<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.92--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR271628_2</dcterms:identifier><dcterms:title>Legesverordening Waterschap Zuiderzeeland 2004</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Waterschap">Waterschap Zuiderzeeland</dcterms:creator><dcterms:modified>2010-01-01</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Waterschap">Waterschap Zuiderzeeland</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">FlevoPost week 52</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Legesverordening Waterschap Zuiderzeeland 2010</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Waterschapswet">Waterschapswet, artikel 115</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanWaterschap">algemeen bestuur</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>financiën en economie</dcterms:subject><dcterms:issued>2009-12-17</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2010-01-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2023-12-31</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe tarieventabel</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>118753</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>financiën – belastingen</overheidrg:onderwerp><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Datum ondertekening inwerkingtredingsbesluit: 17-12-2009</al><al>Bron bekendmaking inwerkingtredingsbesluit: FlevoPost week 52</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Legesverordening Waterschap Zuiderzeeland 2004</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De Algemene Vergadering van Waterschap Zuiderzeeland;</al><al>gelezen het voorstel d.d. 10 november 4 december 2009, nummer 118649;</al><al>gelet op het bepaalde in artikel 115 van de Waterschapswet:</al><al>overwegende dat:</al><lijst><li nr="•"><al>de digitalisering maakt dat in de praktijk alleen leges op grond van
                                de Keur worden opgelegd;</al></li><li nr="•"><al>het derhalve niet langer noodzakelijk is om voor overige diensten
                                leges in rekening te brengen;</al></li><li nr="•"><al>met de invoering van de Waterwet het grondwaterbeheer en het recht
                                om leges in rekening te brengen inzake grondwaterbeheer overgaat van
                                Provincie Flevoland naar Waterschap Zuiderzeeland;</al></li><li nr="•"><al>het derhalve wenselijk is om met ingang van 2010 leges te heffen
                                inzake het grondwaterbeheer;</al></li><li nr="•"><al>de herziening van de Legesverordening tevens aanleiding geeft om de
                                hoogte van de huidige leges te actualiseren;</al></li></lijst><al><cursief>besluit:</cursief></al><al>vast te stellen de Legesverordening 2010;</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><titel>Legesverordening</titel></kop><paragraaf><kop><titel>Aard van de heffing en legesplichtig feit</titel></kop><artikel><kop><titel>Artikel 1</titel></kop><al>Onder de naam leges worden rechten geheven ter zake van het door het
                                waterschap behandelen van verzoeken tot het verlenen van
                                watervergunningen.</al></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><titel>Legesplicht</titel></kop><artikel><kop><titel>Artikel 2</titel></kop><al>Legesplichtig is de aanvrager van het verzoek tot het verlenen van
                                een watervergunning dan wel degene ten behoeve van wie het verzoek
                                is gedaan</al></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><titel>Maatstaf en tarief</titel></kop><artikel><kop><titel>Artikel 3</titel></kop><al>De leges worden geheven naar de maatstaf en het tarief, opgenomen in
                                de bij deze verordening behorende tarieventabel.</al></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><titel>Wijze van heffing</titel></kop><artikel><kop><titel>Artikel 4 </titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al id="anker-H87580_0_4_4_1_"> De leges worden geheven door middel
                                    van een schriftelijke, gedagtekende kennisgeving, waaronder mede
                                    wordt begrepen een stempelafdruk, zegel, nota of andere
                                    schriftuur. Het gevorderde bedrag wordt door toezending of
                                    uitreiking van een schriftelijke kennisgeving aan de
                                    belastingplichtige bekendgemaakt.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al id="anker-H87580_0_4_4_2_"> Indien het bedrag dat vermoedelijk
                                    gevorderd zal worden dit rechtvaardigt, kan een bedrag voorlopig
