<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.92--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR271900_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening behandeling bezwaren Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Waterschap">Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden</dcterms:creator><dcterms:modified>2001-03-14</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Waterschap">Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Wsb 2001/01</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening behandeling bezwaren Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Waterschapswet">Waterschapswet, </dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Algemene%20wet%20bestuursrecht">Algemene wet bestuursrecht, </dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanWaterschap">algemeen bestuur</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2001-02-21</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2001-03-14</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2024-06-15</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>00.AIZ/127</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>recht – bezwaar en klachten</overheidrg:onderwerp><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Deze verordening vervangt de Verordening behandeling bezwaren Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden die het algemeen bestuur op 10 juni 1998 heeft vastgesteld.</al><al>Datum ondertekening inwerkingtredingsbesluit: 21-2-2001</al><al>Bron bekendmaking inwerkingtredingsbesluit: Wsb 2001/01</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening behandeling bezwaren Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>Het algemeen bestuur van het Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden;</al><al>op het voorstel van dijkgraaf en hoogheemraden d.d. 11 december 2000 met nr.
                        00.AIZ/127;</al><al>Gelet op de Algemene wet bestuursrecht (Stb. 1994, 1) en de Waterschapswet
                        (Stb. 1991, 379, herplaatst 444), </al><al>zoals deze sindsdien zijn gewijzigd;</al><al><vet>Besluit</vet>:</al><al>de Verordening behandeling bezwaren Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden
                        vast te stellen als volgt: </al><al/><al><vet>Inhoud</vet></al><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>1</nr><titel>Algemene bepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsomschrijvingen</titel></kop><al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>het waterschap: het Hoogheemraadschap De Stichtse
                                        Rijnlanden; </al></li><li nr="b."><al>de wet: de wet van 4 juni 1992 (Stb. 1992, nr. 315) houdende
                                        algemene regels van bestuursrecht (Algemene wet
                                        bestuursrecht), zoals laatstelijk gewijzigd bij wet van 29
                                        oktober 1998 (Stb. 621); </al></li><li nr="c."><al>het college: het college van dijkgraaf en hoogheemraden;
                                    </al></li><li nr="d."><al>de commissie: de vaste commissie van advies voor de
                                        behandeling van bezwaarschriften. </al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>2</nr><titel>Instelling en samenstelling bezwarencommissie</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Instelling</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al id="anker-H39888_0_2_2_1_"> Er is een commissie voor de
                                    voorbereiding van de beslissing op gemaakte bezwaren als bedoeld
                                    in artikel 7:1 van de wet, die zaken behandelt die het
                                    waterschap als overheid betreffen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al id="anker-H39888_0_2_2_2_"> De commissie adviseert niet over
                                    bezwaren op het terrein van personele aangelegenheden, van de
                                    belastingwetgeving en van schadevorderingen op
                                    publiekrechtelijke grondslag.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Samenstelling</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al id="anker-H39888_0_2_3_3_"> De commissie bestaat uit een
                                    voorzitter en twee leden. Deze worden benoemd, geschorst en
                                    ontslagen door het college.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al id="anker-H39888_0_2_3_4_"> Het college kan op dezelfde wijze
                                    een plaatsvervangend lid benoemen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al id="anker-H39888_0_2_3_5_"> Deze personen kunnen geen deel
                                    uitmaken van of werkzaam zijn onder verantwoordelijkheid van het
                                    waterschap.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al id="anker-H39888_0_2_3_6_"> De commissie regelt de vervanging
                                    van de voorzitter.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Zittingsduur</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al id="anker-H39888_0_2_4_7_"> De benoeming van de leden van de
                                    commissie, daaronder begrepen de voorzitter, geschiedt voor de
                                    zittingsduur van het algemeen bestuur. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al id="anker-H39888_0_2_4_8_"> De leden zijn éénmaal herbenoembaar.
