<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR269998_1</dcterms:identifier><dcterms:title>VERORDENING OP DE HEFFING EN DE INVORDERING VAN ONROERENDE-ZAAKBELASTINGEN 2013</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Huizen</dcterms:creator><dcterms:modified>2013-03-19</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Huizen</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Nieuwsblad voor Huizen, 6 december 2012</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening Onroerende-zaakbelastingen 2013</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet, art. 220 t/m 220h</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>financiën en economie</dcterms:subject><dcterms:issued>2012-11-01</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2012-12-09</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2014-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>2.2.3</overheidrg:kenmerk><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>tarieven nader vastgesteld op 31-12-2012</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>VERORDENING OP DE HEFFING EN DE INVORDERING VAN ONROERENDE-ZAAKBELASTINGEN 2013</intitule><regeling><aanhef><preambule><al> Raadsbesluit</al><al>De raad van de gemeente Huizen;</al><al>in vergadering bijeen op 1 november 2012, </al><al>gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 23 oktober 2012, agendapunt 2.2.3 (bijlage 3) ; </al><al> gelet op de artikelen 220 tot en met 220h van de Gemeentewet ;</al><al> b e s l u i t :</al><al> vast te stellen de</al><al><vet>VERORDENING OP DE HEFFING EN DE INVORDERING VAN </vet><vet>ONROERENDE-ZAAKBELASTINGEN 2013</vet></al></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><titel>Belastingplicht</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr></kop><table><tgroup cols="3"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="5*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="4*"/><colspec colname="col3" colnum="3" colwidth="91*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al>1. </al></entry><entry colname="col2" nameend="col3" namest="col2"><al>Onder de naam 'onroerende-zaakbelastingen' worden terzake van binnen de gemeente gelegen onroerende zaken twee directe belastingen geheven;</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>a.</al></entry><entry colname="col3"><al>een gebruikersbelasting van degene die bij het begin van het kalenderjaar een onroerende zaak die niet in hoofdzaak tot woning dient, al dan niet krachtens eigendom, bezit, beperkt recht of persoonlijk recht gebruikt;</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>b.</al></entry><entry colname="col3"><al>een eigenarenbelasting van degene die bij het begin van het kalenderjaar van een onroerende zaak het genot heeft krachtens eigendom, bezit of beperkt recht.</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al>2.</al></entry><entry colname="col2" nameend="col3" namest="col2"><al>Met betrekking tot de gebruikersbelasting wordt:</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>a.</al></entry><entry colname="col3"><al>gebruik door degene aan wie een deel van een onroerende zaak in gebruik is gegeven, aange-merkt als gebruik door degene die dat deel in gebruik heeft gegeven; degene die het deel in gebruik heeft gegeven is bevoegd de belasting als zodanig te verhalen op degene aan wie dat deel in gebruik is gegeven;</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>b.</al></entry><entry colname="col3"><al>het ter beschikking stellen van een onroerende zaak voor volgtijdig gebruik aangemerkt als gebruik door degene die de onroerende zaak ter beschikking heeft gesteld; degene die de onroerende zaak ter beschikking heeft gesteld is bevoegd de belasting als zodanig te verhalen op degene aan wie die zaak ter beschikking is gesteld.</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>3.</al></entry><entry colname="col2" nameend="col3" namest="col2"><al>Met betrekking tot de eigenarenbelasting wordt als genothebbende krachtens eigendom, bezit of beperkt recht aangemerkt degene die bij het begin van het kalenderjaar als zodanig in de kadastrale registratie is vermeld, tenzij blijkt dat hij op dat tijdstip geen genothebbende krachtens eigendom, bezit of beperkt recht is.</al></entry></row></tbody></tgroup></table></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Belastingobject</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Als onroerende zaak wordt aangemerkt de onroerende zaak, bedoeld in hoofdstuk III van de Wet Waar- dering Onroerende Zaken.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Een onroerende zaak dient in hoofdzaak tot woning indien de waarde die op grond van hoofdstuk IV van de Wet Waardering Onroerende Zaken is vastgesteld voor die onroerende zaak in hoofdzaak kan worden toegerekend aan delen van die onroerende zaak die dienen tot woning dan wel volledig dienstbaar zijn aan woondoeleinden.