<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR27208_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Monumentenverordening gemeente Hattem 2004</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Hattem</dcterms:creator><dcterms:modified>2017-10-24</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Hattem</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Hattem</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Hattem huis aan huis, 30-11-2004</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Monumentenverordening gemeente Hattem 2004</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet, art. 149</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Monumentenwet 1988, art. 12</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Monumentenwet 1988, art. 14</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>volkshuisvesting en woningbouw</dcterms:subject><dcterms:issued>2004-11-22</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2005-01-12</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2010-10-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>2004/nr.56</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Deze verordening is ingetrokken op moment inwerkingtreding Erfgoedverordening 2010.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Monumentenverordening gemeente Hattem 2004</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>No.: 56 </al><al>Onderwerp:</al><al>Monumentenverordening gemeente Hattem 2004</al><al>------------------------------------------------------------------</al><al/><al>De raad der gemeente Hattem;</al><al/><al>gelezen het voorstel van het college d.d. 12 november 2004, no. 56;</al><al/><al>gelet op artikel 149 van de Gemeentewet en de artikelen 12, 14 en 15 van de
                        Monumentenwet 1988;</al><al/><al>b e s l u i t :</al><al/><lijst><li nr="1"><al>artikel III en artikel VII van de Wijzigingsverordening dualisering
                                verordeningen van de sector Ruimtelijke Ordening en Beheer in te
                                trekken;</al></li><li nr="2"><al>het besluit van 5 maart 2001 waarin Het Gelders Genootschap tot
                                bevordering en instandhouding van de schoonheid van stad en
                                landschap wordt aangewezen als monumentencommissie in te trekken
                                en</al></li><li nr="3"><al>vast te stellen de hierna volgende verordening:</al><al/></li></lijst><al><vet>Monumentenverordening gemeente Hattem 2004.</vet></al></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsbepalingen</titel></kop><al>Deze verordening verstaat onder:</al><lijst><li nr="a"><al>monument:</al><lijst><li nr="1"><al>zaak die van algemeen belang is wegens zijn schoonheid,
                                        betekenis voor de wetenschap of cultuurhistorische
                                        waarde;</al></li><li nr="2"><al>terrein dat van algemeen belang is wegens een daar aanwezige
                                        zaak als bedoeld onder 1;</al></li></lijst></li><li nr="b"><al>gemeentelijk archeologisch monument: monument, bedoeld in onderdeel
                                a, onder 2;</al></li><li nr="c"><al>gemeentelijk monument: onroerend monument, dat overeenkomstig de
                                bepalingen van deze verordening als beschermd gemeentelijk monument
                                is aangewezen;</al></li><li nr="d"><al>gemeentelijke monumentenlijst: de lijst waarop zijn geregistreerd de
                                overeenkomstig deze verordening als gemeentelijk monument aangewezen
                                zaken;</al></li><li nr="e"><al>beschermd rijksmonument: onroerend monument, dat is ingeschreven in
                                de ingevolge de Monumentenwet 1988 vastgestelde registers;</al></li><li nr="f"><al>kerkelijk monument: onroerend monument, dat eigendom is van een
                                kerkgenootschap, kerkelijke gemeente of parochie of van een
                                kerkelijke instelling en dat uitsluitend of voor een overwegend deel
                                wordt gebruikt voor de uitoefening van de eredienst;</al></li><li nr="g"><al>monumentencommissie: de door het college ingestelde commissie met
                                als taak het college op verzoek of uit eigen beweging te adviseren
                                over de toepassing van de Monumentenwet 1988, de
                                Monumentenverordening gemeente Hattem 2004 en het
                                monumentenbeleid;</al></li><li nr="h"><al>bouwhistorisch onderzoek: in schriftelijke rapportage vastgelegd