                                </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al id="anker-H39888_0_2_4_9_"> Het college ontslaat een lid in
                                    ieder geval wanneer: </al><lijst><li nr="a."><al>het daarom zelf verzoekt; </al></li><li nr="b."><al>het een ambt of betrekking heeft aanvaard, die bij deze
                                            verordening onverenigbaar is verklaard met de functie
                                            van lid van de commissie; </al></li><li nr="c."><al>het naar het oordeel van het college door handelen of
                                            nalaten ernstig nadeel toebrengt aan het aanzien van de
                                            functie; </al></li><li nr="d."><al>de commissie wordt opgeheven. </al></li></lijst></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al id="anker-H39888_0_2_4_10_"> Een aftredend lid blijft zijn
                                    functie waarnemen totdat in de opvolging is voorzien. </al></lid><lid><lidnr/><al/></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Secretariaat</titel></kop><al>Het college wijst een secretaris aan van de commissie. </al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>3</nr><titel>Werkwijze commissie</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Overdracht Bevoegdheden</titel></kop><al>De bevoegdheden ingevolge de artikelen</al><lijst><li nr="•"><al>2:1, tweede lid (bijstand en vertegenwoordiging) </al></li><li nr="•"><al>6:6, inzake het stellen van een termijn aan de indiener
                                        waarbinnen het verzuim in de zin van niet voldoen aan de
                                        vereisten als bedoeld in artikel 6:5 van de wet, kan worden
                                        hersteld, </al></li><li nr="•"><al>6:17 (stukken naar gemachtigde) voor zover het betreft de
                                        verzending van stukken tijdens de behandeling door de
                                        commisie, </al><al>["commisie" moet zijn "commissie"] </al></li><li nr="•"><al>7:4, tweede lid (inzagerecht), </al></li><li nr="•"><al>7:6, vierde lid (horen in elkaars aanwezigheid, tenzij),
                                    </al></li></lijst><al>van de wet worden voor de toepassing van deze verordening namens het
                                college uitgeoefend door de voorzitter van de commissie.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Vooronderzoek</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al id="anker-H39888_0_3_7_11_"> De voorzitter van de commissie is
                                    in verband met de voorbereiding van de behandeling van het
                                    bezwaarschrift bevoegd rechtstreeks alle gewenste inlichtingen
                                    in te winnen of te doen inwinnen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al id="anker-H39888_0_3_7_12_"> De voorzitter kan uit eigen
                                    beweging of op verzoek van de commissie bij deskundigen advies
                                    of inlichtingen inwinnen en dezen zo nodig uitnodigen daartoe in
                                    in de zitting te verschijnen. Indien daaraan kosten zijn
                                    verbonden, is vooraf machtiging van het college vereist.</al></lid><lid><lidnr/><al id="anker-H39888_0_3_7_13_">["in in" moet zijn "in"]</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Hoorzitting</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al id="anker-H39888_0_3_8_14_"> Jaarlijks wordt in overleg met de
                                    commissie een vergaderschema vastgesteld. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al id="anker-H39888_0_3_8_15_"> In dit schema worden dag en
                                    tijdstip bepaald van de zittingen waarin de belanghebbenden en
                                    het college in de gelegenheid worden gesteld zich door de
                                    commissie te doen horen. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al id="anker-H39888_0_3_8_16_"> Indien de commissie op grond van
                                    artikel 7:3 van de wet besluit van het horen af te zien, doet
                                    hij daarvan mededeling aan: </al><lijst><li nr="-"><al id="anker-H39888_0_3_8_16_1_"> de belanghebbenden
                                            en</al></li><li nr="-"><al id="anker-H39888_0_3_8_16_2_"> het college.</al></li><li nr=""><al id="anker-H39888_0_3_8_16_3_">["hij" moet zijn "zij"]
                                        </al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Uitnodiging zitting</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al id="anker-H39888_0_3_9_17_"> Onder verwijzing naar het ingevolge
