondertekening>Gedeputeerde Staten voornoemd,</ondertekening><ondertekening>de voorzitter prof. dr. W.B.H.J. van de Donk</ondertekening><ondertekening>de secretaris drs. W.G.H.M. Rutten</ondertekening></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>