                                onderzoek naar de bouwgeschiedenis en de bouwhistorische kwaliteit
                                van een monument.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Het gebruik van het monument</titel></kop><al>Bij de toepassing van deze verordening wordt rekening gehouden met het
                        gebruik van het monument.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>De aanwijzing tot gemeentelijk monument</titel></kop><lijst><li nr="1"><al>Het college kan, al dan niet op aanvraag van een belanghebbende, een
                                monument aanwijzen als gemeentelijk monument.</al></li><li nr="2"><al>Voordat het college over de aanwijzing een besluit neemt, vraagt hij
                                advies aan de monumentencommissie. In spoedeisende gevallen kan het
                                vragen van dit advies achterwege blijven.</al></li><li nr="3"><al>Het college kan ten behoeve van de aanwijzing van een gemeentelijk
                                monument bepalen dat bouwhistorisch onderzoek wordt verricht.</al></li><li nr="4"><al>Voordat het college een kerkelijk monument als gemeentelijk monument
                                aanwijst, voert hij overleg met de eigenaar.</al></li><li nr="5"><al>De aanwijzing kan geen monument betreffen dat is aangewezen op grond
                                van artikel 3 van de Monumentenwet 1988.</al></li><li nr="6"><al>Monumenten, die na plaatsing op de gemeentelijke monumentenlijst
                                worden ingeschreven in het monumentenregister als bedoeld in artikel
                                6 van de Monumentenwet, worden geacht niet meer op de gemeentelijke
                                monumentenlijst te zijn geplaatst.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Termijnen advies en aanwijzingsbesluit</titel></kop><lijst><li nr="1"><al>De monumentencommissie adviseert schriftelijk binnen acht weken na
                                ontvangst van het verzoek van het college.</al></li><li nr="2"><al>Het college beslist binnen twaalf weken na ontvangst van het advies
                                van de monumentencommissie, maar in ieder geval binnen 20 weken na
                                de adviesaanvraag.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Mededeling aanwijzingsbesluit</titel></kop><al>De aanwijzing als bedoeld in artikel 3, eerste lid, wordt medegedeeld aan
                        degenen die als zakelijk gerechtigden in de kadastrale legger bekend staan
                        en aan de ingeschreven hypothecaire schuldeisers.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Registratie op de gemeentelijke monumentenlijst</titel></kop><lijst><li nr="1"><al>Het college registreert het gemeentelijke monument op de
                                gemeentelijke monumentenlijst.</al></li><li nr="2"><al>De gemeentelijke monumentenlijst bevat de plaatselijke aanduiding
                                van het gemeentelijke monument.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Wijzigen van de aanwijzing</titel></kop><lijst><li nr="1"><al>Het college kan de aanwijzing ambtshalve of op aanvraag van een
                                belanghebbende wijzigen.</al></li><li nr="2"><al>Artikel 3, tweede tot en met vierde lid, alsmede artikel 4 zijn van
                                overeenkomstige toepassing op het wijzigingsbesluit.</al></li><li nr="3"><al>Indien de wijziging naar het oordeel van het college van
                                ondergeschikte betekenis is, blijft overeenkomstige toepassing van
                                artikel 3, tweede tot en met vierde lid, alsmede artikel 4, eerste
                                lid, achterwege.</al></li><li nr="4"><al>De inhoud en de datum van de wijziging worden op de gemeentelijke
                                monumentenlijst aangetekend.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Intrekken van de aanwijzing</titel></kop><lijst><li nr="1"><al>Indien het college de aanwijzing intrekt, zijn artikel 3, tweede
                                lid, en artikel 4 van overeenkomstige toepassing.</al></li><li nr="2"><al>De aanwijzing wordt geacht ingetrokken te zijn, indien toepassing
                                wordt gegeven aan artikel 3 van de Monumentenwet 1988.</al></li><li nr="3"><al>De intrekking wordt op de gemeentelijke monumentenlijst
                                aangetekend.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Verbodsbepaling</titel></kop><al>Het is verboden een gemeentelijk monument te beschadigen of te