                                    artikel 8, lid 1, vastgestelde vergaderschema deelt de
                                    voorzitter van de commissie de belanghebbenden en het college
                                    schriftelijk mee, dat zij in de gelegenheid worden gesteld zich
                                    te doen horen tijdens de zitting.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al id="anker-H39888_0_3_9_18_"> Binnen drie dagen na de in het
                                    eerste lid bedoelde mededeling kunnen de belanghebbenden of het
                                    college, onder opgaaf van redenen, de voorzitter verzoeken het
                                    tijdstip van de zitting te wijzigen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al id="anker-H39888_0_3_9_19_"> De beslissing van de voorzitter op
                                    een verzoek als bedoeld in het tweede lid wordt zo spoedig
                                    mogelijk, doch in ieder geval twee weken voor het tijdstip van
                                    de zitting aan de belanghebbenden en het college
                                    meegedeeld.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al id="anker-H39888_0_3_9_20_"> De voorzitter kan in bijzondere
                                    omstandigheden afwijken van de termijnen in het tweede en derde
                                    lid.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Onpartijdigheid commissie</titel></kop><al>De voorzitter en de leden van de commissie nemen niet deel aan de
                                behandeling van een bezwaarschrift, indien daarbij hun
                                onpartijdigheid in het geding kan zijn. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Openbaarheid van de zitting</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al id="anker-H39888_0_3_11_21_"> De zitting van de commissie is
                                    openbaar.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al id="anker-H39888_0_3_11_22_"> De deuren worden gesloten indien
                                    de voorzitter van de commissie of een van de aanwezige leden het
                                    nodig oordeelt of indien een belanghebbende daartoe het verzoek
                                    doet.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al id="anker-H39888_0_3_11_23_"> Indien de commissie vervolgens
                                    beslist dat gewichtige redenen aanwezig zijn die zich tegen
                                    openbaarheid van de zitting verzetten, vindt de zitting plaats
                                    met gesloten deuren.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Verslaglegging zitting</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al id="anker-H39888_0_3_12_24_"> Het verslag van de zitting als
                                    bedoeld in artikel 7:7 van de wet vermeldt de namen van de
                                    aanwezigen, met daarbij een vermelding van hun
                                    hoedanigheid.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al id="anker-H39888_0_3_12_25_"> Het verslag is een zakelijke
                                    weergave van de gewisselde argumenten.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al id="anker-H39888_0_3_12_26_"> Indien de zitting geheel of
                                    gedeeltelijk met gesloten deuren plaatsvond, of indien
                                    belanghebbenden respectievelijk hun gemachtigden niet in elkaars
                                    tegenwoordigheid zijn gehoord, maakt het verslag hiervan
                                    melding.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al id="anker-H39888_0_3_12_27_"> Het verslag verwijst naar de op de
                                    zitting overgelegde bescheiden, die aan het verslag worden
                                    gehecht.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al id="anker-H39888_0_3_12_28_"> Het verslag wordt ondertekend door
                                    de voorzitter en de secretaris van de commissie.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Nader onderzoek</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al id="anker-H39888_0_3_13_29_"> Indien na afloop van de zitting,
                                    maar voordat het advies wordt opgesteld, nader onderzoek
                                    wenselijk blijkt te zijn, kan de voorzitter van de commissie uit
                                    eigen beweging of op verzoek van de commissie dit onderzoek