                                    worden gevorderd. </al></lid></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><titel>Betalingstermijn</titel></kop><artikel><kop><titel>Artikel 5</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al id="anker-H87580_0_5_5_3_"> In afwijking van artikel 9, eerste
                                    lid, van de Invorderingswet 1990 moeten leges worden betaald
                                    binnen twee weken na dagtekening van de kennisgeving, tenzij de
                                    kennisgeving ruimere betalingstermijnen vermeldt. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al id="anker-H87580_0_5_5_4_"> De Algemene termijnenwet is niet van
                                    toepassing op de in het eerste lid gestelde termijn. </al></lid></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><titel>Vrijstelling</titel></kop><artikel><kop><titel>Artikel 6</titel></kop><al>Er worden geen leges geheven voor het in behandeling nemen van een
                                door het waterschap zelf aangevraagde watervergunning.</al></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><titel>Teruggave</titel></kop><artikel><kop><titel>Artikel 7</titel></kop><al>Gehele of gedeeltelijke teruggave van leges kan worden verleend op
                                aanvraag als bedoeld in artikel 132 van de Waterschapswet en
                                overeenkomstig een met betrekking tot die dienst in de tarieventabel
                                opgenomen bepaling.</al></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><titel>Kwijtschelding</titel></kop><artikel><kop><titel>Artikel 8</titel></kop><al>Van de leges wordt geen kwijtschelding verleend.</al></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><titel>Nadere regels</titel></kop><artikel><kop><titel>Artikel 9</titel></kop><al>Het college van Dijkgraaf en Heemraden kan nadere regels stellen met
                                betrekking tot de heffing en invordering van leges.</al></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><titel>Inwerkingtreding, overgangsbepaling en citeertitel</titel></kop><artikel><kop><titel>Artikel 10</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al id="anker-H87580_0_10_10_5_"> Deze verordening treedt in werking
                                    op 1 januari 2010.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al id="anker-H87580_0_10_10_6_"> De op 30 maart 2004 door de
                                    Algemene Vergadering vastgestelde Legesverordening wordt
                                    ingetrokken met ingang van 1 januari 2010, met dien verstande
                                    dat zij van toepassing blijft op belastbare feiten die zich voor
                                    die datum hebben voorgedaan.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al id="anker-H87580_0_10_10_7_"> Deze verordening kan worden
                                    aangehaald als Legesverordening Waterschap Zuiderzeeland
                                    2010.</al></lid></artikel></paragraaf></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgesteld in de Algemene Vergadering d.d. 17 december 2009.</ondertekening><ondertekening>Lelystad, 17 december 2009,</ondertekening><ondertekening>de secretaris, de voorzitter,</ondertekening><ondertekening>ir. J.B. van der Veen. mr. ir. H.L. Tiesinga.</ondertekening><ondertekening/></regeling-sluiting><nota-toelichting><kop><titel>Toelichting</titel></kop><al><vet>Algemeen</vet></al><al/><al>Op grond van artikel 115, lid 1 van de Waterschapswet mag het waterschap rechten
                    (leges) heffen ter zake van:</al><lijst><li nr="a."><al>het gebruik overeenkomstig de bestemming voor de openbare dienst
                            bestemde bezittingen van het waterschap of van voor de openbare dienst
                            bestemde werken of inrichtingen die bij het waterschap in beheer en
                            onderhoud zijn;</al></li><li nr="b."><al>het genot van door of vanwege het bestuur van het waterschap verstrekte
                            diensten;</al></li><li nr="c."><al>het behandelen van verzoeken tot het verlenen van
                            watervergunningen.</al></li></lijst><al>Leges zijn geen belastingen, maar op grond van artikel 115 van de Waterschapswet
                    worden leges aangemerkt als waterschapsbelasting, waardoor het gehele proces van
                    heffing en inning zoals geformuleerd in de Waterschapswet ook voor leges dient
                    te worden toegepast. Hoewel het woord leges in de Waterschapswet niet wordt
                    gebruikt, is het begrip zodanig ingeburgerd, dat om onduidelijkheden te
