<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR271741_2</dcterms:identifier><dcterms:title>Reglement van orde voor de verenigde vergadering van Schieland en de Krimpenerwaard</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Waterschap">Hoogheemraadschap van Schieland en de Krimpenerwaard</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-02-13</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Waterschap">Hoogheemraadschap van Schieland en de Krimpenerwaard</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">IJssel- en Lekstreek, week 3 van 2009</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Reglement van orde voor de verenigde vergadering van Schieland en de Krimpenerwaard 2009</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Waterschapswet">Waterschapswet, </dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanWaterschap">algemeen bestuur</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2009-01-08</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2009-01-08</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2015-07-11</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>d.d. 09.12.2008</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>bestuur – waterschappen</overheidrg:onderwerp><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al><al>Datum ondertekening inwerkingtredingsbesluit: 8-1-2009</al><al>Bron bekendmaking inwerkingtredingsbesluit: IJssel- en Lekstreek, week 3 van 2009</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Reglement van orde voor de verenigde vergadering van Schieland en de Krimpenerwaard</intitule><regeling><aanhef><preambule><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><titel>Reglement van orde voor de verenigde vergadering van Schieland en de
                            Krimpenerwaard 2009</titel></kop><paragraaf><kop><titel>Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen</titel></kop><artikel><kop><titel>Artikel 1 Begripsomschrijvingen</titel></kop><al>In dit reglement wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>voorzitter: de voorzitter van het algemeen bestuur of diens
                                        plaatsvervanger; </al></li><li nr="b."><al>amendement: voorstel tot wijziging van een
                                        ontwerp-verordening of ontwerp-beslissing, naar de vorm
                                        geschikt om daarin direct te worden opgenomen; </al></li><li nr="c."><al>subamendement: voorstel tot wijziging van een aanhangig
                                        amendement, naar de vorm geschikt om direct te worden
                                        opgenomen in het amendement, waarop het betrekking heeft;
                                    </al></li><li nr="d."><al>motie: korte en gemotiveerde verklaring over een onderwerp
                                        waardoor een oordeel, wens of verzoek wordt uitgesproken;
                                    </al></li><li nr="e."><al>voorstel van orde: voorstel betreffende de orde van de
                                        vergadering; </al></li><li nr="f."><al>initiatiefvoorstel: een voorstel voor een verordening of een
                                        ander voorstel; </al></li><li nr="g."><al>interpellatie: vraag om inlichtingen in een vergadering van
                                        het algemeen bestuur over enig punt van algemeen
                                        waterschapsbelang; </al></li><li nr="h."><al>secretaris: de secretaris-directeur of de door het dagelijks
                                        bestuur daartoe aangewezen plaatsvervangend secretaris.
                                    </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 2 De voorzitter</titel></kop><al>De voorzitter is belast met:</al><lijst><li nr="a."><al>het leiden van de vergadering; </al></li><li nr="b."><al>het handhaven van de orde; </al></li><li nr="c."><al>het doen naleven van het reglement van orde; </al></li><li nr="d."><al>hetgeen de Waterschapswet, het Waterschapsbesluit of dit
                                        reglement hem verder opdraagt. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 3 De secretaris</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al id="anker-H77592_0_1_3_1_">De secretaris is in elke vergadering
                                    van het algemeen bestuur aanwezig. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al id="anker-H77592_0_1_3_2_">De secretaris kan, indien daartoe door
                                    de voorzitter uitgenodigd, aan de beraadslagingen als bedoeld in
                                    dit reglement deelnemen. </al></lid></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 4 Voorbereiding besluitvorming verenigde vergadering;
                                    commissies </titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al id="anker-H77592_0_1_4_3_"> Het algemeen bestuur besluit tot de
                                    instelling van een of meer vaste commissies voor advies dan wel
                                    tot de instelling van een andere vorm van overleg, ter
                                    voorbereiding van de besluitvorming over voorstellen aan het
                                    algemeen bestuur. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al id="anker-H77592_0_1_4_4_"> Het algemeen bestuur kan bijzondere
                                    of tijdelijke commissies instellen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al id="anker-H77592_0_1_4_5_"> Bij het besluit tot instelling van
                                    een commissie worden samenstelling, taak en werkwijze geregeld.
                                </al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al id="anker-H77592_0_1_4_6_"> Het algemeen bestuur stelt voor de
                                    vergaderingen van commissies of andere overlegvormen zoals
                                    bedoeld in lid 1 een reglement van orde vast.</al></lid></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><titel>Hoofdstuk 2 Toelating van nieuwe leden; benoeming leden dagelijks
                                bestuur; fracties</titel></kop><artikel><kop><titel>Artikel 5 Onderzoek geloofsbrieven; beëdiging</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al id="anker-H77592_0_2_5_7_"> Bij elke benoeming van nieuwe leden
                                    van het algemeen bestuur stelt het algemeen bestuur op
                                    voordracht van de voorzitter een commissie in bestaande uit drie
                                    leden van het algemeen bestuur. De commissie onderzoekt de
                                    geloofsbrieven, de daarop betrekking hebbende stukken van nieuw
                                    benoemde leden en het proces-verbaal van het stembureau. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al id="anker-H77592_0_2_5_8_"> De commissie brengt na haar
                                    onderzoek van de geloofsbrieven verslag uit aan het algemeen
                                    bestuur en doet daarbij een voorstel voor een besluit. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al id="anker-H77592_0_2_5_9_"> Het algemeen bestuur beslist
                                    terstond over de toelating, tenzij wegens onvolledigheid of
                                    onduidelijkheid van de stukken tot verdaging wordt
                                    besloten.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al id="anker-H77592_0_2_5_10_"> Na een verkiezing als bedoeld in
                                    paragraaf 2 van hoofdstuk 4 van de Waterschapswet roept de
                                    voorzitter de toegelaten leden van het algemeen bestuur op om in
                                    de eerste vergadering van het algemeen bestuur in nieuwe
                                    samenstelling, de voorgeschreven eed of verklaring en belofte af
                                    te leggen.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al id="anker-H77592_0_2_5_11_"> In geval van een tussentijdse
                                    vacaturevervulling roept de voorzitter een nieuw benoemd lid van
                                    het algemeen bestuur op voor de vergadering van het algemeen
                                    bestuur waarin over diens toelating wordt beslist om de
                                    voorgeschreven eed of verklaring en belofte af te leggen.</al></lid></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 6 Benoeming leden dagelijks bestuur</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al id="anker-H77592_0_2_6_12_"> De verkiezing van de leden van het