                                    houden.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al id="anker-H39888_0_3_13_30_"> De uit het nader onderzoek
                                    verkregen informatie wordt in afschrift aan de leden van de
                                    commissie, het college en de belanghebbenden toegezonden.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al id="anker-H39888_0_3_13_31_"> De leden, het college en de
                                    belanghebbenden kunnen binnen een week na verzending van de in
                                    het eerste lid bedoelde nadere informatie aan de voorzitter een
                                    verzoek richten tot het beleggen van een nieuwe hoorzitting. De
                                    voorzitter beslist omtrent een dergelijk verzoek.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al id="anker-H39888_0_3_13_32_"> Op een nieuwe hoorzitting, als
                                    bedoeld in het derde lid, zijn de bepalingen in deze
                                    verordening, die betrekking hebben op de hoorzitting zoveel
                                    mogelijk van overeenkomstige toepassing.</al></lid><lid><lidnr/><al/></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Raadkamer en advies</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al id="anker-H39888_0_3_14_33_"> De commissie beraadslaagt en
                                    beslist achter gesloten deuren over het door haar uit te brengen
                                    advies.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al id="anker-H39888_0_3_14_34_"> De commissie beslist bij
                                    meerderheid van stemmen over het uit te brengen advies.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al id="anker-H39888_0_3_14_35_"> Indien bij een stemming de stemmen
                                    staken dan beslist de stem van de voorzitter.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al id="anker-H39888_0_3_14_36_"> Van een minderheidsstandpunt wordt
                                    bij het advies melding gemaakt, indien die minderheid dat
                                    verlangt.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al id="anker-H39888_0_3_14_37_"> Het advies is gemotiveerd en omvat
                                    een voorstel voor de te nemen beslissing op het
                                    bezwaarschrift.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al id="anker-H39888_0_3_14_38_"> Het advies wordt door de
                                    voorzitter en de secretaris van de commissie ondertekend.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr><titel>Quorum en uitbrengen advies</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al id="anker-H39888_0_3_15_39_"> Voor het uitbrengen van een advies
                                    is vereist, dat de meerderheid van het aantal leden, waaronder
                                    in ieder geval de voorzitter dan wel zijn plaatsvervanger, ter
                                    vergadering aanwezig is.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al id="anker-H39888_0_3_15_40_"> Het advies wordt, onder
                                    medezending van het verslag als bedoeld in artikel 12 en
                                    eventueel door de commissie ontvangen nadere informatie, tijdig
                                    uitgebracht aan het college. </al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>4</nr><titel>Overgangs- en slotbepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16</nr><titel>Rapportage</titel></kop><al>De commissie brengt jaarlijks aan het college een openbare
                                rapportage uit over haar werkzaamheden en bevindingen. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17</nr><titel>Presentiegeld</titel></kop><al>De commissieleden ontvangen presentiegeld overeenkomstig het Besluit
                                onkostenvergoedingen bestuursleden. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>18</nr><titel>Afwijkende zittingsduur</titel></kop><al>Na afloop van de huidige zittingstermijn in 2003 kunnen maximaal
                                twee leden van de bezwarencommissie éénmalig voor een tweede
                                herbenoeming worden voorgedragen. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>19</nr><titel>Inwerkingtreding en citeertitel</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al id="anker-H39888_0_4_19_41_"> Deze verordening treedt in werking