                    voorkomen in de verordening is gekozen voor de begrippen legesplichtig, in
                    plaats van belastingplichtig. </al><al>De Legesverordening van Waterschap Zuiderzeeland 2010 heeft alleen betrekking op
                    het behandelen van verzoeken tot het verlenen van watervergunningen. Van de
                    overige wettelijke mogelijkheden tot legesheffing wordt afgezien omdat de te
                    verwachten inkomsten gering zijn in verhouding tot de administratiekosten en
                    omdat de te verwachten inkomsten zeer gering zijn in verhouding tot de overige
                    uit belastingen verkregen inkomsten van het waterschap.</al><al>Voor het gebruik van onroerende zaken die eigendom zijn van het waterschap,
                    worden overigens wel op andere basis (huur en pacht) inkomsten verkregen. De
                    reden voor het heffen van leges bij het behandelen van watervergunningaanvragen
                    is dat een dienst wordt verstrekt die in het belang is van degene die de
                    watervergunning aanvraagt. </al><al>Artikel 115, lid 3 van de Waterschapswet bepaalt dat de tarieven van de in
                    artikel 115, lid 1 van de Waterschapswet bedoelde rechten zodanig worden
                    vastgesteld, dat de geraamde baten van de rechten niet uitgaan boven de geraamde
                    lasten. De bevoegdheid van het waterschap om leges te heffen varieert van 0% van
                    de geraamde kosten in rekening brengen (dus geen leges heffen) tot maximaal 100%
                    van de geraamde kosten in rekening brengen. </al><al><vet>Artikel 1. Aard van de heffing en legesplichtig feit</vet></al><al>Het legesplichtig feit is het in behandeling nemen van de aanvraag van een
                    watervergunning en niet de verlening daarvan. Leges worden dan ook geheven voor
                    het in behandeling nemen van een aanvraag en niet voor het honoreren van een
                    aanvraag. De reden is dat ook bij een niet gehonoreerde aanvraag aanmerkelijke
                    kosten kunnen zijn gemaakt voor de behandeling van de aanvraag. De tarieventabel
                    bepaalt echter dat in bepaalde gevallen gedeeltelijke teruggave van leges
                    mogelijk is als een dienst niet wordt verleend, maar een aanvraag wel in
                    behandeling is genomen. Voor een melding kunnen geen leges worden geheven.
                    Algemeen geldt dat een dienst moet zijn aangevraagd. Bij ongevraagde diensten,
                    zoals ambtshalve verlening van watervergunningen, worden geen leges
                    geheven.</al><al><vet>Artikel 2. Legesplicht</vet></al><al>Legesplichtig is de aanvrager van de watervergunning, ook als de aanvrager van
                    de watervergunning een ander is dan degene voor wie de watervergunning wordt
                    aangevraagd. Door het gebruik van de woorden “dan wel” is bedoeld om te
                    voorkomen dat voor dezelfde dienst van twee belastingplichtigen, de aanvrager en
                    degenen ten behoeve van wie de aanvraag wordt gedaan, leges zullen worden
                    geheven. In eerste instantie zal de indiener van de aanvraag in de heffing
                    worden betrokken. Als dat niet mogelijk is dan kan degene ten behoeve van wie de
                    aanvraag is gedaan als legesplichtige worden aangemerkt. </al><al><vet>Artikel 3. Maatstaf en tarief</vet></al><al>De bij de verordening behorende tabel geeft aan naar welke maatstaf de leges
                    worden geheven en volgens welk tarief. De Waterschapswet bepaalt dat de geraamde
                    baten niet mogen uitgaan boven de voor de watervergunning gemaakte kosten. Er
                    hoeft niet in ieder individueel geval een rechtstreeks verband te zijn tussen de
                    hoogte van de leges en de omvang van de verleende dienst, maar wel moet in het
                    algemeen enig verband bestaan tussen de hoogte van de leges en de kosten van
                    dienstverlening. De tariefstructuur mag niet leiden tot onredelijke en
                    onwillekeurige inning van leges.</al><al><vet>Artikel 4. Wijze van heffing</vet></al><al>Artikel 125 van de Waterschapswet regelt op welke wijze belastingen kunnen
                    worden geheven. Dit kan bij wege van aanslag, bij wege van voldoening op
                    aangifte of op andere wijze. In de legesverordening is gekozen voor heffing op
                    andere wijze, omdat deze wijze van heffing wordt gekenmerkt door een grote mate
                    van vormvrijheid, wat goed aansluit bij het karakter van de heffing van leges.