                        vernielen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Vergunning</titel></kop><al>Het is verboden zonder vergunning van het college of in strijd met bij
                        zodanige vergunning gestelde voorschriften:</al><lijst><li nr="a."><al>een gemeentelijk monument af te breken, te verstoren, te verplaatsen
                                of in enig opzicht te wijzigen;</al></li><li nr="b."><al>een gemeentelijk monument te herstellen, te gebruiken of te laten
                                gebruiken op een dusdanige wijze, dat het wordt ontsierd of in
                                gevaar gebracht.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Termijnen advies en vergunningverlening</titel></kop><lijst><li nr="1"><al>Het college vraagt advies aan de monumentencommissie voordat zij
                                beslist op de aanvraag op grond van artikel 10.</al></li><li nr="2"><al>Binnen acht weken na de adviesaanvraag brengt de monumentencommissie
                                schriftelijk advies uit aan het college.</al></li><li nr="3"><al>Het college beslist binnen acht weken na ontvangst van het advies
                                van de monumentencommissie, maar in ieder geval binnen 16 weken na
                                ontvangst van de aanvraag.</al></li><li nr="4"><al>Het college kan de in het derde lid genoemde termijn van 16 weken
                                met ten hoogste tien weken verlengen, mits zij de aanvrager daarvan
                                kennis geeft binnen de in het derde lid genoemde termijn.</al></li><li nr="5"><al>Indien het college niet voldoet aan het derde of vierde lid, wordt
                                de vergunning geacht te zijn verleend.</al></li><li nr="6"><al>Een vergunning ingevolge deze verordening blijft buiten werking
                                gedurende zes weken na de datum waarop zij is verleend of van
                                rechtswege is verleend. Indien gedurende deze termijn bezwaar wordt
                                gemaakt op grond van de Algemene wet bestuursrecht, blijft de
                                vergunning buiten werking totdat op het bezwaar is beslist.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Kerkelijk monument</titel></kop><al>Het college verleent met betrekking tot een kerkelijk monument geen
                        vergunning ingevolge de bepalingen van artikel 10 dan in overeenstemming met
                        de eigenaar, indien en voor zover het een vergunning betreft, waarbij
                        wezenlijke belangen van de godsdienstuitoefening in het monument in het
                        geding zijn.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Intrekken van de vergunning</titel></kop><lijst><li nr="1"><al>De vergunning kan door het college worden ingetrokken indien:</al><lijst><li nr="a"><al>blijkt dat de vergunning ten gevolge van een onjuiste of
                                        onvolledige opgave is verleend;</al></li><li nr="b"><al>blijkt dat de vergunninghouder de voorschriften als bedoeld
                                        in artikel 10 niet naleeft;</al></li><li nr="c"><al>de omstandigheden aan de kant van de vergunninghouder zich
                                        zodanig hebben gewijzigd, dat het belang van het monument
                                        zwaarder dient te wegen;</al></li><li nr="d"><al>niet binnen 2 jaar van de vergunning gebruik wordt
                                        gemaakt.</al></li></lijst></li><li nr="2"><al>Het besluit tot intrekking wordt in afschrift gezonden aan de
                                monumentencommissie.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Vergunning voor beschermd rijksmonument</titel></kop><lijst><li nr="1"><al>Het college zendt onmiddellijk een afschrift van de aanvraag om
                                vergunning voor een beschermd rijksmonument met de naar voren
                                gebrachte zienswijzen aan de monumentencommissie na afloop van de
                                termijn van 14 dagen, bedoeld in artikel 12, tweede lid, van de
                                Monumentenwet 1988.</al></li><li nr="2"><al>De monumentencommissie adviseert schriftelijk over de aanvraag
                                binnen acht weken na de datum van verzending van het afschrift.</al></li><li nr="3"><al>Bij overschrijding van de in het tweede lid genoemde termijn wordt
                                de monumentencommissie geacht geadviseerd te hebben.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr><titel>Schadevergoeding</titel></kop><lijst><li nr="1"><al>Indien en voor zover blijkt dat een belanghebbende ten gevolge