                                    acht dagen na bekendmaking.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al id="anker-H39888_0_4_19_42_"> Deze verordening kan worden
                                    aangehaald als: " Verordening behandeling bezwaren
                                    Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden".</al></lid></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgesteld in de openbare vergadering op 21 februari
                        2001. </ondertekening><ondertekening/><ondertekening>ir. D. Vergunst, voorzitter. </ondertekening><ondertekening/><ondertekening>mr. D. Wijtmans, secretaris.</ondertekening></regeling-sluiting><nota-toelichting><kop><titel>Artikelsgewijze toelichting</titel></kop><al>Onderstaand zal op diverse artikelen van de verordening een
                                toelichting worden gegeven. Een aantal artikelen spreekt voor zich
                                en behoeft geen nadere toelichting. Hieraan zal dan ook geen verdere
                                aandacht worden besteed.</al><al>De Awb geeft in de artikelen 1:1 tot en met 1:5 een aantal
                                begripsomschrijvingen die binnen het gehele bestuursrecht van
                                toepassing is. De daar omschreven begrippen hoeven in de onderhavige
                                verordening dan ook niet te worden beschreven. Het begrip "
                                bestuursorgaan" dat in artikel 1:1, eerste lid Awb wordt omschreven,
                                wordt in artikel 1, onder c van de Verordening nader geconcretiseerd
                                in die zin dat de Verordening uitsluitend ziet op besluiten die door
                                het college van dijkgraaf en hoogheemraden worden
                                genomen.Gehandhaafd is de instelling van een vaste adviescommissie
                                voor de behandeling van bezwaren, ingediend in het kader van zaken
                                die de kwaliteitstaak van het waterschap betreffen en die de
                                kwantiteitstaak, waterkeringenbeheer en vaarwegbeheer betreffen. In
                                de verordening is opgenomen dat de commissie niet adviseert over
                                bezwaren die liggen op het terrein van de personele aangelegenheden,
                                de belastingwetgeving en de schadevorderingen op publiekrechtelijke
                                grondslag. </al><al>Voor zaken die het waterschap als werkgever betreffen (zoals
                                arbeidsvoorwaarden en rechtspositionele zaken) blijft de bestaande
                                ad hoc-commissie gehandhaafd; de belastingwetgeving kent een eigen
                                Awb traject en voor de schadevorderingen zal t.z.t. een
                                schadebeoordelingscommissie worden ingesteld.De formeel wettelijke
                                grondslag voor het instellen van een onafhankelijke adviescommissie
                                voor de voorbereiding van beslissingen op bezwaren, is vervat in
                                artikel 7:13 Awb. Het belangrijkste kenmerk hiervan is dat er sprake
                                is van een onafhankelijke voorzitter. Deze laatste wijze van horen
                                biedt de beste waarborg voor een onafhankelijke behandeling van
                                bezwaarschriften en blijkt in de praktijk een aanzienlijke
                                zeeffunctie te vervullen op het instellen van beroep bij de
                                administratieve rechter. De wijze waarop wordt gehoord kan door het
                                college zelf worden bepaald. In de onderhavige verordening zijn dan
                                ook daaromtrent bepalingen opgenomen. </al><al>De keuze voor een onafhankelijke commissie, dus met in ieder geval
                                een voorzitter en bij voorkeur ook leden die geen deel uitmaken van
                                en niet werkzaam zijn onder verantwoordelijkheid van het waterschap,
                                is gehandhaafd. </al><al>Artikel 1 Begripsomschrijvingen </al><al>Artikel 2 Instelling bezwarencommissie </al><al>Artikel 3 Samenstelling bezwarencommissie </al><al>Voor wat betreft de benoeming van de leden door het college van
                                dijkgraaf en hoogheemraden wordt opgemerkt dat het algemeen bestuur
                                in zijn vergadering van 20 december 1995 heeft besloten de
                                bevoegdheid tot het benoemen van leden en plaatsvervangende leden
                                van de bezwarencommissie te delegeren aan het college voornoemd.