                    Leges zullen doorgaans worden geheven bij een schriftelijke, gedagtekende
                    kennisgeving, maar andere mogelijkheden worden met deze formulering niet
                    uitgesloten en kunnen in nadere regels door het college van dijkgraaf en
                    heemraden nader worden uitgewerkt (zie artikel 9 van deze verordening). Bewust
                    is de keuze gemaakt om geen mondelinge kennisgeving mogelijk te maken. Aangezien
                    de dagtekening bepalend is voor vervolgprocedures, is hierdoor de bewijslast
                    voor zowel voor de legesplichtige als het waterschap hierdoor makkelijker.</al><al>Leges zijn verschuldigd op het moment van het in behandeling nemen van de
                    aanvraag. Wanneer op dat moment de leges worden geheven, dient de hoogte van het
                    legesbedrag vastgesteld te worden. Dat is echter niet altijd bij aanvang van de
                    aanvraagprocedure duidelijk. Een dergelijke situatie doet zich voor bij de leges
                    die afhankelijk worden gesteld van een percentage van de bouwkosten. In het
                    tweede lid is daarom de mogelijkheid opgenomen om eerst voorlopig een bedrag te
                    vorderen, tot ten hoogste het bedrag dat vermoedelijk gevorderd gaat worden,
                    indien vooraf de hoogte van de leges niet bekend zijn. Deze bevoegdheid berust
                    op artikel 14 van de Algemene Wet inzake de Rijksbelastingen, maar dient om te
                    mogen worden toegepast in deze verordening te zijn opgenomen. Een kennisgeving
                    van het voorlopig gevorderde bedrag zal overigens altijd alsnog gevolgd moeten
                    worden door een kennisgeving van het definitief gevorderde bedrag. </al><al><vet>Artikel 5. Betalingstermijn</vet></al><al>Artikel 5 stelt dat de leges binnen twee weken na de dagtekening van de
                    kennisgeving moeten worden betaald. Deze termijn biedt een afwijking van de
                    Invorderingswet, waar in artikel 9 een betalingstermijn van zes weken wordt
                    gehanteerd. Om deze afwijking mogelijk te maken, moet deze termijn in deze
                    verordening worden opgenomen. In door of namens het college af te wegen gevallen
                    kunnen in de kennisgeving overigens een andere maar wel altijd ruimere
                    betalingstermijn worden opgenomen. Hiermee kan bijvoorbeeld bij hogere bedragen
                    aan leges een betalingsregeling worden aangeboden. </al><al>Het tweede lid is van belang voor de bepaling van het einde van de
                    betaaltermijn. Als de laatste dag voor betaling een algemeen erkende feestdag,
                    zondag of zaterdag is, schuift de termijn niet op. </al><al><vet>Artikel 6. Vrijstelling</vet></al><al>Het is niet doelmatig als het waterschap aan zichzelf leges in rekening brengt.
                    Daarom is het aanvragen van watervergunning door het waterschap zelf vrijgesteld
                    van leges.</al><al><vet>Artikel 7. Teruggave</vet></al><al>De tarieventabel bepaalt in welke gevallen teruggave van leges mogelijk is.</al></nota-toelichting><nota-toelichting><kop><titel>Tarieventabel per 30.06.2011</titel></kop><al>Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het
                    verlenen van:</al><al>1. Een watervergunning voor het leggen van kabels door en/of langs
                    waterkeringen, per waterkering: € 170,--.</al><al>2. Een watervergunning voor het leggen van kabels en leidingen door en/of langs
                    watergangen, per watergang € 170-- .</al><al>3. Een watervergunning voor de aanleg van kunstwerken en andere bouwwerken,
                    indien de bouwkosten bedragen:</al><lijst><li nr="a."><al>Tot €11.500 : € 150,-- </al></li><li nr="b."><al>€ 11.500,-- of meer, maar minder dan € 125.000,--: 1,3% van de
                            bouwkosten met een minimum aan leges van € 150,--; </al></li><li nr="c."><al>€ 125.000,-- of meer, maar minder dan € 250.000,--: 1,0% van de
                            bouwkosten met een minimum aan leges van € 1.635,--; </al></li><li nr="d."><al>€ 250.000,-- of meer, maar minder dan € 500.000,--: 0,8% van de
                            bouwkosten met een minimum aan leges van € 2.730,--; </al></li><li nr="e."><al>€ 500.000,-- of meer: 0,6% van de bouwkosten met een minimum van €