                                    dagelijks bestuur vindt direct plaats na het afleggen van de eed
                                    of verklaring en belofte bedoeld in artikel 7, vierde lid.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al id="anker-H77592_0_2_6_13_"> Het algemeen bestuur stelt met in
                                    achtneming van het bepaalde in de Waterschapswet en het
                                    Reglement vast uit hoeveel leden het dagelijks bestuur
                                    bestaat.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al id="anker-H77592_0_2_6_14_"> De fractievoorzitter meldt voor
                                    zijn of haar fractie de naam van zijn kandidaat of de namen van
                                    zijn kandidaten aan de voorzitter, die daarvan mededeling doet
                                    aan het algemeen bestuur.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al id="anker-H77592_0_2_6_15_"> Het algemeen bestuur besluit over
                                    de volgorde van de stemmingen voor de zetels van de categorie
                                    ingezetenen en de zetel of zetels voor de categorieën ongebouwd,
                                    natuurterreinen en bedrijven gezamenlijk. Indien er evenveel
                                    kandidaten zijn als door de desbetreffende categorieën te
                                    vervullen plaatsen, worden alle kandidaten als benoemd door het
                                    algemeen bestuur verklaard.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al id="anker-H77592_0_2_6_16_"> Bij de benoeming van een lid van
                                    het dagelijks bestuur van buiten de kring van het algemeen
                                    bestuur wordt overeenkomstig artikel 5, eerste lid, een
                                    commissie ingesteld welke onderzoekt of de kandidaat voldoet aan
                                    de eisen van de Waterschapswet. De werkwijze van deze commissie
                                    is overeenkomstig artikel 5, tweede lid. </al></lid></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 7 Fracties</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al id="anker-H77592_0_2_7_17_"> De leden van het algemeen bestuur
                                    die door het stembureau op dezelfde kandidatenlijst verkozen
                                    zijn verklaard, alsmede de leden van het algemeen bestuur die
                                    zijn benoemd overeenkomstig artikel 14, eerste, tweede en derde
                                    lid, van de Waterschapswet worden bij de aanvang van de zitting
                                    als één fractie beschouwd. Is onder een lijst slechts één lid
                                    verkozen respectievelijk voor een categorie van belanghebbenden
                                    slechts één lid benoemd, dan wordt dit lid als een afzonderlijke
                                    fractie beschouwd.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al id="anker-H77592_0_2_7_18_"> De fractie voert in het algemeen
                                    bestuur als naam de aanduiding die boven de kandidatenlijst was
                                    geplaatst, respectievelijk de naam “Ongebouwd”,
                                    ”Natuurterreinen” of “Bedrijven”. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al id="anker-H77592_0_2_7_19_"> De namen van degenen die als
                                    voorzitter van de fractie en als diens plaatsvervanger optreden
                                    worden zo spoedig mogelijk doorgegeven aan de voorzitter. Zolang
                                    deze namen nog niet zijn doorgegeven worden voor de categorie
                                    Ingezetenen de lijsttrekkers geacht voorzitter te zijn en voor
                                    respectievelijk de categorieën “Ongebouwd”, “Natuurterreinen” en
                                    “Bedrijven” de oudste in leeftijd.</al></lid><lid><lidnr>4.a.</lidnr><al> Indien: </al><al> - één of meer leden van een fractie als zelfstandige fractie
                                    gaan optreden; </al><al> - twee of meer fracties als één fractie gaan optreden; </al><al> - één of meer leden van een fractie zich aansluiten bij een
                                    andere fractie; </al><al> wordt hiervan zo spoedig mogelijk schriftelijk mededeling
                                    gedaan aan de voorzitter.</al><al>b. Met de onder a beschreven veranderde situatie wordt rekening
                                    gehouden met ingang van de eerstvolgende vergadering van het
                                    algemeen bestuur na de mededeling daarvan.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al id="anker-H77592_0_2_7_21_"> Het algemeen bestuur beslist of en
                                    zo ja op welke wijze de fracties door het waterschap worden
                                    ondersteund.</al></lid></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><titel>Hoofdstuk 3 Vergaderingen</titel></kop><structuurtekst><al/></structuurtekst></paragraaf><paragraaf><kop><titel>Paragraaf 1 Tijdstip van vergaderen; voorbereidingen</titel></kop><artikel><kop><titel>Artikel 8 Vergaderfrequentie</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al id="anker-H77592_0_4_8_22_"> Het algemeen bestuur vergadert ten
                                    minste 4 maal per jaar, in beginsel te Rotterdam. Het algemeen
                                    bestuur stelt uiterlijk in de laatste vergadering van een jaar
                                    het vergaderschema vast voor het volgende jaar.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al id="anker-H77592_0_4_8_23_"> De voorzitter kan in bijzondere
                                    gevallen een andere dag en aanvangsuur bepalen of een andere
                                    vergaderplaats aanwijzen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al id="anker-H77592_0_4_8_24_"> Ingeval de voorzitter of het
                                    dagelijks bestuur dat nodig oordelen of één vijfde van het
                                    aantal zitting hebbende leden schriftelijk, met opgave van
                                    redenen, om een vergadering verzoekt, wordt deze vergadering
                                    binnen 14 dagen belegd.</al></lid></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 9 Oproep</titel></kop><al>De voorzitter zendt ten minste 10 dagen voor een vergadering,
                                spoedeisende gevallen uitgezonderd, de leden van het algemeen
                                bestuur een schriftelijke oproep onder vermelding van dag, tijdstip
                                en plaats van de vergadering. </al><al>De voorlopige agenda en de daarbij behorende stukken, met
                                uitzondering van de in artikel 37, eerste en tweede lid, van de
                                Waterschapswet bedoelde stukken, worden tegelijkertijd met de
                                schriftelijke oproep aan de leden van het algemeen bestuur
                                verzonden.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 10 Agenda</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al id="anker-H77592_0_4_10_25_"> Bij aanvang van de vergadering
                                    stelt het algemeen bestuur de agenda vast. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al id="anker-H77592_0_4_10_26_"> Op voorstel van een lid van het
                                    algemeen bestuur of de voorzitter kan het algemeen bestuur bij
                                    de vaststelling van de agenda onderwerpen aan de agenda
                                    toevoegen, de volgorde van de behandeling van de agendapunten
                                    wijzigen of agendapunten van de agenda afvoeren. </al></lid></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 11 Ter inzage leggen van stukken</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al id="anker-H77592_0_4_11_27_"> Stukken, die ter toelichting van
                                    de onderwerpen of voorstellen op de agenda dienen, worden
                                    gelijktijdig met het verzenden van de schriftelijke oproep voor
                                    een ieder op het kantoor van het waterschap ter inzage gelegd.