                                Aangezien deze bevoegdheid thans is de verordening zelf is
                                opgenomen, is dit delegatiebesluit hierbij vervallen.</al><al>["thans is" moet zijn "thans in"]</al><al>In de verordening is bepaald dat er jaarlijks een vergaderschema
                                wordt opgesteld (zie artikel 8). Op het moment dat er bij het
                                waterschap een bezwaarschrift wordt ontvangen , worden
                                belanghebbende en het college zelf schriftelijk op de hoogte gesteld
                                van de datum van de eerstvolgende zitting. Dat geeft betrokkenen
                                voldoende tijd om zich voor te bereiden op de zitting en eventueel
                                tot 10 dagen voor de zitting nadere stukken in te dienen. Overigens
                                is voorzien in de mogelijkheid om uitstel van de zitting te
                                verzoeken. Dit betekent in concreto dat het betreffende
                                bezwaarschrift in de volgende zitting (conform het vergaderschema)
                                zal worden behandeld. </al><al>Ingevolge artikel 7:5, tweede lid, Awb besluit het bestuursorgaan of
                                het horen in het openbaar plaatsvindt, tenzij bij wettelijke
                                regeling anders is bepaald. De onderhavige verordening bepaalt dat
                                het horen in principe in het openbaar plaatsvindt. (Partiële)
                                uitzondering op deze regel blijft mogelijk, bijvoorbeeld ingeval
                                bijzondere persoonlijke zaken van familiaire, medische of financiële
                                aard, danwel andere zaken met een vertrouwelijk karakter aan de orde
                                komen. Overigens dient de zitting te worden onderscheiden van de
                                beraadslaging, die altijd achter gesloten deuren plaats heeft (zie
                                artikel 14).Artikel 7:7 Awb bepaalt dat van het horen een verslag
                                wordt gemaakt, maar stelt geen inhoudelijke eisen aan de
                                verslaglegging. Deze eisen worden in de onderhavige bepaling
                                gesteld. Ingevolge artikel 7:13, zesde lid, Awb maakt het verslag
                                deel uit van het advies van de commissie aan het bestuursorgaan (
                                zie ook artikel 15, tweede lid).Een nader onderzoek kan feiten of
                                omstandigheden aan het licht brengen die op het moment van de
                                zitting nog niet bekend waren. Dit kan aanleiding zijn om
                                belanghebbenden en het college opnieuw te horen. De onderhavige
                                bepaling voorziet in de mogelijkheid de commissie te verzoeken
                                daartoe een nieuwe zitting te houden. Artikel 7:9 Awb bepaalt dat,
                                indien het in vorenbedoeld geval feiten of omstandigheden betreft
                                die voor de op het bezwaar te nemen beslissing van aanmerkelijk
                                belang kunnen zijn, dit aan belanghebbenden wordt meegedeeld en zij
                                in de gelegenheid worden gesteld daarover te worden gehoord.De
                                rapportage van de commissie is openbaar. Volstaan is thans met het
                                opnemen van de bepaling dat de commissie deze rapportage aan het
                                college uitbrengt. Mocht het college van oordeel zijn dat de
                                rapportage ook aan het algemeen bestuur dient te worden voorgelegd,
                                dan kan daarover een afzonderlijk besluit worden genomen.In dit
                                artikel is geregeld dat maximaal twee leden van de thans
                                functionerende bezwarencommissie in 2003 nog éénmaal voor een
                                herbenoeming in aanmerking komen. De huidige leden van de commissie
                                zijn namelijk al een keer voor herbenoeming voorgedragen (t.w. in
                                1999) en zouden –gelet op het gestelde in artikel 4 van deze
                                verordening- niet meer voor herbenoeming in aanmerking komen. </al><al>Gezien het feit dat wij het belangrijk vinden dat de continuiteit in
                                de werkzaamheden van de commissie gewaarborgd wordt, hebben wij dit
                                artikel als overgangsbepaling opgenomen. </al><al>Artikel 9 Uitnodiging zitting </al><al>Artikel 11 Openbaarheid van de zitting </al><al>Artikel 12 Verslaglegging zitting </al><al>Artikel 13 Nader onderzoek </al><al>Artikel 16 Rapportage </al><al>Artikel 18. Afwijkende zittingsduur </al><al>["continuiteit" moet zijn "continuïteit"]</al><al>In titel III, hoofdstuk IX, paragraaf 5, Waterschapswet is de
                                bekendmaking en inwerkingtreding van besluiten die algemeen
                                verbindende regels inhouden geregeld. Ingevolge artikel 74
                                Waterschapswet treden dergelijke besluiten in werking met ingang van
                                de achtste dag na die van bekendmaking, tenzij in deze besluiten
                                daarvoor een ander tijdstip is aangewezen, in welke mogelijkheid de
                                onderhavige bepaling voorziet. </al><al>Artikel 19 Inwerkingtreding en citeertitel </al></nota-toelichting></regeling></body></cvdr>