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Maatstaf van heffing</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr></kop><table><tgroup cols="2"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="5*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="95*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al> 1. </al></entry><entry colname="col2"><al>De heffingsmaatstaf is de op de voet van hoofdstuk IV van de Wet Waardering Onroerende Zaken voor de onroerende zaak vastgestelde waarde voor het kalenderjaar bedoeld in artikel 1.</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>2. </al></entry><entry colname="col2"><al>Indien met betrekking tot een onroerende zaak geen waarde is vastgesteld op de voet van hoofdstuk IV van de Wet Waardering Onroerende Zaken wordt de heffingsmaatstaf van die onroerende zaak bepaald met overeenkomstige toepassing van het bepaalde bij of krachtens de artikelen 17, 18, en 20, tweede lid, van de Wet Waardering Onroerende Zaken. </al></entry></row></tbody></tgroup></table></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Vrijstellingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr></kop><table><tgroup cols="3"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="5*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="4*"/><colspec colname="col3" colnum="3" colwidth="90*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al>1. </al></entry><entry colname="col2" nameend="col3" namest="col2"><al>In afwijking in zoverre van artikel 3 wordt bij het bepalen van de heffingsmaatstaf buiten aanmerking gelaten, voor zover dit niet reeds is geschied bij de bepaling van de in dat artikel bedoelde waarde, de waarde van:</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>a.</al></entry><entry colname="col3"><al>ten behoeve van de land- of bosbouw bedrijfsmatig geëxploiteerde cultuurgrond;</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>b.</al></entry><entry colname="col3"><al>gebouwde eigendommen, voor zover de ondergrond daarvan bestaat uit de in onderdeel a bedoelde cultuurgrond;</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>c.</al></entry><entry colname="col3"><al>onroerende zaken die in hoofdzaak zijn bestemd voor de openbare eredienst of voor het houden openbare bezinningssamenkomsten van levensbeschouwelijke aard, een en ander met uitzondering van delen van zodanige onroerende zaken die dienen als woning;</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>d.</al></entry><entry colname="col3"><al>één of meer onroerende zaken die deel uitmaken van een op de voet van de Natuurschoonwet 1928 (stb. 1989, 252) aangewezen landgoed met uitzondering van de daarop voorkomende gebouwde eigendommen;</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>e.</al></entry><entry colname="col3"><al>natuurterreinen, waaronder mede worden verstaan duinen, heidevelden, zandverstuivingen, moe-rassen en plassen, die door rechtspersonen met volledige rechtsbevoegdheid welke zich uitsluitend of nagenoeg uitsluitend het behoud van natuurschoon ten doel stellen, beheerd worden; </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>f.</al></entry><entry colname="col3"><al>openbare land- en waterwegen en banen voor openbaar vervoer per rail, een en ander met inbegrip van kunstwerken; </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>g. </al></entry><entry colname="col3"><al>waterverdedigings- en waterbeheersingswerken die worden beheerd door organen, instellingen of diensten van publiekrechtelijke rechtspersonen, met uitzondering van de delen van zodanige werken die dienen als woning;</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>h</al></entry><entry colname="col3"><al>werken die zijn bestemd voor de zuivering van riool- en ander afvalwater en die worden beheerd door organen, instellingen of diensten van publiekrechtelijke rechtspersonen, met uitzondering van de delen van zodanige werken die dienen als woning; </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>i</al></entry><entry colname="col3"><al>werktuigen die van een onroerende zaak kunnen worden afgescheiden zonder dat beschadiging van betekenis aan die werktuigen wordt toegebracht en die niet op zichzelf als gebouwde eigen-dommen zijn aan te merken;</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>j.</al></entry><entry colname="col3"><al>onroerende zaken voor zover die bestemd zijn te worden gebruikt voor de publieke dienst van de gemeente, met uitzondering van delen van zodanige onroerende zaken die bestemd zijn te worden gebruikt voor het geven van onderwijs;</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>k.</al></entry><entry colname="col3"><al>straatmeubilair, waaronder begrepen alle zodanige gebouwde eigendommen – niet zijnde gebouwen - welke zijn geplaatst ten gerieve of in het belang van het publiek, ten dienste van het verkeer of ter verfraaiing van de gemeente, zoals lichtmasten, verkeersinstallaties, standbeelden, monumenten, fonteinen, banken, abri's, hekken en palen;</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>l.</al></entry><entry colname="col3"><al>plantsoenen, parken en waterpartijen, die bij de gemeente in beheer zijn of waarvan de gemeente het genot heeft krachtens eigendom, bezit of beperkt recht;</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>m.</al></entry><entry colname="col3"><al>begraafplaatsen, urnentuinen en crematoria, een en ander met uitzondering van delen van zodanige onroerende zaken die dienen als woning.