                                    Indien na het verzenden van de schriftelijke oproep stukken ter
                                    inzage worden gelegd, wordt hiervan mededeling gedaan aan de
                                    leden van het algemeen bestuur en zo mogelijk in een openbare
                                    kennisgeving. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al id="anker-H77592_0_4_11_28_"> Een origineel van een ter inzage
                                    gelegd stuk wordt niet buiten het kantoor van het waterschap
                                    gebracht. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al id="anker-H77592_0_4_11_29_"> Indien omtrent stukken op grond
                                    van artikel 37, eerste of tweede lid, van de Waterschapswet
                                    geheimhouding is opgelegd, blijven deze stukken in afwijking van
                                    het eerste lid, onder berusting van de secretaris en verleent
                                    deze de leden van het algemeen bestuur inzage. </al></lid></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 12 Openbare kennisgeving</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al id="anker-H77592_0_4_12_30_"> De vergadering wordt door
                                    aankondiging in één of meer dag-, nieuws-, of
                                    huis-aan-huisbladen, op de voor afkondigingen in het waterschap
                                    gebruikelijke wijze en door plaatsing op de website van het
                                    waterschap openbaar gemaakt. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al> De openbare kennisgeving vermeldt: </al><al>1. de datum, aanvangstijd en plaats, alsmede de voorlopige
                                    agenda van de vergadering; </al><al>2. de wijze waarop en de plaats waar een ieder de bij de
                                    vergadering behorende stukken kan inzien; </al></lid></artikel><artikel><kop><titel>3. De voorlopige agenda en de daarbij behorende stukken
                                    worden, indien digitaal beschikbaar, op de website van het
                                    waterschap geplaatst. </titel></kop><al/><al/></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><titel>Paragraaf 2 Orde der vergadering</titel></kop><artikel><kop><titel>Artikel 13 Presentielijst</titel></kop><al>Bij binnenkomst in de vergaderzaal tekent ieder lid van het algemeen
                                bestuur de presentielijst. De secretaris draagt zorg voor het
                                bijhouden van de presentielijst. Aan het einde van elke vergadering
                                wordt die lijst door de voorzitter en de secretaris door
                                ondertekening vastgesteld.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 14 Zitplaatsen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al id="anker-H77592_0_5_15_32_"> De voorzitter, de leden van het
                                    algemeen en dagelijks bestuur en de secretaris hebben een vaste
                                    zitplaats, door de voorzitter bij aanvang van iedere nieuwe
                                    zittingsperiode van het algemeen bestuur aangewezen. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al id="anker-H77592_0_5_15_33_"> Indien daartoe aanleiding bestaat,
                                    kan de voorzitter de indeling herzien. </al></lid></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 15 Opening vergadering; quorum</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al id="anker-H77592_0_5_16_34_"> De voorzitter opent de vergadering
                                    op het vastgestelde uur, indien meer dan de helft van het aantal
                                    leden van het algemeen bestuur blijkens de presentielijst
                                    aanwezig is. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al id="anker-H77592_0_5_16_35_"> Wanneer een kwartier na het
                                    vastgestelde tijdstip niet het vereiste aantal leden aanwezig
                                    is, bepaalt de voorzitter, na voorlezing van de namen der
                                    afwezige leden, de dag en het uur van de volgende vergadering.
                                </al></lid></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 16 Begin bij hoofdelijke stemming</titel></kop><al>Alvorens de aangekondigde onderwerpen aan de orde te stellen deelt
                                de voorzitter mede bij welk lid van het algemeen bestuur, de
                                hoofdelijke stemming zal beginnen. Daartoe wordt bij loting een
                                volgnummer van de presentielijst aangewezen; bij het daar genoemde
                                lid begint de hoofdelijke stemming.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 17 Verslag en besluitenlijst</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al> De secretaris draagt zorg voor, in beginsel, een integrale
                                    opname en digitaal verslag van de vergadering en </al><al>- de aanwezigheidslijst- </al><al>- de tekst van de ter vergadering ingediende
                                    initiatiefvoorstellen, voorstellen van orde, moties,
                                    amendementen en subamendementen en </al><al>- de besluitenlijst van de vergadering.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al id="anker-H77592_0_5_18_37_"> Het digitaal verslag van de
                                    voorgaande vergadering is digitaal te beluisteren en te
                                    downloaden voor eenieder via de website van het
                                    hoogheemraadschap. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al id="anker-H77592_0_5_18_38_"> Uiterlijk één week na de
                                    vergadering is het digitale verslag beschikbaar. Van de
                                    beschikbaarheid van het digitale verslag op de website van het
                                    hoogheemraadschap worden de leden van het algemeen bestuur en
                                    overige personen die het woord gevoerd tijdens de vergadering
                                    per e-mailbericht op de hoogte gebracht. </al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al> In het digitale verslag kan worden geselecteerd op ten minste: </al><al>- agendapunten en overige zaken die aan de orde zijn geweest en; </al><al>- de namen van de aanwezigen die het woord voerden (sprekers)
                                    en; </al><al>- een specifieke vermelding van de agendapunten waar een
                                    stemming aan de orde was en een overzicht van het verloop van
                                    elke stemming</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al id="anker-H77592_0_5_18_40_"> Het onder 1. gestelde wordt
                                    uiterlijk een week na de vergadering beschikbaar gesteld. </al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al id="anker-H77592_0_5_18_41_"> Voor zover de aard en de inhoud
                                    van de besluitvorming zich daartegen niet verzet, wordt de
                                    besluitenlijst openbaar gemaakt door plaatsing in één of meer
                                    dag-, nieuws-, of huis-aan-huisbladen, of op de voor
                                    afkondigingen in het waterschap gebruikelijke wijze en door
                                    plaatsing op de website van het waterschap.</al></lid></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 18 Ingekomen stukken</titel></kop><al>Bij het algemeen bestuur ingekomen stukken, waaronder schriftelijke
                                mededelingen van het dagelijks bestuur aan het algemeen bestuur,
                                worden op een lijst geplaatst. Deze lijst wordt aan de leden van het
                                algemeen bestuur toegezonden en ter inzage gelegd. </al><al>Het algemeen bestuur stelt, op voorstel van het dagelijks bestuur of
                                de voorzitter, de wijze van afdoening van de ingekomen stukken
                                vast.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 19 Aantal spreektermijnen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al id="anker-H77592_0_5_20_42_"> De beraadslaging over een
                                    onderwerp of voorstel geschiedt in ten hoogste twee termijnen,
                                    tenzij het algemeen bestuur anders beslist.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al id="anker-H77592_0_5_20_43_"> Elke spreektermijn wordt door de
                                    voorzitter afgesloten.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al id="anker-H77592_0_5_20_44_"> Een lid mag in een termijn niet
                                    meer dan één maal het woord voeren over hetzelfde onderwerp of
                                    voorstel.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al> Het derde lid is niet van toepassing op: </al><al>a. de rapporteur van een commissie; </al><al>b. het lid dat een (sub)amendement, een motie of een