                                van:</al><lijst><li nr="a"><al>de weigering van het college een vergunning als bedoeld in
                                        artikel 10 te verlenen;</al></li><li nr="b"><al>voorschriften door het college verbonden aan een vergunning
                                        als bedoeld in artikel 10; schade lijdt of zal lijden, die
                                        redelijkerwijze niet of niet geheel te zijnen laste behoort
                                        te blijven, kent het college hem op zijn aanvraag een naar
                                        billijkheid te bepalen schadevergoeding toe.</al></li></lijst></li><li nr="2"><al>Voor de behandeling van de aanvragen zijn de bepalingen van de
                                Procedureverordening schadevergoeding ex artikel 49 Wet op de
                                Ruimtelijke Ordening van overeenkomstige toepassing.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16</nr><titel>Strafbepaling</titel></kop><al>Hij, die handelt in strijd met de artikelen 9 en 10 van deze verordening,
                        wordt gestraft met een geldboete van de tweede categorie.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17</nr><titel>Toezichthouders</titel></kop><lijst><li nr="1"><al>Met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens
                                deze verordening is belast: de medewerker Bouw- en woningtoezicht
                                van de gemeente Hattem.</al></li><li nr="2"><al>Voorts zijn met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of
                                krachtens deze verordening belast de bij besluit van het college dan
                                wel de burgemeester aan te wijzen personen.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>18</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><lijst><li nr="1"><al>Voor zover deze verordening betrekking heeft op gemeentelijke
                                monumenten treedt zij in werking op de eerste dag na het verstrijken
                                van een termijn van zes weken na bekendmaking.</al></li><li nr="2"><al>De verordening, voor zover het betreft bepalingen over gemeentelijke
                                monumenten, vervalt op de datum waarop het eerste lid toepassing
                                vindt.</al></li><li nr="3"><al>Voor zover deze verordening betrekking heeft op beschermde
                                rijksmonumenten, treedt zij in werking overeenkomstig het bepaalde
                                in artikel 15, tweede lid, van de Monumentenwet 1988.</al></li><li nr="4"><al>De monumentenverordening, vastgesteld bij besluit van de raad van 5
                                september 1994, voor zover het betreft bepalingen over beschermde
                                rijksmonumenten, vervalt op de datum waarop het derde lid toepassing
                                vindt.</al></li><li nr="5"><al>De op grond van de ingevolge het tweede lid vervallen verordening
                                geregistreerde gemeentelijke monumenten worden geacht aangewezen te
                                zijn overeenkomstig de bepalingen van deze verordening.</al></li><li nr="6"><al>De gemeentelijke monumenten, geregistreerd op de monumentenlijst van
                                de ingevolge het tweede lid genoemde vervallen verordening, worden
                                geacht geregistreerd te zijn overeenkomstig de bepalingen van deze
                                verordening.</al></li><li nr="7"><al>Aanvragen om vergunning die zijn ingediend vóór de inwerkingtreding
                                van deze verordening worden afgehandeld met inachtneming van de in
                                het tweede lid ingetrokken verordening.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>19</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening kan worden aangehaald als 'Monumentenverordening gemeente
                        Hattem 2004’.</al><al/></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus besloten in de openbare vergadering van de raad der gemeente Hattem,
                        gehouden op 22 november 2004.</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>De raad voornoemd,</ondertekening><ondertekening/><ondertekening> , voorzitter.</ondertekening><ondertekening/><ondertekening> , griffier.</ondertekening></regeling-sluiting><nota-toelichting><al>nov56/gclr</al><al/><al>Incl. de wijziging n.a.v. de Wijzigingsverordening financiele rechtmatigheid
                    verordeningen en regelgeving gemeente Hattem d.d. 12-12-2005</al></nota-toelichting></regeling></body></cvdr>