</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>2. </al></entry><entry colname="col2" nameend="col3" namest="col2"><al>De vrijstelling met betrekking tot de in onderdeel j van het eerste lid bedoelde onroerende zaken voor de eigenarenbelasting geldt niet voor zover de gemeente van die zaken niet het genot heeft krachtens eigendom, bezit of beperkt recht.</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2" nameend="col3" namest="col2"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al>3.</al></entry><entry colname="col2" nameend="col3" namest="col2"><al>In afwijking in zoverre van artikel 3 wordt bij de bepaling van de heffingsmaatstaf voor de gebruikers-belasting buiten aanmerking gelaten de waarde van gedeelten van de onroerende zaak die in hoofd-zaak tot woning dienen dan wel in hoofdzaak dienstbaar zijn aan woondoeleinden.</al></entry></row></tbody></tgroup></table></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Belastingtarieven</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr></kop><table><tgroup cols="4"><colspec colname="col1" colwidth="5*"/><colspec colname="col2" colwidth="4*"/><colspec colname="col3" colwidth="80*"/><colspec colname="col4" colwidth="12*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al>1.</al></entry><entry colname="col2" nameend="col3" namest="col2"><al>Het tarief van de belasting bedraagt een percentage van de heffingsmaatstaf. </al><al>Het percentage bedraagt voor:</al></entry><entry colname="col4"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>a.</al></entry><entry colname="col3"><al>bij de gebruikersbelasting voor onroerende zaken die niet in hoofdzaak tot woning dienen </al></entry><entry colname="col4"><al>0,0988%</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>b.</al></entry><entry colname="col3"><al> bij de eigenarenbelasting</al><al>1.voor onroerende zaken die in hoofdzaak tot woning dienen</al><al>2.voor onroerende zaken die niet in hoofdzaak tot woning dienen</al></entry><entry colname="col4"><al/><al>0,0579% 0,1197%</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>2.</al></entry><entry colname="col2" nameend="col3" namest="col2"><al>Het bedrag van de belasting wordt per belastingaanslag naar beneden afgerond op gehele euro’s.</al></entry><entry colname="col4"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al>3.</al></entry><entry colname="col2" nameend="col3" namest="col2"><al>Belastingaanslagen van minder dan € 9,00 worden niet opgelegd.</al></entry><entry colname="col4"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al>4.</al></entry><entry colname="col2" nameend="col3" namest="col2"><al>Voor de toepassing van het bepaalde in het derde lid wordt het totaal van de op één aanslagbiljet verenigde aanslagen onroerende-zaakbelastingen of andere heffingen aangemerkt als één belastingaanslag.</al></entry><entry colname="col4"><al/></entry></row></tbody></tgroup></table><al><vet>Wijze van heffing</vet></al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De belastingen worden bij wege van aanslag geheven.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De aanslagen kunnen met andere aanslagen op een zogenaamd combiaanslagbiljet worden verenigd.</al><al>Termijnen van betaling</al><al><vet>Artikel 7</vet></al><lijst><li nr="1."><al>De aanslagen moeten worden betaald uiterlijk op de laatste dag van de tweede maand volgend op de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld.</al></li><li nr="2."><al>In afwijking van het eerste lid geldt, zolang de verschuldigde bedragen door middel automatische incasso van de betaalrekening van de belastingplichtige kunnen worden afgeschreven, dat de aanslagen moeten worden betaald in acht gelijke termijnen. De eerste termijn vervalt één maand na de dagtekening van het aanslagbiljet en de volgende termijnen telkens een maand later.</al></li></lijst><al>Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr></kop><al>Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met betrekking tot de heffing en de invordering van de onroerende-zaakbelastingen.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Inwerkingtreding en citeertitel</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr></kop><lijst><li nr="1."><al>De verordening onroerende-zaakbelastingen 2012 laatstelijk vastgesteld bij raadsbesluit van 3 november 2011 en gewijzigd per 15 december 2011 wordt ingetrokken met ingang van de in het derde lid van genoemde datum van ingang van de heffing. Zij blijft van toepassing op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan.</al></li><li nr="2."><al>Deze verordening treedt in werking met ingang van de derde dag na die van de bekendmaking.</al></li><li nr="3."><al>De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2013.</al></li><li nr="4."><al>Deze verordening kan worden aangehaald als "Verordening Onroerende-zaakbelastingen 2013".</al></li></lijst><al>Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van 1 november 2012.</al><al>De griffier, De voorzitter,</al><al>J.Veenstra mr. A.Ph. Hertog</al></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst></regeling></body></cvdr>