                                    initiatiefvoorstel heeft ingediend, voor wat betreft dat
                                    amendement, die motie of dat voorstel.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al id="anker-H77592_0_5_20_46_"> Bij de bepaling hoeveel malen een
                                    lid over hetzelfde onderwerp of voorstel het woord heeft
                                    gevoerd, wordt niet meegerekend het spreken over een voorstel
                                    van orde.</al></lid></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 20 Spreektijd</titel></kop><al>Op voorstel van de voorzitter of een lid van het algemeen bestuur
                                kan het algemeen bestuur voor daarbij te bepalen onderwerpen de
                                spreektijd per fractie vaststellen.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 21 Inspreekrecht</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al id="anker-H77592_0_5_22_47_"> Na de opening van de vergadering
                                    stelt de voorzitter aanwezige burgers op hun verzoek in de
                                    gelegenheid in de vergadering het woord voeren, zulks met
                                    inachtneming van de volgende bepalingen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al id="anker-H77592_0_5_22_48_"> Degene die van het spreekrecht
                                    gebruik wil maken, meldt dit voor de aanvang van de vergadering
                                    aan de voorzitter of de secretaris onder vermelding van het
                                    onderwerp of agendapunt. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al id="anker-H77592_0_5_22_49_"> De voorzitter geeft het woord op
                                    volgorde van aanmelding. De voorzitter kan van de volgorde
                                    afwijken, indien dit in het belang is van de orde van de
                                    vergadering. De voorzitter kan de vergadering voorstellen de
                                    inspreker het woord te geven direct voorafgaande aan de
                                    behandeling van het agendapunt waarover de inspreker het woord
                                    wil voeren.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al id="anker-H77592_0_5_22_50_"> Elke inspreker krijgt maximaal
                                    vijf minuten het woord. De totale spreektijd voor de insprekers
                                    is maximaal dertig minuten. De voorzitter verdeelt de spreektijd
                                    evenredig over de sprekers als er meer dan zes sprekers zijn. De
                                    voorzitter kan tevens in bijzondere gevallen afwijken van de
                                    maximale lengte van de spreektijd</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al id="anker-H77592_0_5_22_51_"> De inspreker voert het woord nadat
                                    de voorzitter hem dit heeft verleend. </al></lid></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 22 Handhaving orde; schorsing</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al> Een spreker mag in zijn betoog niet worden gestoord, tenzij </al><al>a. de voorzitter het nodig oordeelt hem aan het opvolgen van dit
                                    reglement te herinneren; </al><al>b. een lid hem interrumpeert. De voorzitter kan bepalen dat de
                                    spreker zonder verdere interrupties zijn betoog zal
                                    afronden.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al id="anker-H77592_0_5_23_53_"> Indien een spreker, zich
                                    beledigende of onbetamelijke uitdrukkingen veroorlooft, afwijkt
                                    van het in behandeling zijnde onderwerp, een andere spreker
                                    herhaaldelijk interrumpeert, dan wel anderszins de orde
                                    verstoort, wordt hij door de voorzitter tot de orde geroepen.
                                    Indien de betreffende spreker, hieraan geen gevolg geeft, kan de
                                    voorzitter hem gedurende de vergadering, waarin zulks plaats
                                    heeft, over het aanhangige onderwerp het woord ontzeggen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al id="anker-H77592_0_5_23_54_"> De voorzitter kan ter handhaving
                                    van de orde de vergadering voor een door hem te bepalen tijd
                                    schorsen en - indien na de heropening de orde opnieuw wordt
                                    verstoord - de vergadering sluiten.</al></lid></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 23 Beraadslaging</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al id="anker-H77592_0_5_24_55_"> Het algemeen bestuur kan op
                                    voorstel van de voorzitter of een lid van het algemeen bestuur
                                    beslissen over één of meer onderdelen van een onderwerp of
                                    voorstel afzonderlijk te beraadslagen. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al id="anker-H77592_0_5_24_56_"> Op verzoek van een lid van het
                                    algemeen bestuur of op voorstel van de voorzitter kan het
                                    algemeen bestuur besluiten de beraadslaging voor een door hem te
                                    bepalen tijd te schorsen teneinde het dagelijks bestuur of de
                                    leden de gelegenheid te geven tot onderling nader beraad. De
                                    beraadslagingen worden hervat nadat de schorsingsperiode
                                    verstreken is. </al></lid></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 24 Deelname aan de beraadslaging door anderen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al id="anker-H77592_0_5_25_57_"> Het algemeen bestuur kan bepalen
                                    dat anderen dan de in de vergadering aanwezige leden van het
                                    algemeen- en dagelijks bestuur deelnemen aan de beraadslaging.
                                </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al id="anker-H77592_0_5_25_58_"> Een beslissing daartoe wordt op
                                    voorstel van de voorzitter of één der leden van het algemeen
                                    bestuur genomen alvorens met de beraadslaging ten aanzien van
                                    het aan de orde zijnde agendapunt een aanvang wordt genomen.
                                </al></lid></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 25 Stemverklaring</titel></kop><al>Na het sluiten van de beraadslaging en voordat het algemeen bestuur
                                tot stemming overgaat, heeft ieder lid het recht zijn stemgedrag te
                                motiveren. </al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 26 Beslissing</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al id="anker-H77592_0_5_27_59_"> Wanneer de voorzitter vaststelt
                                    dat een onderwerp of voorstel voldoende is toegelicht, sluit hij
                                    de beraadslaging, tenzij het algemeen bestuur anders beslist.
                                </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al id="anker-H77592_0_5_27_60_"> Nadat de beraadslaging is gesloten
                                    vindt, na een stemming over eventuele amendementen, de stemming
                                    plaats over het voorstel, zoals het dan luidt, in zijn geheel
                                    tenzij geen stemming wordt gevraagd. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al id="anker-H77592_0_5_27_61_"> Voordat de stemming over het
                                    voorstel in zijn geheel plaatsvindt, formuleert de voorzitter
                                    het voorstel over de te nemen eindbeslissing. </al></lid></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><titel>Paragraaf 3 Procedures bij stemmingen</titel></kop><artikel><kop><titel>Artikel 27 Algemene bepalingen over stemming</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al id="anker-H77592_0_6_28_62_"> De voorzitter vraagt of stemming
                                    wordt verlangd. Indien geen stemming wordt gevraagd en ook de
                                    voorzitter dit niet verlangt, stelt de voorzitter vast dat het
                                    voorstel zonder stemming is aangenomen. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al id="anker-H77592_0_6_28_63_"> In de vergadering aanwezige leden
                                    kunnen aantekening in het verslag vragen, dat zij geacht willen
                                    worden te hebben tegengestemd of zich op grond van artikel 38a
                                    Waterschapswet van stemming te hebben onthouden. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al id="anker-H77592_0_6_28_64_"> Indien door een of meer leden
                                    stemming wordt gevraagd, doet de voorzitter daarvan mededeling.