                            4.370,-- en een maximum van € 43.715,--.</al></li></lijst><al>(Onder "bouwkosten" wordt verstaan de aannemingssom (exclusief omzetbelasting),
                    als bedoeld in paragraaf 1, lid 1, van de Uniforme administratieve voorwaarden
                    voor de uitvoering van werken 1989 (UAV 1989) voor het uit te voeren werk of
                    voor zover deze ontbreekt een raming van de bouwkosten (exclusief
                    omzetbelasting) als bedoeld in normblad NEN 2631, uitgave 1979, of zoals dit
                    normblad laatstelijk is gewijzigd of vervangen. Tot de "bouwkosten" worden
                    alleen gerekend de kosten van de bouwwerken waarvoor een watervergunning van het
                    waterschap vereist is en niet de kosten van overige bouwwerken die deel uitmaken
                    van hetzelfde bouwproject.)</al><al>4. Overige watervergunningen met betrekking tot waterstaatswerken op grond van
                    de Keur: € 150,--.</al><al>5. Het bepaalde onder 1 tot en met 4 is van overeenkomstige toepassing op het in
                    behandeling nemen van een aanvraag tot:</al><lijst><li nr="a."><al>het wijzigen, aanvullen of intrekken van voorschriften van een
                            watervergunning voor de waterstaatswerken met dien verstande dat het
                            tarief verlaagd wordt met 50%; </al></li><li nr="b."><al>het verlengen van een tijdelijke watervergunning voor de
                            waterstaatswerken met dien verstande dat het tarief verlaagd wordt
                            50%.</al></li></lijst><al>6. Een watervergunning voor het onttrekken van grondwater ten behoeve van
                    agrarische doeleinden: beregening, bevloeiing, veedrenking, agrarische
                    bedrijfshygiëne of gewasbescherming: € 816,--.</al><al>7. Een watervergunning voor het onttrekken van grondwater ten behoeve van andere
                    doeleinden dan genoemd onder punt 6:</al><lijst><li nr="a."><al>tot 500.000 m3 per jaar: € 2.640,--; </al></li><li nr="b."><al>vanaf 500.000 m3 tot 1.000.000 m3 per jaar: € 3.960,--; </al></li><li nr="c."><al>vanaf 1.000.000 m3 tot 3.000.000 m3 per jaar: € 6.480,--; </al></li><li nr="d."><al>vanaf 3.000.000 m3 per jaar: € 18.600,--.</al></li></lijst><al>8. Het bepaalde onder 6 en 7 is van overeenkomstige toepassing op het in
                    behandeling nemen van een aanvraag tot:</al><lijst><li nr="a."><al>het verstrekken van een watervergunning voor het infiltreren van water;
                        </al></li><li nr="b."><al>het verstrekken van een watervergunning voor het onttrekken van
                            grondwater en het infiltreren van water, met dien verstande dat de
                            hoeveelheid te infiltreren water bij de vaststelling van het tarief
                            buiten beschouwing wordt gelaten; </al></li><li nr="c."><al>het verlengen van een tijdelijke watervergunning met dien verstande dat
                            uitgegaan wordt van de al vergunde hoeveelheid water en het tarief
                            verlaagd wordt 50%. </al></li><li nr="d."><al>het wijzigen, aanvullen of intrekken van voorschriften van een
                            watervergunning met dien verstande dat uitgegaan wordt van de al
                            vergunde hoeveelheid water en het tarief verlaagd wordt met 75%; </al></li><li nr="e."><al>een gedoogverklaring met dien verstande dat het tarief met 90% wordt
                            verlaagd.</al></li></lijst><al>(De in de tarieventabel genoemde leges kunnen worden verhoogd met een bedrag van
                    de voor de behandeling van de aanvraag noodzakelijke externe advieskosten. Deze
                    kosten kunnen op de aanvrager worden verhaald, mits deze vooraf over de
                    (geraamde) kosten is geïnformeerd en deze daarmee akkoord gaat.)</al><al>9. Gedeeltelijke teruggave van leges worden op verzoek van de aanvrager verleend
                    in de volgende gevallen.</al><lijst><li nr="a."><al>Indien een aanvraag binnen een maand na indiening wordt ingetrokken of
                            indien een aanvraag op grond van artikel 4.5 Algemene Wet Bestuursrecht
                            niet wordt behandeld: teruggave van 75%; </al></li><li nr="b."><al>indien een aanvraag later dan een maand na indiening wordt ingetrokken:
                            teruggave van 50%.</al></li></lijst></nota-toelichting></regeling></body></cvdr>