                                </al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al id="anker-H77592_0_6_28_65_"> Stemming vindt plaats bij
                                    handopsteking, tenzij de voorzitter of één der leden hoofdelijke
                                    stemming verlangt. </al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al id="anker-H77592_0_6_28_66_"> De voorzitter verzoekt eerst de
                                    leden die voor zijn een hand op te steken; daarna verzoekt hij
                                    de leden die tegen zijn een hand op te steken. Wanneer de
                                    uitslag naar het oordeel van de voorzitter of slechts één lid
                                    niet duidelijk is, geschiedt alsnog stemming bij hoofdelijke
                                    oproeping. </al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al id="anker-H77592_0_6_28_67_"> Bij hoofdelijke stemming roept de
                                    voorzitter (of de secretaris) de leden van het algemeen bestuur
                                    bij naam op hun stem uit te brengen. De stemming begint bij het
                                    lid dat daarvoor overeenkomstig artikel 18 is aangewezen.
                                    Vervolgens geschiedt de oproeping naar de volgorde van de
                                    presentielijst. </al></lid><lid><lidnr>7.</lidnr><al id="anker-H77592_0_6_28_68_"> Bij hoofdelijke stemming is ieder
                                    ter vergadering aanwezig lid dat zich niet van deelneming aan de
                                    stemming op grond van artikel 38a Waterschapswet moet onthouden
                                    verplicht zijn stem uit te brengen. </al></lid><lid><lidnr>8.</lidnr><al id="anker-H77592_0_6_28_69_"> De leden brengen hun stem uit door
                                    het woord ‘voor’ of ‘tegen’ uit te spreken, zonder enige
                                    toevoeging. </al></lid><lid><lidnr>9.</lidnr><al id="anker-H77592_0_6_28_70_"> Heeft een lid zich bij het
                                    uitbrengen van zijn stem vergist, dan kan hij deze vergissing
                                    nog herstellen voordat het volgende lid gestemd heeft. Bemerkt
                                    het lid zijn vergissing pas later, dan kan hij nadat de
                                    voorzitter de uitslag van de stemming bekend heeft gemaakt wel
                                    aantekening vragen dat hij zich heeft vergist; in de uitslag van
                                    de stemming brengt dit echter geen verandering. </al></lid><lid><lidnr>10.</lidnr><al id="anker-H77592_0_6_28_71_">Tenzij de vergadering voltallig is, wordt
                                    bij staking van stemmen het nemen van een besluit uitgesteld tot
                                    een volgende vergadering, waarin de beraadslagingen kunnen
                                    worden heropend. Indien de stemmen staken in een voltallige
                                    vergadering of in een volgende vergadering bedoeld in de vorige
                                    volzin, is het voorstel niet aangenomen. </al></lid><lid><lidnr>11.</lidnr><al id="anker-H77592_0_6_28_72_">De voorzitter deelt de uitslag na
                                    afloop van de stemming mede, met vermelding van het aantal voor
                                    en tegen uitgebrachte stemmen. Hij doet daarbij tevens
                                    mededeling van het genomen besluit. </al></lid></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 28 Stemming over amendementen en moties</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al id="anker-H77592_0_6_29_73_"> Indien een amendement op een
                                    aanhangig voorstel is ingediend, wordt eerst over dat amendement
                                    gestemd. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al id="anker-H77592_0_6_29_74_"> Indien op een amendement een
                                    subamendement is ingediend, wordt eerst over het subamendement
                                    gestemd en vervolgens over het amendement. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al id="anker-H77592_0_6_29_75_"> Indien twee of meer amendementen
                                    of subamendementen op een aanhangig voorstel zijn ingediend,
                                    bepaalt de voorzitter de volgorde waarin hierover zal worden
                                    gestemd. Daarbij geldt de regel dat het meest verstrekkende
                                    amendement of subamendement het eerst in stemming wordt
                                    gebracht. </al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al id="anker-H77592_0_6_29_76_"> Indien aangaande een aanhangig
                                    voorstel een motie is ingediend, wordt eerst over het voorstel
                                    gestemd en vervolgens over de motie. </al></lid></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 29 Stemming over personen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al id="anker-H77592_0_6_30_77_"> Wanneer een stemming over personen
                                    voor het doen van een benoeming, het opstellen van een
                                    voordracht of een aanbeveling moet plaatshebben, benoemt de
                                    voorzitter 3 leden tot stembureau. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al id="anker-H77592_0_6_30_78_"> Ieder ter vergadering aanwezig lid
                                    dat zich niet op grond van de Waterschapswet van stemming moet
                                    onthouden is verplicht een stembriefje in te leveren. De
                                    stembriefjes dienen identiek te zijn. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al id="anker-H77592_0_6_30_79_"> Er hebben zoveel stemmingen plaats
                                    als er personen zijn te benoemen, voor te dragen of aan te
                                    bevelen. Het algemeen bestuur kan op voorstel van de voorzitter
                                    beslissen dat bepaalde stemmingen worden samengevat op één
                                    briefje. </al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al id="anker-H77592_0_6_30_80_"> Het stembureau onderzoekt of het
                                    aantal ingeleverde stembriefjes gelijk is aan het aantal leden
                                    dat ingevolge het tweede lid verplicht is een stembriefje in te
                                    leveren. Wanneer de aantallen niet gelijk zijn worden de
                                    stembriefjes vernietigd zonder deze te openen en wordt een
                                    nieuwe stemming gehouden. </al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al id="anker-H77592_0_6_30_81_"> Voor het bepalen van de volstrekte
                                    meerderheid als bedoeld in artikel 38c van de Waterschapswet
                                    worden geacht geen stem te hebben uitgebracht die leden die geen
                                    behoorlijk stembriefje hebben ingeleverd </al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al> Onder een niet behoorlijk ingevuld stembriefje wordt verstaan: </al><al>a. een blanco ingevuld stembriefje; </al><al>b. een ondertekend stembriefje; </al><al>c. een stembriefje waarop meer dan één naam is vermeld, tenzij
                                    de stemming verschillende vacatures betreft; </al><al>d. een stembriefje waarbij, indien het een benoeming op
                                    voordracht betreft, op een persoon wordt gestemd die niet is
                                    voorgedragen; </al><al>e een stembriefje waarbij op een andere persoon wordt gestemd
                                    dan die waartoe de stemming is beperkt. </al></lid><lid><lidnr>7.</lidnr><al id="anker-H77592_0_6_30_83_"> In geval van twijfel over de
                                    inhoud van een stembriefje beslist het algemeen bestuur, op
                                    voorstel van de voorzitter. </al></lid><lid><lidnr>8.</lidnr><al id="anker-H77592_0_6_30_84_"> Onder de zorg van de secretaris
                                    worden de stembriefjes onmiddellijk na vaststelling van de
                                    uitslag vernietigd. </al></lid></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 30 Herstemming over personen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al id="anker-H77592_0_6_31_85_"> Wanneer bij de eerste stemming
                                    niemand de volstrekte meerderheid heeft verkregen, wordt tot een
                                    tweede stemming overgegaan. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al id="anker-H77592_0_6_31_86_"> Wanneer ook bij deze tweede
                                    stemming door niemand de volstrekte meerderheid is verkregen,
                                    heeft een derde stemming plaats tussen twee personen, die bij de
                                    tweede stemming de meeste stemmen op zich hebben verenigd. Zijn
                                    bij de tweede stemming de meeste stemmen over meer dan twee
                                    personen verdeeld, dan wordt bij een tussenstemming uitgemaakt
                                    tussen welke twee personen de derde stemming zal plaatshebben.
                                </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al id="anker-H77592_0_6_31_87_"> Indien bij tussenstemming of bij
                                    de derde stemming de stemmen staken, beslist terstond het lot.
                                </al></lid></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 31 Beslissing door het lot</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al id="anker-H77592_0_6_32_88_"> Wanneer het lot moet beslissen,
                                    worden de namen van hen tussen wie de beslissing moet
                                    plaatshebben, door de voorzitter op afzonderlijke, geheel
                                    gelijke, briefjes geschreven. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al id="anker-H77592_0_6_32_89_"> Deze briefjes worden, nadat zij
                                    door het stembureau zijn gecontroleerd, op gelijke wijze
                                    gevouwen, in een stembokaal gedeponeerd en omgeschud. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al id="anker-H77592_0_6_32_90_"> Vervolgens neemt de voorzitter een
                                    van de briefjes uit de stembokaal. Degene wiens naam op dit
                                    briefje voorkomt, is gekozen. </al></lid></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><titel>Hoofdstuk 4 Rechten van leden </titel></kop><artikel><kop><titel>Artikel 32 Amendementen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al id="anker-H77592_0_7_33_91_"> Ieder lid van het algemeen bestuur
                                    kan tot het sluiten van de beraadslagingen amendementen
                                    indienen. Een amendement kan het voorstel inhouden om een
                                    geagendeerd voorstel in één of meer onderdelen te splitsen,
                                    waarover afzonderlijke besluitvorming zal plaatsvinden. Er kan
                                    alleen beraadslaagd worden over amendementen die ingediend zijn
                                    door leden van het algemeen bestuur die de presentielijst
                                    getekend hebben en in de vergadering aanwezig zijn. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al id="anker-H77592_0_7_33_92_"> Ieder lid dat in de vergadering
                                    aanwezig is, is bevoegd op het amendement dat door een lid is
                                    ingediend, een wijziging voor te stellen (subamendement). </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al id="anker-H77592_0_7_33_93_"> Elk (sub)amendement en elk
                                    voorstel moet om in behandeling genomen te kunnen worden
                                    schriftelijk bij de voorzitter worden ingediend, tenzij de
                                    voorzitter - met het oog op het eenvoudige karakter van het
                                    voorgestelde -oordeelt, dat met een mondelinge indiening kan
                                    worden volstaan. </al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al id="anker-H77592_0_7_33_94_"> Een (sub)amendement moet
                                    ondertekend door de indiener worden ingediend. </al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al id="anker-H77592_0_7_33_95_"> Intrekking, door de indiener(s),
                                    van het (sub)amendement is mogelijk, totdat de besluitvorming
                                    door het algemeen bestuur heeft plaatsgevonden. </al></lid></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 33 Moties</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al id="anker-H77592_0_7_34_96_"> Ieder lid van het algemeen bestuur
                                    kan ter vergadering een motie indienen. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al id="anker-H77592_0_7_34_97_"> Een motie moet om in behandeling
                                    genomen te kunnen worden schriftelijk en ondertekend door de
                                    indiener bij de voorzitter worden ingediend. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al id="anker-H77592_0_7_34_98_"> De behandeling van een motie over
                                    een aanhangig onderwerp of voorstel vindt tegelijk met de
                                    beraadslaging over dat onderwerp of voorstel plaats. </al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al id="anker-H77592_0_7_34_99_"> De behandeling van een motie over
                                    een niet op de agenda opgenomen onderwerp vindt plaats nadat
                                    alle op de agenda voorkomende onderwerpen zijn behandeld. </al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al id="anker-H77592_0_7_34_100_"> Intrekking, door de indiener(s),
                                    van de motie is mogelijk totdat de besluitvorming door het
                                    algemeen bestuur heeft plaatsgevonden. </al></lid></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 34 Voorstellen van orde</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al id="anker-H77592_0_7_35_101_"> De voorzitter en ieder lid van
                                    het algemeen bestuur kunnen tijdens de vergadering mondeling een
                                    voorstel van orde doen, dat kort kan worden toegelicht. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al id="anker-H77592_0_7_35_102_"> Een voorstel van orde kan
                                    uitsluitend de orde van de vergadering betreffen. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al id="anker-H77592_0_7_35_103_"> Over een voorstel van orde
                                    beslist het algemeen bestuur terstond. </al></lid></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 35 Initiatiefvoorstel</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al id="anker-H77592_0_7_36_104_"> Een initiatiefvoorstel moet om in
                                    behandeling genomen te kunnen worden schriftelijk bij de
                                    voorzitter worden ingediend. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al id="anker-H77592_0_7_36_105_"> De voorzitter plaatst het
                                    voorstel op de agenda van de eerstvolgende vergadering, tenzij
                                    de schriftelijke oproep hiervoor reeds verzonden is. In dit
                                    laatste geval wordt het voorstel op de agenda van de
                                    daaropvolgende vergadering geplaatst. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al> De behandeling van het voorstel vindt plaats nadat alle op de
                                    agenda voorkomende voorstellen en onderwerpen zijn behandeld,
                                    tenzij het algemeen bestuur oordeelt dat: </al><al>a. het voorstel met het oog op de orde van de vergadering
                                    tezamen met een ander geagendeerd voorstel of onderwerp dient te
                                    worden behandeld; </al><al>b. het voorstel eerst dient te worden behandeld in een
                                    commissie; </al><al>c. het voorstel voor advies naar het dagelijks bestuur dient te
                                    worden gezonden. In dit geval bepaalt het algemeen bestuur in
                                    welke vergadering het voorstel opnieuw geagendeerd wordt. </al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al id="anker-H77592_0_7_36_107_"> Het algemeen bestuur kan
                                    voorwaarden stellen aan de indiening en behandeling van een
                                    voorstel. </al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al id="anker-H77592_0_7_36_108_"> Op een spoedeisend
                                    initiatiefvoorstel, inhoudende het ontslag van een lid van het
                                    dagelijks bestuur, zijn de bepalingen in dit artikel niet van
                                    toepassing. Een dergelijk voorstel kan na instemming van het
                                    algemeen bestuur terstond aan de agenda toegevoegd worden. </al></lid></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 36 Interpellatie</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al id="anker-H77592_0_7_37_109_"> Het verzoek tot het houden van
                                    een interpellatie wordt, behoudens in naar het oordeel van de
                                    voorzitter spoedeisende gevallen, ten minste 48 uur voor de
                                    aanvang van de vergadering schriftelijk bij de voorzitter
                                    ingediend. Het verzoek bevat een duidelijke omschrijving van het
                                    onderwerp waarover inlichtingen worden verlangd alsmede de te
                                    stellen vragen. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al id="anker-H77592_0_7_37_110_"> De voorzitter brengt de inhoud
                                    van het verzoek zo spoedig mogelijk ter kennis van de overige
                                    leden van het algemeen- en dagelijks bestuur. Bij de
                                    vaststelling van de agenda van de eerstvolgende vergadering na
                                    indiening van het verzoek wordt het verzoek in stemming
                                    gebracht. Het algemeen bestuur bepaalt op welk tijdstip tijdens
                                    de vergadering de interpellatie zal worden gehouden. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al id="anker-H77592_0_7_37_111_"> De interpellant voert niet meer
                                    dan tweemaal het woord, de overige leden van het algemeen
                                    bestuur, de leden van het dagelijks bestuur niet meer dan
                                    eenmaal, tenzij het algemeen bestuur hen hiertoe verlof geeft.
                                </al></lid></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 37 Schriftelijke vragen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al id="anker-H77592_0_7_38_112_"> Schriftelijke vragen worden kort
                                    en duidelijk geformuleerd. De vragen kunnen van een toelichting
                                    worden voorzien. Bij de vragen wordt aangegeven, of
                                    schriftelijke of mondelinge beantwoording wordt verlangd. Vragen
                                    die niet voldoen aan het hiervoor gestelde worden per omgaande
                                    aan de indiener teruggestuurd. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al id="anker-H77592_0_7_38_113_"> De vragen worden bij de
                                    secretaris ingediend. Deze draagt er zorg voor dat de vragen zo
                                    spoedig mogelijk ter kennis van de overige leden van het
                                    algemeen bestuur en het dagelijks bestuur of de voorzitter
                                    worden gebracht. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al id="anker-H77592_0_7_38_114_"> Schriftelijke beantwoording vindt
                                    zo spoedig mogelijk plaats, in ieder geval binnen dertig dagen,
                                    nadat de vragen zijn binnengekomen. Mondelinge beantwoording
                                    vindt plaats in de eerstvolgende algemeen bestuursvergadering.
                                    Indien beantwoording niet binnen deze termijnen kan
                                    plaatsvinden, stelt het dagelijks bestuur of de voorzitter de
                                    vragensteller hiervan gemotiveerd in kennis, waarbij de termijn
                                    aangegeven wordt, waarbinnen beantwoording zal plaatsvinden. Dit
                                    bericht wordt behandeld als een antwoord. </al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al id="anker-H77592_0_7_38_115_"> De antwoorden van het dagelijks
                                    bestuur of de voorzitter worden door tussenkomst van de
                                    secretaris aan de leden van het algemeen bestuur toegezonden.
                                </al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al id="anker-H77592_0_7_38_116_"> De vragensteller kan, bij
                                    schriftelijke beantwoording in de eerstvolgende algemeen
                                    bestuursvergadering en bij mondelinge beantwoording in dezelfde
                                    algemeen bestuursvergadering, na de behandeling van de op de
                                    agenda voorkomende onderwerpen nadere inlichtingen vragen
                                    omtrent het door de voorzitter of door het dagelijks bestuur
                                    gegeven antwoord, tenzij het algemeen bestuur anders beslist.
                                </al></lid></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 38 Inlichtingen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al id="anker-H77592_0_7_39_117_"> Indien een lid van het algemeen
                                    bestuur over een onderwerp inlichtingen als bedoeld in artikelen
                                    89 en 97 van de Waterschapswet verlangt, wordt een verzoek
                                    daartoe, door tussenkomst van de secretaris schriftelijk
                                    ingediend bij het dagelijks bestuur of de voorzitter. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al id="anker-H77592_0_7_39_118_"> De secretaris draagt er zorg voor
                                    dat de overige leden van het algemeen bestuur een afschrift van
                                    dit verzoek krijgen. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al id="anker-H77592_0_7_39_119_"> De verlangde inlichtingen worden
                                    mondeling of schriftelijk in de eerstvolgende of in de daarop
                                    volgende vergadering gegeven. </al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al id="anker-H77592_0_7_39_120_"> De gestelde vragen en het
                                    antwoord vormen een agendapunt voor de vergadering, waarin de
                                    antwoorden zullen worden gegeven. </al></lid></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 39 Rondvraag</titel></kop><al>Voor de sluiting van de vergadering wordt gelegenheid geboden vragen
                                te stellen over niet op de agenda voorkomende onderwerpen. Deze
                                onderwerpen dienen uiterlijk één uur voor de aanvang van de
                                vergadering bij de secretaris te zijn aangemeld.</al></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><titel>Hoofdstuk 5 Begroting en rekening </titel></kop><artikel><kop><titel>Artikel 40 Procedure begroting</titel></kop><al>Onverminderd het bepaalde in de Waterschapswet geschiedt de
                                voorbereiding, het onderzoek, de behandeling en de vaststelling van
                                de begroting volgens een procedure die het algemeen bestuur
                                vaststelt.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 41 Procedure jaarrekening</titel></kop><al>Onverminderd het bepaalde in de Waterschapswet geschiedt de
                                voorbereiding en het onderzoek van de jaarrekening en het
                                jaarverslag, alsmede de vaststelling van de jaarrekening en van een
                                eventueel indemniteitsbesluit volgens een procedure die het algemeen
                                bestuur vaststelt.</al></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><titel>Hoofdstuk 6 Lidmaatschap van andere organisaties</titel></kop><artikel><kop><titel>Artikel 42 Verslag en verantwoording</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al id="anker-H77592_0_9_43_121_"> Een lid van het algemeen bestuur,
                                    een lid van het dagelijks bestuur, de voorzitter of de
                                    secretaris, die door het algemeen bestuur is aangewezen tot lid
                                    van het algemeen bestuur van een openbaar lichaam of van een
                                    ander gemeenschappelijk orgaan, ingesteld op grond van de Wet
                                    gemeenschappelijke regelingen, heeft het recht (om in
                                    aansluiting op de behandeling van de lijst van ingekomen stukken
                                    òf voor het sluiten van de vergadering) verslag te doen over
                                    zaken die in het algemeen bestuur als bedoeld aan de orde zijn.
                                    Door het algemeen bestuur gewenste bespreking van dit verslag
                                    kan de voorzitter verwijzen naar de desbetreffende commissie.
                                </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al id="anker-H77592_0_9_43_122_"> Ieder lid van het algemeen
                                    bestuur kan aan een persoon als bedoeld in het eerste lid,
                                    schriftelijke vragen stellen. De regels voor het stellen van
                                    schriftelijke vragen zijn van overeenkomstige toepassing. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al id="anker-H77592_0_9_43_123_"> Wanneer een lid van het algemeen
                                    bestuur een persoon als bedoeld in het eerste lid ter
                                    verantwoording wenst te roepen over zijn wijze van functioneren
                                    als zodanig, besluit het algemeen bestuur over het toestaan
                                    daarvan. De regels voor het vragen van inlichtingen zijn van
                                    overeenkomstige toepassing. </al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al id="anker-H77592_0_9_43_124_"> Dit artikel is van
                                    overeenkomstige toepassing op andere organisaties of
                                    instituties, waarin het algemeen bestuur één van zijn leden
                                    heeft benoemd. </al></lid></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><titel>Hoofdstuk 7 Besloten vergadering</titel></kop><artikel><kop><titel>Artikel 43 Algemeen</titel></kop><al>Op een besloten vergadering zijn de bepalingen van dit reglement van
                                overeenkomstige toepassing voor zover deze bepalingen niet strijdig
                                zijn met het besloten karakter van de vergadering.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 44 Verslag</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al id="anker-H77592_0_10_45_125_"> Het (papieren) verslag van een
                                    besloten vergadering wordt zo spoedig mogelijk in een besloten
                                    vergadering ter vaststelling aangeboden. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al id="anker-H77592_0_10_45_126_"> Tijdens deze vergadering neemt
                                    het algemeen bestuur een besluit over het al dan niet openbaar
                                    maken van dit verslag. Het vastgestelde verslag wordt door de
                                    voorzitter en de secretaris ondertekend. </al></lid></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 45 Geheimhouding</titel></kop><al>Voor de afloop van de besloten vergadering beslist het algemeen
                                bestuur overeenkomstig artikel 37, derde en vierde lid, van de
                                Waterschapswet of omtrent de inhoud van de stukken en het
                                verhandelde geheimhouding zal gelden.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 46 Opheffing geheimhouding</titel></kop><al>Het algemeen bestuur kan besluiten de geheimhouding op te heffen.
                                Dit besluit kan deze beslissing nemen in een vergadering die
                                blijkens de presentielijst door meer dan de helft van het aantal
                                zitting hebbende leden is bezocht. Indien het algemeen bestuur
                                voornemens is de geheimhouding op te heffen, wordt, indien daarom
                                wordt verzocht door het orgaan dat geheimhouding heeft opgelegd, in
                                een besloten vergadering met het desbetreffende orgaan overleg
                                gevoerd.</al></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><titel>Hoofdstuk 8 Toehoorders en pers</titel></kop><artikel><kop><titel>Artikel 47 Toehoorders en pers</titel></kop><al>De toehoorders en vertegenwoordigers van de pers kunnen uitsluitend
                                op de voor hen bestemde plaatsen openbare vergaderingen bijwonen.
                                Het geven van tekenen van goed- of afkeuring of het op andere wijze
                                verstoren van de orde is verboden.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 48 Geluid- en beeldregistraties</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al id="anker-H77592_0_11_49_127_"> Degenen die in de vergaderzaal
                                    tijdens een openbare vergadering van het algemeen bestuur
                                    geluid- dan wel beeldregistraties willen maken doen hiervan
                                    mededeling aan de voorzitter en gedragen zich naar zijn
                                    aanwijzingen. Deze aanwijzingen kunnen niet zover gaan dat zij
                                    de vrijheid van pers aantasten. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al id="anker-H77592_0_11_49_128_"> Het algemeen bestuur kan
                                    besluiten dat zijn vergaderingen met behulp van internet kunnen
                                    worden gevolgd. </al></lid></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 49 Verbod gebruik mobiele telefoons</titel></kop><al>In de vergaderzaal, met inbegrip van de publieke tribune, is tijdens
                                de vergadering het gebruik, alsmede het standby houden van mobiele
                                telefoons of andere communicatiemiddelen, die inbreuk kunnen maken
                                op de orde van de vergadering, zonder toestemming van de voorzitter,
                                niet toegestaan.</al></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><titel>Hoofdstuk 9 Slotbepalingen</titel></kop><artikel><kop><titel>Artikel 50 Uitleg reglement</titel></kop><al>In de gevallen waarin dit reglement niet voorziet of bij twijfel
                                omtrent de toepassing van het reglement, beslist het algemeen
                                bestuur op voorstel van de voorzitter.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 51 Inwerkingtreding</titel></kop><al>Dit reglement treedt direct na vaststelling in werking. </al><al>Op dat tijdstip vervalt het reglement van orde voor de vergaderingen
                                van het algemeen bestuur van het hoogheemraadschap van Schieland en
                                de Krimpenerwaard vastgesteld bij besluit van 3 januari 2005. </al><al>Dit reglement wordt aangehaald als reglement van orde van de
                                verenigde vergadering van Schieland en de Krimpenerwaard.</al><al>Aldus besloten door de verenigde vergadering op 8 januari 2009 te
                                Rottterdam. </al></artikel></paragraaf></hoofdstuk></regeling-tekst></regeling></body></cvdr>